Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 100 / 283

    • help
    • print

      Print search results

    • export
      A maximum of 250 titles can be exported. Please, refine your queryYou can also select and export up to 30 titles via your marked list.
    Check title to add to marked list
    BOFEK2012 versie 2 : Status A
    Wösten, J.H.M. ; Vries, F. de; Wesseling, J.G. - \ 2016
    Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-technical report 86) - 93
    bodemfysica - bodemwaterretentie - bodemtypen - classificatiesystemen - soil physics - soil water retention - soil types - classification systems
    Water retention and hydraulic conductivity properties from the Staring series have been attributed to the315 soil typological units of the Soil Map of the Netherlands, scale 1: 50,000, and functional characteristicsfor these units were calculated using a model. Based on commonalities between these functionalcharacteristics, the 315 soil typological units have been clustered to form 72 soil physics units, which makeup the new soil physics units map ‘BOdemFysische EenhedenKaart’ (BOFEK2012). To make these dataavailable for use in models to calculate water and nutrient transport in soils, a dataset has been compiledcontaining information on (i) the GIS database, with the geographical distribution of the BOFEK units in theNetherlands, and (ii) profile diagrams showing the soil layers to a depth of 1.2 metres below ground level,together with the relevant soil physical properties. For the award of A Status to the BOFEK database anumber of aspects of the mapping methodology were reviewed, including the clustering method used, thevalidation and verification of the calculations made, the verification of the conversion from the soil map tothe soil physics units map, and the addition of meta information.
    De waarde van een gedetailleerde bodemkaart van een waterwingebied
    Knotters, M. - \ 2015
    Stromingen : vakblad voor hydrologen 21 (2015)2. - ISSN 1382-6069 - p. 29 - 41.
    water catchment - groundwater level - yields - damage - soil surveys - soil types - calculation - estimates - noord-brabant - waterwinning - grondwaterstand - opbrengsten - schade - bodemkarteringen - bodemtypen - berekening - schattingen - noord-brabant
    Boeren in waterwingebieden hebben recht op vergoeding van schade veroorzaakt door daling van de grondwaterstand als gevolg van waterwinning. Bij de berekening van de schades wordt onder meer gebruik gemaakt van bodemkaarten. De vraag die in dit artikel centraal staat is of gedetailleerde kaarten (schaal 1:25.000) opweegt tegen de baten, of dta met toepassing van de landelijke bodemkaart (schaal 1: 50.000) kan worden volstaan. Een validatiestudie is verricht voor het gebied Vierlingsbeek.
    Praktijkproef Regelbare Drainage proefbedrijf Rusthoeve 2010-2014 : eindverslag praktijkproef naar de effecten van regelbare en verdiept aangelegde drains op klei in Zeeland
    Schipper, P.N.M. ; Heinen, M. ; Jansen, P.C. ; Stuyt, L.C.P.M. ; Dik, P.E. - \ 2015
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2639) - 113
    landbouwgronden - bodemwater - drainage - grondwaterstand - uitspoelen - nitraten - veldproeven - bodemtypen - zeeuwse eilanden - agricultural soils - soil water - drainage - groundwater level - leaching - nitrates - field tests - soil types - zeeuwse eilanden
    Te hoge gehalten aan nutriënten in het oppervlaktewater – en dan vooral stikstof – vormen in Zeeland een knelpunt om waterkwaliteitsdoelen te bereiken. De vraag is of peilgestuurde diepe drainage op landbouwgronden een effectieve maatregel is om de nutriëntenbelasting terug te dringen. Modelstudies en praktijkproeven tonen dat peilgestuurde drainage in beginsel voordelen biedt voor de waterkwaliteit en bovendien de vochthuishouding in het perceel verbetert voor de agrariër. Echter, de werking is vooral op zandgronden onderzocht en niet op zavel en kleigronden met zoute kwel die kenmerkend zijn voor Zeeland. Daarom is op een perceel van proefboerderij de Rusthoeve in Zeeland een praktijkproef voor peilgestuurde diepdrainage uitgevoerd.
    Nitraat en N- en P-uitspoeling bij de gebruiksnormen van het 5de NAP : modelberekeningen met MAMBO en STONE
    Groenendijk, P. ; Renaud, L.V. ; Salm, C. van der; Luesink, H.H. ; Blokland, P.W. ; Koeijer, T.J. de - \ 2015
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2647) - 54
    waterkwaliteit - nitraten - fosfaten - bodemtypen - fosfaatuitspoeling - nitraatuitspoeling - berekening - modellen - milieubeleid - water quality - nitrates - phosphates - soil types - phosphate leaching - nitrate leaching - calculation - models - environmental policy
    De aanscherping van de mestnormen leidt tot een geringe verandering van het gebruik van dierlijke mest en kunstmest in de Nederlandse landbouw. De grootste verandering wordt berekend voor landbouw op zand- en lössgronden in de zuidelijke provincies, waar het gebruik van stikstof met dierlijke mestgiften gemiddeld 12 kg stikstof ha-1 jr-1 afneemt. In de komende 15 jaar zullen de nitraatconcentraties in geringe mate dalen, gedeeltelijk veroorzaakt door de aanscherping van de mestnormen in het 5de Actieprogramma. Op termijn wordt op de zanden lössgronden gemiddeld aan de nitraatnorm van 50 mg L-1 voldaan, maar in de zuidelijke provincies zal de nitraatnorm nog ruim worden overschreden. Het effect op de stikstofvracht naar het oppervlaktewater is beperkt. De grootste effecten treden op in de zuidelijke provincies. Voor de fosfaatvracht naar het oppervlaktewater worden geen of slechts geringe effecten berekend.
    Waterkwaliteit en landbouw: mag het ook een beetje zouter zijn?
    Bakel, J. van; Kielen, N. ; Clevering, O.A. ; Roest, C.W.J. - \ 2015
    H2O : tijdschrift voor watervoorziening en afvalwaterbehandeling 43 (2015)5. - ISSN 0166-8439 - p. 56 - 59.
    bodemwater - zoutgehalte - normen - beschadigingen door droogte - gewassen - gewasverliezen - akkerbouw - agrohydrologie - bodemtypen - soil water - salinity - standards - drought injury - crops - crop losses - arable farming - agrohydrology - soil types
    Door de te verwachten gevolgen van de klimaatverandering zal de zoetwatervoorziening van Nederland de komende jaren worden heroverwogen. Daarbij zijn de berekening van de zoutschade in de landbouw als gevolg van beregening met niet-zoet oppervlaktewater en de hantering van normen voor toelaatbare chlorideconcentraties in het oppervlaktewater belangrijke onderdelen. In 2009 is het hierop betrekking hebbende deel van het huidige Droogte-instrumentarium geëvalueerd, gebruik makend van het agrohydrologisch SWAP model. In het aandachtsgebied zijn vier gewassen (gras, aardappelen, suikerbieten en tulpen) op drie grondsoorten (zavel, zand en klei) het meest relevant. Als belangrijkste bevindingen dat de berekening van de zoutschade niet onjuist is, maar dat de gehanteerde normen voor toelaatbare chlorideconcentraties in het oppervlaktewater leiden tot te veel droogteschade en herziening behoeven
    De invloed van vegetatie op de verdroging van kleikades
    Zee, F.F. van der; Frissel, J.Y. - \ 2014
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2590) - 51
    dammen - bodemtypen - bodem-plant relaties - bodemwater - verdroging - dams - soil types - soil plant relationships - soil water - desiccation
    In 2003 braken bij Wilnis en Terbregge de (veen)dijken door als gevolg van extreme droogte. Sinds die tijd is veel zorg en aandacht besteed aan deze nieuwe vorm van bezwijkende dijken. Naast de grondsoort (klei, veen) als belangrijkste factor is ook de vegetatie mogelijk van invloed op het ontstaan van scheuren in de kade.
    Plassen op het land : een landsdekkende kaart van potentiële risicolocaties voor oppervlakkige afspoeling
    Massop, H.T.L. ; Clement, J. ; Schuiling, C. - \ 2014
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2546) - 85
    landbouwgrond - bodemtypen - oppervlakkige afvoer - bodemwater - infiltratie - perceelsvorm (landbouwkundig) - monitoring - agricultural land - soil types - runoff - soil water - infiltration - field shape - monitoring
    Oppervlakkige afstroming over maaiveld draagt bij aan de belasting van het oppervlaktewater met nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen. De beschikbaarheid van een hoogtekaart met een hoge resolutie geeft de mogelijkheid potentiele risicolocaties op landbouwpercelen in kaart te brengen. Gebieden met het hoogste risico voor oppervlakkige afspoeling zijn de kleigebieden van Friesland en Groningen, het rivierengebied en de veengebieden, zoals het Utrechts-Hollands en het Friese veengebied.
    Ontwikkeling bodemvruchtbaarheid op Koeien & Kansen-bedrijven : fosfaat en organische stof
    Verloop, J. ; Oenema, J. - \ 2014
    Lelystad : Koeien & Kansen (Rapport / Koeien & Kansen nr. 73) - 42
    melkveehouderij - bodemvruchtbaarheid - graslandbeheer - zea mays - fosfaten - fosformeststoffen - organische stof - bodemchemie - duurzaam bodemgebruik - teeltsystemen - bodemtypen - dairy farming - soil fertility - grassland management - zea mays - phosphates - phosphorus fertilizers - organic matter - soil chemistry - sustainable land use - cropping systems - soil types
    Op de melkveebedrijven die deelnemen aan het project ‘Koeien & Kansen’ werd onderzoek uitgevoerd naar de ontwikkeling van bodemvruchtbaarheid. Er was behoefte aan dit onderzoek om in beeld te krijgen of de maatregelen, die worden genomen op de bedrijven om de nutriënten (N en P) op efficiënte wijze te benutten, niet strijdig zijn met het behouden of verhogen van de bodemvruchtbaarheid. Een ander motief voor dit onderzoek is dat een goede bodemvruchtbaarheid van belang is als basis voor een efficiënt gebruik van nutriënten. In dit onderzoek is uitsluitend gekeken naar de ontwikkeling van het organisch stofgehalte van de bodem en van de fosfaattoestand, zoals aangegeven door het P-Al getal. Er is een analyse uitgevoerd van de ontwikkeling in de tijd. Dit werd gedaan voor ‘permanente’ graslandpercelen per bodemtype (zand, klei, veen en löss) en voor percelen waar gras en maïs worden afgewisseld.
    Fosfaattoestand en fosfaatgebruiksnorm : betekenis van het fosfaat-bufferend vermogen van de bodem: ontwerp van een protocol
    Ehlert, P.A.I. ; Chardon, W.J. ; Burgers, S.L.G.E. - \ 2014
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2500) - 104
    bodemchemie - fosfaten - bodemtypen - bemesting - zea mays - maïs - buffercapaciteit - bodemonderzoek - wetgeving - Nederland - soil chemistry - phosphates - soil types - fertilizer application - zea mays - maize - buffering capacity - soil testing - legislation - Netherlands
    Bodems verschillen in de mate waarin fosfaat wordt vastgelegd en beschikbaar is voor gewas en de mate waarin fosfaat weglekt en daardoor in fosfaatbufferend vermogen. Dit rapport onderzoekt de betekenis van het fosfaatbufferend vermogen van de bodem voor het stelsel van fosfaattoestand-afhankelijke fosfaatgebruiksnormen. Daartoe zijn veldproeven met snijmaïs uitgevoerd op landbouwpercelen op zand- en kleigrond die zich onderscheiden in fosfaatbufferend vermogen.
    Toepassing van grasstroken in laanbomen : optimaliseren van de groei laanbomen bij toepassing van grasstroken
    Sluis, B.J. van der - \ 2014
    Lisse : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij en Fruit - 42
    boomteelt - straatbomen - teeltsystemen - grasbanen - bodemtypen - onkruidbestrijding - bemesting - milieubeheer - effecten - experimenteel veldonderzoek - arboriculture - street trees - cropping systems - grass strips - soil types - weed control - fertilizer application - environmental management - effects - field experimentation
    In de teelt van laanbomen worden, met name op de zandgronden, op grote schaal grasstroken toegepast. In de teelt van laanbomen op kleigronden is dit nog zeer beperkt. Onder de kwekers neemt de belangstelling voor deze toepassing steeds meer toe, maar de voor- en nadelen van grasstroken zijn steeds onderwerp van discussie. Aan grasstroken worden meerdere voordelen toegeschreven: • 50%-60% reductie van het herbicidengebruik (besparing) • een positieve presentatie van de kwekerij (imago) • een betere berijdbaarheid bij teeltwerkzaamheden (voorkomen structuurbederf) • een bron van organische stof (langere termijn effect) • bevorderen van het bodemleven (langere termijn effect), • mogelijke schuilplaats voor nuttige organismen (minder insecticidenverbruik) • vermindering van uit- en afspoeling van meststoffen (vanggewas) Aan de andere kant is er steeds onduidelijkheid over de bedrijfseconomische consequenties van deze toepassing. In een eerdere studie door PPO blijkt dat grasstroken vanwege hogere teeltkosten en groeiremming bedrijfseconomisch niet interessant zijn.
