Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 160

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==toedieningswijzen
Check title to add to marked list
Particulate matter emission from livestock houses: measurement methods, emission levels and abatement systems
Winkel, Albert - \ 2016
Wageningen University & Research. Promotor(en): Peter Groot Koerkamp, co-promotor(en): Nico Ogink; Andre Aarnink. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789463320849 - 279
particulate matter - emission reduction - animal housing - application methods - spraying - filters - fijn stof - emissiereductie - huisvesting, dieren - toedieningswijzen - spuiten

Animal houses are extremely dusty environments. Airborne particulate matter (PM) poses a health threat not only to the farmer and the animals, but, as a result of emissions from ventilation systems, also to residents living in livestock farming areas. In relation to this problem, the objectives of this thesis were threefold.

The first objective was to increase our understanding and knowledge of concentrations and emission rates of PM in commonly applied animal housing systems. This objective is worked out in chapter 2 which presents a national emission survey into the concentrations and emissions of PM, which covered 13 common housing systems for poultry, pigs, and dairy in the Netherlands and included 202 24-h measurements at 36 farms. The emission figures from this work are currently used in the Netherlands in environmental permit granting procedures (to model the local dispersion of PM10 in the vicinity of livestock farms), to estimate national emissions, to compute large-scale pollutant concentration maps, and to annually evaluate the state of affairs of the National Air Quality Cooperation Programme (NSL).

The second objective was to develop, test, and validate technologies to mitigate PM concentrations and emissions in poultry farms and ultimately contribute to cleaner outdoor air. This objective is worked out in chapters 3 through 7. Chapters 3 and 4 describe two experiments, one in broilers, one in layers, that investigated the effects of spraying rapeseed oil droplets onto the litter of poultry houses which prevents particles from the litter from becoming airborne. On the basis of chapters 3 and 4, chapter 5 describes a field evaluation of four systems that mitigate PM emissions by reducing indoor concentrations: a fixed oil spraying system, an autonomously driving oil spraying vehicle, a negative air ionization system, and a positive air ionization system. Chapter 6 describes a field evaluation of two ‘end of pipe’ systems to remove PM from the exhaust air of poultry farms, namely: a dry filter wall and an electrostatic precipitator. Chapter 7 describes an emission survey carried out at a total of 16 commercial poultry farms with an ‘end of pipe’ manure drying tunnel. This chapter aimed to elucidate the PM abatement potential and possible additional emissions of ammonia and odor of these tunnels. Furthermore, this chapter aimed to elucidate the perspective of two strategies to reduce any additional emissions from the manure drying tunnels. The results from chapters 5 through 7, carried out at commercial farms, have been used to adopt accurate PM removal figures in Dutch regulations on PM emissions from livestock houses.

Finally, the third objective was to determine the applicability (in terms of acceptable accuracy and comparability) of alternative PM10 measurement methods – i.e., alternative to the ‘cyclone sampler’ developed prior to this thesis and used in chapters 2 through 7. Such alternative samplers could then be applied in future for determination of PM10 emission rates of animal houses. This objective has been worked out in chapter 8 as an equivalence study between the European reference sampler for PM10 (described in EN 12341) and five different candidate measurement methods (the cyclone sampler, a beta-ray attenuation sampler, a microbalance device, and two light-scattering devices) in four different environments (a fattening pig house, a laying hen house, a broiler house, and an office room). Results show that all samplers showed a systematic deviation from ‘true’ values, that between-device variation was relatively high, and that samplers started to dysfunction after about 432 to 500 h of operation. Therefore, appropriate measures (such as duplicate sampling, correction factors, and more frequent servicing) must be taken. The results can be used to harmonize PM10 measurement methods across institutes and to further increase the availability of samplers for the measurement of PM10 in animal production.

Nauwelijks uitspoeling mineralen op biologische glasbedrijven : zorgplicht in plaats van emissienormen
Kierkels, T. ; Voogt, W. - \ 2014
Onder Glas 11 (2014)12. - p. 40 - 41.
glastuinbouw - biologische productie - tomaten - groenten - irrigatie - toedieningswijzen - bemesting - controle - lysimeters - biologische landbouw - greenhouse horticulture - biological production - tomatoes - vegetables - irrigation - application methods - fertilizer application - control - organic farming
Grondtelers moeten in het algemeen nog een flinke slag maken om uitspoeling van mineralen te voorkomen, verplicht op grond van Europese regelgeving. Maar dat geldt niet voor de biologische telers. Zij hebben de watergift tot kunst verheven en ook bemesting op maat is een voortdurend punt van aandacht. Resultaat: nauwelijks uitspoeling.
