Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 20 / 90

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Herstel en ontwikkeling van laagdynamische, aquatische systemen in het rivierengebied
    Arts, Gertie ; Verdonschot, Ralf ; Maas, Gilbert ; Massop, Harry ; Ottburg, Fabrice ; Weeda, Eddy - \ 2016
    Driebergen : Vereniging van Bos- en Natuurterreineigenaren, VBNE (Alterra-rapport 2729) - 128
    aquatische ecosystemen - aquatisch milieu - ecologisch herstel - rivierengebied - nederland - aquatic ecosystems - aquatic environment - ecological restoration - rivierengebied - netherlands
    Na een inleiding (Hoofdstuk 1) beschrijft het rapport achtereenvolgens de macro-evertebraten (Hoofdstuk 2); de vissen, amfibieën en reptielen (Hoofdstuk 3); en de waterplanten van het rivierengebied (Hoofdstuk 4). Hoofdstuk 5 beschrijft de uitgevoerde GIS analyse en presenteert de resultaten en de kansenkaarten. Alle gegenereerde kaarten zijn opgenomen in twee bijlagerapporten. Hoofdstuk 6 geeft een discussie van het uitgevoerde onderzoek ten aanzien van de methode, de beschikbare gegevens en de analyse en plaatst de resultaten in het licht van uitgevoerde herstelmaatregelen in het rivierengebied. Hoofdstuk 7 vat de voornaamste conclusies samen. Hoofdstuk 8 geeft een overzicht van de gebruikte literatuur.
    The neurotoxin BMAA in aquatic systems : analysis, occurrence and effects
    Faassen, E.J. - \ 2016
    Wageningen University. Promotor(en): Marten Scheffer, co-promotor(en): Miguel Lurling. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462577855 - 194
    cum laude - neurotoxins - aquatic environment - urban areas - effects - environmental impact - daphnia magna - elisa - water quality - analytical methods - aquatic ecology - neurotoxinen - aquatisch milieu - stedelijke gebieden - effecten - milieueffect - daphnia magna - elisa - waterkwaliteit - analytische methoden - aquatische ecologie

    Eutrophication is a major water quality issue and in many aquatic systems, it leads to the proliferation of toxic phytoplankton species. The neurotoxin β-N-methylamino-L-alanine (BMAA) is one of the compounds that can be present in phytoplankton. BMAA has been suggested to play a role in the neurodegenerative diseases Alzheimer’s disease, Parkinson’s disease and amyotrophic lateral sclerosis, although this hypothesis still needs to be confirmed. It is expected that the main human exposure pathways to BMAA are through direct contact with BMAA containing phytoplankton and through ingestion of BMAA contaminated food, such as fish and shellfish. However, reports on the occurrence of BMAA in aquatic systems have been conflicting and the cause of these reported differences was heavily debated. The use of different analytical methods seems to play a crucial role in the observed discrepancies, but initially, there was little consensus on which method produced most reliable results. The objectives of the work presented in this thesis therefore were to find out what has caused the differences in published results on BMAA concentrations, and to identify and produce reliable data on the presence of BMAA in aquatic systems. In addition, I aimed to determine the effect of BMAA exposure on a key species in many freshwater ecosystems, the grazer Daphnia magna.

    The performances of different analytical techniques were compared, and LC-MS/MS analysis, either preceded by derivatisation or not, was found to produce most reliable results. LC-FLD and ELISA should not be used for BMAA analysis, as both methods risk misidentifying BMAA or overestimating its concentrations due to their low selectivity. When reviewing literature on the presence of BMAA in aquatic systems, it was found that the observed discrepancies in results could be explained by the use of unselective analytical methods in some studies, and by severe reporting deficiencies in others. When only studies that used appropriate analytical techniques and that correctly reported their work were taken into account, it was shown that BMAA could be present in phytoplankton and higher aquatic organisms, in concentrations of µg/g dry weight or lower. These results are in agreement with our findings of BMAA in cyanobacterial scums from Dutch urban waters. In a 2008 screening, BMAA was found to be present in 9 out of 21 analysed cyanobacterial scums, at concentrations ranging from 4 to 42 µg/g dry weight. When this screening was repeated 8 years later with 52 similar samples, BMAA was detected below the quantification limit in one sample and quantified in another sample at 0.6 µg/g dry weight.

