Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Current refinement(s):

Records 21 - 40 / 630

  • help
  • print

    Print search results

  • export
    A maximum of 250 titles can be exported. Please, refine your queryYou can also select and export up to 30 titles via your marked list.
  • alert
    We will mail you new results for this query: keywords==plagenbestrijding
Check title to add to marked list
Het bodemschimmelschema
Lamers, J.G. ; Rozen, K. van - \ 2014
Lelystad : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit PPO-agv - 70
akkerbouw - tuinbouw - vollegrondsgroenten - kennis van boeren - kennisoverdracht - internet - waardplanten - gewasbescherming - plagenbestrijding - bodemschimmels - arable farming - horticulture - field vegetables - farmers' knowledge - knowledge transfer - host plants - plant protection - pest control - soil fungi
Dit project betreft het ontsluiten van kennis via een internetapplicatie over de invloed van waardplant, plantgevoeligheid en bodemtype op bodemgerelateerde plagen en schimmels. Het schema bevat vijftien belangrijke bodemschimmels in zowel akkerbouw- als vollegrondsgroentegewassen, beschreven in aparte hoofdstukken. Elk hoofdstuk bestaat uit een algemene beschrijving, de levenscyclus, waardplanten en vermeerdering en de schade van de plaag. Voor iedere plaag is een bodemplagenschema gemaakt met een semi-kwantitatieve beschrijving van de schade en vermeerdering van de plaag op 40 landbouwgewassen, zoveel mogelijk gevolgd door een referentie.
Handhaven van sluipwespen tegen wolluis
Pijnakker, J. ; Leman, A. ; Messelink, G.J. - \ 2014
Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapport / Wageningen UR Glastuinbouw 1313) - 22
glastuinbouw - sierteelt - plagenbestrijding - planococcus citri - sluipwespen - organismen ingezet bij biologische bestrijding - waardplanten - gastheren (dieren, mensen, planten) - effecten - greenhouse horticulture - ornamental horticulture - pest control - planococcus citri - parasitoid wasps - biological control agents - host plants - hosts - effects
De citruswolluis, Planococcus citri, is een hardnekkige en toenemende plaag in de sierteelt onder glas. In dit onderzoek is gekeken of de bestrijding van wolluis met sluipwespen verbeterd kan worden door de levensduur te verlengen met suikers. Het bijvoeren van sluipwespen met suikers (een mix van glucose, sucrose en fructose) verlengde de levensduur aanzienlijk, gemiddeld bleven de wespen van de soort Anagyrus pseudococci 5x zo lang in leven. In kooiproeven werd gevonden dat het toevoegen van suikers aan planten met citruswolluis resulteerde in een grotere populatieopbouw van de sluipwesp A. pseudococci. Blijkbaar hebben deze suikers een betere voedingswaarde dan de honingdauw die door de wolluis zelf wordt afgescheiden. Echter, bij het testen van suikers in een grotere kasproef kon om onduidelijke redenen geen toegevoegde waarde worden aangetoond. Een andere manier om sluipwespen te handhaven in kassen is door ze gastheren aan te bieden voor parasitering. In dit onderzoek is een bankerplantsysteem getest op basis van kalanchoë en citruswolluis. Om de kans op ontsnapping van wolluis naar een teeltgewas te minimaliseren werden deze planten omringd door een plexiglaskoker . Het bleek dat deze bankerplanten gedurende 16 weken honderden sluipwespen van A. pseudococci kunnen produceren. Bij toepassing in een kas werd wolluis sneller en effectiever bestreden door sluipwespen dan in een kas zonder bankerplanten en alleen sluipwespen.
Biodiversiteit onder glas : voedsel voor luizenbestrijders
Janmaat, L. ; Bloemhard, C.M.J. ; Kleppe, R. - \ 2014
Driebergen : Louis Bolk Instituut - 20
glastuinbouw - glasgroenten - aphididae - biologische landbouw - gewasbescherming - plagenbestrijding - biodiversiteit - organismen ingezet bij biologische bestrijding - nuttige insecten - bloemen - paprika's - nectarplanten - plaagbestrijding met natuurlijke vijanden - greenhouse horticulture - greenhouse vegetables - organic farming - plant protection - pest control - biodiversity - biological control agents - beneficial insects - flowers - sweet peppers - nectar plants - augmentation
