Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 85

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==watervogels
Check title to add to marked list
Buitendijks recreëren ter hoogte van St. Pieterspolder, gemeente Reimerswaal
Ysebaert, Tom ; Wijsman, Jeroen - \ 2017
Wageningen : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C033/17) - 23
recreatie - watervogels - dijken - eenden - verstoring - natura 2000 - rijwielpaden - oosterschelde - recreation - waterfowl - dykes - ducks - disturbance - cycleways - eastern scheldt
Het buitendijkse dijktracé langsheen de Sint Pieterspolder en Nieuw Olzendepolder heeft een belangrijke functie als hoogwatervluchtplaats voor een aantal soorten steltlopers en eendachtigen. Met name Scholekster, Wulp, Tureluur, en in mindere mate Steenloper gebruiken de buitendijkse zijde van de zeedijk langs de Nieuw Olzendepolder en de St. Pieterspolder als hoogwatervluchtplaats. Ook Rotganzen en eenden als Wilde Eend, Pijlstaart en Smient gebruiken de dijk als hoogwatervluchtplaats. De grootste aantallen komen voor in de doortrekperiodes en de winter. In de periode april tot en met augustus zijn de aantallen in het gebied laag. De schelpen- en puinstrandjes langs het dijktracé vormen een potentieel geschikt habitat voor kustbroedvogels als de Bontbekplevier. Buitendijks recreëren langs dit dijktracé leidt tot verstoring van de vogels die hier tijdens hoog water verblijven (overtijen). Dit is duidelijk vastgesteld tijdens de veldbezoeken. Het zondermeer jaarrond openstellen van dit dijktracé voor fietsers is daarom niet aan te bevelen. Wel is een ruimtelijke en temporele zonering mogelijk, welke kan leiden tot een optimalere benutting van dit dijktracé, met versterking van de natuurwaarde en de recreatie. Dit houdt in dat bepaalde trajecten volledig ontoegankelijk worden gemaakt (voor alle vormen van recreatie), en bepaalde trajecten alleen toegankelijk worden gemaakt voor wandelaars en fietsers gedurende de zomerperiode.
Pilot kleirijperij en klutenplas in de Dollardkwelders : een verkenning van de lokale natuurwaarden, dimensies van de klutenplas en verwachte korte- en lange-termijn effecten
Elschot, K. ; Baptist, M.J. - \ 2016
Den Helder : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C101/16) - 19
vogels - watervogels - natuurwaarde - klei - eems-dollard - birds - waterfowl - natural value - clay
Survey van watervogels in het Malzwin, 2013 - 2014
Smit, C.J. ; Meijboom, A. - \ 2015
Den Burg : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C101/15) - 47
watervogels - vogels - karteringen - waddenzee - militaire gebieden - waterfowl - birds - surveys - wadden sea - military areas
Het Ministerie van Defensie streeft ernaar dat militaire activiteiten in het Waddengebied een zo gering mogelijk effect op natuurwaarden hebben. Dit geldt ook voor oefeningen met militaire helikopters in de omgeving van Marinevliegkamp De Kooy. Door het Ministerie wordt dan ook gezocht naar mogelijkheden om de noodzakelijk geachte activiteiten te concentreren in een relatief beschut gelegen gebied waar effecten op natuurwaarden zo klein mogelijk zijn. Eén van deze gebieden is een locatie in het Malzwin, ten noorden van het Balgzand. In deze rapportage wordt aan de hand van een reeks maandelijkse tellingen aangegeven welke vogelsoorten in welke aantallen in dit gebied aanwezig zijn.