    In order to perform the work presented in this thesis, sensitive and selective analytical methods, mostly based on LC-MS/MS analysis without derivatisation, were developed. This resulted in a standard operating procedure for the underivatised LC-MS/MS analysis of BMAA in cyanobacteria. Also, a CYANOCOST initiated workshop was given, in which a group of scientists from 17 independent laboratories evaluated LC-MS/MS based methods in different matrices. A bound BMAA from found in the supernatant was the most abundant fraction in the positive samples that were tested: cycad seed, seafood and exposed D. magna. In addition, it was found that the deuterated internal standard used for quantification was not a good indicator for the release of BMAA from bound forms, resulting in unprecise quantification of total BMAA.

    BMAA was found to reduce survival, somatic growth, reproduction and population growth in D. magna. Animals did not adapt to BMAA exposure: exposed animals born from exposed mothers had a lower brood viability and neonate weight than animals exposed to BMAA, but born from unexposed mothers. In addition, D. magna was shown to take up BMAA from the growth medium and to transfer it to its offspring. D. magna therefore might be an important vector for BMAA transfer along the pelagic food chain, but whether BMAA plays a role in preventing zooplankton from controlling cyanobacterial blooms needs further investigation.

    Although BMAA research has much progressed between the start of this thesis’ work and its completion, some important questions still require an answer. Most urgently, it should be determined whether BMAA is indeed involved in the neurological diseases mentioned above, and if so, which doses trigger the onset of these diseases. Human exposure pathways should then be more systematically quantified, and it might be prudent to investigate if the occurrence of BMAA is restricted to aquatic systems, or whether sources from terrestrial systems contribute to BMAA exposure as well.

    Implications of nanoparticles in the aquatic environment
    Velzeboer, I. - \ 2014
    Wageningen University. Promotor(en): Bart Koelmans. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789461739506 - 253
    microplastics - polychloorbifenylen - nanotechnologie - adsorptie - ecotoxicologie - aquatisch milieu - verontreinigde sedimenten - aquatische ecologie - microplastics - polychlorinated biphenyls - nanotechnology - adsorption - ecotoxicology - aquatic environment - contaminated sediments - aquatic ecology
    De productie en het gebruik van synthetische nanodeeltjes (ENPs) nemen toe en veroorzaken toenemende emissies naar het milieu. Dit proefschrift richt zich op de implicaties van ENPs in het aquatisch milieu, met de nadruk op het sediment, omdat er wordt verwacht dat ENPs hoofdzakelijk in het aquatisch sediment terecht zullen komen. ENPs kunnen directe effecten veroorzaken op organismen in het aquatisch milieu, indirecte effecten op het levensgemeenschap niveau en/of voedselweb en kunnen effecten op het gedrag en de risico’s van andere contaminanten hebben. Om de risico’s van ENPs vast te stellen, is niet alleen informatie nodig over het gevaar, oftewel de kans op een effect, maar ook over de kans op blootstelling.
    Towards a predictive model supporting coral reef management of Bonaire's coral reef. Progress report 2012
    Meesters, H.W.G. ; Brinkman, A.G. ; Duyl, F.C. van; Gerla, D.J. ; Groot, A.V. de; Meer, J. van der; Ruardij, P. ; Vries, P. de - \ 2013
    Den Burg : IMARES (Report / IMARES Wageningen UR C070/13) - 10
    coral reefs - models - environmental management - aquatic environment - bonaire - koraalriffen - modellen - milieubeheer - aquatisch milieu - bonaire
    Pulsvissen rendabel en milieuvriendelijker
    Taal, C. - \ 2012
    Kennis Online 9 (2012)april. - p. 6 - 6.
    pulsvisserij - vismethoden - visserij - pleuronectiformes - aquatisch milieu - pulse trawling - fishing methods - fisheries - pleuronectiformes - aquatic environment
    Onderzoek van IMARES, onderdeel van Wageningen UR, laat zien dat het vissen op platvis met pulsen in plaats van wekkerkettingen het bodemleven met de helft minder verstoort. Ook is het beter voor de portemonnee van de vissers.
