Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 400

  • help
  • print

    Print search results

  • export
    A maximum of 250 titles can be exported. Please, refine your queryYou can also select and export up to 30 titles via your marked list.
  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==milk production
Check title to add to marked list
Effect of timing of corn silage supplementation to Holstein dairy cows given limited daily access to pasture : intake and performance
Mattiauda, D.A. ; Gibb, M.J. ; Carriquiry, M. ; Tamminga, S. ; Chilibroste, P. - \ 2018
Animal (2018). - ISSN 1751-7311 - 9 p.
feeding strategy - grazing - grazing pattern - ingestive behaviour - milk production
The timing in which supplements are provided in grazing systems can affect dry matter (DM) intake and productive performance. The objective of this study was to evaluate the effect of timing of corn silage supplementation on ingestive behaviour, DM intake, milk yield and composition in grazing dairy cows. In total, 33 Holstein dairy cows in a randomized block design grazed on a second-year mixed grass–legume pasture from 0900 to 1500 h and received 2.7 kg of a commercial supplement at each milking. Paddock sizes were adjusted to provide a daily herbage allowance of 15 kg DM/cow determined at ground level. The three treatments imposed each provided 3.8 kg DM/day of corn silage offered in a single meal at 0800 h (Treatment AM), equally distributed in two meals 0800 and 1700 h (Treatment AM-PM) or a single meal at 1700 h (Treatment PM). The experiment was carried out during the late autumn and early winter period, with 1 week of adaptation and 6 weeks of measurements. There were no differences between treatments in milk yield, but 4% fat-corrected milk yield tended to be greater in AM-PM than in AM cows, which did not differ from PM (23.7, 25.3 and 24.6±0.84 kg/day for AM, AM-PM and PM, respectively). Fat percentage and yield were greater for AM-PM than for AM cows and intermediate for PM cows (3.89 v. 3.66±0.072% and 1.00 v. 0.92±0.035 kg/day, respectively). Offering corn silage in two meals had an effect on herbage DM intake which was greater for AM-PM than AM cows and was intermediate in PM cows (8.5, 11.0 and 10.3±0.68 kg/day for AM, AM-PM and PM, respectively). During the 6-h period at pasture, the overall proportion of observations on which cows were grazing tended to be different between treatments and a clear grazing pattern along the grazing session (1-h observation period) was identified. During the time at pasture, the proportion of observations during which cows ruminated was positively correlated with the DM intake of corn silage immediately before turn out to pasture. The treatment effects on herbage DM intake did not sufficiently explain differences in productive performance. This suggests that the timing of the corn silage supplementation affected rumen kinetics and likewise the appearance of hunger and satiety signals as indicated by observed changes in temporal patterns of grazing and ruminating activities.
Metabolic status, lactation persistency, and udder health of dairy cows after different dry period lengths
Hoeij, Renny van - \ 2017
University. Promotor(en): Bas Kemp; T.J.G.M. Lam, co-promotor(en): Ariette van Knegsel; Jan Dijkstra. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789463438070 - 285
dairy cattle - animal health - animal behaviour - dry period - metabolism - energy balance - lactation - milk production - udders - cattle feeding - melkvee - diergezondheid - diergedrag - gustperiode - metabolisme - energiebalans - lactatie - melkproductie - uiers - rundveevoeding

Cows traditionally have a 6 to 8 week non-lactating –‘dry period’- before calving and the start of the next lactation in order to maximize milk production in the subsequent lactation. An omitted, compared with a shortened, dry period reduces milk yield and improves energy availability in cows postpartum, but effects on udder health and persistency were unclear. Cows without a dry period fattened and spontaneously dried off due to the improved energy availability. Reducing the energy availability in the feed for cows without a dry period did not affect fattening or lactation persistency in late lactation. Cows with a short or without a dry period did not receive dry cow antibiotics in this study and this did not affect udder health across the dry period or in early lactation, but seemed to impair udder health in late lactation for cows without a dry period.