Risicofactoren voor introductie van laag-pathogeen aviare influenza virus op legpluimveebedrijven met vrije uitloop in Nederland
Goot, J.A. van der; Elbers, A.R.W. ; Bouwstra, R.J. ; Fabri, T. ; Wijhe-Kiezebrink, M.C. van; Niekerk, T.G.C.M. van - \ 2015
Lelystad : Central Veterinary Institute, onderdeel van Wageningen UR (CVI rapport / Centraal Veterinair Instituut 15/CVI0078) - 15
pluimvee - gevalsanalyse - pluimveeziekten - pluimveehouderij - dierenwelzijn - uitloop - huisvesting van kippen - aviaire influenzavirussen - eenden - watervogels - risicofactoren - nederland - poultry - case studies - poultry diseases - poultry farming - animal welfare - outdoor run - chicken housing - avian influenza viruses - ducks - waterfowl - risk factors - netherlands
Door middel van een case-control studie is onderzoek gedaan naar veronderstelde risicofactoren voor introductie van laag-pathogene aviaire influenza (LPAI) virus op pluimveelegbedrijven met vrije uitloop. Onder een LPAI virus werd in dit onderzoek verstaan: een aviair influenza virus van elk subtype (H1 tm H16), met uitzondering van de hoog pathogene aviaire influenza (HPAI) virussen. Veertig bedrijven met een LPAI virus introductie in het verleden (cases) zijn vergeleken met 81 bedrijven waar geen introductie heeft plaats gevonden (controls) om te onderzoeken of potentiële risicofactoren voor een besmetting met een LPAI virus geïdentificeerd kunnen worden. Vragen over aanwezigheid van potentiële risicofactoren zijn door middel van enquêtes voorgelegd aan de pluimveehouders.
Sedimentatiemodel kwelders Ameland Fase 1: ontwerp en haalbaarheid
Groot, A.V. de; Duin, W.E. van; Brinkman, A.G. ; Vries, P. de - \ 2014
Den Helder : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C025/14) - 47
kweldergronden - waterstand - bodemdaling - aardgas - overstromingen - risicoschatting - fauna - watervogels - nederlandse waddeneilanden - salt marsh soils - water level - subsidence - natural gas - floods - risk assessment - waterfowl - dutch wadden islands
Op Ameland vindt bodemdaling plaats als gevolg van gaswinning. Dit heeft consequenties voor de opslibbingsbalans en daarmee de maaiveldhoogte van de oostelijke kwelders Neerlands Reid en De Hon, vergeleken met wanneer er geen bodemdaling zou hebben plaatsgevonden. Dit kan weer gevolgen hebben voor het broedsucces van grondbroedende vogels, dat mede afhankelijk is van het overstromingsrisico. Om de impact van gaswinning op het ecosysteem te bepalen, is het dus mede van belang om inzicht te krijgen in hoe het overstromingsrisico op de kwelders op Ameland zou zijn geweest vanaf 1986 zónder de opgetreden bodemdaling. Daarvoor is het nodig de hoogteligging zonder bodemdaling te reconstrueren.
Betrouwbaarheid van aantalsschattingen van schadeveroorzakende watervogelsoorten - Deel 2 : Watervogels
Ebbinge, B.S. ; Goedhart, P.W. ; Kiers, M.A. ; Naeff, H.S.D. - \ 2014
Alterra Wageningen UR / Fauna fonds (Alterra rapport 2427) - 138
fauna - wildbeheer - schade - ganzen - watervogels - populatiedichtheid - monitoring - zintuiglijke waarneming - vergelijkingen - wildlife management - damage - geese - waterfowl - population density - organolepsis - comparisons
Tellingen van ganzen en zwanen worden in Nederland sinds 1993 verricht door Sovon en sinds 2005 door de KNJV, met als voornaamste doel een schatting te geven van totale aantallen. Hier is onderzocht in hoeverre de Sovon-tellingen en KNJV-tellingen van watervogels tussen 2005 en 2010 verschillen. Ook worden aandachtspunten bij het tellen van 11 soorten schadeveroorzakende watervogels beschreven. Vergelijking van de telprotocollen levert belangrijke verschillen op die een verklaring zouden kunnen vormen voor uiteenlopende telresultaten. Op grond van de geanalyseerde gegevens is het niet mogelijk de werkelijk aanwezige aantallen nauwkeurig te bepalen, omdat daarvoor validatie met behulp van onafhankelijke tellingen noodzakelijk is. Tot slot worden er aanbevelingen gedaan ter verbetering van telprotocollen door Sovon en KNJV.
