Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 21

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==bodemsanering
Check title to add to marked list
Monitoring van ecologische risico’s bij actief bodembeheer van slootdempingen in de Krimpenerwaard : afrondende rapportage T1-monitoring Ecologie
Lange, H.J. de; Hout, A. van der; Faber, J.H. - \ 2016
Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2703) - 61 p.
bodemverontreiniging - zware metalen - polychloorbifenylen - bodemsanering - ecologische risicoschatting - risico - aardwormen - talpidae - krimpenerwaard - zuid-holland - soil pollution - heavy metals - polychlorinated biphenyls - soil remediation - ecological risk assessment - risk - earthworms
In de Krimpenerwaard liggen circa 6500 slootdempingen en vuilstorten. Het dempingsmateriaal bevat
regelmatig verontreinigingen, zodat voor de hele regio sprake is van een geval van ernstige
bodemverontreiniging. Het gebiedsgericht bodembeheerplan voorziet in het afdekken van de
verontreinigde slootdempingen met gebiedseigen schone grond. De effectiviteit van de sanering wordt
geëvalueerd op basis van monitoring van ecologische risico’s. Dit rapport beschrijft de resultaten van
de T1-monitoring, waarin in een relatief korte tijd na afdekken (twee tot vier jaar) de effectiviteit van
de maatregel wordt beoordeeld. De saneringsmaatregel blijkt de meeste nadelige effecten van de
slootdemping op soortensamenstelling en aantallen regenwormen te hebben weggenomen. De
gehalten zware metalen in twee onderzochte regenwormsoorten zijn na sanering over het algemeen
lager dan de gebiedseigen referentie in de T0-monitoring. De saneringsmaatregel is dus op de korte
termijn effectief om de risico’s voor doorvergiftiging van zware metalen terug te brengen tot
gebiedseigen niveau. De PCB-gehalten in de twee soorten regenwormen vertonen veel variatie tussen
de jaren. De tendens is dat de gehalten in dempingmonsters lager zijn dan in referentiemonsters.
Vanwege de grote variatie en het beperkt aantal onderzochte locaties zijn deze conclusies alleen met
voorzichtigheid te trekken. Het PCB-gehalte in mollen bleek ook sterk variabel, in ruimte en in tijd.
Mollen die in de T1-monitoring gevangen zijn op afgedekte Shredder en Huishoudelijk afval
dempingen hebben significant hogere PCB-gehalten dan de dieren op de referentiepercelen. Het
afdekken van de demping heeft voor deze dempingcategorieën de ecologische risico’s onvoldoende
weggenomen. De effectiviteit op langere termijn met betrekking tot het al dan niet optreden van
herverontreiniging als gevolg van bioturbatie en capillaire opstijging werd niet onderzocht
Modelling and monitoring of Aquifer Thermal Energy Storage : impacts of soil heterogeneity, thermal interference and bioremediation
Sommer, W.T. - \ 2015
Wageningen University. Promotor(en): Huub Rijnaarts, co-promotor(en): Tim Grotenhuis; J. Valstar. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462572942 - 204
watervoerende lagen - thermische energie - opslag - energieterugwinning - economische impact - milieueffect - bodemsanering - grondwaterverontreiniging - aquifers - thermal energy - storage - energy recovery - economic impact - environmental impact - soil remediation - groundwater pollution

Modelling and monitoring of Aquifer Thermal Energy Storage

Impacts of heterogeneity, thermal interference and bioremediation

Wijbrand Sommer
PhD thesis, Wageningen University, Wageningen, NL (2015)
ISBN 978-94-6257-294-2

Abstract

Aquifer thermal energy storage (ATES) is applied world-wide to provide heating and cooling to buildings. Application of ATES, instead of traditional heating and cooling installations, reduces primary energy consumption and related CO2 emissions. Intensified use of the subsurface for thermal applications requires more accurate methods to measure and predict the development of thermal plumes in the subsurface related to thermal interference between systems and address issues concerning subsurface urban planning and wide spread presence of contaminants in urban groundwater systems.

