Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 404

  • help
  • print

    Print search results

  • export
    A maximum of 250 titles can be exported. Please, refine your queryYou can also select and export up to 30 titles via your marked list.
  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==natuurgebieden
Check title to add to marked list
Omgaan met mogelijke overlast van stekende insecten in en rondom de natuurgebieden Punthuizen, Stroothuizen en Beuninger Achterveld
Verdonschot, Piet F.M. - \ 2017
Wageningen : Wageningen Environmental Research, Zoetwaterecosystemen - ISBN 9789463436175 - 28 p.
culicidae - insecten - steken - natuurgebieden - overijssel - insects - stings - natural areas
Effecten van gebiedsgrootte op de kwaliteitsbeoordeling van Natuurgebieden : evaluatie begrenzing van beoordelingsgebieden volgens de Werkwijze Monitoring en Beoordeling van het Natuurnetwerk
Sanders, M.E. ; Schippers, P. ; Meeuwsen, H.A.M. - \ 2017
Wageningen : Wageningen Environmental Research (Wageningen Environmental Research rapport 2805) - 49
natuurgebieden - natuur - kwaliteit - monitoring - natura 2000 - soortenrijkdom - grootte - natural areas - nature - quality - species richness - size
De kwaliteitsbeoordeling van natuurgebieden zoals beschreven in de “Werkwijze Monitoring en Beoordeling Natuurnetwerk en Natura2000/PAS” is onder andere gebaseerd op het aantal kwalificerende soorten per beheertype en de ruimtelijke verspreiding daarvan. Deze beoordeling kan gevoelig zijn voor ruimtelijke keuzes in omvang en ligging van de beoordelingsgebieden. In dit rapport onderzoeken we de relatie tussen de grootte van de beoordelingsgebieden en de kwaliteitscriteria voor Natura 2000-gebied de Nieuwkoopse Plassen en de Veluwe. De resultaten laten zien in welke mate de beoordeling afhankelijk is van de gebiedsgrootte. Daarnaast doen we een voorstel voor een alternatieve methode voor de kwaliteitsbeoordeling die niet afhankelijk is van de gebiedsgrootte. Bij de alternatieve methode kunnen de arealen per beheertype worden opgeteld voor elke gewenst (Natura 2000-) gebied, per provincie of landelijk ongeacht de grootte en ligging van de beoordelingsgebieden.
Waarden van het label Nationaal Park voor Nationaal Park Weerribben-Wieden
Goossen, C.M. - \ 2017
Wageningen : Wageningen Environmental Research (Wageningen Environmental Research rapport 2798) - 45
nationale parken - bezoekers - natuurgebieden - toeristen - natuurbescherming - noordwest-overijssel - national parks - visitors - natural areas - tourists - nature conservation
Dit rapport beschrijft de effecten van het dragen van het label Nationaal Park op het bezoek aan
natuurgebied Weerribben-Wieden. Uit een panelonderzoek blijkt dat 25% zegt dat het label Nationaal
Park een (doorslaggevende) rol heeft gespeeld bij de beslissing om het natuurgebied te bezoeken. Van
de Nederlanders zegt 34% gevoelig voor het label ‘Nationaal Park’ te zijn. Een directe invloed op het
bezoek aan de Weerribben-Wieden is beperkt. Uit dit onderzoek blijkt dat vooral toeristen de
economische waarden van het label Nationaal Park voor de Weerribben-Wieden bepalen en de
bewoners vooral de sociaal-emotionele waarden van het label. De economische toegevoegde waarde
van het label kan geschat worden tussen de 10% en 40%. De sociaal-emotionele waarden zijn
belangrijk voor het vergroten van het ecologisch en economisch belang van een Nationaal Park. Het
draagvlak voor het behoud en bescherming van natuurgebieden kan ermee worden vergroot. De
affiniteit van mensen die daarvoor nodig is, is in en rond de Weerribben-Wieden aanwezig.
