Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 213

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==stalmest
Check title to add to marked list
Overleving van Coxiella burnetii in geitenmest : eindrapportage
Roest, H.I.J. ; Dinkla, A. ; Rotterdam, B. van; Bruin, A. de; Dercksen, D. ; Vellema, P. - \ 2011
[S.l.] : S.n. (Rapport 11/CVI0212) - 23
geitenhouderij - dierlijke meststoffen - stalmest - huisvesting op dik strooisel - coxiella burnetii - kwantitatieve analyse - temperatuur - bacteriëntelling - geitenziekten - q-koorts - goat keeping - animal manures - farmyard manure - deep litter housing - quantitative analysis - temperature - bacterial counting - goat diseases - q fever
De afname van het aantal bacteriën in geitenmest is bestudeerd onder omstandigheden, zoals die zich in opgeslagen geitenmest voordoen. De afname van het aantal bacteriën bij verschillende temperaturen wordt weergegeven door middel van de decimale reductietijd (DRT of Dwaarde). De DRT is de tijd die nodig is om het aantal bacteriën met een factor 10 te laten afnemen bij een bepaalde temperatuur. In dit onderzoek is de DRT voor C. burnetii in geitenpotstalmest bij verschillende temperaturen bepaald.
Stalmest essentieel voor hyacint?
Belder, P. ; Vreeburg, P.J.M. - \ 2011
S.n.
bemesting - dierlijke meststoffen - hyacinten - stalmest - wetgeving - beperking - Nederland - fertilizer application - animal manures - hyacinths - farmyard manure - legislation - restraint - Netherlands
Informatieposter over bemesting met stalmest bij hyacint. De mestwetgeving beperkt de hoeveelheid dierlijke mest die aan hyacint kan worden toegediend. De praktijk geeft aan dat een goede opbrengst en kwaliteit van hyacint alleen behaald kan worden met relatief hoge giften vaste rundermest
Benutting N uit stalmest blijft problematisch bij voorjaarsbloeiers
Belder, P. ; Vreeburg, P.J.M. - \ 2011
BloembollenVisie 2011 (2011)213. - ISSN 1571-5558 - p. 20 - 20.
bloementeelt - bemesting - stalmest - stikstof - opname (intake) - voorjaarsbloemen - floriculture - fertilizer application - farmyard manure - nitrogen - intake - spring flowers
Voorjaarsbloeiers benutten maar weinig stikstof uit vaste rundermest. Het toepassen van groenbemesters of het doorwerken van stro blijken de stikstofbenutting niet te verbeteren. Daardoor blijft de afhankelijkheid van stikstofkunstmest in het voorjaar groot.
Fosfaatbemesting in maïs : hoe scherp kan het?
Middelkoop, J.C. van; Schooten, H.A. van - \ 2010
V-focus 7 (2010)2. - ISSN 1574-1575 - p. 15 - 18.
maïs - rundveehouderij - stalmest - fosfaten - bodemchemie - bemesting - maize - cattle husbandry - farmyard manure - phosphates - soil chemistry - fertilizer application
Snijmaïstelers kunnen veelal niet meer zoveel bemesten als ze in het verleden gewend waren. Verschillende firma’s hebben producten ontwikkeld om de beperking van de fosfaatbemesting op te vangen. Wageningen UR Livestock Research onderzoekt in een tweejarige veldproef een aantal typen van deze nieuwe fosfaatmeststoffen in opdracht van het Productschap Zuivel. Op basis van het bemestingsadvies voor snijmaïs en fosfaatproeven uit het verleden bestaat de verwachting dat deze niet overal nodig zullen zijn.
Microarthropoden als indicatoren van de kwaliteit van landbouwgronden : invloed van mest en biologische bedrijfsvoering op de bodem
Jagers op Akkerhuis, G.A.J.M. ; Dimmers, W.J. ; Maslak, M. ; Eekeren, N.J.M. van; Schouten, A.J. - \ 2009
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1985) - 34
landbouwgronden - drijfmest - stalmest - biologische landbouw - geleedpotigen - mijten - collembola - bodembiologie - nederland - bodemkwaliteit - agricultural soils - slurries - farmyard manure - organic farming - arthropods - mites - soil biology - netherlands - soil quality
Op zoek naar het geheim van stalmest in de teelt van hyacinth
Belder, P. - \ 2009
BloembollenVisie 2009 (2009)171. - ISSN 1571-5558 - p. 20 - 21.
