Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Records 1 - 20 / 99

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: q=Derksen
Check title to add to marked list
Foundation species enhance food web complexity through non-trophic facilitation
Borst, Annieke C.W. ; Verberk, Wilco C.E.P. ; Angelini, Christine ; Schotanus, Jildou ; Wolters, Jan Willem ; Christianen, Marjolijn J.A. ; Zee, Els M. van der; Derksen-Hooijberg, Marlous ; Heide, Tjisse van der - \ 2018
PLoS One 13 (2018)8. - ISSN 1932-6203

Food webs are an integral part of every ecosystem on the planet, yet understanding the mechanisms shaping these complex networks remains a major challenge. Recently, several studies suggested that non-trophic species interactions such as habitat modification and mutualisms can be important determinants of food web structure. However, it remains unclear whether these findings generalize across ecosystems, and whether non-trophic interactions affect food webs randomly, or affect specific trophic levels or functional groups. Here, we combine analyses of 58 food webs from seven terrestrial, freshwater and coastal systems to test (1) the general hypothesis that non-trophic facilitation by habitat-forming foundation species enhances food web complexity, and (2) whether these enhancements have either random or targeted effects on particular trophic levels, functional groups, and linkages throughout the food web. Our empirical results demonstrate that foundation species consistently enhance food web complexity in all seven ecosystems. Further analyses reveal that 15 out of 19 food web properties can be well-approximated by assuming that foundation species randomly facilitate species throughout the trophic network. However, basal species are less strongly, and carnivores are more strongly facilitated in foundation species’ food webs than predicted based on random facilitation, resulting in a higher mean trophic level and a longer average chain length. Overall, we conclude that foundation species strongly enhance food web complexity through non-trophic facilitation of species across the entire trophic network. We therefore suggest that the structure and stability of food webs often depends critically on non-trophic facilitation by foundation species.

Diergeneesmiddelen & hormonen in het milieu door de toediening van drijfmest : Een verkennende studie in de Provincie Gelderland naar antibiotica, antiparasitaire middelen, coccidiostatica en natuurlijke hormonen in mest, (water)bodem, grondwater en oppervlaktewater
Lahr, Joost ; Derksen, Anja ; Wipfler, Louise ; Schans, Milou van de; Berendsen, Bjorn ; Blokland, Marco ; Dimmers, Wim ; Bolhuis, Popko ; Smidt, Rob - \ 2018
Wageningen : Wageningen Environmental Research (Wageningen Environmental Research rapport 2898) - 89
Het voorkomen, de risico’s en de mogelijkheden voor emissiereductie van humane geneesmiddelen in water krijgen de afgelopen jaren steeds meer aandacht. Naar diergeneesmiddelen gaat tot op heden minder aandacht uit dan naar humane geneesmiddelen. In 2017 is daarom onderzoek verricht naar de lotgevallen van diergeneesmiddelen in drijfmest uit de intensieve veehouderij die toegediend wordt op het land. Het onderzoek richtte zich op de kalver- en varkenshouderij en met name op het risico van uitspoeling. Voor het onderzoek werden vijf op zandgrond gelegen bedrijven in Gelderland geselecteerd uit iedere sector. Voorafgaand aan de mesttoediening werd een monster van de mest zelf genomen en op diverse tijdstippen voor en na de mestinjectie werden de bodem, het grondwater en het oppervlaktewater en sediment van kavelsloten naast de bemeste percelen bemonsterd. In al deze monsters werden de concentraties van een groot aantal antibiotica, antiparasitaire middelen, coccidiostatica en natuurlijke hormonen bepaald middels chemische analyse.
Multifunctionaliteit is the winning factor
Stremke, Sven - \ 2017
Interactive effects of oxygen, carbon dioxide and flow on photosynthesis and respiration in the scleractinian coral Galaxea fascicularis
Osinga, Ronald ; Derksen-Hooijberg, Marlous ; Wijgerde, Tim ; Verreth, Johan A.J. - \ 2017
Journal of Experimental Biology 220 (2017)12. - ISSN 0022-0949 - p. 2236 - 2242.