Getijherstel in het Rammegors : een quick-scan van de effecten van een tijdelijke zoutwaterinstroom op een zoetwater natuurgebied
Elschot, Kelly ; Tangelder, Marijn ; IJzerloo, Lennart van; Wal, Jan Tjalling van der; Ysebaert, Tom - \ 2016
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research report C123/16) - 32
getijden - zout water - zoetwaterecologie - natuurgebieden - natuurbeheer - tides - saline water - freshwater ecology - natural areas - nature management
Als onderdeel van het herstel van slikken en schorren in de Oosterschelde heeft Rijkswaterstaat het Rammegors (nabij Sint Philipsland) weer in verbinding gebracht met de Oosterschelde. De doorlaat is eind 2014 geopend, maar door onvoorziene technische mankementen is de doorlaat in de periode 2014-2016 grotendeels gesloten geweest. Tot het moment dat deze studie is uitgevoerd (15 september 2016) waren de schuiven nog steeds gesloten, maar op 5 december 2016 heeft Rijkswaterstaat de doorlaat weer geopend. Om de ontwikkeling van het gebied na het terug brengen van de getijden te kunnen volgen heeft Rijkswaterstaat en het Centre of Expertise Deltatechnologie een monitoringsprogramma opgezet. Het doel van deze monitoring is om de belangrijkste biotische en abiotische ontwikkelingen te volgen. Door de onverwachte technische problemen en het tot tweemaal toe openen en sluiten van het doorlaatmiddel kon de monitoring niet worden uitgevoerd zoals oorspronkelijk de bedoeling was. Nu rijst de vraag hoe het zoute water dat is binnen gelaten in de perioden dat de doorlaat open stond het gebied heeft beïnvloed. Daarom is een tussentijdse inventarisatie uitgevoerd om dit in beeld te brengen. Voorliggend rapport is het resultaat hiervan.
Crop Wild Relatives (CWRs) in Nederland
Hoekstra, R. ; Treuren, R. van; Hintum, T.J.L. van - \ 2016
wilde verwanten - genetische bronnen van plantensoorten - conservering - ex-situ conservering - in-situ conservering - natuurgebieden - genenbanken - nederland - wild relatives - plant genetic resources - conservation - ex situ conservation - in situ conservation - natural areas - gene banks - netherlands
http://www.cwrnl.nl
Nat zandlandschap van de 21e eeuw : kennisagenda
Schouten, M.G.C. ; Jansen, A.A.M. ; Tweel-Groot, Loekie van - \ 2016
Landschap : tijdschrift voor Landschapsecologie en Milieukunde 33 (2016)2. - ISSN 0169-6300 - p. 118 - 121.
natuurbeheer - natuurgebieden - biodiversiteit - zandgronden - duurzame ontwikkeling - landschapsecologie - kennismanagement - soortendiversiteit - ecotypen - systeemanalyse - ecosystemen - toegepast onderzoek - bodems van waterrijke gebieden - nature management - natural areas - biodiversity - sandy soils - sustainable development - landscape ecology - knowledge management - species diversity - ecotypes - systems analysis - ecosystems - applied research - wetland soils
Hoe ziet een duurzaam en biodivers nat zandlandschap van de 21e eeuw eruit en hoe ontwikkelen we dat? Dat landschap zal ongetwijfeld een ander zijn dan dat van de 19e en de eerste helft van de 20e eeuw, maar de uitdaging is de totale soortenrijkdom hierin weer voldoende plaats te bieden. Dit artikel biedt een overzicht van de kennis die daartoe ontwikkeld moet worden.
Klinkende munt slaan uit natuur vergt gerichte aanpak
Heide, C.M. van der; Borgstein, M.H. ; Hendriks, C.M.A. - \ 2016
Tijdschrift Milieu : Vereniging van milieuprofessionals 22 (2016)3. - p. 18 - 19.
natuurbeheer - ecosysteemdiensten - natuurgebieden - financieren - biomassa productie - recreatie - waterzuivering - noordwest-overijssel - nature management - ecosystem services - natural areas - financing - biomass production - recreation - water treatment
Met hun natuurterreinen hebben natuurorganisaties potentieel een groot kapitaal in eigendom. Via talloze ecosysteemdiensten kan de samenleving immers de vruchten van al dit natuurlijk kapitaal plukken, denk aan waterzuivering, koolstofopslag, beleving en biomassa. Ondanks hun waardevolle karakter zijn de meeste van die baten gratis, zonder dat daar inkomsten tegenover staan. Onderzoek in de Weerribben-Wieden maakt duidelijk dat een gerichte aanpak nodig is om klinkende munt te slaan uit natuurgebieden.
