Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 21 - 40 / 140

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Internationaal perspectief : huidige positie van en kansen voor de Nederlandse agribusiness op internationale markten
    Berkum, S. van - \ 2012
    [Den Haag] : LEI Wageningen UR - 24
    landbouwindustrie - landbouwsector - export - internationale handel - marktanalyse - handelsstatistieken - agribusiness - agricultural sector - exports - international trade - market analysis - trade statistics
    De studie geeft een overzicht van de huidige omvang en de recente ontwikkelingen van de export van de Nederlandse agribusiness.
    Innovation capabilities and governance in the agri-food sector
    Tepic, M. - \ 2012
    Wageningen University. Promotor(en): Onno Omta, co-promotor(en): Jacques Trienekens. - S.l. : s.n. - ISBN 9789461732972 - 203
    landbouwindustrie - veehouderij - voedselproductie - voedselindustrie - technologie - innovaties - samenwerking - governance - agribusiness - livestock farming - food production - food industry - technology - innovations - cooperation - governance
    Company performance is increasingly dependent on continuous improvement and innovation. In order to manage innovation projects effectively, a number of internal and external business capabilities are important: The results of this study show that functional, and in particular integrative firm capabilities play an important, but indirect, role in managing in-house innovation projects effectively. Integrative (communication) capabilities are important to combine the different functional capabilities, achieving higher product superiority and offsetting the negative effect of novelty of the project for the company on the adequateness of functional capabilities. External orientation and internalization of external resources and capabilities may enforce food producers to increase their ability to deal innovation project novelty for the company. Increased attention to the end-consumer may increase the market potential of innovations in this sector. Externally-oriented integrative capabilities are important for the organization of access to external knowledge, increasing assimilation of external knowledge and innovativeness of the company. In the case of pig farmers, this organizational capacity includes frequent networking with a number of key actors, identification of the main sources of new knowledge about innovations in the sector and participation in meetings organized by the sector. In addition to the capacities to integrate internal and external knowledge, innovation performance can also be enhanced by the benefits of co-innovation. The study shows that in dynamic processes, such as innovation and collaboration, the complementary nature of the extra-contractual formalization, rational and attitudinal commitment and trust is important to assure knowledge mobility and stability of the co-innovation network, maximizing the benefits of the co-innovation.
    Verbetering agribusiness in Rusland
    Valeeva, N.I. ; LEI, - \ 2012
    Kennis Online 9 (2012)april. - p. 7 - 7.
    landbouwindustrie - grote landbouwbedrijven - efficiëntie - productiviteit - rusland - opleiding - internationale samenwerking - managementonderwijs - agribusiness - large farms - efficiency - productivity - russia - training - international cooperation - management education
    Wageningen UR ondersteunt grote landbouwbedrijven in Rusland om efficiënter te produceren. En biedt een MBA aan in verschillende Russische steden voor managers van die bedrijven. De eerste cursisten studeerden onlangs af.
    Duurzame innovaties in agrofoodketens : handreiking voor adviseurs en ondernemers.
    Bakker, T. ; Grip, K. de; Doorneweert, R.B. - \ 2012
    Den Haag : LEI, onderdeel van Wageningen UR
    landbouwindustrie - agro-industriële ketens - ketenmanagement - innovaties - duurzame ontwikkeling - agribusiness - agro-industrial chains - supply chain management - innovations - sustainable development
    Duurzaamheid wordt steeds belangrijker. Het is een belangrijke voorwaarde voor veel ketens in de agrofoodsector om rendabel te blijven. Daarnaast biedt duurzaamheid kansen. Kansen voor de ontwikkeling van nieuwe producten, diensten en processen. Kansen voor ondernemers om nieuwe bronnen van inkomen aan te boren en bij te dragen aan maatschappelijke en politieke doelstellingen met betrekking tot verduurzaming. Duurzaamheid is een drijfveer voor veel keteninnovaties in de agrofoodketen. Het daadwerkelijk implementeren van duurzaamheid in agrofoodketens is voor veel ondernemingen een uitdaging. Zo zijn er vragen hoe verduurzaming verder versterkt kan worden. Hoe kan ik mijn productie verduurzamen? Hoe worden mijn duurzaamheidsinspanningen verwaard? Wanneer is duurzaamheid rendabel? In deze handreiking wordt daarom een praktisch kader aangeboden om aan de slag te gaan met verduurzaming in de agrosector. Het kader, het businessmodel-canvas, biedt inzichten en aangrijpingspunten in hoe innovaties ten behoeve van verduurzaming kunnen worden vormgegeven. Hiermee biedt het kansen voor ondernemers en ketenpartijen om duurzaamheid te verzilveren.