    Gedrag van verdroogde kades : fase B, C, D: onstaan en gevaar van krimpscheuren in klei- en veenkades
    Akker, J.J.H. van den; Hendriks, R.F.A. ; Frissel, J.Y. ; Oostindie, K. ; Wesseling, J.G. - \ 2014
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2473) - 87
    bodemtypen - scheurvorming - dijken - bodemfysica - preferente stroming - bodemwater - stabiliteit - soil types - cracking - dykes - soil physics - preferential flow - soil water - stability
    Het beschreven onderzoek in dit rapport is onderdeel van het onderzoeksproject ‘gedrag van verdroogde kades’ van het Hoogheemraadschap Delfland. Het onderzoek van Alterra is een bureau- en modelonderzoek en is gericht op scheuren door krimp, die ontstaan in lange perioden met droogte. Onderzocht zijn veenkaden en kleikaden op veen, met een accent op kleikaden omdat deze in Delfland het meeste voorkomen. Bij kleikaden lijkt het grootste risico preferente stroming via de scheuren te zijn. Bomen kunnen door hun diepe beworteling en grote verdamping een extra risico vormen. Langsscheuren in de kruin kunnen met water gevuld worden en dit kan resulteren in een bezwijkmechanisme. Dit is door Deltares nader onderzocht in een parallel rapport.
    Procedure afleiden regionale uit- en afspoelingcijfers voor stikstof en fosfor (herschikkingsprocedure)
    Boekel, E.M.P.M. van; Smit, A.A.M.F.R. ; Mulder, H.M. ; Groenendijk, P. - \ 2013
    bodemtypen - bodemchemie - landgebruik - stikstof - fosfor - uitspoelen - kaderrichtlijn water - soil types - soil chemistry - land use - nitrogen - phosphorus - leaching - water framework directive
    De KRW-verkenner, KRW-ECHO zijn voorbeelden van modellen die worden ingezet voor scenariostudies om effecten van bestaand en voorgenomen beleid op de stikstof- en fosforbelasting van het oppervlaktewater in beeld te brengen. Het is gewenst om de diffuse uit- en afspoeling bij regionale toepassingen van de KRW-verkenner en KRW-ECHO te verbeteren.
    Invloed bedrijfsvoering akkerbouwers op financieel resultaat en stikstofhuishouding
    Prins, H. ; Daatselaar, C.H.G. - \ 2013
    Wageningen : LEI, onderdeel van Wageningen UR (LEI report 2013-065) - ISBN 9789086156603 - 78
    akkerbouw - bedrijfsresultaten in de landbouw - stikstofkringloop - waterkwaliteit - monitoring - bodemtypen - zandgronden - zware kleigronden - arable farming - farm results - nitrogen cycle - water quality - monitoring - soil types - sandy soils - clay soils
    Onder de vlag van het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) heeft het LEI de invloed onderzocht van de bedrijfsstructuur en de bedrijfsvoering van akkerbouwbedrijven op het stikstofoverschot, de waterkwaliteit en de financiële bedrijfsresultaten. Met behulp van regressieanalyse met paneldata is nagegaan hoe groot de invloed is van de bedrijfsstructuur en die van de bedrijfsvoering. Het onderzoek betrof de periode 1991-2009, waarbij onderscheid is gemaakt tussen de grondsoorten zand, klei en löss.
    Herkenningskaart Meetset Bodembiodiversiteit
    Hanegraaf, M. ; Alebeek, F.A.N. van - \ 2013
    bodembiologie - bodemvruchtbaarheid - grondanalyse - akkerbouw - bodemtypen - soil biology - soil fertility - soil analysis - arable farming - soil types
    Uitleg over het bodem-voedselweb, de voorwaarden voor bodemvruchtbaatheid. De bodembiodiversiteit, en waar het om gaat: aantallen, soorten, activiteit, genetische samenstelling.
    "Effecten bodem- en structuurverbeteraars, Onderzoek op klei-, zand- en dalgrond 2012, Resultaten na drie jaar onderzoek
    Paauw, J.G.M. ; Balen, D.J.M. van; Haan, J.J. de - \ 2013
    Lelystad : PPO AGV (PPO publikatie ) - 108
    bodemtypen - bodemverbeteraars - veldproeven - zandgronden - zware kleigronden - effecten - bemesting - uitspoelen - gewassen - de peel - veenkolonien - oostelijk flevoland - friesland - zuidhollandse eilanden - soil types - soil conditioners - field tests - sandy soils - clay soils - effects - fertilizer application - leaching - crops - de peel - veenkolonien - oostelijk flevoland - friesland - zuidhollandse eilanden
    Om het effect van bodemverbeteraars op opbrengst en bodemeigenschappen op de langere termijn te toetsen, zijn proeven aangelegd op drie kleilocaties (Westmaas, Kollumerwaard en Lelystad), één dalgrond (Valthermond) en één zandlocatie (Vredepeel). In deze proeven worden de ontwikkeling van de gewasopbrengst, de gewaskwaliteit en de bodemeigenschappen gevolgd over een periode van zes jaar, bij toepassing van de bodemverbeteraars. Deze wordt vergeleken met 3 referenties: alleen kunstmest, drijfmest met kunstmest en groencompost met kunstmest.
    Adviesbasis voor de bemesting van akkerbouwgewassen : secundaire hoofdelementen
    Geel, W.C.A. van; Haan, J.J. de - \ 2013
    Kennisakker.nl 2013 (2013)20 maart.
    akkerbouw - gewassen - mest - magnesiummeststoffen - calciummeststoffen - toepassing - dosering - bodemtypen - bemesting - arable farming - crops - manures - magnesium fertilizers - calcium fertilizers - application - dosage - soil types - fertilizer application
    Tot de zogenoemde secundaire hoofdelementen die nodig zijn voor de plantengroei, behoren magnesium, zwavel en calcium. In dit artikel worden adviezen gegeven voor de bemesting van akkerbouwgewassen met magnesium en calcium.
    Adviesbasis voor de bemesting van akkerbouwgewassen : kalk
    Haan, J.J. de; Geel, W.C.A. van - \ 2013
    Kennisakker.nl 2013 (2013)20 maart.
    akkerbouw - gewassen - mest - kalkmeststoffen - toepassing - dosering - bodemtypen - bemesting - arable farming - crops - manures - liming materials - application - dosage - soil types - fertilizer application
    In dit artikel worden adviezen gegeven voor bemesting van akkerbouwgewassen met kalk. De kalktoestand wordt uitgedrukt met de pH-KCl. Waardering van de pH-KCl en advies-pH's voor verschillende bodemtypen en bouwplannen zijn in tabellen weergegeven.
    BOFEK2012. de nieuwe bodemfysische schematisatie van Nederland
    Wösten, J.H.M. - \ 2013
    H2O : tijdschrift voor watervoorziening en afvalwaterbehandeling 2012 (2013)april. - ISSN 0166-8439 - p. 1 - 3.
    bodemfysica - bodemwaterretentie - bodemtypen - modellen - soil physics - soil water retention - soil types - models
    Waterschap Vallei & Eem, Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en Alterra Wageningen UR hebben samen een nieuwe bodemfysische schematisatie voor Nederland ontwikkeld. Deze schematisatie geeft een gedetailleerd beeld van de bodemfysische eigenschappen van de afzonderlijke horizonten waaruit de bodem is opgebouwd, en verschaft daarmee belangrijke invoergegevens in modelstudies naar het transport van water en opgeloste stoffen in de onverzadigde zone. Deze nieuwe schematisatie vervangt de veelgebruikte PAWN-schematisatie uit 1988.
    BOFEK2012, de nieuwe bodemfysische schematisatie van Nederland
    Wosten, J.H.M. ; Vries, F. de; Hoogland, T. ; Massop, H.T.L. ; Veldhuizen, A.A. ; Vroon, H.R.J. ; Wesseling, J.G. ; Heijkers, J. ; Bolman, A. - \ 2013
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2387) - 46
    bodemfysica - bodemwaterretentie - bodemtypen - classificatiesystemen - soil physics - soil water retention - soil types - classification systems
    Aan de 315 bodemeenheden behorende bij de bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 50.000, zijn waterretentie- en doorlatendheidskarakteristieken uit de Staringreeks toegekend. Met een model zijn voor deze eenheden functionele kenmerken berekend. Op grond van verwantschap in functionele kenmerken zijn de 315 bodemeenheden geclusterd in 72 bodemfysische eenheden en afgebeeld in de nieuwe BOdemFysische EenhedenKaart (BOFEK2012). Om bij modelberekeningen van bodemwatertransport en stoffentransport in de bodem deze gegevens te kunnen gebruiken is een dataset samengesteld met informatie over: - GIS-bestand, met de geografische verbreiding van de BOFEK-eenheden in Nederland. - Profielschetsen met de laagopbouw van het bodemprofiel tot 1.20 m-mv. en de daaraan gerelateerde bodemfysische kenmerken.
    Mogelijkheden voor koolstofvastlegging in de Nederlandse landbouw en natuur
    Lesschen, J.P. ; Heesmans, H.I.M. ; Mol-Dijkstra, J.P. ; Doorn, A.M. van; Verkaik, E. ; Wyngaert, I.J.J. van den; Kuikman, P.J. - \ 2012
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2396) - 61
    bodemchemie - kooldioxide - bodemtypen - landbouwgrond - natuurgebieden - koolstofvastlegging in de bodem - koolstofvastlegging - soil chemistry - carbon dioxide - soil types - agricultural land - natural areas - soil carbon sequestration - carbon sequestration
    Het doel van dit rapport is om meer inzicht en kwantificering te krijgen van potentiële veranderingen in koolstofvoorraden in Nederlandse bodems. Gebaseerd op een nieuwe stratificatie van de Landelijke Steekproef Kartering (LSK) data zijn bodemkoolstofvoorraden voor de voornaamste landgebruikstypen en bodemtypen bepaald. Het resultaat voor de belangrijkste landgebruikveranderingen laat zien dat bodem C emissies elkaar veelal compenseren. Met het MITERRA-model is de potentie voor koolstofvastlegging berekend. Niet-kerende grondbewerking en verbeterde gewasrotaties hebben de grootste potentie voor koolstofvastlegging. De totale realistische koolstofvastlegging in de landbouw wordt geschat op maximaal 1 Mton CO2 per jaar. De voorgestelde verplichte maatregelen voor het vergroenen van de landbouwsubsidies kunnen zorgen voor additionele koolstofvastlegging. Daarnaast laat deze studie zien dat ook andere natuurtypen dan bos grote koolstofvoorraden kunnen vastleggen.
    Biochemisch onderzoek SKNL project Familie Roelofs
    Delft, S.P.J. van; Brouwer, F. - \ 2012
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Adviezen ) - 20
    bodemkarteringen - bodemchemie - fosfor - bodemtypen - natuurontwikkeling - overijssel - soil surveys - soil chemistry - phosphorus - soil types - nature development - overijssel
    Deze notitie van Alterra maakt deel uit van een reeks adviezen over de bodemchemische toestand van terreinen in Overijssel waar in het kader van Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL) een inrichtingsplan voor gemaakt wordt.
    Biochemisch onderzoek SKNL project Eeftink
    Delft, S.P.J. van; Brouwer, F. - \ 2012
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Adviezen ) - 12
    bodemkarteringen - bodemchemie - fosfor - bodemtypen - natuurontwikkeling - overijssel - soil surveys - soil chemistry - phosphorus - soil types - nature development - overijssel
    Deze notitie van Alterra maakt deel uit van een reeks adviezen over de bodemchemische toestand van terreinen in Overijssel waar in het kader van Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL) een inrichtingsplan voor gemaakt wordt.
    Biochemisch onderzoek SKNL project Familie Roossink
    Delft, S.P.J. van; Brouwer, F. - \ 2012
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Adviezen ) - 14
    bodemkarteringen - bodemchemie - fosfor - bodemtypen - natuurontwikkeling - overijssel - soil surveys - soil chemistry - phosphorus - soil types - nature development - overijssel
    Deze notitie van Alterra maakt deel uit van een reeks adviezen over de bodemchemische toestand van terreinen in Overijssel waar in het kader van Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL) een inrichtingsplan voor gemaakt wordt.
    Biochemisch onderzoek SKNL project Lobke Welhuis
    Delft, S.P.J. van; Brouwer, F. - \ 2012
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Adviezen ) - 11
    bodemkarteringen - bodemchemie - fosfor - bodemtypen - natuurontwikkeling - overijssel - soil surveys - soil chemistry - phosphorus - soil types - nature development - overijssel
    Deze notitie van Alterra maakt deel uit van een reeks adviezen over de bodemchemische toestand van terreinen in Overijssel waar in het kader van Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL) een inrichtingsplan voor gemaakt wordt.
    Biochemisch onderzoek SKNL project Aarnink
    Delft, S.P.J. van; Brouwer, F. - \ 2012
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Adviezen ) - 12
    bodemkarteringen - bodemchemie - fosfor - bodemtypen - natuurontwikkeling - overijssel - soil surveys - soil chemistry - phosphorus - soil types - nature development - overijssel
    Deze notitie van Alterra maakt deel uit van een reeks adviezen over de bodemchemische toestand van terreinen in Overijssel waar in het kader van Subsidieregeling Kwaliteitsimpuls Natuur en Landschap (SKNL) een inrichtingsplan voor gemaakt wordt.
    De bodemkwaliteit in Nederland in 2006-2010 en de verandering ten opzichte van 1993-1997 : resultaten van het Landelijk Meetnet Bodemkwaliteit
    Wattel-Koekoek, E.J.W. ; Vliet, M.E. van; Boumans, L.J.M. ; Spijker, J. ; Leeuwen, T.C. van - \ 2012
    Bilthoven : RIVM (RIVM rapport 680718003/2012) - 418
    bodemverontreiniging - bodemtypen - bodemkwaliteit - pesticiden - inventarisaties - grondwaterverontreiniging - akkerbouw - soil pollution - soil types - soil quality - pesticides - inventories - groundwater pollution - arable farming
    Conform de eerste doelstelling is de bodemkwaliteit van de tien categorieën geïnventariseerd en zijn die met elkaar vergeleken. De zandgronden onder bos hebben de laagste zuurgraad en hoogste aluminiumconcentratie van alle categorieën. De zandgronden onder landbouw hebben een hogere zuurgraad, waarschijnlijk door bekalking. Zoals verwacht bevatten kleigronden een groter aandeel van deeltjes die kleiner zijn dan twee micrometer, en hebben veengronden een hoger organisch stofgehalte dan zandgronden. Klei- en veengronden hebben significant hogere gehalten ijzer, mangaan en zware metalen dan zandgronden. Insecticiden als lindaan en dieldrin zijn vooral aangetroffen in gronden onder akkerbouw. Hoewel deze gewasbeschermingsmiddelen uit de handel zijn, kunnen er nog steeds resten van worden aangetroffen.