In this thesis, subsurface heat transport in ATES and the associated influence on storage performance for thermal energy was assessed. Detailed monitoring of subsurface temperature development around the wells of an existing system was achieved by a unique application of Distributed Temperature Sensing (DTS) using glass fibre optical cables. The measurements reveal unequal distribution of flow rate over different parts of the well screen and preferential flow due to aquifer heterogeneity. Heat transport modelling shows that heterogeneity causes preferential flow paths that can affect thermal interference between systems, mainly depending on well-to-well distance and hydrogeological conditions.

At present, design rules are applied in such way that all negative interference is avoided. However, this limits the number of ATES systems that can be realized in a specific area, especially as these systems generally use only 60% of their permitted capacity. To optimize the use of available aquifer volume, the amount of thermal interference that is acceptable from an economical and environmental perspective was studied for different zonation patterns and well-to-well distances. Selecting the hydrogeological conditions of Amsterdam, the Netherlands, as a case study, this method shows that it is cost-effective to allow a limited amount of thermal interference, such that 30–40% more energy can be provided than compared to the case in which all negative thermal interference is avoided.

Because many urbanized areas deal with contaminated soil and groundwater, ambitions to increase the number of ATES systems are confronted with the presence of groundwater contaminants. This is of concern, because groundwater movement induced by the ATES system can result in increased mobility and spreading of these contaminants. However, the combination between ATES and soil and groundwater remediation could be a promising integrated technique, both for improving groundwater quality and development of ATES. Opportunities to use ATES as a continuous biostimulation tool for enhanced reductive dechlorination (ERD) have been explored with a reactive transport model.