Effecten van het rapen van oesters in de Waddenzee op de benthosgemeenschap en vogelpopulatie
Glorius, S.T. ; Ens, B.J. ; Rippen, A.D. ; Chen, C. ; Hoppe, M. van; Weide, B.E. van der; Cuperus, J. - \ 2014
Den Helder : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C076/14) - 68
oesterteelt - vergunningen - friesland - biodiversiteit - natura 2000 - waddenzee - monitoring - watervogels - foerageren - Nederland - oyster culture - permits - biodiversity - wadden sea - waterfowl - foraging - Netherlands
Eind 2009 en begin 2010 zijn er door de Provincie Fryslân een 18-tal vergunningen verleend voor het experimenteel commercieel handmatig rapen van oesters voor een periode van 4 jaar. Omdat oesterrapen een nieuwe activiteit is in de Waddenzee is nog niet bekend of deze activiteit negatieve effecten heeft op Natura 2000 instandhoudingsdoelstellingen. Het gaat dan met name om habitattype H1140-A (Slik- en zandplaten, getijdengebieden) en verschillende vogelsoorten die foerageren op mossel- en oesterbanken.
Voldoen de aantallen zeekoeten aan de drempel-waarde voor kwalificatie van het Friese Front als Vogelrichtlijn-gebied?
Leopold, M.F. ; Bemmelen, R.S.A. van - \ 2014
Den Burg : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C060/14) - 22
watervogels - cepphus - habitats - populatiedichtheid - vogelrichtlijn - kwantitatieve analyse - natura 2000 - noordzee - waterfowl - population density - birds directive - quantitative analysis - north sea
Ministerie van EZ heeft voornemens het Friese Front aan te wijzen als Natura 2000-gebied voor de zeekoet, op basis van de Europese Vogelrichtlijn. Voor het onderbouwen van de instandhoudingsdoelstelling, de selectie en de begrenzing van het Vogelrichtlijngebied is een gedegen onderbouwing nodig. In eerdere rapportages werd (impliciet) uitgegaan van een schatting van Wetlands International (2002) van 8 miljoen vogels (1% norm: 80 000 vogels). Later gebruikten Skov et al. (2007) echter de Noordzee-winterpopulatie van de zeekoet als de relevante referentiepopulatie, geschat op 1 562 000 vogels (1% norm: 15 620 vogels). Zowel het aantal van 20 000 als de 1% norm van 15 620 zeekoeten is meermalen gehaald in het beoogde Natura 2000- gebied het Friese Front. Rekening houdend met de gebrekkigheid van oudere gegevens kan gesteld worden dat de 1% norm regelmatig wordt gehaald.
Buitendijkse ontwikkeling Striep, Terschelling: Ecologisch perspectief
Groot, A.V. de; Baptist, M.J. - \ 2014
Den Burg : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C037/14) - 42
kweldergronden - ecologisch herstel - vegetatietypen - grondverzet - watervogels - foerageren - nederlandse waddeneilanden - friesland - salt marsh soils - ecological restoration - vegetation types - earth moving - waterfowl - foraging - dutch wadden islands
Door EZ is gevraagd om ecologisch advies te leveren bij de plannen die in ontwikkeling zijn voor buitendijkse ontwikkeling bij Striep, Terschelling. Daarvoor is eerst de huidige situatie geanalyseerd. Het wad heeft een functie als foerageergebied voor vogels. Het ligt relatief hoog ten opzichte van de wijdere omgeving, maar nog steeds te laag om met rijshoutdammen of andere constructies binnen enkele jaren kweldervorming op gang te brengen. Omdat het wad eerst op moet hogen gaat dit minimaal 10 jaar duren. Het huidige kweldertje bevat alleen nog de vegetatiezones “lage kwelder” en “pionierzone”, en neemt af in oppervlakte. Het heeft een functie als HoogwaterVluchtPlaats (HVP) voor vogels.
Effecten van MZI's op de aanwezigheid en het gedrag van specifieke vogelsoorten en zeehonden
Smit, C.J. ; Jong, M.L. de; Witte, R.H. - \ 2014
Den Burg : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C063/13) - 78
mosselteelt - schaal- en schelpdierenvisserij - watervogels - zeehonden - fauna - foerageren - diergedrag - zeeland - mussel culture - shellfish fisheries - waterfowl - seals - foraging - animal behaviour
In dit rapport worden de resultaten beschreven van onderzoek dat is uitgevoerd naar aanleiding van de in de Passende Beoordeling gesignaleerde kennislacunes en om na te gaan of opschaling van MZI-activiteiten op deze locaties tot significante effecten zou kunnen leiden. Het meeste onderzoek is uitgevoerd in 2010-2012 in de Schaar van Renesse. De belangrijkste vraag voor dit gebied was in hoeverre de in het Brouwershavensche Gat aanwezige concentratie Roodkeelduikers negatieve effecten ondervindt van de aanwezigheid van MZI’s en van werkzaamheden aan MZI’s. Bovendien zijn gedragswaarnemingen en tellingen uitgevoerd van Gewone zeehonden, Eiders en Bergeenden in de Zuidmeep en enkele tellingen vanuit de lucht om de ligging van de ruigebieden van Eiders en Bergeenden in de Waddenzee in kaart te brengen.
