Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Record number 510827
Title Mest verzilveren
Author(s) Verdoes, Nico
Source Mest verzilveren, Leeuwarder Courant, Leeuwarden, 2016-11-12, Irene Overduin
Department(s) LR - Veehouderij en omgeving
Publication type Media appearance
Publication year 2016
Abstract

Mest verzilveren
Boeren moeten verplicht worden om mestoverschotten naar centrales te brengen, vindt de
commissie-Nijpels. Het advies: haal er waardevolle stoffen uit en verkoop die op de wereldmarkt.
Mest als goudmijn, hoe realistisch is dat?
IRENE OVERDUIN

erwijl fosfaat wereldwijd schaarser wordt, komt Ne- derland er in om. Deze be- langrijke stof voor
de voed-
selproductie zit overvloedig in mest. Haal het er uit en verkoop het, zegt de commissie-Nijpels.
,,De gedachte erachter is uiterma- te boeiend’’, zegt ir. Nico Verdoes. De mestexpert van
Wageningen Unive- sity & Research trof in het rapport van Nijpels open deuren aan, maar ook twee
inspirerende uitgangspun- ten: ,,Grootschalige mestverwerking en een mestcertificeringssysteem.’’
,,De urgentie is er. Aanvankelijk leek er voor nog slechts 60 jaar fos- faat in de mijnen te
zitten. Dat zou betekenen dat er al snel geen leven op aarde meer mogelijk is. De jong- ste
schattingen gaan echter uit van 300 jaar. We hebben iets meer tijd.’’ Die is nodig ook. Want wat
Nijpels voor ogen heeft, zegt Verdoes, be- staat nog nergens.

Wat kan er al wel?
,,Er zijn tientallen mechanische mestscheiders. Die maken een dikke en een dunne fractie. De dikke
bevat vooral organische stof en fosfaat. Op dit moment exporteert Nederland veel dikke fractie. De
export van fos- faat is prima, maar eigenlijk hebben we de organische stof zelf nodig, want de
bodemvruchtbaarheid loopt hier terug. Dus wat nodig is, is een techniek om die twee te schei- den.
Kleinschalig zijn er proeven, maar het is lang niet uitontwikkeld.’’

Wat maakt fosfaat afscheiden zo lastig?
,,Fosfaat zit vast in fytinezuur. Dat zijn ringen met allemaal elementen erin, onder andere het
element fos- faat. Om die uit de celstructuur los te maken, heb je hele sterke zuren no- dig.
Nadeel is dat je dan de organi- sche stof beschadigt. Nog lastiger is het om fosfaat heel zuiver
uit de mest te halen. Het is vaak ‘bevuild’ met organische stof.’’

Andere opties?
,,Een andere methode is verbranden. Dat gebeurt in Moerdijk met jaar- lijks 400.000 ton
pluimveemest. De fosfaat die hier uit komt, is moeilijk oplosbaar. Het wordt toegepast in wegenbouw
en in bakstenen. Eigen- lijk is dat een verlies van fosfaat. Je brengt het niet in de landbouw-
kringloop. Het proces is ook duur, want de schadelijke stoffen die bij verbranden vrijkomen, worden
af- gevangen met dure apparatuur.’’

Kunnen bacteriën iets betekenen?
,,Jawel. Nadeel is dat biologische sys- temen moeilijker te sturen zijn, en je kunt nooit alle
fosfaten winnen.’’
Fosfaat laten neerslaan, zoals bij waterzuiveringen gebeurt?
,,Dan maak je er korreltjes van, zoals struviet. In de waterzuivering is struviet zuiverder te
isoleren dan bij de mestverwerking. Het kost dan ook veel geld om het los te maken. ’’

Dit klinkt in de verse verste niet naar een oplossing.
,,We hebben nog een lange weg te gaan. Er is veel fundamenteel onder- zoek nodig voordat we zuiver
calci- umfosfaat of zuivere struviet uit mest kunnen winnen. Wil je er iets mee doen in een
mineralenkring- loop, dus terug in de landbouw, dan moet je voldoen aan eisen van de
kunstmestfabrikant, zoals een be- paalde zuiverheid, grote hoeveelhe- den en een goede prijs.
Voorlopig kunnen we het goedkoper uit een fosfaatmijn halen.’’

Nijpels noemt de voedselindustrie al als gedroomde afnemer.
,,Jaha. Voedseladditieven…dat is nog weer een paar stapjes verder. Je kunt bijvoorbeeld fosforzuur
maken uit fosfaat, en dat kun je toepassen in cola. Ik heb ooit aan iets dergelijks meegewerkt, het
ging toen om een middel voor varkensvoer. Een ont- zettend tijdrovend traject met labo-
ratoriumstudies, pilots, allerlei cer- tificeringssystemen. Je moet een enorm dossier overleggen.
Je bent zo tien jaar verder.’’

