Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 21 - 40 / 44

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Beheersing van Rhizoctonia solani in de bloembollenteelt
    Os, G.J. van - \ 2006
    Lisse : PPO Bloembollen, Bomen en Fruit - 45
    thanatephorus cucumeris - bloembollen - bloementeelt - moleculaire detectie - rhizoctonia - controle - bodemschimmels - thanatephorus cucumeris - ornamental bulbs - floriculture - molecular detection - rhizoctonia - control - soil fungi
    De angst voor Rhizoctonia-ziekte is groot. Op besmette percelen kan spruitaantasting door Rhizoctonia solani leiden tot aanzienlijke opbrengstderving. Aantasting van de nieuwe bollen kan bovendien kwaliteitverlies geven. Zeker met minder beschikbare chemische middelen wordt de behoefte aan alternatieve beheersmaatregelen steeds groter, deze zijn echter nog niet voor handen. Dit verslag bevat een samenvatting van de onderzoeksresultaten van het project ‘Beheersing van Rhizoctonia solani in de bloembollenteelt’ (2002-2005) dat is gefinancierd door het Productschap Tuinbouw. Hierin is gekeken naar de effectiviteit van diverse uiteenlopende maatregelen tegen Rhizoctonia solani stam 2-t in tulp en tegen stam 2-2IIIB in lelie. Verder is er een moleculaire detectiemethode ontwikkeld voor kwalitatieve detectie en identificatie van diverse stammen van Rhizoctonia solani. Deze methode is niet op korte termijn geschikt voor kwantitatieve metingen en wordt momenteel gebruikt voor onderzoeksdoeleinden.
    Rapport bureaustudie: gaatjes in consumptieaardappelen
    Wustman, R. - \ 2006
    Wageningen : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit Akkerbouw, Groene ruimte en Multifunctionele landbouw - 43
    consumptieaardappelen - aardappelen - elateridae - thanatephorus cucumeris - oogstschade - akkerbouw - plantenplagen - plantenziekten - table potatoes - potatoes - elateridae - thanatephorus cucumeris - crop damage - arable farming - plant pests - plant diseases
    Gaatjes in consumptieaardappelen (tafel- en verwerkingsaardappelen) zijn soms een belangrijk kwaliteitsprobleem in Nederland. Gaatjes verlagen de uitwendige kwaliteit en leiden tot extra schilverliezen. De oorzaken van het probleem zijn niet precies bekend. Doel van deze bureaustudie was een beschrijving van de mogelijke oorzaken. Rhizoctonia solani en ritnaalden werden genoemd als belangrijkste veroorzakers van gaatjes. De belangrijkste probleemgebieden zijn op lichte gronden in bouwplannen met gescheurd grasland, graszaad of groenbemesters. Kwantificering van de financiële schade was niet exact mogelijk, maar wordt geschat op vijf tot tien miljoen Euro per jaar in de Nederlandse consumptieaardappelteelt. De (financiële) schade wordt afgewenteld op de teler; de handelsbedrijven en verwerkers accepteren geen slechte partijen of passen een korting toe. Als vervolgaanpak wordt voorgesteld: identificatie van de 'gaatjesveroorzaker' op perceelsniveau; ontwikkelen van een ritnaaldenwaarschuwingssysteem met behulp van de Kniptor Kit; beschikbaar maken van meer middelen voor de beheersing van ritnaalden.
    Bodemweerbaarheid tegen R. solani in tulp
    Os, G.J. van; Bent, J. van der - \ 2005
    gewasbescherming - plantenziekteverwekkende schimmels - thanatephorus cucumeris - tulpen - tulipa - compost - organische meststoffen - stro - bodemweerbaarheid - plant protection - plant pathogenic fungi - thanatephorus cucumeris - tulips - tulipa - composts - organic fertilizers - straw - soil suppressiveness
    Rhizoctonia solani is een groot probleem in de tulpenteelt. Voor bestrijding is slechts één fungicide beschikbaar. Door frequente toepassing bestaat de kans op resistentie. Bij het ontbreken van alternatieve bestrijdingsmethoden is een teler aangewezen op de intrinsieke weerbaarheid van de bodem. Verhoging van deze weerbaarheid is noodzaak. Daarom is onderzoek gedaan naar welke factoren de bodemweerbaarheid zouden kunnen verhogen
    Intrinsieke weerbaarheid Rhizoctonia overdraagbaar op compost?