bloembollen - hyacinten - stalmest - organische meststoffen - gewasopbrengst - bemesting - ornamental bulbs - hyacinths - farmyard manure - organic fertilizers - crop yield - fertilizer application
Stalmest is met name voor de teelt van hyacint altijd als onmisbaar beschouwd. De wetgeving op het terrein van bemesting maakt het toedienen van de hoeveelheden stalmest die lang gangbaar waren nauwelijks mogelijk. Protest uit de sector zorgde in 2006 voor de toezegging van LNV dat nader onderzoek nodig was op duinzandgrond. PPO voert dit project uit en geeft een eerste indruk van de resultaten
Organische bemesting van hyacint
Belder, P. ; Vreeburg, P.J.M. - \ 2009
bloembollen - hyacinthus - stalmest - organische meststoffen - gewasopbrengst - bemesting - ornamental bulbs - farmyard manure - organic fertilizers - crop yield - fertilizer application
Poster over onderzoeksresultaten naar de effecten van organische bemesting (stalmest en GFT) op de opbrengst en afbroeikwaliteit van hyacinten
Organische stof : essentieel maar complex
Pronk, A.A. ; Leeuwen, P.J. van; Berg, H. van den - \ 2009
De Boomkwekerij 22 (2009)11. - ISSN 0923-2443 - p. 10 - 11.
boomkwekerijen - sierplanten - organische stof - duinzand - zandgronden - compost - stalmest - sierteelt - forest nurseries - ornamental plants - organic matter - dune sand - sandy soils - composts - farmyard manure - ornamental horticulture
Eind 2007 is een onderzoek gestart naar de afbraak van organische stof in duinzandgronden. In dit artikel de laatste resultaten uit dit onderzoek
Werking van fosfaat van stalmest en compost is variabel
Dam, A.M. van; Ehlert, P.A.I. - \ 2008
BloembollenVisie 2008 (2008)146. - ISSN 1571-5558 - p. 20 - 20.
fosfaat - stalmest - compost - organische meststoffen - normen - phosphate - farmyard manure - composts - organic fertilizers - standards
Bij het opstellen van fosfaatbemestingsadviezen wordt aangenomen dat P uit organische meststoffen even goed beschikbaar is voor het gewas als P uit kunstmest. Deze aanname is gebaseerd op beperkt onderzoek. Dit leidt tot onzekerheid over de beschikbaarheid, zeker nu de gebruiksnorm voor fosfaat in fasen wordt verlaagd tot evenwichtsbemesting. Daarom is onderzocht wat de werking van P uit deze meststoffen werkelijk is, vergeleken met kunstmestfosfaat
Regime change and storylines : a sociological analysis of manure practices in contemporary Dutch dairy farming
Stuiver, M. - \ 2008
University. Promotor(en): Han Wiskerke, co-promotor(en): A. Rip. - [S.l.] : S.n. - 175
dairy farming - animal manures - farmyard manure - soil injectors - innovations - sustainability - netherlands - manure policy - friese wouden - melkveehouderij - dierlijke meststoffen - stalmest - bodeminjecteurs - innovaties - duurzaamheid (sustainability) - nederland - mestbeleid
This thesis wants to contribute to a better understanding of the current transition the modern manure regime in the dairy sector in the Netherlands is in. The topic of research is situated at the cross-section of two societal developments: the changing role of agriculture, and changing views on and practices of knowledge production. The object of research is the practices where different actors experiment with finding alternatives to the manure regime, and how these practices are embedded in wider structures and developments.

The thesis departs from a sociological perspective, one in which the central role of epistemological dimensions of niche formation and regime change is recognized. In order to study the knowledge production between scientists and farmers in experiments and niches, the institutional approach is enriched with the concept of storylines. Storylines are developed and narrated by members within a community of practice to give meaning to their social and physical activities. During experimentation and niche formation, the actors involved not only develop and test new socio-technological configurations, but they also try to find a common storyline that gives the new configurations meaning beyond the experiment and within the niche.

The different sets of practices studied unravel the storylines and their travels. The first method to unravel these storylines was to follow the narrators and the ways in which they articulated the storylines. Their experiments and attempts at niche formation are analyzed. This was done through interviews, participant observation and situational analysis. The second method was to examine the artefacts that were successful allies in making the storylines robust. Examples are texts (like articles, papers and presentations), images, technologies and databases.