Ecologische effecten van bodemverontreiniging : maatschappelijke kosten- en batenanalyse bodemsanering
Rutgers, M. ; Spijker, J.H. ; Wintersen, A. ; Posthuma, L. - \ 2012
Bilthoven : RIVM - 62
bodemsanering - bodemverontreiniging - zware metalen - ecosysteemdiensten - kosten-batenanalyse - soil remediation - soil pollution - heavy metals - ecosystem services - cost benefit analysis
Als onderdeel van de maatschappelijke kosten- en batenanalyse van bodemsaneringen (MKBA-Bosa) in Nederland zijn de ecologische effecten van bodemverontreiniging geëvalueerd. Ecologische effecten van bodemverontreiniging worden in sterke mate veroorzaakt door de aanwezigheid van zink, koper en/of lood, en in mindere mate door cadmium. Immobiele organische stoffen, zoals polycyclische koolwaterstoffen, hebben ook een significant ecologisch effect, maar vergeleken met metalen is het kleiner van omvang. Mobiele en vluchtige organische stoffen zijn minder belangrijk voor de inschatting van de totale ecologische effecten. De ecologische effecten zijn het grootst voor oppervlakkige verontreiniging, bijvoorbeeld als gevolg van storten, dempen, sedimentatie, atmosferische depositie en bodembewerking. Er is nog te weinig bekend over ecologische effecten in de diepe ondergrond. Uit wetenschappelijk en toegepast onderzoek is gebleken dat ecologische effecten daadwerkelijk optreden en toegeschreven kunnen worden aan de aanwezigheid van de verontreinigende stoffen in de bodem. Het is nog niet mogelijk om ecologische effecten rechtstreeks uit te drukken in een economische maat, bijvoorbeeld via de aantasting van de ecologische diensten van de bodem.
An African approach for risk reduction of soil contaminated by pesticides
Harmsen, J. - \ 2009
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1742) - 65
bodemverontreiniging - besmetting - landbouwchemicaliën - pesticiden - risicovermindering - herstel - afrika - verontreinigde grond - ecologische risicoschatting - bodemsanering - soil pollution - contamination - agricultural chemicals - pesticides - risk reduction - rehabilitation - africa - contaminated soil - ecological risk assessment - soil remediation
Fate of the estrogen nonylphenol in river sediment: availability, mass transfer and biodegradation
Weert, J.P.A. de - \ 2009
Wageningen University. Promotor(en): Huub Rijnaarts, co-promotor(en): Alette Langenhoff; Tim Grotenhuis. - [S.l. : S.n. - ISBN 9789085854661 - 143
verontreinigde sedimenten - rivieren - bodemverontreiniging - verontreinigende stoffen - oestrogenen - waterorganismen - biodegradatie - aquatische toxicologie - bodemsanering - contaminated sediments - rivers - soil pollution - pollutants - oestrogens - aquatic organisms - biodegradation - aquatic toxicology - soil remediation
Veel riviersedimenten zijn in het verleden verontreinigd geraakt met estrogene verbindingen, die toxische effecten kunnen veroorzaken op aquatische organismen, zoals de vervrouwlijking van mannelijke vissen. Een van deze estrogene verbindingen is nonylfenol (NP). Nonylfenol is een organische verbinding die bestaat uit een fenolgroep met een lineaire of een vertakte keten van negen koolstofatomen. Voornamelijk mengsels van vertakte NP-isomeren komen voor als verontreiniging in het milieu. Sedimenten die verontreinigd zijn met NP kunnen functioneren als secundaire bron van verontreiniging van het rivierwater, waar het toxische effecten kan veroorzaken op aquatische organismen. Het risico van toxische effecten door NP, dat aanwezig is in het sediment, wordt bepaald door de beschikbaarheid van NP in het sediment, het massatransport vanuit het sediment naar het rivierwater en de mogelijkheid voor biologische afbraak van NP in het sediment of het rivierwater.
Ruimere toepassingsmogelijkheden landfarming van verontreinigde baggerspecie : het duurt even, maar de specie wordt echt schoon
Harmsen, J. ; Zweers, A.J. - \ 2009
Bodem 19 (2009)5. - ISSN 0925-1650 - p. 7 - 10.
bodemverontreiniging - baggerspeciedepots - bioremediëring - bodemsanering - sludge farming - soil pollution - spoil banks - bioremediation - soil remediation