Natuurherstel door grondtransplantatie
Wubs, E.R.J. ; Putten, W.H. van der; Bosch, M. - \ 2016
Landschap : tijdschrift voor Landschapsecologie en Milieukunde 33 (2016)1. - ISSN 0169-6300 - p. 11 - 14.
ecologisch herstel - natuurbeheer - grondverzet - landverbetering - landbouwgronden - zandgronden - heidegronden - graslanden - veldproeven - natuurgebieden - bodembiologie - ecological restoration - nature management - earth moving - land improvement - agricultural soils - sandy soils - heathland soils - grasslands - field tests - natural areas - soil biology
Natuurherstel op voormalige landbouwpercelen, vooral op zandgronden, wordt uitgevoerd om bestaande natuurgebieden te vergroten en ecologische verbindingszones te versterken. Belangrijke beperkende factoren zijn bodemgerelateerd: hoge nutriëntengehaltes, ongeschikte zaadbanken en tekort aan geschikt bodemleven. Een combinatie van ontgronden en transplantatie van grond uit verder ontwikkelde natuurgebieden kan het natuurherstel op akkers sterk versnellen.
Vissen in de nieuw aangelegde hoogwatergeul in de Raaijweide bij Venlo
Pollux, B.J.A. ; Korosi, A. ; Nagelkerke, L.A.J. ; Pollux, P.M.J. - \ 2016
Natuurhistorisch Maandblad 105 (2016)5. - ISSN 0028-1107 - p. 100 - 106.
nature development - river forelands - channels - fish fauna - natural areas - limburg - flood control - aquatic ecology - fishes - natuurontwikkeling - uiterwaarden - kanalen, klein - visfauna - natuurgebieden - hoogwaterbeheersing - aquatische ecologie - vissen
De afgelopen decennia is er in toenemende mate aandacht gekomen voor natuurontwikkeling in rivieruiterwaarden. Een belangrijk onderdeel hiervan vormt het graven van hoogwatergeulen: korte nevenlopen die (bij hoogwater) parallel aan de hoofdstroom met de rivier meestromen en die gedurende de rest van het jaar ook water houden. Zulke geulen worden vaak gekenmerkt door een lagere stroomsnelheid dan de rivier zelf, gevarieerde oevers met ondiepe zandbanken en een rijke oever- en onderwatervegetatie. In dit artikel wordt de visfauna beschreven in een recent aangelegde hoogwatergeul in natuurgebied de Raaijweide bij Venlo.
Van open riool naar leefbare beek, een flinke stap in de goede richting
Schollema, Peter Paul ; Dongen, M. van; Dam, H. van; Winter, Hendrik V. ; Griffioen, A.B. ; Vroome, A.I. de - \ 2015
De Levende Natuur 116 (2015)3. - ISSN 0024-1520 - p. 104 - 108.
afvoerwater - waterkwaliteit - waterlopen - aquatische ecologie - pesticiden - natuurgebieden - monitoring - ecologisch herstel - drenthe - effluents - water quality - streams - aquatic ecology - pesticides - natural areas - ecological restoration
Een beek in het Noorden van het land waarover in 1941 wordt gemeld dat in de benedenloop meer dan 5000 pond dode vis is afgevoerd en rond 1961 vrijwel alle vis uit het water verdwenen blijkt te zijn. Ook het water waar een monsternemer in 1964 meldt dat de roggebroden tijdens het uitvoeren van de metingen voorbijdreven. Het is erg moeilijk voor te stellen dat we het hier hebben over de Drentsche Aa, één van de meest intacte beeksystemen van Nederland. De beek heeft de laatste eeuw grote veranderingen in waterkwaliteit ondergaan, zowel in positieve als negatieve zin. Welke oorzaken lagen hieraan ten grondslag, hoe reageerde de beekgebonden natuur hierop en wat is er nodig voor verder herstel?
