Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 39 / 39

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Verdienmodellen Natuurinclusieve landbouw
    Polman, N.B.P. ; Dijkshoorn, M.W.C. ; Doorneweert, R.B. ; Rijk, P.J. ; Vogelzang, T.A. ; Reinhard, A.J. ; Heideveld, A. - \ 2015
    Den Haag : LEI Wageningen UR - 49
    akkerbouw - veehouderij - agrarische bedrijfsvoering - agrarische economie - agrarisch natuurbeheer - extensieve landbouw - economische samenwerking - natuurbeheer - inventarisaties - arable farming - livestock farming - farm management - agricultural economics - agri-environment schemes - extensive farming - economic cooperation - nature management - inventories
    Voor de sectoren akkerbouw en veehouderij zijn voorbeelden uitgewerkt hoe rekening gehouden kan worden met natuur. Bij natuurinclusieve landbouw zijn de negatieve effecten van de agrarische bedrijfsvoering op de natuur minimaal en de positieve effecten van de natuur op de bedrijfsvoering maximaal. Dit nieuwe perspectief op de relatie tussen economie en natuur biedt, zeker in de landbouw met zijn specifieke relatie tot natuur en omgeving, een andere kijk op bedrijfsvoering.
    Praktijknetwerk: natuurgrond, graan en onkruid : eindrapportage 2012-2014
    Nuijten, H.A.C.P. ; Prins, U. - \ 2014
    Driebergen : Louis Bolk Instituut - 25
    akkerbouw - graanproducten - streekgebonden producten - biologische landbouw - extensieve landbouw - bedrijfssystemen - rassenkeuze (gewassen) - teeltsystemen - opbrengst - bakkwaliteit - arable farming - cereal products - regional specialty products - organic farming - extensive farming - farming systems - choice of varieties - cropping systems - outturn - baking quality
    Uit verschillende media en projecten blijkt dat er een groeiende belangstelling is vanuit zowel consument als verwerker voor regionale producten gemaakt van biologisch graan. In Gelderland werken natuurorganisaties samen voor het lokaal beheren van natuurgronden, om op die manier biodiversiteit te verhogen. Die gronden zijn van belang om graangewassen te kunnen telen, o.a. voor stro en veevoer. Op deze natuurakkers kan graan geteeld worden voor de verkoop als regionaal product, o.a. in de vorm van brood en meel.
    Actualisatie berekeningen Boeren voor Natuur
    Evers, A.G. ; Haan, M.H.A. de - \ 2013
    Lelystad : Wageningen UR Livestock Research (Rapport / Wageningen UR Livestock Research 693) - 32
    agrarisch natuurbeheer - inkomsten uit het landbouwbedrijf - extensieve landbouw - landgoederen - begrazing - melkveehouderij - zoogkoeien - schapenhouderij - vergelijkend onderzoek - twente - westland - agri-environment schemes - farm income - extensive farming - estates - grazing - dairy farming - nurse cows - sheep farming - comparative research - twente - westland
    In 2006 and 2007, income differences between conventional farms and 'Farming for Nature farms' have been calculated for dairy cattle in the polder "Biesland" and dairy cattle, sheep and suckler cows on "Twickel estate". In this study, these calculations are updated with current prices and insights.
    Focus op kosten le vert veel op
    Doornewaard, G.J. ; Haan, M.H.A. de - \ 2013
    V-focus 10 (2013)2. - ISSN 1574-1575 - p. 38 - 40.
    melkveehouderij - agrarisch natuurbeheer - bedrijfsresultaten in de landbouw - agrarische bedrijfsvoering - extensieve landbouw - natuurgebieden - friesland - dairy farming - agri-environment schemes - farm results - farm management - extensive farming - natural areas - friesland
    Op de opbrengsten heb je weinig invloed, maar op de kosten wel. Vanuit die basisgedachte runt Koeien & Kansen-deelnemer Richard de Wolff zijn bedrijf. Dit leidt al jarenlang tot bijzonder goede economische prestaties, zo ook in 2011. Van de ruim 106 hectare cultuurgrond die De Wolff in gebruik heeft, bestaat echter ongeveer 25 hectare uit grond van Staatsbosbeheer waar maar beperkt voer van gewonnen kan worden. Zouden deze hectares voor de helft mee worden gerekend, dan komt de intensiteit uit op zo’n 13.000 kg melk per hectare. Om de resultaten van het bedrijf goed te kunnen beoordelen, is een vergelijking gemaakt met een spiegelgroep van bedrijven met een ongeveer overeenkomstige bedrijfsstructuur
    Grond voor schaalvergroting; Achtergronddocument
    Luijt, J. ; Voskuilen, M.J. - \ 2012
    Den Haag : LEI, onderdeel van Wageningen UR (Nota / LEI : Natuurlijke hulpbronnen ) - 37
    landbouw - extensieve landbouw - landgebruik - melkveehouderij - akkerbouw - grondmarkten - bedrijfsgrootte in de landbouw - agriculture - extensive farming - land use - dairy farming - arable farming - land markets - farm size
    Het beleid van de agrarische sector is gericht op het versterken van de marktpositie, concurrentiekracht, innovatievermogen en duurzaamheid. De vraag is in welke mate de realisatie van beleidsdoelen afhankelijk is van het tempo van schaalvergroting in de grondgeboden agrarische sectoren
    Future breeding for organic and low-input agriculture: integrating values and modern breeding tools for improving robustness
    Lammerts Van Bueren, E. - \ 2010
    In: Proceedings of Eucarpia 2nd conference of the Organic and Low-Input agriculture section on Breeding for resilence: a strategy for organic and low-input farming systems?, Paris, The Netherlands, 1-3 December 2010. - Parijs : Eucarpia - p. 8 - 10.
    biologische plantenveredeling - plantenveredeling - biologische landbouw - selectiemethoden - moleculaire merkers - extensieve landbouw - organic plant breeding - plant breeding - organic farming - selection methods - molecular markers - extensive farming