    Hamelink, R. ; Kreij, C. de - \ 2005
    compost - thanatephorus cucumeris - bodemschimmels - plantenziekteverwekkende schimmels - bodemweerbaarheid - composts - thanatephorus cucumeris - soil fungi - plant pathogenic fungi - soil suppressiveness
    Het doel van dit onderzoek was het ziektewerend maken van groencompost. In deze poster informatie over dit onderzoek, resultaten en de praktijk
    Rhizoctonia-decline in bloemkool
    Schilder, M.T. ; Postma, J. ; Schepers, R. - \ 2005
    thanatephorus cucumeris - bloemkolen - bodemschimmels - plantenziekteverwekkende schimmels - bodemweerbaarheid - thanatephorus cucumeris - cauliflowers - soil fungi - plant pathogenic fungi - soil suppressiveness
    Rhizoctonia solani is een algemeen voorkomend bodempathogeen dat bij diverse gewassen schade veroorzaakt. Het is moeilijk te bestrijden vanwege complex bestaan en goede overleving in de grond. Onder bepaalde omstandigheden kan er hoge ziektewering ontstaan. Dit is aangetoond in veldproeven met R. solani in continu bloemkoolteelt
    Intrinsieke weerbaarheid van de bodem tegen Rhizoctonia solani
    Lamers, J.G. ; Kiers, E.A. ; Os, G.J. van; Postma, J. ; Westerdijk, C.E. - \ 2005
    thanatephorus cucumeris - organische stof - bodemschimmels - plantenziekteverwekkende schimmels - bodemweerbaarheid - thanatephorus cucumeris - organic matter - soil fungi - plant pathogenic fungi - soil suppressiveness
    De teelt van een voorvrucht of de toevoeging van organische stof kan mogelijk een bijdrage leveren aan de weerbaarheid van de bodem tegen Rhizoctonia solani (Rs); onderzoek, resultaten en de praktijk
    Rhizoctonia solani
    PPO Praktijkonderzoek Plant en Omgeving, - \ 2005
    Wageningen : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. (Het zit z├│ bij Bio! nr. 1)
    aardappelen - gewasbescherming - plantenziekten - thanatephorus cucumeris - biologische landbouw - teelt - anastomose - anastomosegroepen - potatoes - plant protection - plant diseases - thanatephorus cucumeris - organic farming - cultivation - anastomosis - anastomosis groups
    In deze publicatie over teeltkennis informatie over Rhizoctonia solani, oftewel over de aardappelziekte lakschurft. Besproken worden de gewasschade, de invloed van grondsoort en organische stof, besmetting van pootgoed, de mogelijke invloed van kiemremmers op de schimmel en toepassing van antagonisten
    Toepassingsmogelijkheden van ziektewering in de praktijk
    Lamers, J.G. ; Westerdijk, C.E. - \ 2005
    Gewasbescherming 36 (2005)5. - ISSN 0166-6495 - p. 193 - 197.
    bodem - bodemfactoren - bodemeigenschappen - weerstand - bodemflora - bodembiologie - bodemfauna - ziekteresistentie - plantenziekten - gewasbescherming - triticum - gaeumannomyces - thanatephorus cucumeris - bloemkolen - suikerbieten - aardappelen - vollegrondsteelt - soil - edaphic factors - soil properties - resistance - soil flora - soil biology - soil fauna - disease resistance - plant diseases - plant protection - triticum - gaeumannomyces - thanatephorus cucumeris - cauliflowers - sugarbeet - potatoes - outdoor cropping
    In dit artikel gaat het over ziektewering voornamelijk als gevolg van biologische oorzaken. Dit is het gehele complex van bodemflora en -fauna die interacteren met het pathogeen, de omgeving en met het gewas. Er is een algemene ziektwering en een specifieke ziektewering te onderscheiden. Besproken worden de intensief onderzochte pathogeen-gewas combinaties tarwehalmdoder - tarwe en Rhizoctonia solani - bloemkool/suikerbiet/aardappel. Verder het maximaliseren van de bodemweerbaarheid en het tegengaan van verlaging van de bodemweerbaarheid
    Bodemweerbaarheid tegen Rhizoctonia solani AG 2-1 in bloemkool
    Postma, J. ; Schilder, M.T. - \ 2005
    Gewasbescherming 36 (2005)5. - ISSN 0166-6495 - p. 208 - 211.