In het praktijknetwerk 'Biodiversiteit onder glas' is door glastuinders geëxperimenteerd met bloemen in en rond de kas. Al dan niet in combinatie met bankerplanten zoals granen. Deze brochure is gemaakt om kennis over bloemen en biologische bestrijders te geven en specifiek het nut van biodiversiteit.
Goede bedrijfshygiëne geeft suzuki-fruitvlieg weinig kans
Helsen, H.H.M. ; Heijerman-Peppelman, G. - \ 2014
De Fruitteelt 104 (2014)22. - ISSN 0016-2302 - p. 17 - 11.
kleinfruit - drosophila suzukii - aantasting - plagen - bedrijfshygiëne - kersen - prunus avium - organisch afval - teeltsystemen - plagenbestrijding - small fruits - infestation - pests - industrial hygiene - cherries - organic wastes - cropping systems - pest control
De meeste suzuki-fruitvliegen werden vorige jaar gevangen in kersenboomgaarden waar geïmporteerd fruit werd verkocht. In dat fruit zaten eieren en larven van de suzuki-fruitvlieg. In dat afval van dat fruit ontwikkelden zich vliegen, die op minstens één bedrijf flinke schade veroorzaakten aan de late kersen. Een goede bedrijfshygiëne is dan ook onontbeerlijk bij de beheersing van de suzuki-fruitvlieg, al laten buitenlandse ervaringen zien dat dit geen garanties geeft.
Kennis als gereedschap om schade te beperken
Raaijmakers, E. ; Rozen, K. van; Everaarts, T. - \ 2014
Akker magazine 10 (2014)5. - ISSN 1875-9688 - p. 18 - 19.
akkerbouw - gewasbescherming - deroceras reticulatum - plantenplagen - naaktslakken - tipulidae - elateridae - ziektebestrijdende teeltmaatregelen - plagenbestrijding - kennis van boeren - dieridentificatie - bodempathogenen - suikerbieten - arable farming - plant protection - plant pests - slugs - cultural control - pest control - farmers' knowledge - animal identification - soilborne pathogens - sugarbeet
Slakken, emelten en ritnaalden zijn al op veel percelen suikerbieten waargenomen. Ze veroorzaken plantwegval. Hierdoor moesten enkele telers hun percelen zelfs overzaaien. Ieder jaar zorgen bodemplagen voor schade. Met meer kennis hierover heeft een teler meer gereedschappen in handen om schade te beperken en de opbrengst te verhogen.
Concept-afwegingskader beheersing invasieve oever- en waterplanten
Dijk, C.J. van; Riemens, M.M. - \ 2014
Amersfoort : Stowa (Rapport / STOWA 2014-20) - ISBN 9789057736520 - 39
waterlopen - invasieve exoten - schadelijke waterplanten - plagenbestrijding - inventarisaties - streams - invasive alien species - aquatic weeds - pest control - inventories
Uitheemse, woekerende oeverplanten en waterplanten kunnen voor veel problemen zorgen in de waterbeheersing. Dan is bestrijding gewenst. Dit rapport is een eerste stap in de ontwikkeling van een volwaardig afwegingskader voor het kiezen van de meest adequate bestrijdingsmethode. Bestrijding van uitheemse, woekerende oever- en waterplanten, zoals de Waterwaaier (Cabomba) en de Grote waternavel, vergen vaak grote inspanningen van waterbeheerders. Er zijn voorbeelden waarin deze uitheemse soorten dermate snel watergangen koloniseren, dat snelle bestrijding vereist is. De verwachting is dat problemen met uitheemse soorten planten (en dieren) in watergangen in de toekomst gaan toenemen. Om de veiligheid en de functionaliteit van waterinfrastructuur te kunnen garanderen, is bestrijding en/of beheersing van invasieve uitheemse soorten noodzakelijk.
Monitoring Aspergevliegen 2013 Gewastellingen en lijmstokvangsten van aspergevliegen in veertien aspergevelden
Rozen, K. van; Wilms, J.A.M. - \ 2014
Lelystad : PPO AGV - 55
asparagus - stengelgroenten - plagen - veldgewassen - vollegrondsgroenten - plantenplagen - geïntegreerde plagenbestrijding - ziektebestrijdende teeltmaatregelen - gewasbescherming - veldproeven - boorders (insecten) - insectenplagen - plagenbestrijding - stem vegetables - pests - field crops - field vegetables - plant pests - integrated pest management - cultural control - plant protection - field tests - boring insects - insect pests - pest control
Monitoringssysteem voor aspergevliegen ontwikkelen met bijbehorende advisering. De resultaten in 2012 en 2013 van 26 gemonitorde percelen geven voldoende aanleiding tot een gerichtere aanpak van aspergevliegen. Dit betekent ook vaak dat niet hoeft worden ingegrepen. In 2013 is een schadedrempel geformuleerd op basis van de uitkomsten; bestrijding uitvoeren nadat gemiddeld 10 aspergevliegen/val/week zijn geteld. Op dit moment wordt aanbevolen om deze schadedrempel in de praktijk te valideren.