Verkenning naar een grondgebonden melkveehouderij : minder koeien om binnen milieugrenzen te komen
Wit, Jan de; Veluw, Kees van - \ 2017
Driebergen : Louis Bolk Instituut (Publicatie / Louis Bolk Instituut nummer: 2017-015 VG) - 26
melkveehouderij - milieueffect - agrarische bedrijfsvoering - melkveestapel - duurzame veehouderij - melkproductie - emissiereductie - biologische landbouw - dairy farming - environmental impact - farm management - dairy herds - sustainable animal husbandry - milk production - emission reduction - organic farming
De Nederlandse melkveehouderij staat voor een enorme transitie. Met het beëindigen van de melkquotering is een grote dynamiek ontstaan die de intensivering, specialisatie en groei van de sector verder heeft versterkt. In voorliggende studie wordt duidelijk dat niet alleen vanwege waterkwaliteitsdoelstellingen maar ook voor ammoniak- en klimaat-doelstellingen een ombuiging van deze dynamiek noodzakelijk is. In deze studie is berekend hoe groot de melkveestapel moet zijn om aan deze doelen te voldoen en wat dit voor gevolgen heeft voor economie en externe maatschappelijke kosten. Rekening houdend met redelijke efficiëntieverbeteringen wordt ingeschat dat de Nederlandse melkveestapel van 1,6 miljoen melkkoeien in 2015 terug zal moeten gaan naar ongeveer 1,4 miljoen (vanwege de ammoniak-doelstelling voor 2030). Vanwege klimaat-doelstellingen zou de melkveestapel verder terug moeten (naar ongeveer 1,1 miljoen) maar de onzekerheden, over zowel de verwachte emissie per kg melk als de doelstelling, zijn te groot om hierover stellige uitspraken te doen. Met het dalend aantal dieren zullen de externe maatschappelijke kosten dalen, met circa €300-800 miljoen per jaar. Tegelijkertijd zal het een forse verlaging geven van de Netto Toegevoegde Waarde (jaarlijkse beloning voor arbeid en kapitaal), en daarmee de inkomens op de melkveebedrijven en zuivelverwerking, van €250 miljoen. Naar grove schatting kan de reductie van het aantal dieren middels opkoop tot 2030 jaarlijks maximaal €65 miljoen kosten. Aantrekkelijker lijkt het, indien mogelijk, om een harde sanering te voorkomen en tegelijkertijd het produceren binnen strenge milieugrenzen (via het verkleinen van de veestapel of anderszins) te waarderen door: Het stimuleren van brede duurzame zuivel-concepten, zoals biologische zuivel. Het stimuleren en faciliteren van alternatieve inkomstenbronnen (verbrede landbouw). Directe ondersteuning van bedrijven die binnen de milieugrenzen produceren, gefinancierd. Door bijvoorbeeld een CO2-equivalenten-belasting op (rund-)vlees en melk (waardoor tegelijkertijd het gebruik/consumptie wordt verminderd) en/of via het toestaan van ‘offsets’ in de agrarische sector bij verwerving van broeikasgasemissie-rechten binnen het ETS.
Documentatierapport Koemodel : de werking van het koemodel samengevat
Zom, R.L.G. - \ 2016
Wageningen : Wageningen Livestock Research (Livestock Research rapport 1005) - 9
rundvee - melkveehouderij - voeropname - melkproductie - diermodellen - leeftijdsstructuur - melkveestapel - cattle - dairy farming - feed intake - milk production - animal models - age structure - dairy herds
Onderhoudsbehoefte melkkoe groter dan gedacht : droge koe heeft 30 procent meer onderhoudsvoer nodig dan huidige normering
Spek, Wouter - \ 2016
dairy cows - dairy farming - milk production - feed intake - power requirement - restricted feeding

De melkproductie en voeropname per koe zijn afgelopen jaren gestegen en daarmee ook de omvang van het maag-darmstelsel. Wageningse onderzoekers bekeken daarom of de normen voor onderhoudsbehoefte in rantsoenberekeningen nog passen bij de moderne melkkoe.