    gewasbescherming - plantenziekteverwekkende schimmels - plantenziekteverwekkers - bodemschimmels - thanatephorus cucumeris - waardplanten - brassica - bodemflora - weerstand - bodemfactoren - toegepast onderzoek - analyse - bloemkolen - plant protection - plant pathogenic fungi - plant pathogens - soil fungi - thanatephorus cucumeris - host plants - brassica - soil flora - resistance - edaphic factors - applied research - analysis - cauliflowers
    Rhizoctonia solani is een algemeen voorkomende bodemschimmel die bij diverse gewassen schade veroorzaakt. Dit pathogeen is moeilijk te bestrijden vanwege zijn goede overleving in de bodem. Bovendien kunnen geringe hoeveelheden van het pathogeen onder gunstige omstandigheden het gewas reeds ernstige schade toebrengen. De mate van schade is slecht te voorspellen. Het is gebleken dat onder bepaalde omstandigheden een hoge bodemweerbaarheid tegen Rhizoctonia kan ontstaan. Om meer inzicht te krijgen in het vóórkomen van bodemweerbaarheid en maatregelen die bodemweerbaarheid stimuleren, is hiernaar onderzoek gedaan bij R. solani AG 2-1 in bloemkool. De belangrijkste bevindingen zijn in dit artikel beschreven
    Compostonderzoek aan de leerstoelgroep Biologische Bedrijfssystemen, Wageningen Universiteit; thema bodemweerbaarheid
    Blok, W.J. ; Rijn, E. van; Termorshuizen, A.J. ; Volker, D. - \ 2005
    Gewasbescherming 36 (2005)5. - ISSN 0166-6495 - p. 212 - 215.
    gewasbescherming - bodemstructuur - bodemtextuur - fysische bodemeigenschappen - compost - compostering - plantenziektebestrijding - ziektepreventie - antischimmeleigenschappen - plantenziekteverwekkers - pythium - thanatephorus cucumeris - substraten - veengronden - plant protection - soil structure - soil texture - soil physical properties - composts - composting - plant disease control - disease prevention - antifungal properties - plant pathogens - pythium - thanatephorus cucumeris - substrates - peat soils
    Belangrijke redenen om te composteren zijn stabilisatie van organisch materiaal (verse organische stof stimuleert opportunistische plantenpathogenen zoals Rhizoctonia solani en Pythium-soorten), verkleining van de te transporteren hoeveelheid materiaal en doding van plantenpathogenen. Onderzoek naar de fytopathologische aspecten van composteren en composttoepassing: de afdoding van pathogenen en de verhoging van de ziektewerendheid van substraten door composttoediening
    Bodemweerstand tegen Rhizoctonia solani AG 2-2IIIB is onafhankelijk van rotatie; thema bodemweerbaarheid
    Schneider, J.H.M. ; Bakker, Y. ; Westerdijk, C.E. - \ 2005
    Gewasbescherming 36 (2005)5. - ISSN 0166-6495 - p. 198 - 199.