Chapter 3 describes the emergence, stabilization and opening-up of the modern manure regime in the Netherlands during the last decades. Chapter 4 provides the case study of the Nutrient Management Project of VEL and VANLA as a protected space where the enrolment of actors, experiments and technologies that enforce the story line of good manure took place. Chapter 5 shows how eight individual farmers in the Netherlands changed their nutrient management practices during the last decade. Chapter 6 follows the narrators of the storyline of good manure and how they aimed to build a new niche in the Netherlands where farmers’ practices on good manure based on the systems perspective should be given more institutional room. Chapter 7 presents two case studies within the academia in which actors that develop manure practices came together to explore the question “what is valid knowledge’ in nutrient management and what this would mean for the design of scientific research. In chapter 8, a number of conclusions are sketched out. Firstly, a synthesis is made of the current state of the manure regime in the Netherlands. It argues that the diverse knowledge practices that have been developed in response to the crisis have resulted in a viable niche. Secondly, the specific role of storylines and their contribution to niche formation and regime change are described. Thirdly, the new role of scientists to develop and strengthen a new knowledge infrastructure is brought forward.

Het 'VELD'-project, addendum : uitwerking juli en augustus 2003
Broek, M.M.P. van den; Pul, W.A.J. van; Jaarsveld, J.A. van; Smits, M.C.J. - \ 2007
Bilthoven : RIVM (RIVM briefrapport 680150001) - 16
ammoniak - emissie - stalmest - drijfmest - modellen - nederland - ammoniakemissie - bemesting - achterhoek - ammonia - emission - farmyard manure - slurries - models - netherlands - ammonia emission - fertilizer application
In een gebied van 3x3 km rond het dorp Vragender in de Achterhoek zijn uitgebreid metingen van ammoniakconcentraties (NH3) gedaan en emissies berekend aan de hand van in detail geregistreerde agrarische activiteiten. Op basis van deze emissies zijn modelberekeningen gedaan met het OPS-STe (korte termijn) verspreidingsmodel
Influence of temperature fluctuations on Escherichia coli O157:H7 and Salmonella enterica serovar Typhimurium in manure.
Semenov, A.V. ; Bruggen, A.H.C. van; Overbeek, L.S. van; Termorshuizen, A.J. ; Semenov, A.M. - \ 2007
FEMS Microbiology Ecology 60 (2007)3. - ISSN 0168-6496 - p. 419 - 428.
stalmest - escherichia coli - salmonella typhimurium - temperatuur - temperatuurresistentie - pathogenen - voedselveiligheid - gastro-enteritis - voedselvergiftiging - farmyard manure - temperature - temperature resistance - pathogens - food safety - gastroenteritis - food poisoning - green fluorescent protein - aggregative behavior - nitrogen-content - bovine manure - united-states - amended soil - survival - growth - cattle
The effects of four average temperatures (7, 16, 23 and 33°C) and daily oscillations with three amplitudes (0, ±4, ±7°C) on the survival of the enteropathogens Escherichia coli O157:H7 and Salmonella serovar Typhimurium were investigated in small microcosms. Manure was inoculated with a green fluorescent protein transformed strain of either pathogen at 107 cells g¿1 dry weight. Samples were collected immediately after inoculation, and 1 and 2 weeks after inoculation for E. coli O157:H7, and immediately and after 2 and 3 weeks for Salmonella serovar Typhimurium. Population densities were determined by dilution plating and direct counting. In addition, total bacterial CFUs were determined. Growth and survival data were fitted to a modified logistic model. Analysis of the estimated parameter values showed that E. coli O157:H7 survived for shorter periods of time and was more sensitive to competition by the native microbial community than Salmonella serovar Typhimurium. Survival of both pathogens significantly declined with increasing mean temperatures and with increasing amplitude in daily temperature oscillations. The results indicated that responses of enteropathogens to fluctuating temperatures cannot be deduced from temperature relationships determined under constant temperatures.
