Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 19 / 19

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==discussie
Check title to add to marked list
Natuur en Beleid Betwist : een analyse van de aard en het verloop van online discussies over implementatie van natuurbeleid in Nederland
Aarts, N. ; Ruyssenaars, B. ; Steuten, C.D.M. - \ 2015
Den Haag : Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR working paper 9) - ISBN 9789490186173 - 42
natuurbeleid - natuur - discussie - onderzoek - sociale netwerken - openbare mening - zuidelijk flevoland - zeeuws-vlaanderen - nature conservation policy - nature - discussion - research - social networks - public opinion
Het Nederlandse natuurbeleid is voortdurend onderwerp van politieke en maatschappelijke discussie; vóór het verschijnen van het eerste Natuurbeleidsplan in 1990 en ook daarna. Tot op de dag van vandaag worden pogingen tot implementatie van natuurbeleid telkens weer heftig bediscussieerd. Weinig is bekend over de aard en het verloop van de huidige discussies over natuur en natuurbeleid. Om die reden hebben wij onderzoek gedaan naar online discussies over de implementatie van natuurbeleid in Nederland in drie gebieden: de Oostvaardersplassen, het Oostvaarderswold en de Hedwigepolder.
The discursive other dynamics in plant scientists' talk on Phytophthora with experts and the public
Mogendorff, K.G. - \ 2014
Wageningen University. Promotor(en): Cees van Woerkum; Bart Gremmen, co-promotor(en): Hedwig te Molder. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462570467 - 150
communicatie - genetische modificatie - planten - technologie - discoursanalyse - openbare mening - genomica - plantkunde - wetenschappers - deskundigen - phytophthora infestans - discussie - antropologie - psychologie - communication - genetic engineering - plants - technology - discourse analysis - public opinion - genomics - botany - scientists - experts - discussion - anthropology - psychology
This dissertation investigates the interactional effects of Dutch plant science experts' talk in different interaction settings: public meetings, expert board meetings and ethnographic interviews. The main research approach deployed is discursive psychology : a methodology that focuses not on what is said but on what is accomplished with talk. The central topic of all the talk analysed in this thesis is Phytophthora Infestans: a major plant disease in staple crops that helped bring about the Irish famine in the 19th century. Phytophthora is still a large problem. To fight Phytophthora, plant experts have been developing different technologies, some of which, such as genetic modification, are met with public controversy.
Hulp en handel: het duurzame biomassa debat 10 feb 2014 (in het panel o.a. Wolter Elbersen)
Polak, C. ; Elbersen, H.W. - \ 2014
Rode Hoed
duurzaamheid (sustainability) - biomassa - bio-energie - discussie - ontwikkelingshulp - ontwikkelingssamenwerking - opinies - agro-industriële ketens - internationale handel - biobased economy - sustainability - biomass - bioenergy - discussion - development aid - development cooperation - opinions - agro-industrial chains - international trade
Onder leiding van Clairy Polak ging een panel van ondernemers, financiers, politici en NGO's op maandag 10 februari in de Rode Hoed in debat over duurzame biomassa. Met onder anderen: Eric van den Heuvel (Argos), Sander van Bennekom (Oxfam/Novib) en René Leegte (VVD-Kamerlid). Ondernemen in duurzame biomassa: is dit handel of hulp? Of - mits duurzaam uitgevoerd - allebei? Maar wat is duurzaam en wat is daarvoor nodig? Wat hebben we op dit gebied geleerd? En wat zijn de vooruitblikken voor de toekomst? De nota van het ministerie van Buitenlandse Zaken - 'Wat de wereld verdient: Een nieuwe agenda voor hulp, handel en investeringen'- is hierbij het uitgangspunt. In het panel: Harold Martina (GMSP/Colombia/trapisches), René van Venendaal (BTG), Eric van den Heuvel (Argos), Liesbeth van Tongeren (GroenLinks-Kamerlid), Sander van Bennekom (Oxfam/Novib), Danielle van Nie (Natuur en Milieu), René Leegte (VVD-Kamerlid), Dorette Corbey (Commissie Corbey), nn Consultancy) en Wolter Elbersen (WUR). De Nederlandse programma's voor duurzame biomassa In opdracht van de ministeries van Economische Zaken en Buitenlandse Zaken hebben 40 projecten binnen de Nederlandse programma's voor duurzame biomassa volop ervaring opgedaan met de verduurzaming van de biomassaketen voor energie. Nu bijna alle projecten zijn afgerond, is het tijd om de ervaringen en lessen te delen. Organisatie: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland i.s.m. de Rode Hoed