    Gewapende vrede : beschouwingen over plant-dierrelaties
    Schaminée, J.H.J. ; Janssen, J.A.M. ; Weeda, E.J. - \ 2011
    Zeist : KNNV uitgeverij (Vegetatiekundige Monografieën 3) - ISBN 9789050113526 - 191
    plant-dier interacties - dieren - planten - ecologie - vogels - lepidoptera - biocenose - aquatisch milieu - terrestrische ecologie - plant-animal interactions - animals - plants - ecology - birds - lepidoptera - biocoenosis - aquatic environment - terrestrial ecology
    Planten en dieren hebben elkaar nodig, maar staan ook op gespannen voet met elkaar. Dieren worden door planten aangetrokken voor bestuiving en het verspreiden van zaden, maar tegelijkertijd moeten deze laatste zich beschermen tegen overmatige vraat en fysiek geweld. Daarover gaat dit boek, een reeks beschouwingen over het fascinerende samenspel van plant en dier in de natuur. Aan bod komen onderwerpen als de relaties tussen een enkele plantensoort en zijn dierlijke partners, het functioneren van levensgemeenschappen in water of op land en de co-evolutie van grassen en grazers. Is er nog toekomst voor weidevogels in ons land en wat zal het effect zijn van klimaatverandering op onze dagvlinders? Welke methoden staan de bioloog ter beschikking om meer inzicht te verkrijgen in de samenhang tussen vegetatie en de daarvan afhankelijke fauna?
    Een verkenning naar de natuurwaarden van de Zeeuwse Banken
    Goudswaard, P.C. ; Bemmelen, R.S.A. van; Bos, O.G. - \ 2011
    Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C061a/10) - 40
    mariene gebieden - mariene ecologie - kustgebieden - aquatisch milieu - natuurwaarde - natura 2000 - natuurbeleid - voordelta - marine areas - marine ecology - coastal areas - aquatic environment - natural value - natura 2000 - nature conservation policy - voordelta
    Het gebied van de Zeeuwse Banken in Nederland is een onderdeel van een grotere geologische formatie die zich uitstrekt van de Franse Kanaal / Noordzeekust via het Belgische kustgebied tot in Nederland. Het Nederlandse deel van dit systeem loopt vanaf de Belgisch Nederlandse zeegrens in het zuidwesten en eindigt naar het noordoosten ter hoogte van de Kop van Goeree. Het gebied Zeeuwse Banken kwalificeert zich onder de habitatrichtlijn als type H1110 met een eigen karakteristiek buiten de directe kustzone waarin twee aansluitende Natura 2000 gebieden liggen: de Voordelta en de Vlakte van de Raan. Om tot een besluit over de aanwijzing van het gebied van de Zeeuwse Banken als aanvullend beschermd gebied te komen is met name kennis over de natuurwaarden van bodem, bodemfauna en vogels gevraagd. Daarbij is de vraag in hoeverre deze gebieden bijdragen aan meerwaarde ten opzichte van het totale te beschermen areaal.
    Verkennend onderzoek naar blauwalgengroei in de woonomgeving : blauwalgen in stadswater
    Lürling, M.F.L.L.W. ; Oosterhout, J.F.X. ; Beekman-Lukassen, W.D. ; Dam, H. van - \ 2010
    Amersfoort : Stowa (Rapport / STOWA 2010 20) - ISBN 9789057734830 - 57
    oppervlaktewater - plassen - stedelijke gebieden - aquatisch milieu - cyanobacteriën - monitoring - inventarisaties - kwantitatieve analyse - fluorescentie - oppervlaktewaterkwaliteit - noord-brabant - gelderland - surface water - ponds - urban areas - aquatic environment - cyanobacteria - monitoring - inventories - quantitative analysis - fluorescence - surface water quality - noord-brabant - gelderland
    De leerstoelgroep Aquatische Ecologie en Waterkwaliteitsbeheer van Wageningen University is in 2006 begonnen met een inventarisatie van cyanobacteriënbloei in stedelijk water. De hoeveelheid cyanobacteriën, de soortensamenstelling, het voorkomen van drijflagen, de hoeveelheid gifstoffen en een aantal milieuvariabelen werden in kaart gebracht. Om een eerste indruk te verkrijgen van de cyanobacteriënbloei in oppervlaktewater in de woonomgeving, is in de zomer van 2006 (juli, augustus) een kleine selectie van 50 verschillende stadswateren in Noord-Brabant en Gelderland bemonsterd. Twee vijvers zijn gedurende 2006 intensiever bemonsterd om een indruk te verkrijgen van het verloop van de cyanobacteriënbloei in deze vijvers. De cyanobacteriën werden gekwantificeerd en onderscheiden van eukaryote algen met behulp van in vivo chlorofyl-a fluorescentie.
