Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 89

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==provinces
Check title to add to marked list
Nationale parken in transitie : governance-implicaties van een veranderend beleidskader
Pleijte, M. ; During, R. ; Michels, R. - \ 2016
Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-paper 47) - 8 p.
nationale parken - natuurbeleid - decentralisatie - overheidsbeleid - provincies - regionaal beleid - nederland - national parks - nature conservation policy - decentralization - government policy - provinces - regional policy - netherlands
De nationale parken verkeren in een transitie. Met de decentralisatie van het natuurbeleid heeft het Rijksinds januari 2013 veel Rijkstaken voor nationale parken laten vallen. Het Rijk is alleen nog verantwoordelijkom nationale parken in te stellen en te begrenzen. Provincies konden zelf beslissen of zij die vervallenRijkstaken al dan niet overnamen. Hierdoor is onduidelijk geworden wie nu verantwoordelijk is voor denationale parken en waar ze hun middelen vandaan moeten halen. Dit heeft geleid tot een zoektocht naarregionale inbedding en nieuwe financieringsvormen. Daarbij zijn grote verschillen ontstaan tussen nationaleparken. Het merendeel van de nationale parkorganisaties is hierdoor bezig met overleven.
Verkenning indicatoren voor de beoordeling van terrestrische natuurkwaliteit op provinciaal schaalniveau
Greft-van Rossum, J.G.M. van der; Zee, F.F. van der; Knegt, B. de; Pouwels, R. - \ 2016
Wageningen : Wageningen Environmental Research (Wageningen Environmental Research rapport 2750) - 27
natuur - provincies - natuurbeheer - ecologische beoordeling - kwaliteit - indicatoren - nature - provinces - nature management - ecological assessment - quality - indicators
Provincies in Nederland zijn na de decentralisatie meer verantwoordelijk voor de natuurkwaliteit in de provincies. Om de outcome van het natuurbeleid te kunnen monitoren en hierover de Provinciale Staten te kunnen informeren, hebben provincies behoefte aan indicatoren die de kwaliteit van de natuur in de provincie weergeven. De afgelopen jaren is deze kwaliteit in Nederland op verschillende wijzen beoordeeld. Ook zijn enkele provincies gestart met het ontwikkelen van provinciale indicatoren. Het is echter onbekend of alle provincies dezelfde indicatoren willen gebruiken en in hoeverre deze samenhangen met indicatoren op landelijk schaalniveau. In dit project wordt een overzicht gegeven van indicatoren voor de terrestrische natuur en op basis van enkele schema’s wordt de samenhang van de indicatoren weergegeven. Deze schema’s geven inzicht waar provinciale indicatoren mogelijk goed aansluiten bij nationale indicatoren en waar eventuele knelpunten liggen voor een uitwerking op provinciaal niveau. Aandachtspunt daarbij is optimaal gebruik van monitoringssystemen. Naast de indicatoren die momenteel gebruikt worden, is er behoefte aan indicatoren voor het agrarisch gebied en het stedelijk gebied.
Inzicht in verdroging TOP-gebieden via stambuisregressie
Gelderen, van, J. ; Knotters, M. ; Winsen, van, S. - \ 2015
H2O online (2015). - 6 p.
natuurgebieden - verdroging - ecohydrologie - grondwaterstand - monitoring - provincies - utrecht - natural areas - desiccation - ecohydrology - groundwater level - provinces
De provincie Utrecht heeft als een van de eerste provincies de verdrogingssituatie van haar TOP-natuurgebieden bepaald met stambuisregressie. Hiervoor zijn meetrondes met gerichte grondwateropnames uit voorjaar en zomer gekoppeld aan stambuis-grondwatermeetreeksen. Deze methodiek heeft een statistische basis, waarmee zuivere schattingen zijn verkregen van oppervlaktepercentages die voldoen aan de hydrologische randvoorwaarden voor het betreffende (natuur)gebied (GxG). De intensieve veldmeetcampagne is met een gedegen voorbereiding goed uitvoerbaar. De provincie zal over enige jaren – opnieuw met deze methode – de aanpak van de verdrogingsbestrijding in de Utrechtse TOP-natuurgebieden evalueren.
The role of leadership in regional climate change adaptation : A comparison of adaptation practices initiated by governmental and non-governmental actors
Meijerink, Sander ; Stiller, Sabina ; Keskitalo, E.C.H. ; Scholten, Peter ; Smits, Robert ; Lamoen, Frank van - \ 2015
Journal of Water and Climate Change 6 (2015)1. - ISSN 2040-2244 - p. 25 - 37.