Carbon dioxide - Coral - Flow - Oxygen - Photosynthesis - Respiration

Rates of dark respiration and net photosynthesis were measured for six replicate clonal fragments of the stony coral Galaxea fascicularis (Linnaeus 1767), which were incubated under 12 different combinations of dissolved oxygen (20%, 100% and 150% saturation), dissolved carbon dioxide (9.5 and 19.1 μmol l-1) and water flow (1-1.6 versus 4-13 cm s-1) in a repeated measures design. Dark respiration was enhanced by increased flow and increased oxygen saturation in an interactive way, which relates to improved oxygen influx into the coral tissue. Oxygen saturation did not influence net photosynthesis: neither hypoxia nor hyperoxia affected net photosynthesis, irrespective of flow and pH, which suggests that hyperoxia does not induce high rates of photorespiration in this coral. Flow and pH had a synergistic effect on net photosynthesis: at high flow, a decrease in pH stimulated net photosynthesis by 14%. These results indicate that for this individual of G. fascicularis, increased uptake of carbon dioxide rather than increased efflux of oxygen explains the beneficial effect of water flow on photosynthesis. Rates of net photosynthesis measured in this study are among the highest ever recorded for scleractinian corals and confirm a strong scope for growth.

'Transport afstemmen op het product'
Hogeveen-van Echtelt, Esther - \ 2016
Voedingspatroon inventariseren
Derksen, M. ; Wagemakers, A. - \ 2016
Tijdschrift voor verloskundigen (2016)6. - ISSN 0378-1925 - 8 p.
Een voedingsinventarisatie kan bijdragen aan een gerichte voedingsbegeleiding op maat aan zwangere vrouwen. Marloes Derksen zocht in de literatuur naar een goede methode en naar de succesfactoren en barrières voor verloskundigen voor het geven van voedingsbegeleiding.
Screening of hot spots of emerging pollutants in soil, ground water and surface water in The Netherlands: breaking the vicious cycle.
Lahr, J. ; Laak, T. ter; Derksen, A. - \ 2015
Screening of hot spots of emerging pollutants in soil, ground water and surface water in the netherlands: breaking the vicious cycle
Lahr, J. ; Laak, T.L. ter; Derksen, A. - \ 2014
Screening van hot spots van nieuwe verontreinigingen : een pilot studie in bodem, grondwater en oppervlaktewater
Lahr, J. ; Laak, T.L. ter; Derksen, A. - \ 2014
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2538) - 87
bodemverontreiniging - waterverontreiniging - verontreinigende stoffen - toxicologie - geneesmiddelen - ecologische risicoschatting - biotesten - inventarisaties - soil pollution - water pollution - pollutants - toxicology - drugs - ecological risk assessment - bioassays - inventories
Onder nieuwe verontreinigingen verstaan we stoffen die nog niet of niet volledig zijn gereguleerd en waarvan de milieurisico’s vaak onbekend zijn. Daarbij gaat het om stoffen als natuurlijke hormonen en hormoonverstorende stoffen (weekmakers, detergenten, brandvertragers, e.d.), humane geneesmiddelen, diergeneesmiddelen, nanodeeltjes en microplastics. In de ‘waterwereld’ is altijd meer aandacht besteed aan de nieuwe verontreinigingen dan binnen andere beleidsvelden. In de bodem zijn de aanwezigheid en de mogelijke risico’s grotendeels onbekend. In 2013 heeft een consortium van diverse onderzoeksinstanties en stakeholders een pilotonderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid en mogelijke risico’s van hormonen en geneesmiddelen in het systeem bodem - grondwater - oppervlaktewater.
Analysis of a Natural Yellow Dye: An Experiment for Analytical Organic Chemistry
Villela, A. ; Derksen, G.C.H. ; Beek, T.A. van - \ 2014
Journal of Chemical Education 91 (2014)4. - ISSN 0021-9584 - p. 566 - 569.
weld
This experiment exposes second-year undergraduate students taking a course in analytical organic chemistry to high-performance liquid chromatography (HPLC) and quantitative analysis using the internal standard method. This is accomplished using the real-world application of natural dyes for textiles. The extracted flavonoids of the plant weld are responsible for the yellow color of the dyed wool. Dried and ground weld is extracted for dyeing wool and quantifying the plant’s three main flavonoids. The students also mimic the work of chemists investigating historical textiles by carrying out a small-scale extraction of the dyed wool. Twenty-one students carried out the experiment, and their samples were analyzed using either a traditional 5 µm-particle size HPLC column or a modern 1.8 µm-particle size ultrahigh-pressure liquid chromatography (UHPLC) column mounted in a conventional HPLC system.