Fostering argumentation-based computer-supported collaborative learning in higher education
Noroozi, O. - \ 2013
Wageningen University. Promotor(en): Martin Mulder, co-promotor(en): Harm Biemans. - [S.l. : s.n. - ISBN 9789461734013 - 282
computerondersteund onderwijs - hoger onderwijs - wetenschappelijke samenwerking - discussie - leren - onderwijsmethoden - studenten - groepen - computer assisted instruction - higher education - scientific cooperation - discussion - learning - teaching methods - students - groups - cum laude
cum laude graduation (with distinction). In collaborative settings, students of all ages need to learn to clearly explain their informed opinions and give reasons for the way in which they carry out tasks and solve problems. Engaging students in collaborative discussion and argumentation is an educational approach for preparing them to manage today’s complex issues and actively participate in knowledge societies. Despite the fact that argumentation is shaped in social conversation and also in learners’ online exchanges in daily life, learners in academic settings need to be taught to reason and argue in a way that is beneficial for knowledge sharing, domain-specific learning, and knowledge construction. Online support systems for collaboration or Computer-Supported Collaborative Learning (CSCL) environments in which learners argue in teams have been found to support the sharing, constructing, and representing of arguments with the aim of learning. This type of learning arrangement is called Argumentation-Based Computer-Supported Collaborative Learning (ABCSCL) and it is seen as a promising environment in which to facilitate collaborative argumentation and learning.
Doing things with varkens and words : discursieve technieken in de strijd om transitie van de grootschalige veehouderij
Duineveld, M. - \ 2012
Wageningen : WUR (Zo doen wij dat hier! 2) - 64
intensieve dierhouderij - communicatie - communicatievaardigheden - discussie - dierenwelzijn - intensive husbandry - communication - communication skills - discussion - animal welfare
Dit deel 2 richt zich op de woordenstrijd tussen de voor- en tegenstanders van industrialisatie in de dierhouderij. De uitgave maakt inzichtelijk hoe macht en machtsrelaties zich manifesteren in het gesproken en geschreven woord. Het beschrijft diverse machtsmechanismen en -technieken met voorbeelden, zoals imagostrijd, het scheppen van onduidelijkheid in verantwoordelijkheden en het diskwalificeren en marginaliseren van de tegenstander. De onderzoekers laten zien dat in een woordentwist vaak geen sprake is van werkelijk reageren op elkaars argumenten.
Concurrentie tussen honingbijen en wilde bijen (1)
Cornelissen, B. ; Visser, A. - \ 2011
Bijenhouden 5 (2011)2. - ISSN 1877-9786 - p. 16 - 17.
wilde bijenvolken - honingbijen - concurrentie tussen dieren - voedselopname - discussie - landschap - gedrag - wild honey bee colonies - honey bees - animal competition - food intake - discussion - landscape - behaviour
Eerste deel van een reeks over de concurrentie tussen honingbijen en wilde bijen. In 2010 was er veel te doen over concurrentie tussen honingbijen en wilde bijen. Erik van der Spek (2010) stelde dat het plaatsen van grote aantallen bijenkasten een bedreiging vormt voor de wilde bijen in natuurgebieden. Niet vee later schreef Arie Koster (2010) hij op de Elspeter heide rond bijenvolken net zoveel heidezijdebijen waarnam als op andere delen van de heide. Een dergelijke discussie is zeker niet nieuw. In 1998 schreef Koster er al over in bijenteelt en in 1998 verscheen er een rapport over dit onderwerp met aanbevelingen vooer aantallen bijenvolken in natuurgebieden (Smeekens e.a., 1998). Sindsdien is echter nog veel meer onderzoek gedaan. Tijd voor een update
