Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 15 / 15

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Effects of herbal products in vitro and in vivo
    Groot, M.J. ; Pikkemaat, M.G. ; Driessen-van Lankveld, W.D.M. ; Eerden, M.E. van; Klis, J.D. van der - \ 2013
    diervoeding - geneeskrachtige kruiden - voedertoevoegingen - antimicrobe-eigenschappen - anti-infectieuze middelen - diergezondheid - animal nutrition - herbal drugs - feed additives - antimicrobial properties - antiinfective agents - animal health
    The aim of the study was to examine the antimicrobial action of herbal feed additives and the relation between this antimicrobial action and performance data in vivo and gut histology (villus/crypt ratio) as parameter for gut health.
    AMGB's en coccidiostatica in pluimveevoeders: zijn er goede en veilige alternatieve toevoegingsmiddelen
    Ban, E.C.D. van den; Aarts, H.J.M. ; Bokma-Bakker, M.H. ; Bouwmeester, H. ; Jansman, A.J.M. - \ 2005
    Wageningen : Animal Sciences Group (Rapport nutrition and food / Animal Sciences Group 05/100649) - 61
    anti-infectieuze middelen - coccidiostatica - pluimveevoeding - voedertoevoegingen - probiotica - diergezondheid - voedselveiligheid - antiinfective agents - coccidiostats - poultry feeding - feed additives - probiotics - animal health - food safety
    De EU stelt een volledig verbod in op het gebruik van antimicrobiële groeibevorderaars (AMGB’s) als toevoegingsmiddel in diervoeders per 1 januari 2006. Daarnaast beoogt de EU een totaalverbod (uitfasering) op coccidiostatica (en histomonostatica) als toevoegingsmiddel voor 31 december 2012. Vanwege het aanstaande verbod op AMGB's wordt gezocht naar alternatieven om de verwachte (negatieve) effecten van het verbod op de productiviteit en gezondheid van landbouwhuisdieren tegen te gaan. Er is echter tot nu toe relatief weinig aandacht besteed aan de eventuele risico's van het gebruik van alternatieve additieven ten aanzien van volksgezondheid, voedselveiligheid, diergezondheid en productiviteit. Dit rapport richt zich op de veiligheid van alternatieve toevoegingsmiddelen voor AMGB’s en coccidiostatica in pluimveevoeders.
    Prebiotics in piglet nutrition? Fermentation kinetics along the GI tract
    Awati, A.A. - \ 2005
    Wageningen University. Promotor(en): Martin Verstegen, co-promotor(en): B.A. Williams; M.W. Bosch. - Wageningen : S.n. - ISBN 9789085041641 - 143
    biggen - anti-infectieuze middelen - koolhydraten - fermentatie - kinetica - voedertoevoegingen - microbiële ecologie - varkensvoeding - voedingsfysiologie - piglets - antiinfective agents - carbohydrates - fermentation - kinetics - feed additives - microbial ecology - pig feeding - nutrition physiology