    Organic production and also the attention for plant breeding for organic agriculture is still increasing in Europe. The question often raised is how much does plant breeding for the organic sector differ from modern plant breeding and does a ban on GMO also include refraining from molecular marker assisted selection (MAS)? In this paper I will first elaborate on the values in organic agriculture and it related systems approach as a central focus in organic agriculture and will then discuss in which way molecular marker assisted selection can be of use for plant breeding for organic and low-input agriculture.
    Stoppen of extensiveren van de agrarische tak op een multifunctioneel bedrijf
    Vijn, M.P. ; Veen, E.J. ; Migchels, G. ; Visser, A.J. - \ 2010
    Lelystad : PPO AGV (PPO 391) - 56
    agrarische bedrijfsvoering - extensieve landbouw - landschap - effecten - nevenactiviteiten - multifunctionele landbouw - agrarisch natuurbeheer - zorgboerderijen - farm management - extensive farming - landscape - effects - ancillary enterprises - multifunctional agriculture - agri-environment schemes - social care farms
    Bij het ministerie van LNV leeft de zorg dat als landbouwbedrijven zeer succesvol worden in hun multifunctionele takken, zij hun primaire productietak gaan afstoten. Afstoten van de primaire productietak zou een grote impact kunnen hebben op de landschappelijke kwaliteit. Als landbouwgrond verkocht wordt zou het landschap meer kunnen verrommelen. Als dit het geval is, dan kan de stimulering van de multifunctionele landbouw resulteren in ongewenste neveneffecten. Dit verkennende onderzoek is gericht op het in beeld brengen van deze problematiek. Belangrijke vraag daarbij is of het gaat om grote hoeveelheden bedrijven die wegens succes van hun multifunctionele tak de primaire productie afstoten, of dat het slechts enkele bedrijven betreft.
    Modelling of intensive and extensive farming in CLUE
    Temme, A.J.A.M. ; Verburg, P.H. - \ 2010
    Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-werkdocument 187) - 80
    landgebruik - meervoudig landgebruik - extensieve landbouw - intensieve landbouw - biodiversiteit - computer software - landgebruiksmonitoring - modelleren - agrobiodiversiteit - land use - multiple land use - extensive farming - intensive farming - biodiversity - computer software - land use monitoring - modeling - agro-biodiversity
    land use modelling framework EURURALIS, and will allow EURURALIS to predict the effect on land use intensity of future policy under different scenarios. In turn, this makes it possible to predict policy effects on intensity-related biodiversity issues on the EU-level. Our method defines agricultural land use intensity in terms of nitrogen input. For arable land, it first combines the Land Use / Cover Area frame statistical Survey (LUCAS) dataset with Common Agricultural Policy Regionalised Impact modelling system (CAPRI) results to assess probability of occurrence for three classes of intensity. For grassland, it uses available spatially explicit predictions of livestock intensity to assess probability of occurrence for two classes of intensity. Then, agricultural land in different intensity classes is spatially allocated using a simple allocation algorithm. We illustrate and evaluate this method for five countries: the Netherlands, Portugal, Spain, Greece and Poland. Intensity predictions are made for two years: 2000 (ex-post) and 2025 (using the Financial Policy Reform Scenario from the FP6 EU SENSOR project). This report contains building bocks for a possible future quality status of the method.
    Perspectieven van veranderend landgebruik : extensivering kan lonend zijn
    Korevaar, H. - \ 2006
    Wageningen : Plant Research International (PRI brochure maart 2006) - 15
    landgebruik - extensieve landbouw - extensieve productie - boerderijtoerisme - achterhoek - gelderland - land use - extensive farming - extensive production - farm tourism - achterhoek - gelderland
    In het project meervoudig duurzaam landgebruik zijn we op zoek gegaan naar het antwoord op de vraag wat deze nieuwe functies voor ons (mensen) en onze leefomgeving (platteland) betekenen.
    Selection for growth of Nile tilapia (Oreochromis niloticus L.) in low-input environments
    Charo-Karisa, H. - \ 2006
    Wageningen University. Promotor(en): Johan Verreth; Johan van Arendonk, co-promotor(en): Hans Komen. - [S.l. ] : S.n. - ISBN 9789064640117 - 169
    oreochromis niloticus - tilapia - groei - selectief fokken - extensieve landbouw - input van landbouwbedrijf - genetische parameters - visteelt - aquacultuur - plattelandsontwikkeling - oreochromis niloticus - tilapia - growth - selective breeding - extensive farming - farm inputs - genetic parameters - fish culture - aquaculture - rural development
    Nile tilapia,Oreochromis niloticus,is one of the most important species farmed in the world and is the mainstay of many resource-poor fish farmers. The majority of its culturing is carried out in semi-intensive systems with a wide array of pond inputs from the farm. These systems are characterized by poor fish growth and low yields. Studies have shown that only a small percentage of the nutrient input in these systems is converted to harvestable products. Efficient breeding programs are needed to improve the overall nutrient use efficiency of fish in low-input fertilized ponds. Selection for improved growth has typically been doneunder favorable conditions often resulting in breeds which demand more resource than can be provided on the traditional fish farms, thus increasing cost of production. In this research, the feasibility of direct improvement of the growth of Nile tilapia in low-input conditions was investigated.