Konijnen op Koers. Beslisdocument
Cornelissen, J.M.R. ; Rommers, J.M. ; Bremmer, B. ; Spoelstra, S.F. - \ 2010
Lelystad : Wageningen Livestock Research
konijnen - dierhouderij - publiek - opinies - dierenwelzijn - discussie - innovaties - sociale aanpassing - dierlijke productie - huisvesting, dieren - Nederland - rabbits - animal husbandry - audiences - opinions - animal welfare - discussion - innovations - social adjustment - animal production - animal housing - Netherlands
Nader inzetten op systeeminnovatie van de konijnenhouderij lijkt op basis van de uitgevoerde analyses zinvol. Voorgesteld wordt om de productie en vermarkting beter af te stemmen op ideeën vanuit de samenleving op het gebied van dierenwelzijn. Dit kan bewerkstelligd worden door een combinatie van twee sporen. Ten eerste: ontwerp van alternatieven voor kooihuisvesting, waarbij potentiële knelpunten (genetische opmaak van het dier, arbeidsomstandigheden, gebruik diergeneesmiddelen en milieu) integraal worden meegenomen (‘topdown’). Ten tweede: ‘empowerment’ en leren van geschikte initiatieven in de sector. Hierbij is de vorming van nieuwe, herkenbare en renderende ketens een randvoorwaarde. Een aspect dat hier los van staat, maar zeker aandacht vraagt, is het vermarkten van konijnenmest
Biomassa, Hot issue : slimme keuzes in moeilijke tijden
Hamm, P. ; Sanders, J.P.M. ; Maat, J. ; Woldberg, M. - \ 2008
Sittard : EnergieTransitie, Platform Groene Grondstoffen - 86
energiebronnen - biomassa - biomassa productie - milieubescherming - verontreiniging - landgebruik - belangengroepen - discussie - biobased economy - voedsel versus brandstof - duurzaamheid (sustainability) - energy sources - biomass - biomass production - environmental protection - pollution - land use - interest groups - discussion - food vs fuel - sustainability
Het gebruik van groene grondstoffen voor energie en materialen is het afgelopen jaar in diskrediet geraakt. Het gebruik van bioenergie wordt herhaaldelijk verantwoordelijk gehouden voor de recente voedselcrisis en voor de kap van regenwoud, en er worden vraagtekens gezet bij de klimaatvoordelen. Naar aanleiding van deze discussie hebben de gezamenlijke Platforms in de EnergieTransitie hun positie ten opzichte van biomassa opnieuw overwogen. De Platforms komen tot de volgende conclusie: bij intelligent gebruik en met inachtneming van gestelde voorwaarden kan op verantwoorde wijze een groot potentieel aan biomassa worden ontwikkeld.
Het gentech debat ontleed : een analyse van terugkerende kernthema's en argumenten.
Keulartz, F.W.J. ; Oever, L. v.d.; Vriend, H. - \ 2007
Bilthoven : Cogem (COGEM signalering CGM/071004-01) - 53
bio-ethiek - ethiek - sociale waarden - genetische modificatie - biotechnologie - overheidsbeleid - beleid - nederland - discussie - bioethics - ethics - social values - genetic engineering - biotechnology - government policy - policy - netherlands - discussion
In deze signalering is een analyse gemaakt van het maatschappelijke debat rond genetische modificatie en haar toepassingen. Met deze analyse van het debat hoopt de COGEM overheden en andere betrokkenen meer inzicht in de terugkerende thema's en de gehanteerde argumenten te geven en de achtergronden ervan te verhelderen. In het maatschappeljik debat rond genetische modificatie blijken steeds weer dezelfde onderwerpen of kernthema's op te duiken. Kernthema's zoals veiligheid, gezondheid en welzijn, natuur, sociale verhoudingen, keuzevrijheid, en duurzaamheid. De in het debat gehanteerde argumenten kunnen daarnaast in drie verschillende clusters ingedeeld worden. De indeling is globaal gebaseerd op het idee van samenhangende wereldperspectieven: de subjectieve wereld van persoonlijke ervaringen en belevingen, de sociale wereld van bindende normen en wederzijdse gedragsverwachtingen en de objectieve wereld van de stand der zaken. De kernthemas's en clusters bieden een handvat om elementen die een rol spelen in het debat overzichtelijk te maken en hun achtergronden te verhelderen. Een derde geboden handvat is het perspectief van de grondhoudingen van mensen waarin hun argumenten wortelen. Er wordt daarnaast ingegaan op de verschillende argumentatiestrategieen die worden gehanteerd. Met deze signalering hoopt de COGEM bij te dragen aan een beter begrip van wat er op de achtergrond speelt in een maatschappelijke discussie over genetische modificatie zodat een zo breed mogelijk draagvlak voor besluiten wordt gekregen.
