Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 20 / 77

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Potentie van onderstandige douglasverjonging: kleinschalig natuurvolgend bosbeheer
    Delforterie, W. ; Ouden, J. den - \ 2015
    Vakblad Natuur Bos Landschap 12 (2015)2. - ISSN 1572-7610 - p. 26 - 27.
    geïntegreerd bosbeheer - natuurlijke verjonging - pseudotsuga menziesii - prijzen (competitie) - onderzoek - integrated forest management - natural regeneration - pseudotsuga menziesii - prizes - research
    De douglas is vanwege zijn snelle groei en waardevolle hout een belangrijke bron van inkomsten voor veel boseigenaren. Doordat douglaszaailingen gemakkelijk opslaan onder een dicht kronendak en veel schaduw kunnen verdragen, komt onder volwassen gedunde douglasopstanden vaak al verjonging op van douglas. Deze verjonging kan het begin zijn van een volgende generatie bos, maar het is de vraag in hoeverre deze aanvankelijk onderdrukte ondergroei kan reageren op vrijstelling. Om meer inzicht te krijgen in de potenties van deze verjonging hebben wij onderzoek gedaan naar de groei van zaailingen van douglas onder scherm en de groeireactie van deze zaailingen na (gedeeltelijke) verwijdering van het kronendak.
    Soil organic carbon stocks and changes upon forest regeneration in East Kalimantan- Indonesia
    Yassir, I. - \ 2012
    Wageningen University. Promotor(en): Pavel Kabat, co-promotor(en): Peter Buurman; Bram van Putten. - S.l. : s.n. - ISBN 9789064645761 - 175
    natuurlijke verjonging - tropische bossen - imperata cylindrica - secundaire bossen - koolstofvastlegging in de bodem - organisch bodemmateriaal - bodemeigenschappen - vegetatie - plantensuccessie - kalimantan - indonesië - natural regeneration - tropical forests - imperata cylindrica - secondary forests - soil carbon sequestration - soil organic matter - soil properties - vegetation - ecological succession - kalimantan - indonesia

    Imperata grassland is a common vegetation type in Kalimantan (Indonesia), and other parts of South-East Asia. It indicates a high degree of degradation of the vegetation, and mostly occurs after slashing and burning of primary forest. Through secondary succession Imperata grassland is converted into new secondary forest and much of the original biodiversity is restored. The overall objective of the thesis was to study the regeneration of Imperata grasslands in East Kalimantan, and to measure the effects of regeneration on soil properties, with emphasis on the organic fraction. The research strategy was to compare plots of different regeneration stages, characterized by the period elapsed since the vegetation was last burned.
    Results show that during regeneration of Imperata grasslands, both vegetation composition and soil properties change, including chemistry of soil organic matter. Soil carbon stocks are higher under Imperata grasslands than under primary forest, and increase further upon natural regeneration of grassland to secondary forest. Highest carbon stocks are found in the later regeneration phases. Lower carbon stocks under primary forests are due to extremely low fertility, combined with shallow soils and low root mass in the topsoil. Root density as observed in the field is much higher under the grass vegetation. Results show as well that soil organic matter decomposition is most advanced under forest, as indicated by lower amounts of plant derived compounds and higher contribution of microbial matter. The results indicate that decomposition efficiency is related to soil organic matter chemistry, but more to abundance of N-compounds than to that of potentially recalcitrant compounds.
    In our case study, soil texture appears an important factor in the vegetation succession. On sandy soils, there is a strong increase with time of Pteridium aquilinum L., while the number of other species is lower. This slows down the development towards secondary forest. Canonical correspondence analysis (CCA) of environmental factors and vegetation show that pH, bulk density, sand and clay are the factors related to the distribution of species. The rapid secondary succession indicates that Imperata grasslands are not a final and stable stage of land degradation, but that frequent fires are necessary to maintain Imperata grasslands. If protected from fire and other intrusions such as shifting cultivation, Imperata grassland will readily develop into secondary forest. Imperata grasslands seem to be permanent because of human interference, especially through burning, and because so far few attempts have been made to sustainable rehabilitation.

