Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 6 / 6

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==wetland soils
Check title to add to marked list
Sleutels tot herstel van hoogveen
Limpens, J. ; Duinen, G.A. van; Schouten, M.G.C. ; Tomassen, H. - \ 2016
Landschap : tijdschrift voor landschapsecologie en milieukunde 33 (2016)2. - ISSN 0169-6300 - p. 82 - 91.
natuurbeheer - hoogveengronden - hoogveengebieden - ecologisch herstel - biodiversiteit - toegepast onderzoek - hydrologische factoren - ruimtelijke variatie - sphagnum - bodems van waterrijke gebieden - waterstand - nature management - bog soils - moorlands - ecological restoration - biodiversity - applied research - hydrological factors - spatial variation - wetland soils - water level
Hoogvenen herbergen een unieke biodiversiteit, variërend van insectenetende zonnedauw, kleurrijke veenmossen tot broedende kraanvogels. Genoeg reden dus om hoogvenen te beschermen en te herstellen. Dankzij de nauwe samenwerking tussen beheerders en onderzoekers en de daaruit resulterende kennisontwikkeling is herstel van levend hoogveen in Nederland niet langer een droom. In dit artikel geven we een overzicht van de hoogtepunten van 18 jaar OBN-onderzoek en sluiten af met een kijkje naar de toekomst.
Nat zandlandschap van de 21e eeuw : kennisagenda
Schouten, M.G.C. ; Jansen, A.A.M. ; Tweel-Groot, Loekie van - \ 2016
Landschap : tijdschrift voor landschapsecologie en milieukunde 33 (2016)2. - ISSN 0169-6300 - p. 118 - 121.
natuurbeheer - natuurgebieden - biodiversiteit - zandgronden - duurzame ontwikkeling - landschapsecologie - kennismanagement - soortendiversiteit - ecotypen - systeemanalyse - ecosystemen - toegepast onderzoek - bodems van waterrijke gebieden - nature management - natural areas - biodiversity - sandy soils - sustainable development - landscape ecology - knowledge management - species diversity - ecotypes - systems analysis - ecosystems - applied research - wetland soils
Hoe ziet een duurzaam en biodivers nat zandlandschap van de 21e eeuw eruit en hoe ontwikkelen we dat? Dat landschap zal ongetwijfeld een ander zijn dan dat van de 19e en de eerste helft van de 20e eeuw, maar de uitdaging is de totale soortenrijkdom hierin weer voldoende plaats te bieden. Dit artikel biedt een overzicht van de kennis die daartoe ontwikkeld moet worden.
Herstel kwaliteit van natte heide in het zandlandschap
Wallis de Vries, M.F. ; Bobbink, R. ; Jansen, A.J.M. ; Vogels, J.J. - \ 2016
Landschap : tijdschrift voor landschapsecologie en milieukunde 33 (2016)2. - ISSN 0169-6300 - p. 110 - 115.
016-3951 - natuurbeheer - ecologisch herstel - heidegebieden - bodemkwaliteit - flora - vegetatie - fauna - toegepast onderzoek - bodems van waterrijke gebieden - grondwater - nature management - ecological restoration - heathlands - soil quality - vegetation - applied research - wetland soils - groundwater
Het verspreidingsgebied van natte heiden is in omvang min of meer gelijk gebleven sinds de laatste ontginningen. De kwaliteit blijft echter een dalende trend vertonen door de inwerking van stikstofdepositie en verdroging. Tegelijkertijd zijn er veelbelovende resultaten geboekt door nieuwe vormen van herstelbeheer. OBN heeft daarvoor de kennisbasis ontwikkeld. In dit artikel worden de daaruit voortvloeiende inzichten uiteen gezet en worden uitdagingen voor de toekomst geschetst.