Koeien kunnen omschakelen : On-off weiden maakt economisch geen verschil, maar spaart wel arbeid
Galama, Paul ; Holshof, Gertjan - \ 2016
dairy farming - grasslands - grazing - grazing systems - farm management - milk production - dairy cattle nutrition - dry matter - grasses - stalls - strip grazing - returns

Nederlandse melkveehouders ‘mixen’ weidegang met op stal bijvoeren. Maar dat hoeft niet, zo blijkt uit onderzoek met de koeien van het VIC in Zegveld. Met on-off weiden gaat de koe dag en nacht weiden als er gras is, óf staat ze op stal waar ze dan volledig gevoerd wordt. De melkproductie en de bij gevoerde kilo’s droge stof zijn bij on-off weiden hetzelfde als bij beperkt weiden en op stal voeren.

Big data analysis for smart farming : Results of TO2 project in theme food security
Kempenaar, C. ; Lokhorst, C. ; Bleumer, E.J.B. ; Veerkamp, R.F. ; Been, Th. ; Evert, F.K. van; Boogaardt, M.J. ; Ge, L. ; Wolfert, J. ; Verdouw, C.N. ; Bekkum, Michael van; Feldbrugge, L. ; Verhoosel, Jack P.C. ; Waaij, B.D. ; Persie, M. van; Noorbergen, H. - \ 2016
Wageningen : Wageningen University & Research (Wageningen Plant Research report ) - 82 p.
animal production - milk production - farming - data analysis - data collection - information technology - models - dierlijke productie - melkproductie - landbouw bedrijven - gegevensanalyse - gegevens verzamelen - informatietechnologie - modellen
In this report we describe results of a one-year TO2 institutes project on the development of big data technologies within the milk production chain. The goal of this project is to ‘create’ an integration platform for big data analysis for smart farming and to develop a show case. This includes both technical (hard/software) and organizational integration (developing business ecosystem) and combining and linking of data and models. DLO, NLR and TNO worked together in 2015 towards the realization of an IT data infrastructure that makes it possible to solve to connect data from different sources and models in an effective and safe way, ontology problems, specific analysis tools develop, opportunities and risks to identify and assess the acquired knowledge and experience and present it in a smart farming show case, from 'grass to glass‘.
Smallholder Dairy Value Chain Interventions; The Kenya Market-led Dairy Programme (KMDP) – Status Report
Rademaker, I.F. ; Koech, R.K. ; Jansen, A. ; Lee, J. van der - \ 2016
Wageningen : Centre for Development Innovation (Report CDI-16-018 ) - 70 p.
dairy farming - value chain analysis - supply chain management - small businesses - farmers - milk production - marketing - kenya - melkveehouderij - waardeketenanalyse - ketenmanagement - kleine bedrijven - boeren - melkproductie
The Kenya Market-led Dairy Programme (KMDP) is a 4.5-year programme funded by the Embassy of the Kingdom of the Netherlands and implemented by SNV Netherlands Development Organisation in collaboration with stakeholders in the dairy industry. The overall goal of KMDP is to contribute to the development of a vibrant and competitive private sector-driven dairy sector in Kenya, with beneficiaries across the value chain. KMDP has two pillars, or strategic intervention levels. The first pillar is the smallholder dairy value chain, which has the objective to increase efficiency, effectiveness and inclusiveness in this production and marketing channel. The second pillar concerns systemic issues in the sector, where the objective is to promote and support interventions and innovations in feed and fodder supply, milk quality, practical skills development and the policy or regulatory environment. Work in the second pillar partly supports work in the first pillar and partly addresses issues in the enabling environment and supporting systems. In the smallholder dairy value chain, KMDP has engaged with eighteen farmer-owned milk collection and bulking enterprises (CBEs), dispersed over three main milksheds in Kenya: North Rift region, Central region, and Eastern region (Meru). In addition, KMDP works with two processors that receive and process milk from a number of the eighteen supported CBEs. This report describes the work of KMDP in the smallholder dairy value chain. It looks at the response of CBEs, processors and farmers to KMDP’s interventions, which cover five themes: 1. Capacity building of CBEs in governance and financial management; 2. Training and extension activities for farmers; 3. Fodder development and preservation at CBE- and farmer level; 4. Business development through linkages with input suppliers and service providers; 5. Milk procurement and milk quality along the value chain.