    Keywords: fermentation, gas production, piglets

    The generalized theory behind the carbohydrate to protein fermentation in the GIT is that in presence of fermentable carbohydrate substrate, microbes prefer to ferment carbohydrate source to derive energy and use the nitrogen available for their own growth. With this background information, it was hypothesized that inclusion of fermentable carbohydrates in the piglet diet will reduce the protein fermentation, which will be confirmed by reduced levels of ammonia and branched chain fatty acids in end product profile of the fermentation. The aim of this thesis was to study the effects of inclusion of fermentable carbohydrates in weaning piglets' diet, on GIT fermentation and any changes in microbial community composition and activity. Weaning process in an intensified pig production system brings many sudden changes in the environmental and physical factors in piglets' life. These sudden changes, especially in diet cause serious imbalance in the microbial community. Quicker stabilization and diversification of microbial community post weaning, is crucial in attending the gut health and reducing the risk of pathogenic infections by 'Colonization resistance: As part of this overall aim, the in vitro cumulative gas production technique was used to study the fermentation of selected fermentable substrates. While these substrates namely lactulose, inulin, wheat starch and sugar beet pulp (SBP) were included in test diet and their effect on GIT fermentation was studied in vivo. The combination of microbial community analysis based on fingerprinting techniques such as denaturing gradient gel electrophoresis (DGGE) with nutritional analysis of fermentation end product profiles, was used in vivo and in vitro studies. In in vivo trials, emphasis was given on using combination of slow fermenting carbohydrate sources such as, SBP and wheat starch with fast fermenting lactulose and inulin. The hypothesis behind this approach was to induce carbohydrate fermentation along the GIT, by providing carbohydrate substrate for the microbiota in different parts of GIT. Especially by taking in to account the difference in the transit time of feed in the different parts of GIT, it was expected that fast fermenting lactulose and inulin would be fermented in small intestine while wheat starch somewhere in the beginning of the large intestine while, SBP will reach the distal part of colon. It was found that fermentation along the GIT was improved or in other words skewed more towards the carbohydrate fermentation in vivo. It was observed in vivo that inclusion of fermentable carbohydrates in the diet reduces the protein fermentation in the GIT and ammonia concentration in end product profile. This decrease was observed along the GIT and in time in faecal fermentation end product profiles post weaning. Microbial community analysis using fingerprinting techniques revealed that inclusion of fermentable carbohydrates stabilized and diversified microbial community in the ileum as well as in the colon by day 10 post weaning. This way, the prebiotic effects of fermentable carbohydrates was evidenced. -
    Effects of prebiotics, probiotics and synbiotics in the diet of young pigs
    Shim, S.B. - \ 2005
    Wageningen University. Promotor(en): Martin Verstegen, co-promotor(en): J.M.A.J. Verdonk. - s.l. : S.n. - ISBN 9789085041931 - 178
    biggen - probiotica - koolhydraten - anti-infectieuze middelen - voedertoevoegingen - microbiële ecologie - fermentatie - spijsverteringsstelsel - varkensvoeding - voer - diergezondheid - groei - voedingsfysiologie - piglets - probiotics - carbohydrates - antiinfective agents - feed additives - microbial ecology - fermentation - digestive system - pig feeding - feeds - animal health - growth - nutrition physiology

