Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 8 / 8

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==delta works
Check title to add to marked list
Natuurambitie Grote Wateren en de uitvoering van het Deltaprogramma : inventarisatie van bestuurlijke en organisatorische aanknopingspunten
Veraart, J.A. ; Fontein, R.J. ; Tol-Leenders, T.P. van - \ 2016
Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2691) - 81 p.
waterbeheer - nederlandse wateren - binnenwateren - deltawerken - natuurbeheer - nederland - hoogwaterbeheersing - water management - dutch waters - inland waters - delta works - nature management - netherlands - flood control
Dit rapport beschrijft de inhoudelijke, bestuurlijke en organisatorische overeenkomsten en verschillen tussen
het Deltaprogramma (DP) en de Natuurambitie grote wateren (NAGW). Het doel van deze analyse was
daarbij om kansrijke aanknopingspunten te identificeren die nuttig zijn voor het ministerie van Economische
Zaken om het gedachtegoed uit de NAGW in te bedden bij de uitvoering van het Deltaprogramma. Daarnaast
is gekeken in welke beleids- en uitvoeringstrajecten het relevant is om vanuit EZ deel te nemen met
menskracht, kennisontwikkeling of cofinanciering. De analyse is gedaan voor het Rivierengebied, de
Zuidwestelijke Delta (inclusief Rijnmond-Drechtsteden) en het IJsselmeergebied. De inhoudelijke samenhang
is het grootst tussen DP en NAGW binnen rivierverruimingsprojecten, projecten die gedeeltelijk herstel van
estuariene dynamiek beogen en projecten in het IJsselmeergebied die uitgaan van de ‘Building with Nature’-
benadering. De MIRT en KRW Uitvoerings- en financieringsprogramma’s van het ministerie van IenM bieden
meer aanknopingspunten dan het Hoogwaterbeschermingsprogramma voor de NAGW. Ook programma’s
zoals LIFE en EFRO, die vaak worden gecoördineerd vanuit EZ, bieden kansen voor interdepartementale
kennisontwikkeling samen met de regio’s.
From past to present: biodiversity in a changing delta
Troost, K. ; Tangelder, M. ; Ende, D. van den; Ysebaert, T. - \ 2012
Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-werkdocument 317) - 75
biodiversiteit - aquatische ecologie - ecologisch herstel - mariene gebieden - deltawerken - zuidwest-nederland - biodiversity - aquatic ecology - ecological restoration - marine areas - delta works - south-west netherlands
A large-scale coastal engineering project (the ‘Delta works’) changed large-scale, dynamic estuarine nature in the southwest of the Netherlands into a diverse mosaic of ecosystems with different characteristics. This led to a suite of ecological problems, which is why plans are made to restore estuarine dynamics. Until today the effect of the Delta works on biodiversity in the subsystems is still poorly understood. We combined long-term datasets on macrobenthos, fish, birds and key species and present reliable and factual information on changes in biodiversity in the Southwest Delta in the past decennia in relation to the Delta works and other developments. Effects of the Delta works on biodiversity are highly diverse and depend on many different factors and histories specific for the different water bodies. If connections are restored, effects on species richness and biodiversity will depend on the specific characteristics of the separate basins. Because restoration of estuarine dynamics likely occurs on a reduced scale, effects on biodiversity may only be modest. However, effects on the occurrence of rare species of the brackish and intertidal transition zones may be more significant. It is recommended to study this further.
Passende Beoordeling van een getijdencentrale in de Oosterscheldekering
Smit, C.J. ; Dankers, N.M.J.A. - \ 2010
Texel : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C042/10) - 56
waterkracht - getijden - duurzaamheid (sustainability) - kustgebieden - natura 2000 - oosterschelde - dammen - stormvloedkeringen - deltawerken - water power - tides - sustainability - coastal areas - eastern scheldt - dams - storm surge barriers - delta works
De Nederlandse overheid streeft naar diversificatie van de energieopwekking. Een nauwelijks geëxploiteerd onderdeel is getijdenenergie. Reden waarom deze vorm van energieopwekking tot dusver weinig aandacht heeft gekregen is dat in het Nederlandse kustgebied de stroomsnelheden vaak te laag zijn om met de huidige technieken en energieprijzen rendabele installaties te ontwikkelen. Op enkele plaatsen treden wel relatief hoge snelheden op. Voorbeelden zijn grote stroomgeulen zoals zeegaten tussen de eilanden, de spuisluizen in de Afsluitdijk en Haringvliet en in de stormvloedkering van de Oosterschelde. In de toekomst zijn er wellicht ook mogelijkheden bij openingen in afsluitdammen zoals in de Grevelingen. Door de firma’s Tocardo en Ecofys wordt voorgesteld in twee (van de 62) openingen in de Oosterscheldekering een proefinstallatie voor getijdenenergie te installeren. Omdat het gaat om een nieuwe ontwikkeling waarvan de (mogelijke) effecten nog nooit goed zijn bestudeerd en omdat het project gepland wordt in een Natura2000-gebied, wordt in eerste instantie een proef uitgevoerd met een “centrale” in twee van de 62 doorstroom-openingen.
Veranderingen in het milieu en de vegetatie in de Biesbosch door afsluiting van het Haringvliet
Boois, H. de - \ 1982
Landbouwhogeschool Wageningen. Promotor(en): I.S Zonneveld. - Wageningen : de Boois - 155
ecologie - ecosystemen - milieueffect - hydrologie - polders - wetlands - deltawerken - ecohydrologie - menselijke invloed - noord-brabant - haringvliet - stormvloedkeringen - zuid-holland - biesbosch - ecology - ecosystems - environmental impact - hydrology - delta works - ecohydrology - human impact - storm surge barriers
In November 1970 the Haringvliet-sluices were put into operation. These sluices are an integral part of the Deltaworks which aim at protecting the south-west of Holland against inundations. As a result of this closing of the Haringvliet the fresh-water tidal area of the Biesbosch was nearly completely cut off from tidal influences of the sea. The tidal movement in this delta of the rivers Rhine and Maas decreased from over six feet to only under one foot. In this thesis the consequences for the vegetation in the Biesbosch are described. An extensive survey was held from 1970 till 1975.

