Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 101

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==soil profiles
Check title to add to marked list
What does it mean when soil is orange?
Candel, J.H.J. - \ 2017
Wageningen :
soil profiles
Learn more about so called soil profiles.
Lisse effect, Wieringermeer effect en omgekeerd Wieringermeer effect : internationaal onderkend
Dekker, L.W. ; Oostindie, K. ; Wesseling, J.G. - \ 2016
Stromingen : vakblad voor hydrologen 26 (2016)2. - ISSN 1382-6069 - p. 23 - 38.
fluctuaties - neerslag - ingesloten lucht - bodemprofielen - hydrologische gegevens - monitoring - grondwaterstand - fluctuations - precipitation - entrapped air - soil profiles - hydrological data - groundwater level
Het Lisse effect, Wieringermeer effect en omgekeerd Wieringermeer effect zijn de oorzaak van onverwacht snelle en grote grondwaterstandsschommelingen. Het Lisse effect is het gevolg van luchtinsluiting tussen het infiltratiefront en het freatisch vlak. Het Wieringermeer en omgekeerd Wieringermeer effect zijn het gevolg van wederzijdse conversie van de volcapillaire zone in de grondwaterzone, na respectievelijk geringe verdamping en geringe neerslaghoeveelheden. In dit artikel wordt een kort overzicht gegeven van deze verschijnselen, die als eerste in Nederland zijn ontdekt en daarna wereldwijd zijn onderkend. Deze hydrologische fenomenen kunnen leiden tot problemen bij het correct modelleren van grondwaterstanden.
Mechanistic modelling of the vertical soil organic matter profile
Braakhekke, M.C. - \ 2014
Wageningen University. Promotor(en): Pavel Kabat, co-promotor(en): C. Beer; M. Reichstein; Marcel Hoosbeek. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789461738288 - 190
organisch bodemmateriaal - bodemprofielen - modelleren - modellen - bayesiaanse theorie - soil organic matter - soil profiles - modeling - models - bayesian theory

Soil organic matter (SOM) constitutes a large global pool of carbon that may play a considerable role for future climate. The vertical distribution of SOM in the profile may be important due to depth-dependence of physical, chemical, and biological conditions, and links to physical processes such as heat and moisture transport. The aim of this thesis is to develop a dynamic and mechanistic representation of the vertical SOM profile that can be applied for large scale simulations as a part of global ecosystem and earth system models.

A model structure called SOMPROF was developed that dynamically simulates the SOM profile based on above and below ground litter input, decomposition, bioturbation, and liquid phase transport. Furthermore, three organic surface horizons are explicitly represented.

Since the organic matter transport processes have been poorly quantified in the past and are difficult to observe directly, the model was calibrated with a Bayesian approach for two contrasting temperate forest sites in Europe. Different types of data were included in the parameter estimation, including: organic carbon stocks and concentrations, respiration rates, and excess lead-210 activity.

The calibrations yielded good fits to the observations, and showed that the two sites differ considerably with respect to the relevance of the different processes. These differences agree well with expectations based on local conditions. However, the results also demonstrate the difficulties arising from convolution of the processes. Several parameters are poorly constrained and for one of the sites, several distinct regions in parameter space exist that yield acceptable fit.

In a subsequent study it was found that radiocarbon observations can offer much additional constraint on several parameters, most importantly on the turnover rate of the slowest SOM fraction. Additionally, for one site, a prognostic simulation until 2100 was performed using the resulting a posterioriparameter distribution, This showed that different parts of the SOM profile can respond differently to increasing temperatures and litter input.

In conclusion, the SOMPROF model, combined with the Bayesian calibration scheme, offers valuable insights into the relevance of the different mechanisms to the SOM profile. However, equifinality remains a challenge, particularly for distinguishing different SOM transport processes. Improved representation of liquid phase transport and incorporation of additional observations may reduce these problems. In the future, SOMPROF can be incorporated into a terrestrial ecosystem model and calibration results can be used when deriving parameter sets for large scale application.