Adaptation to climate change - Complexity theory - Leadership - Multi-level governance - Water governance - climate adaptation - governance - regional planning - international comparisons - water management - provinces - municipalities - netherlands - germany - uk - klimaatadaptatie - leiderschap - regionale planning - internationale vergelijkingen - waterbeheer - provincies - gemeenten - nederland - duitsland - verenigd koninkrijk

This paper aims to better understand the role of leadership in regional climate change adaptation. We first present a framework, which distinguishes five functions of leadership within inter-organizational networks: the connective, enabling, adaptive, political–administrative and dissemination functions. Next, we compare the role of leadership in two examples of regional adaptation practices which were initiated by governmental actors with two examples which were initiated by non-governmental actors. The case studies are located in the Netherlands, Germany and the UK. Our research question is twofold: to what extent can the five functions of leadership be identified in practices of climate change adaptation, and are there differences in the patterns of leadership between adaptation practices which are initiated by governmental and by non-governmental actors? The study shows that although all leadership functions were fulfilled in all four cases, patterns of leadership were different and the fulfilment of leadership functions posed different challenges to non-governmental actors and governmental actors.

Kansen in de keten : naar een weerbare plantaardige sector in Noord-Holland
Schans, J.W. van der; Vader, J. ; Kuhlman, J.W. ; Splinter, G.M. ; Ruijs, M.N.A. ; Janssens, S.R.M. ; Venema, G.S. - \ 2015
The Hague : LEI Wageningen UR - 20 p.
tuinbouw - akkerbouw - regionale economie - noord-holland - provincies - landbouwindustrie - voedselproductie - economische ontwikkeling - glastuinbouw - sierteelt - vollegrondsgroenten - agro-industriële ketens - horticulture - arable farming - regional economics - provinces - agribusiness - food production - economic development - greenhouse horticulture - ornamental horticulture - field vegetables - agro-industrial chains
In deze publicatie wordt ingegaan op de huidige positie van de primaire sector en andere relevante schakels in de keten in Nederland en Noord-Holland. De belangrijke trends worden bekeken en nagegaan wordt waar deze kansen bieden en welke handelingsperspectieven er zijn voor de sector. Vervolgens wordt ingegaan op de potentiële rol van de provincie daarbij. De auteurs beperken zich, op verzoek van de provincie, tot de plantaardige sectoren in Noord-Holland, namelijk de glastuinbouw, sierteelt, akkerbouw en vollegronds groenten. De publicatie is gebaseerd op expert judgement van de betrokken onderzoekers en niet op nieuw uitgevoerd onderzoek.
Weinig verdriet bij afscheid rijkslandschapsbeleid
Dirkx, G.H.P. - \ 2015
Landschap : tijdschrift voor landschapsecologie en milieukunde 32 (2015)4. - ISSN 0169-6300 - p. 189 - 193.
Rijkslandschapsbeleid, - landscape management - government policy - deregulation - regional policy - physical planning - provinces - national landscapes - landschapsbeheer - overheidsbeleid - deregulering - regionaal beleid - ruimtelijke ordening - provincies - nationale landschappen
Met de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte kwam er een einde aan grofweg een halve eeuw rijkslandschapsbeleid.
Hoewel dit tot de nodige commotie leidde, is het de vraag of er veel verloren is gegaan. Het
beleidsveld staat als zwak te boek. Dat is gezien de wijze waarop het was ingevuld, ook niet zo verwonderlijk.
Tijd voor een nieuwe aanpak?
Grote investering in natuurherstel vereist onderzoek. Kennisontwikkeling is van doorslaggevend belang voor het slagen van de PAS
Bobbink, R. ; Jansen, A. ; Siepel, H. ; Verstrael, T. ; Wiersinga, W. - \ 2015
Vakblad Natuur Bos Landschap 12 (2015)113. - ISSN 1572-7610 - p. 3 - 5.
natuurbeheer - herstel - stikstof - herstelbeheer - wetenschappelijk onderzoek - kennismanagement - provincies - nature management - rehabilitation - nitrogen - restoration management - scientific research - knowledge management - provinces
De Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) moet in de komende achttien jaar zorgen dat stikstofgevoelige natuur weer opfleurt in Natura 2000-gebieden: er wordt gestreefd naar een combinatie van economische ontwikkeling, dalende stikstofdepositie en natuurherstel. Daarvoor worden in de komende tijd flinke investeringen gedaan. Om de kans op succes te vergroten, en de altijd aanwezige risico’s zo klein mogelijk te houden, is begeleidend wetenschappelijk onderzoek van groot belang. Het Kennisnetwerk OBN kan een grote bijdrage leveren aan de opzet, begeleiding en toetsing van toekomstig onderzoek zodat de PAS-herstelmaatregelen echt effectief zijn.