    This study demonstrates good prospects for setting up sustainable breeding programs for resource poor tilapia farming conditions without requiring expensive supplementary protein pellets. An experiment on early growth showed that Nile tilapia juveniles can be grown at the same rate with or without supplementary feeds.There was also a substantial heritability and response to selection for body weight at harvest after two generations of selection. We found little scope for selecting for improvement of cold tolerance in juveniles, but that cold tolerance could be improved by prior acclimatization. Body weight was highly genetically correlated with body measurements indicating that when needed, alternative traits for measurement of growth can be used. The high response and short generation times in Nile tilapia indicate that farmers can reap the benefits of genetic improvement at early stages of the program.

    This study found significant evidence for genotype by environment interaction indicating that the selection environment can affect the results of selection. Because poverty alleviation and food security are primary goals in the developing world, the initiation and implementation of cheaper breeding programs will ensure that the genetically improved materials are accessible to the rural fish farmer. Selection for improved growth in low-input conditions should be carried out in low-input environments especially because of low cost of inputs. Appropriate breeding goals need to be set-up with the involvement of the local farmers to ensure that the resulting breed meets the requirements of local farmers. To fully benefit from improved breed programs, farmers should also enhance pond water quality and improve fish nutrition.

    Vier jaar multifunctionele gras- en bouwlanden in Winterswijk: gevolgen voor economie en ecologie op de bedrijven
    Korevaar, H. ; Geerts, R.H.E.M. ; Visser, W. de; Koldeweij, E. - \ 2006
    Wageningen : Plant Research International (Rapport / Plant Research International 115) - 80
    akkerbouw - graslanden - alternatieve landbouw - extensieve landbouw - duurzaamheid (sustainability) - verontreiniging - landgebruik - nederland - gelderland - arable farming - grasslands - alternative farming - extensive farming - sustainability - pollution - land use - netherlands - gelderland
    Vegetatie en erosiebestendigheid van extensief beheerd grasland op Waddendijken in Friesland; effecten op de samenstelling, zodedichtheid en doorworteling van de grasmat, 7 jaar na beëindiging van de mestgift
    Frissel, J.Y. ; Hazebroek, E. - \ 2004
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1083) - 52
    dijken - graslanden - begrazing - graslandbeheer - vegetatie - beworteling - erosie - erosiebestrijding - extensieve landbouw - friesland - dykes - grasslands - grazing - grassland management - vegetation - rooting - erosion - erosion control - extensive farming - friesland
    In dit rapport worden de resultaten beschreven van 7 jaar (1997-2004) onbemest hooien en weiden in proefvakken in Friesland. Het doel is om na te gaan hoe de vegetatiesamenstelling veranderd, of de doorworteling van de grasmat verbeterd, en of de zodedichtheid voldoende blijft volgens het `voorschrift Toetsen op veiligheid¿ (VTV). Na 7 jaar beheer van hooien of weiden zonder bemesting kan gezegd worden dat seizoens fluctuaties grote invloed hebben op de doorworteling en de zodedichtheid. Over het algemeen veranderd de vegetatiesamenstelling van de onbemeste proefvakken, soorten van voedselrijke bodems verdwijnen, en soorten van minder voedselrijke bodems kunnen zich vestigen. De doorworteling neemt af in de bovenste bodemlagen, maar neemt toe in de diepere bodemlagen, ongeacht het beheer. Op een uitzondering na voldoen alle proefvakken wat betreft zodedichtheid aan de norm van het `voorschrift toetsen op veiligheid¿.
    Voeren op de norm : scherper voeren vooral voor intensieve bedrijven financieel interessant
    Hamminga, A.J. ; Berentsen, P.B.M. - \ 2003
    Veeteelt 20 (2003)6. - ISSN 0168-7565 - p. 12 - 14.
    melkveehouderij - melkvee - rundveevoeding - voedingsnormen - kosten-batenanalyse - rendement - agrarische bedrijfsvoering - intensieve landbouw - extensieve landbouw - dairy farming - dairy cattle - cattle feeding - feeding standards - cost benefit analysis - returns - farm management - intensive farming - extensive farming
    Uitgerekend is wat de kosten en opbrengsten zijn bij het boven de norm voeren en bij verscherpt op de norm voeren, waarbij onderscheid is gemaakt in extensieve en intensieve bedrijven
    Grond: een vreemd productiemiddel
    Haan, M. de; Vries, C. de - \ 2002
    Praktijkkompas. Rundvee 16 (2002)1. - ISSN 1570-8586 - p. 22 - 23.
    landbouwgrond - landgebruik - grondproductiviteit - land - grondeigendom - grondbeheer - agrarische bedrijfsvoering - gewasproductie - voedergewassen - kapitaal - bedrijfskapitaal - investering - extensieve landbouw - extensieve veehouderij - intensieve landbouw - intensieve veehouderij - melkveehouderij - productiefactoren - input van landbouwbedrijf - grondwaarde - agricultural land - land use - land productivity - land - land ownership - land management - farm management - crop production - fodder crops - capital - working capital - investment - extensive farming - extensive livestock farming - intensive farming - intensive livestock farming - dairy farming - factors of production - farm inputs - land value
    Door verschillen in ondernemers en omstandigheden, is grondgebruik, grondgebondenheid en grondproductie specifiek voor elke situatie.
    Introduction
    Bokdam, J. ; Braeckel, A. van - \ 2002
    In: Grazing as a conservation management tool in peatland : report of a workshop, 22-26 April 2002, Goniadz, Poland / Bokdam, J., - p. 5 - 9.
    weiden - veengebieden - extensieve landbouw - conservering - laagveengebieden - begrazing - polen - pastures - peatlands - extensive farming - conservation - fens - grazing - poland
    The biodiversity of low-productive pastures and hayfields is threatened across Europe by intensified land use and abandonment. The question is whether and how Extensive Farming can be maintained or restored, or whether conservation management should shift to New Wilderness. Suitability and feasibility of both strategies differ and depend on local conditions. The aim of the workshop was to discuss and clarify the strategic management dilemma for peatlands by taking the Biebrza National Park (BNP) in N.E.Poland as a case study. The BNP authorities are facing a tremendous and difficult problem to stop and reverse succession on 20.000 ha abandoned fen peat. Questions addressed during the workshop were 'Which extensive farming methods (grazing, mowing, cutting, and burning) are suitable for BNP-peatlands in view of the management objectives? Which methods are most feasible in view of the actual and future socio-economical environment of the BNP? Which management recommendation and research recommendations can be given to the BNP authorities?
