Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 76

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==marine mammals
Check title to add to marked list
Cumulative effects assessment: proof of concept marine mammals
Piet, Gerjan ; Boon, Arjen ; Jongbloed, Ruud ; Meulen, Myra van der; Tamis, Jacqueline ; Teal, Lorna ; Wal, Jan Tjalling van der - \ 2017
Den Helder : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research report C002/17) - 107
marine mammals - marine ecology - environmental impact - environmental assessment - ecological risk assessment - zeezoogdieren - mariene ecologie - milieueffect - milieutoets - ecologische risicoschatting
This development of the framework and approach for a Cumulative Effects Assessment (CEA) is based on a literature review. The literature identified some key challenges that need to be addressed for CEA to evolve into a consistent, appropriate tool to assist decision-making. These challenges included • A clear distinction of the receptor-led CEA from the dominating stressor-led Environmental Impact Assessment (EIA) approaches and • Enabling CEA to provide ecosystem-relevant information at an appropriate regional scale. Therefore this CEA is explicitly developed to be a receptor-led and fully integrated framework, i.e. involving multiple occurrences of multiple pressures (from single and/or different sources) on multiple receptors, as opposed to other existing approaches dealing with only a subset of those pressures or receptors, hence our use of the phrase iCEA for integrated CEA. As a proof of concept for this iCEA we selected one receptor, the ecosystem component marine mammals. The main conclusions of this exercise (see Chapter 6) are that the iCEA framework and approach presented in this study appear suitable to fulfil its main purpose and ultimately inform the policy process as described in the conception phase. However it should be acknowledged this is only the very first step in a process where through many iterations new information can be introduced and assessed (relative to existing information) based on the criteria provided resulting in an improved iCEA with increasing confidence levels. As more information becomes available the relative importance of impact chains and its corresponding information modules may change giving direction to new areas for research. For further development of this iCEA towards its intended applications we can distinguish between the first purpose, i.e. identification of the main impact chains contributing to the risk that a specific ecosystem component is impacted, which can be achieved with the approach presented here focussing on one specific ecosystem component and the second purpose, i.e. an evaluation of the performance of possible management strategies, which would require all ecosystem components to be included as would be required for ecosystem-based management. Thus to further the development and application of this iCEA towards its (two) purpose(s) the recommendation is to: • Include the available information presented in this report into the iCEA and develop the Bayesian Belief Network such that it can process this information and its associated confidence into an assessment that identifies the main impact chains for the marine mammals. • Extend the framework and approach to (all) the other ecosystem components so that a truly integrated CEA is possible. Note that this is likely to affect the identification of what should be considered the main pressures to guide management. • Improve the information modules that emerged from the evaluation as the most promising to increase the confidence in the outcome of the iCEA. Note that the previous two steps may result in a different prioritisation of the information modules as the importance of pressures and hence impact chains changes.
Cruiserapport scheepstellingen van zeevogels op het Friese Front en op de Bruine Bank, 2016
Geelhoed, S.C.V. ; Leopold, M.F. - \ 2017
Den Helder : Wageningen Marine Research (IMARES rapport C032/17) - 36
zeevogels - noordzee - monitoring - luchtkarteringen - zeezoogdieren - biodiversiteitsbepaling - natura 2000 - sea birds - north sea - aerial surveys - marine mammals - biodiversity assessment
