Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Record number 312271
Title De bodemgesteldheid van de aanpassingsinrichting Ade; resultaten van een bodemgeografisch onderzoek
Author(s) Rosing, H.; Brouwer, F.; Pleijter, M.
Source Wageningen : Alterra (SC-rapport 700) - 76 p.
Department(s) Wageningen Environmental Research
Publication type Research report
Publication year 2000
Abstract Het gebied van de aanpassingsinrichting Ade bestaat voor ca. 2/3 van de oppervlakte cultuurgronden uit bovenlandgronden en voor het overige deel uit droogmakerijgronden. Het gehele gebied raakte in het begin van het Holoceen bedekt met veen (Basisveen), waarop later door verdere stijging van de zeespiegel zavel en klei (Afzettingen van Calais) tot afzetting kwam. Nadat zich langs de kust een min of meer gesloten systeem van strandwallen had ontwikkeld, nam de invloed van de zee af en werden de omstandigheden voor de vorming van veen weer gunstig. Tot aan het eind van het Subboreaal kon zich een dik veenpakket ontwikkelen. Hierna was de zeespiegel weer zover gestegen dat weer zavel en klei tot afzetting kwam (Afzettingen van Duinkerke). Het bovenlandwerd nu met een dunne laag zavel of klei overdekt, waarbij het materiaal voornamelijk via voormalige veenstroompjes werd aangevoerd. De dikste kleipakketten worden in en langs deze stroompjes aangetroffen. In de droogmakerijen heeft de zee waarschijnlijkminder invloed gehad. Hier ontstond ten slotte veenmosveen, dat later voor de turfbereiding werd gebruikt. Ter plaatse ontstonden plassen, die aan het eind van de 18e en het begin van de 19e eeuw zijn drooggemalen. Bijna overal bestaat de bovengrond uit een toemaakdek, waardoor de gronden een eerdlaag hebben gekregen. De grootste oppervlakte, zowel in het bovenland als in de droogmakerijen, bestaan uit koopveengronden, weideveengronden, liedeerdgronden en leek-/woudeerdgronden. De fluctuatie van het grondwater is gering vanwege de goede polderpeilbeheersing.
Comments
There are no comments yet. You can post the first one!
Post a comment
 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.