    Het Nederlandse agrocomplex 2011
    Leeuwen, M.G.A. van; Kleijn, A.J. de; Pronk, A. - \ 2012
    Den Haag : LEI Wageningen UR (Rapport / LEI : Onderzoeksveld, Internationaal beleid 2011-081) - ISBN 9789086155538 - 78
    landbouwsector - agrarische economie - landbouwindustrie - agro-industriële sector - economische situatie - agrarische productiesystemen - nederland - biobased economy - agricultural sector - agricultural economics - agribusiness - agroindustrial sector - economic situation - agricultural production systems - netherlands - biobased economy
    De bijdragen van het agrocomplex aan de nationale toegevoegde waarde, de werkgelegenheid en het energieverbruik daalden tussen 2004 en 2009, maar het aandeel in de nationale broeikasgasemissies steeg. Het belang van het complex voor de Nederlandse exporten en handelssaldo werd groter. De biobased economy biedt nieuwe groeikansen voor het agrocomplex.
    Verbinding zoeken; verkenning innovatie en kennis op de raakvlakken van topsectoren
    Janssens, S.R.M. ; Aramyan, L.H. ; Galen, M.A. van - \ 2011
    Den Haag : LEI, onderdeel van Wageningen UR (LEI-nota : Onderzoeksveld Markt & ketens ) - 34
    tuinbouw - landbouwindustrie - cultuurmethoden - kastechniek - biobased economy - logistiek - innovaties - ontwikkeling - vermeerderingsmateriaal - horticulture - agribusiness - cultural methods - greenhouse technology - biobased economy - logistics - innovations - development - propagation materials
    Het onderzoek is gericht op het onderzoeksdomein van Wageningen UR. Vanuit de topsectoren agrofood en tuinbouw en uitgangsmaterialen zijn de kansen op kruisingen met andere topsectoren in kaart gebracht..
    Knowledge compendium : dialogue on bridging water, food security and sustainable agribusiness development in Africa
    Ritzema, H.P. ; Harmsen, J. ; Wolters, W. ; Boonstra, J. ; Froebrich, J. - \ 2011
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2227) - 152
    waterbeheer - watervoorziening - voedselzekerheid - duurzame ontwikkeling - landbouwindustrie - kennisoverdracht - afrika - water management - water supply - food security - sustainable development - agribusiness - knowledge transfer - africa
    In this knowledge compendium a series of contributions illustrates how Wageningen UR cooperates with African organizations in finding innovations to combat water scarcity and to deliver the scientific knowledge necessary for future actions. In most of these activities, the integration of the formal knowledge of WUR with the tacit knowledge of the local stakeholders plays an important role. The Dutch Ministery of Economic Affairs, Agriculture and Innovation (EL&I) has stimulated the preparation of this compendium to disseminate the knowledge on these innovations among stakeholders throughout the African continent. This knowledge compendium presents a selection of recently finished research projects or on-going projects on water challenges in African food security. They are clustered under four themes: (1) challenges; (2) advances in research; (3) adaptation and implementation; (4) knowledge transfer. The contributions aim to stimulate further research and cooperation as a basis for the development of further management measures.