    Low-input schapen scoort beter dan gangbaar
    Schreuder, R. - \ 1999
    Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden. Praktijkonderzoek 12 (1999)3. - ISSN 1386-8470 - p. 21 - 23.
    schapen - extensieve landbouw - scharrelhouderij - begrazing - bedrijfsvergelijking in de landbouw - bedrijfsresultaten in de landbouw - rentabiliteit - sheep - extensive farming - free range husbandry - grazing - farm comparisons - farm results - profitability
    De resultaten zijn op het gebied van bedrijfseconomie, arbeid en milieu met elkaar vergeleken. Het blijkt dat het Low-Input systeem beter scoort qua inkomen, milieu en arbeid
    Low-inputsysteem schapen: de groei van gras en lammeren in 1998
    Verkaik, J. ; Schils, R. - \ 1999
    Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden. Praktijkonderzoek 12 (1999)2. - ISSN 1386-8470 - p. 20 - 21.
    schapen - lammeren - groei - extensieve landbouw - scharrelhouderij - begrazing - graslanden - voer - samenstelling - voedingswaarde - voedergrassen - sheep - lambs - growth - extensive farming - free range husbandry - grazing - grasslands - feeds - composition - nutritive value - fodder grasses
    De groei van lammeren in dit systeem is vooral afhankelijk van de graslandproductie, de kwaliteit van het gras en de gezondheidsstatus van de lammeren.
    Low Input schapenbedrijf beperkt arbeid
    Jagtenberg, K. - \ 1999
    Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden. Praktijkonderzoek 12 (1999)2. - ISSN 1386-8470 - p. 12 - 14.
    schapen - bedrijfssystemen - extensieve landbouw - arbeid (werk) - werkplanning - arbeid in de landbouw - sheep - farming systems - extensive farming - labour - work planning - farm labour
    De arbeid op het lowinput schapenbedrijf kon in de afgelopen jaren op een laag niveau worden gehouden. Zonder de administratie op nog geen drie uur per aanwezige ooi.
    Low-input systeem schapen in 1997: prima voer, veel lammer
    Boer, J. de; Pol-van Dasselaar, A. van den - \ 1998
    Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden. Praktijkonderzoek 11 (1998)2. - ISSN 1386-8470 - p. 46 - 48.
    extensieve landbouw - schapen - geiten - lammeren - graslanden - trifolium - klavers - groei - ontwikkeling - scharrelhouderij - voer - droge stof - voedingswaarde - extensive farming - sheep - goats - lambs - grasslands - trifolium - clovers - growth - development - free range husbandry - feeds - dry matter - nutritive value
    Op de Waiboerhoeve wordt al enkele jaren onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van een low-input schapenbedrijf. Op dit bedrijf krijgen zowel de ooien als de lammeren geen krachtvoer. Er wordt geweid op gras/klaver en bemesting vindt nauwelijks plaats. Er is geen huisvesting. Het dek- en aflamseizoen ligt enkele maanden later dan op de traditionele schapenbedrijven.
    Low-input schapenbedrijf naar concurrerend resultaat
    Jagtenberg, K. ; Boer, J. de - \ 1997
    Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden. Praktijkonderzoek 10 (1997)5. - ISSN 1386-8470 - p. 35 - 37.
    extensieve landbouw - hamels - lammeren - begrazing - prijzen - prijsvorming - kosten - bedrijfsresultaten in de landbouw - rentabiliteit - extensive farming - wethers - lambs - grazing - prices - price formation - costs - farm results - profitability
    Bij de bedrijfsvoering van het Low-input schapenbedrijf op de Waiboerhoeve wordt nadrukkelijk gelet op het kosten aspect. Met een arbeidsopbrengst van f 35 per aanwezige ooi in 1995/96 biedt deze bedrijfsvorm zeker perspectief. Dit komt vooral door het in mei aflammeren en het afwezig zijn van bedrijfsgebouwen. De goede gras/klaverweide leverde voldoende stikstof zodat aankoop van kunstmeststikstof niet nodig was. Door de afzet van een aantal lammeren vroeg in het voorjaar werd echter beperkt geprofiteerd van de gestegen lammerprijzen. De oplopende lammerprijzen in de loop van 1996 vormen niettemin een welkome ondersteuning van het bedrijfsresultaat. Op onderdelen blijven de kosten echter de aandacht vragen.
    Lammersterfte gedaald door aanpassingen Low-inputsysteem
    Boer, J. de - \ 1997
    Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden. Praktijkonderzoek 10 (1997)5. - ISSN 1386-8470 - p. 30 - 32.
    geboorte - schapen - lammeren - groei - ontwikkeling - extensieve landbouw - birth - sheep - lambs - growth - development - extensive farming
    De aanpassingen in het Low-inputsysteem die halverwege de aflamperiode van 1996 zijn ingevoerd zijn in 1997 verder verfijnd. De aanpassingen rondom aflammeren zijn bijzonder effectief. Dit jaar is de sterfte teruggelopen tot 12,1%. Het sterftepercentage is gelijk aan het landelijk gemiddelde.
    Industrieel of natuurlijk melken : Welzijn en gezondheid van melkkoeien in toekomstige houderijsystemen
    Hopster, H. ; Noordhuizen-Stassen, E.N. ; Benedictus, G. - \ 1997
    Veeteelt (1997). - ISSN 0168-7565 - p. 604 - 608.
    dierenwelzijn - huisvesting, dieren - melkvee - melkveehouderij - intensieve landbouw - extensieve landbouw - stalvoedering - animal welfare - animal housing - dairy cattle - dairy farming - intensive farming - extensive farming - indoor feeding
    De consequenties voor welzijn en gezondheid bij industriele melkveehouderij worden in beeld gebracht, waarbij ook de natuurgerichte extensieve melkveehouderij onder de loep wordt genomen
    Stikstof in balans - sleutel voor milieuverantwoord produceren zit in ruwvoer.
    Bruchem, J. van - \ 1997
    Veeteelt 14 (1997)10. - ISSN 0168-7565 - p. 612 - 613.
    voer - eiwitten - melkvee - melkveehouderij - mineralen - boekhouding - extensieve landbouw - intensieve landbouw - feeds - proteins - dairy cattle - dairy farming - minerals - accounting - extensive farming - intensive farming
    Met behulp van modelberekeningen worden de stikstofstromen bij melkvee op een extensief bedrijf en bij melkvee op een intensief bedrijf in kaart gebracht
    Nutrients in food crop cultivation in southwest Côte d'Ivoire.
    Reuler, H. van - \ 1996
    Meststoffen : Dutch/English annual on fertilizers and fertilization (1996). - ISSN 0169-2267 - p. 81 - 88.
    akkerbouw - ivoorkust - extensieve landbouw - agrarische bedrijfsvoering - kunstmeststoffen - veldgewassen - innovaties - mest - plantenvoeding - zwerflandbouw - arable farming - cote d'ivoire - extensive farming - farm management - fertilizers - field crops - innovations - manures - plant nutrition - shifting cultivation
    Nutrient management over extended cropping periods in the shifting cultivation system of south-west Cote d'Ivoire
    Reuler, H. van - \ 1996
    Agricultural University. Promotor(en): A. van Diest; B.H. Janssen. - S.l. : Reuler - ISBN 9789054854869 - 189
    bodemvruchtbaarheid - zwerflandbouw - plantenvoeding - kunstmeststoffen - mest - extensieve landbouw - agrarische bedrijfsvoering - innovaties - ivoorkust - soil fertility - shifting cultivation - plant nutrition - fertilizers - manures - extensive farming - farm management - innovations - cote d'ivoire