The Biesbosch originated from dike-bursts in 1421 A.D. The old soils were washed away by the sea and over the centuries new sediments were deposited by the rivers Rhine and Maas. In 1970 the Biesbosch, from the south-west to the north-east, consisted of large stretches of water, low-lying sandy flats, rushmarshes and creeks of varying width, reed-marshes and willowcoppices. In most willow-coppices the hydrology was controled by low dikes and drainage systems. The coppices in which sedimentation had progressed farthest had been reclaimed and put into use for agriculture. In the east and north of the Biesbosch the agricultural polder-land covers nearly the whole area.

The marshes, because of their structure, are highly characteristic for the geomorphology of fresh-water tidal areas. Along the creeks natural levees are found which are relatively high and sandy. Behind the natural levees are lowlying backswamps of clayey soils which had usually hardly ripened because of bad drainage. Due to the closing of the Haringvliet the vegetative environment of the areas outside the dikes strongly changed. Flooding of the soil only seldom occurred, in stead of twice a day formerly. The ground-water level sank from just below the surface to the height of the new water-levels. Therefore a quick ripening of the soil took place in the only young sediments.

For the original vegetation the differences in influence of tidal flooding twice a day were of great impact. The ecology of this vegetation is frequently characterized by a twodimensional diagram in which on the one hand altitudes of soils and on the other drainage (of natural levees or backswamps) are indicated as variable factors. As regards altitudes of soils the Mean High Water (MHW) level formed a frame of reference for the possibilities of species and plant- communities to occur. For most species sharp limits were found concerning their tolerance for flooding. In this investigation the data of several earlier investigations have been brought together. This resulted in the distinction of 17 groups of earlier described plantcommunities: 10 groups of marsh-vegetation and 7 groups of willow-coppices vegetation. These groups are indicated by a combination of the letters of the most important species groups.