    Essay Groene Carrière : De Groene Carrière : Goed werk in Agro en Tuinbouwsectoren
    Jong, L.W. de; Dijkshoorn, M.W.C. ; Kaemingk, E. ; Snellen, M. ; Pijls, T. - \ 2011
    tuinbouw - landbouwindustrie - arbeid (werk) - agrarisch onderwijs - arbeidsverhoudingen in de landbouw - vakbekwaamheid - personeel - ondernemerschap - horticulture - agribusiness - labour - agricultural education - agroindustrial relations - professional competence - personnel - entrepreneurship
    Essay ten behoeve van de strategische ontmoeting over de Groene Carrière op 24 mei in Flora Boskoop. In 2010 hebben 3 Greenports ervaring opgedaan met Groene Carrières. Het project ‘de Groene Carrière’ is uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van EL&I (v/h LNV) directie Kennis (i.c. Jan Guerand en René van Schie). De 3 Greenports waren Boskoop, Noord Holland Noord en de Betuwse Bloem. De Greenports werden gefaciliteerd door de WUR en CINOP. Doel van de Groene Carrière is duurzame inzetbaarheid van medewerkers te realiseren. De groene sector is in potentie een aantrekkelijke sector om te werken. Een flink aantal kenmerken zoals werken met natuurlijke producten, duurzaamheid en buitenlucht sluiten aan bij wat mensen graag in hun werk zien. Ondanks dat, lukt het niet om gezien te worden als een aantrekkelijke omgeving om in te werken. Stedelingen hebben in het algemeen weinig contact met de groene sector. Beeldvorming is niet negatief1 Bij aanvang van de Groene Carrière bleek al direct dat er vergelijkbare bestaande initiatieven in diverse regio’s zijn. Veel van deze initiatieven worden ‘stand alone’ uitgevoerd. Van kennisuitwisseling, leren van elkaar en ontwikkelen van nieuwe kennis op dit vlak is nauwelijks sprake. Veel van deze initiatieven worden geconfronteerd met vergelijkbare uitdagingen/problemen: maar werkgelegenheid wordt in andere
    Kansen voor het Nederlands Agro-Midden en Klein Bedrijf in Ghana, Mali en Mozambique
    Mheen-Sluijer, J. van der; Waardenburg, R. ; Rothuis, A.J. - \ 2011
    Den Haag : Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie - 78
    middelgrote bedrijven - kleine bedrijven - landbouwindustrie - internationale handel - investering - voedselzekerheid - ghana - nederland - mali - mozambique - medium sized businesses - small businesses - agribusiness - international trade - investment - food security - ghana - netherlands - mali - mozambique
    Het kabinet heeft besloten voedselzekerheid te verheffen als een prioritair thema binnen ontwikkelingssamenwerking. Dit heeft geleid tot, binnen de huidige vijftien partnerlanden, een selectie van zes landen te weten, Ethiopië, Kenya, Rwanda, Ghana, Mali en Mozambique. In deze zes landen willen de ministeries van Buitenlandse Zaken en Economische Zaken, Landbouw en Innovatie gezamenlijk pilot projecten starten. Een belangrijke factor voor de kans van slagen van initiatieven in deze zes landen is de mate van betrokkenheid van bedrijfsleven in het doelland, maar ook het bedrijfsleven in Nederland. De grotere Nederlandse bedrijven maken hun wensen met betrekking tot dit traject wel kenbaar, maar het is lastiger te identificeren waar de kansen liggen binnen deze zes landen voor het Nederlandse MKB actief in de agrarische sector (zowel primaire productie als verwerkende industrie en toeleverende industrie (machinerie, veevoeder e.d.)). Het lijkt dat dit segment onvoldoende op de hoogte is van de kansen en mogelijkheden in (sommige van) deze landen, en om die reden nog geen grote interesse in het traject heeft getoond. Om vanuit de programmatische inzet op voedselzekerheid een betere link met het Nederlandse bedrijfsleven (MKB) te realiseren, heeft de Directie Agroketens en Visserij de volgende kennisvraag