    bietsuiker - suiker - maïs - waardplanten - thanatephorus cucumeris - gewasbescherming - ziektebestrijding - ziektepreventie - bodemschimmels - weerstand - teeltsystemen - rotaties - anastomosegroepen - toegepast onderzoek - proefvelden - beet sugar - sugar - maize - host plants - thanatephorus cucumeris - plant protection - disease control - disease prevention - soil fungi - resistance - cropping systems - rotations - anastomosis groups - applied research - experimental plots
    De bodemschimmel Rhizoctonia solani is onderverdeeld in zogenaamde anastomose groepen (AGs). De verschilllende AGs verschillen onder andere in waardplantenreeks. R.solani AG 2-2IIIB is een belangrijke ziekteverwekker in suikerbiet, lelie en vollegrondsgroenten. Waardplanten geteeld voor bieten, zoals maïs kunnen de rhizoctonia schade in biet verergeren. Resultaten wijzen erop dat de bodemweerbaarheid tegen rhizoctonia zich onafhankelijk van de rotatie ontwikkeld. Ontrafeling van de mechanismen van bodemweerbaarheid tegen rhizoctonia levert voor de praktijk nieuwe mogelijkheden om rhizoctonia schade te beperken.
    Bodemweerbaarheid tegen schimmels in de bloembollenteelt; thema bodemweerbaarheid
    Os, G.J. van; Wijnker, J.P.M. ; Bent, J. van der - \ 2005
    Gewasbescherming 36 (2005)5. - ISSN 0166-6495 - p. 216 - 218.
    gewasbescherming - ziektebestrijding - plantenziekteverwekkers - ziektepreventie - plantenziekteverwekkende schimmels - pythium - thanatephorus cucumeris - ziektebestrijdende teeltmaatregelen - inundatie - grondsterilisatie - compost - weerstand - resistentiemechanismen - controle - bestrijdingsprogramma's - plant protection - disease control - plant pathogens - disease prevention - plant pathogenic fungi - pythium - thanatephorus cucumeris - cultural control - flooding - soil sterilization - composts - resistance - resistance mechanisms - control - control programmes
    Een aanzienlijk deel van de voorjaarsbloeiende bolgewassen wordt in Nederland geteeld op duinzandgrond, en een vruchtwisseling met uitsluitend bolgewassen. Bodemgebonden pathogenen zoals Pythium spp. en Rhizoctonia solani vormen in deze teelten een groot probleem.Het aantal specifieke bestrijdingsmiddelen is zeer beperkt, terwijl de werking te wensen over laat. De telers zijn in toenemende mate afhankelijk van de bodemweerbaarheid van hun percelen. In dit artikel worden effecten van de teeltmaatregelen, de voor- en nadelen van compostgebruik, mechanismen van bodemweerbaarheid en beheersstrategiën besproken
    Agrobiodiversiteit en Rhizoctonia
    Postma, J. ; Schilder, M.T. ; Garbeva, P. - \ 2004
    Gewasbescherming 35 (2004)2. - ISSN 0166-6495 - p. 105 - 106.
    pathogenen - microbiologie - bodemkunde - gewasbescherming - plantenziektebestrijding - nematoda - plagenbestrijding - thanatephorus cucumeris - bodemmicrobiologie - pathogens - microbiology - soil science - plant protection - plant disease control - nematoda - pest control - thanatephorus cucumeris - soil microbiology
    Lezingen over: PPO aaltjesschema gedigitaliseerd; www.digiaal.nl; de risico's van pootgoed als transporteur van het Quarantaine aaltje Meloidogyne chitwoodi; detectie van Rhizoctonia solani AG 2-2IIIB in plant en grond
    Rhizoctonia-decline in aardappelen in de biologische landbouw: met eigen pootgoed minder Rhizoctonia
    Postma, J. ; Hospers, M. ; Colon, L.T. - \ 2004
    Wageningen : Plant Research International (Nota / Plant Research International 284) - 50
    thanatephorus cucumeris - solanum tuberosum - aardappelen - pootaardappelen - nederland - thanatephorus cucumeris - solanum tuberosum - potatoes - seed potatoes - netherlands
    Biologische bestrijding van Rhizoctonia in chrysant
    Paternotte, S.J. ; Maaswinkel, R.H.M. - \ 2003
    Wageningen : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit Glastuinbouw - 7
    thanatephorus cucumeris - chrysanthemum - biologische bestrijding - plantenziekten - glastuinbouw - landbouwkundig onderzoek - thanatephorus cucumeris - chrysanthemum - biological control - plant diseases - greenhouse horticulture - agricultural research
    Rhizoctonia solani in chrysant is de laatste jaren een toenemend probleem. De ziekteverschijnselen zijn geelverkleuring, verwelking en afsterving van de onderste bladeren. Op de stengel op de grens van grond en lucht ontstaat een stengellesie. De wortels van planten worden bruin en sterven af. Uiteindelijk kan daardoor de hele plant dood gaan. Bestrijding met chemische gewasbeschermingsmiddelen is mogelijk. In literatuur en in eerder onderzoek zijn positieve resultaten met een aantal biologische middelen tegen Rhizoctonia gemeld. In Nederland zijn nog geen biologische gewasbeschermingsmiddelen getoetst tegen Rhizoctonia in chrysant. Daarom zijn in najaar 2001 twee van deze middelen die een kans maken als biologisch gewasbeschermingsmiddel geregistreerd te worden, getoetst op hun effectiviteit tegen Rhizoctonia en op gewasschade bij chrysant.
