Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 1 - 20 / 126

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==wildbeheer
Check title to add to marked list
Ontsnipperingsplan N525 : advies voor het ontwerp en de positionering van een faunapassage
Grift, E.A. van der - \ 2017
Wageningen : Wageningen Environmental Research (Wageningen Environmental Research rapport 2823) - 49
bosfragmentatie - habitatfragmentatie - het gooi - vechtstreek - wildpassages - natuurreservaten - fauna - wildbeheer - forest fragmentation - habitat fragmentation - wildlife passages - nature reserves - wildlife management
De Hilversumseweg (N525), een provinciale weg tussen Hilversum en Laren, vormt een barrière tussen enkele grote bos- en heideterreinen in het centrale deel van het Gooi. Dit betreft aan de noordzijde van de weg de Bussummer- en Westerheide en aan de zuidzijde de Zuiderheide en het Laarder Wasmeer. In het programma Gooi en Vechtstreek van de provincie Noord-Holland is voorzien in het opstellen van een plan van aanpak voor ‘ontsnippering’ van deze verkeersweg. Een natuurverbinding bij de N525 moet het mogelijk maken dat diersoorten vrijelijk tussen de natuurgebieden aan weerszijden van de weg kunnen bewegen zonder het risico te lopen om te worden aangereden. In dit kader verkent de provincie Noord-Holland momenteel, in samenspraak met de gemeenten Hilversum en Laren en het Goois Natuurreservaat, nut en noodzaak van faunamaatregelen bij de N525. Het doel van onderhavig onderzoek is om het waarom, wat en waar van ontsnippering van de N525 te onderzoeken.
Damherten in de Manteling van Walcheren en de kop van Schouwen : beheer van damhertpopulaties in relatie tot beheerdoelstellingen en welzijnsaspecten
Kuiters, A.T. ; Vries, Daisy de - \ 2016
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2723) - 43 p.
cervus - damherten - wildbeheer - natura 2000 - dierenwelzijn - zeeuwse eilanden - wilde dieren - wild - diergezondheid - fallow deer - wildlife management - animal welfare - wild animals - wildlife - animal health
In dit rapport is nagegaan of eerdere Alterra-rapporten (2001, 2005 en 2009) nog actueel zijn wat betreft de adviezen voor het beheer van damhertpopulaties in de Manteling van Walcheren en de Kop van Schouwen. Tevens is op verzoek van de provincie Zeeland verkend welke ontwikkelingen te verwachten zijn als niet langer wordt ingegrepen in de aantalsontwikkeling van beide damhertpopulaties. Daarbij wordt ingegaan op natuurlijke aantalsregulatie, ecologische draagkracht, welzijnsaspecten en beheer(s)baarheid van niet-gereguleerde damhertpopulaties. Te verwachten effecten van aantalstoename voor de realisatie van instandhoudingsdoelen van beide Natura 2000- gebieden worden beschreven op basis van ervaringen met damhertpopulaties elders.
Ecologische gevolgen van het stoppen met zwanendrift
Schotman, A.G.M. ; Melman, T.C.P. - \ 2016
Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2682) - 29 p.