    Keywords: prebiotics, piglets, gut health
    Prebiotics are non-digestible carbohydrates that are not metabolized in the small intestine and fermented in the large intestine. Oligofructose are non-digestible oligosaccharides which may stimulate beneficial bacteria in the gut and may affect the gut ecosystem. Prebiotic effects will depend largely on their chemical structure (degree of polymerization). Dietary inclusion of probiotics in young pig diets may beneficially affect gut microbiota. Synbiotics, a combination of prebiotics and probiotics may also stimulate the gut ecosystem. The objective of this thesis was to evaluate the effects of pre-, pro- and synbiotics on the gut ecosystem, and some performance parameters. A series of in vivo and in vitro experiments were carried out using suckling and weaned piglets. The experimental results are discussed in this thesis. Overall, it was concluded that synbiotics, a combination of multi-strain probiotics and oligofructose, can positively affect performance especially feed intake, and can improve the gut health. However, we did not observe a clear synergistic effect compared to supplementing oligofructose or probiotics alone. A combination of high and low polymer inulin will probably be more beneficial for the intestinal ecosystem and health than using either high- or low polymer inulin alone. The present studies show that the pre-, pro- and synbiotic treatments affect gut microbiota and performance of young pigs.
    Calprona-P als alternatief voor AMGB's bij gespeende biggen
    Rodenburg, T.B. ; Krimpen, M.M. van; Binnendijk, G.P. ; Smolders, M.M.A.H.H. - \ 2004
    onbekend : Praktijkonderzoek Veehouderij (PV) (Praktijkboek / Animal Sciences Group 33) - 14
    biggen - spenen - voedseladditieven - groeibevorderaars - anti-infectieuze middelen - organische zuren - prestatie-onderzoek - varkensvoeding - alternatieve methoden - piglets - weaning - food additives - growth promoters - antiinfective agents - organic acids - performance testing - pig feeding - alternative methods
    In de veehouderij wordt momenteel gebruik gemaakt van antimicrobiële groeibevorderaars (AMGB¿s). In het rapport ¿antimicrobiële groeibevorderaars¿ (1998/15) adviseert de Gezondheidsraad de overheid om het gebruik van AMGB¿s binnen een aantal jaren volledig te verbieden. Een aantal AMGB¿s is al sinds juli 1999 verboden in verband met verwantschap met humane antibiotica. Het gebruik van AMGB¿s staat ter discussie omdat antibiotica (onder andere AMGB¿s) resistentie van bacteriepopulaties tot gevolg kan hebben. Deze resistentie kan worden overgedragen naar de bacterieflora van de mens. Bovendien kan de effectiviteit van antibiotica die gebruikt worden om infecties bij varkens te bestrijden, afnemen wanneer varkens voortdurend AMGB¿s opnemen via het voer (Van den Bogaard en Stobbering, 1999; Kamphues en Hebeler, 1999; Van den Bogaard et al., 2000). Bij gespeende biggen worden de meeste problemen verwacht wanneer geen AMGB¿s meer worden toegevoegd aan het voer. Daarom wordt in de praktijk slechts op beperkte schaal AMGB-vrij voer verstrekt aan gespeende biggen. Het duidelijk positief effect van AMGB¿s bij jonge biggen is voor een groot deel terug te voeren op een verminderde gevoeligheid voor verteringsstoornissen (speendiarree) waarbij pathogene micro-organismen een rol spelen (Kamphues en Hebeler, 1999). In verband met de resistentieproblematiek en het vooruitzicht dat alle AMGB¿s vanaf 2006 wellicht verboden worden, is de mengvoedersector bezig met het ontwikkelen van voerconcepten die een alternatief kunnen zijn voor AMGB¿s. Voorbeelden zijn verwerking van pre- en probiotica, gisten, etherische oliën, kruidenmengsels en zuren (Freitag et al., 1998, Piva, 1998). Deze toevoegingsmiddelen hebben vaak een antimicrobiële werking