Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 30

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==insect attractants
Check title to add to marked list
Push-pull strategie kan helpen bij bestrijden kieskeurige rouwmuggen
Kruidhof, Marjolein ; Vijverberg, Ruben - \ 2016
plant protection - pest control - animal behaviour - insect attractants - experimental design - culicidae - greenhouse horticulture
Lokkende werking feromoon vooral bij aanwezigheid van plantengeur : feromoonval beschikbaar voor opsporen behaarde wants
Tol, R.W.H.M. van; Hennekam, M. ; Yang, Daowei - \ 2015
Onder Glas 12 (2015)12. - p. 50 - 51.
tuinbouw - glastuinbouw - gewasbescherming - biologische bestrijding - feromoonvallen - insectenlokstoffen - geurstoffen - hemiptera - afwijkingen, planten - landbouwkundig onderzoek - plantgezondheid - groenten - snijbloemen - aubergines - cucumis - chrysanthemum - horticulture - greenhouse horticulture - plant protection - biological control - pheromone traps - insect attractants - odours - plant disorders - agricultural research - plant health - vegetables - cut flowers
Plaagwantsen zoals behaarde wants en brandnetelwants vormen in teelten als aubergine, komkommer en chrysant een serieus probleem. Ze geven al in kleine aantallen flinke schade: bloemabortie in aubergine, stengel- en vruchtschade in komkommer en splitkoppen in chrysant. Zodra telers wantsen of wantsenschade signaleren zien ze zich al snel genoodzaakt in te grijpen met middelen die schadelijk zijn voor aanwezige biologische bestrijders tegen andere plagen; het begin van het einde van hun biologie.
Push-pull tactics to disrupt the host-seeking behaviour of malaria mosquitoes
Menger, D.J. - \ 2015
University. Promotor(en): Willem Takken; Joop van Loon. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462576070 - 173
culicidae - anopheles - vectoren, ziekten - malaria - gedrag bij zoeken van een gastheer - insectenlokstoffen - insectenafweermiddelen - insectenvallen - vectorbestrijding - disease vectors - host-seeking behaviour - insect attractants - insect repellents - insect traps - vector control

Malaria remains a major health burden, especially in sub-Saharan Africa. The efficacy of the main vector control tools, insecticide-treated bed nets (ITNs) and indoor residual spraying (IRS), is compromised by the development of physiological and behavioural resistance in the target mosquito species and by changes in the species composition of vector populations. These developments underline the need to develop novel vector control approaches which are complementary to insecticide-based methods. In this thesis, the potential of push-pull tactics as a tool to reduce malaria transmission is explored. It is described how the push-pull concept, originally designed for agricultural pest control, may be translated in a system that targets Anopheles mosquitoes. Several novel repellents are identified in the laboratory and a prototype push-pull system is tested in a semi-field setup. The system is improved and evaluated in a malaria endemic field setting and the push-pull approach is compared and combined with the existing practise of eave screening. Based on the experimental results it is concluded that (1) it is possible to reduce house entry of malaria and other mosquitoes using (spatial) repellents and/or attractant-baited traps; (2) the effect of repellents on house entry is larger and more consistent than the effect of attractant-baited traps; (3) the main function of the attractant-baited traps is to deplete mosquito populations through removal trapping; (4) the attractive and repellent components of the push-pull system complement each other and there is no or very little interaction between them; (5) a push-pull system based on repellent and attractive volatiles can be expected to reduce malaria transmission through a strong decrease of the entomological inoculation rate; (6) eave screening is a highly efficient method to reduce house entry of malaria and other mosquitoes and increases outdoor trap catches, while there is little added value in impregnating screening material with a repellent. In the last chapter, the issue of selection for insensitivity to the used compounds is discussed, as well as methods how to manage it. Furthermore, it is described how the principles of behavioural disruption on which push-pull tactics are based make the technique potentially suitable to target a wider selection of arthropod vectors of disease than malaria mosquitoes alone. It is concluded that future vector control strategies will probably consist of the integration of many different approaches, of which push-pull tactics may be one. By integrating different approaches, it will be possible mitigate the development of resistance while targeting vectors in different life stages, uncompromised by changing behavioural patterns and changes in the composition of vector populations. This would require an integrated view on vector control, knowledge on the ecology of vectors and the political will to invest in programmes that focus on long term sustainable control.

