Nog eens: Coöperatie.
Met aandacht heb ik het door den heer Tukker geschreven artikel over coöperatie gelezen en herlezen en mij zelven afgevraagd: zal het daarin ontwikkelde plan bij woorden blijven? Zal al dat geschrevene door den lezer beantwoord worden met een: ja, zóó moest het zijn, en dan verder de zaak laten rusten? Dat zou jammer zijn voor den heer Tukker, die met geen ander doel dat stuk schreef dan om de Nederl. bijenteelt te bevorderen, dubbel jammer zou het zijn voor de leden, die hun eigen belang zoo slecht begrijpen.En toch — zóó ging het jaren achtereen, en zóó zal het blijven gaan, als niet een krachtige hand ingrijpt. Daarom juich ik het plan „Coöperatief werken" zoo van harte toe; daarin ligt mijns inziens alleen het heil. Ook geloof ik, dat er niet eene afdeeling bestaat, of er zijn stemmen uit opgegaan om dien weg in te slaan, maar ... en hier stoot men juist op de groote moeilijkheid, hoe moet het aangelegd worden.
Elke afdeeling begrijpt voldoende, dat eene alleen niets vermag. Is er dan nog een anderen weg, dan dat alle afdeelingen zich aaneensluiten om te geraken tot eene coöperatie? De voordeelen van coöperatie zijn in gemeld artikel duidelijk aangegeven. Maar de moeilijkheden van eene dergelijke totstandkoming zijn zoo groot en zoo veel zal menig imker zeggen! 't Is waar, volkomen waar, doch we leven niet in Lui Lekkerland, er moet gewerkt worden en flink ook. Met suffers en toeschouwers is niets aan te vangen.
De Ned. Zuivelbond, de V.P.N., onze boerenbonden hebben ook zij niet met groote moeilijkheden en met zware, geldelijke offers te kampen gehad? Doch juist, doordat mannen met een vasten wil, met kloeken, helderen kop zich er voor gespannen hebben, zijn deze coöperaties tot dien hoogen trap van welstand gekomen en plukken de duizenden leden nu de vruchten van die bloeiende vereenigingen. Daarom, vrienden imkers, niet gedraald, niet gesuft, ontwaakt uit uw dolce far niente, slaat de handen ineen, want weet:
de eenling kan niets en wordt niets; slechts in de vereeniging ligt de kracht en het heil.
Mijn wensch is dan ook, dat elke afdeeling de zoo dringende zaak in hare vergadering bespreke en dat ieder een bewijs van adhaesie zende aan den heer Tukker, dan ben ik er van overtuigd, dat deze, onze imkervriend, met de vele knappe imkers, die de Vereeniging onder hare leden telt, zullen samenwerken om een coöperatie tot stand te brengen, strekkende tot groei en bloei van onze ons zoo lief geworden Vereeniging en tot heil en welvaart van al haar leden. Wie het goed meene, zie niet toe, maar helpt en steunt met al de kracht, die in hem is, dit schoone doel te bereiken.
De Secretaris der Afd. Venray:
E. MESSEMAECKERS.
Terugverwijzingen
- Er zijn momenteel geen terugverwijzingen.