geformuleerd: identificeren van 4-5 sub sectoren binnen de Nederlandse landbouwsector (zowel primair, verwerkend als toeleverend) waarop het Nederlandse agro-MKB het meest actief is in haar internationale handels- en investeringsstromen, m.n. gericht op midden- en lagere inkomenslanden. Hiertoe zoveel mogelijk gebruik makend van bestaand onderzoek; identificeren van het marktpotentieel (voor zowel handel als investeringen) voor het Nederlandse agro-MKB voor de onder 1) geïdentificeerde sub sectoren in de landen Ghana, Mali en Mozambique. Middels de beantwoording van deze kennisvraag wil de Directie Agroketens en Visserij in staat gesteld worden het Nederlandse agro MKB gerichter te kunnen benaderen teneinde ze te betrekken in deze rijks brede programmatische inzet op het thema voedselzekerheid. Omdat bestaand onderzoek over deze onderwerpen ontbrak, hebben de auteurs van dit rapport hun eigen netwerk in deze drie landen en het Nederlands bedrijfsleven ingezet. Naast het in kaart brengen van de kansen in deze landen, zoals beschreven in documenten van de overheden en internationale organisaties, hebben we onze contacten geïnterviewd. Zij hebben informatie gegeven over specifieke kansen die zij zagen voor investeringen in deze landen en de obstakels die ze hierbij ondervonden. Ook werden we soms doorverwezen naar andere bedrijven die ook (interesse hebben in) actief zijn in deze landen. Door deze sneeuwbalmethode te gebruiken is er zeer waarschijnlijk een bias opgetreden naar Nederlandse bedrijven die zich concentreren op handel met (import uit en export naar) deze landen, in plaats van bedrijven die investeren in productie voor de lokale- en regionale markt. Ook is niet duidelijk welk percentage Nederlandse bedrijven dat daadwerkelijk actief is (of wil worden) in deze landen we via deze sneeuwbalmethode bereikt hebben.
    Actualisatie ketenrendement in de Nederlandse agribusiness: 2000-2009 : varkensvlees, zuivel, groente en fruit
    Backus, G.B.C. ; Pierick, E. ten; Galen, M.A. van; Jager, J.H. - \ 2011
    Den Haag : LEI Wageningen UR - 10
    landbouwindustrie - ketenmanagement - kosten-batenanalyse - rendement - melkproducten - fruit - groenten - varkensvlees - bedrijfsresultaten in de landbouw - agribusiness - supply chain management - cost benefit analysis - returns - milk products - fruit - vegetables - pigmeat - farm results
    In 2007 zijn door het LEI in opdracht van de Rabobank de ketenrendementen in de Nederlandse agribusiness onderzocht. Voor de periode 2002-2004 werden de rendementen in de verschillende schakels van vier Nederlandse agroketens berekend voor zuivel, varkensvlees, groente en fruit. Het onderzoek maakte duidelijk hoe de rendementsverhouding tussen de schakels en tussen de ketens was, en droeg daarmee bij aan de discussie hierover. Het was voor de Rabobank aanleiding de resultaten van de studie uit 2007 te laten actualiseren.
    Duurzaam Paddestoelen Cluster Kerkdriel: Effectieve samenwerking leidt tot meer rendement
    PPO Praktijkonderzoek Plant en Omgeving, - \ 2011
    PPO [etc.]
    eetbare paddestoelen - tuinbouw - ketenmanagement - landbouwindustrie - agro-industriële complexen - betuwe - edible fungi - horticulture - supply chain management - agribusiness - agroindustrial complexes - betuwe
    Centraal gelegen in Nederland ligt Kerkdriel. Een dorp met een lange tuinbouwhistorie. De paddestoelenteelt is een belangrijke economische motor voor Kerkdriel en omgeving. Circa 15 % van de beroepsbevolking werkt in deze sector. De sector is in staat om van mest een waardevol product te maken dat over de hele wereld wordt verhandeld en geconsumeerd. Alle schakels van de keten zijn hier aanwezig; teelt, verwerking, recycling, verpakking en logistiek.