anatidae - zwanen - schade - wildbeheer - draagkracht - dierenwelzijn - populatie-ecologie - nederland - wilde dieren - diergezondheid - swans - damage - wildlife management - carrying capacity - animal welfare - population ecology - netherlands - wild animals - animal health
Het ministerie van EZ heeft Alterra gevraagd de gevolgen van het verbod op zwanendrift in beeld te brengen. Zwanendrift wordt hier gedefinieerd als het oogsten van jonge knobbelzwanen in het veld voor de handel in siervogels. Het beëindigen van zwanendrift heeft mogelijk gevolgen voor de populatieomvang, dierenwelzijn en wildschade. De populatie binnen het zwanendriftgebied wijkt in ontwikkeling niet af van de rest van Zuid-Holland & Utrecht en de rest van het land. Deze populatie lijkt met 3692 individuen en naar schatting 450–950 broedparen in overeenstemming met de geschatte draagkracht van het gebied: 267–900 paren. Er wordt bij beëindiging geen sterke toename van de populatie verwacht. Behalve aan afschot en legselbeheer is de huidige populatie sterk onderhevig aan natuurlijke regulatie door emigratie en immigratie. Lokale ingrepen hebben een beperkt effect. De knobbelzwaanschade in Zuid-Holland is nu € 2958 tot € 9365 per jaar. Het landelijke schadebedrag in 2015 was € 73.000. De schade in het zwanendriftgebied is niet uitzonderlijk groot. Aannemelijk is dat de wildbeheereenheden de schade onder controle kunnen houden. Ter voorkoming van de vestiging van groepen niet-territoriale vogels en uit het oogpunt van dierenwelzijn is het aan te bevelen daarbij territoriale broedparen met rust te laten, maar wel de eieren op één na onklaar te maken door prikken of dompelen in olie.
Wild geese of the Yangtze River : their ecology and conservation
Zhang, Y. - \ 2016
Wageningen University. Promotor(en): Herbert Prins; Fred de Boer; L. Cao. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462576049 - 147 p.
geese - anatidae - anser - animal ecology - wildlife management - nature conservation - hydrology - habitat selection - rivers - china - ganzen - dierecologie - wildbeheer - natuurbescherming - hydrologie - habitatselectie - rivieren

Habitat selection is a process in which organisms decide to choose a suitable site for nesting, roosting or foraging. The question where the organisms are, and when they will leave are two of the fundamental questions frequently asked by ecologists. Habitat selection is affected by various abiotic and biotic determinants, varying over different spatial and temporal scales. In addition, an animal’s body size, determining its daily demands and its digestion capacity, plays an important role in foraging and habitat selection. This is because forage quality often decreases with increasing forage quantity. Therefore, herbivores often face a trade-off between forage quality and quantity. Although studies on habitat selection have offered substantial insights into the effect of various ecological factors, myriad effects of habitat and its’ surrounding are still not clearly understood, as former studies concerning this topic normally focus on a single species or a single spatial scale.

Migrating goose species are herbivorous with more or less similar habitat requirements and hence often mix in the field. Studying habitat selection of different goose species is attractive as they are from the same guild but differ in body size. In this thesis, I study the effects of various variables on habitat selection of different Anatidae species over different spatial scales, answering the question how ecological and anthropogenic variables affect Anatidae species habitat selection and population sizes and if these effects vary over different spatial scales.

First, I studied the habitat selection of Anatidae species under the condition with and without interference competition using an experimental approach in Chapter 2. To do this, I offered geese and ducks foraging patches with various swards heights. My results showed that all three species acquired the highest nitrogen intake at relatively tall swards (on 6 or 9 cm, but not on 3 cm) when foraging in single species flocks in the functional response experiment. When they were offered foraging patches differing in sward height with and without competitors, their mean percentage of feeding time did not change, whereas all species increased their percentage of time being vigilant except for the dominant swan goose. All species utilized strategies that increased their peck rate on patches across different sward heights when foraging together with other species, resulting in the same instantaneous and nitrogen intake rate than when foraging in a single species flocks. My results suggest that variation in peck rate over different swards height permits Anatidae herbivores to increase nitrogen intake under competition to compensate for the loss of intake, illustrating the importance of behavioural plasticity in heterogeneous environments when competing with other species for resources.

In Chapter 3, using a correlative field study, I analysed the habitat selection of two differently sized grazing goose species at site level. I found that both species selected lower lying area where the swards became recently exposed, due to receding water levels. However, the smaller species was more sensitive to this elevation gradient. Moreover, sward height negatively affected both species habitat selection with a stronger effect on the smaller species. This result highlighted the importance of body size on facilitating species coexistence and habitat segregation. Not in agreement with the results from most experimental studies, I found that nitrogen content did not influence habitat selection of both species. This conflicting result suggests that additional factors should be carefully considered when applying outcomes from experimental studies to field situations.