    Linking Aquatic Exposure and Effects: Risk Assessment of Pesticides
    Brock, T.C.M. ; Alix, A. ; Brown, C.D. ; Capri, E. ; Gottesburen, E. - \ 2010
    Boca Raton, London, New York : SETAC Press & CRC Press, Taylor & Francis Group - ISBN 9781439813478 - 440
    pesticiden - risicoschatting - blootstelling - aquatisch milieu - toxicologie - ecotoxicologie - pesticides - risk assessment - exposure - aquatic environment - toxicology - ecotoxicology
    Time-variable exposure profiles of pesticides are more often the rule than exception in the surface waters of agricultural landscapes. There is, therefore, a need to adequately address the uncertainties arising from time-variable exposure profiles in the aquatic risk assessment procedure for pesticides. This book provides guidance and recommendations for linking aquatic exposure and ecotoxicological effects in the environmental assessment of agricultural pesticides. International scientists share their expertise in aquatic exposure assessment, aquatic ecotoxicology, and the risk assessment and management of plant protection products. The book incorporates the tools and approaches currently available for assessing the environmental risks of time-variable exposure profiles of pesticides. It also discusses the science behind these techniques.
    Resultaten van het Rijkswaterstaat JAMP 2009 monitoringsprogramma van milieukritsiche stoffen in mosselen
    Hoek-van Nieuwenhuizen, M. van - \ 2010
    IJmuiden : IMARES (Rapport / Wageningen IMARES nr. C040/10) - 11
    mossels - aquatisch milieu - bemonsteren - aquacultuur en milieu - milieu-analyse - milieumonitoring - mussels - aquatic environment - sampling - aquaculture and environment - environmental analysis - environmental monitoring
    In opdracht van Rijkswaterstaat zijn door Wageningen IMARES werkzaamheden uitgevoerd in het kader van het Joint Assessment and Monitoring Program van de OSPARCOM. De werkzaamheden bestonden uit analyse van milieukritische stoffen in mosselen en zijn dit jaar (2009) volgens protocol uitgevoerd. Ook dit jaar was een gebrek aan grote mosselen. Zowel in de Westerschelde als in de Eems Dollard is de grootste lengteklasse (57-70 mm) in het geheel niet aangetroffen. Voor deze lengteklasse zijn dan ook geen resultaten voor beide locaties vermeld in dit rapport. Van lengteklasse 1 en 4 van de mosselen van de Eems Dollard konden, vanwege de geringe hoeveelheid monstermateriaal (resp. slechts 67 en 71 mosselen), niet alle gehalten bepaald en gerapporteerd worden. De resultaten van deze opdracht zijn in tabelvorm als bijlagen achter in dit rapport bijgevoegd. Alle resultaten voldoen aan de kwaliteitsborging.
    Behoud middelen voor de aardbeienteelt
    Rovers, J.A.J.M. - \ 2010
    Lelystad : PPO AGV
    fragaria ananassa - aardbeien - pesticiden - milieubeheer - aquatisch milieu - fytosanitaire maatregelen - landbouw en milieu - milieumonitoring - fragaria ananassa - strawberries - pesticides - environmental management - aquatic environment - phytosanitary measures - agriculture and environment - environmental monitoring
    Uit een screening van het waterschap Brabantse Delta bleek dat regelmatig MTR-norm wordt overschreden. Twee middelen hiervan worden regelmatig gebruikt in de aardbeienteelt: metolachloor S (Dual Gold) en iprodion (Rovral). Reden om via een gezamenlijk initiatief van Brabantse Delta, de regionale Agrodis-leden, ZLTO, enkele Nefytoleden en LTO-groeiservice aan oplossingen te werken. Er worden tips gegeven aan ondernemers om emissie te voorkomen.