Het nieuwe stelsel agrarisch natuurbeheer: wat mogen we ervan verwachten?
Melman, T.C.P. - \ 2015
Vakblad Natuur Bos Landschap 2015 (2015)mei. - ISSN 1572-7610 - p. 4 - 7.
agrarisch natuurbeheer - natuurbeleid - landschapsbeheer - habitats - soorten - provincies - sociaal kapitaal - samenwerking - agri-environment schemes - nature conservation policy - landscape management - species - provinces - social capital - cooperation
Per januari 2016 gaat een vernieuwd stelsel voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer van start. Het is bedoeld om het agrarisch natuur- en landschapsbeheer effectiever te maken en formeel alleen gericht op de 67 soorten waarvoor Nederland in EU verband verplichtingen heeft. Agrarische collectieven gaan het beheer doen, de verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij de provincies en het rijk is systeemverantwoordelijk.
Vernieuwing in het provinciaal natuurbeleid : vooronderzoek voor de evaluatie van het Natuurpact
Kuindersma, W. ; Boonstra, F.G. ; Arnouts, R. ; Folkert, R. ; Fontein, R.J. ; Hinsberg, A. van; Kamphorst, D.A. - \ 2015
Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-technical report 35)
natuurbeleid - beleidsevaluatie - provincies - decentralisatie - ecologische hoofdstructuur - natura 2000 - natuurontwikkeling - agrarisch natuurbeheer - nature conservation policy - policy evaluation - provinces - decentralization - ecological network - nature development - agri-environment schemes
In dit rapport staat het provinciaal natuurbeleid van na de decentralisatie van 2011/2011 centraal. Het natuurbeleid van de twaalf provincies is vergeleken aan de hand van vijf thema’s: (1) Natuurnetwerk Nederland; (2) agrarisch natuurbeheer; (3) soortenbeleid; (4) natuur en economie en (5) maatschappelijke betrokkenheid. Daarbij zijn de belangrijkste overeenkomsten en verschillen in het natuurbeleid van deze provincies in beeld gebracht. Ook zijn de belangrijkste vernieuwingen in dit beleid geïnventariseerd. Dit zijn: (1) de stelselvernieuwing agrarisch natuurbeheer; (2) procesbeheer natuur; (3) natuur op uitnodiging; (4) nieuwe uitvoeringsarrangementen en (5) natuur-inclusieve landbouw. In de evaluatie van het Natuurpact in 2016 zullen deze vernieuwingen nader worden geanalyseerd
Evaluatie van het Natuurpact : een voorstel voor een evaluatiekader
Folkert, R. ; Arnouts, R.C.M. ; Boonstra, F.G. ; Hinsberg, A. van; Kuindersma, W. - \ 2015
Den Haag : Planbureau voor de Leefomgeving (PBL-publicatienummer 1633) - 17
natuurbeleid - monitoring - decentralisatie - provincies - beleidsevaluatie - methodologie - nature conservation policy - decentralization - provinces - policy evaluation - methodology
In de afgelopen jaren is het natuurbeleid gedecentraliseerd. Het Rijk en de provincies hebben hierover afspraken vastgelegd in het Bestuursakkoord Natuur (2011) en het Natuurpact (2013). Het PBL evalueert eens in de drie jaar of het gevoerde natuurbeleid leidt tot het halen van de in het Natuurpact afgesproken doelen en of dit op een efficiënte wijze gebeurt. Om te bepalen waar de evaluatie over moet gaan, heeft het PBL samen met het Rijk en de provincies dit voorstel voor een evaluatiekader op hoofdlijnen ontwikkeld.
