Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 86

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==rundveedrijfmest
Check title to add to marked list
Beoordeling mogelijke PAS maatregelen : plausibiliteit van werking Agriton systeem
Melse, R.W. ; Ogink, N.W.M. - \ 2015
Wageningen : Wageningen UR Livestock Research (Livestock Research rapport 901) - 159
rundveehouderij - rundveedrijfmest - toevoegingen - ammoniakemissie - emissiereductie - mestverwerking - cattle husbandry - cattle slurry - additives - ammonia emission - emission reduction - manure treatment
Beoordeling van de mogelijke werking van het AGRITON systeem om ammoniakemissie uit rundveestallen tegen te gaan. De maatregel behelst het op regelmatige basis toevoegen van een middel aan verse rundveedrijfmest in de mestkelder.
Producten uit rundermest : de landbouwkundige waarde onderzocht
Curth-van Middelkoop, J.C. ; Verdoes, N. - \ 2015
V-focus 12 (2015)3. - ISSN 1574-1575 - p. 18 - 19.
rundveehouderij - rundveemest - mestverwerking - mestoverschotten - mineralen - rundveedrijfmest - raffineren - organische stof - cattle husbandry - cattle manure - manure treatment - manure surpluses - minerals - cattle slurry - refining - organic matter
Sinds 2014 zijn veehouders verplicht een deel van hun mestoverschot te laten verwerken. Veehouders kunnen dit regelen door mestverwerkingsovereenkomsten af te sluiten met mestverwerkers. Dit artikel beschrijft de landbouwkundige waarde van diverse meststoffen die verwerking van rundermest oplevert.
Cattle slurry on grassland - application methods and nitrogen use efficiency
Lalor, S.T.J. - \ 2014
Wageningen University. Promotor(en): Oene Oenema, co-promotor(en): Jaap Schroder; Egbert Lantinga. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789461738264 - 184
graslanden - rundveedrijfmest - bemesting - nutriëntengebruiksefficiëntie - stikstof - melkveehouderij - emissiereductie - grasslands - cattle slurry - fertilizer application - nutrient use efficiency - nitrogen - dairy farming - emission reduction

Cattle slurry represents a significant resource on grassland-based farming systems. The objective of this thesis was to investigate and devise cattle slurry application methods and strategies that can be implemented on grassland farms to improve the efficiency with which nitrogen (N) in cattle slurry is recycled. The research focused on slurry application method and timing techniques that have been shown to reduce ammonia emissions following slurry application. Further, it was investigated whether the reduction in ammonia emissions translates into an increase in the N fertiliser replacement value (NFRV) of applied slurry. The study also included an economic analysis of the costs and benefits of low-emission slurry application methods, including a sensitivity analysis of the impact of costs that are likely to vary between farms.

A modelling study showed that low-emission application methods, which reduce herbage contamination and therefore permit slurry application into taller grass swards, increase the opportunity for application in spring when the slurry NFRV is relatively high due to the prevailing weather conditions that reduce ammonia volatilisation. The extent to which the opportunity for application in spring can be extended is affected by soil type, with more opportunity being afforded on more freely drained soil types. The extent to which herbage contamination is reduced by the low-emission application method was also affected by the grass height at application. Application methods that permit damage free traffic into taller swards permit greater potential to extend the opportunity for spring application.

In multi-year and multi-site field experiments, the NFRV of cattle slurry applied to grassland was increased by application using trailing shoe in short grass swards compared with conventional broadcast application using splash-plate. The NFRV was also higher when slurry was applied in April compared with June. However, there was no advantage over splash-plate in using the trailing shoe application method in taller grass swards, as the damage to the sward by the machinery traffic negated the benefits of reduced ammonia volatilisation.

An economic assessment showed that there was a net cost associated with adopting low-emission application methods on farms. The benefit of mineral N fertiliser savings due to ammonia emission abatement was not sufficient to offset the additional costs of adoption. The sensitivity analysis showed that the factors that had greatest impact on the costs were the assumed ammonia emission abatement potentials, the volume of slurry being applied annually with each machine, and the hourly work rate of the equipment. The capital costs of increased tractor power contributed significantly to the total capital costs of adoption of low-emission equipment.