Verslag van de dialogen over duurzame landbouw in 2006
Brasser, E.A. ; Kerkhof, M.F. ; Groot, A.M.E. ; Bos-Gorter, L. ; Borgstein, M.H. ; Leneman, H. - \ 2007
Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-werkdocument 66) - 130
landbouw - duurzaamheid (sustainability) - nederland - discussiegroepen - akkerbouw - tuinbouw - veehouderij - duurzame landbouw - discussie - agriculture - sustainability - netherlands - discussion groups - arable farming - horticulture - livestock farming - sustainable agriculture - discussion
In opdracht van de WOT Natuur & Milieu zijn in 2006 in totaal zeven dialogen georganiseerd door LEI, WING (Wageningen UR) en het Instituut voor Milieuvraagstukken IVM, Amsterdam. Dialogen zijn gehouden in zes sectoren: de varkens-, melkvee- en pluimveehouderij, de glastuinbouw, de akkerbouw en de opengrondsteelten. Daarnaast is een afsluitende, zevende, dialoog georganiseerd over thema’s gebaseerd op de uitkomsten van de voorafgaande zes sectordialogen. Dit werkdocument bevat het basismateriaal uit de dialogen
Dialogen over verduurzaming van de Nederlandse landbouw : ambities en aanbevelingen vanuit de sector
Borgstein, M.H. ; Leneman, H. ; Bos-Gorter, L. ; Brasser, E.A. ; Groot, A.M.E. ; Kerkhof, M. van de - \ 2007
Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-rapport 44) - 70
landbouwontwikkeling - duurzaamheid (sustainability) - participatief management - monitoring - nederland - duurzame landbouw - discussie - agricultural development - sustainability - participative management - netherlands - sustainable agriculture - discussion
Als onderdeel van de monitoring van de ontwikkeling naar een meer duurzame landbouw, zijn in 2006 zeven dialogen gehouden. Deelnemers aan deze dialogen zijn op zoek gegaan naar de ambities voor een duurzame landbouw. Het maatschappelijk draagvlak bleek een vaak genoemde ambitie, net zoals het beperken van de belasting voor het milieu. Ook ambities over continuïteit, innovatie en kwaliteit van het landschap zijn naar voren gekomen. De deelnemers hebben voor de verschillende ambities aangegeven in hoeverre deze al zijn gerealiseerd. Men blijkt het minst tevreden te zijn over de profitkant. De planet-kant scoort beter en de vorderingen op het gebied van people-ambities zijn met een voldoende tot goed beoordeeld. De dialogen hebben een aantal aanbevelingen opgeleverd om de ambities te realiseren. Het onderwijs zou een rol kunnen vervullen in innovatie en het verbeteren van het imago van de landbouwsector. Het Ministerie van LNV zou ondernemerschap en werkgeverschap moeten stimuleren en zorgen voor bedrijfseconomisch gunstige randvoorwaarden. De landbouwsector zelf moet samenwerking opzoeken en de productieprocessen waar mogelijk aanpassen aan de duurzaamheidprincipes. Trefwoorden: ambities, dialogen, duurzame landbouw, participatieve monitoring, people, planet, profit
Arsenic analysis in produced formation water (PFW) from Chinguetti FPSO in Mauritania
Korytar, P. ; Galiën, W. van der - \ 2006
IJmuiden : IMARES (Report / IMARES C058/06) - 5
arsenicum - testen - formatie - water - bemonsteren - observatie - discussie - arsenic - testing - formation - sampling - observation - discussion
Woodside Mauritania has commissioned IMARES to organize testing of produced formation water (PFW) from Chinguetti FPSO in Mauritania for arsenic (As (III) and As (V)). This report provides the results of the testing, observations made during the sampling and discussion of the results.
Deze kant op, nieuwe dialogen tussen Schildpad en Haas
Roncken, P.A. - \ 2006
In: Te Koop en andere ideeën over de inrichting van Nederland / Aarts, M.N.C., During, R., van der Jagt, P.D., Wageningen : WUR - ISBN 9032703501 - p. 209 - 215.