In Chapter 4, I studied habitat selection of the two goose species at a lake level by analysing the effect of ecological and anthropogenic variables. My results supported the individual-area relationship as only patch area had a significant effect on both species habitat selection, and other variables that were related to food availability and disturbance, were not significant. In addition, a facilitation effect of grazing livestock on geese habitat selection was detected, indicating that larger grazing herbivores can facilitate geese foraging by removing the taller and lower quality food from the top. As patch area size in wetlands is directly linked to water levels fluctuations, this result demonstrated that modifying hydrological regimes can enlarge the capacity of wetlands for migratory birds.

In Chapter 5, I further expanded my study area to the flood plain level of the Yangtze, testing for the effect of various abiotic and biotic variables on several Anatidae species habitat selection and population trends. I showed that slope and climate factors were the most important ones affecting habitat selection and distribution of Anatidae species. Furthermore, I demonstrated that the current protection policies may not stop the declining population trends but might buffer to some extent against a rapid decline in numbers in wetlands with a higher level protection status. This result points out that the conservation effectiveness is still low and larger conservation efforts are urgently needed to maintain the Anatidae populations, especially in wetlands with a lower level protection status. I recommend several protection measures to stop the decline of Anatidae species in wetlands of the Yangtze River flood plain and I called for more research efforts in this area in particularly, but also at a larger scale, the entire East Asian-Australasian Flyway.

In Chapter 6, I synthesized these results and draw conclusions from the preceding chapters, and highlighted the importance of spatial scales when studying the effect of abiotic and biotic variables on animals’ habitat selection. I also propose to modify hydrological regimes, aimed at creating enhanced habitat and improved forage accessibility conditions over the entire wintering period for herbivorous birds species in the Yangtze River flood plain. In summary, this thesis offers a framework for the effects of various variables on habitat selection and population sizes of herbivorous Anatidae species over different spatial scales, and a scientific basis for policy-makers and managers to enhance the efficiency of conservation actions in wetlands along the Yangtze River flood plain and also for similar ecological systems.

Mitigerende maatregelen voor de otter in de Vechtplassen : advies voor ontsnipperende maatregelen bij de Vreelandseweg en Bloklaan
Grift, E.A. van der; Jansman, H.A.H. - \ 2016
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2697) - 41 p.
otters - lutra - wildpassages - monitoring - wildbescherming - maatregelen - wildbeheer - martes martes - noord-holland - wildlife passages - wildlife conservation - measures - wildlife management
Populatiebeheer van wilde hoefdieren: nog niet goed op orde
Groot Bruinderink, G.W.T.A. ; Grift, E.A. van der - \ 2015
Vakblad Natuur Bos Landschap (2015)december. - ISSN 1572-7610 - p. 26 - 29.
wilde dieren - wildbescherming - wildbeheer - hoefdieren - regionaal beleid - populatiedichtheid - populatie-ecologie - bevolkingsspreiding - habitats - wild animals - wildlife conservation - wildlife management - ungulates - regional policy - population density - population ecology - population distribution
In de afgelopen vijftig jaar groeide in grote delen van Europa, inclusief Nederland, zowel de aantallen als de verspreiding van ree, wild zwijn, damhert en edelhert. Verklaringen hiervoor zijn een betere bescherming en beheer, ontsnappingen, spontane (her)kolonisatie van leefgebieden in combinatie met (her) introducties, verbetering van connectiviteit, mildere winters en een verhoogd voedselaanbod. Tot voor kort werd de verspreiding van wild zwijn en edelhert in Nederland gehinderd door rijksbeleid: de soorten mogen alleen op de Veluwe, de Oostvaardersplassen en Nationaal park De Meinweg leven. Inmiddels zijn de provincies verantwoordelijk voor het faunabeleid en de kans is groot is dat wilde hoefdieren in de nabije toekomst verder zullen toenemen.