The podzol hydrosequence of Itaguare (Sao Paulo, Brazil). 1. Geomorphology and interpretation of profile morphology
Buurman, P. ; Vidal-Torrado, P. ; Moreira Martins, V. - \ 2013
Soil Science Society of America Journal 77 (2013)4. - ISSN 0361-5995 - p. 1294 - 1306.
upper amazon basin - coastal-plain regions - organic-matter - deferralitization process - soil profiles - dynamics - horizons - micromorphology - podzolization - sequence
A continuous section of hydromorphic to well-drained podzols in a Late Pleistocene marine terrace of southeastern Brazil offers a unique opportunity for a detailed interpretation of podzol morphology. The soils show very deep and homogeneously colored B horizons in the most hydromorphic members, where the predominant water movement in the B horizon appears to be lateral. Upon improving drainage, the effect of roots becomes evident by the increase in root-related E-horizon tongues, while the B horizon becomes shallower and shows a more pronounced accumulation of organic matter at its top. Only where the groundwater does not periodically reach into the B horizon, a homogeneous distribution of Fe is found in the Bs horizon. The sequence shows clear effects of decomposition of the B horizon through growth of the E horizon, sometimes leading to isolated remnants of the B horizon, on the fringes of which organic matter may accumulate. Especially the hydromorphic profiles show large mottles with roughly concentric structures in the B horizon where organic matter has been depleted. In the poorly drained members of the sequence, the effect of improved drainage by erosion of the cliff is visible in black instead of brown colors of the upper B horizon. In all profiles, the conversion of the former B horizon into an E horizon is accompanied by strong biological activity in the form of burrows.
Africa Soil Profiles Database, Version 1.1. A compilation of georeferenced and standardised legacy soil profile data for Sub-Saharan Africa (with dataset). Africa Soil Information Service (AfSIS) project.
Leenaars, J.G.B. - \ 2013
Wageningen : ISRIC - World Soil Information (ISRIC report 2013/03) - 160
bodemprofielen - databanken - bodem - bodemkarteringen - cartografie - georeferentie - afrika ten zuiden van de sahara - soil profiles - databases - soil - soil surveys - mapping - georeference - africa south of sahara
Effecten van beheersmaatregelen op vochtgehaltes bij uitdrogende veendijken
Oostindie, K. ; Wesseling, J.G. ; Hendriks, R.F.A. ; Ritsema, C.J. ; Akker, J.J.H. van den - \ 2012
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport ) - 25
dijken - bodemprofielen - veengronden - stabiliteit - grondwaterstand - begrazing - graslanden - modellen - dykes - soil profiles - peat soils - stability - groundwater level - grazing - grasslands - models
Beheersmaatregelen op veendijken kunnen invloed hebben op bodem- en gewasverdamping. In deze studie zijn met behulp van het SWAP-model een vijftal maatregelen doorgerekend voor een veendijkprofiel zonder kleidek en een zelfde profiel welk met een kleilaag is afgedekt. De berekeningen zijn uitgevoerd voor 4 worteldiepten en bij drie verschillende grondwaterstanden. Er is gebruik gemaakt van een pseudo meteofile waarbij geen neerslag valt en de potentiele verdamping voor elke dag constant wordt gehouden en van een meteofile met gegevens over het droge jaar van 1976 van het KNMI station De Bilt. In deze studie is de verzadigingsgraad berekend voor de bovenste meter van het bodemprofiel.
Bodemonderzoek 8 percelen in Landgoed Oldenaller
Delft, S.P.J. van - \ 2012
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR - 17
bodemkarteringen - grondwaterstand - bodemprofielen - fosfaten - landgoederen - veluwe - soil surveys - groundwater level - soil profiles - phosphates - estates
Een aantal percelen binnen Landgoed Oldenaller en in de invloedsfeer van de Veldbeek zijn bij Waterschap Veluwe in beeld voor waterretentie. Alvorens hierover besloten kan worden wil Natuurmonumenten meer inzicht hebben in de potentie van de percelen op basis van fosfaatbelasting en grondwaterregime. Daarom is aan Alterra gevraagd deze factoren in acht percelen te onderzoeken. Door middel van profielbeschrijvingen is de bodemopbouw en het grondwaterstandsverloop (GHG en GLG) beschreven.
Bodemkundig vooronderzoek Mantingerbos en -weide
Waal, R.W. de; Brouwer, F. ; Delft, S.P.J. van; Hommel, P.W.F.M. ; Jansen, P.C. - \ 2011
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2265) - 72
bodemkarteringen - bossen - graslanden - bodem ph - bodemprofielen - fosfaat - hydrologie - natuurgebieden - drenthe - soil surveys - forests - grasslands - soil ph - soil profiles - phosphate - hydrology - natural areas
Dit rapport beschrijft de huidige landschappelijke en bodemkundige toestand van het gebied Mantingerbos en Mantingerweide. Aan de hand van bodemprofielbeschrijvingen, fosfaatanalyses en pH-profielen van het onderzoeksgebied is een fysiotypenkaart gemaakt en is de potentie op enkele kaarten aangegeven voor de ontwikkeling van zowel bos als schraalgrasland.