regionale planning - discussie - regional planning - discussion
Een bijdrage van landschapsarchitect Paul Roncken; in de vorm van een dialoog tussen Schildpad en Haas. De inhoud betreft een gewenste ontwikkeling in het denken over de inrichting van Nederland
Gewijzigd plan F-project werkplan voor jaar 4 en 5
Quirijns, F.J. ; Keeken, O.A. van; Densen, W.L.T. van; Pastoors, M.A. ; Rijnsdorp, A.D. - \ 2005
IJmuiden : RIVO (Rapport / Nederlands Instituut voor Visserij Onderzoek (RIVO) C066/05) - 25
visbestand - onderzoeksprojecten - proefprojecten - discussie - beleidsstukken - fishery resources - research projects - pilot projects - discussion - policy papers
Oorspronkelijk zou het F-project lopen van 1 maart 2002 tot en met 1 maart 2006. Aangezien de budgetten na driekwart van het project nog niet tot 75% waren uitgeput, is in overweging genomen om het project met een jaar te verlengen, binnen het gestelde budget. Dit document is gebruikt als discussiestuk bij het besluiten tot het wel of niet verlengen van het project met een extra jaar. Tevens dient het stuk als werkplan voor het 4e en 5e jaar van het F-project.
Dialoog uit verlangen : de werking van het dorpsplan in de communicatie tussen gemeentes en dorpsbelangenorganisaties
Elings, C.F. - \ 2004
Wageningen : Wageningen UR, Wetenschapswinkel (Rapport / Wetenschapswinkel Wageningen UR 202) - ISBN 9067548146 - 74
dorpen - plattelandsgemeenschappen - gemeenschapsontwikkeling - maatschappelijke betrokkenheid - belangengroepen - plaatselijk bestuur - communicatie - nederland - discussie - gelderland - villages - rural communities - community development - community involvement - interest groups - local government - communication - netherlands - discussion
'Twee jaar na Wijffels' : verslag discussiebijeenkomst 17 juni 2003
Anonymous, - \ 2003
Lelystad : Animal Sciences Group (Rapport / Koeien & Kansen 18) - 8 p.
melkveehouderij - melkveebedrijven - verandering - overgangslandbouw - agrarische bedrijfsvoering - ondernemerschap - zuivelindustrie - overheidsbeleid - duurzame landbouw - maatschappelijk verantwoord ondernemen - discussie - dairy farming - dairy farms - change - transitional farming - farm management - entrepreneurship - dairy industry - government policy - sustainable agriculture - corporate social responsibility - discussion
‘Aan de slag met transitie melkveehouderij’ was een discussiedag voor alle partijen uit de melkveehouderijketen. Koeien & Kansen organiseerde deze dag samen met vertegenwoordigers van LNV, LTO, NZO en DLO op 17 juni 2003 in Driebergen. Hoofddoel van de dag was concrete bouwstenen aan te dragen voor (onderzoeks)projecten gericht op het versterken van een duurzame melkveehouderij in Nederland. Daartoe discussieerden ca. 100 vertegenwoordigers uit diverse schakels van de zuivelketen over de toekomst van de sector. Er werd gezocht naar een gedeelde visie op de overgang (transitie) naar een duurzame melkveehouderijketen
Zal en mag de landbouw uit Nederland verdwijnen?: forum
Vereijken, P.H. - \ 2003
Landschap : tijdschrift voor landschapsecologie en milieukunde 20 (2003)4. - ISSN 0169-6300 - p. 206 - 214.
landbouw - plattelandsontwikkeling - landbouwsector - toekomst - discussie - agriculture - agricultural sector - rural development - future - discussion
De landbouw zal verdwijnen door een versnelde overgang naar een niet-agrarische plattelandseconomie. Zowel aangedreven door binnenlandse concurrentie om arbeid en grond, als ook versneld door toenemende agrarische concurrentie vanuit het buitenland. De overheid dient een sturende rol te gaan vervullen. Aldus de stellingname vanuit PRI (Wageningen UR)
Discourse of support: Exploring Online Discussions on Depression
Lamerichs, J.M.W.J. - \ 2003
Wageningen University. Promotor(en): Cees van Woerkum, co-promotor(en): Hedwig te Molder. - [S.I.] : S.n. - ISBN 9058087751 - 240
discussiegroepen - depressie - psychologie - communicatie - menselijke relaties - sociale interactie - groepsinteractie - zelfhulp - zelfzorg - internet - discussie - discussion groups - self help - self care - communication - depression - human relations - social interaction - group interaction - psychology - discussion