Fokwaarde voeropname op volle kracht : vanaf komende Interbull-draai is de fokwaarde voeropname voor elke stier beschikbaar in Nederland en Vlaanderen
Haas, Yvette de; Veerkamp, Roel - \ 2016
cattle husbandry - bulls - milk production - dairy cows - feed intake - farm results - intensive livestock farming - breeding value - flanders - netherlands - australia
Nieuwe maat voor melkproductie : vergelijking melkgift koeien met verschillende droogstandslengte mogelijk met effectieve lactatie
Kok, A. ; Knegsel, A.T.M. van; Middelaar, C.E. van - \ 2016
Veeteelt 33 (2016)7. - ISSN 0168-7565 - p. 44 - 45.
dairy cattle - dairy farming - milk production - lactation - dry period - calving interval - agricultural research - melkvee - melkveehouderij - melkproductie - lactatie - gustperiode - tussenkalftijd - landbouwkundig onderzoek
De gebruikelijke maat voor lactatieproductie, de 305 dagenproductie, houdt geen rekening met de lengte van de droogstand of tussenkalftijd van de koe. Onderzoekers van Wageningen UR stellen daarom een nieuwe maat voor lactatieproductie voor
Reststromen zuivelketen
Dolman, M.A. - \ 2016
LEI Wageningen UR (Factsheet / LEI Wageningen UR 2016-013d) - 11 p.
agro-industriële bijproducten - reststromen - zuivelindustrie - melkproductie - melkproducten - afvalhergebruik - agro-industriële ketens - biobased economy - agroindustrial byproducts - residual streams - dairy industry - milk production - milk products - waste utilization - agro-industrial chains
De productie en verwerking van zuivel leidt tot producten en diverse reststromen of bijproducten. In deze factsheet worden bestaande bijproducten en reststromen en hun huidige bestemmingen in kaart gebracht. Nagegaan is in hoeverre het geheel (het huidige gebruik) duurzaam is en of er mogelijkheden zijn om het economisch rendement te verbeteren.
Quick scan developments dairy markets for GDF-business partner BASF
Daatselaar, C.H.G. ; Beldman, A.C.G. ; Prins, A.M. - \ 2015
LEI Wageningen UR - 27 p.
dairy farming - dairy industry - economic situation - milk production - milk consumption - animal welfare - herd structure - world - future - melkveehouderij - zuivelindustrie - economische situatie - melkproductie - melkconsumptie - dierenwelzijn - veestapelstructuur - wereld - toekomst
With the increasing consumption of milk and dairy products in some of the major developing markets and the fall of the quota system in the major milk producing region, Europe, milk producers are getting ready for the new opportunities. Simultaneously China, as a state controlled economy is publishing that new mega farms are being built to fulfill the production as outlined in the 5-year plan. Developments in other countries are not so obvious. However it is heard from India, Australia, Chile, Egypt, Russia and others that the number of high performing dairy cows under intensive husbandry and feeding conditions is increasing. In order to fully understand how that change is impacting the business of business partners of GDF and possibly opens up new opportunities for the business partners, an accurate analysis of the actual status and the development process is necessary. In this analysis BASF asks for putting a specific focus on the development of the feeding options which are going to be built into the new farm structures.