Voedselsituatie voor gruttokuikens bij verschillende graslandtypen
Kleijn, D. ; Kats, R.J.M. van; Melman, T.C.P. ; Schekkerman, H. - \ 2006
Alterra
limosa limosa - weidevogels - natuurbeheer - graslanden - bodems van waterrijke gebieden - agrarisch natuurbeheer - grassland birds - nature management - grasslands - wetland soils - agri-environment schemes
Weidevogels komen vooral voor op natte graslanden die in het verleden extensief gebruikt werden. Daardoor waren de meeste weidevogels al uitgebroed voordat de eerste agrarische werkzaamheden plaatsvonden. Daarnaast stelde enerzijds de beperkte snelheid waarmee landbouwactiviteiten werden uitgevoerd en anderzijds de lage veedichtheden weidevogelparen met kuikens in staat om machines en vee te ontwijken. Doordat de belangrijkste perioden waarin door landbouw en weidevogels gebruik werd gemaakt van landbouwpercelen gescheiden waren in de tijd, gingen landbouw en hoge dichtheden weidevogels uitstekend samen. Intensivering van de landbouw heeft geleid tot een vervroeging van landbouwkundige activiteiten. Momenteel worden kleine percentages van het oppervlak natte graslanden begraasd of laat gemaaid als gevolg van beheersovereenkomsten Het overgrote deel wordt echter geheel gemaaid in de loop van mei. Hierdoor vinden landbouwkundige activiteiten plaats gedurende het broedseizoen van de weidevogels en dit kan verklaren waarom de meeste soorten weidevogels sterk achteruit zijn gegaan gedurende de laatste decennia.
Machines voor beheer van natte graslanden; een studie naar de kosten van beheer van natte en vochtige graslanden met aangepaste machines
Jong, J.J. de; Schaafsma, A.H. ; Aertsen, E.J.M. ; Hoksbergen, F.T.J. - \ 2003
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 747) - 45
bodems van waterrijke gebieden - veenmoerassen - overstroomde gronden - graslandbeheer - machines - wetland soils - bogs - flooded land - grassland management
In dit rapport is een studie beschreven naar aangepaste machines voor het maaien van natte graslanden. Er zijn onder verschillende omstandigheden tijdstudies verricht naar de machines. Op basis van informatie van de eigenaren van de machines zijn tarieven berekend. Daarnaast is informatie verzameld over het verwerken van maaisel. Onder beheerders van natte graslanden zijn de ervaringen met het gebruik van de verschillende machines geonventariseerd.
Wastewater treatment by a natural wetland: the Nakivubo swamp, Uganda : processes and implications
Kansiime, F. ; Nalubega, M. - \ 1999
Agricultural University. Promotor(en): G.J. Alaerts; P. Denny; L. Lijklema; J.J.A. van Bruggen. - Rotterdam etc. : Balkema - ISBN 9789054104209 - 300
uganda - afvalwater - afvalwaterbehandeling - wetlands - bodems van waterrijke gebieden - rioolwater - rioolafvalwaterverwijdering - waste water - waste water treatment - wetland soils - sewage - sewage effluent disposal
<p>An investigation to assess the capacity of the Nakivubo swamp, Kampala-Uganda (which has been receiving partially treated sewage from the city for more than 30 years now), to remove nutrients and pathogens was carried out. The aim of the study was to evaluate the potential of this swamp to remove nutrients and pathogens from wastewater in a sustainable way, with emphasis on describing and quantifying their pathways, transformations and budgets.<p>From field studies, water balance terms of channel discharges, rainfall, subsurface flows, evapotranspiration and seiches were measured or calculated from existing hydrometeorological data to form a water balance. Nutrients (N and P) and faecal coliforms (FC) transformations in the swamp were studied from four transects cut across the swamp. Vertical and longitudinal profiles of nutrients and pathogens were also constructed. Laboratory simulations were carried out to estimate nutrient fluxes into the plant and sediment compartments and to estimate the removal mechanisms of FC from the water column.<p>In this study differences in the morphological, hydraulic, physico-chemical, floristic and overall wastewater treatment performance between areas covered by the two major vegetation types <em>Cyperus papyrus</em> L. and <em>Miscanthidium violaceum</em> Robyns (about 80% and 20% of the study area, respectively) were elucidated. Papyrus is emergent at the swamp edges where the water level is more affected by the seasons (rainfall). It floats towards the centre and closer to the lake. The loose rhizomatous raft over which papyrus floats allows for fairly free fall-through of plant debris and decomposing matter onto the sediment via the water column resulting in high suspended solids content in the underlying water. This possibly slows, and sometimes restricts water flow in some areas. Due to the lower flows closer to the edges, a thick (up to 60 cm) layer of peaty material is also formed. The loose mat facilitates vertical mixing between the interstitial mat water and the water beneath the mat during the rise and fall of water/mat levels. This lead to a less steep gradient of nutrients over the vertical profile and facilitates nutrient uptake from the water column by papyrus vegetation.