Het Monitoring en Evaluatie Programma Zandwinning RWS LaMER 2007 en 2008 - 2012: overzicht, resultaten en evaluatie
Rozemeijer, M.J.C. ; Kok, J. ; Ronde, J. de; Kabuta, S. ; Marx, S. ; Berkel, G. van - \ 2013
IJmuiden : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C181/13) - 116
zandafgravingen - mariene gebieden - mariene ecologie - watervogels - zeehonden - nadelige gevolgen - milieueffectrapportage - ecologische verstoring - sand pits - marine areas - marine ecology - waterfowl - seals - adverse effects - environmental impact reporting - ecological disturbance
Zandwinning en -transport kunnen potentieel leiden tot diverse effecten zoals verminderde productie van algen en schelpdieren door extra slib in de waterkolom en verstoring. Geschatte effecten van zandwinning volgens de MERren. Visuele verstoring van zeehonden en vogels: de dieren worden verstoord doordat ze de sleephopperzuiger zien en reageren door bv weg te vluchten en andere vormen van onrust wat kan resulteren in (tijdelijke) effecten op de conditie van het dier en zelfs voortplanting en populatiedynamica. Geluidverstoring van vissen, vogels en zeezoogdieren: geluid wordt geproduceerd tijdens het baggeren op de winlocatie en tijdens het varen, waarbij de geluidsbron zich verplaatst. Verstoringseffecten kunnen ook optreden door het geluid tijdens baggeren (zowel boven als onderwater). Dit heeft op hoofdlijnen het zelfde effect als visuele verstoring maar via een andere effectroute.
Watervogels en zwemwaterkwaliteit : hoe kan het beter?
Lange, H.J. de; Lammertsma, D.R. ; Keizer-Vlek, H.E. ; Haan, M. de - \ 2013
H2O online 2013 (2013)31 okt.
zwemwater - waterkwaliteit - plassen - oppervlaktewater - coliformbacteriën - fecale coliformen - watervogels - inventarisaties - swimming water - water quality - ponds - surface water - coliform bacteria - faecal coliforms - waterfowl - inventories
Veel zwemplassen zijn vervuild met bacteriën uit uitwerpselen. Mogelijke bronnen zijn mensen, honden, paarden en watervogels. De herkomst van fecale bacteriën is echter nog niet traceerbaar. Om toch vast te stellen of vogelpoep belangrijk is voor de zwemwaterkwaliteit, verzamelde Alterra gegevens van 20 zwemplassen verspreid over Nederland. Het statistische verband tussen aantallen watervogels en concentraties van fecale bacteriën bleek significant. Bovendien waren in helder, plantenrijk water de aantallen bacteriën duidelijk lager dan in troebel water zonder waterplanten.
Broedsucces van kenmerkende kustbroedvogels in de Waddenzee in mineur
Koffijberg, K. ; Smit, C.J. - \ 2013
Wageningen : WOT Natuur & Milieu (WOt-paper 25) - 8
watervogels - habitats - broedvogels - waddenzee - kweldergronden - monitoring - waterfowl - breeding birds - wadden sea - salt marsh soils
De Nederlandse Waddenzee is het grootste aaneengesloten natuurgebied in ons land en vormt, samen met het Waddengebied in Duitsland en Denemarken, één van de belangrijkste natuurgebieden in Europa. Het gehele gebied is recent toegevoegd aan de lijst van werelderfgoedgebieden van UNESCO. Het Waddengebied vervult een zeer belangrijke functie als pleisterplaats en overwinteringsgebied voor 10 tot 12 miljoen watervogels en is tegelijk een belangrijk broedgebied voor ongeveer 35 soorten watervogels, waarvan verschillende soorten bij voorkeur in het gebied broeden. Het reilen en zeilen van deze vogels wordt sinds 1991 gevolgd met twee monitorprogramma’s. Deze paper gaat in op het langjarige onderzoek naar het broedsucces van kenmerkende kustbroedvogels in de Waddenzee.