Inventory of P-Olsen data in the ISRIC-WISE soil database for use with QUEFTS
Batjes, N.H. - \ 2010
Wageningen : ISRIC - World Soil Information (Report / ISRIC-World Soil Information 2010/06) - 25
bodemchemie - fosfor - bodem ph - organische koolstof - organische stikstof - bodemprofielen - databanken - tropen - soil chemistry - phosphorus - soil ph - organic carbon - organic nitrogen - soil profiles - databases - tropics
De meest kenmerkende bodem van Nederland: de Enkeerdgrond
Sonneveld, M.P.W. ; Jongmans, A.G. ; Peek, G.J.W.C. - \ 2010
Bodem 20 (2010)2. - ISSN 0925-1650 - p. 31 - 32.
bodemtypen (antropogeen) - bodemprofielen - soil types (anthropogenic) - soil profiles
Op maandag 8 maart 2010 heeft prof. dr. E.F. Smets, directeur van Naturalis in Leiden de 'Meest kenmerkende Bodem van Nederland' in ontvangst genomen. Deze bodem is gekozen uit twaalf nominaties door de leden van de Nederlandse Bodemkundige Vereniging ter gelegenheid van haar 75 jarig bestaan. De bodem is een Enkeerdgrond met een donkere bovengrond die is gevormd door eeuwenlange landbouw. Deze bodem staat daarmee symbool voor de invloed van de mens op zijn omgeving en voor de bodem als drager van het menselijk bestaan.
Reuler, Henk van - \ 2010
arboriculture - soil properties - soil science - soil profiles - soil composition - soil structure - soil types
Parameterization of Macropore Flow Using Dye-Tracer Infiltration Patterns in the SWAP Model
Schaik, N.L.M.B. ; Hendriks, R.F.A. ; Dam, J.C. van - \ 2010
Vadose Zone Journal 9 (2010)1. - ISSN 1539-1663 - p. 95 - 106.
preferential flow - solute transport - system extremadura - scale variation - soil profiles - water - spain - methodology - hillslopes - catchment
Preferential flow is known to influence infiltration, soil moisture content distribution, groundwater response, and runoff generation. Various model concepts are used to simulate preferential flow. Preferential flow parameters are often determined by indirect optimization using outflow or discharge measurements, thereby providing limited insight into model performance concerning soil moisture distribution. In this study, we used a physically based macropore concept, embedded in the SWAP model, in combination with dye infiltration patterns to parameterize macropore infiltration for three locations in a catchment: hilltop, hillslope, and valley bottom. The model with the calibrated macropore parameters was applied and validated under natural field conditions, using detailed data on soil moisture content, rainfall, and discharge. The results show that the macropore model parameters can be optimized well to reproduce the dye-tracer infiltration patterns. The simulations of the dye patterns show much better results when macropore flow is included. Using the tracer infiltration patterns, however, the optimized maximum depth of macropores depends completely on the maximum depth of the stained area, while the macropores are known to extend deeper into the soil. Therefore, for long-term simulations, the wetting of deeper layers is too slow for the simulations both with and without macropores. Runoff production was better simulated with macropores. For the simulations without macropores, a higher lumped saturated conductivity was used; despite the resulting increased infiltration into the soil matrix, runoff generation remained far too high
IMBOD : synchronisatie van de gegevens over bodem en ondergrond
Vries, F. de; Boorder, N.J. de; Brouwer, F. ; Groot, J.J. ; Kiden, P. ; Leeters, E.E.J.M. ; Maring, L. ; Mol, G. - \ 2009
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1960) - 53
bodemkarteringen - bodemmorfologische kenmerken - bodemsamenstelling - bodemprofielen - ondergrond - geologie - databanken - informatiesystemen - vergelijkingen - kaarten - bodemkwaliteit - soil surveys - soil morphological features - soil composition - soil profiles - subsoil - geology - databases - information systems - comparisons - maps - soil quality
In de BIS-database van Alterra en de DINO-database van TNO is veel informatie opgeslagen over de bodem en de ondergrond van Nederland. Deze databases zijn jaren geleden ontstaan vanuit verschillende achtergronden. Daardoor komen er verschillen voor bij de indelingen en terminologie voor de gegevens. Dit rapport bevat concrete voorstellen om de gegevens in beide databestanden beter op elkaar af te stemmen
Guidelines for soil description, 4th edition
Jahn, R. ; Blume, H.P. ; Asio, V.B. ; Spaargaren, O. ; Schad, P. - \ 2006
Rome : FAO - ISBN 9251055211 - 97
bodemclassificatie - bodemeigenschappen - bodemprofielen - bodemvorming - soil classification - soil properties - soil profiles - soil formation
Soils are affected by human activities, such as industrial, municipal and agriculture, that often result in soil degradation and loss. In order to prevent soil degradation and to rehabilitate the potentials of degraded soils, reliable soil data are the most important prerequisites for the design of appropriate land-use systems and soil management practices as well as for a better understanding of the environment. The availability of reliable information on soil morphology and other characteristics obtained through examination and description of the soil in the field is essential, and the use of a common language is of prime importance. These guidelines, based on the latest internationally accepted systems and classifications, provide a complete procedure for soil description and for collecting field data. To help beginners, some explanatory notes are included as well as keys based on simple test and observations.