    Bodemkundige informatie proeflocaties project effectiviteit bufferstroken : effectiveness of buffer strips publication series 8
    Heinen, M. ; Kekem, A.J. van - \ 2011
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2230)
    bodemkarteringen - hydrologie - bodemwater - bodemtypen - bodemgeschiktheid - landgebruik - akkerranden - waterkwaliteit - bufferzones - begroeide stroken - soil surveys - hydrology - soil water - soil types - soil suitability - land use - field margins - water quality - buffer zones - vegetated strips
    Voor het onderzoek naar het effect van bemestingsvrije perceelranden op de waterkwaliteit van het oppervlaktewater worden op vijf locaties in Nederland metingen uitgevoerd. De bodems op de vijf locaties zijn in detail gekarteerd (beschrijving bodemprofiel, meting maaiveldhoogte, geofysische metingen) en bemonsterd (bodemchemische en bodemfysische analyses). Van de grondmonsters zijn diverse bodemfysische en bodemchemische eigenschappen bepaald.
    PLEASE: een instrument om de fosfaatlekkage van een perceel naar het oppervlaktewater vast te stellen
    Salm, C. van der; Schoumans, O.F. - \ 2011
    Wageningen : Alterra (Informatieblad Mineralen en Milieukwaliteit 31) - 2
    bodemchemie - uitspoelen - bodemtypen - fosfor - emissie - modellen - waterkwaliteit - nederland - denemarken - soil chemistry - leaching - soil types - phosphorus - emission - models - water quality - netherlands - denmark
    PLEASE (Phosphorus LEAching from Soils to the Environment) berekent de fosfaatvracht van een perceel naar de perceelsloot op basis van het verloop van de fosfaatconcentratie in de bodem en de waterafvoer over het perceel en uit de verschillende bodemlagen van het perceel naar het oppervlaktewater. PLEASE is het afgelopen jaar getoetst op 14 Nederlandse en 17 Deense locaties (Dupas en van der Salm, 2010; van der Salm et al.,2011). Op deze 31 locaties waren metingen beschikbaar van de fosforfluxen naar het oppervlaktewater of van concentraties in het grondwater, de drains of het bodemvocht voor een periode van enkele jaren. De Deense locaties zijn goed vergelijkbaar met de Nederlandse percelen, maar hebben gemiddeld genomen een iets lagere fosfaattoestand in de ondergrond en zijn wat dieper gedraineerd
    Proefbedrijf faciliteiten
    PPO Akkerbouw, Groene Ruimte en Vollegrondsgroente, - \ 2011
    Lelystad : PPO AGV
    proefbedrijven - landbouwkundig onderzoek - bodemtypen - faciliteiten en installaties - professionele dienstverlening - uitrusting - pilot farms - agricultural research - soil types - facilities and structures - professional services - equipment
    De business unit Akkerbouw, Groene ruimte en Vollegrondsgroente van Praktijkonderzoek Plant & Omgeving (PPO AGV) is dé partner als het gaat om praktijkgericht onderzoek en innovaties. Resultaten uit strategisch en fundamenteel onderzoek worden door ons praktijk- en toepassingsrijp gemaakt. Daarmee positioneren wij ons als brug tussen wetenschap en praktijk. Wij ontwikkelen en leveren nieuwe, direct toepasbare kennis en passen deze toe in samenwerking met onze partners. Dit zijn ondernemers of instituten die werkzaam zijn in de agrarische sector. Het werkveld is de akkerbouw, vollegrondsgroenten en multifunctionele landbouw.
    Boeren voor Natuur, waar kan dit concept met succes worden ingevoerd?
    Stortelder, A.H.F. ; Kiers, M.A. - \ 2011
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2145) - 50
    agrarisch natuurbeheer - natuur - landbouw bedrijven - bodemtypen - voedingsstoffen - kringlopen - nederland - agri-environment schemes - nature - farming - soil types - nutrients - cycling - netherlands
    In welke gebieden en onder welke omstandigheden kan in ons land het bedrijfssysteem Boeren voor Natuur met succes worden ingevoerd? Het ministerie van EL&I heeft gevraagd kaartmateriaal te ontwikkelen waarop aangegeven wordt waar het bedrijfssysteem Boeren voor Natuur mogelijk (d.w.z. fysisch-geografische en historische omstandigheden geschikt) en gewenst (d.w.z. maatschappelijk waardevolle gebieden) is. Dit rapport doet verslag van de werkwijze, de selectiecriteria en de resultaten van deze zoektocht. De kaart die hiervan het resultaat is kan worden gebruikt om het concept Boeren voor Natuur verder uit te rollen.
    Grondwaterregime op basis van karteerbare kenmerken
    Gaast, J.W.J. van der; Vroon, H.R.J. ; Massop, H.T.L. - \ 2010
    Amersfoort : Stowa (Rapport / STOWA nr. 2010-41) - ISBN 9789057735011 - 74
    grondwaterspiegel - drainage - bodemtypen - bodemkarteringen - cartografie - water table - drainage - soil types - soil surveys - mapping
    Om een ruimtelijk beeld te kunnen krijgen in de vorm van kaarten met informatie over het grondwaterstandsverloop is een karakterisering van tijdreeksgegevens van grondwaterstanden in kengetallen noodzakelijk. Hiervoor is in de jaren 60 van de vorige eeuw het systeem van grondwatertrappen (Gt) ontwikkeld. De Grondwatertrapinformatie staat vanouds op de bodem- en Gt-kaart 1:50 000 (opnames tussen de jaren 1960 tot 1989). Deze kaarten kunnen echter zijn verouderd, omdat er sinds deze karteringen ingrepen in de waterhuishouding kunnen zijn geweest. Een aantal kaartbladen is in de jaren 90 geactualiseerd. STOWA heeft Alterra de opdracht gegeven een actuele landsdekkende grondwatertrappenkaart op te stellen. Alterra heeft hiervoor een methode ontwikkeld die landsdekkende resultaten genereert en die direct gekoppeld is met bodemkundige informatie. De uitkomsten zijn vergeleken met boorpuntinformatie uit detailkarteringen.
    De Enkeerdgrond: de meest kenmerkende bodem van Nederland
    Sonneveld, M.P.W. ; Jongmans, A.G. - \ 2010
    Vakblad Natuur Bos Landschap 2010 (2010)nov.. - ISSN 1572-7610 - p. 24 - 25.
    bodemtypen - zandgronden - erfgoed - archeologie - soil types - sandy soils - heritage areas - archaeology
    De Nederlandse Bodemkundige Vereniging hield dit jaar in het kader van haar 75-jarig jubileum een verkiezing binnen haar ledenbestand voor de meest kenmerkende bodem van Nederland. De enkeerdgrond eindigde daarbij met 25% van de stemmen op de eerste plaats. Tweede en derde werden respectievelijk de koopveengrond en de poldervaaggrond.
    Validation of the model PLEASE at site scale
    Dupas, R. ; Salm, C. van der - \ 2010
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1968.2) - 54
    bodemchemie - uitspoelen - bodemtypen - emissie - modellen - fosfor - soil chemistry - leaching - soil types - emission - models - phosphorus
    To test the suitability of the model PLEASE for prediction of P losses at site scale the model has been applied to a number of intensive and more extensive monitoring sites. The results of the model application to the individual sites showed that the model is able to show relative differences in leaching fluxes between sites i.e. to distinguish low leaching sites from sites with intermediate and high leaching fluxes. Poor results are obtained for peat soils and heavy clay soils due to the fact that processes like release of P from eutrophic peat layers and preferential flow through shrinkage cracks in clay soils are not accounted for in the model. In other soils major deviations between measured and simulated fluxes are often due to differences in measured and simulated concentration profiles.
    Biologische consumptie-aardappelrassen : smaaktoetsing van gekookt product : meerjarige toetsing op smaakeigenschappen
    Wijk, C.A.P. van - \ 2010
    Lelystad : PPO AGV - 76
    aardappelen - akkerbouw - rassen (planten) - rasverschillen - smaak - proeven - kwaliteit - droge stof - bodemtypen - kookkwaliteit - biologische voedingsmiddelen - smaakonderzoek - potatoes - arable farming - varieties - breed differences - taste - trials - quality - dry matter - soil types - cooking quality - organic foods - taste research
    In 2007 is daarom vanuit Bioconnect Innovatiegroep Productkwaliteit een project gestart ter verbetering van de productkwaliteit bij een aantal grotere biologische gewassen. Het doel van het project was: 1. Verhoging van de productkwaliteit van het biologische product door ontwikkeling van nieuwe kennis en synthese van bestaande kennis tot toepasbare teelt- en ketenstrategieën. 2. Verhogen van betrokkenheid voor kwaliteit biologisch product bij biologische telers en ketenpartijen. De mogelijkheden van de technische verbeteringen van smaak en productkwaliteit bij biologische geteelde aardappel zijn getoetst binnen dit project. Daarvoor is nauw samengewerkt met aardappel ketenpartijen binnen de biologische sector.
    Model PLEASE en het nationale nutriënten-emissiemodel STONE : een vergelijking van berekende fluzen en concentraties
    Salm, C. van der; Schoumans, O.F. - \ 2010
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1968.1) - 33
    bodemchemie - uitspoelen - voedingsstoffen - emissie - modellen - bodemtypen - oppervlakkige afvoer - fosfaatuitspoeling - soil chemistry - leaching - nutrients - emission - models - soil types - runoff - phosphate leaching
    Het model PLEASE is een eenvoudig model vor het voorspellen van fosfaatverliezen op lokale schaal. De procesformulering voor de binding van fosfaat is volledig gebaseerd op de formulering zoals deze ook in het nationale nutriënten-emissiemodel STONE wordt gebruikt. Het model kan ook als een vereenvoudiging gezien worden van het model STONE. Om de effecten van deze vereenvoudiging in beeld te brengen zijn de door het model berekende uitspoelingsfluxen vergeleken met de uitkomsten van het (moeder)model STONE. De resultaten geven aan dat de uitkomsten van PLEASE, op het niveau van bodem-Gt clusters, goed overeenkomen maar dat op het niveau van individuele plots de verschillen aanzienlijk zijn
    Chrysantentelers uit Limburg en Bommelerwaard wisselen gegevens uit: 'Praktijknetwerk maakt telers meer bewust van nutriënten en water' (interview met o.a. Wim Voogt)
    Seggelen, M. van; Voogt, W. - \ 2009
    Onder Glas 6 (2009)1. - p. 48 - 49.
    tuinbouw - chrysanten - gegevens verzamelen - grondwaterstand - bodemtypen - voedingsstoffen - kennisoverdracht - glastuinbouw - limburg - bommelerwaard - bemesting - snijbloemen - horticulture - chrysanthemums - data collection - groundwater level - soil types - nutrients - knowledge transfer - greenhouse horticulture - limburg - bommelerwaard - fertilizer application - cut flowers
    Vijf chrysantentelers in Limburg en de Bommelerwaard leveren aan onderzoeker Wim Voogt gegevens over het klimaat, de watergift en het gebruik van stikstof, kalium en fosfaat. De bodemsoort en de grondwaterstand zijn van grote invloed op het gietgedrag en de bemesting. De telers hebben de frequentie van het gieten aangepast. De stikstofconcentratie blijft echter een aandachtspunt. Er is een overschot van stikstof tussen gift en opname
    Klimaatverandering, klimaatadaptatie en bodem: maakbaarheid, planvorming en realiteitsdenken
    Verzandvoort-van Dijck, S.J.E. ; Kuikman, P.J. - \ 2009
    Wageningen : Programmabureau Kennis voor Klimaat (KvK rappport KvK 014/09) - ISBN 9789490070113 - 48
    bodemtypen - landgebruik - klimaatverandering - soil types - land use - climatic change
    Dit rapport presenteert een beknopt overzicht van de stand van zaken (state-of-the-art) in het nationale en internationale onderzoek naar de relatie van klimaatverandering en bodem en van de mogelijkheden om de bodem te gebruiken voor slimme en effectieve adaptatie aan klimaatverandering in Nederland. De analyse is gericht op alle typen bodems die in Nederland voorkomen en omvat zowel natuurlijke en kunstmatig gevormde bodems, bodems in en onder bebouwd gebied en (onder)waterbodems
    Bodemtype bepaalt effectiviteit plagbeheer in droge heidegebieden
    Hommel, P.W.F.M. ; Diemont, W.H. ; Waal, R.W. de - \ 2009
    Stratiotes 2009 (2009)38. - ISSN 0928-2297 - p. 5 - 17.
    heidegebieden - grassen - bodemtypen - evaluatie - plaggen steken - ecologisch herstel - natuurbeheer - heathlands - grasses - soil types - evaluation - sod cutting - ecological restoration - nature management
    Uitkomsten van ons onderzoek tonen aan dat behoud van 'paarse heide' op de relatief voedselrijke moderpodzolen (merendeel van de glaciale gronden van pleistoceen Nederland) alleen bij zeer intensief beheer mogelijk is. Plaggen van vergraste heiden blijkt hier maar korte tijd effect te hebben en kan op langere termijn bezien zelfs averechts uitwerken, doordat bij het plaggen steeds rijkere bodemlagen worden aangesneden. Dit onderzoek heeft dankbaar gebruik gemaakt van het dertig jaar lang in stand houden van de onderzoekslocaties
    Eerste resultaten onderzoek naar meest geschikte ras-onderstamcombinaties
    Maas, F.M. ; Beurskens, Stan - \ 2009
    De Wijngaard 17 (2009)2. - p. 29 - 30.
    druiven - rassen (planten) - relaties - onderstammen - stamverschillen - wijndruivenrassen - bodemtypen - landbouwkundig onderzoek - nederland - grapes - varieties - relationships - rootstocks - strain differences - wine cultivars - soil types - agricultural research - netherlands
    In 2008 is in samenspraak met het Wijngaardiersgilde en met subsidie van het ministerie van LNV een onderzoek gestart om verspreid over Nederland en voor verschillende bodemtypen te onderzoeken hoe de verschillende druiven ras-onderstamcombinaties zich ontwikkelen. 14 Rode en 14 witte druivenrassen staan op 9 verschillende bedrijven op 9 verschillende onderstammen. Dit eerste jaar zijn al grote verschillen per regio en per bedrijf gemeten, volgende 2 jaren zal het onderzoek zich toespitsen op de verschillen in groei, loofwandstructuur, gewasgezondheidsaspecten, oogsttijdstippen en de oogstgegevens.