en/of stimuleren in het maagdarmkanaal de aanwezigheid van bacteriepopulaties die voor het dier gunstig zijn. Aangezien organische zuren een positieve bijdrage kunnen leveren aan de vertering van het voer en aan de maagdarmgezondheid (Partanen and Mroz, 1999) spelen zuren een belangrijke rol als alternatief voor AMGB¿s, met name bij gespeende biggen. Calprona-P® is een mengsel van zuren en zouten van mierenzuur, azijnzuur en propionzuur. Van Calprona-P®, toegevoegd aan het voer, wordt een verbetering van de groei, voederconversie en de maagdarmgezondheid van gespeende biggen verwacht. In opdracht van Verdugt BV is op het Praktijkcentrum Sterksel nagegaan wat het effect is van Calprona-P® als alternatief voor AMGB in het voer op technische resultaten en gezondheid van gespeende biggen.
    Exenta kruidentinctuur als alternatief voor AMGB's bij gespeende biggen
    Rodenburg, T.B. ; Krimpen, M.M. van; Binnendijk, G.P. ; Smolders, M.M.A.H.H. - \ 2004
    onbekend : Praktijkonderzoek Veehouderij (PV) (Praktijkboek / Animal Sciences Group 32) - 14
    biggen - spenen - voedseladditieven - groeibevorderaars - anti-infectieuze middelen - medicinale planten - prestatie-onderzoek - drinkwater - alternatieve methoden - piglets - weaning - food additives - growth promoters - antiinfective agents - medicinal plants - performance testing - drinking water - alternative methods
    In de veehouderij gebruikt men op dit moment antimicrobiële groeibevorderaars (AMGBs). In het rapport antimicrobiële groeibevorderaars' (1998/15) adviseert de Gezondheidsraad de Nederlandse overheid om het gebruik van AMGBs binnen een aantal jaren volledig te verbieden. Een aantal AMGBs is al sinds juli 1999 verboden in verband met verwantschap met humane antibiotica. Het gebruik van AMGB''s staat ter discussie omdat het gebruik van antibiotica (o.a. AMGB''s) resistentie van bacteriepopulaties tot gevolg kan hebben. In opdracht van Exenta BV is op het Praktijkcentrum Sterksel nagegaan wat het effect is van Exenta kruidentinctuur in het drinkwater op technische resultaten en op de gezondheid van gespeende biggen
    Verlaagd ruw eiwit als alternatief voor AMGB's bij gespeende biggen
    Krimpen, M.M. van; Lierop, A.H.A.A.M. van; Binnendijk, G.P. - \ 2003
    Lelystad : Praktijkonderzoek Veehouderij (Praktijkboek / Praktijkonderzoek Veehouderij : Varkens 26) - 24
    biggen - spenen - eiwitten - anti-infectieuze middelen - groeibevorderaars - voedertoevoegingen - piglets - weaning - proteins - antiinfective agents - growth promoters - feed additives
    In de veehouderij maakt men op dit moment veelvuldig gebruik gemaakt van antimicrobiële groeibevorderaars (AMGB's) in voeders voor landbouwhuisdieren. Het gebruik van AMGB's wordt vanaf 2006 wellicht volledig verboden, omdat het gebruik van antibiotica resistentie van bacteriepopulaties tot gevolg kan hebben. Met dit vooruitzicht is de mengvoersector bezig met het ontwikkelen van voerconcepten die een alternatief kunnen zijn voor AMGB's. :In opdracht van Orffa-Nederland en Ajinomoto Eurolysine zijn we in twee experimenten op respectievelijk Praktijkcentrum Rosmalen en Praktijkcentrum Sterksel nagegaan wat het effect is van verlaagd ruw eiwit in voeders als alternatief voor AMGB's op technische resultaten en gezondheid van gespeende biggen. In deze experimenten zijn drie proefbehandelingen met elkaar vergeleken: voer zonder AMGB, voer met AMGB en voer met verlaagd ruw eiwit. :Op een leeftijd van gemiddeld 4 weken zijn de biggen gespeend en ingedeeld voor de proef. De biggen zijn vanaf spenen 34 dagen gevolgd. In het eerste experiment zijn 540 biggen gevolgd (drie behandelingen x 180 biggen per behandeling) en in het tweede experiment 630 biggen. De behandelingen zonder en met AMGB zijn toen elk 22 keer herhaald en de behandeling met verlaagd ruw eiwit 19 keer.