Weiden en bodem : nog niet zo simpel
Lenssinck, Frank - \ 2015
grazing - milk production - grazing management - returns - animal health - grassland management - dairy farming

“De zuivel en wij hebben afgesproken dat we weiden, dus doen we dat. Bovendien valt er geld mee te verdienen, alleen als je het goed doet.” Maar geld verdienen met weidegang is niet zo simpel als vaak wordt voorgesteld. Het betekent een nieuwe focus, waarin niet meer gestuurd wordt op een hoge melkproductie, maar op maximale grasbenutting. En op gezonde koeien. Frank Lenssinck van VIC Zegveld en Nick van Eekeren, onderzoeker bij Louis Bolk Instituut, gingen samen met veertien rundveedierenartsen van Veerkracht op zoek naar de rendabele weidende koe.
Sectorrapportage Duurzame Zuivelketen : prestaties 2014 in perspectief
Reijs, J.W. ; Doornewaard, G.J. ; Jager, J.H. ; Beldman, A.C.G. - \ 2015
Den Haag : LEI Wageningen UR (Report LEI 2015-126) - ISBN 9789086157273 - 161 p.
dairy farming - dairy farms - milk production - agriculture and environment - emission reduction - greenhouse gases - sustainability - policy goals - monitoring - animal welfare - animal production - dairy cattle - animal health - animal housing - melkveehouderij - melkveebedrijven - melkproductie - landbouw en milieu - emissiereductie - broeikasgassen - duurzaamheid (sustainability) - beleidsdoelstellingen - dierenwelzijn - dierlijke productie - melkvee - diergezondheid - huisvesting, dieren
Via het initiatief de Duurzame Zuivelketen streven zuivelondernemingen en melkveehouders gezamenlijk naar een toekomstbestendige en verantwoorde zuivelsector. De Duurzame Zuivelketen heeft doelen geformuleerd op 4 duurzaamheidsthema’s. Deze sectorrapportage doet verslag van de voortgang op deze doelen in 2014. Deze rapportage laat zien dat de Duurzame Zuivelketen sinds de nulmeting (2011) op het gebied van antibiotica, energie-efficiëntie en verantwoorde soja veel vooruitgang heeft geboekt en dat de doelen voor 2020 binnen handbereik zijn in 2014 of zelfs al gehaald. Ook bij levensduur en duurzame energie zijn er ontwikkelingen in de goede richting maar is er meer vooruitgang nodig om de doelen te kunnen halen. Op het gebied van broeikasgassen, fosfaat en ammoniak zorgt het toegenomen productievolume ervoor dat de afgesproken productieplafonds in gevaar komen. Op het thema weidegang is het vooralsnog niet gelukt om de ingezette dalende trend te keren. Voor dierenwelzijn en biodiversiteit is monitoring nog in ontwikkeling.
Forfaitaire waarden met betrekking tot de veestapel in relatie tot de KringloopWijzer
Aarts, H.F.M. ; Sebek, L.B. - \ 2015
Wageningen : Plant Research International (PRI-rapport 636) - 17 p.
melkproductie - melkveehouderij - mestbeleid - modellen - berekening - dierlijke meststoffen - rundveemest - excretie - stikstof - fosfaat - ammoniakemissie - rundveevoeding - voederconversievermogen - milk production - dairy farming - manure policy - models - calculation - animal manures - cattle manure - excretion - nitrogen - phosphate - ammonia emission - cattle feeding - feed conversion efficiency
Het rekenmodel KringloopWijzer brengt op jaarbasis de waarden van een aantal kengetallen van het melkveebedrijf in beeld. Aan de veestapel gerelateerde kengetallen zijn 1) de excretie van stikstof (N) en fosfaat (P2O5) ‘onder de staart’, 2) de hoeveelheden N en P2O5 als voer geconsumeerd, 3) de efficiëntie waarmee de in het voer aanwezige N en P2O5 wordt omgezet in melk en groei en 4) de emissie van ammoniak (NH3) uit mest. De waarden van deze kengetallen kunnen vergeleken worden met referentie- en forfaitaire waarden. Referentiewaarden zijn waarden die door bedrijven gerealiseerd worden die in vergelijkbare omstandigheden verkeren wat betreft grondsoort en intensiteit (melkproductie per hectare). De veehouder weet daardoor hoe hij scoort in vergelijking met collega’s. Deze notitie gaat enkel in op de forfaitaire waarden voor de eerder genoemde kengetallen.