    Geochemische schematisering van de ondergrond in het STONE model : organisch stofgehalte in de ondergrond
    Boekel, E.M.P.M. - \ 2009
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1830) - 61
    bodemchemie - geochemie - organische stof - bodemtypen - karakterisering - uitspoelen - stikstof - fosfor - modellen - soil chemistry - geochemistry - organic matter - soil types - characterization - leaching - nitrogen - phosphorus - models
    De geochemische parametrisering en schematisering van de ondergrond in het STONE-model speelt een belangrijke rol bij het inzichtelijk maken van haalbare nutriëntenconcentraties in het oppervlaktewater op de lange termijn. Op basis van geochemische analyses is het organisch stofgehalte voor de ondiepe ondergrond (> 1m-mv) opnieuw bepaald waarbij twee varianten onderscheiden worden. Het organisch stofgehalte voor beide varianten zijn significant verschillend t.o.v. het organisch stofgehalte in de huidige schematisatie. Het organisch stofgehalte in klei- en veengronden zijn over het algemeen lager, voor zandgronden worden hogere gehalten bepaald. Door veranderingen in organisch stofgehalten kunnen processen in de bodem zodanig worden beïnvloed dat er grote verschillen kunnen ontstaan in de nutriëntenvoorraad in de bodem en de uiteindelijke nutriëntenbelasting naar grond- en oppervlaktewater.
    Rapportage bemesting 2007 : deelrapport sector bloembollen : telen met toekomst
    Dam, A.M. van - \ 2008
    Wageningen : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. - 12
    bemesting - teeltsystemen - bloembollen - bodemtypen - klei - zand - fertilizer application - cropping systems - ornamental bulbs - soil types - clay - sand
    Voor u ligt de rapportage bemesting van het praktijknetwerk Telen met toekomst voor de open teelten voor het jaar 2007. Het is het laatste jaarverslag van dit vierjarige onderzoeksproject. In 2008 wordt Telen met toekomst op een andere wijze voortgezet. Dit rapport geeft het resultaat van de analyse van de bemesting van het vierde jaar van de kernbedrijven in Telen met toekomst, waarbij de resultaten getoetst worden tegen de gebruiksnormen 2008. Tevens wordt een beoordeling gegeven van ontwikkelingen in de toepassing van de Best Practices Bemesting
    Conceptualisatie en parameterisatie van landgebruik, bodem, beregening en buisdrainage in het NHI
    Veldhuizen, A.A. ; Bakel, P.J.T. van; Kroon, T. ; Vries, F. de; Massop, H.T.L. - \ 2008
    Stromingen : vakblad voor hydrologen 14 (2008)4. - ISSN 1382-6069 - p. 47 - 62.
    veldgewassen - ondergrondse drainage - bodemtypen - modellen - agrohydrologie - field crops - subsurface drainage - soil types - models - agrohydrology
    Bij de modellering van de hydrologie van de bodem en het landgebruik in het NHI (Nationaal Hydrologisch Instrumentarium) is voortgebouwd op de hydrologie voor STONE 2.3. Bij STONE is Nederland landsdekkend gemodelleerd met behulp van een beperkt aantal (6405) plots. Een plot is een unieke combinatie van gewastypen, en geclassificeerde hydrologische eigenschappen en bodemchemische eigenschappen. Bij het bouwen van het NHI is deze piotbenadering verlaten. Dit betekent dat voor elke gridcel van 250 bij 250 m een model moet worden gebouwd van het gewas-onverzadigde zone deelsysteem.Daarbij is gebruik gemaakt van de modelcode metaSWAP, de onverzadigde zone module van SIMGRO. In dit artikel wordt zowel de conceptualisatie als de bijbehorende parametrisatie en de daarvoor gebruikte bestanden in meer detail beschreven
    Bodem en bemesting in de bollenteelt
    Bokhorst, J.G. ; Leeuwen, Y. van; Berg, C. ter - \ 2008
    Driebergen : Louis Bolk Instituut - 75 p.
    biologische landbouw - bloembollen - bodemchemie - bodemtypen - voedingsstoffen - nitraten - fosfaten - bodemvruchtbaarheid - bemesting - bodemkwaliteit - organic farming - ornamental bulbs - soil chemistry - soil types - nutrients - nitrates - phosphates - soil fertility - fertilizer application - soil quality
    De Nederlandse bloembollenteelt vindt plaats binnen meerdere bedrijfstypen en op vele grondsoorten. In al deze situaties vergen bodemkwaliteit en bemesting veel aandacht. Door onder meer strengere wetgeving rond bemesting en gebruik van bestrijdingsmiddelen en door hogere prijzen van grond, meststoffen en energie worden de thema’s rond bodem en bemesting steeds belangrijker. Deze brochure behandelt de beoordeling van de bodemkwaliteit, de beworteling, de bodemstructuur, het bodemleven en de profielopbouw. Verder wordt de bemesting van bollen op verschillende bodemtypen behandeld. Tenslotte wordt ingegaan op de verschillende aspecten rond bodem en bemesting bij bollenteelt op huurland. Dit zowel voor de gangbare als de biologische bollenteelt en voor teelt op zand-, zavel- en kleigronden.
    Gevoeligheids- en onzekerheidsanalyse van SUMO
    Wamelink, G.W.W. - \ 2008
    Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-werkdocument 98) - 50
    vegetatietypen - bodemtypen - modellen - groeiplaatsen - bodem-plant relaties - vegetation types - soil types - models - sites - soil plant relationships
    Het model SUMO2 simuleert de vegetatieontwikkeling en biomassa-ontwikkeling voor de meeste vegetatietypen die in Nederland voorkomen. Het is geïntegreerd in het model SMART2, dat bodemprocessen simuleert. Beide modellen doen op jaarbasis uitspraken over de vegetatieontwikkeling, waarbij ook - eveneens op jaarbasis - gegevens worden uitgewisseld.
    Agrobiodiversiteit en ziektewerendheid tegen bodempathogenen
    Postma, J. ; Schilder, M.T. - \ 2007
    Gewasbescherming 38 (2007)2. - ISSN 0166-6495 - p. 46 - 49.
    gewasbescherming - pathogene organismen - plantenziekteverwekkende schimmels - plantenziekteverwekkende bacteriën - duurzaamheid (sustainability) - alternatieve landbouw - grondanalyse - bodemeigenschappen - pesticiden - bodemtypen - agrarische bedrijfsvoering - teeltsystemen - biodiversiteit - agrobiodiversiteit - functionele biodiversiteit - plant protection - pathotypes - plant pathogenic fungi - plant pathogenic bacteria - sustainability - alternative farming - soil analysis - soil properties - pesticides - soil types - farm management - cropping systems - biodiversity - agro-biodiversity - functional biodiversity
    Bij transitie naar duurzame landbouw is verhoging van ziektewerende eigenschappen van de bodem noodzakelijk om tot een reductie van (chemische) bestrijdingsmiddelen te komen. Een belangrijke vraag is hoe de bodemlevensgemeenschappen veranderen als gevolg van teeltmaatregelen en wat de gevolgen hiervan zijn voor ziektewerendheid. Daarom wordt onderzoek verricht naar: (1) hier ziektewerend vermogen in verschillende bodemtypen, (2) de teeltfactoren die de ziektewerende eigenschappen van de bodem beïnvloeden, en (3) de microbiële groepen en/of functies die het meest talrijk of actief zijn in landbouwgronden met hoge ziektewering. Hiermee kunnen vervolgens praktisch toepasbare microbiologische indicatoren voor een gezonde bodem en duurzame bedrijfsvoering ontwikkeld worden. Dit onderzoek valt binnen het LNV programma Agrobiodiversiteit, dat als doel heeft het bevorderen en benutten van een duurzaam gebruik van agrobiodiversiteit als sleutelfactor voor duurzame landbouw
    Implementatie tripsbestrijding vanuit de bodem
    Messelink, G.J. ; Holstein, R. van - \ 2007
    gewasbescherming - biologische bestrijding - organismen ingezet bij biologische bestrijding - roofmijten - macrocheles - bodemtypen - frankliniella occidentalis - sierteelt - plant protection - biological control - biological control agents - predatory mites - macrocheles - soil types - frankliniella occidentalis - ornamental horticulture
    Californische trips, Frankliniella occidentalis geeft veel schade in de sierteelt. Recent is aangetoond dat de bodemroofmijt Macrocheles robustulus veel potentie biedt als bestrijder van tripsstadia in de bodem. Daarom is onderzoek gedaan naar introductiemethoden en de mate waarin deze roofmijt in staat is zich te vestigen in verschillende bodemtypes
    Implementation of "black carbon" correction factors in bioavailability and food chain accumulation models for hydrophobic organic compounds
    Moermond, C.T.A. ; Hauck, M. ; Zwolsman, J.J.G. ; Hendriks, A.J. ; Traas, T.P. ; Koelmans, A.A. - \ 2007
    In: Exposure and ecological effects of toxic mixtures at field-relevant concentrations / Posthuma, L, Vijver, M.G., Bilthoven : RIVM (Report / RIVM 860706002) - ISBN 9789069601816 - p. 67 - 70.
    bodemverontreiniging - bodemtypen - vegetatie - modellen - ecotoxicologie - soil pollution - soil types - vegetation - models - ecotoxicology
    Local environmental conditions need be taken into account to assess the impacts of diffuse environmental pollution on ecosystems. Effects of diffuse pollution on the environment were studied at three contaminated areas in the Netherlands: the flood plains of a large lowland river (Waal), a tidal area (Biesbosch) and a peat soil area (near Vinkeveen). Diffuse pollution is present in these areas. Type and magnitudes of effects were determined and analysed
    Typeringen van bodemecosystemen in Nederland met tien referenties voor biologische bodemkwaliteit
    Rutgers, M. ; Mulder, C. ; Schouten, A.J. ; Bloem, J. ; Bogte, J.J. ; Breure, A.M. ; Brussaard, L. ; Goede, R.G.M. de - \ 2007
    Bilthoven : RIVM (Rapport / RIVM 607604008) - 96
    bodembiologie - inventarisaties - bodemtypen - bodemfysica - kwaliteitsnormen - bodemecologie - bodemkwaliteit - soil biology - inventories - soil types - soil physics - quality standards - soil ecology - soil quality
    Diverse onderzoekers, onder andere op het gebied van bodemecologie, microbiologie en agrarisch bodembeheer, hebben locaties geselecteerd die volgens hun maatstaven een relatief goede bodemkwaliteit hebben. Dit om te komen tot Referenties voor Biologische Bodemkwaliteit (RBB). Hiervoor maakten zij gebruik van de gegevens van het Landelijk Meetnet Bodemkwaliteit (LMB) over de toestand van de bodem. Op basis van deze informatie zijn de tien referenties bepaald. De referenties zijn bepaald voor tien combinaties van bodemgebruik (onder andere melkveehouderij, akkerbouw en heide) en bodemtype (zand, veen, klei en löss). Dit is representatief voor driekwart van het bodemoppervlak van Nederland. Het rapport bevat ook gemiddelde waarden van de biologische, chemische en fysische eigenschappen van de bodem, evenals een maat voor de spreiding van de gegevens.