Nieuw stelsel agrarisch natuurbeheer : ex ante evaluatie provinciale natuurbeheerplannen
Melman, T.C.P. ; Doorn, A.M. van; Schotman, A.G.M. ; Zee, F.F. van der; Blanken, H. ; Martens, S. ; Sierdsema, H. ; Smidt, R.A. - \ 2015
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2633) - 65
natuurbeleid - soortendiversiteit - habitats - provincies - beleidsevaluatie - nature conservation policy - species diversity - provinces - policy evaluation
De (ontwerp-)provinciale natuurbeheerplannen, onderdeel van het stelsel ANLb-2016, zijn geanalyseerd op hun doelbereik voor het beleid rond agrarisch natuurbeheer. Gehanteerde criteria zijn: aandacht voor soorten uit het landelijke doelenkader (67 soorten); criteria voor de geschiktheid van de leefgebieden; topografische begrenzingen van de leefgebieden
Provincies en groene burgerinitiatieven : Sturingsfilosofie, rollen en instrumenten van provincies bij het samenspel met groene burgerinitiatieven
Salverda, I.E. ; Pleijte, M. - \ 2015
Wageningen : Wageningen UR Alterra
provincies - natuurbeleid - natuurbeheer - burgers - participatie - publieke participatie - sociale participatie - provinces - nature conservation policy - nature management - citizens - participation - public participation - social participation
Naast de decentralisatie van het natuurbeleid hebben provincies ook te maken met vermaatschappelijking van het natuurbeleid. In dat kader bevinden provincies zich in een zoektocht naar hun rol bij groene burgerinitiatieven. Deze brochure gaat over de rollen die provincies kunnen spelen bij het samenspel met groene burgerinitiatieven. We schetsen mogelijke rollen, instrumenten en achterliggende sturingsfilosofieën, en geven enkele voorbeelden van provincies ter illustratie. Provincies zijn niet allemaal even ver in hun zoektocht, en maken verschillende keuzes. Tijdens een intervisiebijeenkomst van het leernetwerk ‘Samenspel tussen burgerinitiatieven en overheden in het groene domein’ hebben medewerkers vanuit zes verschillende provincies hun keuzes voor rollen en instrumenten en eventuele achterliggende sturingsfilosofieën toegelicht. De voorbeelden die wij in deze brochure aanhalen zijn door hen ingebracht tijdens deze intervisiebijeenkomst. Lezers dienen provincies niet met deze voorbeelden te vereenzelvigen. Dit zou provincies tekort doen, omdat er binnen een provincie verschillende aanpakken voor verschillende situaties bestaan.
Spatio-temporal availability of field crop residues for biofuel production in Northwest and Southwest China
Han, L. ; Wang, X. ; Spiertz, J.H.J. ; Yang, L. ; Zhou, Y. ; Liu, J. ; Xie, G. - \ 2015
Bio Energy Research 8 (2015)1. - ISSN 1939-1234 - p. 402 - 414.
biomass energy-utilization - straw return - soil carbon - bioenergy - nitrogen - resources - provinces - rice
Developing bioenergy from plant feedstocks is considered an opportunity to reduce greenhouse gas emissions and secure biofuel supply. This study is an assessment of the availability of field crop residues for bioenergy feedstocks in northwest China (NWC) and southwest China (SWC). The amount of field crop residues was calculated by analyzing statistical data on crop acreages and yields at the provincial and county levels in the NWC and SWC regions. Total residue mass varied from 58.1 to 62.0 million tons (Mt) in NWC and from 92.8 to 97.2 Mt in SWC from 2008 to 2010. Field residues accounted for 86 % in NWC and 94 % in SWC of the total residue mass; the process residue mass accounted for 14 and 6 % of the total residue mass in the NWC and SWC, respectively. In the NWC region, wheat, maize, and cotton were the main crops, providing 17.0, 14.0, and 8.1 Mt of the field residue mass, respectively. In the SWCregion, rice, maize, and canola provided 30.6, 15.2, and 9.7 Mt of the total residue mass, respectively. In NWC, maize cob (1.98 Mt) and cotton seed hull (1.93Mt) formed the majority of the process residues. In SWC, rice hull (5.9 Mt), maize cob (3.7 Mt), and sugarcane bagasse (3.2 Mt) were the main contributors. Most crop residues became available from August to September in the NWC region, whereas harvesting was spread over the whole year in the SWC region. Converted to standard coal equivalent (SCE), total residues in the NWC region amounted to 32.6–34.1 Mt SCE, with 30.7 Mt of field residues and 2.7 Mt of process residue mass. In the SWC region, the total residue mass was equivalent to 48.7–50.8 Mt SCE, including 42.5 Mt of field residues and 7.2 Mt of process residues. Total crop residue availability for biofuels amounted to 16.9 and 28.1 Mt of field residues in NWC and SWC, respectively. Considering transport conditions, surplus amounts, residue densities, and harvest timings, Chongqing Municipality and Shaanxi province showed the best conditions for producing biofuel feedstocks.