    ABC geeft laanbomenteelt in Opheusden een gezicht : Kernbegrippen van het ABC Opheusden:
    PPO BBF Boomkwekerij, - \ 2011
    PPO [etc.]
    straatbomen - houtachtige planten als sierplanten - landbouwindustrie - agro-industriële complexen - netwerken - ketenmanagement - betuwe - street trees - ornamental woody plants - agribusiness - agroindustrial complexes - networks - supply chain management - betuwe
    De Laanbomenteelt in de Betuwe is bekend in heel Europa en heeft een uitstekende naam. Rondom deze teelt is een keten van bedrijven ontstaan. Een Agri Business Centrum (ABC) aan de Betuwelijn en langs de A15 kan een aantal schakels uit de keten dichter bij elkaar brengen en nieuwe impulsen geven. Kennis kan worden gedeeld in een formeel en informeel netwerk. De afgelopen jaren hebben regelmatig gesprekken plaatsgevonden over de ruimtelijke invulling van het ABC. Onder bepaalde voorwaarden bestaat er belangstelling voor een dergelijk centrum. Bouw moet wel passen in een goede wegenstructuur in de ontsluiting van het gebied. Deze brochure geeft een beeld van de mogelijkheden van een dergelijk centrum en is een eerste stap in een groter gemeentelijk project (structuurvisie).
    Topsector Agro&Food : 'Agro&Food: De Nederlandse groeidiamant'
    Hart, C. 't; Hoogeveen, H. ; Janssen, N. ; Kropff, M.J. ; Rijsingen, J. van - \ 2011
    [S.l.] : Topteam Agro&Food - 125
    landbouwsector - voedselindustrie - agro-industriële sector - landbouwindustrie - duurzaamheid (sustainability) - agricultural sector - food industry - agroindustrial sector - agribusiness - sustainability
    Innovatiecontract van de Topsector Agri&Food. De Agro & Food sector is de motor van de Nederlandse economie en de nummer 1 in de wereld. In totaal genereert de sector €48 miljard aan toegevoegde waarde. Dat is goed voor bijna 10% van de Nederlandse economie en werkgelegenheid. Nederland heeft de meest succesvolle en innovatieve Agro & Food-bedrijven, beschikt over kennisinstellingen van wereldklasse en staat aan de Europese top van private investeringen.
    Implications of the establishment of a custom union between Russia, Kazakhstan and Belarus for the Dutch agribusiness
    Berkum, S. van; Dvortsin, L. - \ 2011
    Den Haag : LEI, part of Wageningen UR (Memorandum / LEI : Research area International policy ) - 28
    landbouwindustrie - export - douanevoorschriften - handelsbarrières - voorkeurtarieven - rusland - kazachstan - europese unie - agribusiness - exports - customs regulations - trade barriers - preferential tariffs - russia - kazakhstan - european union
    De douane-unie tussen Rusland, Wit-Rusland en Kazachstan kan tot meer concurrentie leiden voor Nederlandse exporteurs naar deze landen, vanwege restrictievere invoerregels aan de gemeenschappelijk buitengrens en een voorkeursbehandeling voor de onderlinge handel. De regels rond markttoegang tot de unie zijn nog niet vastgesteld, waardoor de gevolgen voor de Nederlandse agribusiness moeilijk nader zijn te bepalen. Het LEI doet verslag van een onderzoek naar de mogelijke gevolgen van de douane-unie voor de Nederlandse agri-business.
    De beschikbaarheid van biomassa voor energie in de agro-industrie
    Elbersen, H.W. ; Janssens, S.R.M. ; Koppejan, J. - \ 2011
    Wageningen : Wageningen UR - Food & Biobased Research (Report / Wageningen UR Food & Biobased Research 1200) - 133
    biomassa - bio-energie - biobased economy - reststromen - landbouwindustrie - scenario-analyse - biomass - bioenergy - biobased economy - residual streams - agribusiness - scenario analysis
    In het Agroconvenant is een doelstelling opgenomen voor duurzame energie van 200 PJ. Van de agro-industrie wordt een bijdrage van 75 tot 125 PJ (bio-energie). De sector vraagt zich af of deze doelstelling wel realistisch is. Het doel van dit project was het in kaart brengen van de kwaliteit en kwantiteit van reststromen uit de agro-industrie die aanwezig of beschikbaar zijn of reeds (in Nederland) ingezet worden voor bio-energie nu en in 2020.