Botulisme
Tulden, P.W. van; Haenen, O.L.M. ; Zijderveld, F.G. van - \ 2013
Aquacultuur 2 (2013). - ISSN 1382-2764 - p. 35 - 39.
botulisme - bacterieziekten - vissen - clostridium botulinum - bacteriën - toxinen - watervogels - vogels - veterinaire diensten - botulism - bacterial diseases - fishes - bacteria - toxins - waterfowl - birds - veterinary services
Elke zomer sterven grote hoeveelheden vogels en vissen tijdens aanhoudend warm weer.
Aantallen en verspreiding van Eiders en Toppers in de Waddenzee in december 2012
Smit, C.J. ; Jong, M.L. de; Dijkstra, A. - \ 2013
Den Burg : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C152/13) - 24
watervogels - eenden - monitoring - winter - waddenzee - waterfowl - ducks - wadden sea
Tellingen van duikeenden in de Waddenzee worden in principe één maal per jaar in het winterseizoen uitgevoerd. Tevens zijn door Alterra/IMARES in de jaren 2008 t/m 2010 aanvullende tellingen uitgevoerd in november, december en februari. Het blijkt niet altijd mogelijk om tellingen in januari te realiseren. Vanwege de onzekerheid om in alle jaren in januari een telling van duikeenden in de Waddenzee te kunnen uitvoeren, is in verschillende rapportages geadviseerd om in de winter een tweede telling uit te voeren, naast de reguliere januari-telling. Deze zouden bij voorkeur moeten worden uitgevoerd in december omdat in deze maand de in de Waddenzee aanwezige aantallen het meest overeenkomen met die in januari.
De invloed van watervogels op de bacteriologische zwemwaterkwaliteit
Lange, H.J. de; Lammertsma, D.R. ; Keizer-Vlek, H.E. - \ 2013
Amersfoort : Stowa (Rapport / STOWA 2013-12) - ISBN 9789057735912 - 42
zwemwater - waterkwaliteit - watervogels - waterplanten - bacteriologie - escherichia coli - campylobacter - fecale flora - oppervlaktewaterkwaliteit - openluchtrecreatie - nederland - swimming water - water quality - waterfowl - aquatic plants - bacteriology - faecal flora - surface water quality - outdoor recreation - netherlands
Dit rapport beschrijft de invloed van watervogels op de bacteriologische zwemwaterkwaliteit van 20 zwemplassen. Hiervoor is in de 20 zwemplassen veldonderzoek verricht naar relaties tussen aantallen en soorten watervogels, waterplanten, helderheid en concentraties fecale bacteriën. De concentratie zwevend stof en de begroeiing met waterplanten zijn beide factoren die de concentratie van fecale bacteriën beïnvloeden. Beheer gericht op het verbeteren van het doorzicht, verminderen van zwevend stof en bevorderen van waterplanten zal de overleving van fecale bacteriën verkorten. Dergelijke maatregelen zullen de zwemwaterkwaliteit verbeteren en hebben ook een positief effect op de ecologische kwaliteit van het water.