The results of this work were combined with literature data to devise updated NFRVs for slurry application to grassland in Ireland. The new advice includes differentiation of NFRVs based on application method, timing and residual N release. This represents a major step forward in advice to farmers for slurry application, and farmers have responded through improved management of application timing. The study shows that the combination of more application in spring and adopting low-emission application methods have a role to play in improving N efficiency from slurry in the future.

Beste alternatief voor mest tegen stuiven : drijfmest ingeregend even werkzaam als runderdrijfmest
Verhoeven, J.T.W. - \ 2013
Nieuwe oogst / LTO Noord. Editie Noord 9 (2013)8. - ISSN 1871-0875 - p. 4 - 5.
erosiebestrijding - winderosie - rundveedrijfmest - alternatieve methoden - landbouwkundig onderzoek - akkerbouw - erosion control - wind erosion - cattle slurry - alternative methods - agricultural research - arable farming
PPO heeft de alternatieven voor runderdrijfmest tegen stuiven onderzocht. Runderdrijfmest ingeregend met water werkt goed bij geringe meerkosten.
Stikstofwerking van organische meststoffen op bouwland : resultaten van veldonderzoek in Wageningen in 2010-11 en 2011-12
Schroder, J.J. ; Uenk, D. ; Visser, W. de; Ruijter, F.J. de; Assinck, F.B.T. ; Velthof, G.L. - \ 2012
Wageningen : Plant Research International (Rapport / Plant Research International 461) - 60
bemesting - organische meststoffen - kunstmeststoffen - digestaat - varkensdrijfmest - rundveedrijfmest - concentraten - veldproeven - nutriëntengebruiksefficiëntie - nitraatuitspoeling - maïs - akkerbouw - fertilizer application - organic fertilizers - fertilizers - digestate - pig slurry - cattle slurry - concentrates - field tests - nutrient use efficiency - nitrate leaching - maize - arable farming
De stikstofwerking van organische meststoffen uit mestverwerking is in 2010 en 2011 vergeleken met de stikstofwerking van onbewerkte mesten. Daartoe is het effect van mineralenconcentraat, varkensdrijfmest, rundveedrijfmest, dikke fractie van gescheiden varkensdrijfmest, dikke fractie van het gescheiden digestaat van suikerbietenloof, rundveestalmest, zwavelzure ammoniak-kunstmest en kalkammonsalpeter op de opbrengst van snijmaïs bepaald. De proef is er ook op gericht om het niet-werkzame deel van de stikstofgift nader te verklaren. Daartoe is een deel van het proefveld na de oogst van de snijmaïs met een rogge-vanggewas ingezaaid en in het voorjaar volgend op de bemesting de stikstofuitspoeling bepaald.
Snijmaïs met beperkt kunstmest fosfaat = Silage maize with limited phosphate fertiliser
Schooten, H.A. van; Riel, J.W. van - \ 2011
Lelystad : Wageningen UR Livestock Research (Rapport / Wageningen UR Livestock Research 499) - 38
bemesting - maïs - rijenbemesting - kunstmeststoffen - stikstof - fosfaat - rundveedrijfmest - zandgronden - veldproeven - fertilizer application - maize - band placement - fertilizers - nitrogen - phosphate - cattle slurry - sandy soils - field tests
In 2008 and 2010 field research was carried out on sandy soil with different forms of starter fertilisation in silage maize at different fertilisation levels of nitrogen and phosphate. No differences were found in yield and composition of the silage maize among the forms of starter fertilisation studied. A supplementary amount of nitrogen from fertiliser in addition to an amount of slurry had a yield-increasing effect, while a supplementary phosphate amount had hardly any effect.