The changes in vegetation have yearly been investigated by making records of the vegetation on permanent sample plots. Frequent mapping out of larger and smaller parts of the area took place as well. The main outstanding features of changes were the following:
- Each year the wet-soil preferring species decreased in favour of herbage preferring relatively dry soil.
- In the changes of vegetation, stages occured that were connected with different stages of ripening of the soil.
- The strongest changes took place in the backswamps of marshes and in the relatively low-lying willow-coppices.
- The smallest changes were to be found on the high natural levees and willow-coppices of high level. Here the milieu had already been relatively dry in former times and the soil was nearly entirely ripened.
- In the new riparian zones, where the influences of flooding, flow, wash, and where the structure of the soil are strongly varying, the vegetation also varies to a rather large extent.
- On higher grounds the differentiation of vegetation decreased, but the number of species has in general become larger.

The new differentiation of vegetation has been described in a circular diagram. The differentiation between various environmental factors has also been indicated in this figure. The basic form of this diagram reflects a small island, the highest part of which is situated in the middle and round which different environmental influences are expressed in the variations of riparian vegetation.

As a result of observed separate elements in the developments of vegetation and the environmental factors, a number of causal relations can be established between environment and vegetation. Various factors in these new circumstances influence vegetation selectively and differentiatingly. The variation in altitudes of soil is still of great importance; not so much because of differences in levels of flooding, but because of differences in ground-water levels. In the mutual relations of plants whithin the world of vegetation the principle of primarity (being first) ranks as an important factor. Hence not all species have gained similar chances to establish themselves in appropriate new environments. Competition for space and light is subsequently the cause of continuing changes in the vegetation when in more or less stabilized environments.

Onderzoek naar verdrogingsschade veroorzaakt door de afdamming van het Veerse Meer
Weerd, B. van der - \ 1978
Wageningen : Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding (Nota / Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding no. 1033) - 21
bodem-plant relaties - opbrengsten - hydrologie - bodemwater - deltawerken - veerse meer - zeeuwse eilanden - soil plant relationships - yields - hydrology - soil water - delta works
Nadelige effecten van aanleg dam (verbinding tussen Noord-Beveland en Walcheren op de gewasgroei op de eilanden
Het kwel- en zoutbezwaar in de polders van St. Philipsland en de hierin te verwachten veranderingen na de afdamping van de zeearmen
Weerd, B. van der - \ 1968
Wageningen : Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding (Nota / Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding no. 463) - 24
grondwater - kwel - deltawerken - zeeuwse eilanden - groundwater - seepage - delta works
Gevolgen van het Drie-Eilandenplan voor het oude land langs de Zandkreek en het Veregat
Westerhof, J.J. - \ 1957
Goes : Cultuurtechnische Dienst, Provinciale Directie Zeeland - 29
bodemwater - grondwaterspiegel - ecohydrologie - deltawerken - waterstand - zeeland - zeeuwse eilanden - soil water - water table - ecohydrology - delta works - water level
Samenvattend rapport waarin zijn verwerkt de rapporten van de Stichting voor de Bodemkartering, de Geologische Dienst, de Commissie Waterbeheersing en Ontzilting en de Cultuurtechnische Dienst. Het betreft gegevens over afdamming en verdroging, polderpeilen en grondwaterstanden in de aangrenzende gebieden van Noord- en Zuid-Beveland en Walcheren
Invloed van de grondwaterstromingen op het zoutgehalte van oppervlakte en grondwater na afsluiting van de zeearmen in het Delta-gebied
Ernst, L.F. - \ 1957
Wageningen : Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding (Nota / Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding no. 1) - 11
grondwaterstroming - verzilting - deltawerken - waterkwaliteit - grondwaterkwaliteit - zuidwest-nederland - groundwater flow - salinization - delta works - water quality - groundwater quality - south-west netherlands
De afsluiting van de zeearmen in het Delta-gebied zal voor de landbouw belangrijke gevolgen hebben, daar de verzilting in dit gebied (vooral de Zeeuwse eilanden Goeree en Overflakkee) minder wordt en ook de verdroging in het zuid-westen van Nederland in sterke mate kan worden tegengegaan. Berekeningen zijn daartoe gemaakt.
Check title to add to marked list

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.