Voorkomen van schade door bonenvlieg : effectiviteit van zaad- en bodembehandelingen en aanvullende maatregelen om stamslabonen te beschermen tegen de maden van de bonenvlieg (2013)
Rozen, K. van; Vlaswinkel, M.E.T. - \ 2014
Lelystad : PPO AGV - 28
delia platura - insectenbestrijding - phaseolus vulgaris - gewasbescherming - vollegrondsgroenten - vollegrondsteelt - veldproeven - plagenbestrijding - groenteteelt - spinazie - insecticiden - insect control - plant protection - field vegetables - outdoor cropping - field tests - pest control - vegetable growing - spinach - insecticides
In de bonenteelt veroorzaken de maden van de bonenvlieg vraatschade in de kiem- en opkomstperiode, wat kan leiden tot plantwegval en vervolgens opbrengstverlies. Het toegelaten middelenpakket beperkt zich tot één insecticide waarmee het zaad wordt behandeld. Nieuwe middelen met een laag negatief milieuprofiel, insect werende producten en praktische teeltmaatregelen zijn gewenst tegen de verschillende stadia van de bonenvlieg. Dit rapport geeft de resultaten van een veldproef en een demo uitgevoerd in 2013 weer en is het vervolg op de deskstudie en het veldonderzoek in 2012.
Schema Bodemplagen als hulpmiddel : Na aaltjesschema nu ook overzicht voor andere bodemplagen in ontwikkeling
Qiu, Y.T. - \ 2014
Nieuwe oogst : LTO Noord, ZLTO en LLTB. Editie midden 10 (2014)6. - p. 36 - 36.
bodempathogenen - plantenplagen - rotaties - ziektebestrijdende teeltmaatregelen - plagenbestrijding - gewasbescherming - vollegrondsteelt - akkerbouw - soilborne pathogens - plant pests - rotations - cultural control - pest control - plant protection - outdoor cropping - arable farming
Bij welke gewassen moet je als teler op je hoede zijn voor bodemplagen? Welke gewassen zijn het beste te telen als je een bepaald plaaginsect verwacht? Het Schema Bodemplagen is een eenvoudig hulpmiddel.
Towards Integrated Pest Management in East Africa : a feasibility study
Dijkxhoorn, Y. ; Bremmer, J. ; Kerklaan, E. - \ 2013
The Hague : LEI Wageningen UR (Report / LEI Wageningen UR 13-103) - 48
integrated pest management - pesticides - risk reduction - pest control - disease control - sustainable agriculture - feasibility studies - east africa - geïntegreerde plagenbestrijding - pesticiden - risicovermindering - plagenbestrijding - ziektebestrijding - duurzame landbouw - haalbaarheidsstudies - oost-afrika
Pesticide risk reduction through registration of less hazardous pesticides and the promotion of nonchemical pest and disease control approaches such as Integrated Pest Management (IPM) is essential for a more sustainable plant production in East Africa in order to enhance both export market access and food safety. This study gives guidance for the transition towards a further adoption of IPM in East Africa. It describes the current situation and presents the incentives for and obstacles to the East African countries. There are various initiatives to strengthen the institutional, economic, political and social aspects in the East African region. The East African Community (EAC) is working jointly on different themes, including agricultural development and reducing trade barriers. Also, in the field of pesticide legislation further steps should be made. A regional approach in establishing a framework for the registration of pesticides and bio pesticides and natural liquids would be a first step in creating the institutional environment to make actions more effective and efficient.
Begeleidende rapportage Schema Bodemplagen
Qiu, Y.T. ; Rozen, K. van; Raaijmakers, E. ; Everaarts, T. - \ 2013
Lelystad : Applied Plant Research (PPO 3250227400) - 75
bodempathogenen - plantenplagen - vollegrondsteelt - akkerbouw - plagenbestrijding - overzichten - informatie - ziektebestrijdende teeltmaatregelen - bestrijdingsmethoden - soilborne pathogens - plant pests - outdoor cropping - arable farming - pest control - reviews - information - cultural control - control methods