Het Friese Front en de Bruine Bank zijn twee nieuwe Vogelrichtlijngebieden in de Noordzee. Het Friese Front is aangewezen voor de Zeekoet. De Bruine Bank wordt waarschijnlijk aangewezen voor Zeekoet en Alk. Om te bepalen of de instandhoudingsdoelstellingen voor deze soorten worden gehaald, moeten de aantallen van deze soorten gemonitord worden. Monitoring van zeevogels in het Nederlandse deel van de Noordzee vindt plaats met behulp van MWTL-vliegtuigtellingen. Alken en Zeekoeten kunnen vanuit de lucht echter lastig van elkaar te onderscheiden zijn. Vanaf schepen is de herkenning eenvoudiger. Het onderhavige BO-project 'scheepstellingen zeevogels' dat in 2016-2018 loopt, heeft tot doel inzicht te geven in de aantallen van Alken en Zeekoeten in beide gebieden enerzijds, en anderzijds in de veranderingen in aantalsverhouding tussen beide soorten gedurende het jaar om de MWTL-vliegtuigtellingen te calibreren. In 2016 zijn drie scheerpssurveys uitgevoerd op het Friese Front (30 okt-4 nov) en op de Bruine Bank (14-17 mrt, 27 nov-1 dec). Op de Bruine Bank werden in maart 6021 individuen van 32 verschillende vogelsoorten geteld. Kleine Mantelmeeuw (n =1287), Drieteenmeeuw (n = 1101), Zeekoet (n = 1087) en Alk (n = 1081) domineerden de telling. Daarnaast werden 17 individuen verdeeld over drie soorten zeezoogdieren (Bruinvis, Gewone en Grijze Zeehond) geregistreerd. Tijdens de survey op het Friese Front in november werden 4184 individuen verdeeld over 36 verschillende vogelsoorten geteld. Zeekoet (n = 1364) en Alk (n = 628) waren de dominante soorten. Daarnaast werden 103 individuen verdeeld over drie soorten zeezoogdieren gezien. In november werden op de Bruine Bank 4356 individuen verdeeld over 24 verschillende vogelsoorten geteld. Zeekoet (n = 1326), Grote Mantelmeeuw (n = 1091) en Drieteenmeeuw (n = 878) domineerden de survey. Het aantal Alken (n = 162) was relatief laag. Daarnaast werden 50 Bruinvissen geregistreerd. Tijdens alle surveys behoorden Alken en Zeekoeten tot de talrijkste soorten. De verhouding tussen Alk en Zeekoet varieerde van 1:1 in maart op de Bruine Bank tot 1:8 op de Bruine Bank in november. Behalve van alkachtigen werden ook gegevens verzameld van potentieel kwalificerende N2000-soorten Kleine Mantelmeeuw (mrt Bruine Bank), Grote Mantelmeeuw (nov Friese Front en Bruine Bank) en Grote Jager (nov Friese Front en Bruine Bank). Dit rapport geeft een beknopt overzicht van de resultaten van de surveys in 2016. In 2018 worden de resultaten van deze en aanvullende surveys nader uitgewerkt en gepresenteerd in een eindrapportage.
Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 - Datarapport vogels en zeezoogdieren - 2015/2016
Lagerveld, S. - \ 2016
IMARES (Rapport / IMARES C074/16) - 8 p.
vogels - zeezoogdieren - zeevogels - monitoring - tellingen - recreatie - zandsuppletie - natuurontwikkeling - zuid-holland - birds - marine mammals - sea birds - censuses - recreation - sand suppletion - nature development
In dit rapport wordt een overzicht gegeven van de telresultaten van vogels en zeezoogdieren op en nabij de Zandmotor in de periode van december 2015 tot en met april 2016. Ook is het aantal recreanten in deze periode geteld. In deze periode zijn drie tellingen uitgevoerd vanaf het strand op 29 december 2015, 11 februari 2016 en 28 april 2016 in drie telgebieden; ten zuiden, ter plaatse en ten noorden van de Zandmotor. Daarnaast zijn de aanwezige vogels geteld in/nabij de lagune en het meer op de Zandmotor.
Eerste Advies Bruinvisonderzoek (Bac-2016-01)
Meer, Jaap van der; Eijsackers, H.J.P. ; Haelters, Jan ; Bos, O.G. - \ 2016
IMARES Wageningen UR (rapport / Bac Bac-2016-01) - 15 p.
dierenwelzijn - wilde dieren - zeezoogdieren - invasie - bijvangst - waterverontreiniging - diergezondheid - mariene ecologie - animal welfare - wild animals - marine mammals - invasion - bycatch - water pollution - animal health - marine ecology
Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2: evaluatie benthos, vis, vogels en zeezoogdieren 2010 - 2014
Wijsman, J.W.M. ; Hal, R. van; Jongbloed, R.H. - \ 2015
IMARES (Rapport / IMARES C125/15) - 109 p.
zandsuppletie - kustbeheer - natuurontwikkeling - natuurbeheer - monitoring - benthos - vissen - vogels - zeezoogdieren - zuid-holland - sand suppletion - coastal management - nature development - nature management - fishes - birds - marine mammals
Dit document beschrijft de resultaten van de tussentijdse evaluatie voor het onderdeel ecologie van monitoring en evaluatieproject Zandmotor. In deze evaluatie zijn de hypothesen getoetst aan de hand van de veldgegevens die zijn verzameld in de periode 2010 tot en met 2014. Deze evaluatie is een opmaat voor de evaluatie die in 2016 zal worden uitgevoerd aan het eind van Fase II van dit project.