This study aims to explore the everyday talk of people who take part in an online support group on depression. Although the popularity of online support groups has increased over the years, illustrated by a growing number of people -both patients and family members-, who turn to the Internet to join these groups, little is known about their daily practices. This study aims to explore these conversational practices based on a detailed examination of participants' talk within such groups.

The conversational materials that are collected are analysed with the help of discursive psychology, a perspective developed by the British social psychologists Edwards, Potter and Wetherell. The view on language that is favoured within this approach can best be illustrated by considering its three main concepts: construction, action and non-cognition.

With the notion of construction, discursive psychology puts forward the view that through language people construct different versions of reality. It is pointed out how these versions are themselves also rhetorically designed. The view that language is oriented towards action draws attention to the fact that people do things with language rather than merely describing the world as it is. This view runs counter to the perspective that language is an abstract system of reference that describes how things essentially are. Discursive psychology considers language an instrument in the hands of participants, which enables them to accomplish different kinds of interactional functions, e.g., blaming, complementing or inviting someone, taking responsibility or presenting a particular state of affairs as factual.

The view that language is oriented towards social action implies a non-cognitive view on reality. That is to say, cognitively inspired notions like hoping, wanting but also emotion words like anger or jealousy are not taken as expressions of particular states of mind or feelings, nor are they considered as explanatory concepts per se. Rather, discursive psychology considers them a topic of study and examines the ways in which these concepts are employed by participants to fulfil different kinds of interactional goals. To give an example, a study of marriage counselling sessions by Edwards has shown how the husband and wife define jealousy both as an enduring character trait, as well as a warranted reaction to flirtatious behaviour of the other. The study shows how offering these descriptions enables the couple to manage issues of responsibility and blame for their marital problems.

The theoretical concepts that typify a discursive psychological approach are closely related to the way the conversational materials are collected and analysed (see Chapter 3). Starting point for the analysis is to consider how participants themselves take up a particular utterance. This point of view, also described as the next-turn proof procedure, argues that participants themselves determine whether a particular utterance counts as an accusation or a description, rather than any informed guesses made by the researcher. Apart from this validation procedure, there are a number of other principles that discursive psychology considers helpful in analysing the data that are collected. First, there is the variation in descriptions that offers a starting point to examine the discursive work that particular utterances accomplish. A second principle is the rhetorical organisation of talk that draws attention to the fact that every description is designed in such a way so as to counter an alternative description. A third analytical lever that can be helpful is the so-called accountability feature which illustrates participants' orientation to the normative accountability of their behaviour, thereby pointing to the discursive business that is locally accomplished.