Terug naar de oertijd : herintroductie van de Atlantische steur in de Rijn
Brevé, Niels ; Laak, Gerard de; Houben, Bram ; Reiniers, Karsten ; Zonneveld, Gijs van; Blom, Esther ; Breukelaar, André ; Winter, Hendrik V. ; Vis, Hendry - \ 2015
Visionair : het vakblad van sportvisserij Nederland 10 (2015)38. - ISSN 1569-7533 - p. 4 - 7.
herintroductie van soorten - steuren - bedreigde soorten - uitsterven - rijn - wildbeheer - wildbescherming - reintroduction of species - sturgeons - endangered species - extinction - river rhine - wildlife management - wildlife conservation
De Atlantische steur (Acipenser sturio) behoort tot een ruim 200 miljoen jaar oude diergroep. Deze kraakbeenvissen overleefden de dinosauriërs. Echter, tussen 1920 en 1990 verdween de steur door toedoen van de mens uit vrijwel alle grote rivieren van West-Europa. Het is een geweldige uitdaging om deze oervis met beenplaten en vier snorharen voor uitsterven te behoeden
Beelden van de Das in Nederland in Nederland 1900-2013: van ongedierte tot troeteldier?
Runhaar, Hens ; Runhaar, M. ; Vink, J. - \ 2015
De Levende Natuur 116 (2015)5. - ISSN 0024-1520 - p. 228 - 231.
meles meles - populations - wildlife conservation - wildlife management - attitudes - social change - human-animal relationships - populaties - wildbescherming - wildbeheer - sociale verandering - mens-dier relaties
Het herstel van de Nederlandse dassenpopulatie sinds 1980 is voor een belangrijk deel te verklaren uit een betere bescherming door o.a. de overheid, maar ook uit een andere omgang met de Das door boeren, jagers en bestuurders. Doel van dit artikel is om de beelden van de Das in de loop van de tijd te analyseren om daardoor inzicht te krijgen in de maatschappelijke kant van het herstel van de dassenpopulatie.
Monitoring van de Nederlandse otterpopulatie
Groot, G.A. de - \ 2015
otters - populatie-ecologie - monitoring - genetische diversiteit - verwantschap - inteelt - natuurbeheer - wildbeheer - population ecology - genetic diversity - kinship - inbreeding - nature management - wildlife management
Sinds in 2002 een nieuwe populatie otters (Lutra lutra) in ons land werd uitgezet, heeft Alterra de status van deze populatie nauwgezet gevolgd. Nadat de eerste dieren waren gevolgd met behulp van zenders, werd overgestapt op non-invasive genetische monitoring via spraints (otteruitwerpselen). Op deze manier kunnen de dieren langer worden gevolgd en kunnen meer dieren tegelijk worden gevolgd met beperkte kosten. Sinds juli 2002 werden meer dan vijfduizend spraints verzameld en geanalyseerd in het lab, ter bepaling van een genetisch profiel. Op basis daarvan kon een stamboom worden gemaakt, die uitwees dat slechts een klein deel van de aanwezige mannen verantwoordelijk was voor een groot deel van het nageslacht (sterke dominantie). De verwantschap tussen dieren, en daarmee het inteelt-niveau, loopt op. Dit is een belangrijk signaal dat voor de Nederlandse populatie ‘vers bloed’ nodig is, ofwel via aanvullende introducties, of door uitwisseling tussen populaties tot stand te brengen.