Innovatie van insectenvallen
Tol, R.W.H.M. van - \ 2015
biologische bestrijding - gewasbescherming - innovaties - insectenvallen - insectenlokstoffen - insectenbestrijding - trechtervallen - kleefvallen - insectenplagen - conferenties - biological control - plant protection - innovations - insect traps - insect attractants - insect control - funnel traps - sticky traps - insect pests - conferences
De meeste valsystemen om insecten waar te nemen zijn nog steeds gebaseerd op lijmplaten of trechtervallen (water/zeep) waar de insecten aan kleven of in verdrinken. De vangefficiëntie van deze systemen blijkt zeer laag (10-15%). In de natuur doen planten het veel slimmer (o.a. carnivore planten). Het begrijpen hoe de natuur insecten vangt en deze concepten benutten voor het verbeteren van waarnemingsvallen en benutten voor mass-trapping van insecten is nog nauwelijks benut. Poster van PlantgezondheidEvent 12 maart 2015.
Odour-based strategies for surveillance and behavioural disruption of host-seeking malaria and other mosquitoes
Mweresa, C.K. - \ 2014
University. Promotor(en): Willem Takken; Marcel Dicke; W.R. Mukabana; Joop van Loon. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789461739247 - 277 p.
anopheles gambiae - anopheles funestus - anopheles - culicidae - semiochemicals - insectenlokstoffen - lokstoffen - synthetische materialen - geurstoffen - malaria - gedrag bij zoeken van een gastheer - insect attractants - attractants - synthetic materials - odours - host-seeking behaviour
Inventarisatie lokstoffen : huidige en toekomstige trends in beheersing van plaaginsecten met signaalstoffen in combinatie met insecticiden t.b.v. de vollegrondsgroenteteelt
Rozen, K. van; Kogel, W.J. de - \ 2011
Wageningen : PPO - 14
plantenplagen - vollegrondsteelt - insectenplagen - plagen veroorzaakt door geleedpotigen - insectenlokstoffen - insecticiden - plantenziektebestrijding - landbouwkundig onderzoek - nederland - plant pests - outdoor cropping - insect pests - arthropod pests - insect attractants - insecticides - plant disease control - agricultural research - netherlands
De effectiviteit van gewasbeschermingsmiddelen is sterk afhankelijk van de mate waarin het middel in contact komt met het insect (de raakkans). Insecten hebben de mogelijkheid om zich te verstoppen. Met lokstoffen zouden insecten uit hun verstopplek kunnen komen waarna ze beter geraakt kunnen worden. Internationaal zijn voorbeelden bekend waarbij lokmiddelen met bestrijdingsmiddel toegepast worden, o.a. tegen rupsen en als bait of als gel. Lokken/verstoren en daarna spuiten is een strategie die voor zover bekend nog weinig wordt toegepast. Wel zijn er veel lokstoffen van insecten op de markt. Onbekend is nu welke toepassingen er al zijn, in ontwikkeling zijn, of kansrijk ontwikkeld kunnen worden in de vollegrondsgroenteteelt. In dit verslag resultaten van onderzoek waarin een overzicht van de huidige stand van zaken en potentiële mogelijkheden van het gebruik van lokstoffen om insecten uit het gewas te lokken (om vervolgens gericht te bestrijden met een insecticide). Daarbij worden de volgende vragen beantwoord: o Welke lokstoffen zijn in gebruik (insecten – gewas)? o Welke lokstoffen zijn in ontwikkeling? o Hoe worden ze toegepast? o Wat is het effect / meerwaarde van de lokstof? o Wat zijn de voor% en nadelen van het gebruik van lokstoffen?