    Aromabiotic als alternatief voor AMGB's bij gespeende biggen
    Krimpen, M.M. van; Lierop, A.H.A.A.M. van; Binnendijk, G.P. - \ 2003
    Lelystad : Praktijkonderzoek Veehouderij (Praktijkboek / Praktijkonderzoek Veehouderij : Varkens 25) - 15
    biggen - spenen - anti-infectieuze middelen - groeibevorderaars - voedertoevoegingen - vetzuren - varkensvoeding - piglets - weaning - antiinfective agents - growth promoters - feed additives - fatty acids - pig feeding
    In de veehouderij wordt op dit moment veelvuldig gebruik gemaakt van antimicrobiële groeibevorderaars (AMGB's) in voeders voor landbouwhuisdieren. Het gebruik van AMGB's wordt vanaf 2005 wellicht volledig verboden, omdat het gebruik van antibiotica resistentie van bacteriepopulaties tot gevolg kan hebben. Met dit vooruitzicht is de mengvoersector bezig met het ontwikkelen van voerconcepten die een alternatief kunnen zijn voor AMGB's. In opdracht van Vitamex NV is op het Praktijkcentrum Sterksel nagegaan wat het effect is van AROMABIOTIC als alternatief voor AMGB's op technische resultaten en gezondheid van gespeende biggen. In dit experiment zijn drie proefbehandelingen met elkaar vergeleken: voer zonder AMGB, voer met AMGB en voer met AROMABIOTIC. Op een leeftijd van gemiddeld 4 weken zijn de biggen gespeend en ingedeeld voor de proef. De biggen zijn vanaf spenen 34 dagen gevolgd. In totaal zijn 630 biggen gevolgd. De behandelingen zonder en met AMGB zijn elk 22 keer herhaald en behandeling 3 is 19 keer herhaald.
    Plantaardig vetextract als alternatief voor AMGB's bij gespeende biggen
    Krimpen, M.M. van; Lierop, A.H.A.A.M. van; Binnendijk, G.P. - \ 2003
    Lelystad : Praktijkonderzoek Veehouderij (Praktijkboek / Praktijkonderzoek Veehouderij : Varkens 24) - 14
    biggen - spenen - plantaardige vetten - anti-infectieuze middelen - groeibevorderaars - voedertoevoegingen - varkensvoeding - diervoeding - piglets - weaning - plant fats - antiinfective agents - growth promoters - feed additives - pig feeding - animal nutrition
    In de veehouderij maakt men op dit moment veelvuldig gebruik gemaakt van antimicrobiële groeibevorderaars (AMGB's) in voeders voor landbouwhuisdieren. Het gebruik van AMGB's wordt vanaf 2005 wellicht volledig verboden, omdat het gebruik van antibiotica resistentie van bacteriepopulaties tot gevolg kan hebben. Met dit vooruitzicht is de mengvoersector bezig met het ontwikkelen van voerconcepten als alternatief voor AMGB's. In opdracht van Loders Croklaan is op het Praktijkcentrum Sterksel nagegaan wathet effect is van plantaardig vetextract als alternatief voor AMGB's op technische resultaten en gezondheid van gespeende biggen. In dit experiment zijn drie proefbehandelingen met elkaar vergeleken: voer zonder AMGB, voer met AMGB en voer met plantaardig vetextract. Op een leeftijd van gemiddeld 4 weken zijn de biggen gespeend en ingedeeld voor de proef. De biggen zijn vanaf spenen 34 dagen gevolgd. In totaal zijn 630 biggen gevolgd. De behandelingen zonder en met AMGB zijn elk 22 keer herhaald, de behandeling met plantaardig vetextract 19 keer.
    Mushroom and herb polysachariides as alternative for antimicrobial growth promotors in poultry
    Guo, F. - \ 2003
    Wageningen University. Promotor(en): Martin Verstegen; Rene Kwakkel; B.A. Williams; Z.Q. Yang. - [S.l.] : S.n. - ISBN 9789058088260
    pluimvee - paddestoelen - medicinale planten - polysacchariden - anti-infectieuze middelen - voedertoevoegingen - groeibevorderaars - immuniteitsreactie - ziekteresistentie - pluimveevoeding - diervoeding - diergezondheid - poultry - mushrooms - medicinal plants - polysaccharides - antiinfective agents - feed additives - growth promoters - immune response - disease resistance - poultry feeding - animal nutrition - animal health