International Advances in Pesticide Application 122
Anderson, P.G. ; Balsari, P. ; Carpenter, P.I. ; Cooper, S.E. ; Glass, C.R. ; Magri, B. ; Miller, P.C.H. ; Mountford-Smith, C. ; Robinson, T.H. ; Stock, D. ; Taylor, W.A. ; Zande, J.C. van de - \ 2014
Wellesbourne, Warwick CV35 9EF, UK : Association of Applied Biologists Warwick Enterprise Park - 470
pesticiden - biopesticiden - toepassing - toedieningswijzen - wereld - pesticides - microbial pesticides - application - application methods - world
Bladvoeding die fosfaatgehalte wél verhoogt
Maas, M.P. van der; Elk, P.J.H. van - \ 2013
De Fruitteelt 103 (2013)15. - ISSN 0016-2302 - p. 12 - 13.
malus - plantenvoeding - bladvoeding - fosformeststoffen - toepassing - toedieningswijzen - spuiten - teeltsystemen - duurzaamheid (sustainability) - plant nutrition - foliar nutrition - phosphorus fertilizers - application - application methods - spraying - cropping systems - sustainability
Recente resultaten uit Canadees onderzoek maken de oude fosfaatdiscussie uit de jaren zeventig weer actueel: de streefwaarde voor het fosfaatbladgehalte zou drastisch omhoog moeten. Dit zou leiden tot een hogere kwaliteitsproductie en betere resultaten in de lange bewaring. Daarvoor moet men onderzoeken hoe het fosfaatblad gehalte verhoogd kan worden. Met breedwerpige bemesting, fertigatie of champost lukt het in ieder geval niet of nauwelijks. Fosfaatbladvoeding biedt uitkomst, bleek uit onderzoek van PPO in Randwijk.
Dunnen met ATS vraagt andere strategie
Maas, F.M. - \ 2013
De Fruitteelt 103 (2013)15. - ISSN 0016-2302 - p. 8 - 11.
malus - appels - dunnen - plantengroeiregulatoren - vruchtzetting - toedieningswijzen - spuiten - bestuiving - timing - toepassing - besluitvorming - teelthandleidingen - apples - thinning - plant growth regulators - fructification - application methods - spraying - pollination - application - decision making - cultivation manuals
Bespuitingen met de bladmeststof ATS zijn al meer dan tien jaar een door veel fruittelers toegepaste teelthandeling om de vruchtzetting bij appel te beperken. Vooral bij uitbundig bloeiende bomen kunnen telers bij een juist toepassingsmoment de vruchtzetting verkleinen. Later is dan minder chemische vruchtdunning en arbeidsintensieve handdunning nodig. Recent onderzoek van WUR/PPO Fruit wijst uit dat de huidige wijze van vruchtdunning aangepast dient te worden.
Inventarisatie van uitzetmethoden van biologische bestrijders in kassen Gezonde Kas: Product 23: Doelgericht uitzetten van biologische bestrijders en evaluatie van toedieningstechnieken voor biologische bestrijders
Os, E.A. van; Staaij, M. van der; Zande, J.C. van de - \ 2012
Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapporten WUR GTB 1265)
organismen ingezet bij biologische bestrijding - glastuinbouw - toedieningswijzen - mechanisatie - doseringseffecten - nederland - biological control agents - greenhouse horticulture - application methods - mechanization - dosage effects - netherlands
Dit rapport geeft een overzicht van toedieningsmethoden van biologische bestrijders met daaraan gekoppeld de voor- en nadelen per methode. Roofmijten, roofwantsen, sluipwesppoppen (wittevlieg en mineervlieg), galmugpoppen en sluipwespen, galmuggen worden allemaal handmatig uitgezet. Handmatig uitzetten kost veel tijd en is daarom duur. Een vorm van mechanisatie van het uitzetten is op gang gekomen, met name voor roofmijten en galmugpoppen. Per bestrijder is objectief gezien onbekend of voldoende, te weinig of te veel wordt gedoseerd. Aangezien de bestrijders lopen (roofmijten) of vliegen (sluipwespen, galmuggen, roofwantsen) en actief op zoek gaan naar prooien wordt door telers en leveranciers alleen naar de effectieve plaagbestrijding gekeken. Sluipwesppoppen kunnen eventueel nog worden verblazen (mechanisatie van uitzetten); voor de vliegende bestrijders lijkt dit minder zinvol, hoewel het effect onbekend is.