    Werking bodemherbiciden soms overschat
    Zeeland, M.G. van - \ 2007
    Boerderij/Akkerbouw 92 (2007)7. - ISSN 0169-0116 - p. 24 - 25.
    akkerbouw - herbiciden - werkingsduur - bodem - grondanalyse - bodemeigenschappen - bodemtypen - dosering - spuiten - onderzoek - arable farming - herbicides - operating time - soil - soil analysis - soil properties - soil types - dosage - spraying - research
    De werkingsduur van Goltix en isoproturon wordt in de praktijk overschat, zo blijkt uit onderzoek. De duurwerking kan worden verlengd door vaker te bespuiten in lage dosering. Een verslag over bodemherbiciden en bodemeigenschappen
    Locatiekeuze ten behoeve van het onderzoek naar bemestingvrije perceelsranden. Hydrologische en bodemkundige karakterisering van de proeflocaties
    Bakel, P.J.T. van; Massop, H.T.L. ; Kekem, A.J. van - \ 2007
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1457)
    bodemkarteringen - hydrologie - bodemwater - bodemtypen - bodemgeschiktheid - landgebruik - akkerranden - bufferzones - begroeide stroken - soil surveys - hydrology - soil water - soil types - soil suitability - land use - field margins - buffer zones - vegetated strips
    Ter bepaling van de invloed van bemestingsvrije zones op de kwaliteit van het oppervlaktewater, zijn op vijf locaties proefopstellingen ingericht. De locatiekeuze is gebaseerd op de geohydrologische situatie en het bodemtype. Voor de locaties Zegveld, Lelystad, Loon op Zand, Winterswijk en Beltrum zijn de belangrijkste hydrologische en bodemkundige gegevens beschreven
    Manual of PEARLNEQ v4
    Boesten, J.J.T.I. ; Tiktak, A. ; Leerdam, R.C. van - \ 2007
    Wageningen : WOT Natuur & Milieu (WOt-werkdocument 71) - 34
    bodemtypen - pesticiden - bodemverontreiniging - computer software - handboeken - soil types - pesticides - soil pollution - computer software - handbooks
    This document describes a PEARLNEQ-PEST combination, which can be used to estimate the parameters for long-term sorption kinetics in the PEARL model on the basis of an incubation experiment for a certain soil and a certain pesticide. The combination provides also the transformation half-life at reference temperature (when long-term sorption kinetics are included in PEARL, the definition of this half-life changes so it has to be recalculated
    Bodemkundig onderzoek van twee daliebulten bij Middelie en Beets in de Zeevang (N.H.)
    Mulder, J.R. ; Dekker, L.W. - \ 2007
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1411) - 32
    veengronden - bodemfysica - bodemtypen - archeologie - polders - nederland - noord-holland - peat soils - soil physics - soil types - archaeology - polders - netherlands - noord-holland
    Tijdens de bodemkartering van De Zeevang in 1994 in opdracht van DLG zijn meer dan 500 zogenaamde daliebulten ontdekt. De ontstaanswijze is identiek aan die van daliegaten. Omdat de daliebulten door voorgenomen grootschalige egalisaties dreigen verloren te gaan is aan Alterra opdracht verleend om een archeobotanisch en bodemkundig onderzoek uit te voeren naar ontstan en inhoud van daliebulten
    Aanpassing LARCH : maatwerk in soortmodellen
    Pouwels, R. ; Sierdsema, H. ; Wingerden, W.K.R.E. van - \ 2006
    Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-rapport 23) - 113
    fauna - habitats - milieueffect - ecologie - milieu - habitat vernietiging - regressieanalyse - wiskundige modellen - bodemwater - bodemtypen - fauna - habitats - soil water - soil types - environmental impact - ecology - environment - habitat destruction - regression analysis - mathematical models
    De ontwikkelingen van LARCH zijn erop gericht om onder andere milieufactoren mee te nemen bij het bepalen van potentiële leefgebieden van faunasoorten. In deze studie is nagegaan in hoeverre regressiemodellen en HSI-modellen hiervoor gebruikt kunnen worden. Voor de soortgroepen vogels en vlinders zijn enkele regressiemodellen ontwikkeld, voor de soortgroepen reptielen en zoogdieren enkele HSI-modellen. De twee modellen die zijn ontwikkeld leveren verschillende resultaten. De regressiemodellen geven de actuele verspreiding weer, de HSI-modellen de geschikte ecologische condities. Bij het gebruik en ontwikkeling van de soortmodellen zal duidelijk nagegaan moeten worden of het type model geschikt is voor de beoogde toepassing. Het huidige rapport is een vastlegging van de ontwikkelingen van LARCH uit 2004 en begin 2005. In 2005 en 2006 zijn deze ontwikkelingen verder uitgewerkt. Trefwoorden: fauna, Habitat Suitability Index soortmodellen, LARCH, milieufactoren, regressiemodel
    World reference base for soil resources 2006 : a framework for international classification, correlation and communication
    IUSS Working Group WRB, - \ 2006
    Rome : FAO (World soil resources reports 103) - ISBN 9789251055113 - 145
    bruikbare grond - bodem - bodemclassificatie - hulpbronnenbeheer - bodemeigenschappen - horizonten - bodemtypen - soil resources - soil - soil classification - resource management - soil properties - horizons - soil types
    This publication os a revised and updated version of report no. 84, a technical manual for soil scientists and correlators, designed to facilitate the exchange of information and experience related to soil resources, their use and management
    Bodemkundig-hydrologisch onderzoek in het landbouwgebied Tachtig Bunder; ontwateringsadvies ter compensatie voor veranderende hydrologische omstandigheden in het Compagnonsveld
    Kiestra, E. ; Gaast, J.W.J. van der - \ 2006
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1329) - 58
    hydrologie - bodem - bodemtypen - drainage - keileem - nederland - grondwaterspiegel - ruilverkaveling - bodemkarteringen - kaarten - friesland - natuur - water table - hydrology - soil - soil surveys - soil types - maps - drainage - glacial till - netherlands - land consolidation - friesland - nature
    Voor een gedeelte van de landinrichting Fochteloerveen zal landbouwgrond veranderen in natuur, wat met een forse peilverhoging gepaard zal gaan. Voor aanliggende landbouwgronden wordt een effect verwacht. DLG heeft Alterra opdracht gegeven om met een ontwateringsadvies voor het gebied te komen. De aanwezigheid van keileem is daarbij een bepalende factor. Deze studie geeft o.a: een bodemkaart, een keileemkaart en een grondwatertrappenkaart
    Actualisatie en modernisering van de Bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 50 000; een test in de omgeving van Helmond
    Rosing, H. ; Thijssen, G.L. ; Brouwer, F. - \ 2006
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1057) - 54
    bodemclassificatie - bodemtypen - kaarten - tests - nederland - bodemkarteringen - noord-brabant - cartografie - soil classification - soil types - soil surveys - maps - tests - netherlands - noord-brabant - mapping
    In dit rapport wordt de aanleiding tot en de methode van het actualiseren en moderniseren van de Bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 50 000, in een proefgebied ten noorden van Helmond beschreven. Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van hulpinformatie, waarvan als belangrijkste de oude bodemkaart en het Actueel Hoogtebestand van Nederland genoemd mogen worden. Daarnaast is nog gebruik gemaakt van resultaten van de veenkartering, de geomorfologische kaart en de historische grondgebruikskaart. Met behulp van de hulpinformatie is gebleken dat de bodemgrenzen nauwkeuriger kunnen worden ingetekend en dat voor aanvang van het veldwerk al locaties kunnen worden gesignaleerd waaraan tijdens de uitvoering extra aandacht moet worden gegeven. De resultaten van het onderzoek zijn in dit rapport beschreven en op een nieuwe bodemkaart vastgelegd. In een tabel zijn de veranderingen in oppervlakte van de onderscheiden bodemeenheden op de oude en nieuwe kaart weergegeven
    New Growing Media : pilot potplanten in New Growing Media - fase B
    Leeuwen, G.J.L. van; Wever, G. ; Blok, C. ; Verhagen, J.B.G.M. ; Barendse, H. - \ 2005
    Naaldwijk : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit Glastuinbouw - 95
    cultuur zonder grond - potplanten - bodemtypen - glastuinbouw - landbouwkundig onderzoek - nederland - soilless culture - pot plants - soil types - greenhouse horticulture - agricultural research - netherlands
    Het doel van dit project was de haalbaarheid van alternatieve veenarme substraten bij de teelt van potplanten uit te testen en kennis over teelt op deze alternatieve mengsels te verzamelen onder praktijkomstandigheden. In dit project is geprobeerd potplanten te telen op een alternatief substraat dat minder veen bevat. Bij de keuze van de alternatieve mengsels is uitgegaan van de kennis die er op de teeltbedrijven aanwezig was. In gezamenlijk overleg is vervolgens een mengsel gekozen waar de teelt mee is uitgevoerd. Tijdens de teelt zijn aanpassingen in de teeltstrategie (voeding, watergift, remstoffen) doorgevoerd.
    Andere maatstaven voor nitraatuitspoeling dan Minas met name lastig voor zandbedrijven
    Dijk, W. van; Enckevort, P.L.A. van; Schoot, J.R. van der - \ 2005
    Kennisakker.nl 2005 (2005)1 juli.
    bemesting - nitraat - normen - bodemtypen - mineralenboekhouding - akkerbouw - uitspoelen - fertilizer application - nitrate - standards - soil types - nutrient accounting system - arable farming - leaching
    Op de meeste akkerbouwbedrijven zijn de Minasnormen goed haalbaar. Eerdere studies hebben dat uitgewezen. Het is echter de vraag of op droge zandgronden met Minas de EU-nitraatrichtlijn wel wordt gehaald. Met alternatieven, zoals een uitgebreidere N-balans of meting van de hoeveelheid minerale bodem-N na de oogst of in de late herfst, is het een stuk lastiger om te voldoen aan de gestelde streefwaarden. Dit blijkt uit de volgende evaluatie.
    Mest- en mineralenkennis voor de praktijk : Rantsoenen in de melkveehouderij: sturing van excretie in relatie tot grondsoort
    Bannink, A. - \ 2005
    Lelystad : Animal Sciences Group (Serie Rundveehouderij Blad 9) - 4
    kennis - melkveehouderij - voedingsrantsoenen - stikstof - stikstofgehalte - excretie - bodemtypen - knowledge - dairy farming - feed rations - nitrogen - nitrogen content - excretion - soil types
    In deze bijdrage wordt voor zowel veengronden als zand & kleigronden uiteen gezet welke mogelijkheden er zijn om een lagere N-excretie te realiseren. Meestal is de tendens in veranderingen van de P-excretie gelijk aan die van de N-excretie. Om deze reden wordt alleen ingegaan op de N-excretie
    Verkenning gebiedsgerichte gebruiksnormen akker- en tuinbouwgewassen op zandgrond Verkenning gebiedsgerichte gebruiksnormen akker- en tuinbouwgewassen op zandgrond
    Dijk, W. van; Kater, L.J.M. ; Reuler, H. van - \ 2005
    Lelystad : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. (PPO publicatie no. 346) - 36
    milieuwetgeving - kunstmeststoffen - gebruiksefficiëntie - verontreinigingsbeheersing - bodemtypen - nederland - ondernemerschap - bemesting - environmental legislation - fertilizers - use efficiency - pollution control - soil types - netherlands - entrepreneurship - fertilizer application
    De N-gebruiksnorm waarmee op gewas- en perceelsniveau voldaan wordt aan de milieunorm, ligt op zandgronden bij veel akker- en tuinbouwgewassen onder het bemestingsadvies. Er zijn echter ook gewassen (bv. graan en peen) die boven advies zouden mogen worden bemest uit oogpunt van de nitraatnorm. De gebruiksnorm heeft echter het advies als bovengrens. Binnen een regio bieden laatstgenoemde gewassen compensatieruimte voor gewassen met een gebruiksnorm onder advies. Hierdoor zouden de landbouwkundige consequenties van de milieunorm voor met name N-behoeftige tuinbouwgewassen maar ook aardappelen mogelijk minder ingrijpend zijn. Om dit effect in kaart te brengen is een eerste verkennende studie uitgevoerd; met de bouwplansamenstelling als uitgangspunt
    Steekproefopzet regionale nitraatmonitoring
    Knotters, M. ; Gruijter, J.J. de; Brus, D.J. - \ 2005
    Wageningen : Alterra (Reeks sturen op nitraat 15) - 35
    nitraten - monitoring - bodemtypen - zandgronden - lössgronden - normen - student's t-toets - willekeurige bemonstering - statistische analyse - nitrates - monitoring - soil types - sandy soils - loess soils - standards - student's test - random sampling - statistical analysis
    Om te kunnen beoordelen of het mestbeleid effectief is, is voor regio s jaarlijks inzicht nodig in de oppervlaktefracties waarbinnen de Europese nitraatnorm van 50 mg/l wordt overschreden. Op landelijke schaal is behoefte aan deze informatie per combinatie van bodemtype, grondwatertrap en gewas (clusters). Bovendien is een kwantificering van de nauwkeurigheid van deze informatie gewenst, om te kunnen toetsen of de oppervlaktefracties in de loop van de tijd veranderen. Uit waarnemingen van het nitraatdeel van Nmineraal kan met behulp van regressiemodellen de kans worden berekend dat op een bepaalde locatie de Europese nitraatnorm wordt overschreden. Met een gestratificeerde aselecte steekproef, met de clusters als strata, kan voor elke regio de oppervlaktefractie worden geschat met het ruimtelijk gemiddelde van de kansen dat op locaties de Europese norm wordt overschreden. Op landelijke schaal kunnen de oppervlaktefracties per cluster worden geschat. Met een t-toets kan worden beoordeeld of de oppervlaktefracties tussen jaren van elkaar verschillen. Gerichte waarnemingen van de nitraatconcentratie van het ondiepe grondwater in het voorjaar kunnen worden gebruikt om de regressiemodellen te verbeteren. De steekproefopzet kan in de loop van de tijd worden aangepast aan nieuwe informatie
    Nieuwe praktijknetwerken in vijf regio's : Telen met toekomst
    Kool, S.A.M. de - \ 2004
    BloembollenVisie 2004 (2004)30. - ISSN 1571-5558 - p. 22 - 23.
    bloembollen - duurzaamheid (sustainability) - bodemtypen - landbouwkundig onderzoek - proefbedrijven - samenwerking - communicatie - ornamental bulbs - sustainability - soil types - agricultural research - pilot farms - cooperation - communication
    Het project Telen met toekomst eindigde in 2003 met haar oorspronkelijke opzet (milieubewust bloembollentelen) Het project gaat vanaf januari 2004 verder in de vorm van een praktijknetwerk. Dat betekent dat er in meer regio's, op meer grondsoorten en met meer ondernemers nagegaan wordt hoe duurzaam telen is te bereiken. In deze eerste aflevering komen achtergronden en opzet aan de orde
    'Telen met Toekomst' gaat verder in praktijknetwerken
    Beuze, M. de; Nouwens, F.H.C. ; Abeelen, E. van - \ 2004
    De Boomkwekerij 17 (2004)24. - ISSN 0923-2443 - p. 10 - 11.
    houtachtige planten als sierplanten - gewasbescherming - duurzaamheid (durability) - onderzoeksprojecten - bodemtypen - regio's - landbouwkundig onderzoek - opleiding - glastuinbouw - ornamental woody plants - plant protection - durability - research projects - soil types - regions - agricultural research - training - greenhouse horticulture
    Het project Telen met toekomst eindigde in 2003 met haar oorspronkelijke opzet (milieubewuste boomteelt). Het project gaat vanaf januari 2004 verder in de vorm van een praktijknetwerk. Dat betekent dat er in meer regio's, op meer grondsoorten en met meer ondernemers nagegaan wordt hoe duurzaam telen is te bereiken. In deze aflevering komen achtergronden en opzet aan de orde.