Opties voor beperking fosfaatproductie van de Nederlandse melkveestapel: dierrechten versus fosfaatrechten : een verkennende analyse
Blokland, P.W. ; Luesink, H.H. ; Jongeneel, R.A. ; Daatselaar, C.H.G. ; Koeijer, T.J. de - \ 2015
LEI Wageningen UR (Nota / LEI Wageningen UR 2015-151) - 27 p.
melkveehouderij - fosformeststoffen - bemesting - duurzaamheid (sustainability) - melkproductie - quota - melkkoeien - nederland - dairy farming - phosphorus fertilizers - fertilizer application - sustainability - milk production - quotas - dairy cows - netherlands
Deze nota beschrijft de voor- en nadelen van het eventueel invoeren van dierrechten of fosfaatrechten in de Nederlandse melkveehouderij. Ook de effecten van de invoering van dierrechten dan wel fosfaatrechten op de doelen van de Duurzame Zuivelketen zijn verkend. Daarnaast worden verschillende melkveefosfaatproductieniveaus vergeleken met het sectorale melkveefosfaatplafond
van 84,9 mln. kg fosfaat. De productieniveaus onderscheiden zich van elkaar door het gebruik van verschillende referentiemomenten van dieraantallen en door verschillende excretienormen. Aanvullend is een analyse uitgevoerd naar de fosfaatexcretie per kg melkquotum voor melkkoeien
Handboek melkveehouderij 2015/16
Remmelink, G.J. ; Middelkoop, J.C. van; Ouweltjes, W. ; Wemmenhove, H. - \ 2015
Wageningen : Wageningen UR Livestock Research (Handboek / Wageningen UR Livestock Research 30) - 386
melkvee - melkveehouderij - bodemeigenschappen - bemesting - graslandbeheer - voedergrassen - voedergewassen - rundveevoeding - dierveredeling - diergezondheid - melkproductie - landbouwbedrijfsgebouwen - nederland - handboeken - dairy cattle - dairy farming - soil properties - fertilizer application - grassland management - fodder grasses - fodder crops - cattle feeding - animal breeding - animal health - milk production - farm buildings - netherlands - handbooks
Precisielandbouw buiten stal: GrasMais-Signaal : Gezonde Veehouderij 2023
Philipsen, Bert - \ 2015
precision agriculture - grasslands - dry matter - milk production - sensors - information technology - dairy farming
Verwantschap en inteelt bij de Groninger blaarkop
Oldenbroek, K. ; Maurice - Van Eijndhoven, M.H.T. - \ 2015
Zeldzaam huisdier 40 (2015)3. - ISSN 0929-905X - p. 18 - 19.
rundvee - melkproductie - vleesproductie - groninger blaarkop - rassen (dieren) - dubbel-doel rassen - verwantschap - inteelt - zeldzame rassen - nageslachtproductie - rundveerassen - cattle - milk production - meat production - groningen white headed - breeds - dual purpose breeds - kinship - inbreeding - rare breeds - progeny production - cattle breeds
Sinds de vorming van de rundveestamboeken in 1874 wordt de
Groninger blaarkop als een apart ras beschouwd. Van oudsher werd
het ras voornamelijk gefokt in Groningen en in Zuid- en Noord-
Holland als een echt dubbeldoelras: geschikt voor melk- en vleesproductie.
Hoe staat het ras er nu voor qua verwantschap en inteelt?
Moeten wij onze natuur opofferen aan melk voor China?
Dijkstra, Jan - \ 2015
dairy farming - milk production - animal manures - agriculture and environment - environmental policy
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.