Screening van hot spots van nieuwe verontreinigingen in de bodem, het grondwater en het oppervlaktewater: het doorbreken van de vicieuze cirkel
Lahr, J. ; Laak, T.L. ter; Derksen, A. ; Gylstra, R. ; Harthoorn, J. - \ 2013
Spectrophotometric comparison of the content of chlorophylls in weld (Reseda luteola)
Villela, A. ; Derksen, G.C.H. ; Zuilhof, H. ; Beek, T.A. van - \ 2011
Analytical Methods 3 (2011)6. - ISSN 1759-9660 - p. 1424 - 1427.
plant - dyes
An analytical method for the comparison of the content of chlorophylls and their structurally similar breakdown products in weld is described
Fast chromatographic separation for the quantitation of the main flavone dyes in Reseda luteola (weld)
Villela, A. ; Klift, E.J.C. van der; Mattheussens, E.S.G.M. ; Derksen, G.C.H. ; Zuilhof, H. ; Beek, T.A. van - \ 2011
Journal of Chromatography. A, Including electrophoresis and other separation methods 1218 (2011)47. - ISSN 0021-9673 - p. 8544 - 8550.
performance liquid-chromatography - diode-array detection - l. - identification - quantification - bilobalide - portugal
In the past decades, there has been a renewed interest in the use of natural dye plants for textile dyeing, e.g. Reseda luteola (weld). Its main yellow dye constituents are the flavones luteolin-7,3'-O-diglucoside, luteolin-7-O-glucoside and luteolin. The aim of this work was to develop a simple validated industrially usable quantitative method to assess the flavone content of R. luteola samples. The flavones were overnight extracted from the dried and ground aerial parts of the plant at room temperature via maceration with methanol-water 8:2. Afterwards, they were quantified through internal standardisation against chrysin by RP-HPLC-UV at 345nm. The efficiency of the one-step extraction was 95%. The limits of detection (LOD) and quantitation (LOQ) were =1ng and =3ng, respectively, providing ample sensitivity for the purpose. The precision expressed as relative standard deviation of the entire method was
Biomassa voor energie in de stadsregio Arnhem-Nijmegen : ontwikkelingen van een strategie voor biomassa uit bos, natuur en landschap
Spijker, J.H. ; Vries, E.A. de; Derksen, J.T.P. - \ 2010
Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2095) - 30
biomassa productie - bio-energie - landgebruik - haalbaarheidsstudies - stedelijke gebieden - landschapsbeheer - betuwe - biobased economy - biomass production - bioenergy - land use - feasibility studies - urban areas - landscape management
De Stadsregio Arnhem-Nijmegen heeft behoefte aan een strategie voor de optimale inzet van biomassa uit natuur en landschap voor energie-opwekking. In dit rapport wordt inleidend het huidige aandeel duurzame energie in Nederland en de beleidsopgave uiteengezet. Daarna wordt aangegeven dat er legio kansen zijn voor oogst van biomassa uit het landschap, waarbij wel gewezen wordt op het belang van cascadering. Cascadering houdt in dat biomassa zo hoogwaardig mogelijk wordt weggezet, en dus pas in laatste instantie voor energie-opwekking. Grote kansen doen zich voor bij reststromen die nu nog als afval kunnen worden beschouwd. De houtige reststromen kunnen direct worden ingezet voor warmte-opwekking, de grazige reststromen voor vergisting. Het rapport sluit af met een aantal aanbevelingen voor de Stadsregio..