Ontwikkeling van een autonome precisiespuit voor de aardbeienteelten in de volle grond : fase 1 en 2: ontwerp en bouw van prototype
Kempenaar, C. ; Michielsen, J.G.P. ; Nieuwenhuizen, A.T. ; Slabbekoorn, J.J. ; Zande, J.C. van de - \ 2012
Wageningen : Plant Research International, Business Unit Agrosysteemkunde - 24
landbouwtechniek - spuiten - toedieningswijzen - spuitapparaten - controlled droplet application - kleinvolume spuiten - pesticiden - aardbeien - aangepaste technologie - landbouwkundig onderzoek - agricultural engineering - spraying - application methods - sprayers - low volume spraying - pesticides - strawberries - appropriate technology - agricultural research
In dit rapport worden de eerste fasen van de ontwikkeling van een autonome precisiespuit in de aardbeienteelt beschreven. Dit traject is een initiatief van een groep aardbeientelers in West Brabant, Homburg Holland uit Stiens en Wageningen UR–PRI, om te komen tot een systeem waarmee autonoom gewasbeschermingsmiddelen op een zo nauwkeurig mogelijke manier toegediend kunnen worden in aardbeien. De partners in deze publiek private samenwerking hebben hiertoe een ontwikkeltraject opgezet waarin vier fasen onderscheiden worden: ontwerp, bouw, testen en aanpassen, en demonstreren van de autonome spuit. Het initiatief is gestart in 2009 en het samenwerkingscontract loopt door tot en met 2014.
Mesttoediening in het voorjaar in wintertarwe : effecten op grond en gewas
Huijsmans, J.F.M. ; Vermeulen, G.D. ; Dekker, P.H.M. ; Verwijs, B.R. - \ 2012
Wageningen : Plant Research International (Rapport / Plant Research International 443) - 58
bemesting - toedieningswijzen - lente - wintertarwe - tarwe - zware kleigronden - veldproeven - oogstschade - bodemstructuur - akkerbouw - fertilizer application - application methods - spring - winter wheat - wheat - clay soils - field tests - crop damage - soil structure - arable farming
Voorjaarstoediening wordt gezien als een mogelijkheid voor betere benutting van de stikstof uit mest. Op kleibouwland was nog slechts beperkt geëxperimenteerd met methoden voor mesttoediening in het voorjaar. Behoefte was er aan goede methoden voor voorjaarsmesttoediening in wintertarwe, waarbij gewas- en bodemschade zoveel mogelijk voorkomen worden en voldaan wordt aan eisen om de ammoniakemissie te beperken. Voor de ondersteuning van het beleid en voor implementatie van emissiearme voorjaarstoediening op kleibouwland in de praktijk was inzicht nodig in de praktische mogelijkheden van emissiearme mesttoediening in wintertarwe op kleibouwland. Hiertoe werden veldproeven uitgevoerd die specifiek tot doel hadden om de effecten van toepassing van verschillende huidige toedieningstechnieken in wintertarwe op bodem en gewas na te gaan.
Spuittechniek in potplanten krijgt te weinig aandacht : luchtwerveling geeft betere doordringing en gewasbedekking onderzijde (interview met Marieke van der Staaij)
Staaij, M. van der - \ 2012
Onder Glas 9 (2012)2. - p. 54 - 55.
plantenkwekerijen - gewasbescherming - spuiten - toedieningswijzen - spuitapparatuur - optimalisatie - potplanten - glastuinbouw - nurseries - plant protection - spraying - application methods - spraying equipment - optimization - pot plants - greenhouse horticulture
Het praktijkonderzoek naar optimalisatie van spuittechnieken in de potplantenteelt biedt zicht op aanzienlijk betere spuitresultaten. Afhankelijk van het gewas is met de juiste apparatuur en wat extra aandacht een veel betere gewasbedekking te realiseren. Yve Middelburg van D.C. van Geest Potplanten spreekt van een verdubbeling van het bestrijdingsresultaat na aanpassing van de spuitboom.