Ontwikkeling van opbrengst en bodemkwaliteit van grasland op een zandgrond bij bemesting met organische mest of kunstmest
Boer, H.C. de; Eekeren, N.J.M. van; Hanegraaf, M.C. - \ 2007
Lelystad : Animal Sciences Group (Rapport / Animal Sciences Group : Divisie Veehouderij 69) - 29
stalmest - drijfmest - kunstmeststoffen - compost - graslanden - zandgronden - bodemchemie - bodemkwaliteit - noord-brabant - farmyard manure - slurries - fertilizers - composts - grasslands - sandy soils - soil chemistry - soil quality
Tussen 2000 en 2003 is op twee proefvelden in Noord-Brabant (Bakel en Budel) de waarde van verschillende organische meststoffen als stikstof(N)meststof onderzocht. Daarnaast is ook het effect van meerjarige bemesting op bodemkwaliteit bestudeerd. In 2004 en 2005 is het onderzoek te Bakel voortgezet als onderdeel van het project ‘Zorg voor Zand’. Dit project heeft als doel de bodemkwaliteit en het opbrengstniveau van zandgronden op peil te houden. De onderzoeksvragen zijn: (1) in hoeverre zijn verschillende mestsoorten in staat het opbrengstniveau van grasland op peil te houden en (2) welk effect heeft mestsoort op de bodemkwaliteit. Geconcludeerd wordt dat bemesten met vijf verschillende organische mestsoorten of kunstmest gedurende zes jaar alleen bij bemesting met gewone drijfmest een stijgende trend in opbrengst tot gevolg had. Tussen de behandelingen zijn verschillen gevonden in chemische, fysische en biologische bodemkwaliteit
Ecology and risk assessment of E. coli O157:H7 and Salmonella typhimurium in the primary production chain of lettuce
Franz, E. - \ 2007
University. Promotor(en): Ariena van Bruggen, co-promotor(en): Aad Termorshuizen. - [S.l.] : S.n. - ISBN 9789085047285 - 216
lactuca sativa - slasoorten - voedselbesmetting - escherichia coli - salmonella typhimurium - stalmest - risicofactoren - microbiële ecologie - bodem - biologische landbouw - biologische voedingsmiddelen - primaire productie - lettuces - food contamination - farmyard manure - risk factors - microbial ecology - soil - organic farming - organic foods - primary production
Survival of the green fluorescent protein-transformed human pathogens Escherichia coli O157:H7 and Salmonella enterica serovar Typhimurium was studied in a laboratorysimulated lettuce production chain. Dairy cows were fed 3 different roughage types: high digestible grass silage + maize silage (6:4), low digestible grass silage and straw. Each was adjusted with supplemental concentrates to a high and low crude protein level. The pathogens were added to manure which was subsequently mixed (after 56 and 28 d for resp. E. coli O157:H7 and Salmonella serovar Typhimurium) with 2 pairs of organically and conventionally managed loamy and sandy soil. After another 14 d, iceberg-lettuce seedlings were planted and checked for pathogens after 21 d of growth. Survival data were fitted to a logistic decline function (exponential for E. coli O157: H7 in soil). Roughage type significantly influenced the decline rate of E. coli O157: H7 in manure with the fastest decline in manure from the pure straw diet and the slowest in manure from the grass-silage + maize-silage diet. Roughage type showed no effect on the rate of decline of Salmonella serovar Typhimurium, although decline was significantly faster in the manure derived from straw compared to the manure from the grass-silage + maize-silage diet. The pH and fiber content of the manure were significant explanatory factors and were positively correlated with the rate of decline. With E. coli O157:H7 there was a trend of faster decline in organic compared to conventional soils. No pathogens were detected in the edible lettuce parts. The results indicate that cattle diet and soil management are important factors with respect to the survival of human pathogens in the environment.
Organische mest houdt kwaliteit bodem van blijvend grasland op peil
Boer, H.C. de; Eekeren, N.J.M. van; Hanegraaf, M.C. - \ 2005
V-focus 2005 (2005)februari. - ISSN 1574-1575 - p. 28 - 29.
rundveeteelt - graslandbeheer - bodemvruchtbaarheid - zandgronden - stalmest - dierlijke meststoffen - agrarische bedrijfsvoering - bodemkwaliteit - cattle farming - grassland management - soil fertility - sandy soils - farmyard manure - animal manures - farm management - soil quality
Al jaren leven er vragen bij boeren over de relatie tussen bemesting met organische mest en het handhaven van kwaliteit van de bodem; ook zijn er vragen over stikstofbenutting uit organische mest. Om deze vragen te kunnen beantwoorden is bekeken in hoeverre met organische mest de bodemkwaliteit van zandgrond op peil is te houden en wat de stikstofbenutting uit deze mest is
Nieuw mestbeleid: quick scan van effecten op de emissies van methaan en lachgas
Oudendag, D.A. ; Kuikman, P.J. ; Groenigen, J.W. van - \ 2005
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 889) - 40
rundveemest - stalmest - emissie - methaan - distikstofmonoxide - overheidsbeleid - nederland - cattle manure - farmyard manure - emission - methane - nitrous oxide - government policy - netherlands
Als gevolg van de MINAS ¿ wetgeving zijn de mestgiften in Nederland gedaald en hierdoor is ook de emissie van de overige broeikasgassen sterk verminderd in de periode 1995 - 2005. Gedwongen door de EU zal Nederland het mest- en mineralenbeleid en mestwetgeving aanpassen en daarbij gebruik maken van de onlangs onder voorwaarden toegekende derogatie. Deze quick ¿ scan geeft inzicht in de mogelijke en waarschijnlijke effecten van dat nieuwe mestbeleid op de emissies van methaan en lachgas bij toepassing van de gehonoreerde derogatie. Het nieuwe mestbeleid en de derogatie leidt tot een kortdurende toename van de emissie van lachgas doordat er ruimte ontstaat voor meer gebruik van stikstofkunstmest bij aanvang van het mestbeleid (2006). Verscherpte normering richting 2009 en aanpassingen in de landbouwsector kunnen tezijnertijd weer zorgen voor een daling van de emissie van methaan en lachgas. Het uiteindelijke effect van invoering van het nieuwe mestbeleid in 2006 is een daling van de emissie met 0 tot 0.3 Mton CO2-equivalenten ten opzichte van de situatie in 2003. Deze daling is aanmerkelijk minder sterk dan de daling die tot nu toe werd voorzien.