Hoe realistisch is het plan-Nijpels?
,,Het is een oplossing voor de lange termijn, niet voor de korte. Het for- muleert een
onderzoeksopdracht en zet sporen uit.‘’

Wanneer is er op zijn vroegst een profijtelijke oplossing?
,,Dat duurt zeker meer dan tien jaar. Het is ook afhankelijk van de fosfaat- prijzen. Een paar jaar
terug gingen de fosfaatprijzen ineens enorm om- hoog na alarmerende signalen over uitgeputte
mijnen. Later werden die afgezwakt en daalden de prijzen. Zo- dra fosfaat heel erg duur wordt, heb
je snel interessante business.’’
Nijpels ziet ook kansen voor stik- stof, kalium en zink.
,,Stikstof winnen gebeurt al. Dat is simpel, maar het brengtniet veel op. Kali is een vrij klein
element dat overal doorheen fietst, je kunt het niet scheiden. Wel zijn er dure me- thoden om
kalizouten te maken. Daarmee hebben we geëxperimen- teerd op de Dairy Campus. Er zijn ook
experimenten met de produc- tie van stikstofkaliconcentraat uit mest. Als je daar de stikstof
uithaalt, hou je ook kali over. Dat gebeurt nu op ongeveer acht plekken, vooral op loonbedrijven
met varkens- mest.’’

Nijpels pleit voor centrale verwer- king. Is decentraal niet handiger? Het scheelt transportkosten.
,,Ik zie niet snel gebeuren dat vee- houders zelf een installatie neerzet- ten waarin ze kalizout
maken of zuiver fosfaat winnen. Veehouders zijn geen procestechnologen. We hebben dat gezien bij de
co-vergis- tingsinstallaties op bedrijfsniveau. Die zijn bijna allemaal ter ziele. Boe- ren hebben
geen tijd voor inkoop van grondstoffen of temperaturen monitoren. Wil je ingewikkelde producten
maken, dan heb je tech- nologische hoogstandjes nodig. Die zijn voorbehouden aan centrale fa-
brieken. Daar zitten de experts, de operators en de storingsdiensten. Uiteindelijk zal een
installatie van
100.000 kuub goedkoper zijn dan tien installaties van 10.000 kuub.’’

Waar moeten die centrales staan?
,,Dat wordt een probleem. Het Zui- den lijkt logisch, te midden van de varkensboeren. Die hebben
geen ei- gen grond. Maar in het Zuiden is veel weerstand van de bevolking. Sinds de uitbraak van
Q-koorts, die niets met varkens had te maken, is er grote angst voor enge ziektekie- men. Alle
bouwplannen van mest- verwerkingbedrijven worden er momenteel tegengehouden. In melkveegebieden
zijn ze minder lo- gisch. Melkveehouders hebben een mestoverschot van gemiddeld on-
geveer 20 procent. Zij kunnen hun
mest goeddeels kwijt op het eigen bedrijf. En in het Noorden ook mak- kelijk op akkerbouwgrond in
de buurt. Momenteel zie je dat varkens- mest op de binnenlandse markt wordt verdrongen door mest
van melkveehouderijbedrijven. Die kun- nen meer betalen en hun transport- kosten zijn lager door de
nabijheid van akkerbouwgebieden.’’

Wat is het verhaal achter de kwali- teitsborging die Nijpels voorstelt?
,,Alle verwerkende of producerende sectoren werken met een kwaliteits- systeem. Melk voldoet aan
eisen, kunstmest ook, anders mag het de markt niet op. Mest voldoet nog ner- gens aan. Als je van
mest een waar- devol product wilt maken, terwijl het nu als afval wordt beschouwd, heb je
kwaliteitseisen nodig. Zo’n systeem kan je alleen opzetten bij grootschalige verwerking,’’

Welke factoren kunnen het succes van centrale scheidingsfabrieken ondermijnen?
,,Allerlei bedrijven bezien hun afval in nieuw licht en kijken wat er te up- cyclen valt. Als je
uit een ander afval- product veel goedkoper fosfaat kunt winnen, krijgt de mestsector het erg
moeilijk.’’

Is het slim om in te zetten op hoog- waardige toepassingen?
,,Je kunt mikken op producten met een lage toegevoegde waarde, dan heb je op korte termijn een
oplos- sing. Maar vanuit de circulaire ge- dachte is het logisch te streven naar een zo hoog
mogelijk toegevoegde waarde. Om daar te komen, is veel tijd en geld nodig.’’
,,Een van mijn collega’s is in de top van de waardepiramide bezig. Hij zoekt naar een antibioticum
in mest, naar hormonen, naar vezels en eiwitten. Stel dat hij er in slaagt eiwit te isoleren dat
helpt bij de be- strijding van kanker, dan is hij spek- koper. Dan is mest van onschatbare waarde.
Om daar te komen, is een moeizame weg van tientallen ja- ren.’’

Is mest het bruine goud?
,,Haha. Men wordt al wat wijzer. Oud-minister Gerda Verburg van Landbouw gebruikte die term. Nij-
pels is gematigder. Hij spreekt van ‘waarde verzilveren’.’’
‘We hebben nog een lange weg ‘te gaan’’
‘Stel dat je een
kankermedicijn uit mest kunt halen’
MEST
Brussel eist dat Nederland zijn mest- probleem snel oplost. Hoe nu verder? De Leeuwarder Courant
wijdt de komende weken een verhalenserie aan mest in al zijn facetten. Vandaag aflevering 3: Hoe
brengen we mest op
nieuwe manieren tot waarde?

Comments
There are no comments yet. You can post the first one!
Post a comment
 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.