    Intensification of food crop production in shifting cultivation systems can contribute to protection of tropical forest. For such an intensification knowledge of soil fertility and its dynamics is essential. It was tested whether intensification could be achieved by extending the cropping period in on-farm field trials with controlled management. These trials were conducted on locations along catenas ranging from the crest to the fringe of the valley bottom. On the (moderately) well drained soils P proved to be the yield-limiting nutrient. In extended cropping systems with alternately rice and maize, applications of N, P and K were not sufficient to maintain the yield level obtained in the first season after clearing. Yield decline was much less pronounced for maize than for rice. In the eighth season after clearing yields of over 4 ton of maize per ha were still obtained. Data on the efficiency of utilization of absorbed P indicate that factors other than P deficiency caused the yield decline. A probable cause is deterioration of soil physical properties. Fertilizer recommendations (N,P,K) are formulated for the well drained soils of the upper/middle slopes and for the moderately well drained soils of the lower slope.
    Schapenbedrijf Waiboerhoeve van intensief naar extensief!
    Boer, J. de; Schans, F.C. van der - \ 1995
    Praktijkonderzoek / Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden (PR), Waiboerhoeve 8 (1995)1. - ISSN 0921-8874 - p. 44 - 46.
    extensieve landbouw - schapen - geiten - alternatieve landbouw - biologische landbouw - landbouwbedrijven - conversie - extensive farming - sheep - goats - alternative farming - organic farming - farms - conversion
    Dit bedrijfssysteem wordt gekarakteriseerd door geen aanvoer van kunstmest, krachtvoer en kunstmelk, geen huisvesting en een verlaging van de arbeidsbehoefte.
    Witte klaver in Schotland
    Schils, R.L.M. - \ 1995
    Praktijkonderzoek / Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden (PR), Waiboerhoeve 8 (1995)1. - ISSN 0921-8874 - p. 32 - 34.
    dierhouderij - rundvee - klavers - extensieve landbouw - graslanden - stikstof - productiviteit - rentabiliteit - schotland - trifolium - trifolium repens - voedergrassen - animal husbandry - cattle - clovers - extensive farming - grasslands - nitrogen - productivity - profitability - scotland - trifolium - trifolium repens - fodder grasses
    In vergelijking met Nederland is de veehouderij in Schotland vrij extensief. Op vleesveebedrijven wordt zelden meer dan 200 kg stikstof per ha gestrooid.
    Mineralenbalans op verschillende schapenbedrijven
    Boer, J. de; Bodegraven, D. van - \ 1994
    Praktijkonderzoek / Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden (PR), Waiboerhoeve 7 (1994)6. - ISSN 0921-8874 - p. 31 - 33.
    mineralen - boekhouding - schapen - geiten - extensieve landbouw - intensieve landbouw - bedrijfsvergelijking in de landbouw - minerals - accounting - sheep - goats - extensive farming - intensive farming - farm comparisons
    Uit berekeningen blijkt dat naarmate de schapenhouderij intensiever wordt, ook het overschot op de mineralenbalans toeneemt. Jaarrondproduktie heeft het hoogste overschot aan mineralen, maar daarnaast ook het hoogste saldo.
    Geïntegreerde landbosbouwsystemen in Nederland.
    Gijsbers, H.J.M. - \ 1994
    De Landeigenaar 40 (1994)9. - ISSN 0166-5839 - p. 3 - 5.
    agroforestry - europa - extensieve landbouw - bedrijfssystemen - landbouwbedrijven - bosbouw - nederland - agroforestry - europe - extensive farming - farming systems - farms - forestry - netherlands
    Tot het begin van deze eeuw kwamen ook in Nederland veel agroforesty-systemen voor. Door de grootschalige braaklegging van landbouwarealen in de EEG en het zoeken naar oplossingen voor de milieuproblematiek krijgen deze extensieve land-bosbouw-systemen thans opnieuw aandacht
    Aspects of productivity of traditionally managed Barotse cattle in the Western Province of Zambia
    Klink, E.G.M. van - \ 1994
    Agricultural University. Promotor(en): D. Zwart; J.P.T.M. Noordhuizen. - S.l. : Van Klink - ISBN 9789054853244 - 227
    productiviteit - rentabiliteit - dierhouderij - scharrelhouderij - extensieve landbouw - rundveerassen - zambia - productivity - profitability - animal husbandry - free range husbandry - extensive farming - cattle breeds - zambia
    In sub-Saharan Africa, traditionally managed livestock is important because of the provision of draught power and manure, the provision of security and investment possibilities, for the provision of meat and milk, and for social purposes (eg. brideprice, gifts). In the Western Province of Zambia, cattle are the only livestock of significance. The soils of the province virtually entirely consist of Kalahari sands, that are not very suitable for crop production, but with a good suitability for extensive cattle keeping. Cattle in the province belong to the Barotse breed. This is a Sanga breed, with a moderate to reasonable potential for meat and milk production, when compared with other local breeds, and if maintained under improved range conditions.