To further contribute to the quality and validity of the analysis, discursive psychology attempts to integrate the findings with existing studies and presents the integral materials to the reader, who is thereby in a position to judge the interpretations made by the researcher.

At the centre of attention in this study is an online support group for people with depression. For quite some time, communication via computers has been studied from the perspective of Reduced Social Cues, as developed by Sproull and Kiesler. The findings that were reached within this tradition have been influential in that they have described this type of communication predominantly as anti-normative and leading to polarised and extreme outcomes. Recent theoretical models like the SIDE model, developed by Spears and Lea, and the SIP perspective, developed by Walther, have countered this largely negative view by propagating that normative influence can very well be transmitted in online environments, depending on whether a social or personal identity is salient. Although both models do not consider medium characteristics to determine the process of communication nor its outcomes, they do provide a rather mechanistic view of the communication process, and of the way in which people construct identities. This is partly caused by the fact that these studies are based on experiments.

Other studies, predominantly from a sociological or ethnographic point of view, have redirected their focus of attention to the diverging ways in which people actually use the different options this medium offers. However, these types of research have not taken into account the everyday talk of people who interact online, which is an area of attention that is also overlooked in studies which focus on online support groups in particular.

The current image of computer mediated communication processes is therefore still to a large extent determined by the assumptions put forward by the Reduced Social Cues perspective. Communication via the Internet is in this view taken to be largely unproblematic and straightforward, because it is argued that the interaction is not hindered by so-called status effects, e.g., the alleged influence of factors like age or gender in face-to-face conversations. Online interaction is also typified as transient, because any tangible effects of the communication process are lacking: there are only messages that appear and disappear on a computer screen. Also with regard to interaction in online support groups, an image is put forward of a straightforward and easy exchange of experiences and advice among those who are 'like-minded'.

Against the backdrop of this research, this study attempts to undertake a detailed exploration of participants' everyday talk in an online support group on depression. The conversational materials that are collected are the contributions written to this support group during a period of two years. A first gloss of the data has resulted in the identification of three broad areas of attention, which are explored in greater detail in chapters 4, 5 and 6 (see for a detailed overview of how these areas have been identified, Chapter 3).

This study focuses on the way people describe themselves and their illness, and the kinds of interactional functions that are accomplished in doing so. In particular, this study aims to examine how participants:

introduce themselves in this group by attributing particular identity categories to themselves and other people;interactionally manage to ask for support and provide 'support' to others;interactionally manage to request advice and offer 'advice' to others.

Chapter 4 shows how participants present themselves when they visit this support group for the first time. Exploring these first fragments demonstrates how people do not start addressing their feelings and problems in relation to depression straightaway. Remarkably, participants begin their messages by providing extensive explanations of how their depression has come about.

The chapter demonstrates how these explanations, which are most of the time presented as external from the speaker, enable participants to explain for their depression on the basis of objective and factual causes. In this way, participants resist the claim that their depression is an illness that merely resides in peoples' heads, on the basis of which it could be considered an imaginary disease. It also works to show their ability to take into account the reasons behind their depression, which enables them to stress their personal competence.

Maintaining a sense of personal competence is also an important concern when participants present themselves vis-à-vis other participants in this group. By presenting themselves as being positively different form others (e.g., 'sensitive', or 'intellectually demanding') participants are able to address their depression, without suffering a lack of personal competence. Also when they address their depression while emphasising that they have continuously tried to improve their situation, participants are offered an opportunity to portray themselves as depressed but competent. In this way, participants are able to address their illness, while countering the impression that depression can easily be overcome if the person who is depressed is willing to do something about it.

Chapter 5 describes how participants show a pervasive concern with accounting for their request for help. Contrary to what one might expect, talking about one's feelings and asking for help in a support group for peers is far from straightforward. This chapter demonstrates a number of discursive 'strategies' that participants employ and which illustrate their awareness as to whether their request for support is appropriate.