    Evaluatie "VENLOg" (IN-114)
    FBR-WUR, - \ 2010
    TransForum - 3
    verse producten - landbouwproducten - logistiek - agrodistributie - distributie - handel - landbouwindustrie - stadslandbouw - regionale ontwikkeling - regionale centra - fresh products - agricultural products - logistics - agro distribution - distribution - trade - agribusiness - urban agriculture - regional development - central places
    Meer dan de helft van de wereldbevolking woont in grote bevolkingscentra gelegen in Delta’s. Deze delta’s zijn ook zeer geschikt voor productie. Kortom productie en afzet liggen voor een deel dicht bij elkaar (local to local) en zijn voor een deel global tussen de logistieke hotspots (global sourcing en distributie). Het samenkomen van alle vers stromen op bepaalde locaties is een logische ontwikkeling die gestuurd wordt door de ligging van grote bevolkingscentra en door de service eisen (responsiviteit, assortiment) die grote internationale afnemers vereisen. Deze clustering van gebundelde stromen, productie en consumptie is terug te vinden in het concept van metropolitan agriculture. Het project VENLOg gaat in op de logistieke problematiek van metropolitan agriculture, en kan op die manier de visie van TransForum versterken. Hoe, waar en met wie organiseer je nu logistieke knooppunten. De ambitie is om nieuwe triple P verbindingen te creëren binnen ketens (producenten, logistiek dienstverleners, handel, retail, vastgoed) en tussen agro-sectoren (transport, grondstoffen, energie- en afvalstromen). Multimodaal transport (water en rail-transport) kan worden ingezet om geconcentreerde logistieke stromen te vervoeren. Nieuwe combinaties van (product)stromen leiden tot een reductie van kilometers (en dus CO2-reductie) en de mogelijkheid om beter in te spelen op klantwensen (snellere levering).
    Het Nederlandse agrocomplex 2010
    Leeuwen, M.G.A. van; Kleijn, A.J. de; Pronk, A. - \ 2010
    Den Haag : LEI, onderdeel van Wageningen UR (Rapport / LEI : Onderzoeksveld, Internationaal beleid ) - ISBN 9789086154838 - 67
    landbouwsector - agrarische economie - landbouwindustrie - agro-industriële sector - economische situatie - agrarische productiesystemen - nederland - agricultural sector - agricultural economics - agribusiness - agroindustrial sector - economic situation - agricultural production systems - netherlands
    Dit rapport geeft een overzicht van de economische ontwikkeling van het Nederlandse agrocomplex. Dit omvat de land- en tuinbouw en de daarmee samenhangende handel en industrie. Het rapport onderscheidt vijf deelcomplexen, nl: glastuinbouw, opengrondstuinbouw, akkerbouw, grondgebonden-veehouderij en intensieve-veehouderij.
    Van doorvoerland naar servicenetwerk; welke rol is voor Agrologistiek Nederland weggegelegd?
    Scheer, F.P. ; Groot, J.J. ; Snels, J.C.M.A. ; Vorst, J.G.A.J. van der - \ 2010
    In: Bijdragen Vervoerslogistieke Werkdagen 2010, 18-19 november 2010, Antwerp, Belgium. - Zelzate : University Press - ISBN 9789490695446 - p. 95 - 110.