Monitoring en PAS : de les van het verleden
Haveman, R. - \ 2015
De Levende Natuur 116 (2015)2. - ISSN 0024-1520 - p. 49 - 50.
natuurgebieden - luchtverontreiniging - stikstofdioxide - emissiereductie - monitoring - beleidsevaluatie - natural areas - air pollution - nitrogen dioxide - emission reduction - policy evaluation
Nadenkend over monitoring ten behoeve van natuurbeleid komt Haveman (adviseur ecologie bij vastgoedbeheer) met drie adviezen. Stop uniformeringsdrang; verschillende typen monitoring niet met elkaar verwarren; bij PAS ligt verantwoordelijkheid waar die hoort: bij de beleidsmaker, niet bij beheerder.
Inzicht in verdroging TOP-gebieden via stambuisregressie
Gelderen, van, J. ; Knotters, M. ; Winsen, van, S. - \ 2015
H2O online (2015). - 6 p.
natuurgebieden - verdroging - ecohydrologie - grondwaterstand - monitoring - provincies - utrecht - natural areas - desiccation - ecohydrology - groundwater level - provinces
De provincie Utrecht heeft als een van de eerste provincies de verdrogingssituatie van haar TOP-natuurgebieden bepaald met stambuisregressie. Hiervoor zijn meetrondes met gerichte grondwateropnames uit voorjaar en zomer gekoppeld aan stambuis-grondwatermeetreeksen. Deze methodiek heeft een statistische basis, waarmee zuivere schattingen zijn verkregen van oppervlaktepercentages die voldoen aan de hydrologische randvoorwaarden voor het betreffende (natuur)gebied (GxG). De intensieve veldmeetcampagne is met een gedegen voorbereiding goed uitvoerbaar. De provincie zal over enige jaren – opnieuw met deze methode – de aanpak van de verdrogingsbestrijding in de Utrechtse TOP-natuurgebieden evalueren.
Standard Data Form Natura 2000 : bepaling van de belangrijkste drukfactoren in Natura 2000-gebieden
Schippers, P. ; Schmidt, A.M. ; Kleunen, A. van; Bremer, L. van den - \ 2015
Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-technical report 56) - 30 p.
natura 2000 - natuurgebieden - habitatrichtlijn - vogelrichtlijn - milieueffect - menselijke invloed - natuurbeheer - natural areas - habitats directive - birds directive - environmental impact - human impact - nature management
Dit rapport betreft de documentatie van de gevolgde werkwijze van hoofdstuk 4.3 van het Standard Data
Form. Het rapport beschrijft de methodiek die gevolgd is om per Natura 2000-gebied de belangrijkste
drukfactoren uit de voorgeschreven lijst van de EC (de EC-indeling) te bepalen. Hierbij is de informatie over
de drukfactoren die een negatief effect hebben op de staat van instandhouding van soorten en habitattypen
uit de landelijke rapportages toegepast. Om de binnen de EC-systematiek geconstateerde problemen op te
lossen, is er gezocht naar een nieuwe Nederlandse indeling in drukfactoren, waarbij duidelijk onderscheid
wordt gemaakt tussen de oorzaken van drukfactoren (menselijke activiteiten en natuurlijke processen) en de
effecten (bv. versnippering, vermesting en verdroging). Door de landelijke EC-indeling te vertalen naar de
NL-indeling (en vice versa) is de informatie ook geschikter voor praktisch gebruik
Deelonderzoeken in en nabij het natuurgebied Geelbroek (fase 3) : effectiviteit buisdrainage, onderlinge samenhang van grondwaterstanden gemeten in ondiepe peilfilters en vergelijking historische en huidige grondwatertrap
Vroon, H.R.J. ; Massop, H.T.L. - \ 2015
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2669) - 103
buisdrainage - drainage - grondwaterstand - grondwater - drenthe - natuurgebieden - tile drainage - groundwater level - groundwater - natural areas