    Toepassing integrale milieubenadering : casestudie Veldbeek
    Bosch, G.F. van den; Cino, B.J. ; Noij, I.G.A.M. ; Massop, H.T.L. ; Jansen, P.C. ; Kros, J. ; Brouwer, F. - \ 2004
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1082) - 84
    ruimtelijke ordening - regionale planning - bodemwater - natuurbescherming - integratie - milieubeheer - dierhouderij - nederland - landgebruik - besluitvorming - bodemtypen - bodemkarteringen - kaarten - veluwe - physical planning - regional planning - soil water - soil types - nature conservation - integration - environmental management - animal husbandry - netherlands - land use - decision making - soil surveys - maps - veluwe
    Dit rapport bevat de resultaten van de toepassing van de integrale milieubenadering op het gebied Veldbeek. De integrale milieubenadering is een werkmethodiek in ontwikkeling, waarmee complexe (milieu)vraagstukken in het landelijk gebied op een overzichtelijke en gestructureerde manier aangepakt worden. Met de uitwerking voor het gebied Veldbeek is een deel van de werkmethodiek ingevuld. Voor de functies grondgebonden veehouderij en natte heide is de imilieugebruiksruimte bepaald op basis van de milieuthema's verdroging, verzuring en vermesting. Het blijkt dat de benadering ondersteunend kan zijn bij besluitvorming in gebiedsprocessen en bij het maken van beleidskeuzes. De benadering is nu toe aan concrete toepassing in het gebiedsproces
    Evaluatie van methoden voor het karakteriseren van gronden die in aanmerking komen voor reparatiebemesting
    Schoumans, O.F. ; Ehlert, P.A.I. ; Chardon, W.J. - \ 2004
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 730.3) - 80
    landclassificatie - dosering - mestbehoeftebepaling - bodemtypen - bodemclassificatie - karakterisering - methodologie - evaluatie - bemesting - land classification - dosage - fertilizer requirement determination - soil types - soil classification - characterization - methodology - evaluation - fertilizer application
    In de mestwetgeving zal voor het gebruik van fosfaatkunstmest mogelijk een uitzondering worden gemaakt voor gronden die vanwege hun fosfaattoestand in aanmerking komen voor reparatiebemesting. Het betreft hier gronden met een lage fosfaattoestand en wellicht als verbijzondering daarvan fosfaatfixerende gronden. In dit rapport worden dergelijke gronden gedefinieerd en zijn verschillende analysemethoden voor de karakterisering geëvalueerd. Ongeveer 2-7% van het landbouwareaal heeft een fosfaattoestand die als laag wordt gekarakteriseerd. Slechts een deel hiervan (50%) komt in aanmerking voor reparatiebemesting (20 000-60 000 ha). Het areaal landbouwgronden dat in potentie in staat is om relatief veel fosfaat te binden bedaagt ca. 100.000 ha (geschat op basis van de fosfaatbindingseigenschappen van de bodem). Onduidelijk is welk deel van deze potentieel fosfaatfixerende gronden momenteel nog fosfaatfixerend zijn. Zowel de landbouwkundige als milieukundige implicaties worden beschreven van het al of niet toepassen van reparatiebemesting. De agronomische gevolgen zijn over het algemeen beperkt voor gronden die in aanmerking komen voor reparatiebemesting, terwijl de milieukundige gevolgen groot kunnen zijn indien reparatiebemesting niet aan een maximum wordt gebonden dan wel geen rekening wordt gehouden met de resterende fosfaatbindingscapaciteit van de bodem.
    Derivation of cation exchange constants for sand, loess, clay and peat soils on the basis of field measurements in the Netherlands
    Vries, W. de; Posch, M. - \ 2003
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 701) - 50
    bodemtypen - kationenwisseling - verzuring - bodemchemie - dynamische modellen - meting - experimenteel veldonderzoek - nederland - soil types - cation exchange - acidification - soil chemistry - dynamic models - measurement - field experimentation - netherlands
    This report presents extensive Tables of cation exchange constants (selectivity coefficients) for sand, loess, clay and peat soils at different depths derived from simultaneous field measure-ments of adsorbed in dissolved concentrations of H, Al, Ca, Mg, K and Na in several hundreds of non-agricultural soils in the Netherlands. Data are provided for the two most widely used cation exchange models (Gaines-Thomas and Gapon) and for all possible combinations of cations, including protons. Results show a wide range in exchange constants, especially when using the Gaines-Thomas exchange description. It appears that Gapon exchange constants are stronger correlated than the corresponding Gaines-Thomas exchange constants, especially for sandy soils. A strong positive correlation means that the ratio between two exchange constants is more characteristic, and less variable, of a certain soil (type) than their absolute numbers, which often vary by several orders of magnitude. In deriving exchange constants, the Al constants were related to free Al3+, the CEC was normalised to a buffered soil pH of 6.5 and the dissolved ion concentrations have all been derived while using a centrifugation method to extract the soil solution. Because of these methodological aspects, they cannot always be used directly in a particular model application. Nevertheless, they provide insight into the numerical ranges of and correlations between exchange constan, and are thus useful for constraining model parameters, e.g. in model calibrations.
    Koppelingen tussen landbouw & natuur : een scenariostudie naar de interacties tussen landbouw en natuur bij ontwikkelingen op basis van business as usual in 2030
    Beek, A.J.C.M. van - \ 2003
    Wageningen : Natuurplanbureau (Werkdocument / Planbureau-werk in uitvoering 2003/09) - 98
    landbouw - natuurbescherming - landschap - kwaliteit - milieueffect - nederland - agrarische bedrijfsvoering - bodemtypen - natuur - agrarisch natuurbeheer - toekomst - agriculture - farm management - soil types - nature conservation - landscape - quality - environmental impact - netherlands - nature - agri-environment schemes - future
    In dit rapport is een verkenning uitgevoerd naar de koppelingen tussen landbouw en natuur in het landelijk gebied. Hierbij is gekeken naar de huidige situatie en naar de verwachte ontwikkelingen in 2030 in het Noordelijk Zeekleigebied en het Zuidelijk Zandgebied. Vervolgens is gekeken wat voor effecten deze veranderende interacties hebben op de natuur- en landschapswaarden van de twee gebieden
    De winterlinde terug in het Nederlandse bos? "Rijk" strooisel geeft meer gevarieerde ondergroei
    Hommel, P.W.F.M. ; Spek, T. ; Waal, R.W. de - \ 2003
    In: Vraag het de bomen; creativiteit in bosbeheer / Dijs, F., Utrecht : Matrijs - ISBN 9789053452349 - p. 71 - 75.
    bosecologie - vegetatie - bosstrooisel - bodemtypen - forest ecology - vegetation - forest litter - soil types
    "Rijk" strooisel geeft meer gevarieerde ondergroei is een populaire samenvatting van twee wetenschappelijke publicaties van de auteurs in het Ned. Bosbouwtijdschrift
    Historische waterhuishouding en historisch grondgebruik in het waterschap Regge en Dinkel
    Runhaar, J. ; Jansen, P.C. ; Timmermans, H. ; Sival, F.P. ; Knol, W.C. - \ 2003
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 801) - 225
    grondwaterspiegel - bodemtypen - landgebruik - geschiedenis - waterbeheer - verdroging - nederland - vegetatie - kaarten - bodemkarteringen - natuur - overijssel - reconstructie - twente - historisch grondgebruik - water table - soil types - land use - vegetation - history - water management - desiccation - netherlands - maps - soil surveys - nature - overijssel - reconstruction - twente - land use history
    Ten behoeve van het waterschap Regge & Dinkel is een reconstructie gemaakt van de vroegere waterhuishouding. Op basis van digitale bestanden met bodemtype, hoogteligging, historisch grondgebruik en geologie is een schatting gemaakt van de vroegere grondwaterstanden en van de voormalige ligging van kwel- en infiltratiegebieden. De kaartbeelden zijn getoetst aan gegevens over het vroegere voorkomen van grondwaterafhankelijke plantensoorten en aan gedetailleerdere schattingen van het vroegere grondwaterregime op basis van veldgegevens in een vijftal proefgebieden. Ten behoeve van het project zijn de Bonne-bladen met het historische grondgebruik rond 1900 gedigitaliseerd. De resultaten zijn opgenomen in het bestand Historisch Grondgebruik Nederland (HGN)
    De bodemgesteldheid van bosreservaten in Nederland : Deel 6 Bosreservaat Herkenboscher Heide
    Mekkink, P. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 60.6) - 50
    bosgronden - beschermde bossen - bodemkarteringen - humus - grondwater - bodemtypen - geologie - nederland - kaarten - midden-limburg - forest soils - reserved forests - soil surveys - maps - humus - groundwater - soil types - geology - netherlands - midden-limburg
    In het bosreservaat Herkenboscher Heide komen pleistocene afzettingen uit de Formatie van Sterksel en de Formatie Twente aan de oppervlakte voor. Het zijn grindhoudende zandgronden, dekzanden en lössgronden met daarin holtpodzolgronden, vorstvaaggronden, vlakvaaggronden en ooivaaggronden. De gronden hebben grondwatertrap VIIId. De verbreiding van de geologische afzettingen is weergegeven op de geologische kaart. De verbreiding van de bodemeenheden is weergegeven op de bodemkaart. Mede onder invloed van het opstandstype en het gevoerde beheer hebben zich humusprofielen ontwikkeld bestaande uit een ectorganisch en een endorganisch deel. De profielopbouw en de opbouw van de strooisellaag zijn beschreven en op tape vastgelegd.
    Rhizoctonia primaire veroorzaker uitval : bollenteelt - lelie
    Kok, B.J. ; Saathof, W. - \ 2002
    Bloembollencultuur 113 (2002)5. - p. 8 - 9.
    bloembollen - lilium - lelies - plantenziekteverwekkende schimmels - diagnostische technieken - oogstschade - opbrengsten - bodemtypen - zandgronden - ornamental bulbs - lilium - lilies - plant pathogenic fungi - diagnostic techniques - crop damage - yields - soil types - sandy soils
    Rhizoctonia veroorzaakt veel problemen in de lelieteelt op humeuze dekzandgronden. Onderzoek geeft daan dat Rhizoctonia een primaire pathogeen is
    Biologische akkerbouw : centrale zeeklei
    Wijnands, F.G. ; Dekking, A.J.G. - \ 2002
    Lelystad : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. (Rapport / PPO-Bedrijfssystemen 2002-nr. 1) - 51
    biologische landbouw - duurzaamheid (sustainability) - natuurbescherming - bodemtypen - klei - bedrijfssystemen - rotaties - nederland - gewasbescherming - groenten - veldgewassen - akkerbouw - geïntegreerde bedrijfssystemen - biologisch-dynamische landbouw - organic farming - sustainability - nature conservation - soil types - clay - farming systems - rotations - netherlands - plant protection - vegetables - field crops - arable farming - integrated farming systems - biodynamic farming
    Soil parameter estimates for the soil types of the world for use in global and regional modelling (Version 2.1)
    Batjes, N.H. - \ 2002
    Wageningen : IFPRI and ISRIC - World Soil Information (ISRIC report 2002/02c) - 46
    bodemtypen - cartografie - informatiesystemen - schatting - modellen - soil types - mapping - information systems - estimation - models
    Definitiestudie inventarisatie bodemkundige aardkundige waarden; signalering van kenmerkende bodemkundige gebieden in de provincies Noord-Holland en Overijssel
    Rosing, H. ; Vries, F. de; Koomen, A.J.M. ; Maas, G.J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 538) - 96
    bodemtypen - bodemkarteringen - gebruikswaarde - bodemmorfologie - bodemmorfologische kenmerken - nederland - ruimtelijke ordening - landschap - kaarten - noord-holland - overijssel - aardkunde - bodemkunde - geomorfologie - landschapsbeleid - soil types - soil surveys - use value - soil morphology - soil morphological features - netherlands - physical planning - landscape - maps - noord-holland - overijssel
    Door het digitale bestand van de geogenetische indeling van Nederland te combineren met het digitale bestand van de Bodemkaart van Nederland, schaal 1 : 50 000, is voor de provincies Noord-Holland en Overijssel een kwantitatief onderbouwd overzicht samengesteld van de aard en ligging van bodemkundig kenmerkende gebieden in deze provincies. De bodemkaart, schaal 1 : 50 000, is daarvoor sterk vereenvoudigd. De bodemtypen die kenmerkend zijn voor de diverse morfopatronen zijn in een overzicht opgenomen, waarbij hun relatieve waarde is aangegeven. De ligging van de kenmerkende gebieden is aangegeven op signaleringskaarten. De resultaten zijn bruikbaar voor het specifieke en het generieke landschapsbeleid. De kaarten kunnen gebruikt worden voor het samenstellen van een nationale beleidskaart aardkundige waarden.