    Keywords : mushroom and herb polysaccharides, antimicrobial growth promoters, chickens

    Antibiotics are widely used as therapeutics agents and also as growth promoters in poultry production. The possibility of developing resistant populations of bacteria and the side effects of using antibiotics as growth promoters in the farm animals has led to the recent EU-ban on the use of several antibiotics as growth promoters in poultry diets. Therefore, there is an intensive search for alternatives such as probiotics, prebiotics and other feed additives. Immuno-active polysaccharides derived from two mushrooms, Tremella fuciformis ( TreS ) and Lentinus edodes ( LenS ), and the herb Astragalus membranacea Radix ( AstS ), seem to be potential alternatives for antimicrobial growth and health promoters. These products were considered to play an important role in strengthening the animals' defense system by improving the physical conditions of gut ecosystem and enhancing functions of the immune system of chickens. The results presented in this dissertation demonstrated that intact mushroom and herb materials and their polysaccharide extracts showed differences in their physico-chemical properties, therefore, these products showed differences in fermentability and led to significant shifts in the bacterial community when fermented in vitro . These medicinal mushroom and herb materials, particularly their polysaccharide extracts, show promise in altering microbial activities and composition in chicken ceca. The polysaccharide extracts showed a slightly significant effect on growth performance and had no effects on weights of immune and GIT organs in normal broilers. However, the polysaccharide extracts significantly enhanced body growth and manipulated cecal microbial ecosystem such as viscosity and microbial species in Avian mycoplasma Gallisepticum infected chickens. And potential beneficial bacteria were significantly increased by the polysaccharide extracts. The polysaccharide extracts showed significant effects on body growth, immune responses as well as growth of immune organs and development of GIT fragments in coccidian-infected chickens, and particularly when they were used in conjunction with vaccine. The use of the mushroom and herb polysaccharide extracts might enhance T-cell immune responses, characterized by IFN- and IL-2 secretion, against coccidiosis in chickens. Supplementation of mushroom and herb extracts resulted in enhancement of resistance toE. tenella probably by enhancing both cellular and humoral immune responses against E.tenella in chickens.