    Aquatic ecosystems in hot water : effects of climate on the functioning of shallow lakes
    Kosten, S. - \ 2010
    Wageningen University. Promotor(en): Marten Scheffer, co-promotor(en): Egbert van Nes. - S.l. : s.n. - ISBN 9789085856016 - 160
    aquatisch milieu - ecologie - meren - klimaatverandering - waterplanten - fytoplankton - biomassa - kooldioxide - voedingsstoffenbeschikbaarheid - klimaatfactoren - aquatische ecosystemen - aquatische ecologie - aquatic environment - ecology - lakes - climatic change - aquatic plants - phytoplankton - biomass - carbon dioxide - nutrient availability - climatic factors - aquatic ecosystems - aquatic ecology - cum laude
    cum laude graduation (with distinction) There is concern that a warmer climate may boost carbon emissions from lakes and promote the chance that they lose their vegetation and become dominated by phytoplankton or cyanobacteria. However, these hypotheses have been difficult to evaluate due to the scarcity of relevant field data. To explore potential climate effects we sampled 83 lakes along a latitudinal gradient of more than 6000 km ranging from Rio Grande do Norte in Brazil to the South of Argentina (5-55 oS). The lakes were selected so as to be as similar as possible in morphology and altitude while varying as much as possible in trophic state within regions. All lakes were sampled once during summer (subtropical, temperate and tundra lakes) or during the dry season (tropical lakes) between November 2004 and March 2006 by the same team. In the first chapters I address the question how climate might affect the chances for shallow lakes to be dominated by submerged plants. It has been shown that temperate lakes tend to have two contrasting states over a range of conditions: a clear state dominated by aquatic vegetation or a turbid state. The turbid state is typically dominated by phytoplankton and often characterized by poorer water quality than the clear state. The backbone of the theory explaining this pattern is a supposed positive feedback of submerged vegetation on water clarity: vegetation enhances water clarity and clearer water, in turn, promotes vegetation growth. The theory furthermore asserts that submerged vegetation coverage diminishes when nutrient concentrations increase until a critical point at which the entire vegetation disappears due to light limitation. Both aspects of the alternative state theory have been well studied in temperate shallow lakes, but the validity of the theory for warmer lakes has been questioned. In chapter 2 a graphical model is used to show how climate effects on different mechanisms assumed in the theory may affect the general predictions. An analysis of our data presented in chapter 4 reveals that submerged vegetation has similar overall effects on water clarity across our climatic gradient. Nonetheless, the results hint at differences in the underlying mechanisms between climate zones. For example, the data suggest that the positive effect of vegetation on top-down control of phytoplankton by zooplankton is lost at high densities of fish that are often found in warmer regions. The main factor explaining differences in the water clearing effect of vegetation among lakes in our data set was the concentration of humic substances. In lakes with a high concentration of humic substances vegetation did not enhance the water clarity.
    Effects of climate on size structure and functioning of aquatic food webs
    Lacerot, G. - \ 2010
    Wageningen University. Promotor(en): Marten Scheffer, co-promotor(en): Miguel Lurling. - [S.l. : S.n. - ISBN 9789085856160 - 98
    aquatisch milieu - voedselwebben - klimaatfactoren - vissen - zoöplankton - lichaamsafmetingen - modellen - meren - zuid-amerika - aquatische ecologie - aquatic environment - food webs - climatic factors - fishes - zooplankton - body measurements - models - lakes - south america - aquatic ecology
    In aquatic food webs, the role of body size is notoriously strong. It is also well known that temperature has an effect on body size. For instance, Bergmann’s rule states that body size increases from warm to cold climates. This thesis addresses the question how climate shapes the size structure of fish and zooplankton communities, and how this affects the strength of the trophic cascade from fish to plankton. I combine three different approaches: a space-for-time substitution study of data from the 83 shallow lakes distributed along a latitudinal gradient in South America, simple mathematical models to explore climate effects on the dynamics of trophic interactions, and an experimental analysis of trophic interactions using outdoor mesocosms.