    A livestock development project in the Western Province (Prov. Vet. officer (1987), Livestock Development Project Western Province, Project Document) operates within the Department of Veterinary and Tsetse Control Services. It is aimed at providing a sustainable infrastructure for disease control, at assisting in the formulation of a cattle development policy, and at developing an integrated animal husbandry and animal health extension package for the traditional farmer. In order to establish its goals, the project has engaged in a programme of research activities. In this research, animal husbandry and animal health, but also grassland expertise, sociology and economy were involved. Part of the research programme was the herd monitoring programme.

    The aim of this thesis is, to evaluate the use of longitudinal physical monitoring of herds of cattle under traditional management for the description of productive performance and identification of factors that influence productivity. This evaluation should provide insight in the suitability of herd monitoring for the provision of basic information for extension and solutions for constraints to productivity.

    The herd monitoring programme is aimed at collecting quantitative information on the productivity of cattle in the province. Knowledge of these aspects was needed for the identification of constraints to productivity, for the assessment of the need for specific veterinary measures, and in order to give indications on the structure and development of the provincial herd.

    A total of 52 herds was involved in the first phase of the research (Chapter 2.1.). These herds were based in four of the six districts of the province. Herds were based in each of four Grazing Management Systems (GMS). The Grazing Management Systems differed in terms of grazing area and its, use, vegetation, main water resources, and largely in the practice of transhumance (periodically moving herds to other grazing grounds) or sedentarism (herding the animals from one permanent basis). All animals in the herds were individually identified through eartags, and the records were taken at the level of the individual animal.

    Deaths and slaughters were evaluated together, because slaughters should generally be considered emergency slaughters (Chapter 2.2.). Statisticaly significant effects on the combined death and slaughter figures were found of sex, age and the herd. Sales figures were also significantly influenced by Grazing Management System and husbandry system. Significant seasonal influences on death and slaughter figures, as well as on sales figures, could also be identified. The overall sales figures were smaller than the death and slaughter figures. Deaths and emergency slaughters must be seen as absolute losses, even though the meat of these animals is often still eaten or sold. The revenue this generates is, however, far less than that generated by sales of animals.

    The percentage of cows that calve differs considerably between Grazing Management Systems (Chapter 2.3.). This figure is, however, influenced by the proportion of animals that move into and out of the herds, and that spend less than a year in the herd. This proportion also differs considerably between herds.

    Significant influences on the mean lengths of calving intervals were found of the Grazing Management System (GMS) and the parity. Cows of which the calf died, or was not weaned, and which were not milked also showed a longer calving interval. The calving intervals are longest in GMS 1. Also seasonality in calving seems to be most clear in this GMS. In GMS 2, the interval between the birth of a calf and the moment the farmer starts milking the cow is significantly shorter than in most of the other GMS. At the same time the length of the period that the cows are milked is longest, and the interval between weaning of the calf and the birth of the next calf is shortest.

    The season in which the calf was born also significantly influenced the interval between calving and the moment the cow was milked for the first time, the length of the milking period and the age of the calf at weaning. The girth was generally influenced by GMS, sex and season. In GMS 1 the negative influence of environmental circumstances on productivity seemed biggest, in GMS 2 smallest.

    The number of owners involved in the herds that were included in the programme varied considerably (Chapter 2.4.). Most owners in a herd belonged to the family or relatives of the herd owner. The majority of cattle owners are men, and the average number of animals owned by men is twice as big as that owned by women. The number of owners in a herd was positively related to the size of the herd. One third of all removals from, and entries into the herds consisted of transfers from one herd to another, mostly because of herding arrangements. Also brideprice payments are an important reason for transfers of animals. The ownership and the transfers between herds are likely to influence decision-making processes in the herds. Transfers may pose risks of infection, but may also be aimed at reducing risks because of disease outbreaks.

    Diseases, in particular those caused by helminth parasites, are considered important constraints to productivity in the tropics (Chapter 3). Livestock owners also often consider parasitic diseases as a major reason for depressed body condition and consequently for depressed productivity. In the Western Province, the liverfluke Fasciola gigantica has a high prevalence. As in many other areas of Africa, floodplain grazing is an important factor in the epidemiology of this parasite. A seasonal influence is also present in many areas in Africa.