Communicatie over Faunabeheer en Schadebestrijding, Een inventarisatie van communicatiestrategieën in de praktijk van FBE's
Smit, A. ; Hoon, C. ; Lanters, R. - \ 2015
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2611) - 29
wildbeheer - jachtdieren - burgers - opinies - emoties - beleidsprocessen - provincies - nederland - wildlife management - game animals - citizens - opinions - emotions - policy processes - provinces - netherlands
Het Faunafonds vraagt zich af hoe op dit moment de communicatie over Faunabeheer is geregeld, hoe dat in de praktijk uitpakt en of de weerstand in het veld of via de politiek de uitvoering van het Faunabeheerplan belemmert. Hiertoe is literatuuronderzoek gedaan en zijn de secretarissen van de FBE’s in alle provincies telefonisch geïnterviewd. De door het Faunafonds verwachte vertraging in de uitvoering van Faunabeheerplannen door publieke en politieke weerstand wordt door FBE’s niet herkend en onderschreven. Er is wel weerstand, maar deze is volgens de FBE’s hanteerbaar en lijkt de laatste jaren af te nemen. De FBE’s geven bovendien aan dat de vertraging vooral in juridische trajecten zit. Ze zien daar geen rol voor communicatie. De FBE’s geven aan wel behoefte te hebben aan ondersteuning in de communicatie, hoewel die behoefte zeer divers is.
Ontsnippering Hart van de Veluwe: de relatie met het Nationale Park De Hoge Veluwe
Groot Bruinderink, G.W.T.A. ; Lammertsma, D.R. ; Leidekker, J. ; Ouden, J. den; Liefting, Y. ; Jansen, P.A. - \ 2014
De Levende Natuur 115 (2014)6. - ISSN 0024-1520 - p. 268 - 272.
wildbeheer - nationale parken - fauna - wildpassages - veluwe - wildlife management - national parks - wildlife passages
Het 5400 ha grote Nationale Park De Hoge Veluwe is al bijna 100 jaar omgeven met een grofwildraster. In 2013 is dit raster open gemaakt voor wilde hoefdieren, als uitwerking van het streven naar ontsnippering van de Veluwe door de Provincie Gelderland. Hier beschrijven we een monitoringsprogramma, waarmee we de gevolgen voor wilde hoefdieren en het beheer daarvan willen meten.
Betrouwbaarheid van aantalsschattingen van schadeveroorzakende watervogelsoorten - Deel 2 : Watervogels
Ebbinge, B.S. ; Goedhart, P.W. ; Kiers, M.A. ; Naeff, H.S.D. - \ 2014
Alterra Wageningen UR / Fauna fonds (Alterra rapport 2427) - 138
fauna - wildbeheer - schade - ganzen - watervogels - populatiedichtheid - monitoring - zintuiglijke waarneming - vergelijkingen - wildlife management - damage - geese - waterfowl - population density - organolepsis - comparisons
Tellingen van ganzen en zwanen worden in Nederland sinds 1993 verricht door Sovon en sinds 2005 door de KNJV, met als voornaamste doel een schatting te geven van totale aantallen. Hier is onderzocht in hoeverre de Sovon-tellingen en KNJV-tellingen van watervogels tussen 2005 en 2010 verschillen. Ook worden aandachtspunten bij het tellen van 11 soorten schadeveroorzakende watervogels beschreven. Vergelijking van de telprotocollen levert belangrijke verschillen op die een verklaring zouden kunnen vormen voor uiteenlopende telresultaten. Op grond van de geanalyseerde gegevens is het niet mogelijk de werkelijk aanwezige aantallen nauwkeurig te bepalen, omdat daarvoor validatie met behulp van onafhankelijke tellingen noodzakelijk is. Tot slot worden er aanbevelingen gedaan ter verbetering van telprotocollen door Sovon en KNJV.
Dosssier : Wolven
Jansen, G.J. ; Groot Bruinderink, G.W.T.A. ; Jansman, H.A.H. - \ 2014
Wageningen : Wageningen UR
fauna - zoogdieren - migratie - lupus vulgaris - wildbeheer - wetenschappelijk onderzoek - oost-nederland - wolven - mammals - migration - wildlife management - scientific research - east netherlands - wolves
Overzicht van onderzoek naar de mogelijke komst van de wolf naar Nederland.