It was shown how participants may describe their depression as a result of emotions, which operate autonomously from themselves. Participants may also describe their request for support as an expression of honest feelings, which is as such, hard to refute. Two other discursive resources that participants may draw on is to describe their problems in relation to the troubles other participants are having and attend to the consequences of posting their down feelings for the well-being of the group. This chapter thus shows how calls for help are not automatically considered 'appropriate' in this support group.

Remarkably, this chapter simultaneously demonstrates that participants present talking about their feelings of depression as a moral obligation. As such, participants find another discursive 'strategy' to account for their call for help.

Chapter 5 shows that what counts as a 'norm' is not clearly defined, nor can its meaning be determined at the outset. On the contrary, what counts as an 'appropriate' request for support is subject to continuous negotiation. The chapter also illustrates how participants refer to normative expectations that ostensibly contradict each other , and also, how they render different normative expectations applicable in different situations. Thus, we have seen how participants attend to their call for support as something to account for, while at the same time defining talking about your feelings of depression as a moral obligation.

Chapter 6 draws attention to the ways in which participants interactionally manage to ask for advice and provide advice to others. It was shown how advice was given by defining it as a 'technical matter', which made available the suggestion that offering advice is an uncomplicated matter. At the same time however, we see that participants in this group collectively define 'advice' as a general category, as inappropriate. The fragments that are presented in this chapter show how participants reject advice, since it makes inferentially available that they are depending on others to offer advice to them. In those instances, participants resist this claim by presenting their contribution as merely 'venting' or 'unloading', which can happen relatively autonomously from others.

This chapter also demonstrates how personal experience in this group does not automatically count as a relevant basis to provide advice. Interestingly, when we consider that we are dealing with a group for peers where we may expect sharing experiences to be an important aspect that constitutes such a group, what we see is that participants continuously emphasise their individually different circumstances as a discursive 'strategy' to reject advice.

Chapter 7 provides an overview of the findings and formulates recommendations for practice and future research. An important conclusion this study draws is that next to providing and asking for support and advice, this support group offers participants the possibility to construct 'adequate' and 'appropriate' identities, by offering descriptions of who they are and how their depression has come about. The latter may serve as a better illustration of the possible value this group holds for its participants than the mere fact that this group provides an opportunity to exchange advice and support.

Another important issue this study demonstrates is that presenting oneself as depressed but competent poses an important concern for participants, and it has shown the different ways in which participants orient to this concern. One of the ways in which participants portray themselves as competent is by offering extensive explanations of how their depression has come about. This offers insight in the possible themes of conversation that participants of these groups consider relevant.

Future research may draw attention to whether the kinds of concerns that are demonstrated to be important for participants in this support group, e.g., constructing 'adequate' and 'appropriate' identities, might also prove to be important for participants who take part in other support groups.

This chapter also formulates the recommendation that user-centred research offers an important contribution in exploring the possibilities of this new medium. The added value of this type of research can be further illustrated when we compare it with the kinds of studies that consider media characteristics such as anonymity to determine the type of communication and its outcomes, without considering the ways in which the medium is put to use by its users. The chapter thus states that paying attention to participants' actual uses of the medium is an important route for future research.

Confituren en zwarte roest
Zadoks, J.C. - \ 2001
Gewasbescherming 32 (2001)6. - ISSN 0166-6495 - p. 157 - 157.
hexaploïdie - triticum aestivum - tarwe - waardplanten - berberis - geschiedenis - vectoren, ziekten - plantenziekteverwekkende schimmels - gewasbescherming - vectorbestrijding - destructie - discussie - hexaploidy - wheat - host plants - hosts of plant pests - disease vectors - plant protection - vector control - destruction - history - discussion
De berberis als waardplant van zwarte roest in tarwe. Het ruimen van deze waardplant in de 17e eeuw leidde tot een discussie tussen boeren, wetenschappers en de adel
Check title to add to marked list

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.