Stikstofwerking van de dunne en dikke fractie van rundveemest in maísland en grasland : resultaten 2008, 2009 en 2010
Verloop, J. ; Hilhorst, G.J. - \ 2011
Wageningen : Plant Research International (Rapport / Plant Research International 396)
maïs - zea mays - graslanden - rundveemest - koeienuitwerpselen - rundveedrijfmest - stikstof - nutriëntengebruiksefficiëntie - maize - grasslands - cattle manure - cattle dung - cattle slurry - nitrogen - nutrient use efficiency
Het doel van dit project is het verkennen van de perspectieven van mestscheiding voor de melkveehouderij. Dit gebeurt door het uitvoeren van scheidingsexperimenten, door raadplegen van deskundigen en door het bepalen van de bemestende waarde van scheidingsproducten in veldexperimenten.
Maïsteelt en mestscheiding : langetermijneffecten op organische stof
Deru, J. ; Burgt, G.J.H.M. van der; Eekeren, N.J.M. van; Wientjes, H. - \ 2010
V-focus 7 (2010)6. - ISSN 1574-1575 - p. 20 - 22.
mineralen - maïs - rundveedrijfmest - vloeibare meststoffen - organische stof - scheiding - bemesting - mestverwerking - concentraten - minerals - maize - cattle slurry - liquid manures - organic matter - separation - fertilizer application - manure treatment - concentrates
Een groep veehouders uit de Brabantse Kempen onderzoekt het gebruik van de dunne fractie en mineralenconcentraat in gras en maïs. Dit gebeurt in het project 'Fosfaat: de bodem als bron' onder leiding van CLM, DLV en Louis Bolk Instituut. Doel van de veehouders is om uiteindelijk in eigen beheer mest te gaan scheiden. Binnen het project is het effect van het gebruik van dunne fractie en mineralenconcentraat op de bodemorganische stof bij maïsteelt onderzocht met het model NDICEA.
Ontsluiting van mest voor hogere energieproductie en technieken voor mestdroging
Timmerman, M. - \ 2010
Wageningen : Wageningen UR (BO-12.02-006 18) - 2
biogasmest - biogas - rundveedrijfmest - varkensdrijfmest - water - mestverwerking - mestvergisting - gasproductie - biobased economy - biogas slurry - cattle slurry - pig slurry - manure treatment - manure fermentation - gas production
De hoeveelheid biogas die via anaerobe vergisting per m3 rundvee- en varkensdrijfmest wordt geproduceerd is relatief gering. Dit wordt enerzijds veroorzaakt doordat drijfmest voor het overgrote deel (>90%) uit water bestaat en anderzijds doordat het energiepotentieel in de organische stof maar deels wordt benut. In deze studie is gezocht naar mogelijkheden om de biogasproductie te verhogen teneinde mestverwerking rendabeler te maken.
Mestscheiding: relaties tussen techniek, kosten, milieu en landbouwkundige waarde
Schröder, J.J. ; Buisonjé, F.E. de; Kasper, G.J. ; Verdoes, N. ; Verloop, K. - \ 2009
Wageningen : Plant Research International (Rapport / Plant Research International 287)
dierlijke meststoffen - scheiding - rundveedrijfmest - kosten - energiegebruik - nederland - mestverwerking - animal manures - separation - cattle slurry - costs - energy consumption - netherlands - manure treatment
Op de meeste veehouderijbedrijven in Nederland worden urine, feces en spoelwater gemengd bewaard. De samenstelling van deze mengmest (‘drijfmest’) sluit landbouwkundig en milieukundig niet altijd goed aan bij de behoefte van specifieke gewassen, sectoren en regio’s. In verband daarmee wordt drijfmest over grote afstanden getransporteerd. Scheiding van drijfmest in een dikke en een dunne fractie kan hierin verbetering brengen. Het onderhavige rapport geeft een overzicht van de effectiviteit, de kosten en het energiegebruik van een aantal relatief eenvoudige (‘low tech’) scheidingtechnieken.