Ontwikkeling signalering / vangsysteem voor schadelijke wantsen met lokstoffen en lokplanten": Onderzoek aan geurstoffen en lokplanten in laboratorium, veld en kassen
Meijer, R.J.M. ; Tol, R. van der; Linden, A. van der; Klapwijk, J. ; Hoogerbrugge, H. - \ 2011
Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapporten GTB 1083) - 42
kasgewassen - insectenplagen - miridae - gewasmonitoring - insectenlokstoffen - geurstoffen - schade - proeven - vangmethoden - bestrijdingsmethoden - nederland - greenhouse crops - insect pests - crop monitoring - insect attractants - odours - damage - trials - trapping - control methods - netherlands
Referaat Behaarde wants, Lygus rugulipennis, en brandnetelwants, Liocoris tripustulatis, staan bekend als plagen in uiteenlopende kasgewassen waaronder paprika, komkommer, aubergine, chrysant. In het laboratorium is bepaald welke geurstoffen mogelijk bruikbaar zouden zijn om deze wantsen te monitoren met behulp van een val in combinatie met een geurstof. Tevens is een lijst van planten opgesteld, die aantrekkelijk zijn voor deze wantsen. Uit een keuzeproef met 16 plantensoorten in een kas bleek dat behaarde wants een voorkeur heeft voor kattenstaartamarant, zonnebloem, aardappel en tuinmelde boven de eerder genoemde gewassen. In een kasproef met 2000 m2 paprika werden zowel behaarde wantsen als brandnetel wantsen losgelaten gedurende 12 weken. Zowel deltavallen, als witte en blauwe signaalplaten werden opgehangen in combinatie met verschillende geurstoffen. Geen van deze combinaties van vallen en geurstoffen resulteerde in grote vangsten van de wantsen. Hoewel duizenden gekweekte wantsen werden losgelaten, trad geen schade op in het gewas.Na het loslaten vlogen wantsen niet naar het glas maar waren uren na het loslaten terug te vinden in de planten bij de loslaatpunten. Na een week waren nog enkele exemplaren op het loslaat punt aanwezig, maar in het gewas waren ze moeilijk te vinden. In de praktijk werden zowel behaarde wantsen als brandnetelwantsen verzameld in gewassen (paprika, aubergine, komkommer, gerbera) waarin schade optrad. Deze wantsen gaven op een jonge paprikaplant in een kooi geen schade. Het blijkt dat het optreden van wantsen en het al dan niet optreden van schade vragen oproept. Uit een vervolgstudie zou moeten blijken onder welke voorwaarden schade optreedt en wanneer niet. Abstract The tarnished plant bug, Lygus ruulipennis, and the coomon nettle capsid, Liocoris tripustulatis, are pests in a variety of crops in greenhouses, including sweet pepper, cucumber, eggplant and chrysantemum. Odours which were possibly attractive to the bugs were established in the laboratory.The aim was to find pheromones, which can be used in combination with a trap for monitoring the bugs.Further a list was composed of plants which are attractive for the bugs.From a choice test with 16 plant species it appeared that the tarnished plant bug us attrackted more to Amaranthus caudatus, Helianthus annuus, Sollanum tuburosum and Atriplex hortensis than to the greenhouse crops. In a greenhouse trial planted with 2000 m2 sweet pepper both tarnished plant bugs and common nettle capsids were introduced during a period of 12 weeks. Delta traps were installed and also white or blue sticky traps in combination with several lures. None of these combinations of traps and lures resulted in large catches of bugs. Although thousands of bugs were released, no symptoms were noticed in the crop. The bugs did not fly to the top of the grennhouse when they were released, but were presemt pn the plants near the releasing point for several hours. After a week some specimens were still present on the releasing point, but they were difficult to find in the crop. In commercial greenhouses both tarnished plant bugs and common nettle bugs were sampled in sweet pepper, egg plant, cucumber and gerbera were symptoms were present. These bugs did not cause any symptoms on a young sweet pepper plant in a cage. It is obvious that the occurrence of bugs and the showing or not-showing of symptoms raises questions. Further studies are necessary in order to reveal the conditions is which symptoms will occur or not.
Keverval en lokstoffen vangen snuitkevers, Thema: Innovaties duurzame gewasbescherming BO-12.03-003.02-011
Tol, R.W.H.M. van; Bruck, D. ; Kogel, W.J. de - \ 2011
curculionidae - otiorhynchus sulcatus - insectenlokstoffen - insectenvallen - gewasbescherming - insect attractants - insect traps - plant protection
Poster met onderzoeksinformatie. In dit project wordt een waarnemingshulpmiddel voor taxuskevers op basis van geurstoffen en vallen ontwikkeld.
