|
In augustus 2006 dook voor het eerst het blauwtongvirus in Nederland op. Tot dan toe kwam het virus alleen voor in Afrika en Zuid-Europa. Nu, enkele jaren later, lijkt het er op dat het virus zich definitief in Nederland heeft gevestigd. Verspreiding in NederlandBlauwtong kwam in Nederland voor het eerst voor op 16 augustus 2006 bij een bedrijf in het Limburgse Nuth. Aanvankelijk bestond de hoop dat de overbrengers van het virus, de knutten, de winter in Nederland niet konden overleven. Dit bleek niet het geval. Mogelijk dat de zachte winter van 2006/2007 een rol heeft gespeeld. Het virus heeft zich inmiddels over heel Nederland verspreid.
KernpublicatiesVerspreiding van het virus
Het virus heeft muggen (knutten) nodig om zich te kunnen verspreiden. Zodra een knut een besmet dier heeft gestoken, wordt de knut drager en verspreider van het virus. Een besmette knut is na twee weken voldoende sterk om andere dieren te besmetten. Ook de eieren van de knutten kunnen besmet zijn. Hierdoor is de ziekte lastig te bestrijden. GevolgenBij runderen zijn de gevolgen van blauwtong meestal minder ernstig dan bij schapen. In 2006 besmette het virus voornamelijk runderen, terwijl in 2007 veel meer schapen zijn besmet. Er overleden dan ook duidelijk meer schapen in 2007, zo meldde de Rendac (destructiebedrijf voor dieren). |
Blauwtong is een virusziekte die voornamelijk voorkomt bij schapen. De ziekte is vernoemd naar de blauwe tong die dieren kunnen krijgen. Naast schapen kunnen ook rundvee, geiten, dromedarissen, buffels en wilde herkauwers besmet worden met het blauwtongvirus (Bron: Wikipedia). VaccinInmiddels is een vaccin in ontwikkeling om dieren te vaccineren. In 2009 heeft dit er toe geleid dat er geen nieuwe besmettingen meer zijn vastgesteld. Toch adviseert het Ministerie van LNV om de dieren te blijven vaccineren. Het vaccineren vindt steeds plaats in het het voorjaar. |
Laatste wijziging: 5 maart 2010
| © Wageningen UR, Afdeling DPS | servicedesk.library@wur.nl | T +31 317 484440 | F +31 317 484761 |