Levenscyclusanalyse van vaste rundermest, runderdrijfmest, digestaat, GFT-compost en kunstmest bij gebruik in de biologische en gangbare landbouw = Levenscyclusanalyse meststoffen bij gebruik in de gangbare en biologische landbouw
Dekker, P.H.M. ; Stilma, E.S.C. ; Geel, W.C.A. van; Kool, A. - \ 2009
Lelystad : PPO AGV - 85
rundveemest - rundveedrijfmest - kunstmeststoffen - duurzaamheid (sustainability) - dierlijke meststoffen - digestaat - biologische landbouw - energiegebruik - bodemvruchtbaarheid - akkerbouw - levenscyclusanalyse - bemesting - ammoniakemissie - cattle manure - cattle slurry - fertilizers - sustainability - animal manures - digestate - organic farming - energy consumption - soil fertility - arable farming - life cycle assessment - fertilizer application - ammonia emission
A life cycle analysis has been carried out to compare with each other solid manure of cows, slurry of cows, digestate, effluent and solid fraction of separated digestate, GFT-compost and fertilizers (CAN, Triple super phosphate and K60) in the phase of production of the manure and transport to the farmer (phase 1) and the phase of application at the field (phase 2). With digestate the phase of biogas production is evaluated in a phase 0. Evaluated are energy use, emission of ammonia, greenhousegas and nitrate in a comparison per ton manure, per kg nitrogen and applicated in a fertiliser strategy at farm level for a conventional and an organic farm. Besides environmental aspects also the agricultural value of the manures is evaluated; the contribution of the manures to the direct nutrition of the crop, to keep the soil fertility up to the mark and to enlarge the stability of the yield. It is impossible to evaluate the manures in short words. The results are dependant of the definitions that are used and it is impossible to compare unequal parameters. The result of the evaluation depends of the weight given to the parameters. Besides that the result is dependant of the phase that is evaluated and the parameter in which the results are expressed (per ton manure, per kg nitrogen or applicated in a fertiliser strategy at farm level for a conventional and an organic farm). The report contains interesting information for growers, managers and authorities
Nitrous oxide emissions from multiple combined applications of fertiliser and cattle slurry to grassland
Schils, R.L.M. ; Groenigen, J.W. van; Velthof, G.L. ; Kuikman, P.J. - \ 2008
Plant and Soil 310 (2008)1-2. - ISSN 0032-079X - p. 89 - 101.
distikstofmonoxide - emissie - kunstmeststoffen - rundveedrijfmest - graslanden - nitrous oxide - emission - fertilizers - cattle slurry - grasslands - available measurement data - dinitrogen emissions - agricultural soils - n2o emissions - n fertilizer - fluxes - netherlands - nitrate - fields - manure
Fertiliser and manure application are important sources of nitrous oxide (N2O) emissions from agricultural soils. The current default IPCC emission factor of 1.0% is independent of the type of fertiliser and manure, and application time, method and rate. However, in the IPCC Tiered system it is possible to use more specific emission factors that better reflect the actual fertiliser and manure management in a given country or region. The first and primary aim of this study was to determine whether the combination of cattle slurry injection with fertiliser application, which is common practice in intensively managed grasslands in the Netherlands and neighbouring countries, warrants an adjusted emission factor. A second aim was to evaluate whether alternative emission factors, based on N uptake and N surplus, respectively, give more insight in the N2O emission rates of various fertilisation strategies. In a 2-year field experiment on sandy soil in the Netherlands we measured the annual N2O emission from grasslands receiving repeated simultaneous applications of fertiliser and cattle slurry. The N2O fluxes and N uptake by grass were measured from plots receiving calcium ammonium nitrate (CAN) at four application rates, either with or without additional application of liquid cattle slurry, applied through shallow soil injection. The average emission factor for fertiliser-only treatments was 0.15%. The annual N2O emissions were similar for treatments receiving only fertiliser or only cattle slurry. In the first experimental year, application of cattle slurry increased the emission factor for fertiliser to 0.35%, but the second year showed no effect of cattle slurry on the emission from fertiliser. With regard to the first objective, we conclude that these results do not conclusively justify an adjusted emission factor for combined application of fertiliser and cattle slurry. To minimise risks however, it is sensible to avoid simultaneous application of fertiliser and cattle slurry. The N2O emission factor expressed as percentage of kg N uptake by grass was consistently higher after combined application of fertiliser and cattle slurry (0.29%), compared to fertiliser-only (0.17%). With regard to the second objective we conclude that an emission factor based on N uptake expresses the relatively inefficient N supply of cattle slurry to crop growth better than the traditional emission factor based on N application.