10 Jaar Triade: een evaluatie...
Wagelmans, M. ; Derksen, A. ; Lud, D. ; Mesman, M. ; Faber, J.H. - \ 2010
Bodem 20 (2010)2. - ISSN 0925-1650 - p. 18 - 20.
bodemverontreiniging - methodologie - toxicologie - onderzoek - kwaliteitsnormen - bodemecologie - ecologische risicoschatting - soil pollution - methodology - toxicology - research - quality standards - soil ecology - ecological risk assessment
Sinds 1998 wordt de Triade gebruikt voor het schatten van locatiespecifieke ecologische risico's van bodemverontreiniging. In 2008 en 2009 is een proces-NEN ontwikkels voor ecologische risicobeoordeling. Ter ondersteuning hiervan is een evaluatie uitgevoerd van all in Nederland uitgevoerde Triade projecten.
10 years of terrestrial ecological risk assessment: An evaluation
Wagelmans, M. ; Derksen, A. ; Mesman, M. ; Lud, D. ; Faber, J.H. - \ 2009
Ecologische effecten van metaalverontreiniging in het overstromingsgebied van de Dommel. Triade onderzoek, ecologische risico's en mogelijkheden voor inrichting en beheer
Derksen, J.G.M. ; Lahr, J. ; Kort, T. de; Tuin, T. ; Postma, J.F. ; Klok, T.C. ; Brink, N.W. van den; Lange, H.J. de; Kools, S.A.E. ; Hout, A. van der; Harmsen, J. ; Faber, J.H. - \ 2008
Amsterdam : Grontmij/AquaSense, Alterra & Grontmij - 81
overstromingsgebieden - bodemverontreiniging - cadmium - zink - rivieren - lichte-matig zware kleigronden - toxicologie - ecologie - nederland - natuurbeheer - kempen - noord-brabant - bottomlands - soil pollution - zinc - rivers - clay loam soils - toxicology - ecology - netherlands - nature management
De rivier de Dommel is sterk verontreinigd met cadmium en zink als gevolg van historische activiteiten van de zinkindustrie. Bij overstroming worden deze metalen, gebonden aan organisch stof en kleideeltjes, afgezet op de bodem in het overstromingsgebied. Als gevolg hiervan is ook het overstromingsgebied van de Dommel plaatselijk sterk verontreinigd. De overheid heeft voor een belangrijk deel van het Dommeldal natuurdoelstellingen opgesteld, waaronder het realiseren van de Ecologische Hoofd Structuur. Onduidelijkheid over de invloed van de metaalverontreiniging op de ecologie en natuurontwikkeling heeft geleid tot stagnatie van grondaankopen om deze EHS te kunnen realiseren. Om deze stagnatie op te heffen heeft het projectbureau Actief Bodembeheer de Kempen nader onderzoek laten uitvoeren. Het onderzoek heeft zich gericht op de vraag wat de locatiespecifieke ecologische risico’s zijn van de cadmium- en zinkverontreinigingen bij verschillende natuur(doel)typen die in het Dommeldal aanwezig zijn of ontwikkeld gaan worden. Het betreft hier de natuur(doel)typen die zich in een gebied bevinden dat gemiddeld één of meerdere keren per tien jaar overstroomd wordt. Deze natuur(doel)typen zijn voornamelijk bloemrijk grasland, nat schraalgrasland, moeras en elzenbroekbos. Het onderzoek is stapsgewijs uitgevoerd en wordt TRIADE genoemd vanwege de drie componenten waaruit het is opgebouwd te weten chemie, toxicologie en veldmetingen
De ecopyramide : biomassa beter benutten
Derksen, J.T.P. ; Seventer, E. van; Braber, K.J. ; Liere, K.J. van; Kasteren, J.H. van; Wilt, J.G. de - \ 2008
Utrecht : InnovatieNetwerk Groene Ruimte en Agrocluster (Rapport / InnovatieNetwerk 08.2.193) - ISBN 9789050593687 - 64
duurzaamheid (durability) - energiebronnen - energie - duurzame energie - durability - energy sources - energy - sustainable energy
De Nederlandse overheid probeert duurzame ontwikkeling te vergroten. De ecopyramide is daarbij een middel. De ecopyramide is een concept waarin het gebruik van biomassa wordt geoptimaliseerd. De ecopyramide brengt in beeld welke aspecten moeten worden afgewogen bij de inzet van biomassa en in welke volgorde de producten moeten worden benut. Leidraad daarbij is het maximaal gebruik van de ordening van moleculen. Daarbij staat het gebruik van biomassa voor medicijnen en voedsel voorop, gevolgd door materialen, chemische grondstoffen, transportbrandstoffen en arbeid (elektriciteit) en tot slot warmte. Het achterliggende motief is de plicht om natuurproducten, gestolde zonne-energie, zo efficiënt mogelijk te gebruiken
Detection of conformational changes in immunoglobulin G using isothermal titration calorimetry with low molecular weight probes
Rispens, T. ; Lakemond, C.M.M. ; Derksen, N.I.L. ; Aalberse, R.C. - \ 2008
Analytical Biochemistry 380 (2008)2. - ISSN 0003-2697 - p. 303 - 309.