Marine mammal surveys in Dutch North Sea waters in 2015
Geelhoed, S.C.V. ; Lagerveld, S. ; Verdaat, J.P. - \ 2015
Den Helder : IMARES (Report / IMARES C189/15) - 21 p.
marine mammals - surveys - north sea - netherlands - aquatic ecology - zeezoogdieren - karteringen - noordzee - nederland - aquatische ecologie
Ship-based seabird and marine mammal survey pff Mauritania, 4 - 14 september 2015
Camphuysen, C.J. ; Spanje, T.M. van; Verdaat, J.P. - \ 2015
Den Burg [etc.] : NIOZ (Report / NIOZ etc. ) - 102
monitoring - fauna - marine ecology - mauritania - sea birds - marine mammals - adverse effects - oil and gas industry - mariene ecologie - mauritanië - zeevogels - zeezoogdieren - nadelige gevolgen - olie- en gasindustrie
This report presents the first results obtained during the ship-based seabird and marine mammal surveys conducted between 4 and 14 September 2015 and must be seen as a preliminary analysis of the data and a further step in data collection. This cruise was part of the longer-term research project financed via the Programme “Biodiversity Gas and Oil” (BGO).
Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 - Datarapport vogels en zeezoogdieren - 2014/2015
Lagerveld, S. - \ 2015
Den Helder : IMARES (Rapport / IMARES C107/15) - 7
zandsuppletie - kustbeheer - natuurontwikkeling - natuurbeheer - monitoring - vogels - zeezoogdieren - zuid-holland - sand suppletion - coastal management - nature development - nature management - birds - marine mammals
In dit rapport wordt het overzicht gegeven van de telresultaten van vogels en zeezoogdieren op en nabij de Zandmotor in de periode van december 2014 tot en met april 2015. Ook is het aantal recreanten in deze periode geteld. In deze periode zijn drie tellingen uitgevoerd vanaf het strand op 30 december 2014, 21 januari 2015 en 30 april 2015 in drie telgebieden; ten zuiden, ter plaatse en ten noorden van de Zandmotor. Daarnaast zijn de aanwezige vogels geteld in/nabij de lagune en het meer op de Zandmotor.
Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 - Datarapport vogels en zeezoogdieren - december 2013 - april 2014
Lagerveld, S. - \ 2015
Den Helder : IMARES (Rapport / IMARES C106/15) - 7
zandsuppletie - kustbeheer - natuurontwikkeling - natuurbeheer - monitoring - vogels - zeezoogdieren - zuid-holland - sand suppletion - coastal management - nature development - nature management - birds - marine mammals
In ditrapport wordt een overzicht gegeven van de telresultaten van vogels en zeezoogdieren op en nabij de Zandmotor in de periode van december 2013 tot en met april 2014. In deze periode zijn twee (complete) tellingen uitgevoerd vanaf het strand op 29 januari 2014 en 23 april 2014 in drie telgebieden; ten zuiden, ter plaatse en ten noorden van de Zandmotor.
Noordzee-beleid
Kistenkas, F.H. - \ 2015
Vakblad Natuur Bos Landschap 2015 (2015)113. - ISSN 1572-7610 - p. 23 - 23.