Communicatie over Faunabeheer en Schadebestrijding, Een inventarisatie van communicatiestrategieën in de praktijk van FBE's
Smit, A. ; Hoon, C. ; Lanters, R. - \ 2015
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2611) - 29
wildbeheer - jachtdieren - burgers - opinies - emoties - beleidsprocessen - provincies - nederland - wildlife management - game animals - citizens - opinions - emotions - policy processes - provinces - netherlands
Het Faunafonds vraagt zich af hoe op dit moment de communicatie over Faunabeheer is geregeld, hoe dat in de praktijk uitpakt en of de weerstand in het veld of via de politiek de uitvoering van het Faunabeheerplan belemmert. Hiertoe is literatuuronderzoek gedaan en zijn de secretarissen van de FBE’s in alle provincies telefonisch geïnterviewd. De door het Faunafonds verwachte vertraging in de uitvoering van Faunabeheerplannen door publieke en politieke weerstand wordt door FBE’s niet herkend en onderschreven. Er is wel weerstand, maar deze is volgens de FBE’s hanteerbaar en lijkt de laatste jaren af te nemen. De FBE’s geven bovendien aan dat de vertraging vooral in juridische trajecten zit. Ze zien daar geen rol voor communicatie. De FBE’s geven aan wel behoefte te hebben aan ondersteuning in de communicatie, hoewel die behoefte zeer divers is.
Ontwikkeling dieraantallen tot 2020; Provinciaal gedifferentieerde scenario’s
Koeijer, T.J. de; Jager, J.H. ; Blokland, P.W. ; Bondt, N. ; Horne, P.L.M. van; Hoste, R. - \ 2014
Den Haag : LEI Wageningen UR (Nota / LEI 14-087) - 26
aantallen vee - veetellingen - melkvee - pluimvee - varkens - bedrijfsgrootte in de landbouw - provincies - nederland - livestock numbers - livestock censuses - dairy cattle - poultry - pigs - farm size - provinces - netherlands
In het kader van de PAS wordt per provincie de depositieruimte en de behoefte aan ontwikkelingsruimte in 2020 en 2030 in kaart gebracht. Om de behoefte aan ontwikkelingsruimte te kunnen bepalen, is allereerst inzicht nodig in de te verwachten ontwikkeling van de veehouderij en de bijbehorende dieraantallen in 2020. Voor zowel de ontwikkeling van de melkvee- als de varkens- en de pluimveehouderij is door respectievelijk de provincie Friesland en de provincie Overijssel een scenario voor 2020 opgesteld. Echter, in deze scenario’s is geen rekening gehouden met provinciale verschillen. Om de te verwachten depositie per provincie zo nauwkeurig mogelijk te kunnen berekenen, is het daarom van belang dat de scenario’s met betrekking tot de verwachte ontwikkeling van de veehouderij per provincie worden verfijnd. Het doel van dit onderzoek is de door de provincies Friesland en Overijssel ontwikkelde scenario’s met betrekking tot de ontwikkeling van de dieraantallen per provincie nader te onderbouwen en per provincie verder te verfijnen.
Evaluatie landinrichtingsinstrumentarium Wet inrichting landelijk gebied
Boonstra, F.G. ; Bruil, W. ; Fontein, R.J. ; Haas, W. de - \ 2014
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2595) - 57
landinrichting - kavels - grondeigendom - wetgeving - instrumentatie - agrarisch recht - provincies - salland - land development - allotments - land ownership - legislation - instrumentation - agricultural law - provinces
Deze beleids- en wetsevaluatie van de landinrichtingsregels uit de Wet inrichting landelijk gebied toont dat inzet van het landinrichtingsinstrumentarium voor doorzettingsmacht zorgt bij de aanpak van meervoudige inrichtingsopgaven in het landelijk gebied. Doorzettingsmacht alleen is hiervoor echter niet voldoende. Om succes te hebben moeten gebiedspartijen ervan overtuigd zijn dat landinrichting nodig is en zich mede-eigenaar voelen van het proces. De meerwaarde van landinrichting ten opzichte van integrale vrijwillige gebiedsprocessen bestaat uit meer zekerheid over doelbereik voor de overheid, realisatie van een optimale verkaveling, meer rechtszekerheid voor belanghebbenden en de mogelijkheid om meerdere verwervingsinstrumenten in te zetten. Ondanks deze voordelen is het aantal landinrichtingsprojecten de afgelopen decennia gestaag afgenomen. Veel provincies associëren landinrichting met langdurige en ingewikkelde processen en/of vinden het instrumentarium niet passen bij de aard van de huidige opgaven. Verder schrikken zij vaak terug voor het dwingende karakter van landinrichting. Wijzigingen in de Wilg en recente procesvernieuwingen hebben aan deze beeldvorming weinig veranderd.