Bijna 20 jaar geleden is op de locatie Kreekraksluizen een experiment gestart om verontreinigde baggerspecie biologisch te reinigen met behulp van landfarming. De gereinigde baggerspecie ligt hier nog steeds en wordt nog gemonitored en dit heeft een unieke waarnemingsreeks opgeleverd
Bioremediation of polluted sediment: a matter of time or effort? Part II
Harmsen, J. ; Bouwman, L.A. - \ 2002
In: Remediation and beneficial reuse of contaminated sediments; the first international conference on remediation of contaminated sediments, Venice, 10-12 October 2001. Columbus OH (USA), Batelle, 2002 / Hinchee, R.E., Porta, A., Pellei, M., - p. 113 - 119.
landfarming - bodemchemie - bodemsanering - bodemverontreiniging - milieu
Biologische reiniging van baggerspecie op de landfarm Kreekraksluizen; monitoring 2001
Harmsen, J. ; Toorn, A. van den; Dijk-Hooyer, O.M. van; Zweers, A.J. ; Bouwman, L.A. ; Ma, W.C. ; Bodt, J.M. - \ 2002
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 525) - 59
bagger - slib - bioremediëring - zware metalen - sludge farming - baggerspecie - bodemsanering - bodemverontreiniging - milieu - dredgings - sludges - bioremediation - heavy metals - landfarming
De monitoring betreft de afbraak van PAK, minerale olie; en het gedrag van zware metalen. De species zijn afkomstig van de Geulhaven (Rotterdam), de havens van Wemeldinge en Zierikzee, de Petroleumhaven (Amsterdam)
Potentials and drawbacks of chelate-enhanced phytoremediation of soils
Römkens, P.F.A.M. ; Bouwman, L.A. ; Japenga, J. ; Draaisma, C. - \ 2002
Environmental Pollution 116 (2002)1. - ISSN 0269-7491 - p. 109 - 121.
bodemchemie - bodemsanering - bodemverontreiniging - fytoremediëring - milieu - zware metalen
Chelate-enhanced phytoremediation has been proposed as an effective tool for the extraction of heavy metals from soils by plants. However, side-effects related to the addition of chelates, e.g. metal leaching and effects on soil micro-organisms, were usually neglected. Therefore, greenhouse and lysimeter studies were conducted to study the phytoremedation potential of EDGA and citric acid and to evaluate its effects on microbial activity and leaching of Cd, Zn Cu and Pb. Grass, lupine and yellow mustard were grown on a moderately polluted acid (pH 4.5) sandy soil that contained 2 mg/kg Cd and 200 mg/kg Zn. Citric acid appeared to be degraded microbially within a few days after addition which limited its potential for long-lasting remediation studies. EDGA enhanced metal solubility but plant uptake did not increase accordingly. The metal shoot:root ratio increased upon addition of EDGA but it also reduced the net shoot and root biomass production of both lupine and yellow mustard. Bacterial biomass was higher in both the citric and EDGA treated pots but bacterial activity remained unaffected. The number of microbivorous nematodes was greatly reduced upon addition of EDGA which was most likely related to the reduced biomass production and, to a smaller extent, to the changes in the composition of the available food. Furthermore, EDGA enhanced metal leaching in the lysimeter study which could lead to groundwater pollution. To prevent these unwanted side-effects, careful management of phytoremediation methods, therefore, seems necessary.
Groene bodemreiniging: een goede bekomst voor planten en microben : Interactie tussen planten en micro-organismen als sleutelfactor in bodemsanering
Gorissen, A. ; Blom-Zandstra, M. ; Elsas, J.D. van; Groenwold, J. ; Grotenhuis, J.T.C. - \ 2002
Bodem (2002). - ISSN 0925-1650 - p. 5 - 5.
bodemreiniging - bodemsanering
Phytoremediation of soils: evaluation of feasibility and risks related to chelate addition
Römkens, P.F.A.M. ; Japenga, J. ; Harmsen, J. - \ 2001
In: Phytoremediation, wetlands, and sediments; the sixth international in situ and on-site bioremediation symposium, San Diega, California, June 4-7, 2001. Columbus OH (USA), Battelle, 2001. Vol.5 / Leeson, A., Foote, E.A., Banks, M.K., Magar, V.S., - p. 137 - 144.
bodemchemie - bodemsanering - fytoremediëring - milieu - zware metalen
Surface treatment of polluted sediment in an energy plantation
Breteler, H. ; Duijn, R. ; Goedbloed, P. ; Harmsen, J. - \ 2001