Toetsing aannames populatiemodel Grauwe Gans : vergelijking aannames habitatgebruik en kuikenoverleving met feitelijke situatie
Schotman, A.G.M. ; Jansman, H.A.H. ; Hammers, M. ; Baveco, J.M. ; Melman, T.C.P. - \ 2014
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2515) - 51
anser - fauna - wildbeheer - broedfactoren - populatiedichtheid - populatiedynamica - habitats - foerageren - broedplaatsen - modellen - nederland - wildlife management - hatching factors - population density - population dynamics - foraging - breeding places - models - netherlands
Met een eerder ontwikkeld individu-gebaseerd, ruimtelijk expliciet populatie-dynamisch model zijn scenarioberekeningen uitgevoerd waarin verschillende vormen van aantalsregulatie met elkaar worden vergeleken: eieren onklaar maken, afschot ruiperiode, jaar-rond afschot. De met het model voorspelde effecten van reguleringsmaatregelen zijn vooralsnog vooral kwalitatief (relatieve effect van maatregelen) van aard. Om tot eigenstandige kwantitatieve voorspellingen van de absolute aantalsontwikkeling te komen moeten de onderliggende aannames van het model verder getoetst worden. In dit onderzoek werden aannames over het gebruik van bepaalde habitats voor broeden en foerageren nader onderzocht en voorstellen gedaan tot verbetering van deze aannames. Daarnaast werden aannames voor dichtheidsafhankelijke kuikenoverleving en broeddichtheid besproken.
Publieke visies op het beheer van wilde dieren : resultaten van een enquête naar de visies van leden en niet-leden op het beheer van wilde dieren
Buijs, A.E. ; Langers, F. - \ 2014
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2502) - 29
fauna - edelherten - hoefdieren - sus scrofa - wildbeheer - natuurbeheer - ecologisch herstel - natuurbeleid - opinies - red deer - ungulates - wildlife management - nature management - ecological restoration - nature conservation policy - opinions
Groot wild zoals edelherten, reeën en wilde zwijnen dragen bij aan recreatie en natuurbeleving maar veroorzaken soms ook overlast voor landbouw en verkeer. Onderzoek van Alterra voor Natuurmonumenten onder bijna 40.000 deelnemers toont aan dat natuurliefhebbers opvallend genuanceerd denken over het beheer van groot wild in natuurgebieden. Uitbreiding van natuurgebieden om hiermee wilde dieren, zoals edelherten en wilde zwijnen, meer ruimte te geven krijgt veel steun. Aanleg van ecoducten (84%) wordt hierbij geprefereerd boven de aankoop van landbouwgrond (68%). Als dat onvoldoende oplossing biedt is er ook steun voor diverse andere beheermaatregelen. De aanwezigheid en grotere zichtbaarheid van wild vergroot de bezoekersaantallen, zelfs bij de wolf.
Voorstel voor een wolvenplan voor Nederland : versie 2.0.
Groot Bruinderink, G.W.T.A. ; Lammertsma, D.R. - \ 2013
Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra rapport 2486) - 63
wolven - fauna - wildbeheer - overheidsbeleid - migratie - nederland - wolves - wildlife management - government policy - migration - netherlands
Eind 19e eeuw werd in Nederland de laatste wolf (Canis lupus) geschoten en in de 20ste eeuw was de wolf in bijna geheel Europa uitgeroeid. Vanaf het einde van de 20ste eeuw is de wolf echter bezig aan een opmars vanuit de resterende brongebieden in onder andere Spanje, Italië, Griekenland, de Balkan en verder noordelijk en oostelijk in Europa. Dit succes hangt samen met het vermogen van de wolf zich aan te passen aan uiteenlopende habitats, prooidiersoorten en de aanwezigheid van de mens. Dieren uit de Duits-West Poolse populatie naderen nu Nederland. Om hierop voorbereid te zijn trekken het ministerie van Economische Zaken, de provincies (IPO) en het Faunafonds samen op. Onderdeel van dit proactieve beleid is dit voorstel voor een wolvenplan voor Nederland, versie 2.0.