Identificatie en ontwikkeling seksferomoon witte-vlieg : ontwikkeling nieuw hulpmiddel bij plaagbeheersing
Tol, R.W.H.M. van - \ 2009
Wageningen : Wageningen UR, Plant Research International - 27
trialeurodes vaporariorum - bemisia tabaci - insectenlokstoffen - sexferomonen - tomaten - solanum lycopersicum - glastuinbouw - plantenplagen - plagenbestrijding - vruchtgroenten - insect attractants - sex pheromones - tomatoes - greenhouse horticulture - plant pests - pest control - fruit vegetables
Onderzoek naar de lokstoffen van witte-vlieg heeft geresulteerd in een lijst van stoffen van plantaardige oorsprong en meerdere witte-vlieg specifieke stoffen die mogelijk een rol spelen bij het zoeken naar waardplanten en soortgenoten (seksferomonen). De invloed van deze stoffen op het gedrag van witte-vlieg is nog onbekend. Voor zowel de kas witte-vlieg (Trialeurodes vaporariorum) als de tabaks witte-vlieg (Bemisia tabaci) is headspace (het geurbouquet) ingevangen met drie verschillende media/methoden (SuperQ, Tenax, SPME) en een methode van directe extractie in hexaan. Zowel de headspace van witte-vlieg (mannetjes en vrouwtjes samen en apart) zonder plant als witte-vlieg op tomaat en aubergine zijn ingevangen. Voor de kas witte-vlieg (Trialeurodes vaporariorum) is een uitgebreide analyse van tomaat met/zonder witte-vlieg uitgevoerd. Voor aubergine is deze vanwege de aanzienlijke hoeveelheid arbeid en diverse complicaties (technieken/invangen/verontreinigingen) niet doorgevoerd. De verzamelde aubergine headspace is wel bewaard voor mogelijk toekomstige analyse. Er zijn 7 stoffen gevonden in de headspace van tomaat waarop mannetjes en vrouwtjes van deze soort samen zitten die niet voorkomen op tomaat zonder witte-vlieg. Van deze stoffen is er 1 stof alleen gevonden in de headspace met tomaat en alleen vrouwtjes en 1 stof in de headspace van tomaat met alleen mannetjes. Tomaat geïnfecteerd met witte-vlieg leidt tot verhoging en/of specifieke afgifte van 7 plantenstoffen. Analyse van headspace van de kas wittevlieg zonder tomaat in vergelijk tot headspace met tomaat laat een vergelijkbaar beeld van witte-vlieg specifieke stoffen zien naast een groot aantal andere stoffen die niet of niet aantoonbaar gevonden worden via headspace plant+insect. Extract van mannetjes en vrouwtjes van kas witte-vlieg levert na filtering (om grote hoeveelheid niet-vluchtige stoffen te verwijderen) vrijwel niets op. Herhaling van de extractie en afpipetteren van de bovenlaag van het extract na bezinking i.p.v. filtering leverde een beperkte verbetering van het resultaat op. Er worden hierbij een twintigtal stoffen gevonden bij zowel mannetjes als vrouwtjes. De identificatie van de kleine pieken was door de geringe opbrengst niet mogelijk. Hoewel niet verschillend kunnen één of meer van deze stoffen wel een rol spelen als feromoon. Dat kan echter alleen door gedragsproeven worden bepaald.
Onderzoek naar lokstoffen en lokplanten voor wantsen : signaleren en bestrijden van plaagwantsen
Tol, R.W.H.M. van - \ 2009
Onder Glas 6 (2009)1. - p. 71 - 71.
tuinbouw - teelt onder bescherming - hemiptera - insectenplagen - insectenlokstoffen - onderzoek - bestrijdingsmethoden - biologische productie - glastuinbouw - glasgroenten - groenten - horticulture - protected cultivation - insect pests - insect attractants - research - control methods - biological production - greenhouse horticulture - greenhouse vegetables - vegetables
Wantsen zijn lastig te bestrijden en verstoren de geïntegreerde en biologische teelt steeds vaker. Tijdige waarneming kan al veel ellende voorkomen. Onderzoekers van Wageningen UR gaan samen met een leverancier lokplanten en lokstoffen ontwikkelen voor zowel waarnemen als bestrijden. In dit artikel een overzicht van het plan van aanpak
Onderzoek bestrijding snuitkevers vordert gestaag
Tol, R.W.H.M. van - \ 2009
De Boomkwekerij 7 (2009)13 februari 2009. - ISSN 0923-2443 - p. 10 - 11.