1-anilino-8-naphthalene sulfonate - binding-sites - fluorescence - proteins - igg - ans - stability
Proteins for therapeutic use may contain small amounts of partially misfolded monomeric precursors to postproduction aggregation. To detect these misfolded proteins in the presence of an excess of properly folded protein, fluorescent probes such as 8-anilino-1-naphthalene sulfonate (ANS) are commonly used. We investigated the possibility of using isothermal titration calorimetry (ITC) to improve the detection of this type of conformational change using hydrophobic probes. As a case study, conformational changes in human polyclonal immunoglobulin G (IgG) were monitored by measuring the enthalpies of binding of ANS using ITC. Results were compared with those using fluorescence spectroscopy. IgG heated at 63 degrees C was used as a model system for "damaged" IgG. Heat-treated IgG can be detected already at levels below 5% with both ITC and fluorescence. However, ITC allows a much wider molar probe-to-protein ratio to be sampled. In particular, using reverse titration experiments (allowing high probe-to-protein ratios not available to fluorescence spectroscopy), an increase in the number of binding sites with a K(d)>10 mM was observed for heat-treated IgG, reflecting subtle changes in structure. Both ITC and fluorescence spectroscopy showed low background signals for native IgG. The nature of the background signals was not clear from the fluorescence measurements. However, further analysis of the ITC background signals shows that a fraction (8%) binds ANS with a dissociation constant of approximately 0.2 mM. Measurements were also carried out at pH 4.5. Precipitation of IgG was induced by ANS at concentrations above 0.5 mM, interfering with the ITC measurements. Instead, with the nonfluorescent probes 4-amino-1-naphthalene sulfonate and 1-naphthalene sulfonate, no precipitation is observed. These probes yield differences in the enthalpies of binding to heated and nonheated IgG similar to ANS. The data illustrate that ITC with low-molecular-weight probes is a versatile tool to monitor conformational changes in proteins with a wider application potential than fluorescence measurements.
Biobrood van eigen bodem: een ketenproject
Postma, R. ; Bakker, A. den; Derksen, V. ; Kruiger, K. ; Maassen, J. ; Osman, A.M. ; Schepers, H.E. - \ 2008
Wageningen [etc.] : Nutriënten Management Instituut (Rapport / NMI 1136) - 30
biologische voedingsmiddelen - graanproducten - brood - landbouwplantenteelt - akkerbouw - ketenmanagement - regionale voedselketens - organic foods - cereal products - bread - crop husbandry - arable farming - supply chain management - regional food chains
In 2007 is het ketenproject “Biobrood van eigen bodem” uitgevoerd in het kader van het coinnovatieprogramma biologische afzetketens. Het betrof een samenwerkingsproject van een aantal ketenpartijen uit de biologische broodketen en een aantal kennisinstellingen. Het doel van het project was gericht op het verbeteren van het imago van biologisch brood door het verhogen van het aandeel Nederlandse tarwe, wat mogelijk een bijdrage kan leveren aan het vergroten van de afzetmogelijkheden ervan. Daartoe is een consumentenonderzoek uitgevoerd en zijn veldproeven met bemestingsvarianten uitgevoerd. Tenslotte zijn met de tarwe uit de veldproeven bakproeven uitgevoerd.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.