The impact of slurry application technique on nitrous oxide emission from agricultural soils
Velthof, G.L. ; Mosquera, J. - \ 2011
Agriculture, Ecosystems and Environment 140 (2011)1-2. - ISSN 0167-8809 - p. 298 - 308.
distikstofmonoxide - emissie - broeikasgassen - bemesting - landbouwgronden - dierlijke meststoffen - toedieningswijzen - nitrous oxide - emission - greenhouse gases - fertilizer application - agricultural soils - animal manures - application methods - volatile fatty-acids - cattle slurry - pig slurry - methane emissions - surface application - animal production - mineral nitrogen - grassland soil - gas emissions - arable land
Direct nitrous oxide (N2O) emissions from fertilized soils are generally estimated using emission factors. However, the emission factors for N2O emission of applied slurry are not well quantified. The effect of slurry application technique on N2O emission was quantified in field experiments in the Netherlands in order to derive N2O emission factors for (shallow) injected and surface-applied cattle and pig slurries. Fluxes of N2O were measured using a closed flux chamber technique and a photo-acoustic infra-red gasmonitor. Fluxes of N2O were measured 64–83 times on grassland on sandy and clay soils and maize land on sandy soil, in the period 2007–2009. There were large differences in total N2O emission between the years, and differences between treatments were not consistent over the years and sites. The average emission factor of all treatments and years (n = 35) was 0.9% of the N applied, which is close to the default IPCC emission factor of 1%. However, the range in emission was large, i.e. from -0.2% to 7.0%. The average emission factor for grassland was 1.7% of the N applied for calcium ammonium nitrate (CAN), 0.4% for shallow injected cattle slurry, and 0.1% for surface-applied cattle slurry. For maize land, the average emission factor for CAN was 0.1% of the N applied, for injected cattle slurry 0.9% and for surface-applied cattle slurry 0.4%. The emission factors for pig slurry applied to maize land were higher than for cattle slurry; 3.6% for injected pig slurry and 0.9% for surface-applied pig slurry. Increasing the N application rate on maize land resulted in higher emission factors for CAN, injected cattle slurry, and injected pig slurry. Concluding, on both grassland and maize land (shallow) injection of slurry increased the average emission factor of N2O in comparison to surface application. Differentiation of N2O emission factors which takes specific factors into account, such as N type and rate and application technique, can improve the quantification of N2O emission from agricultural soils and is needed to derive most efficient options for mitigation. --------------------------------------------------------------------------------
Handreiking betere benutting N-meststoffen
Animal Sciences Group (ASG), - \ 2011
Verantwoorde veehouderij
stikstofmeststoffen - toedieningswijzen - bemesting - nitrogen fertilizers - application methods - fertilizer application
Deze handreiking is gericht op het verbeteren van de N-benutting uit kunstmest. Als aanvulling op dierlijke mest zijn voor de groei van het gras in het voorjaar vaak stikstof (N) en zwavel (S) nodig. Een goede benutting van de N uit kunstmest is mogelijk door: - keuze van de juiste N-meststof en toedieningsvorm; - goed management.
Te vroeg MH spuiten geeft holle uien
Brink, L. van den - \ 2011
Boerderij/Akkerbouw 96 (2011)43. - ISSN 0169-0116 - p. E14 - E15.
uien - maleïnehydrazide - spruiten - kiemremming - toedieningswijzen - gewasbescherming - akkerbouw - spuiten - onions - maleic hydrazide - sprouts - sprout inhibition - application methods - plant protection - arable farming - spraying
De stelregel MH spuiten bij een bol/halsdiameter van 1:3 blijkt achterhaald. Beter is te spuiten op het moment van strijken, blijkt uit PPO-onderzoek.
Tijdstip van MH-bespuiting in uien en het effect van stikstof en oogsttijdstip op kale uien
Brink, L. van den; Broek, R.C.F.M. van den - \ 2011 2011 (2011)12 aug.