De bodem is een reservoir van insecten, waarvan een deel verantwoordelijk is voor economische schade in akkerbouw- en vollegrondsgroentegewassen. Bij de meeste zogenaamde bodeminsecten leeft alleen het volwassen stadium bovengronds; andere stadia leven voornamelijk in de bodem. Daarnaast zijn er veel plaaginsecten die de bodem gebruiken als schuilplaats om een ongunstige periode van het jaar (zoals de winter) door te brengen. Daardoor functioneert de bodem voor veel bodemplagen als een brug van het ene teeltseizoen naar het andere. Doordat de plagen zich kunnen verbergen in de bodem of in het ondergrondse plantenweefsel zijn ze in die levensfase moeilijk te bestrijden. Inzicht in biologische en ecologische aspecten van deze insectenplagen is noodzakelijk om ze doelgericht te beheersen of te bestrijden. Een overzichtelijk bodemplagenschema biedt een degelijke basis voor een milieuvriendelijke en duurzame aanpak van bodemgerelateerde plagen.
Behandeling uitgangsmateriaal tegen stengelaaltjes: effect warmwaterbehandeling en CATT bij eerstejaars plantuien
Wander, J. ; Volker, D. ; Lieshout, M. van - \ 2013
Kennisakker.nl 2014 (2013)16 jan.
akkerbouw - gewasbescherming - aaltjesdodende eigenschappen - ziektebestrijdende teeltmaatregelen - warmtebehandeling - plantuien - boorders (insecten) - plagen - plagenbestrijding - nematoda - behandeling voor het planten - plantenparasitaire nematoden - arable farming - plant protection - nematicidal properties - cultural control - heat treatment - onion sets - boring insects - pests - pest control - preplanting treatment - plant parasitic nematodes
Bij de warmwaterbehandeling van plantuitjes heeft de voorbehandeling geen effect had op de mate van besmetting van de plantuitjes met stengelaaltjes maar de iets andere voorbehandeling bij de CATT gaf een sterke verlaging van de mate van besmetting. Bij de warmwaterbehandeling in combinatie met de voorbehandeling werd bij een watertemperatuur vanaf 43 ºC een vrij goede effectiviteit bereikt van bijna 99%. Bij de CATT behandeling werd bij 43 ºC in combinatie met de voorbehandeling een uitstekende effectiviteit verkregen van 99,8%
Maatregelen voor het ontsmetten van tarragronden uit de landbouw
Runia, W.T. ; Molendijk, L.P.G. - \ 2013
Wageningen : PPO AGV - 5
bodemkwaliteit - akkerbouw - bouwland - tarra (suikerbieten) - recycling - bloembollen - plagenbestrijding - inundatie - soil quality - arable farming - arable land - dirt tare - ornamental bulbs - pest control - flooding
Met het ministerie is afgesproken dat de Stichting Veldleeuwerik een beroep mag doen op de helpdesk van Wageningen UR. In onderhavig geval is dat de vraag over het veilig terugbrengen van tarragronden naar de percelen. Naast de teelt van suikerbieten gaat het hier ook over bloembollen.
Bestrijding van wortelknobbelaaltjes in de bodem : Inundatie
Elberse, I.A.M. ; Visser, J.H.M. - \ 2013
Lisse : PPO sector Bloembollen, Bomen en Fruit - 29
meloidogyne hapla - inundatie - gewasbescherming - effecten - bloembollen - gladiolus - dahlia - temperatuur - plagenbestrijding - landbouwkundig onderzoek - flooding - plant protection - effects - ornamental bulbs - temperature - pest control - agricultural research
Het noordelijk wortelknobbelaaltje (Meloidogyne hapla) vormt een toenemend probleem in dahlia. Gladiool en dahlia zijn goede waardplanten voor het maïswortelknobbelaaltje (Meloïdogyne chitwoodi). Dit is een quarantaine aaltje en wanneer dit in uitgangsmateriaal wordt aangetroffen, gelden er wettelijke maatregelen van de NVWA. Dit leidt tot voornamelijk economische schade voor de teler. Tot nu toe vallen de problemen met M. chitwoodi in gladiool en dahlia mee, maar omdat de NVWA heeft besloten tot strengere inspectie, is de verwachting dat er in de toekomst meer problemen mee zullen zijn.
Cotton in Benin: governance and pest management
Togbe, C.E. - \ 2013
Wageningen University. Promotor(en): Arnold van Huis; D.K. Kossou; S.D. Vodouhe, co-promotor(en): Rein Haagsma. - Wageningen : Wageningen UR - ISBN 9789461738073 - 201
gossypium hirsutum - katoen - plagen - gewasproductie - gewasbescherming - biologische bestrijding - neemextracten - beauveria bassiana - bacillus thuringiensis - veldproeven - participatie - boeren - plagenbestrijding - plagenbehandeling - geïntegreerde plagenbestrijding - benin - gossypium hirsutum - cotton - pests - crop production - plant protection - biological control - neem extracts - beauveria bassiana - bacillus thuringiensis - field tests - participation - farmers - pest control - pest management - integrated pest management - benin