Bij de herinrichting van Geelbroek als natuurgebied wordt de waterhuishoudkundige inrichting van het gebied aangepast, voornamelijk door het te vernatten. Dit gebeurt door het laten dempen en dichtgroeien van sloten waardoor de afvoer van water wordt vertraagd en er meer water in het gebied wordt vastgehouden. In deze studie zijn drie deelonderzoeken m.b.t. Geelbroek uitgewerkt. In het eerste deelonderzoek is – voor een door de opdrachtgever aangegeven strook aangrenzende agrarisch gebied – een geschiktheidsbeoordeling voor normale buisdrainage uitgevoerd voor zowel weidebouw als akkerbouw. Voor de voorlopige beoordeling van de geschiktheid is o.a. gebruikgemaakt van informatie uit bodemkundig/hydrologisch onderzoek over o.m. de Gt, de doorlatendheid en de aard van het materiaal. De geschiktheid van natte gronden kan veelal duurzaam worden verbeterd door de aanleg van buisdrainage. Echter, door de ondiepe ligging van de keileem en andere storende lagen in een groot deel van het onderzochte gebied, resteren slechts weinig gronden waar het zandpakket voldoende dik is om goed te kunnen draineren. Voor het tweede deelonderzoek is bij zes bestaande peilbuislocaties een extra filter bijgeplaatst om te onderzoeken of in de reeds bestaande ondiepste filter de freatische grondwaterstand wordt gemeten. Uit de statistische analyse blijkt dat de grondwaterstanden in de nieuwe ondiep geplaatste filters significant verschillen van de bestaande peilfilters, echter de gemeten verschillen zijn voor de meeste buizen gering. Voor twee van de zes peilbuislocaties wordt geadviseerd het nieuw geplaatste filter te handhaven ten koste van de bestaande ondiepe filters; de overige vier kunnen worden verwijderd. Als derde deelonderzoek is de Gt-kaart uit het bodemkundig/hydrologisch onderzoek opgeschaald naar schaal 1 : 50.000 voor vergelijking met de historische Gt-kaart schaal 1 : 50.000 van de Bodemkaart. Uit de vergelijking blijkt dat zowel vernatting als verdroging is opgetreden sinds de jaren tachtig. Verdroging is veelal te wijten aan de toepassing van buisdrainage. Als mogelijke oorzaken van vernattting zijn te noemen: verwijderen van zaksloten, verhoging van winterpeil in de Ruimsloot, mogelijk uitstraling van het vernatte natuurgebied en daling van het maaiveld door oxidatie van het veen.
De kuddes van Ede, Rheden en Epe-Heerde
Kruk, M. van der; Maurice - Van Eijndhoven, M.H.T. ; Oldenbroek, K. - \ 2015
Zeldzaam huisdier 40 (2015)3. - ISSN 0929-905X - p. 6 - 9.
veluws heideschaap - kuddes (flocks) - veluwe - heidegebieden - natuurgebieden - diergezondheid - kenmerken - rassen (dieren) - schapenrassen - veluwe heath sheep - flocks - heathlands - natural areas - animal health - traits - breeds - sheep breeds
Deze keer de schijnwerpers op vier andere kuddes Veluwse heideschapen.
Die van Ede begrazen al heel lang de Ginkelse en Eder
hei. De huidige herders, Aart en Henk van den Brandhof, hebben in
respectievelijk de jaren ‘80 en ‘90 de kuddes overgenomen van hun
vader Bart. De kudde van Epe-Heerde begraast al meer dan vijftig
jaar de Renderklipen. Bij de oprichting van de kudde van Rheden in
de jaren zestig speelde de eigenares van het landgoed Heuvel een
belangrijke rol.
Basiskaart Natuur 2013 : een landsdekkend basisbestand voor de terrestrische natuur in Nederland
Kramer, H. ; Clement, J. - \ 2015
Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-technical report 41) - 76
natuurgebieden - natuur - geodata - geografische informatiesystemen - vegetatie - landgebruik - monitoring - nederland - natural areas - nature - geographical information systems - vegetation - land use - netherlands
De Basiskaart Natuur 2013 (BKN2013) is een basisbestand waarin het areaal natuurgebied in Nederland is opgenomen. BKN2013 is een rasterbestand met een celgrootte van 25 bij 25 meter. In het bestand zijn 13 klassen opgenomen met een code en naam voor het betreffende grondgebruik. Het belangrijkste onderdeel van het bestand is het areaal natuur; volgens de gebruikte definitie van natuur in BKN2013 is dit 644.300 ha. Dit omvat de klassen natuurgraslanden (code 11), heide (30), bos (40), rietmoeras (80), stuifzanden (90) en duinen, strand en zandplaten (91). BKN2013 is voor het gebruik bij monitoring nog niet gevalideerd.