    Effect van weglaten van antimicrobiele groeibevorderaars bij vleesvarkens
    Krimpen, M.M. van; Vereijken, P.F.G. ; Vos, H.J.P.M. ; Binnendijk, G.P. - \ 2002
    Lelystad : Praktijkonderzoek Veehouderij (Praktijkrapport. Varkens 4) - 24
    varkens - slachtdieren - groeibevorderaars - anti-infectieuze middelen - voedertoevoegingen - verwijdering - varkensvoeding - diergezondheid - prestatieniveau - veeartsenijkunde - pigs - meat animals - growth promoters - antiinfective agents - feed additives - removal - pig feeding - animal health - performance - veterinary medicine
    Het PV heeft in 2000 een monitoringsonderzoek uitgevoerd bij 89 vleesvarkensbedrijven. Het doel van dit onderzoek was het zo goed mogelijk kwantificeren van het effect van het weglaten van AMGBTs in het voer van vleesvarkens op diergeneesmiddelengebruik, ziekte-incidentie, sterfte en technische en economische resultaten.
    VFAppetite en V&V als alternatief voor AMGB's bij gespeende biggen
    Wijnands, A.L. ; Krimpen, M.M. van; Binnendijk, G.P. ; Lierop, A.H.A.A.M. van - \ 2002
    Lelystad : Praktijkonderzoek Veehouderij (Praktijkboek / Praktijkonderzoek Veehouderij 20) - 15
    biggen - spenen - diervoeding - diervoedering - samenstelling - groeibevorderaars - anti-infectieuze middelen - voedertoevoegingen - piglets - weaning - animal nutrition - animal feeding - composition - growth promoters - antiinfective agents - feed additives
    In de veehouderij maakt men op dit moment veelvuldig gebruik van antimicrobiële groeibevorderaars (AMGB's) in voeders voor landbouwhuisdieren. Het gebruik van AMGB's wordt in de toekomst mogelijk verboden, omdat het gebruik ervan resistentie van bacteriepopulaties tot gevolg kan hebben. Met dit vooruitzicht is de mengvoersector bezig met het ontwikkelen van voerconcepten als alternatief voor AMGB's. :In opdracht van Manids Feed Ing BV is op het Praktijkcentrum Sterksel nagegaan wat het effect is van VFAppetitee en V&Ve als alternatief voor AMGB's op technische resultaten en gezondheid van gespeende biggen. In dit experiment zijn drie proefbehandelingen met elkaar vergeleken; een positieve en negatieve controle en de behandeling met VFAppetitee en V&Ve. Op een leeftijd van gemiddeld 4 weken zijn de biggen gespeend en ingedeeld voor de proef. De biggen zijn vanaf spenen 34 dagen gevolgd. In totaal zijn 600 biggen gevolgd. Per behandeling zijn 20 herhalingen uitgevoerd.
    Acid Lecithin als alternatief voor amgb's bij gespeende biggen
    Wijnands, A.L. ; Krimpen, M.M. van; Binnendijk, G.P. - \ 2002
    Lelystad : Praktijkonderzoek Veehouderij (Praktijkboek / Praktijkonderzoek Veehouderij 17) - 14
    biggen - spenen - diervoeding - diervoedering - samenstelling - groeibevorderaars - anti-infectieuze middelen - voedertoevoegingen - piglets - weaning - animal nutrition - animal feeding - composition - growth promoters - antiinfective agents - feed additives
    In de veehouderij maakt men op dit moment veelvuldig gebruik van antimicrobiële groeibevorderaars (AMGB's) in voeders voor landbouwhuisdieren. Het gebruik van AMGB's wordt in de toekomst mogelijk verboden, omdat het gebruik ervan resistentie van bacteriepopulaties tot gevolg kan hebben. Met dit vooruitzicht is de mengvoersector bezig met het ontwikkelen van voerconcepten als alternatief voor AMGB's. :In opdracht van Kemin Europa N.V. is op het Praktijkcentrum Rosmalen nagegaan wat het effect is van vervanging van fumaarzuur en AMGB door Acid Lecithine. In dit experiment zijn drie proefbehandelingen met elkaar vergeleken; een positieve en negatieve controle en de behandeling met Acid Lecithine (dosering: 3,5 kg per ton voer). :Op een leeftijd van gemiddeld 4 weken zijn de biggen gespeend en ingedeeld voor de proef. De biggen zijn vanaf spenen 34 dagen gevolgd. In totaal zijn 540 biggen gevolgd. Per behandeling zijn 18 herhalingen uitgevoerd.
    Carvacol krachtig natuurlijk conserveermiddel : trends in ingredienten : dl. 12
    Ultee, A. ; Smid, E. - \ 2000
    Voedingsmiddelentechnologie 33 (2000)12. - ISSN 0042-7934 - p. 11 - 14.
    voedselbewaring - voedselvergiftiging - anti-infectieuze middelen - bacillus cereus - voedingsmiddelen - smakelijkheid - aromatische stoffen - plantaardige oliën - secundaire metabolieten - voedingsmiddelenwetgeving - wetgeving - houdbaarheid (kwaliteit) - opslag - bacteriële toxinen - toxinen - food preservation - food poisoning - antiinfective agents - foods - palatability - flavourings - plant oils - secondary metabolites - food legislation - legislation - keeping quality - storage - bacterial toxins - toxins
    Deze natuurlijke stof fungeert als antioxidant, aroma en als conserveermiddel. Als conserveermiddel is Carvacrol niet toegestaan, wel als smaakstof
    Bactericidal action of carvacrol towards the food pathogen Bacillus cereus : a case study of a novel approach to mild food preservation
    Ultee, A. - \ 2000
    Agricultural University. Promotor(en): F.M. Rombouts; E.J. Smid. - S.l. : S.n. - ISBN 9789058082190 - 96
    voedselvergiftiging - bacillus cereus - voedselbewaring - anti-infectieuze middelen - secundaire metabolieten - etherische oliën - food poisoning - bacillus cereus - food preservation - antiinfective agents - secondary metabolites - essential oils