    landbouwindustrie - agrodistributie - logistiek - transport - agro-industriële complexen - clusters - ketenmanagement - agribusiness - agro distribution - logistics - transport - agroindustrial complexes - clusters - supply chain management
    Het Nederlandse agro-cluster is een belangrijke peiler onder de Nederlandse economie. Haar netto export (export-import) bedraagt ruim 20 miljard euro en vertegenwoordigt circa 50% van de Nederlandse handelsbalans. Hierbinnen vervult de agrologistiek een belangrijke rol, zowel nationaal (toegevoegde waarde) als internationaal (doorvoer). Dit sterke Nederlandse agro-cluster staat echter ook onder druk. Toenemende congestie en druk op de ruimtelijke omgeving zorgen ervoor dat verdere groei steeds moeilijker realiseerbaar wordt binnen de eigen landsgrenzen. Daarbij komt dat buitenlandse productie in termen van kosten voor arbeid, land en energie vaak beter scoren dan Nederland zodat een verschuiving van productie naar het buitenland plaatsvindt. Tenslotte zorgt schaalvergroting aan de productie- en afzetzijde (metname retail) ervoor dat productstromen steeds vaker rechtstreeks van bron naar bestemming (zonder tussenschakels of draaischijven) getransporteerd worden. De agrologistiek wordt dus steeds internationaler en Nederland moet zich heroriënteren op haar internationale rol, dit alles in combinatie met het verrijken van de eigen kracht van het nationale cluster.
    Bloeiende Clusters in de Betuwse Bloem, Integratienotitie, Thema’s, schaalniveaus en businesscases
    Fontein, R.J. ; Kranendonk, R.P. ; Kruit, J. ; Scheer, F.P. ; Poot, E.H. - \ 2010
    Greenport Betuwse Bloem - 33
    tuinbouw - akkerbouw- en tuinbouwbedrijven - agro-industriële ketens - landbouwindustrie - agro-industriële complexen - agro-industriële sector - samenwerking - rivierengebied - betuwe - horticulture - crop enterprises - agro-industrial chains - agribusiness - agroindustrial complexes - agroindustrial sector - cooperation - rivierengebied - betuwe
    De Betuwe kent een sterke tuinbouwsector dat opgesplitst kan worden in vier tuinbouwsectoren: glastuinbouw (555 ha, Bommelerwaard en Arnhem-Nijmegen), paddenstoelenteelt (15 ha Maasdriel), fruitteelt (5.200 ha, regio Buren/Geldermalsen) en laanboomteelt (1.300 ha, regio Opheusden). Door meer samenwerking, onderling en binnen de tuinbouwketen, willen de clusters hun gezamenlijke economische positie verder versterken. De ambitie is om de tuinbouw in het Rivierengebied op de (inter)nationale kaart zetten. Doorvoor is in 2006 door de provincie Gelderland en de ondernemers uit de verschillende sectoren gezamenlijk het initiatief genomen om samen te werken onder de noemer Greenport Betuwse Bloem. Samen met kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties zien zij mogelijkheden om de logistieke kansen, de energiestromen, het hoogwaardige landschap en het kennisnetwerk in het gebied veel beter te benutten dan nu gebeurt. Deze samenwerking moet de winstgevendheid van de tuinbouw versterken en tegelijkertijd een bijdrage leveren aan het behoud van het typerende landschap. Deze notitie geeft handvatten om te komen tot duurzame agroclusters in de Betuwe.
    Proteins in biomass streams
    Mulder, W.J. - \ 2010
    Wageningen : Food & Biobased Research (Rapport 1134) - 60
    eiwitten - agro-industriële sector - landbouwindustrie - biomassa - voedingseiwit - diervoedering - financiën - biobased economy - bioraffinage - productieprocessen - chemicaliën uit biologische grondstoffen - economische aspecten - proteins - agroindustrial sector - agribusiness - biomass - dietary protein - animal feeding - finance - biobased economy - biorefinery - production processes - biobased chemicals - economic aspects
    The focus of this study is to give an overview of traditional and new biomasses and biomass streams that contain proteins. When information was available, the differences in molecular structure and physical and chemical properties for the different proteins is given. For optimal biomass use, isolation of valuable compounds like proteins can be an important aspect. To make decisions possible if biorefinery strategies by which the isolation of proteins is feasible, the economical value and production volumes of the different biomass streams will be discussed (when available). Also the industrial relevance and possible applications, such as technical applications and chemicals derived from proteins, will be reported. In addition, the outlet of protein-rich biomass resources in the feed sector will be pointed out.
    Check title to add to marked list

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.