Energiehuishouding van steltlopers en de effecten van verandering in foerageer-oppervlak op populaties: Studie uitgevoerd in het kader van ANT-Ooscerschelde & LTV-Natuurlijkheid
Schellekens, T. ; Ens, B.J. ; Ysebaert, T. - \ 2013
Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES nr. C 067/13) - 26
watervogels - foerageren - estuaria - oppervlakte (areaal) - oosterschelde - westerschelde - energiebalans - waterfowl - foraging - estuaries - acreage - eastern scheldt - western scheldt - energy balance
Er doen zich grootschalige morfologische veranderingen voor in de Zuidwestelijke Delta: in de Oosterschelde t.g.v. de zandhongerproblematiek, en in de Westerschelde ten gevolge van de vaarwegverruiming. In beide watersystemen leiden deze processen tot een verandering van het areaal droogvallende platen en slikken (met als gevolg veranderingen in voedselbeschikbaarheid en beschikbare foerageertijd). Deze intergetijdengebieden zijn belangrijke foerageergebieden voor steltlopers. De energiehuishouding (het verschil tussen opname en verbruik van energie) van steltlopers speelt een belangrijke rol in de bepaling van de effecten van dergelijke veranderingen op steltlopers. Voor beide gebieden gelden N200 instandhoudingsdoelstellingen voor steltlopers
MEMO: Effecten van spieringvisserij op instandhoudingsdoelen Natura 2000 - gebied IJsselmeer
Deerenberg, C.M. ; Geelhoed, S.C.V. - \ 2012
Den Helder : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C023/12) - 19
vissen - watervogels - predator prooi verhoudingen - broedvogels - visserijbeheer - natura 2000 - ijsselmeer - fishes - waterfowl - predator prey relationships - breeding birds - fishery management - lake ijssel
Het IJsselmeer is in het kader van de Natuurbeschermingswet 1998 (Nbwet) aangewezen als Natura 2000-gebied, waarvoor instandhoudingsdoelen o.a. voor een aantal visetende vogelsoorten is geformuleerd. Het gaat daarbij om de instandhoudingsdoelstellingen voor de broedvogels aalscholver en visdief en niet-broedvogels fuut, aalscholver, nonnetje, grote zaagbek, dwergmeeuw en zwarte stern (Minister van LNV, 2009). Omdat niet op voorhand uitgesloten kan worden dat de spieringvisserij significante effecten heeft op de doelstellingen voor visetende watervogels in het Natura 2000-gebied, is de spieringvisserij in het voorjaar vergunningplichtig.
Aantallen en verspreiding van Eiders en Toppers in de Waddenzee in het voorjaar van 2012
Smit, C.J. ; Jong, M.L. de - \ 2012
Den Burg : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C167/12) - 25
natura 2000 - mariene gebieden - natuurwaarde - schaal- en schelpdierenvisserij - duurzaamheid (sustainability) - watervogels - waddenzee - marine areas - natural value - shellfish fisheries - sustainability - waterfowl - wadden sea
De Nederlandse kustwateren herbergen belangrijke natuurwaarden en grote delen zijn daarom aangewezen als natuurgebied in het kader van Natura 2000. Dat verplicht Nederland om er voor te zorgen dat de natuurwaarden in deze wateren in stand blijven en sommige ervan verbeterd worden. In dezelfde gebieden vindt schelpdiervisserij plaats en vanuit het visserijbeleid wordt invulling gegeven aan een verduurzamingsopgave voor de schelpdiervisserij. Eén van de recent ingevoerde wijzigingen betreft de invang van mosselzaad op zogenaamde mosselzaadinvang-installaties (MZI’s). Deze installaties worden in maart opgebouwd en in oktober weer verwijderd. In de jaren 2010-2011 bleek dat er mogelijk een verandering was opgetreden die niet was meegenomen in de in 2009 uitgevoerde Passende Beoordeling. Deze bestond uit een vervroeging van de plaatsing van MZI’s in het voorjaar, waardoor in de afgelopen jaren al in de loop van maart tot plaatsing werd overgegaan. Uit een vergelijking van de resultaten van de vliegtuigtellingen van 11 februari en 11 maart 2011 bleek dat er aanzienlijke verschillen aanwezig waren in de aantallen aanwezige Eiders die in de omgeving van de MZI’s waren waargenomen.
Zeevogels op de Noordzee : achtergronddocument bij Natuurverkenning 2011
Leopold, M.F. ; Bemmelen, R.S.A. van; Geelhoed, S.C.V. - \ 2011
Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-werkdocument 257) - 48
watervogels - foerageren - verspreiding - voedingsgedrag - noordzee - waterfowl - foraging - dispersal - feeding behaviour - north sea
In dit werkdocument wordt een aantal belangrijke functies van de Nederlandse Noordzee in de levenscyclus van zeevogels besproken aan de hand van twee thema’s. Allereerst kijken we naar verspreiding en trends van een aantal vogelsoorten waarbij het voorkomen van voedselbronnen vermoedelijk sturend is, maar waar de soorten tegenstrijdige trends laten zien die mogelijk door dieetsamenstelling en beschikbaarheid van geschikt voedsel kunnen worden verklaard. Ten tweede wordt ingegaan op een drietal voorbeelden van zeevogelsoorten waarvoor de zuidelijke Noordzee een bijzondere functie heeft voor doortrek, rui en overwintering. De voorbeelden illustreren dat zowel de Nederlandse Noordzeekustzone als verschillende offshoregebieden op het Nederlands Continentaal Plat (NCP) van groot belang zijn voor zeevogels.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.