gewasbescherming - uien - spruiten - kiemremming - stikstofmeststoffen - oogsttijdstip - veldproeven - toedieningswijzen - maleïnehydrazide - bemesting - akkerbouw - opslag - plant protection - onions - sprouts - sprout inhibition - nitrogen fertilizers - harvesting date - field tests - application methods - maleic hydrazide - fertilizer application - arable farming - storage
In de praktijk zijn er in de bewaring regelmatig problemen met spruitlustige en kale uien. In 2007 heeft PPO-agv in Lelystad twee proeven uitgevoerd: een proef waarin op verschillende tijdstippen MH is gespoten met als doel om na te gaan wat het optimale moment van MH-toediening is; een proef waarin de effecten van stikstofbemesting en oogsttijdstip op het optreden van kale uien zijn onderzocht
Type en toedieningsvorm van N-kunstmest: effecten op gewas- en eiwitproductie en -kwaliteit
Boer, D.J. den; Holshof, G. ; Bussink, D.W. ; Middelkoop, J.C. van - \ 2011
Wageningen : Nutriënten Management Instituut - 95
stikstofmeststoffen - bemesting - toedieningswijzen - efficiëntie - fysische factoren - nitrogen fertilizers - fertilizer application - application methods - efficiency - physical factors
Dit rapport probeert een antwoord te geven op de vraag hoe melkveehouders de beperkte hoeveelheid stikstof(N)meststoffen maximaal kunnen benutten naast de op het bedrijf aanwezige dierlijke mest. Daartoe is in opdracht van Productschap Zuivel een literatuurstudie uitgevoerd naar de effecten van het gebruikte type en de toedieningsvorm van N-kunstmeststoffen op de gewasopbrengst, de N-opname en eiwitkwaliteit. Nagegaan is of de N-benutting verhoogd kan worden door een betere inzet van meststoffen en beperking van de verliezen door ammoniakvervluchtiging, nitraatuitspoeling, denitrificatie en lachgasontwikkeling. Naast type en toedieningsvorm zijn ook fysiologische en fysische aspecten van de meststoffen in de afweging meegenomen. Veredeling en een betere voorspelling van de N-mineralisatie uit de bodem kunnen een rol spelen om de N-benutting te verhogen. Verder zijn de bodemkwaliteit, de voorziening met overige nutriënten en het management belangrijke aspecten om de N-benutting te verbeteren. In een Handreiking zijn tenslotte de verschillende aspecten samengebracht in een advies voor de praktijk.
Fosfaat vol in de schijnwerper : overheid wil fosfaatgebruik verder terugdringen
Reuler, H. van - \ 2011
Boom in business 2 (2011)1. - ISSN 2211-9884 - p. 32 - 33.
houtachtige planten als sierplanten - plantenvoeding - fosfaat - teeltsystemen - toedieningswijzen - plaatselijke toepassing - rijenbemesting - ornamental woody plants - plant nutrition - phosphate - cropping systems - application methods - topical application - band placement
Fosfaat staat volop in de belangstelling. De prijzen van kunstmestfosfaat zijn hoog en de verwachting is dat dit zo zal blijven. Het is zaak om zo efficiënt mogelijk met deze voedingsstof om te gaan.
Mesttoediening in het voorjaar op kleibouwland en precisiedosering mest in maïs, thema: duurzame mineralen BO-12.03-002-007
Huijsmans, J.F.M. - \ 2011
precisielandbouw - bemesting - milieubeleid - zware kleigronden - ammoniakemissie - lente - herfst - toedieningswijzen - precision agriculture - fertilizer application - environmental policy - clay soils - ammonia emission - spring - autumn - application methods
Informatieposter over mesttoediening op kleigrond. Op kleigrond gaat bij najaarstoepassing van (drijf)mest op bouwland een groot deel van de aanwezige stikstof verloren. Voorjaarstoediening wordt gezien als een mogelijkheid voor betere benutting van de stikstof uit de mest. Op kleibouwland bestaat hierbij de vrees voor bodem- en gewasschade. De mesttoediening moet voldoen aan eisen van beperkte ammoniakemissie. Door de verdere verlaging van de gebruiksnormen is precisiedosering vereist.