boomkwekerijen - otiorhynchus - insectenlokstoffen - lokstoffen - insecticiden - insectenbestrijding - forest nurseries - insect attractants - attractants - insecticides - insect control
Steeds vaker wordt melding gemaakt van aan taxuskever verwante snuitkevers die zich in Nederland vestigen. Hierdoor kan een breder sortiment planten worden aangetast en kost de waarneming en bestrijding de kwekers minder tijd. Daarbij komt dat er weinig beschikbare bestrijdingsmiddelen zijn. PRI werkt daarom sinds 2002 aan de ontwikkeling van een lokstof om de kevers waar te nemen en te bestrijden
Grote vraag naar lokstof Tuta absoluta
Griepink, F.C. - \ 2009
Kennis Online 6 (2009)okt. - p. 3 - 3.
tomaten - solanum - plantenplagen - insectenplagen - insectenlokstoffen - gewasbescherming - glastuinbouw - tomatoes - plant pests - insect pests - insect attractants - plant protection - greenhouse horticulture
Pherobank van Wageningen UR draait overuren door de Tuta absoluta. De mot die in het Middellandse Zeegebied een sterk groeiend probleem is in de tomatenteelt, werd dit jaar voor het eerst ook in Nederland gevonden. Pherobank levert lokstoffen die in Spanje en andere landen worden gebruikt om de mot te bestrijden
Trapping males of the rosy apple aphid Dysaphis plantaginea
Helsen, H.H.M. ; Tol, R.W.H.M. van; Griepink, F.C. ; Kogel, W.J. de - \ 2009
vallen met lokaas - dysaphis plantaginea - mannetjes - vallen - insectenlokstoffen - appels - boomvruchten - bait traps - males - traps - insect attractants - apples - tree fruits
Poster about trapping males of the Rosy apple aphid Dysaphis plantaginea (RAA), an important pest of apple. It is a host alternating species that uses plantain (Plantago spp.) as a summer host.
An array of responses to insect feeding in Brassica
Broekgaarden, C. - \ 2009
Gewasbescherming 40 (2009)2. - ISSN 0166-6495 - p. 67 - 70.
dissertaties - koolsoorten - groenteteelt - brassica - insectenplagen - natuurlijke vijanden - insectenlokstoffen - verdedigingsmechanismen - vollegrondsgroenten - theses - cabbages - vegetable growing - insect pests - natural enemies - insect attractants - defence mechanisms - field vegetables
De resultaten in dit proefschrift laten zien dat intra- en interspecifieke variatie tussen Brassicaplanten een sterk effect hebben op de groei van plantenetende insecten en op de transcriptiereacties van de plant na aanval door insecten, zowel in de kas als in het veld. Het combineren van onderzoek naar transcriptieprofielen van de plant en de groei van insecten, draagt bij aan het beter begrijpen van de interactie tussen Brassicaplanten en plantenetende insecten. Dit proefschrift vormt de basis voor het verder onderzoeken van directe verdedigingsmechanismen van witte kool
Tripslokstoffen als hulpmiddel voor tripsbeheersing
Tol, R.W.H.M. van; Bruin, A. de; Wiegers, G.L. ; Kogel, W.J. de - \ 2009
plagenbestrijding - thrips - vangmethoden - insectenlokstoffen - lokstoffen - glastuinbouw - vollegrondsteelt - pest control - trapping - insect attractants - attractants - greenhouse horticulture - outdoor cropping
Poster met resultaten uit onderzoek naar het ontwikkelen van een lokstofdispenser voor verbeterde tripswaarneming met vangplaten.