    Quantification of fungal growth: models, experiment, and observations
    Lamour, A. - \ 2002
    Wageningen University. Promotor(en): M.J. Jeger; F. van den Bosch; A.J. Termorshuizen. - S.l. : S.n. - ISBN 9789058086235 - 132
    bodemschimmels - plantenziekteverwekkende schimmels - kwantitatieve analyse - groei - hyfen - mycelium - groeimodellen - armillaria - thanatephorus cucumeris - soil fungi - plant pathogenic fungi - quantitative analysis - growth - hyphae - mycelium - growth models - armillaria - thanatephorus cucumeris

    This thesis is concerned with the growth of microscopic mycelial fungi (Section I), and that of macroscopic fungi, which form specialised hyphal structures such as rhizomorphs (Section II). A growth model is developed in Section I in relation to soil organic matter decomposition, dealing with detailed dynamics of carbon and nitrogen. Substrate with a certain carbon:nitrogen ratio is supplied at a constant rate, broken down and then taken up by fungal mycelium. The nutrients are first stored internally in metabolic pools and then incorporated into structural fungal biomass. Analysis of the overall-steady states of the variables (implicitly from a cubic equation) showed that the conditions for existence had a clear biological interpretation. The 'energy' (in terms of carbon) invested in breakdown of substrate should be less than the 'energy' resulting from breakdown of substrate, leading to a positive carbon balance. For growth the 'energy' necessary for production of structural fungal biomass and for maintenance should be less than this positive carbon balance in the situation where all substrate is colonised. Under the assumption that nutrient dynamics are much faster than the dynamics of fungal biomass and substrate, a quasi-steady analysis was performed. From the resulting simplified model an explicit fungal invasion criterion was derived, which was not possible in the analysis of the original fungal growth model. The fungal invasion criterion takes two forms: one for systems where carbon is limiting, another for systems where nitrogen is limiting. For cases where only carbon is limiting, nitrogen dynamics were excluded from the model, and this further simplification resulted in a model that was fitted to data on growth of the soil-borne plant pathogen Rhizoctonia solani . Fungal growth and colonisation of discrete nutrient sites in Petri plates were assessed microscopically for two carbon concentrations of the substrate. Colonisation was faster at the higher carbon concentration. The model predicted a lower asymptote for non-colonised substrate and this value was estimated from the data by non-linear regression for each carbon concentration. A key composite parameter, the positive carbon balance per carbon unit of colonised substrate, was lower for the higher carbon concentration. The carbon decomposition rate was estimated by least squares minimisation, after correction for a lag phase expected after robust handling of the inoculated fungus. The delay in subsequent fungal growth after inoculation was extended when there was less carbon available for physical recovery and physiological adaptation to the new environment. The simplified mean-field model with parameters estimated as described above produced a good fit to the data.