Key words: cotton, synthetic pesticides, neem oil (Azadirachta indica), Beauveria bassiana,

Bacillus thuringiensis, field experiment, farmers’ participation

Pests are one of the main factors limiting cotton production worldwide. Most of the pest

control strategies in cotton production rely heavily on the application of synthetic pesticides.

The recurrent use of synthetic pesticides has large consequences for the environment (air,

water, fauna, and flora) and human health. In cotton growing areas in Benin, targeted pests

develop resistance, and this resistance is extended to malaria mosquitos. Other negative

impacts are pest resurgence and secondary pest outbreaks due to the effects on the beneficial

insect fauna. This dissertation addresses the technical and institutional constraints hindering

the wide-scale use of staggered targeted control, ‘Lutte étagée ciblée’ (LEC, in French) for

cotton production.

Wider adoption of LEC can only be achieved if some institutional changes were to

occur, such as in the role of input suppliers in order to improve the procurement of LEC

pesticides. This can only happen if farmers would be empowered and better organised.

Locally available phytochemicals and biopesticides can be used to address problems related to

the difficulty in obtaining synthetic pesticides, as well as their negative environmental impact.

Neem oil (Azadirachta indica) and Beauveria bassiana are good candidates to be used in an

integrated pest management approach, as their impact on the beneficial fauna is minimal. We

tested whether the efficacy could be enhanced by using mixed formulations of neem oil and

bio-insecticides, but yields obtained with neem oil used alone and mixed with biopesticides

were not different. This suggests an absence of a synergistic effect between neem oil and B.

bassiana (Bb11) and between neem oil and B. thuringiensis. The combination of biopesticides

increased the cost of production more than that of the conventional treatments, compromising

the profitability of such formulations. Participation in the research process increased farmers’

knowledge on pest and natural enemy recognition. The increase in knowledge did not lead to

any modification in farmer practices with respect to the use of neem oil and Beauveria, but it

led to a significant change towards threshold-based pesticide applications. Policy implications

for successfully changing farming practices are discussed.