Met lure&kill-systeem vliegen motten vanzelf naar het insecticide
Kierkels, T. ; Griepink, F.C. - \ 2008
Onder Glas 5 (2008)3. - p. 68 - 69.
kassen - teelt onder bescherming - insecten - insecticiden - insectenlokstoffen - feromonen - natuurlijke vijanden - spodoptera exigua - insectenbestrijding - biologische bestrijding - wetgeving - gewasbescherming - glastuinbouw - Nederland - greenhouses - protected cultivation - insects - insecticides - insect attractants - pheromones - natural enemies - insect control - biological control - legislation - plant protection - greenhouse horticulture - Netherlands
Insecten worden zo sterk aangetrokken door feromonen - seksstoffen - dat je daar bij de bestrijding gebruik van kunt maken. Als het insect naar het insecticide toekomt, hoef je niet areaaldekkend te spuiten. Dat heeft veel voordelen. Plant Research International is al ver met de ontwikkeling van zo'n lure&kill systeem bij Floridamot en Duponchelia. Grootste struikelblok is de Nederlandse bestrijdingsmiddelenwet. In een pilotproject probeert PRI samen met een industriële partner alle hobbels te nemen en een middel naar de markt te brengen
Duponchelia trapt niet in elke val
Deventer, P. van - \ 2008
Groenten & Fruit week 07 (2008)15 februari 2008. - ISSN 0925-9708 - p. 22 - 23.
biologische bestrijding - larven - feromonen - insectenvallen - vangmethoden - insectenbestrijding - insectenlokstoffen - gewasbescherming - biological control - larvae - pheromones - insect traps - trapping - insect control - insect attractants - plant protection
Larven van de vlinder Duponchelia veroorzaken problemen bij de export van paprika naar de VS en Canada. Telers gebruiken inmiddels op grote schaal vallen met een seksferomoon van Duponchelia om dit moeilijk te bestrijden insect vroegtijdig op te sporen
Identificatie geurstoffen voor signalering en bestrijding appelbloesemkever
Helsen, H.H.M. ; Tol, R.W.H.M. van; Griepink, F.C. - \ 2008
gewasbescherming - plagenbestrijding - anthonomus pomorum - feromonen - geurstoffen - biologische bestrijding - insectenlokstoffen - plant protection - pest control - pheromones - odours - biological control - insect attractants
Appelbloesemkever is een plaag van appel waarvoor uitsluitend breedwerkende insecticiden beschikbaar zijn. In de biologische teelt is de plaag erkend als landbouwkundig knelpunt. Bij de nauw aan appelbloesemkever verwante katoensnuitkever worden feromonen gebruikt voor signalering en bestrijding. Van verschillende verwante snuitkeversoorten zijn inmiddels de feromonen bekend. Voor de appelbloesemkever is dat nog niet het geval. Onderzoek naar het feromoon en aantrekkelijke plantengeuren voor de appelbloesemkever is dus van belang
GNO's tegen insecten: signaalstoffen en toxines
Kogel, W.J. de; Tol, R.W.H.M. van; Griepink, F.C. ; Deventer, P. van; Schuurman, A.J. ; Wiegers, G.L. - \ 2008
insectenbestrijding - gewasbescherming - biologische bestrijding - biopesticiden - insectenlokstoffen - feromonen - toxinen - insect control - plant protection - biological control - microbial pesticides - insect attractants - pheromones - toxins
In diverse laboratoriumopstellingen is een screening gedaan om interessante stoffen (gewasbeschermingsmiddelen van natuurlijke oorsprong, GNO's) te vinden voor insectenbestrijding
Lokstof als welkome hulp bij plaagbeheersing onder glas
Neefjes, H. ; Tol, R.W.H.M. van; Teulon, D. ; Kogel, W.J. de - \ 2007
Vakblad voor de Bloemisterij 20 (2007) (2007). - ISSN 0042-2223 - p. 42 - 43.
lokstoffen - insectenlokstoffen - insectenvallen - plagenbestrijding - kassen - snijbloemen - sierplanten - glastuinbouw - attractants - insect attractants - insect traps - pest control - greenhouses - cut flowers - ornamental plants - greenhouse horticulture
Het gebruik van lokstoffen in de sierteelt neemt toe. Specifieke stoffen lokken insecten naar vangplaten of in vallen en dat kan scouten verbeteren. Soms kan zo'n lokstof in een andere toepassing van waarde zijn bij de bestrijding van insecten
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.