Beheersing Rhizoctonia in zetmeelaardappelen
Wijnholds, K.H. - \ 2010 2010 (2010)17 mei.
fabrieksaardappelen - aardappelen - rhizoctonia - bodempathogenen - bactericiden - pesticiden - chemische bestrijding - dosering - toedieningswijzen - akkerbouw - veldproeven - rijenbespuiting - plantenziektebestrijding - starch potatoes - potatoes - soilborne pathogens - bactericides - pesticides - chemical control - dosage - application methods - arable farming - field tests - band spraying - plant disease control
Bij de teelt van zetmeelaardappelen krijgt de praktijk de laatste jaren steeds meer te maken met een zwaardere aantasting door Rhizoctonia vanuit de grond. Om deze aantasting te bestrijden, zijn er verschillende middelen beschikbaar. Een volveldsbehandeling met een grondbehandelingsmiddel tegen Rhizoctonia is veelal te duur, het saldo van zetmeelaardappelen laat dit niet toe. Daarom is in opdracht van het Productschap Akkerbouw (PA) met cofinanciering van Bayer Cropscience en Syngenta Crop Protection onderzoek gedaan of een rijenbehandeling met lagere dosering voldoende perspectief biedt Uit dit onderzoek is gebleken dat met behulp van een grondbehandeling een positief resultaat kan worden bereikt, met name als gevolg van een hogere prijs bij een hoger OWG. Op beide locaties gaf de kwart dosering van Amistar het hoogste rendement. Het nieuwe middel AC2522 heeft het ook goed gedaan, maar heeft echter nog geen toelating in zetmeelaardappelen.
Optimalisatie van spuittechniek in potplantenteelt blijkt te werken (interview met Marieke van der Staaij)
Staalduinen, J. van; Staaij, M. van der - \ 2010
Onder Glas 7 (2010)10. - p. 62 - 63.
teelt onder bescherming - potplanten - gewasbescherming - spuiten - toedieningswijzen - proeven op proefstations - optimalisatie - landbouwkundig onderzoek - glastuinbouw - protected cultivation - pot plants - plant protection - spraying - application methods - station tests - optimization - agricultural research - greenhouse horticulture
Met verbeterde spuittechnieken zijn tegenvallende gewasbeschermingsresultaten in potplanten deels te verhelpen. Dat kan door de bestaande technologie toe te passen in een spuitconfiguratie die goed aansluit op het gebruikte teeltsysteem. In praktijkproeven gaven systemen voor bespuiting van bovenaf met luchtondersteuning, hoge druk of (verticale) spuitlansen een 10 tot 15% betere gewasdekking.
Emissions of plant protection products from glasshouses to surface water in The Netherlands
Vermeulen, T. ; Linden, A.M.A. van der; Os, E.A. van - \ 2010
Bleiswijk : Wageningen UR Greenhouse Horticulture (Rapport / Wageningen UR Greenhouse Horticulture/RIVM rapport GTB-1002/607407001) - 80
pesticiden - emissie - oppervlaktewater - waterverontreiniging - cultuurmethoden - toedieningswijzen - glastuinbouw - toelating van bestrijdingsmiddelen - pesticides - emission - surface water - water pollution - cultural methods - application methods - greenhouse horticulture - authorisation of pesticides
Momenteel wordt een vast percentage van 0.1% gebruikt voor de emissie van gewasbeschermingsmiddelen vanuit kassen naar het oppervlaktewater. Metingsgegevens van waterschappen wijzen erop dat de emissie van gewasbeschermingsmiddelen en biociden naar het oppervlaktewater hoger zijn dan aangenomen wordt in de toelatingsprocedure. Dit rapport onderzoekt of nieuwe benaderingen nodig zijn. De onderzoeksresultaten duiden er op dat de werkelijke emissie sterk verschilt tussen verschillende gewassen, teeltsystemen en toedieningswijzen. Dit zou in de evaluatie van de emissie meegenomen moeten worden.
Effect of manure application technique on nitrous oxide emission from agricultural soils
Velthof, G.L. ; Mosquera, J. ; Huis in 't Veld, J.W.H. ; Hummelink, E.W.J. - \ 2010
Wageningen : Alterra [etc.] (Alterra-rapport 1992) - 74
distikstofmonoxide - emissie - mest - toedieningswijzen - graslanden - landbouwgronden - mestinjectie - maïs - nitrous oxide - emission - manures - application methods - grasslands - agricultural soils - soil injection - maize
The emission factors for nitrous oxide (N2O) emission of applied manure are not well quantified. The effect of manure application technique on N2O emission was quantified in field and laboratory experiments in order to derive N2O emission factors for (shallow) injected and broadcast cattle and pig slurries in the Netherlands. Fluxes of N2O were measured using a closed flux chamber technique and a photo-acoustic infra-red gasmonitor. Fluxes of N2O fluxes were measured 83 times on grassland on sandy soil and 64 times on maize land on sandy soil, in the period 2007-2009.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.