    Ontwikkeling van gemengde natuurlijke bosverjonging : soortensamenstelling en kwaliteit op hoge zandgronden
    Oosterbaan, A. ; Berg, C.A. van den - \ 2011
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2212) - 66
    bossen - natuurlijke verjonging - zandgronden - bosbeheer - inventarisaties - forests - natural regeneration - sandy soils - forest administration - inventories
    Om na te gaan of het in gemengde verjongingen voor de soortensamenstelling en de kwaliteit noodzakelijk is om in de eerste 15-25 jaar verzorgende maatregelen uit te voeren, is in 2010 een heropname verricht van een reeks natuurlijke verjongingen, waarvan de samenstelling en kwaliteit ook in 1996 is vastgelegd. Uit de analyse van de ontwikkeling van 66 verjongingen is gebleken dat de meeste verjongingen, zonder dat er maatregelen zijn uitgevoerd, nog steeds gemengd zijn met de soorten die vijftien jaar geleden aanwezig waren. Slechts in enkele gevallen is sprake van duidelijke ontmenging. Wat de soortensamenstelling betreft zijn dus in het algemeen geen maatregelen nodig geweest. Een uitzondering vormen o.a. de verjongingen waarin zomereik verdwenen is; deze had met gerichte verzorging gered kunnen worden. De kwaliteit van de verjongingen is in een kwart van de gevallen slecht, er komen (vrijwel) geen toekomstbomen in voor. Het is echter twijfelachtig of maatregelen in de jonge fase hadden kunnen zorgen voor een groter aantal toekomstbomen, omdat kromming in de stammen vaak het grote probleem is en het is de vraag of dit met maatregelen te voorkomen is
    Verjonging in douglasbos neigt weer naar douglas
    Dekker, M. - \ 2009
    Vakblad Natuur Bos Landschap 2009 (2009)1. - ISSN 1572-7610 - p. 18 - 22.
    houtteelt - bossen - groei - gaten in het kroondak - natuurlijke verjonging - bosbedrijfsvoering - silviculture - forests - growth - canopy gaps - natural regeneration - forest management
    Het Nederlandse bos is nog steeds voor het grootste deel gelijkjarig en weinig gemengd, zo blijkt uit metingen over de periode 2001-2005 van het Meetnet Functievervulling Bos. Bosbeleid en -beheer zijn er al decennialang op gericht om de voormalige plantagebossen op een natuurgerichte wijze om te vormen en te beheren. In het bos kom je dan ook veel natuurlijke verjonging tegen die opkomt op plaatsen waar flinke gaten in het kronendak zijn gemaakt. Verjonging die vaak mooi gemengd is. De natuur doet zijn werk na een initiële beheersmaatregel; doel bereikt dus? Uit metingen aan verjongingen in een douglasmonoculture blijkt dat in eerste instantie berk, lariks en douglasspar het goed doen, en dat grove den het van het begin af moeilijk heeft. Op langere termijn neigt deze verjonging echter weer naar douglas, tenzij flink en vaak ingegrepen wordt.
    Growth patterns, competition and coexistence in gap-phase regeneration under close-to-nature silviculture
    Dekker, M. - \ 2008
    Wageningen University. Promotor(en): Frits Mohren, co-promotor(en): Jan den Ouden. - [S.l.] : S.n. - ISBN 9789085049746 - 169
    houtteelt - verjonging - groei - natuurlijke verjonging - bosbedrijfsvoering - bossen - bosbouw - bosbeleid - gaten in het kroondak - europa - silviculture - regeneration - growth - natural regeneration - forest management - forests - forestry - forest policy - canopy gaps - europe
    The dominant European forest policy objective is to create multifunctional, mixed-species and uneven-aged forests. This objective includes the nature‐oriented conversion of monospecific plantations. To reach this objective, close-to-nature silviculture is applied. This generally entails natural regeneration in canopy gaps. In the Netherlands, experience with gap-phase regeneration is limited, making it difficult to asses the effect of close-to-nature management on forest development. In this thesis, this problem is addressed by investigating species coexistence between the four dominant species that occur in naturally regenerated canopy gaps in Douglas fir forest in the Netherlands. These species are Silver birch (Betula pendula Roth.), Japanese larch (Larix kaempferi Carr.), Scots pine (Pinus sylvestris L.) and Douglas fir (Pseudotsuga menziesii Mirb. Franco).