    A new trend in food preservation is the use of mild preservation systems, instead of more severe techniques such as heating, freezing or addition of chemical preservatives. Carvacrol, a phenolic compound present in the essential oil fraction of oreganum and thyme, is known for its antimicrobial activity since ancient times. This thesis describes a study of the antimicrobial activity of carvacrol towards the foodborne pathogen B. cereus . Carvacrol shows a dose-related inhibition of growth of B. cereus . Concentrations of 0.75 mM and higher inhibit growth completely at 8°C. Below 0.75 mM, carvacrol extends the lag-phase and reduces the specific growth rate as well as the final population density. Exposure to 0.75-3 mM carvacrol decreases the number of viable cells of B. cereus exponentially. Spores are approximately two fold more resistant towards carvacrol than vegetative cells.

    The incubation and exposure temperature have a significant influence on the sensitivity of B. cereus to carvacrol. An increase of the growth temperature from 8°C to 30°C decreases the fluidity of the membrane of vegetative cells and as a consequence, B. cereus becomes less sensitive to carvacrol. The change in membrane fluidity is probably the result of a higher percentage of lower melting lipids in the membranes at 8°C (chemical process) as an adaptation to lower temperature. Cells need to maintain an adequate proportion of the liquid-crystalline lipid in the membrane, as this is the ideal physical state of the membrane. On the other hand, an increase of the exposure temperature from 8 to 30°C, reduces the viability again. This can be explained by an increase of the membrane fluidity at a higher temperature as a result of melting of the lipids (physical process). At a higher membrane fluidity, relatively more carvacrol can dissolve in the membrane and the cells will be exposed to relatively higher concentrations than at a lower membrane fluidity.

    Not only the temperature plays a role in the activity of carvacrol, also pH is an important factor. The sensitivity of B. cereus to carvacrol is reduced at pH 7, compared to other pH-values between pH 4.5 and 8.5.

    Carvacrol interacts with the cytoplasmic membrane by changing its permeability for cations such as K +and H +. Consequently, the dissipation of the membrane potential (Δψ) andΔpH leads to inhibition of essential processes in the cell, such as ATP synthesis, and finally to cell death. At carvacrol concentrations as low as 0.15 mM,Δψis completely dissipated, however the viable count of B. cereus is not affected.

    Vegetative cells of B. cereus can adapt to carvacrol when the compound is present at concentrations below the MIC-value. Compared to non-adapted cells, lower concentrations of carvacrol are needed to obtain the same reduction in viable count of adapted cells. Adapted cells were found to have a lower membrane fluidity, caused by a change in the fatty acid composition and head group composition of the phospholipids in the cytoplasmic membrane. Adaptation to 0.4 mM carvacrol increases the phase transition temperature of the lipid bilayer (T m ) from 20.5°C to 28.3°C. Addition of carvacrol to cell suspensions of adapted B. cereus cells decreases T m again to 19.5°C, approximately the same value as was found for non-adapted cells in the absence of carvacrol.

    Incubation of cooked rice in the presence of different carvacrol concentrations results in a dose-related reduction of the viable count of B. cereus . Concentrations of 0.15 mg/g and above, reduce the viable count, leading to full suppression of growth at 0.38 mg/g. The influence of carvacrol on the viable count is dependent on the initial inoculum size. Although carvacrol is an effective inhibitor of growth of B. cereus in rice, it could affect the flavour and taste of the product at concentrations where full suppression of growth is observed. However, strong synergistic activity is observed when carvacrol is combined with the biosynthetic precursor cymene or the flavour enhancer soya sauce. This makes it possible to use lower carvacrol concentrations and consequently a smaller influence on the sensoric properties of the rice is expected.

    Besides its influence on the viability of vegetative cells, carvacrol also shows inhibition of diarrhoeal toxin production by B. cereus at concentrations below the MIC-value. Addition of 0.06 mg/ml carvacrol to the growth medium, inhibits the toxin to 21% of the control (no carvacrol added). The inhibition correlates with the reduction of the viable count of B. cereus in the presence of carvacrol. At the same time, the total amount of cells did not change. In mushroom soup, also an inhibition of the toxin production was observed, however, the viable count did not change. This effect on the toxin production is most probably caused by a lack of sufficient metabolic energy, since carvacrol affects ATP synthesis. The cell will use its low levels of ATP to maintain its viability, rather than using it for toxin production or excretion. It could also be possible that the decreased toxin synthesis in BHI was the result of the lower amount of viable cells. The inhibition of toxin production at carvacrol concentrations which do permit growth of B. cereus , reduces the risk of food intoxication by this pathogen.

    In conclusion, carvacrol may play an important role in future as a natural antimicrobial compound. However, its application will most probably be in combination with other natural antimicrobial systems.

    Check title to add to marked list

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.