    Hormoonverstoring in oppervlaktewater; waargenomen en veronderstelde effecten in de natuur
    Lahr, J. ; Lange, H.J. de - \ 2009
    Utrecht : Stowa (Rapport / STOWA 2009 38) - ISBN 9789057734588 - 27
    hormonen - waterverontreiniging - oppervlaktewater - aquatisch milieu - waterorganismen - effecten - nadelige gevolgen - oestrogenen - fauna - toxicologie - hormoonverstoorders - aquatische ecosystemen - ecotoxicologie - hormones - water pollution - surface water - aquatic environment - aquatic organisms - effects - adverse effects - oestrogens - fauna - toxicology - endocrine disruptors - aquatic ecosystems - ecotoxicology
    In laboratoria wordt het nodige onderzoek verricht naar de hormonale, of hormoonverstorende werking van een groot aantal stoffen. Van een aantal van deze stoffen is inmiddels aangetoond dat ze in risicovolle concentraties voorkomen in het watermilieu. Maar het is vaak niet bekend wat de daadwerkelijke, waarneembare effecten van deze hormoonverstorende stoffen zijn op (aquatische) organismen. Bij een aantal diersoorten is aangetoond dat de verhouding tussen het aantal mannetjes en vrouwtjes niet meer gelijk is en tevens dat er soms geslachtsverandering optreedt. Dit rapport vat samen wat er op dit ogenblik bekend is over de hormoonverstorende effecten van stoffen op aquatische organismen. Onderzoekers onderscheidden: schelpen en slakken, Kreeftachtigen en insecten, Vissen; Amfibieën; Vogels en zoogdieren (otters)
    Effecten van piekafvoeren op kokerjuffers in laaglandbeken
    Didderen, K. ; Dekkers, T.B.M. ; Verdonschot, P.F.M. - \ 2009
    H2O : tijdschrift voor watervoorziening en afvalwaterbehandeling 42 (2009)23. - ISSN 0166-8439 - p. 33 - 35.
    waterlopen - neerslag - afvoer - aquatisch milieu - trichoptera - ecologische verstoring - macrofauna - aquatische ecologie - streams - precipitation - discharge - aquatic environment - trichoptera - ecological disturbance - macrofauna - aquatic ecology
    De verwachting is dat neerslagextremen door de opwarming van de aarde vaker zullen gaan voorkomen. Dat zal leiden tot een toename in de omvang en frequentie van piekafvoeren. De vraag is wat de effecten zijn van dergelijke weersextremen op organismen in laaglandbeken. Daarom is in het kader van het Europese project Euro-limpacs onderzocht wat de effecten van piekafvoeren zijn op het gedrag en de habitatvoorkeur van kokerjuffers. Uit het onderzoek blijkt dat bij verstoring drift toeneemt en soorten specifiek gedrag vertonen. Zandtransport verstoort alle soorten kokerjuffers. Bij herinrichting van beken en bij beken waarvan de hydrologie en morfologie niet op orde zijn, zou zandtransport daarom moeten worden voorkomen
    The aquatic ecotoxicology of the synthetic pyrethroids: from laboratory to landscape
    Maund, S.J. - \ 2009
    Wageningen University. Promotor(en): Paul van den Brink, co-promotor(en): Theo Brock. - [S.l. : S.n. - ISBN 9789085855002 - 188
    pesticiden - toxiciteit - pyrethroïden - aquatisch milieu - risicoschatting - ecotoxicologie - aquatische ecosystemen - pesticides - toxicity - pyrethroids - aquatic environment - risk assessment - ecotoxicology - aquatic ecosystems
    Synthetische pyrethroïden (SPs) hebben voor een doorbraak in de bestrijding van insectplagen gezorgd door hun breed-spectrum werkzaamheid bij lage doseringen, terwijl ze een relatief lage toxiciteit hebben voor zoogdieren. Bezorgdheid is gerezen omtrent de hoge toxiciteit van SPs voor aquatische organismen in laboratoriumstudies, met name voor vissen en aquatische geleedpotigen. Als gevolg van haar zeer lipofiele eigenschappen zal een groot deel van het pyrethroïde snel uit de waterfase aan organische stof in het sediment gebonden worden, waardoor de blootstelling voor de organismen in de water-kolom relatief laag zal zijn. Het is eerder aangetoond dat de door sorptie veroorzaakte verlaging van de blootstelling de effecten op aquatische organismen onder veldomstandigheden vermindert.