    In Section II quantitative studies on the epidemiology of Armillaria root rot are reviewed. This fungus is a serious disease in many forests and horticultural tree crops world-wide, and consequently there is much interest in options for avoiding or restricting the spread of disease through growth of the specialised rhizomorphs in soil. Two rhizomorph networks of A. lutea growing through a natural soil were observed over areas of 25 m 2in Pinus nigra and Picea abies tree plantations. Both rhizomorph systems had numerous branches and anastomoses resulting in cyclic paths, i.e. regions of the system that start and end at the same point. Each rhizomorph network exhibited both exploitative and explorative characteristics within its overall network structure. One of the observed rhizomorph networks of A. lutea was restricted to the cyclic paths only, and the resulting graph was drawn in the plane. The plane graph consisted of 169 rhizomorphs, termed edges, and 107 rhizomorph nodes, termed vertices. The connectivity of the rhizomorph network was explored by focusing on each bridge, i.e. an edge whose removal disconnects the graph into two components. In only two instances was a nutrient source connected to the cycles, and disruption of these two connecting edges would remove the whole network from the sources. A shortest path from a given vertex to a nutrient source was defined in terms of number of edges, and also in terms of length (m). The length of the edges enclosing the faces, i.e. two-dimensional regions defined by the edges in the plane drawing, showed that the fungus exhibited both exploitative and explorative growth, and we speculate about the underlying reasons for these foraging strategies. The introduction of graph-theoretic concepts to fungal growth might lead to an improved ecological understanding of fungal networks in general, provided that relevant biological interpretations can be made.

    Rhizoctonia solani in suikerbieten : inzet groenbemesters beperkt schade
    Westerdijk, C.E. ; Schneider, J.H.M. - \ 2001
    PPO-bulletin akkerbouw 5 (2001)3. - ISSN 1385-5301 - p. 6 - 10.
    thanatephorus cucumeris - plantenziekteverwekkende schimmels - bodemschimmels - suikerbieten - gewasbescherming - plantenziektebestrijding - schimmelbestrijding - ziektebestrijdende teeltmaatregelen - rotaties - groenbemesters - raphanus sativus - sinapis alba - tussengewassen (intercrops) - tussenteelt - vatbaarheid - gastheren (dieren, mensen, planten) - waardplanten - ziekteresistentie - resistentie van variëteiten - rassenproeven - schade - oogstschade - gewasverliezen - thanatephorus cucumeris - plant pathogenic fungi - soil fungi - sugarbeet - plant protection - plant disease control - fungus control - cultural control - rotations - green manures - raphanus sativus - sinapis alba - intercrops - intercropping - susceptibility - hosts - host plants - disease resistance - varietal resistance - variety trials - damage - crop damage - crop losses
    Overzicht van resultaten van onderzoek bij PPO, PRI en IRS naar mogelijke oplossingen voor de bestrijding van de bodemschimmel Rhizoctonia solani in de suikerbietenteelt. Gewassen en onkruiden die als waardplanten fungeren; gevoeligheid van gewassen en het effect op een volggewas suikerbieten (rot; wegval; suikeropbrengst); effect van verschillende voorvruchten op Rhizoctonia-rot en suikeropbrengst; effecten van bladrammenas en gele mosterd in de rotatie (als braakgewas en/of groenbemester); effect van gewasresten (bietenblad) in de grond; resistentiekarakteristieken van Rhizoctonia-resistente rassen (ziekte-index; bietenaantasting)
    Voorkòmen van Rhizoctonia (zwartpoten) in bloemkool
    Westerdijk, C.E. ; Esselink, J. - \ 2000
    PAV-bulletin. Vollegrondsgroenteteelt / Praktijkonderzoek voor de Akkerbouw en de Vollegrondsgroenteteelt 4 (2000)2. - ISSN 1385-5298 - p. 17 - 19.