    De bodemgesteldheid van bosreservaten in Nederland; deel 5 bosreservaat De Stille Eenzaamheid
    Mekkink, P. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 60.5) - 48
    bosgronden - beschermde bossen - bodemkarteringen - humus - grondwater - bodemtypen - geologie - nederland - kaarten - gelderland - bodemkunde - bosreservaat - humusprofiel - forest soils - reserved forests - soil surveys - maps - humus - groundwater - soil types - geology - netherlands - gelderland
    In het Gelderse bosreservaat De Stille Eenzaamheid komen pleistocene afzettingen uit de Formatie van Drente en Twente en holocene afzettingen uit de Formatie van Kootwijk aan de oppervlakte voor. Het zijn zandgronden met daarin duin- en vlakvaaggronden. De gronden hebben grondwatertrap VIo, VIId en VIIId. Mede onder invloed van het opstandstype en het gevoerde beheer hebben zich humusprofielen ontwikkeld bestaande uit een ectorganisch en een endorganisch deel. De profielopbouw en de opbouw van de strooisellaag zijn beschreven en op tape vastgelegd.
    Bodemgeografisch onderzoek in het strategisch groengebied Utrecht-West
    Brouwer, F. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 567) - 54
    bodem - cartografie - bodemkarteringen - bodemtypen - grondwater - nederland - kaarten - utrecht - bodemkartering - bodemkunde - geo-informatie - grondwaterstand - soil - mapping - soil surveys - soil types - groundwater - netherlands - maps - utrecht
    Het gebied Utrecht-West bestaat voornamelijk uit holocene rivierkleiafzettingen. Alle natuurlijke afzettingen die aan of nabij het oppervlak voorkomen, worden tot de Betuwe Formatie (rivierklei) of tot de Broek Formatie (veen) gerekend. Het gebied bestaat uit relatief laaggelegen komkleigronden en hooggelegen stroomruggronden. Binnen de rivierkleigronden zijn vaaggronden en eerdgronden onderscheiden. Daarnaast komt een klein aandeel veengronden en zandgronden voor. Op grond van hydromorfe kenmerken, aard van de boven- en ondergrond, verschillen in textuur, profiel- en kalkverloop zijn de gronden verder onderverdeeld. In het algemeen zijn de kommen vrij slecht ontwaterd en de stroomruggen redelijk tot goed. De resultaten van het veldbodemkundig onderzoek zijn weergegeven op een bodem- en grondwatertrappenkaart (schaal 1 10 000). Voorts zijn de verzamelde bodemkundige en hydrologische gegevens (boorpunt- en vlakgegevens) opgeslagen in digitale bestanden.
    Alfisols
    Miedema, R. - \ 2002
    In: Encyclopedia of soil science / Lal, R., - p. 45 - 49.
    bodemclassificatie - bodemtypen - alfisols - alfisols - soil classification - soil types
    Verdronken dekzandlandschap in Flevoland
    Makaske, B. ; Kooistra, M.J. ; Haring, R. ; Smeerdijk, D.G. van - \ 2001
    Aarde en mens 5 (2001)1. - ISSN 1388-0071 - p. 19 - 23.
    geologie - geomorfologie - bodemtypen - bodemvorming - nederland - holoceen - flevoland - geology - geomorphology - soil types - soil formation - netherlands - holocene - flevoland
    Dit artikel gaat over landschappelijke veranderingen in Zuidelijk Flevoland in het midden Holoceen
    Lecture notes on the major soils of the world
    Driessen, P. ; Deckers, J. ; Spaargaren, O. ; Nachtergaele, F. - \ 2001
    Rome : Food and Agricultural Organization of the United Nations (World Soil Resources Report 94) - 334
    bodemtaxonomie - bodemclassificatie - bodemtypen - wereld - soil taxonomy - soil classification - soil types - world
    Droogtestress als functie van grondwaterstand en bodemtype
    Jansen, P.C. ; Runhaar, J. - \ 2001
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 367) - 33
    graslanden - vegetatie - grondwaterstand - droogte - plant-water relaties - waterbeheer - bodemtypen - nederland - ecohydrologie - bodem - meteorologie - verdroging - vochtleverantie - grasslands - vegetation - groundwater level - drought - plant water relations - water management - soil types - netherlands - ecohydrology
    De effecten van het waterbeheer op de vegetatie kunnen onder vochtige tot droge omstandigheden goed worden voorspeld uit de relatie tussen het aantal dagen dat droogtestress optreedt en het aandeel droogte-indicatoren in een grasvegetatie. De droogtestress, als aantal dagen dat een bepaalde drukhoogte in de wortelzone wordt onderschreden, is geen praktische maat. Daarom zijn voor verschillende bodemeenheden relaties berekend tussen de droogtestress en de gemiddelde grondwaterstand. Deze zogenaamde reprofuncties kunnen worden ingezet in evaluatie- en planningsmodellen.
    Kwantificering van stikstofverliezen door denitrificatie in de ondergrond
    Gorissen, A. ; Hummelink, E.W.J. ; Oenema, O. - \ 2001
    Wageningen : Plant Research International - 20
    bodemtypen - verliezen uit de bodem - uitspoelen - stikstof - denitrificatie - grondbewerking - ploegen als grondbewerking - soil types - losses from soil - leaching - nitrogen - denitrification - tillage - ploughing
    Terug naar het lindenwoud? alternatieve boomsoortkeuze verhoogt ecologische en recreatieve waarde van bossen op verzuringsgevoelige gronden
    Hommel, P.W.F.M. ; Spek, T. ; Waal, R.W. de; Hullu, P.C. de; Ouden, J. den - \ 2001
    Nederlands Bosbouwtijdschrift 73 (2001)6. - ISSN 0028-2057 - p. 12 - 23.
    bossen - bosecologie - vegetatie - tilia - plantenecologie - verbetering van bosterreinen - botanische samenstelling - humus - bosstrooisel - strooisel - humusvormen - moder - mor - mul - bodemvruchtbaarheid - bodemchemie - bodemvorming - bodemtypen (ecologisch) - bodemtypen - bosgronden - onderlaag - bodemverzuring - boomsoort - bosbeheer bosbouw - ecologie - milieu - recreatie - voedselrijkdom - forests - forest ecology - vegetation - tilia - plant ecology - amelioration of forest sites - botanical composition - humus - forest litter - litter (plant) - humus forms - moder - mor - mull - soil fertility - soil chemistry - soil formation - soil types (ecological) - soil types - forest soils - understorey
    Uitleg over de relatie tussen bostype en boomsoorten enerzijds en bodemvormende processen anderzijds, met name de humusvorming onder invloed van de kwaliteit van het strooisel. Vooral op matig voedselrijke, verzuringsgevoelige gronden kunnen processen van verarming en verzuring van de bosbodem worden tegengegaan door aanplant van boomsoorten met goed verterend strooisel; daardoor ontstaat een rijkere ondergroei en een recreatief aantrekkelijk en ecologisch rijker bos. Vooral de linde biedt in dit verband perspectief. In een apart kader de geschiedenis van de opkomst en achteruitgang van de linde in de het Noordwesteuropese bos, in relatie met bodemsoort, klimaatverandering en toenemende bosexploitatie door de mens
    Waar graaft de korenwolf?
    Roodbergen, M. ; Apeldoorn, R.C. van; Schaminée, J.H.J. ; Haveman, R. - \ 2001
    De Levende Natuur (2001). - ISSN 0024-1520
    cricetus cricetus - habitats - milieu - habitat vernietiging - habitatselectie - bodem - bodemtypen - bodemtextuur - grondwater - grondwaterstand - grondwaterspiegel - vegetatie - vegetatiebeheer - bedrijfsvoering - onkruiden - onkruidassociaties - plantengemeenschappen - vegetatietypen - botanische samenstelling - bouwland - dierecologie - limburg - environment - habitat destruction - habitat selection - soil - soil types - soil texture - groundwater - groundwater level - water table - vegetation - vegetation management - management - weeds - weed associations - plant communities - vegetation types - botanical composition - arable land - animal ecology
    Resultaten van onderzoek naar de habitat-voorkeur van de hamster (Cricetus cricetus), met name bodemtype (textuur; grondwatertrap) en de samenstelling van de onkruidvegetatie op graanakkers. Om leefgebieden voor de korenwolf te behouden zijn specifieke beheersmaatregelen voor akkerbouwgronden nodig; biologische landbouw en agrarisch natuurbeheer kunnen een belangrijke rol spelen
    Design and integration of components for site specific control of fertilizer application
    Bergeijk, J. van - \ 2001
    Wageningen University. Promotor(en): L. Speelman; D. Goense. - S.l. : S.n. - ISBN 9789058085351 - 159
    kunstmeststoffen - agrarische bedrijfsvoering - toedieningswijzen - bedrijfssystemen - informatiesystemen - landbouwtechniek - bodemtypen - globale plaatsbepalingssystemen - precisielandbouw - bemesting - fertilizers - farm management - application methods - farming systems - information systems - agricultural engineering - soil types - global positioning systems - precision agriculture - fertilizer application

    Keywords: Precision Agriculture, Site Specific Agriculture, Global Positioning System, GPS, Fertilizer Application, Information System.

    Spatial and temporal variability in soil, crop and climate characteristics results in non optimal use of fertilizers when the application rate is kept constant within agricultural fields. Components to adapt the fertilizer rate to site specific conditions are identified and discussed. One of the basic components is positioning; both for data acquisition and for site specific control, a reliable and accurate positioning device has to be available. For a correct description of the spatial variability of soil properties often many samples are required. The possibility to reduce the number of soil samples by means of correlation with recorded plough draught is presented. Next to data recording, site specific control of a fertilizer spreader is discussed. Not just adaption of fertilizer rate to local requirements but also recording of applied fertilizer amount is important. Calculation of the required amount of fertilizer is based on information from different sources. To accommodate this data exchange, an information model for processing of spatial and temporal data is presented. Field experiments were conducted to evaluate the components and determine the required spatial scale of operation. To describe the soil variability, a grid with a cell size of 5 by 5 meter was necessary. The positioning system was sufficiently accurate but the implements for the application of fertilizer had to be modified to vary application rate that precise.

    Abiotische randvoorwaarden voor natuurdoeltypen
    Wamelink, G.W.W. ; Runhaar, J. - \ 2001
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 181)
    bodem-plant relaties - plantengemeenschappen - voedingsstoffen - bodemaciditeit - grondwaterstand - bodemwater - natuurbescherming - ecohydrologie - bodemtypen - vegetatietypen - soil plant relationships - plant communities - nutrients - soil acidity - groundwater level - soil water - nature conservation - nature - soil types - vegetation types
    Ten bate van de inrichting en de evaluatie van de ecologische hoofdstructuur is het natuurdoeltypesysteem ontwikkeld en gepubliceerd in het Handboek natuurdoeltypen. Dit handboek wordt herschreven en onder andere uitgebreid met een nadere invulling van de abiotische randvoorwaarden. In dit rapport wordt beschreven hoe de abiotische randvoorwaarden voor de natuurdoeltypen zijn vastgesteld. De abiotische randvoorwaarden zijn omschreven met behulp van vijf abiotische factoren: vocht, zuurgraad, nutriënten, zoutgehalte en bodemtype. De factor vocht wordt beschreven door middel van de gemiddelde voorjaarsgrondwaterstand en aantal dagen droogtestress, de grondwaterstandfluctuatie, en de overvloedingsfrequentie. Er zijn gegevens verzameld uit de literatuuren uit de database KENNAT. Deze laatste bevat gegevens over veldmetingen. De gegevens zijn verzameld voor 139 associaties en subassociaties. Op basis van de verzamelde literatuurgegevens is het bereik waarin een associatie voor kan komen, per abiotische factor vastgesteld. Deze bereiken zijn voorgelegd aan vier deskundigen. Na verwerking van hun commentaar zijn de definitieve bereiken per associatie en per abiotische factor vastgesteld. De gegevens over de associaties zijn toegekend aan de natuurdoeltypen, waarbij bij de aanwezigheid van meerdere associaties per natuurdoeltype het bereik van voorkomen gemiddeld is. Hierdoor ontstaat een gradatie in de preferentie van voorkomen van een natuurdoeltype. De resultaten zullen worden opgenomen in het nieuwe Handboek natuurdoeltypen
    De bodemgesteldheid van de aanpassingsinrichting Ade : resultaten van een bodemgeografische onderzoek
    Rosing, H. ; Brouwer, F. ; Pleijter, M. - \ 2000
    Wageningen : Alterra, Research Instituut voor de Groene Ruimte (SC-rapport 700) - 76
    bodemgeschiktheid - bodemkarteringen - kaarten - geologie - ruilverkaveling - nederland - bodemtypen - zuid-holland - soil suitability - soil surveys - maps - geology - land consolidation - netherlands - soil types - zuid-holland
    Soil vulnerability to diffuse pollution in Central and Eastern Europe (SOVEUR project, ver. 1.0)
    Batjes, N.H. - \ 2000
    Wageningen : ISRIC - World Soil Information (ISRIC Report 2000/03) - 56
    bodemverontreiniging - beoordeling - cartografie - bodemtypen - bodemchemie - gegevens verzamelen - methodologie - centraal-europa - soil pollution - assessment - mapping - soil types - soil chemistry - data collection - methodology - central europe
    New developments in soil classification World Reference Base for Soil Resources
    Nachtergaele, F.O. ; Spaargaren, O. ; Deckers, J.A. ; Ahrens, B. - \ 2000
    Geoderma 96 (2000)4. - ISSN 0016-7061 - p. 345 - 357.
    bodemclassificatie - bodemkarteringen - cartografie - methodologie - ontwikkeling - bodemtypen - wereld - soil classification - soil surveys - mapping - methodology - development - soil types - world
    It has been a matter of great concern that after hundred years of modern soil science a generally accepted system of soil classification has not yet been universally adopted [Dudal, R., 1990. Progress in IRB preparation. In: Rozanov, B.G. (Ed.), Soil Classification. Reports of the International Conference on Soil Classification, 12–16 September 1988, Alma-Ata, USSR. Centre for International Projects, USSR State Committee for Environmental Protection, Moscow. pp. 69–70]. This situation arises partly from the fact that soils constitute a continuum, which unlike easily identifiable plants and animals, needs to be placed into classes by convention. In order to remedy this the International Union of Soil Science has been working for the last 20 years with a working group RB, to develop a common language for naming the soils of the world: the World Reference Base for Soil Resources (WRB), which was endorsed by the IUSS World Congress at Montpellier in 1998. This paper reflects on the WRB, its objectives, its principles, goals as well as its implementation. Last but not least, projections are made on implications of WRB for soil inventories and small-scale land surveys.