Kennis voor provincies : Vier modellen voor samenwerking in het Beleidsondersteunend Onderzoek in het natuurdomein
Haas, W. de; Vullings, W. ; Boonstra, F.G. - \ 2014
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR - 18
natuurbeleid - decentralisatie - provincies - wetenschappelijk onderzoek - besturingen - financieel beheer - nature conservation policy - decentralization - provinces - scientific research - controls - financial management
Bij de decentralisatie van het natuurbeleid naar provincies is er niet voor gekozen de BO-gelden ten behoeve van onderzoek voor natuurbeleid mee te decentraliseren. Dus hoewel het natuurbeleid is overgedragen aan de provincies, blijft de financiering van het natuuronderzoek bij EZ. In het kader van de overdracht van het natuurbeleid, ligt het echter voor de hand dat provincies ook een rol krijgen in de aansturing van het beleidsondersteunend onderzoek op het terrein van natuur.
Nieuw stelsel agrarisch natuurbeheer : criteria voor leefgebieden en beheertypen
Melman, T.C.P. ; Buij, R. ; Hammers, M. ; Verdonschot, R.C.M. ; Riel, M.C. van - \ 2014
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2585) - 53
agrarisch natuurbeheer - habitatrichtlijn - provincies - natuurbeleid - flora - fauna - subsidies - nederland - agri-environment schemes - habitats directive - provinces - nature conservation policy - netherlands
In het nieuwe stelsel Agrarisch Natuur en Landschapsbeheer (ANLb-2016) worden vier agrarisch leefgebieden onderscheiden en daarbinnen 10 beheertypen. Deze eenheden vormen de basiseenheden van het stelsel waarvan het beheer in zogenaamde gebiedsplannen zal worden uitgewerkt. Voor deze eenheden zijn op basis van ecologische kennis kwalitatieve en kwantitatieve criteria uitgewerkt. De criteria zijn bedoeld als hulpmiddel voor het opstellen en beoordelen van gebiedsplannen. De soortenfiches, soortenmaatregelen en de eerder genoemde leefgebiedenbeschrijving, opgesteld door Wouter van Heusden, zijn gebruikt als uitgangspunt.
Bouwstenen voor de Kennisagenda Natuurlijk! Ondernemen
Burg, S.W.K. van den; Borgstein, M.H. ; Blaeij, A.T. de; Vader, J. ; Reinhard, A.J. - \ 2014
Den Haag : LEI Wageningen UR - 50
natuurbeleid - provincies - kennismanagement - onderzoeksprojecten - inventarisaties - nature conservation policy - provinces - knowledge management - research projects - inventories
Kern van de Rijksnatuurvisie 2014 is een omslag in denken: van natuur beschermen tégen de samenleving naar natuur versterken mét de samenleving: natuur en economie profiteren van elkaar. De visie geeft een beeld van de rol die het Rijk, de provincies, andere overheden, de Europese Unie, maatschappelijke organisaties, bedrijven en burgers in de toekomst van het natuurbeleid spelen. De Rijksnatuurvisie 2014 is een belangrijk kader waarbinnen het team Natuurlijk! Ondernemen opereert. Dit project heeft tot doel om bouwstenen aan te dragen voor een kennisagenda voor het team van Economische Zaken.
Groen dichterbij : Wat maakt groene buurtprojecten tot een succes?
Luttik, J. ; Aalbers, C.B.E.M. ; Donders, J.L.M. ; Langers, F. - \ 2014
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2571) - 34
openbaar groen - ontwerp - kinderen - natuur- en milieueducatie - projecten - evaluatie - provincies - public green areas - design - children - nature and environmental education - projects - evaluation - provinces
'Groen Dichterbij' is een campagne van IVN, het Oranje Fonds, Buurtlink.nl en SME Advies die groene buurtprojecten ondersteunt met geld en advies. Alterra heeft voor Groen Dichterbij een onderzoek uitgevoerd naar succes- en faalfactoren en sociale effecten van deze groene buurtprojecten. De effecten van groene buurtprojecten gaan verder dan de vergroening van de buurt alleen. Ze gaan ook over elkaar ontmoeten, begrip tonen, samenwerken en het uitwisselen van kennis en ervaring over de natuur.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.