Roofwantsen kunnen als enige volwassen tripsen aan (interview met Anton van der Linden)
Arkesteijn, M. ; Linden, A. van der - \ 2013
Onder Glas 10 (2013)10. - p. 21 - 21.
glastuinbouw - plagenbestrijding - reduviidae - thrips - sierteelt - snijbloemen - landbouwkundig onderzoek - greenhouse horticulture - pest control - ornamental horticulture - cut flowers - agricultural research
Tripsen vormen een lastig probleem in de sierteelt. Het is gunstig om op minimaal twee punten in te kunnen grijpen in hun cyclus. Alleen roofwantsen kunnen volwassen tripsen uitschakelen. Daarom zouden ze een welkome aanvulling kunnen zijn om de tripscyclus aan te pakken.
Verminder kostbare verliezen door bewaarrot
Wenneker, M. - \ 2013
De Fruitteelt 103 (2013)8. - ISSN 0016-2302 - p. 14 - 14.
fruitteelt - plantenziekten - vruchtrot - plagenbestrijding - landbouwkundig onderzoek - kosten - kwekers - opslag - monitoring - ziektebestrijding - fruit growing - plant diseases - fruit rots - pest control - agricultural research - costs - growers - storage - disease control
In de lange bewaring van appel en peer wordt geregeld extreem veel vruchtrot aangetroffen. Aantasting door vruchtrot leidt jaarlijks tot veel uitval en kost dus veel geld. Deze kosten zijn niet alleen directe bewaarverliezen: de kosten voor het telen van het product zijn immers ook gemaakt. Bovendien kunnen partijen met vruchtrotinfecties, die bij de sortering nog visueel perfect zijn, in de supermarkt of bij de consument versneld gaan afleven of rotten.
Biofumigatie kan belofte nog niet waarmaken
Hoek, H. ; Visser, J.H.M. - \ 2013
Akker magazine augustus (2013)7. - ISSN 1875-9688 - p. 24 - 25.
plagenbestrijding - biologische bestrijding - nematodenbestrijding - biofumigatie - akkerbouw - landbouwkundig onderzoek - veldproeven - pest control - biological control - nematode control - biofumigation - arable farming - agricultural research - field tests
Biofumigatiegewassen kunnen hun belofte als effectieve aaltjesbestrijder vooralsnog niet waarmaken. De inzet van Afrikaantjes tegen wortellesieaaltjes blijkt aanmerkelijk effectiever en ook zwarte braak scoort beter. Dit blijkt uit onderzoek van PPO naar gewassen die worden ingezet bij biofumigatie: de bestrijding van een schadelijk organisme door een damp of gas met natuurlijke stoffen.
De suzuki-fruitvlieg Drosophila suzukii, een nieuwe plaag op fruit in Nederland
Helsen, H.H.M. ; Bruchem, J. van; Potting, R. - \ 2013
Gewasbescherming 44 (2013)3. - ISSN 0166-6495 - p. 72 - 76.
drosophila suzukii - insectenplagen - kleinfruit - eigenschappen - bestrijdingsmethoden - gewasbescherming - plagenbestrijding - fruitteelt - insect pests - small fruits - properties - control methods - plant protection - pest control - fruit growing
In 2012 is voor het eerst de suzuki-fruitvlieg Drosophila suzukii (Matsamura) in Nederland aangetroffen. Deze van oorsprong Aziatische soort heeft zich in de afgelopen jaren in hoog tempo over Europa en Noord-Amerika verspreid. De suzuki-fruitvlieg is schadelijk doordat de vrouwtjes in staat zijn hun eieren te leggen in rijpende vruchten van een groot aantal fruitgewassen. Kleinfruit (o.a. aardbei en bessen) en steenfruit (vooral kersen) zijn de gewassen die het meest gevoelig zijn voor aantasting door de suzukifruitvlieg. Dit artikel geeft een beschrijving van de soort en een overzicht van de bestrijdingsmogelijkheden.
Effect van bodemroofmijten op drie plagen in gerbera
Pijnakker, J. ; Leman, A. - \ 2013
Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapporten WUR GTB 1267) - 30
gerbera - sierteelt - gewasbescherming - roofmijten - organismen ingezet bij biologische bestrijding - tests - plantenplagen - plagenbestrijding - ornamental horticulture - plant protection - predatory mites - biological control agents - plant pests - pest control
Er worden veel spontaan optredende roofmijtsoorten gevonden in de winterperiode in gerberakassen. Onbekend is of deze roofmijten een rol spelen in de bestrijding van weekhuidmijten. Als ze effectief zijn zou het vroegtijdig stimuleren van hun aanwezigheid interessant kunnen zijn in de beheersing van weekhuidmijten. Ze worden nu vaak in november-december in grote aantallen gevonden. Dat is echter te laat om schade te vermijden. Het doel van het project was de effectiviteit van diverse roofmijtensoorten te bepalen op weekhuidmijten, eieren van Duponchelia en larven van fruitvlieg in gerbera. Larven van de fruitvlieg werden door alle geteste roofmijten genegeerd. Weekhuidmijten werden vaak over het hoofd gezien door de grote soorten bodemroofmijten. Amblyseius reductus bleek wel een geschikte kandidaat te zijn tegen weekhuidmijten. De meeste roofmijten uit dit onderzoek kunnen eieren van Duponchelia en soms de jonge rupsen consumeren. Hypoaspis miles, Hypoaspis aculeifer en Macrocheles robustulus tonen echter vaak een voorkeur voor larven van rouwmuggen en trips-poppen
Check title to add to marked list

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.