<p>In comparison, <em>Miscanthidium</em> vegetation is restricted to the middle of the swamp and is characterised by a thick (0.9 to 1.6 m) mat with highly interlaced roots, but low bulk density (60 - 300 kg/m <sup>3</sup> , surface to bottom). The thick mat helps the retention of falling plant debris on to its surface, where low rate decomposition and further mat accretion take place. The combination of material retention onto the mat surface and high water flows beneath results into a clearer water column and a very thin peat layer (maximum 10 cm) of poorly decomposed plant material. Further, the mat structure prevents free vertical and lateral mixing of the mat water with the water column beneath. This leads to reduced interactions of the plants with wastewater in these zones, and therefore less nutrient abstraction by plants from the wastewater in these zones.<p>The average waste water discharge in the swamp was estimated at 103,575 m <sup>3</sup> /d. Water flow is highly channelised and hydraulic retention times in the swamp during the rainy periods may be as low as 18 hours. Seepage is negligible. Water quality variations within the swamp showed that wastewater is not evenly transported to all parts of the swamp as it flows through.<p>The nutrient load into the swamp was 770 gN/m <sup>2</sup> /yr and 66 gP/m <sup>2</sup> /yr. Different nutrient uptake rates and plant tissue contents (N=1.3%, P=0.21% for papyrus and N=0.64% and P=0.15% for the <em>Miscanthidium</em> vegetated zones) plus the above structural differences in flows and retention times are partly responsible for the disparate purification efficiencies between the vegetation zones. In the papyrus vegetated zones, the average purification efficiencies were 67% N, and TP and 99.3% FC while in the <em>Miscanthidium</em> vegetated zones, it was lower at 55% N, 33% TP and 89.3% FC. The lower flows (about 20%) that went through the papyrus vegetated zones enabled higher retention times for these zones. The major mechanisms of nutrient removal in papyrus vegetated zones were identified to be plant uptake for the nutrients and attachment onto particulates followed by sedimentation, for FC and P. Predation and natural die-off of FC may be high especially in the root zones where micro-aerobic zones exist (mostly in papyrus zones).<p>The thick mat of <em>Miscanthidium</em> limits the number of live roots that can reach the water column to get nutrients from there. Since the bulk (80% near the lake) of the wastewater goes through this zone, then it means that the overall (swamp-wide) nutrient and pathogen removal efficiency from the wastewater is low (56% N, 40% TP and 91% FC).<p>Very low levels of oxygen were observed in the Nakivubo swamp (and very infrequently) due to the high oxygen demand exerted by decomposing organic matter in the swamp. Mostly, either hypoxic or anoxic conditions existed in most compartments of the swamp limiting nitrification although most physical and chemical variables were the range that would favour the survival of nitrifying bacteria. In the <em>Miscanthidium</em> mat, the low pH also possibly limited the viability and the activity of the nitrifiers in this zone.<p>The sharp decline in the concentration of pollutants from the swamp interface to the open waters of the Inner Murchison Bay can be explained by mixing and dilution in the lake. Combined effects of solar radiation, temperature, pH, biocides and the grazing protozoa may also be responsible for the lower FC numbers.<p>To protect the swamp and use it sustainably, efforts should not only concentrate on halting reclamation but also reducing the loads of effluents/pollutants being discharged into the swamp. Distribution of water over the large expanse of the upper and lower Nakivubo swamps in addition to creating a supplementary buffer system in the form of a forest wetland in the upper are suggested as the best sustainable management options. This should be supplemented with a proper wastewater collection and treatment to at least secondary level within the city.
Check title to add to marked list

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.