    A distinct seasonal influence is identified in many areas in Africa on the epidemiology of intestinal helminths. This is importantly related to the survival chances of the larval stages outside the vertebrate host. In the dry season no larval activity on pasture is found. The lack of moisture, rather than the temperature, seems to be the major determinant.

    The extent to which animals suffer from infections with intestinal helminths and liverflukes is partly determined by previous exposure. After previous exposure the animals develop resistance against re-infection, as a result of which the number of helminths that mature, as well as the adverse effects of infection are reduced. This is the result of development of immunity, and also, specifically in liverfluke, of fibrosis and calcification of liver tissue.

    The influence of infections with liverflukes and intestinal helminths on productivity is often evaluated through measuring the effects on growth or weight. In the Western Province, however, animals being sold for slaughter are normally selected from older animals. Therefore reproductive performance and parameters such as mortality and slaughter figures would be more important.

    In the second phase of the research, the intervention programme, two routine treatments against liverfukes (either Rafoxanide or Triclabendazole) were included, as well as two routine treatments against intestinal helminths (either Avermectine or Thiabendazole), and one combined routine treatment against both groups of parasites (both Rafoxanide and Thiabendazole). A total of 20 herds was involved in the intervention trials.

    Hardly any significant differences could be identified for the influence of treatment against liverflukes (Chapter 4.1.). In the Rafoxanide group, part of the treated animals had a slightly larger girth. Also a significantly shorter interval between weaning and the next delivery was found for treated animals in this group. In both girth and the intervals related to reproduction and lactation differences were found for other factors than the treatment, such as season, herd and sex. Deaths and slaughters for emergency were not significantly influenced by treatment against liverflukes. Significant differences could be identified for the herd in this analysis.

    The intervention, involving treatments against intestinal parasites and a combined treatment against intestinal helminths and liverflukes, also showed significant influences of season, sex and herd in several of the parameters, but hardly any of treatment (Chapter 4.2.). In the Avermectine trial, the girth of treated animals was larger. A significant effect of treatment on deaths and slaughters, at a confidence level of .90, was found in the Thiabendazole group. It is likely, that a clinical problem of gastro-intestinal parasitism was present in these herds. Analysis of faecal samples showed, that the largest percentage positive samples was found in the second half of the wet season.

    The intervention trials seemed to produce little or no favourable effects of treatment against either liverflukes or intestinal helminths (Chapter 4.3.). It is possible, that part of these results can be explained by the circumstances under which the trials were carried out and the trial design. More importantly, it is likely, that both liverflukes and intestinal helminths, though present, are in general not a serious problem. The low numbers of eggs found in faecal samples suggest this. Individual cases do occur, and large percentages of animals are likely to be infected, but the physical damage done by these infections is either small, masked by other factors, or is a far less influencial factor than factors such as nutrition, management or grazingenvironment.

    Even small differences between treated and untreated animals could economically justify the use of routine treatments, even if the schedules are relatively intensive, if the cost of application is not included. However, management of the herd andmanagement ofenvironmental factors are more important elements in improvement of productivity.

    Several aspects of the herdmanagement can be mentioned asinfluences on the productivity of the herds (Chapter 5). These include collection of manure, causing pressure on grazing time, the frequency of kraal shifting, especially for calves, day-to-day choice of pastures to graze, the quality of herdsmen, and uncontrolled burning of grassland. Competition between calf and man for the milk of the cows is not likely to be an important negative influence in calf health.

    Further research into day-to-day management factors in relation to the productive performance of animals and herds is necessary to provide the basis for extension. ownership division, the number of owners and their relation to the herd owner and, if possible, environmental factors should be included in this research.

    Economic and socio-economic factors are determinant factors in livestock development. Customs concerning animal husbandry, trade conditions and communal land use management are of importance.