Gebruik van varkensdrijfmestdigestaat in de akkerbouw : demo, uitgevoerd voor ZLTO op proefbedrijf Vredepeel binnen het project Nutriënten Waterproof
Geel, W.C.A. van; Meuffels, G.J.H.M. ; Haan, J.J. de; Verstegen, H.A.G. - \ 2007
Wageningen : PPO AGV (Rapport / PPO-AGV ) - 13
varkensdrijfmest - rundveedrijfmest - biogas - energie - dierlijke meststoffen - maïs - aardappelen - suikerbieten - mestverwerking - co-vergisting - digestaat - biobased economy - pig slurry - cattle slurry - energy - animal manures - maize - potatoes - sugarbeet - manure treatment - co-fermentation - digestate
In het kader van het project Demonstratiekracht 'Energie uit (co-)vergisting' is in 2006 op proefboerderij Vredepeel een demo uitgevoerd waarin het gebruik van varkensdrijfmestdigestaat is vergeleken met gewone varkensdrijfmest en runderdrijfmest. Het digestaat is hier toegepast in snijmaïs, consumptieaardappelen en suikerbieten. Doel van dit project is om de interesse van ondernemers te vergroten om in een kringloop samen te werken aan co-vergisting
Vergisting van gras uit natuurgebieden in combinatie met runderdrijfmest = Digestion of grass from nature reserve areas in combination with daity slurry
Dooren, H.J.C. van; Biewenga, G. ; Zonderland, J.L. - \ 2005
Lelystad : Animal Sciences Group / Praktijkonderzoek (PraktijkRapport : Rundvee ) - 22
drijfmest - rundveedrijfmest - fermentatie - grassen - natuurlijke graslanden - proefprojecten - agrarisch natuurbeheer - mestverwerking - friesland - biobased economy - mestvergisting - slurries - cattle slurry - fermentation - grasses - natural grasslands - pilot projects - agri-environment schemes - manure treatment - manure fermentation
Door een toenemende omvang van natuurgebieden met een verschralingsdoelstelling komt in de komende jaren steeds meer natuurgras beschikbaar. Vergisting met drijfmest is een mogelijke manier om dit gras te benutten. Deze rapportage doet verslag van een pilot waarbij natuurgras vergist is met runderdrijfmest. Vergisting blijkt mogelijk te zijn. Of het een rendabele manier van verwerken is zal mede afhangen van de kosten voor alternatieve verwerkingsmethoden.
Emissies en compostkwaliteit bij compostering van runderdrijfmest = Emission and compost quality of on farm composted dairy slurry
Dooren, H.J.C. van; Hanegraaf, M.C. ; Blanken, K. - \ 2005
Lelystad : Animal Sciences Group / Praktijkonderzoek (PraktijkRapport / Animal Sciences Group, Praktijkonderzoek : Rundvee ) - 32
rundveedrijfmest - compostering - compost - emissie - meting - ammoniak - broeikasgassen - grassen - rundveehouderij - cattle slurry - composting - composts - emission - measurement - ammonia - greenhouse gases - grasses - cattle husbandry
Het toedienen van compost van gras en drijfmest kan bijdragen aan een beter organisch stofgehalte in de bodem. Tijdens compostering kunnen echter verliezen van mineralen optreden. In deze rapportage worden balansmetingen beschreven tijdens compostering van twee mestsoorten met natuurgras. Daarnaast is de compostkwaliteit bepaald. Stikstofverlies bedroeg een kwart van de aangevoerde stikstof en kwaliteit van onvoldoende om van compost te kunnen spreken. Ook op bedrijfniveau is het stikstofverlies groter dan in de situatie zonder compostering. Aangeraden wordt om niet op deze manier de aanwezige drijfmest te composteren.