In: Ex situ biological treatment technologies; the sixth international in situ and on-site bioremediation symposium, San Diega, California, June 4-7, 2001. Columbus OH (USA), Battelle, 2001. Vol. 6 / Magar, V.S., von Fahnestock, F.M., Leeson, A., - p. 59 - 71.
landfarming - bodemsanering - bodemverontreiniging - energieteelt - milieu
Conceptual description of landfarming for sustainable restoration of soils worldwide
Sims, R.C. ; Harmsen, J. - \ 2001
In: Ex situ biological treatment technologies; the sixth international in situ and on-site bioremediation symposium, San Diega, California, June 4-7, 2001. Columbus OH (USA), Battelle, 2001. Vol. 6 / Magar, V.S., von Fahnestock, F.M., Leeson, A., - p. 1 - 8.
landfarming - bodemsanering - bodemverontreiniging - milieu
Bioremediation of polluted sediment: a matter of time or effort
Harmsen, J. - \ 2001
In: Phytoremediation, wetlands, and sediments; the sixth international in situ and on-site bioremediation symposium, San Diega, California, June 4-7, 2001. Columbus OH (USA), Battelle, 2001. Vol.5 / Leeson, A., Foote, E.A., Banks, M.K., Magar, V.S., - p. 279 - 287.
landfarming - bodemchemie - bodemsanering - bodemverontreiniging - milieu
Bioremediation of polluted sediment: a matter of time or effort?
Harmsen, J. - \ 2001
In: Samenvattingen (voordrachten en posters); 13e nationaal symposium BodemBreed. Gouda, SK, 2001, blz. 111 / van Mullekom, P., Halman, A.,
bodemsanering - bodemverontreiniging - milieu
Ontwikkeling van bodemgebruikswaarden voor de functie's landbouw, natuur en waterbodem
Wezel, A. van; Beek, M. ; Lijzen, J. ; Römkens, P.F.A.M. ; Rutgers, M. ; Tuinstra, J. ; Vries, W. de - \ 2001
In: Samenvattingen (voordrachten en posters); 13e nationaal symposium BodemBreed. Gouda, SK, 2001, blz. 173 / van Mullekom, P., Halman, A.,
bodemgebruik - bodemsanering - ecotoxicologie - milieu - landbouw - natuur - waterbodem
Fytoremediëring in Nederland: mogelijkheden en beperkingen
Japenga, J. ; Römkens, P.F.A.M. - \ 2001
Milieu 16 (2001)2. - ISSN 0920-2234 - p. 67 - 77.
bioremediëring - bodemverontreiniging - decontaminatie - herstel - schoonmaken - biologische behandeling - bodem - kosten - zware metalen - milieueffect - bodemsanering - fytoremediëring - milieu - bioremediation - soil pollution - decontamination - rehabilitation - cleaning - biological treatment - soil - costs - heavy metals - environmental impact
Mogelijkheden en problemen van de verschillende vormen van het toepassen van planten bij sanering en beheer van verontreinigde bodems in termen van milieurendement en kosten. Ook wordt verslag gedaan van onderzoek gericht op het vaststellen van mogelijke negatieve milieueffecten van fytoremediëring van zware metalen in relatie tot het saneringsrendement, en wordt beschreven hoe in internationaal verband wordt gewerkt aan een beleidsondersteunend instrument om voor- en nadelen van fytoremediëring te kwantificeren
De bodemgesteldheid van het saneringsgebied Lickebaert : resultaten van een bodemgeografisch onderzoek
Scholten, A. ; Brouwer, F. - \ 1995
Wageningen : DLO-Staring Centrum (Rapport / DLO-Staring Centrum 162) - 68
bodemkarteringen - kaarten - dioxinen - bodemverontreiniging - nederland - zuid-holland - bodemsanering - soil surveys - maps - dioxins - soil pollution - netherlands - soil remediation
Saneringstechnieken in het landelijk gebied
Brouns, J.J.W.M. ; Kraan, C. van der; Schurink, E. - \ 1993
wageningen etc. : IBN [etc.] (IBN - rapport 006) - 77
bodemverontreiniging - milieueffect - schade - zware metalen - natuurlijke hulpbronnen - decontaminatie - nederland - herstel - bodemsanering - soil pollution - environmental impact - damage - heavy metals - natural resources - decontamination - netherlands - rehabilitation - soil remediation
Mogelijkheden voor en effecten van sanering van het Lickebaertgebied
Boels, D. ; Bolt, F.J.E. van der; Scholten, A. - \ 1990
Wageningen : Staring Centrum (Rapport / Staring Centrum 84) - 60
bodemfysica - bodemkarteringen - kaarten - uitspoelen - pentachloorfenol - nederland - zuid-holland - bodemsanering - soil physics - soil surveys - maps - leaching - pentachlorophenol - netherlands - soil remediation
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.