‘Meneer groot wild’ neemt afscheid : Groot Bruinderink vraagt zich af hoeveel ruimte we groot wild willen en kunnen geven (interview met Geert Groot Bruinderink)
Scharroo, J. ; Groot Bruinderink, G.W.T.A. - \ 2013
Bionieuws 2013 (2013)19. - ISSN 0924-7734 - p. 2 - 2.
wildbeheer - dierecologie - fauna - diergedrag - natuurbeleid - maatschappelijk draagvlak - deskundigen - wildlife management - animal ecology - animal behaviour - nature conservation policy - public support - experts
Groot wild groeit uit de toegewezen gebieden, maar draagvlak voor verbindingszones ontbreekt. Wildecoloog Geert Groot Bruinderink: ‘maar we moeten er wel iets mee"
Oosterschelde geschikt als habitat voor bruinvis?
Jansen, O.E. ; Aarts, G.M. ; Reijnders, P.J.H. - \ 2013
Zoogdier 24 (2013)4. - ISSN 0925-1006 - p. 4 - 6.
phocoenidae - oosterschelde - habitats - habitatgeschiktheid - voedingsstoffenbeschikbaarheid - stormvloedkeringen - ecologische risicoschatting - wildbeheer - eastern scheldt - habitat suitability - nutrient availability - storm surge barriers - ecological risk assessment - wildlife management
Sinds tientallen jaren zijn er weer meer bruinvissen waargenomen in de Noordzee rond Nederland. De dieren drongen onlangs ook door in estuaria, zoals de Oosterschelde. Maar is het habitat in de Oosterschelde eigenlijk wel geschikt voor de bruinvis en is er voldoende voedselaanbod en rust? En welke impact heeft de stormvloedkering op deze kleine walvisachtige? Informatie die bijdraagt aan een antwoord op bovenstaande vragen kwam boven water gedurende het onderzoek van Okka Jansen, waarop zij begin 2013 promoveerde.
De komst van de wolf naar Nederland
Lammertsma, D.R. ; Groot Bruinderink, G.W.T.A. ; Jansman, H.A.H. ; Jacobs, M. - \ 2013
Vakblad Natuur Bos Landschap 100 (2013). - ISSN 1572-7610 - p. 16 - 18.
wolven - fauna - predatie - schade - financieren - wildbeheer - natuurbeleid - wolves - predation - damage - financing - wildlife management - nature conservation policy
In de afgelopen tientallen jaren is de wolf begonnen aan een opmars door Europa, waarbij de Nederlandse grens steeds dichter wordt genaderd. De kans bestaat dan ook dat de wolf de komende jaren zal opduiken in Nederland. Deze ontwikkeling roept bij verschillende organisaties en bevolkingsgroepen uiteenlopende reacties op over de effecten op de natuur, de recreatie, de veeteelt, het faunabeheer en de veiligheid van de mens. Een belangrijke vraag is daarom hoe we met de eventuele komst van de wolf moeten omgaan. Alterra schreef in opdracht van het ministerie van Economische Zaken, de provincies en het Faunafonds een ‘factfinding study’.
Wolven en zwijnen, acceptabel risico?
Stikvoort, B.T. ; Poortvliet, P.M. ; Elands, B.H.M. - \ 2013
Landschap : tijdschrift voor landschapsecologie en milieukunde 30 (2013)3. - ISSN 0169-6300 - p. 109 - 117.
wolven - migratie - fauna - wildbeheer - risicoschatting - wolves - migration - wildlife management - risk assessment
Wolven keren terug naar Nederland. De vraag is niet of, maar wanneer ze vanuit Duitsland hier naartoe migreren. In die context is het belangrijk om te weten hoe Nederlanders reageren op het risico van grote wilde dieren. Zien we de aanwezigheid van de wolf als een groot risico, of valt er wel mee te leven? En hoe zit dat voor het eveneens gevaarlijke wilde zwijn. Welke factoren spelen een rol bij risicoperceptie en -acceptatie van groot wild?
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.