Inventarisatie potentiële locaties Tijdelijke Natuur in Nederland
Gies, T.J.A. ; Agricola, H.J. ; Beun, N.J. - \ 2015
Utrecht : InnovatieNetwerk (Rapport / InnovatieNetwerk nr. 15.2.335) - ISBN 9789050595254
natuurbeheer - braak - verlaten grond - bestemmingsplannen - inventarisaties - landgebruiksplanning - natuurontwikkeling - natuurgebieden - nature management - fallow - abandoned land - zoning plans - inventories - land use planning - nature development - natural areas
InnovatieNetwerk heeft in samenwerking met partijen uit de samenleving het concept ‘Tijdelijke Natuur’ ontwikkeld. Dit heeft ertoe geleid dat tot op heden dertig grondeigenaren op 2.000 ha tijdelijke natuur hebben laten ontstaan. Het concept houdt in dat op gronden die wachten op realisatie van bestemmingen zoals bedrijvigheid of wonen, natuur voor een beperkt aantal jaren een kans krijgt zich te ontwikkelen. Dit levert winst op voor mens én natuur. Het doel van het project is om inzichtelijk te maken wat de aard en omvang zijn van de locaties die potentieel geschikt zijn voor het concept ‘Tijdelijke Natuur’ in Nederland. Deze inventarisatie geeft een zo goed mogelijk landsdekkend beeld (gespecificeerd naar provincies en gemeenten) van potentiële locaties Tijdelijke Natuur.
Peilbuizenmeetnet in en rond het natuurgebied Geelbroek (fase 2)
Vroon, H.R.J. ; Massop, H.T.L. - \ 2015
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2654) - 105
grondwaterstand - bodemwater - monitoring - meetnetten - evaluatie - natuurgebieden - drenthe - groundwater level - soil water - monitoring networks - evaluation - natural areas
Op basis van het onderzoek kan worden geconcludeerd dat het grondwaterstandsmeetnet voldoende houvast biedt om op gebiedsniveau de huidige en toekomstige hydrologische situatie te beschrijven en eventuele veranderingen als gevolg van waterhuishoudkundige ingrepen in het gebied Geelbroek te monitoren en op gebiedsniveau te kwantificeren. Het meetnet is geschikt voor de onderbouwing van de GHG- en GLG-veldschattingen op perceelsniveau, die over ca. vijf jaar zullen worden uitgevoerd
Droge vergisting van berm- en natuurgras
Zwart, K.B. ; Boer, D. de - \ 2015
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2661)
wegbermen - natuurgebieden - grasmaaisel - biomassa - compostering - co-vergisting - biogas - biobased economy - roadsides - natural areas - grass clippings - biomass - composting - co-fermentation
Dit rapport beschrijft de resultaten van de proef met droge vergisting van bermgras en natuurgras. Daarbij wordt niet alleen aandacht besteed aan de hoeveelheid biogas die geproduceerd kan worden, maar ook aan de kwaliteit van de geproduceerde compost en aan de duurzaamheid van deze vorm van verwerking. Of vergisting economisch aantrekkelijker is dan compostering valt op dit moment nog niet te zeggen.
Entomofauna van Flevoland : Verslag van de 164e zomerbijeenkomst te Kraggenburg
Cuppen, J.G.M. - \ 2015
Entomologische Berichten 70 (2015)6. - ISSN 0013-8827 - p. 190 - 212.
heteroptera - coleoptera - isopoda - diploptera - insecten - inventarisaties - ecologische entomologie - natuurgebieden - flevoland - insects - inventories - ecological entomology - natural areas
Op terreinen van Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en Flovolandschap is een inventarisatie uitgevoerd door 36 leden van de NEV. De gebieden die onderzocht zijn: Kuinderbos, Urkerbos, Voorsterbos, Harderbos, Knarbos, Winkelse Zand en Harderbroek. In dit artikel worden gedetailleerd de vindplaatsen geïnventariseerd, met daarnaast uitvoerige beschrijvingen van de gevonden soorten
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.