    Verkenning van de steekmuggen- en knuttenproblematiek bij klimaatverandering en vernatting
    Verdonschot, P.F.M. - \ 2009
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1856) - 75
    aquatisch milieu - culicidae - ceratopogonidae - habitats - wetlands - graslanden - klimaatverandering - arbovirussen - ziekten overgebracht door muskieten - geïntroduceerde soorten - aquatische ecosystemen - aquatic environment - culicidae - ceratopogonidae - habitats - wetlands - grasslands - climatic change - arboviruses - mosquito-borne diseases - introduced species - aquatic ecosystems
    Steekmuggen ontwikkelen zich vooral talrijk in moerassen, plas-dras situaties (al dan niet oever) en zeer tijdelijke milieus. Knutten ontwikkelen zich vooral in natte graslanden. Voor beide groepen zijn de factoren permanentie, dynamiek en temperatuur cruciaal. Een verhoogde voedselrijkdom draagt extra aan de ontwikkeling van deze dieren bij. Dit rapport geeft een overzicht van bestaande kennis en een risicosleutel waarmee het risico op ‘overlast’ door steekmuggen en knutten per gebiedstype kwalitatief in beeld kan worden gebracht. In het rapport worden achtereenvolgens de huidige situatie, de effecten van internationalisering en globalisering, de klimaatverandering en de effecten van de implementatie van de vernattingsopgaven beschreven in het licht van de reeds aanwezige soorten steekmuggen en knutten en met het oog op eventuele nieuwkomers
    De risico's van geneesmiddelen in het aquatisch milieu
    Rademaker, W. ; Lange, H.J. de - \ 2009
    H2O : tijdschrift voor watervoorziening en afvalwaterbehandeling 42 (2009)5. - ISSN 0166-8439 - p. 29 - 32.
    waterkwaliteit - waterverontreiniging - oppervlaktewater - geneesmiddelen - risicoschatting - aquatisch milieu - nederland - aquatische toxicologie - ecotoxicologie - water quality - water pollution - surface water - drugs - risk assessment - aquatic environment - netherlands - aquatic toxicology - ecotoxicology
    In een literatuurstudie zijn de effecten en risico’s van een vijftal humane geneesmiddelen op het aquatisch milieu onderzocht. Het gaat om geneesmiddelen die frequent in Nederlandse oppervlaktewateren zijn gedetecteerd: carbamazepine, diclofenac, erytromycine, metoprolol en sulfamethoxazol. Vier van deze vijf geneesmiddelen vormen een risico voor het aquatisch milieu. Het Europese Parlement probeert risicovolle geneesmiddelen op de prioritaire stoffenlijst van de Kaderrichtlijn Water te krijgen. Hierdoor zal de farmaceutische industrie gestimuleerd worden om geneesmiddelen milieuvriendelijker te maken. Tevens zullen overheden en andere partijen aangespoord worden om maatregelen voor afvalwaterzuivering en verantwoord geneesmiddelgebruik te ontwikkelen
    Guidelines for the study of the epibenthos of subtidal environments
    Rees, H.L. ; Bergman, M.J.N. ; Birchenough, S.N.R. ; Borja, A. ; Boois, I.J. de - \ 2009
    Copenhagen : International Council for the Exploration of the Sea (ICES techniques in marine environmental sciences No. 42) - 90
    benthos - aquatische gemeenschappen - kustgebieden - getijden - aquatisch milieu - methodologie - benthos - aquatic communities - coastal areas - tides - aquatic environment - methodology
    These Guidelines for the Study of the Epibenthos of Subtidal Environments document a range of sampling gears and procedures for epibenthos studies that meet a variety of needs. The importance of adopting consistent sampling and analytical practices is highlighted. Emphasis is placed on ship‐based techniques for surveys of coastal and offshore shelf environments, but diver‐assisted surveys are also considered.
    Dispersie van macrofauna door duikers : resultaten van een labexperiment
    Didderen, K. ; Snoek, R.C. ; Verdonschot, P.F.M. - \ 2008
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1746) - 45
    fauna - dispersie - aquatisch milieu - herstel - oppervlaktewater - barrières - verspreiding - macrofauna - aquatische ecologie - fauna - dispersion - aquatic environment - rehabilitation - surface water - barriers - dispersal - macrofauna - aquatic ecology
    Na herstelmaatregelen blijft ecologisch herstel van oppervlaktewateren vaak uit. Een mogelijke oorzaak ligt in de capaciteit van de soorten om de afstand naar een hersteld oppervlaktewater te overbruggen. Om te onderzoeken welke factoren barrières opwerpen voor dispersie van macrofauna, is de verspreiding van organismen in dit onderzoek experimenteel onderzocht. Een veldsituatie van twee wateren verbonden door een duiker is nagebootst in het laboratorium. In totaal zijn zes verschillende type barrières onderzocht voor drie verschillende bewegings¬groepen. Uit het onderzoek komen enkele directe en indirecte barrières voor de verspreiding van verschillende bewegingsgroepen naar voren. Bij het uitvoeren van herstelmaatregelen kan rekening gehouden worden met deze bevindingen en de aangewezen barrières zouden verwijderd kunnen worden, opdat aquatische organismen zich sneller kunnen verspreiden.
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.