Herstel van bosecosystemen via nutriënten-giften en ingrepen in het bomenbestand: een succes? Effectgerichte maatregelen in multifunctionele bossen geëvalueerd
Wolf, R.J.A.M. ; Olsthoorn, A.F.M. - \ 2006
Vakblad Natuur Bos Landschap 3 (2006)6. - ISSN 1572-7610 - p. 2 - 7.
bosecologie - bodemchemie - bodemprofielen - humus - vegetatie - bossen - ecosystemen - forest ecology - soil chemistry - soil profiles - vegetation - forests - ecosystems
Sinds 1995 worden er in het kader van het overlevingsplan bos en natuur (obn) met subsidie effectgerichte maatregelen (EGM) uitgevoerd in Nederlandse multifunctionele bossen. Deze maatregelen dienen als overbrugging naar een periode met minder verzuring, vermesting en verdroging. Alterra en Eelerwoude voerden in opdracht van LNV Directie Kennis een uitgebreid evaluatieonderzoek uit naar de effecten van deze maatregel. In dit artikel de opmerkelijkste resultaten plus het beleidsadvies aan LNV dat het OBN Deskundigenteam Bossen gaf (het belangrijkste daaruit: bemesten en bekalken van bos is niet effectief). Zie ook de 9 deelrapporten van Alterra (no. 1337)
In de ban van de Betuwse dijken: deel 6 Opheusden; een bodemkundig, archeologisch en historisch onderzoek naar de opbouw en ouderdom van de Rijndijk te Opheusden
Mulder, J.R. ; Franzen, P.F.J. - \ 2006
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 900) - 59
dijken - archeologie - bodemkarteringen - nederland - leeftijd - bodemprofielen - nederzetting - geschiedenis - kaarten - rijn - betuwe - dykes - age - settlement - history - archaeology - soil profiles - soil surveys - netherlands - maps - river rhine
In het kader van de dijkverzwaring heeft Alterra in opdracht van het Waterschap Rivierenland de bandijk van Opheusden in 2003 op drie plaatsen archeologisch en bodemkundig onderzocht
De bodemgesteldheid van de referentiepercelen : resultaten van veld- en laboratoriumonderzoek
Assinck, F.B.T. ; Steenbergen, T.C. van; Brouwer, F. ; Velthof, G.L. - \ 2005
Lelystad : Animal Sciences Group (Rapport / Koeien & kansen 31) - 72
bodemgeschiktheid - bodemchemie - nitrificatie - bodemprofielen - landgebruik - graslanden - referentienormen - bodemkarteringen - kaarten - soil suitability - soil chemistry - nitrification - soil profiles - soil surveys - land use - grasslands - reference standards - maps
Bodemgeografische en bodemchemische informatie van percelen met graslandscheuring. Het betreft zandgronden. Het betreft bedrijven waar de gevolgen van gebruiksnormen mineralengiften worden onderzocht (in het kader van evaluatie meststoffenwet)
De bodemgesteldheid van bosreservaten in Nederland; deel 9 bosreservaat Leyduin-Vinkenduin (NH), bosreservaat Bunderbos (L), bosreservaat Ossenbos (G), bosreservaat Heloma- en Bleekerspolder(Fr), bosreservaat Achter de Voort (Ov), bosreservaat De Slikken van Flakkee (Z)
Mekkink, P. - \ 2004
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 60.9) - 88
beschermde bossen - bossen - bosgronden - bodemkarteringen - geologie - humus - bodemwater - nederland - bodemprofielen - kaarten - reserved forests - forests - forest soils - soil profiles - soil surveys - geology - soil water - maps - netherlands