    Comparison of nitrogen mineralization indices for arable land
    Velthof, G.L. ; Oenema, O. ; Nelemans, J.A. - \ 2000
    Meststoffen : Dutch/English annual on fertilizers and fertilization (2000). - ISSN 0169-2267 - p. 45 - 52.
    plantenvoeding - veldgewassen - stikstof - stikstofmeststoffen - nitrificatie - bodemtypen - grondanalyse - duurzaamheid (sustainability) - chemische analyse - plant nutrition - field crops - nitrogen - nitrogen fertilizers - nitrification - soil types - soil analysis - sustainability - chemical analysis
    Nitrogen (N) efficiency in arable cropping systems can be improved when the expected N mineralization in soil during the growing season is accounted for in the N fertilizer recommendation. There are yet no standard procedures to estimate the amount o
    Hydrologie voor STONE : schematisatie en parametrisatie
    Massop, H.T.L. ; Kroon, T. ; Bakel, P.J.T. van; Lange, W.J. de; Giessen, A. van der; Pastoors, M.J.H. ; Huygen, J. - \ 2000
    Wageningen : Alterra (Reeks Mileuplanbureau 9 / Alterra-rapport 38) - 101
    bodemtypen - buisdrainage - infiltratie - hydraulisch geleidingsvermogen - grondwaterspiegel - kwel - modellen - soil types - tile drainage - infiltration - hydraulic conductivity - water table - seepage - models
    In het kader van de bouw van het nutriëntenuitspoelingsmodel STONE is aan Alterra, RIZA en RIVM verzocht gezamenlijk nieuwe hydrologische randvoorwaarden als invoer voor dit model toe te leveren. Hiertoe is een ruimtelijke schematisering van met name het topsysteem van de ondergrond gemaakt in zogenaamde unieke combinaties. Voor het ontwerpen van deze schematisering is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van (recente) overzichtskaarten en zijn ook gericht gegevens verzameld via een beperkt veldonderzoek.Op basis van deze schematisering zijn nieuwe hydrologische berekeningen uitgevoerd. Het resultaat van deze studie zal worden gebruikt voor een vertaling naar mestploteenheden voor de definitieve nutriëntenberekeningen.
    Chemical, mineralogical and morphological characterization of three podzols developed on glacial deposits in Nothern Europe
    Melkerud, P.A. ; Bain, D.C. ; Jongmans, A.G. ; Tarvainen, T. - \ 2000
    Geoderma 94 (2000). - ISSN 0016-7061 - p. 125 - 148.
    bodem - podzolgronden - bodemchemie - bodemtypen - bodemprofielen - podzolen - noord-europa - soil - podzolic soils - soil chemistry - soil types - soil profiles - podzols - northern europe
    Spatial variability of acid sulphate soils in the Plain of Reeds, Mekong delta, Vietnam
    Husson, O. ; Verburg, P.H. ; Mai Thanh Phung, ; Mensvoort, M.E.F. van - \ 2000
    Geoderma 97 (2000). - ISSN 0016-7061 - p. 1 - 19.
    kattekleigronden - bodemtypen - rijst - vietnam - ruimtelijke variatie - geostatistiek - acid sulfate soils - soil types - rice - spatial variation - vietnam - geostatistics
    Grondwaterkarakteristieken van bodemeenheden; het oorspronkelijk grondwaterregime ontleend aan bodemkenmerken
    Jansen, P.C. ; Vries, F. de; Runhaar, J. - \ 1999
    Wageningen : Staring Centrum - 27
    grondwaterspiegel - bodemtypen - nederland - bodemkarteringen - ecohydrologie - water table - soil types - netherlands - soil surveys - ecohydrology
    Door het CML en TNO-IGG is een methode ontwikkeld om de natuurlijke grondwatersituatie te bepalen aan de hand van bodemkenmerken van bodemeenheden die op de Bodemkaart van Nederland 1 : 50 000 voorkomen. De methode is toegepast in Noord-Brabant en later door het Staring Centrum voor Gelderland en omgeving. De totale Bodemkaart van Nederland omvatte desondanks nog een groot aantal bodemeenheden die nog niet waren toegedeeld. In dit rapport wordt de voltooing voor alle Nederlandse bodemeenheden toegelicht, evenals de beperkingen en toepassingsmogelijkheden.
    Mooisture distributions and wetting rates of soils at experimental fields in the Netherlands, France, Sweden and Germany
    Dekker, L.W. ; Ritsema, C.J. ; Wendroth, O. ; Jarvis, N. ; Oostindie, K. ; Pohl, W. ; Larsson, M. ; Gaudet, J.P. - \ 1999
    Journal of Hydrology 215 (1999)1-4. - ISSN 0022-1694 - p. 4 - 22.
    bodemwaterbalans - bodemwatergehalte - zweden - duitsland - frankrijk - nederland - bevochtigen - bodemtypen - water - droogtemperatuur - bodemwater - soil water balance - soil water content - sweden - germany - france - netherlands - wetting - soil types - water - drying temperature - soil water
    Effects of acid atmospheric deposition on the chemical composition of loess, clay and peat soils under forest in the Netherlands
    Klap, J.M. ; Vries, W. de; Leeters, E.E.J.M. - \ 1999
    Wageningen : DLO Winand Staring Centre - 181
    bosbouw - zure depositie - zure regen - bodemchemie - bodemtypen - nederland - forestry - acid deposition - acid rain - soil chemistry - soil types - netherlands
    In addition to a survey of the soils under 150 forest stands on non-calcareous sandy soils, the chemical composition of the soils under 40 stands on non-calcareous loess soil, 30 stands on non-calcareous clay soils and 30 stands on oligotrophous peat soils have been examined, to assess the current status with repect to acidification and eutrophication, and the provide data for further studies. Only the clay soils are not yet seriously affected by the atmospheric inputs. The loess soils are generally considerably acidified, except the alluvial loess soils. The peat soils show a considerable eutrophication, especially in the topsoil, whereas anthropogenic acidification can hardly be separated from their natural acidity. Most investigated heavy metals show elevated concentrations, both in the humus layer and in the top soil, but serious pollution is not found.
    Lachgasemissie uit intensief beheerd grasland
    Velthof, G.L. ; Beusichem, M.L. van; Oenema, O. - \ 1998
    Meststoffen : Dutch/English annual on fertilizers and fertilization 98 (1998). - ISSN 0169-2267 - p. 5 - 12.
    melkveehouderij - distikstofmonoxide - modellen - bodemtaxonomie - bodemclassificatie - bodemtypen - dairy farming - nitrous oxide - models - soil taxonomy - soil classification - soil types
    The N2O emission from intensively managed grasslands in the Netherlands, and possible options to mitigate N2O emission, were studied. The study consisted of field studies in which the N2O emission from grassland under different managements was quanti
    Soil formation.
    Breemen, N. van; Buurman, P. - \ 1998
    Dordrecht : Kluwer Academic Publishers - ISBN 9780792352631
    bodemfysica - bodemchemie - bodembiologie - bodemvorming - hydromorfe gronden - vertisols - podzolisatie - andisols - bodemtypen - soil physics - soil chemistry - soil biology - soil formation - hydromorphic soils - vertisols - podzolization - andisols - soil types
    Soil Formation deals with qualitative and quantitative aspects of soil formation (or pedogenesis) and the underlying chemical, biological, and physical processes. The starting point of the text is the process - and not soil classification. Effects of weathering and new formation of minerals, mobilisation, transport, and breakdown or immobilisation of dissolved and suspended compounds are discussed. Soil processes and profiles are discussed in relation to the landscape, the geosphere, and the biosphere. Emphasis lies on the universality of soil-forming processes in past and present, and on the soil as a dynamic entity that forms part of the total environment.
    Globale statistiek van landhoedanigheden in Nederland
    Vries, F. de - \ 1997
    Wageningen : DLO-Staring Centrum (Rapport / DLO-Staring Centrum 504) - 29
    databanken - cartografie - nederland - stikstof - bodem - bodemclassificatie - bodemkarteringen - bodemtaxonomie - bodemtypen - grondwaterspiegel - thematische cartografie - databases - mapping - netherlands - nitrogen - soil - soil classification - soil surveys - soil taxonomy - soil types - water table - thematic mapping
    Voor geheel Nederland is een bestand aangemaakt met per rastercel van 500 x 500 mr belangrijke gegevens over de grondsoort, het grondwaterstandsverloop, het vochtleverend vermogen voor diep en voor ondiep wortelende gewassen, en het stikstofleverend vermogen van de bodem. De opdrachtgevers gaan deze gegevens gebruiken in het stofstromenproject, dat bestaat uit een onderzoek naar de nutriëntenverliezen vanuit de Nederlandse landbouw naar het milieu.
    Continuous soil maps - a fuzzy set approach to bridge the gap between aggregation levels of process and distribution models
    Gruijter, J.J. de; Walvoort, D.J.J. ; Gaans, P.F.M. van - \ 1997
    Geoderma 77 (1997)2/4. - ISSN 0016-7061 - p. 169 - 195.
    bodemtaxonomie - bodemclassificatie - bodemtypen - theorie - controle - systemen - systeemanalyse - geostatistiek - regeltheorie - soil taxonomy - soil classification - soil types - theory - control - systems - systems analysis - geostatistics - control theory
    Soil maps as multi-purpose models of spatial soil distribution have a much higher level of aggregation (map units) than the models of soil processes and land-use effects that need input from soil maps. This mismatch between aggregation levels is particularly detrimental in the context of precision agriculture. It is argued that, in order to bridge the gap, soil distribution modelling should be based on a new classification paradigm: that of fuzzy set theory. In geographic space, this enables representation of gradual as well as abrupt transitions, i.e., soil distribution models that can predict variables at pedon level. In a case study we used fuzzy k-means with extragrades to derive a continuous classification from data on thicknesses of 25 layers measured in 552 soil profiles. For interpolation of the class memberships we developed a new method, Compositional Kriging, which takes into account that the memberships have the structure of compositional data: they must be positive and add up to a constant (1) for each individual. These conditions were added to the regular Kriging equations. For cartographic representation of the continuous soil distribution models we developed a new technique, the Pixel Mixture technique, by which we generated a large number of small coloured pixels in each raster cell of the map. The colours of the pixels symbolize the classes, and the proportions of iso-coloured pixels in a cell symbolize the grades of the class memberships as predicted for that cell. The combination of continuous classification and Compositional Kriging convincingly bridged the gap between aggregation levels, and with the aid of the Pixel Mixture technique the resulting soil distribution model could also be visualized at the appropriate level of aggregation. The continuous soil map showed both the general landscape structure, as well as the varying degree of variability within the study area. Based on this multi-purpose continuous soil model, functional models of soil processes and land-use effects can be developed.
    Datering van essen en plaggenbodems; een archeologische onderzoeksmethode getest
    Dirkx, G.H.P. ; Oude Voshaar, J.H. ; Spek, T. - \ 1995
    Landschap : tijdschrift voor landschapsecologie en milieukunde 12 (1995)1. - ISSN 0169-6300 - p. 15 - 29.
    bodemtaxonomie - bodemclassificatie - bodemtypen - landbouwgrond - landschap - nederland - plaggenbodems - cultuurlandschap - historische geografie - soil taxonomy - soil classification - soil types - agricultural land - landscape - netherlands - plaggen soils - cultural landscape - historical geography
    De bescherming van essen krijgt steeds meer belangstelling. Voor een goede afweging bij beleidsvraagstukken is inzicht in hun ouderdom gewenst. In het artikel wordt ingegaan op de methodische problemen die aan verschillende dateringsmethoden kleven. Een van de archeologische dateringsmethoden, die van de chronostratigrafische analyse van aardewerk, lijkt het meest bruikbaar. De bruikbaarheid van deze methode is getoetst aan de hand van de resultaten van een proefonderzoek. Hieruit bleek dat, om betrouwbare conclusies te kunnen trekken, veel meer monsters genomen moeten worden dan men gewoonlijk aanneemt.
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.