landgebruiksplanning - noordzee - eu regelingen - zeezoogdieren - fauna - land use planning - north sea - eu regulations - marine mammals
Eind dit jaar zal de definitieve versie van de Beleidsnota Noordzee 2016-2021 worden vastgesteld. Ook op de Noordzee geldt inmiddels het uitgangspunt van meervoudig ruimtegebruik. Dat wil dan zeggen dat er zoveel mogelijk naar functiecombinaties wordt gestreefd. De nota introduceert daartoe een afwegingskader van vijf toetsen. Juridisch klopt zoiets niet: het is als het ronde vierkant of de vierkante cirkel, want weging is totaal wat anders dan toetsing en sluiten elkaar rechtsdogmatisch uit
Zeehonden in de Eems: Analyse vliegtellingen 2014 en 2008 - 2014
Cremer, J.S.M. - \ 2015
Den Burg : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C010/15) - 37
zeezoogdieren - zeehonden - phoca vitulina - monitoring - havens - elektriciteitsvoorzieningen - nadelige gevolgen - eems-dollard - marine mammals - seals - harbours - electricity supplies - adverse effects
Een aanzienlijk gebied in de Eemshaven is bestemd voor de ontwikkeling van energie-gerelateerde bedrijvigheid: Energy Park Eemshaven. Zowel op het land als in het water hebben hiervoor in de periode 2009-2014 diverse (bouw)activiteiten plaatsgevonden. Dergelijke activiteiten zijn vergunningplichtig ex de Natuurbeschermingswet 1998. De effecten van deze activiteiten op zeezoogdieren gemonitord, te weten de gewone zeehond (Phoca vitulina), de grijze zeehond (Halichoerus grypus) en tot en met 2011 ook de bruinvis (Phocoena phocoena). In 2014 zijn voor het laatst in het gehele Eemsgebied vliegtellingen uitgevoerd.
Noise logger overview
Lucke, K. - \ 2014
IJmuiden : IMARES (Report / IMARES ) - 44
marien milieu - caribische zee - geluidsopnames - opnameapparatuur - zeezoogdieren - cetacea - marine environment - caribbean sea - recordings - recording instruments - marine mammals
In our attempt to monitor the presence of marine mammals, especially cetaceans, their acoustic activity opens the opportunity for us to eavesdrop and to study their behaviour passively through listening and detecting their sounds and vocalisations. This overview of underwater sound recording systems which can be used to study the life of the mainly cryptic marine mammal species is intended to facilitate researchers, potential funding bodies and finally regulators with information on the potential of this technique, its limitations and most importantly with technical details and a market overview.
Marine mammal surveys in Dutch waters in 2014
Geelhoed, S.C.V. ; Lagerveld, S. ; Verdaat, J.P. ; Scheidat, M. - \ 2014
Den Burg : IMARES (Report / IMARES Wageningen UR C180/14) - 19
zeezoogdieren - luchtkarteringen - monitoring - noordzee - marine mammals - aerial surveys - north sea
In July 2014 aerial surveys to estimate the abundance of Harbour porpoises Phocoena phocoena on the Dutch Continental Shelf were conducted. In total, 229 sightings of 273 individual Harbour Porpoises were collected. Porpoise densities varied between 0.37-3.08 animals/km² in the (four) different areas. The overall density on the entire Dutch Continental Shelf was 1.29 animals/km².
The diet of harbour porpoises Phocoena phocoena in dutch waters: 2003 - 2014
Schelling, T. ; Steeg, L.J. van der; Leopold, M.F. - \ 2014
Den Burg : IMARES (Report / IMARES Wageningen UR C136/14) - 58
zeezoogdieren - voedingsgedrag - phocoena - monitoring - noordzee - marine mammals - feeding behaviour - north sea
Van een zeldzame verschijning langs de kust werd de bruinvis een talrijke populatie, waarvan er tienduizenden in Nederlandse wateren rondzwemmen en honderden per jaar dood op onze stranden aanspoelen. Dit brengt voor Nederland ook nieuwe verantwoordelijkheden met zich mee. Door de grootschalige SCANS surveys is duidelijk geworden dat er geen sprake is van een algemene populatietoename, maar van een grootschalige verandering in het verspreidingspatroon van bruinvissen binnen de Noordzee. Onder het ASCOBANS verdrag is Nederland verplicht de status van de bruinvis in haar wateren te monitoren door: (1) de populatieomvang te volgen, (2) de gezondheidstoestand van de dieren en (3) hun dieet te monitoren
Contaminanten in aangespoelde bruinvissen langs de Nederlandse kust; spekkwaliteit, neonaten en chemische profielen
Heuvel-Greve, M.J. van den; Kwadijk, C.J.A.F. ; Kotterman, M.J.J. - \ 2014
Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C113/14) - 24