In de bosreservaten Leyduin-Vinkenduin, Bunderbos, Ossenbos, Heloma- en Bleekerspolder, Achter de Voort en Slikken van Flakkee komen Tertiaire, Pleistocene en Holocene afzettingen voor. Het zijn veengronden, moerige gronden, zandgronden, rivierkleigronden en lössgronden met daarin vlietveengronden, vlierveengronden, broekeerdgronden, veldpodzolgronden, haarpodzolgronden, vorstvaaggronden, duinvaaggronden, vlakvaaggronden, leekeerdgronden, ooivaaggronden en poldervaaggronden. De gronden komen voor met grondwatertrap Ia, IIa, IIb, IIIa, IIIb, IVu, Vao, Vbd, VIo en VId, VIId en VIIId. De verbreiding van de bodemeenheden en grondwatertrappen is bij de bosreservaten Leyduin-Vinkenduin, Bunderbos, Ossenbos en Achter de Voort weergegeven op een bodem- en grondwatertrappenkaart, schaal 1 : 5000. Mede onder invloed van het gevoerde beheer en het vegetatietype en hebben zich terrestrische en semiterrestrische humusprofielen ontwikkeld met een ectorganisch en een endorganisch deel. De profielopbouw en de opbouw van de strooisellaag zijn beschreven en in een database vastgelegd
Veldgids humusvormen; beschrijving en classificatie van humusprofielen voor ecologische toepassingen
Delft, B. van - \ 2004
Wageningen : Alterra - 91
humusvormen - humeuze horizonten - humus - ecologie - bodemtypen (ecologisch) - bodemclassificatie - pedologie - handleidingen - bodemprofielen - humus forms - humic horizons - ecology - soil types (ecological) - soil classification - pedology - guide books - soil profiles
Deze veldgids is bedoeld als een hulpmiddel om humusvormen in het veld te kunnen beschrijven en classificeren. Door de verschijningsvormen van het humusprofiel in een ecologische context te plaatsen, wordt duidelijk dat het humusprofiel veel informatie kan verschaffen over standplaatseigenschappen als vocht, zuurgraad en voedselrijkdom. Allereerst wordt de organische stofkringloop en de rol van verschillende bodemorganismen besproken. Vervolgens wordt beschreven hoe een profielbeschrijving gemaakt wordt en hoe relevante gegevens het beste opgenomen kunnen worden. In het laatste hoofdstuk wordt de classificatie van humusvormen behandeld. Begrippen en indelingen worden in een uitgebreide appendix behandeld.
Ecopedological explorations of three calcareous rich fens in the Slovak Republic
Kemmers, R.H. ; Delft, S.P.J. van; Madaras, M. ; Hoosbeek, M.R. ; Vos, J. ; Breemen, N. van - \ 2004
Wageningen : Alterra (Alterra rapport 887) - 57
laagveengebieden - bodemchemie - humusvormen - veengronden - slowakije - vegetatie - bodemprofielen - bodemkarteringen - productiviteit - fens - soil chemistry - humus forms - peat soils - slovakia - vegetation - soil profiles - soil surveys - productivity
This report presents the findings of quick surveys in three declining calcareous rich fens in the Slovak Republic to understand their origin and present state. Hypotheses were generated for further elaborated research as a base for restoration measures. Distinct sites along cross-sections were investigated by augering, soil sampling, making vegetation relevées and measuring temperatures and electric conductivities in peat profiles. Soil samples were collected for chemical analyses. Comparable processes and patterns were observed in the fens. The distribution patterns of the plant communities were strictly related to hydrological and pedological factors. The fens developed as flow-through-systems, with alternating cold discharge and warm recharge zones. Clear layers of calcite, pyrite and iron oxides alternated with organic layers in the discharge zones. Trophic levels of plant communities increased from the discharge to the recharge zones and were distinguished by distinct humus forms. Hardly any evidence was got for Fe- or Ca-bound inorganic P to explain low productivity at calcareous discharge sites, compared to recharge sites. Extremely low C/N and C/P ratio's suggested P and N immobilization by humification in these environments.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.