Effect van najaarsbeweiding en type stikstofmeststof op nitraatuitspoeling uit een droogtegevoelige zandgrond = Effect of autumn grazing and type of nitrogen fertiliser on nitrate leaching from a drought-sensitive sandy soil
Boer, H.C. de - \ 2005
Lelystad : Animal Sciences Group / Praktijkonderzoek (PraktijkRapport / Animal Sciences Group, Praktijkonderzoek : Rundvee ) - 16
begrazing - nitraten - uitspoelen - graslanden - rundveedrijfmest - stikstofmeststoffen - zandgronden - grazing - nitrates - leaching - grasslands - cattle slurry - nitrogen fertilizers - sandy soils
Het effect van najaarsbeweiding en vervanging van werkzame stikstof (N) uit runderdrijfmest door N uit kunstmest op de nitraatuitspoeling is onderzocht in een veldexperiment tussen voorjaar 2004 en 2005. Stoppen met beweiding vóór augustus leidde tot lagere itraatconcentraties in het bovenste grondwater in voorjaar 2005. Vervanging van werkzame N uit drijfmest door kunstmest had eerder een wat hogere dan een lagere nitraatuitspoeling tot gevolg, bij een gelijkblijvende drogestof- en N-opbrengst. De hoogste nitraatgehalten in het grondwater werden gemeten half januari 2005. Het tijdstip van bemonstering had een grote invloed op het niveau van nitraatgehalten in het grondwater en verschillen tussen behandelingen.
Kwaliteit van rundveedrijfmest : rantsoeninvloed, chemische mestkwaliteit en biologische bepalingen
Visser, M. de; Reijs, J.W. ; Andre, G. ; Eekeren, N.J.M. van; Lantinga, E.A. - \ 2005
Lelystad : Animal Sciences Group (Rapport / Bioveem 8) - 46
rundveedrijfmest - kwaliteit - chemische analyse - voedingsrantsoenen - biologische landbouw - melkveehouderij - onderzoeksprojecten - nederland - bemesting - cattle slurry - quality - chemical analysis - feed rations - organic farming - dairy farming - research projects - netherlands - fertilizer application
Deze verkenning van mestkwaliteit valt uiteen in twee onderdelen. Het eerste deel betreft een set van 16 monsters die ten behoeve van dit onderzoek uitgebreid zijn geanalyseerd. De ene helft van deze set is afkomstig uit de Mestproductieproef van Joan Reijs. De andere helft van een achttal Bioveem-bedrijven. Er is informatie verzameld over de rantsoenen waarop deze drijfmest is geproduceerd.
Werking van stikstof uit runderdrijfmest = Efficiency of nitrogen in cattle slurry
Bruinenberg, M.H. ; Middelkoop, J.C. van - \ 2004
Lelystad : Animal Sciences Group (PraktijkRapport / Animal Sciences Group, Praktijkonderzoek : Rundvee ) - 25
stikstof - stikstofgehalte - rundveedrijfmest - graslanden - graslanden, conditie - nitrogen - nitrogen content - cattle slurry - grasslands - grassland condition
In het officiële bemestingsadvies voor grasland is de werking van stikstof (N) in runderdrijfmest verdeeld over sneden na toediening van deze mest. Er is twijfel gerezen over de juistheid van deze verdeling. Om de werkelijke verdeling van de werkingscoëfficiënt van runderdrijfmest over het seizoen te kunnen bepalen is er een aantal reeds uitgevoerde proeven geanalyseerd waarin runderdrijfmest met de zodebemester is toegediend. De proeven waren een Vel & Vanla proef, een compostproef, een NP werkingsproef en een zodebemestingsproef. De Vel&Vanla proef is uitgevoerd op twee locaties op zandgrond tussen 1999 en 2002 en had als doel het vaststellen van het effect van het gebruik van toevoegmiddelen op stikstofbenutting van drijfmest, bodemvruchtbaarheid en droge stofproductie. De compostproef is uitgevoerd op twee locaties op zandgrond in 2000 en 2001, met als doel de bemestende waarde van N uit compost te kwantificeren. De NP werkingsproef is uitgevoerd op kleigrond en op zandgrond in 1999 en 2000 en had als doel de stikstof- en fosfaatwerking van runderdrijfmest onder verschillende teeltomstandigheden te bepalen. De zodebemestingsproef, tenslotte, is uitgevoerd op zandgrond, op kleigrond en op veengrond tussen 1989 en 1991 en had als doel een inschatting te maken van de bemestende waarde van runderdrijfmest aangewend met de zodebemester