    brassica oleracea var. botrytis - bloemkolen - plantenziekteverwekkende schimmels - gewasbescherming - thanatephorus cucumeris - cultuurmethoden - biologische bestrijding - organismen ingezet bij biologische bestrijding - onderzoek - brassica oleracea var. botrytis - cauliflowers - plant pathogenic fungi - plant protection - thanatephorus cucumeris - biological control - biological control agents - cultural methods - research
    Op zoek naar milieuvriendelijke beheersmethoden (de inzet van atagonisten) tegen schade door Rhizoctonia solani in bloemkool
    Control of Rhizoctonia stem and stolon canker of potato by harvest methods and enhancing mycophagous soil mesofauna
    Lootsma, M. - \ 1997
    Agricultural University. Promotor(en): P.C. Struik; K. Scholte. - S.l. : Lootsma - ISBN 9789054857600 - 89
    solanum tuberosum - aardappelen - plantenziekteverwekkende schimmels - gewasbescherming - cultuurmethoden - bodemfauna - biologische bestrijding - mest - organische meststoffen - nederland - thanatephorus cucumeris - solanum tuberosum - potatoes - plant pathogenic fungi - plant protection - cultural methods - soil fauna - biological control - manures - organic fertilizers - netherlands - thanatephorus cucumeris
    Rhizoctonia solani (AG-3) is a soil-borne plant pathogen that causes canker on potato stems an, stolons, resulting in a reduced quantity and quality of the tuber yield. Two approaches for non. chemical control of stem and stolon canker in potato, caused by soil-borne inoculum, were investigated.

    Two field experiments were conducted to investigate whether harvest methods of potato affect soil infestation with R. solani. Soil infestation was estimated on the basis of stem infections of potato in the subsequent year. Immature-crop-harvesting lowered the disease severity in the next crop compared with haulm pulling and chemical haulm killing. However, this harvest method was only successfull in controlling the disease when the formation of sclerotia did not start before harvest and the crop debris was incorporated into the soil with a rotary hoe.

    Control of Rhizoctonia stem and stolon infections by mycophagous soil animals was investigated in experiments under controlled conditions (growth chambers) and in field experiments. The mycophagous soil mesofauna was equally effective in reducing of stem infections at 10 and 15 °C, and they were effective over a broad range of soil moistures. Under controlled conditions, adding dried fresh rape material to the soil enhanced the populations of the springtail Folsomia fimetaria and the nematode Aphelenchus avenae. F. fimetaria reduced stem canker under a broad range of conditions, but when rape was added to the soil at pH-KCl 6.2, its suppressive effect disappeared completely, probably due to the presence of alternative food sources.

    In field experiments, oats grown as green manure crop or farmyard manure plus white mustard as green manure crop enhanced the populations of the mycophagous soil fauna and reduced the severity of Rhizoctonia stem and stolon canker. Oats especially increased the populations of mycophagous nematodes, whereas farmyard manure plus white mustard mainly enhanced the populations of mycophagous springtails.

    Optimalisering van de biologisch-dynamische en ecologische pootgoedteelt : eindrapport over de onderzoeksjaren 1992 tot en met 1995 = Optimization of bio-dynamic and ecological cultivation of seed potatoes : final report on research carried out between 1992 and 1995
    Hospers, M. - \ 1996
    Lelystad : Proefstation AGV (Verslag / Proefstation voor de Akkerbouw en de Groenteteelt in de Vollegrond nr. 210) - 99
    bestrijdingsmethoden - deuteromycotina - geïntegreerde bestrijding - geïntegreerde plagenbestrijding - nederland - biologische landbouw - phytophthora - plantenziekten - plantenziekteverwekkende schimmels - plantenplagen - pootaardappelen - zaadcontrole - zaden - thanatephorus cucumeris - phytophthora infestans - biologisch-dynamische landbouw - moniliaceae - control methods - deuteromycotina - integrated control - integrated pest management - netherlands - organic farming - phytophthora - plant diseases - plant pathogenic fungi - plant pests - seed potatoes - seed testing - seeds - thanatephorus cucumeris - phytophthora infestans - biodynamic farming - moniliaceae
    In a broad based study, various aspects of the control of the diseases Rhizoctonia solani and Phytophthora infestans were studied in a biological cultivation system. Experiments were carried out on organic farms. In addition a farm study was carried out in which the cultivation of seed potatoes was followed and recorded for a period of three years on 15 organic farms
    Check title to add to marked list

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.