20 mestverwerkingssystemen op een rij
Buisonjé, F.E. de - \ 2003
Praktijkkompas. Varkens 17 (2003)3. - ISSN 1570-8578 - p. 22 - 22.
mest - dierlijke meststoffen - stalmest - dierlijk afval - afvalverwerking - verwerking - behandeling - systemen - uitrusting - mestverwerking - manures - animal manures - farmyard manure - animal wastes - waste treatment - processing - treatment - systems - equipment - manure treatment
ASG, divisie Praktijkonderzoek heeft in opdracht van VROM en InfoMil een twintigtal mestverwerkingssystemen beschreven. Zie ook de website van InfoMil (www.infomil.nl). Deze worden regelmatig bijgewerkt aan de hand van nieuwe informatie en mogelijke technische wijzigingen aan de installaties.
Meer zoogdieren bij minder vaak maaien van slootkanten
Huijser, M. ; Meerburg, B. ; Voslamber, B. ; Remmelzwaal, A. ; Barendse, R. - \ 2001
Rundvee praktijkonderzoek 14 (2001)4. - ISSN 1569-805X - p. 23 - 25.
mest - dierlijke meststoffen - stalmest - rundveemest - toepassing - toepassingsdatum - toedieningswijzen - toedieningshoeveelheden - strooien - stikstof - graslandbeheer - graslanden - grassen - gewasopbrengst - gewasproductie - maïs - bemesting - manures - animal manures - farmyard manure - cattle manure - application - application date - application methods - application rates - spreading - nitrogen - grassland management - grasslands - grasses - crop yield - crop production - maize - fertilizer application
Meer natuur langs perceelranden hoeft dus niet altijd te leiden tot een verminderde agrarische productie op de percelen.
Nauwelijks compostering vaste mest op het lagekostenbedrijf
Blanken, K. ; Dooren, H.J. van - \ 2001
Rundvee praktijkonderzoek 14 (2001)3. - ISSN 1569-805X - p. 5 - 7.
stalmest - rundveemest - mest - opslag - compostering - samenstelling - chemische samenstelling - volume - massa - gewicht - mestverwerking - farmyard manure - cattle manure - manures - storage - composting - composition - chemical composition - mass - weight - manure treatment
Gedurende een half jaar werd daarom de opslag van de vaste mest in een proefopstelling gevolgd. Hieruit bleek dat er vrijwel geen compostering op gang kwam en dat de massareductie daardoor minder is dan verwacht.
Gevolgen invoering Minas in 1998 op bedrijfsvoering en economie in de veehouderij
Wisman, J.H. ; Hoop, D.W. de - \ 2001
Den Haag : LEI - ISBN 9789052426556 - 17
agrarische bedrijfsvoering - mineralen - stalmest - dierhouderij - ondernemerschap - overschotten - monitoring - mineraalovermaat - nederland - farm management - minerals - farmyard manure - surpluses - mineral excess - animal husbandry - entrepreneurship - netherlands
Het Ministerie van LNV heeft het LEI gevraagd om inzicht te geven in de gevolgen van de invoering van Minas in 1998 op de bedrijfsvoering en economie van veehouderijbedrijven. Daarvoor is een quick scan uitgevoerd over de boekjaren 1997/98, 1998/99 en 1999/00 op basis van de bedrijven in het Bedrijven-Informatienet van het LEI. De resultaten maken deel uit van de voortgangsrapportage over de evaluatie van het mestbeleid
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.