Stikstoflevering uit onvergiste en vergiste runderdrijfmest na zodebemesting van grasland op zware zeeklei
Boer, H.C. de - \ 2004
Lelystad : Animal Sciences Group (PraktijkRapport / Animal Sciences Group, Praktijkonderzoek : Rundvee ) - 32
rundveedrijfmest - stikstofretentie - anaërobe afbraak - mestinjectie - grasveld - graslanden - grassen - voedingswaarde - zware kleigronden - nederland - voedergrassen - cattle slurry - nitrogen retention - anaerobic digestion - soil injection - grass sward - grasslands - grasses - nutritive value - clay soils - netherlands - fodder grasses
This study investigated the effect of anaerobic digestion of cattle slurry on nitrogen uptake by grassland that had been injected with the slurry. Raw and anaerobically digested cattle slurry were injected into grassland on heavy sea clay at the beginning of March and at the end of June 2003. The nitrogen yield of a number of consecutive cuts was determined. For both dates anaerobically digested slurry applied at a rate of 30-33 tonnes ha-1 resulted in a significantly higher nitrogen yield of the first cut. In subsequent cuts there was no significant difference between raw slurry and anaerobically digested slurry.
Effects of cattle slurry manure management on grass yield
Schils, R.L.M. ; Kok, I.P. - \ 2003
Netherlands Journal of Agricultural Science 51 (2003)1-2. - ISSN 0028-2928 - p. 41 - 65.
rundveedrijfmest - rundveemest - graslandbeheer - toevoegingen - toedieningswijzen - stikstof - melkveehouderij - nederland - cattle slurry - cattle manure - grassland management - additives - application methods - nitrogen - dairy farming - netherlands - dairy farming systems - ammonia volatilization - nitric-acid - surface application - fertilizer - areas
The effects of application method, cattle slurry manure type and use of additives on grassland performance were studied in a 3-year field experiment on two farms on sandy soils in the northern part of the Netherlands. The objectives were to determine the effects on (1) nitrogen (N) utilization, (2) soil organic matter and soil N content, and (3) botanical composition of the sward. Cattle slurry manure from the two dairy farms was compared. Farm Harkema represented conventional management, while farm Drogeham used the additive Euromestmix® and reduced the N content of the dairy cow rations. In additional treatments, the slurry manure types were combined with the additives Effective Microbes® (EM) or FIR-naturel®. In all slurry manure type ¿ additive combinations the slurry manure was either surface-applied or slit-injected. The resulting 12 treatments were applied without or with additional inorganic fertilizer N (165 kg ha¿¹). The annual apparent N recovery (ANR) of N fertilizer was 0.79 kg kg⊃¿1;. The ANR of surface-applied slurry manure (0.30 kg kg-1;) was consistently lower than that of slitinjected manure (0.44 kg kg¿1), a difference that could be fully attributed to the manure applications during the growing season. No effect of application method was observed at the first application in March. Slurry manure type and additive use had no consistent effects on grass yield or N utilization. Statistically significant effects were only observed occasionally, mostly in interaction with other experimental factors. During the three experimental years, the changes in soil organic matter and soil N content were small. Application method had no effect on the measured soil characteristics. Slurry manure type and additive use had a small statistically significant effect at one site only. However, longer-term monitoring is necessary to draw firm conclusions. Application method, slurry manure type or additive use did not affect the botanical composition of the sward.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.