    Opbrengst en kwaliteit van wintertarwe bij extensiever telen
    Darwinkel, A. - \ 1993
    In: Jaarboek 1993-1996 : verslagen van afgesloten onderzoeksprojecten op de regionale onderzoekcentra en het PAGV. Akkerbouw Lelystad : Proefstation voor de Akkerbouw en de Groenteteelt in de Vollegrond [etc.] (Publikatie / Proefstation voor de Akkerbouw en de Groenteteelt in de Vollegrond, Regionale Onderzoekcentra No. 70a-81A) - p. 78 - 83.
    extensieve landbouw - hexaploïdie - triticum aestivum - tarwe - winter - oogsttoename - oogstverliezen - opbrengsten - extensive farming - hexaploidy - triticum aestivum - wheat - winter - yield increases - yield losses - yields
    Door een lagere toediening van 40 kg N per ha en een beperking van gewasbeschermende maatregelen (geen CCC en vermindering of weglating van fungiciden en insekticiden) werden bij dit onderzoek 4 teeltsystemen gecreeerd. In alle systemen geschiedde de onkruidbestrijding chemisch en werd de tarwe in de 2e helft van oktober gezaaid
    Graasveehouderij op basis van duurzaam nutriëntenbeheer. Een ecologisch overlevingsperspectief
    Hermans, C. ; Vereijken, P.H. - \ 1993
    Spil (1993)113-114. - ISSN 0165-6252 - p. 37 - 44.
    melkvee - melkveehouderij - extensieve landbouw - productiecontroles - duurzaamheid (sustainability) - natuurlijke hulpbronnen - hulpbronnengebruik - bescherming - herstel - mineralen - boekhouding - dairy cattle - dairy farming - extensive farming - production controls - sustainability - natural resources - resource utilization - protection - rehabilitation - minerals - accounting
    Two scenarios of sustainable nutrient management (tuning the supply and removal of nutrients to each other with the purpose of developing and sustaining a good nutrient reserve in the soil) for pasture livestock keeping are described and effects for farm management discussed
    Het eerste proefjaar op de M.e
    Meijer, A.B. - \ 1993
    Praktijkonderzoek / Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden (PR), Waiboerhoeve 6 (1993)5. - ISSN 0921-8874 - p. 80 - 83.
    melkvee - melkveehouderij - extensieve landbouw - nederland - duurzaamheid (sustainability) - proefboerderijen - dairy cattle - dairy farming - extensive farming - netherlands - sustainability - experimental farms
    De M.e tracht haar milieudoelstelling te bereiken door het toepassen van een vrij laag bemestingsniveau met kunstmest, door weinig aangekocht krachtvoer te gebruiken, een optimale melkproduktie per koe na te streven en door het ontwikkelen van een vruchtwisselingssysteem waarbij zo weinig mogelijk mineralen uit het systeem verloren gaan.
    Berekening maximale EG-premieaanvraag
    Aalenhuis, J. - \ 1993
    Praktijkonderzoek / Praktijkonderzoek Rundvee, Schapen en Paarden (PR), Waiboerhoeve 6 (1993)5. - ISSN 0921-8874 - p. 76 - 79.
    landbouw - extensieve landbouw - premies - maïs - vleesproductie - nederland - regelingen - subsidies - zea mays - landen van de europese unie - agriculture - extensive farming - grants - maize - meat production - netherlands - regulations - subsidies - zea mays - european union countries
    Voor het meten van de intensiteit van een bedrijfsvoering is een nieuwe 'grootvee-eenheid' gedefinieerd. In Nederland kan dierpremie worden verkregen op stieren, zoogkoeien en ooien. Daarnaast kan de Nederlandse snijmaos worden aangemeld voor de graanpremie.
    Nitrogen cycling in high-input versus reduced-input arable farming
    Faassen, H.G. van; Lebbink, G. - \ 1990
    Netherlands Journal of Agricultural Science 38 (1990)3A. - ISSN 0028-2928 - p. 265 - 282.
    toedieningshoeveelheden - extensieve landbouw - bedrijfssystemen - kunstmeststoffen - intensieve landbouw - microbiologie - stikstof - stikstofkringloop - application rates - extensive farming - farming systems - fertilizers - intensive farming - microbiology - nitrogen - nitrogen cycle
    Onderzoek naar de potentieele niveau's van stikstofkringloopprocessen met het doel om de invloeden van veranderingen in teeltintensiteit te beoordelen. Research into the levels of nitrogen cycling processes with the purpose of examining the influences of changes in cultivation intensity
    Beheer, graslandgebruik en externe factoren op landbouwbedrijven met aangepaste landbouw
    Rabenswaay, C.W. van; Smeets, P.J.A.M. - \ 1988
    Wageningen : De Dorschkamp (Rapport / Rijksinstituut voor onderzoek in de bos- en landschapsbouw De Dorschkamp nr. 518) - 96
    graslanden - extensieve landbouw - landbouw bedrijven - natuurbescherming - landbouw - alternatieve landbouw - biologische landbouw - nederland - agrarisch natuurbeheer - grasslands - extensive farming - farming - nature conservation - agriculture - alternative farming - organic farming - netherlands - agri-environment schemes
    Een inventarisatie op ongeveer 60 bedrijven (50 in veenweidegebieden en 10 in zandgebieden), als onderdeel van een onderzoeksprogramma, dat zich richt op de mogelijkheden en effecten van natuur- en landschapsbeheer door landbouwbedrijven. Een groot aantal instanties werkt hieraan mee, nl. provincies en verschillende diensten en instellingen van MLV en NRLO
    Proceedings of the workshop on Land evaluation for extensive grazing (L.E.E.G.) : international workshop on Land evaluation for extensive grazing (L.E.E.G.), Addis Ababa, Ethiopia October 31 - November 4, 1983
    Siderius, W. - \ 1984
    Wageningen : ILRI (Publication / International Institute for Land Reclamation and Improvement 36) - ISBN 9789070260941 - 343
    ontwikkelingslanden - extensieve landbouw - begrazing - grondvermogen - landevaluatie - natuurlijke graslanden - extensieve weiden - bodemgeschiktheid - zoötechniek - developing countries - extensive farming - grazing - land capability - land evaluation - natural grasslands - rangelands - soil suitability - zootechny
    Welke vegetatie mogen we verwachten bij een extensief graslandgebruik in beheersgebieden
    Altena, H.J. - \ 1982
    Wageningen : C.A.B.O. (CABO-verslag no. 43,51)
    landbouw bedrijven - natuurbescherming - landbouw - natuurreservaten - nationale parken - bedrijfsvoering - beleid - graslanden - plantengemeenschappen - gematigde klimaatzones - hooiland - weiden - graslanden, gematigde streken - extensieve landbouw - plantenecologie - vegetatie - agrarisch natuurbeheer - farming - nature conservation - agriculture - nature reserves - national parks - management - policy - grasslands - plant communities - temperate zones - meadows - pastures - temperate grasslands - extensive farming - plant ecology - vegetation - agri-environment schemes
    Literatuuroverzicht over de botanische samenstelling van verschillende graslanden in Nederland in de periode 1940-1949, met daaraan verbonden enige konklusies over een mogelijk extensiever graslandbeheer in landschapsparken en beheersgebieden
    Schraallanden in Zuid-Limburg
    Westeringh, W. van de - \ 1980
    Natuurhistorisch Maandblad 69 (1980)11. - ISSN 0028-1107 - p. 218 - 221.
    extensieve landbouw - braak - graslanden - heidegebieden - vlakten - plantengemeenschappen - woeste grond - zuid-limburg - extensive farming - fallow - grasslands - heathlands - plains - plant communities - waste land - zuid-limburg
    Check title to add to marked list

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.