zeezoogdieren - phocoena - ecotoxicologie - mortaliteit - noordzee - marine mammals - ecotoxicology - mortality - north sea
In de afgelopen decennia is het aantal bruinvissen dat aanspoelt op de Nederlandse stranden toegenomen. Om te bepalen of gehalten aan contaminanten in aangespoelde bruinvissen wijzen op mogelijke effecten op de gezondheid van deze bruinvissen, zijn een aantal specifieke aspecten in dit rapport benoemd. Zo is spekdikte een maat voor de gezondheid van de bruinvis. Het onderzoek is verricht aan de hand van aangespoelde pasgeboren en jonge bruinvissen uit Nederland en Denemarken
Nadere effecten analyse staandwantvisserij - bruinvis in Natura 2000 gebied vlakte van de Raan
Jongbloed, R.H. ; Hintzen, N.T. ; Machiels, M.A.M. ; Couperus, A.S. - \ 2014
Den Helder : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C073/14) - 61
phocoena - zeezoogdieren - visserij - nadelige gevolgen - natura 2000 - noordzee - marine mammals - fisheries - adverse effects - north sea
In de Nadere Effecten Analyse (NEA), opgesteld in het kader van het Natura 2000-beheerplan Vlakte van de Raan (VvdR), is de staandwantvisserij in de Vlakte van de Raan getoetst aan de instandhoudingsdoelstellingen. Een van die doelstellingen betreft die voor de bruinvis. De NEA in dit rapport heeft tot doel kennishiaten in te vullen en hiermee opnieuw een nadere effectenanalyse voor de bruinvis uit te voeren.
Marine mammal surveys in Dutch waters in 2013
Geelhoed, S.C.V. ; Scheidat, M. ; Bemmelen, R.S.A. van - \ 2014
Den Burg : IMARES (Report / IMARES Wageningen UR C027/14) - 22
luchtkarteringen - zeezoogdieren - monitoring - noordzee - aerial surveys - marine mammals - north sea
In March/April 2013 aerial surveys to estimate the abundance of Harbour porpoises Phocoena phocoena on the Dutch Continental Shelf were conducted. These surveys were conducted along predetermined track lines using distance sampling methods in four areas: A “Dogger Bank”, B “Offshore”, C “Frisian Front” & D “Delta”. Between 18 March and 22 April the entire Dutch Continental Shelf (DCS) was surveyed. In total, 197 sightings of 223 individual Harbour Porpoises were collected. Porpoise densities varied between 0.47-1.44 animals/km² in the areas A-D. The overall density on the entire Dutch Continental Shelf was 1.07 animals/km². Harbour Porpoises were widely distributed in March with higher densities in area D “Delta”. In the northern part of the DSC the distribution seemed more patchy, with lower densities in the northern part of area B “Offshore” and in area A “Dogger Bank”.
Marine mammal surveys in the wider Dogger Bank area summer 2013
Geelhoed, S.C.V. ; Bemmelen, R.S.A. van; Verdaat, J.P. - \ 2014
Den Burg : IMARES (Report / IMARES Wageningen UR C016/14) - 27
zeezoogdieren - luchtkarteringen - monitoring - noordzee - marine mammals - aerial surveys - north sea
In summer 2013 aerial surveys using distance sampling methods where conducted in UK, Dutch, German and Danish waters to investigate the occurrence of marine mammals in the Dogger Bank area. The Dogger Bank is a candidate Special Area of Conservation (cSAC) under the EC Habitats Directive (Natura 2000) and part of the OSPAR network of Marine Protected Areas in the North East Atlantic Ocean.
Marine mammals in the Wider Caribbean - Current research and priorities for future studies
Lucke, K. ; Scheidat, M. ; Geelhoed, S.C.V. ; Debrot, A.O. - \ 2014
Den Helder : IMARES (Report / IMARES Wageningen UR C007/14) - 38
zeezoogdieren - distributie - populatiedynamica - beschermingsgebieden - kennisoverdracht - caribische zee - marine mammals - distribution - population dynamics - conservation areas - knowledge transfer - caribbean sea
Information on the distribution, abundance and ecology of marine mammal in the Wider Caribbean Region is scarce. This report aims at collating the on-going research in the Wider Caribbean Region, at identifying the most critical knowledge gaps that need to be addressed to inform and facilitate conservation actions and assess the most suitable research techniques to fill these knowledge gaps.
International regulations on the impact of pile driving noise on marine mammals - A literature review
Lucke, K. ; Siemensma, M. - \ 2013
Den Helder : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C044/13) - 57
zeezoogdieren - geluid - marine mammals - noise
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.