    During gap‐phase regeneration, saplings undergo self‐thinning. This affects species composition of the regeneration unit. Important factors in self‐thinning are species‐specific morphological growth patterns, emergent stand characteristics, the effect of stand characteristics on competitive relationships, and the effect of light availability on growth and mortality.
    Growth patterns differed between species and resulted in differences in the achieved height per unit biomass. Differences in mass‐based heights subsequently caused a vertical stratification in the regeneration unit which, in turn, affected the interspecific competition for light. However, results demonstrated a competitive response rather than a competitive effect. Surrounding saplings formed a functionally equivalent neighborhood, and target individuals responded mainly to their position in the canopy.
    Canopy position affected the radial growth of saplings. Mortality probabilities depended on radial growth, but did not differ between species despite a wide range in light demand. Scots pine did not show a relation between growth and mortality, even though it is highly responsive to light.
    Under continued autogenic development, a low-density top stratum of Silver birch and Japanese larch will develop, overtopping a declining number of Scots pine and a large number of increasingly dominant Douglas fir. This implies that Scots pine will be outcompeted by the other species, and Douglas fir will gain dominance in the future. Forest conversion by natural regeneration will therefore not lead to the desired mixed-species composition, but stands will eventually revert back to Douglas fir forest. Maintaining a diverse forest thus means the need for interventions in the early developmental stage.

    De spontane ontwikkeling van een jong bos op zeeklei (bosreservaat Hollandse Hout, Oostelijk Flevoland) : een analyse voorafgaand aan de aantakking van de Hollandse Hout op de Oostvaardersplassen
    Bijlsma, R.J. ; Verkaik, E. - \ 2008
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1615) - 49
    bossen - natuurlijke verjonging - verjonging - vegetatie - bosecologie - begrazing - plantensuccessie - zware kleigronden - zuidelijk flevoland - forests - natural regeneration - regeneration - vegetation - forest ecology - grazing - plant succession - clay soils - zuidelijk flevoland
    De spontane ontwikkeling in bosstructuur en vegetatie van bosreservaat Hollandse Hout bij Lelystad tussen 1995 en 2007 wordt besproken in het licht van de verwachte aantakking van de Hollandse Hout op de Oostvaardersplassen. De belangrijkste boomsoorten zijn es, esdoorn, eik en populier waarvan verjonging en sterfte zijn bepaald. De verjonging van es in relatie tot lichtbeschikbaarheid en het optreden van brandnetels en slakken wordt apart behandeld. De ontwikkeling van de bosflora wordt vergeleken met die in andere kleibossen in de polder en blijkt afhankelijk van paden en een heterogene bosstructuur. Tot slot worden prognoses voor de bosontwikkeling bij hoge graasdruk besproken, zoals verwacht na aantakking
    Verjonging van jeneverbes (Juniperus communis L.) in het Nederlandse heide- en stuifzandlandschap
    Hommel, P.W.F.M. ; Griek, M. ; Haveman, R. ; Waal, R.W. de - \ 2007
    Ede : Directie Kennis, Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Rapport DK nr. 2007/dk072-O) - 44
    juniperus - struiken - natuurlijke verjonging - heidegebieden - eolische afzettingen - natura 2000 - juniperus - shrubs - natural regeneration - heathlands - aeolian deposits - natura 2000
    Dit obn onderzoek richt zich op de omstandigheden waaronder Jeneverbes zich in het Nederlandse heide- en stuifzandlandschap kan verjongen. Jeneverbesstruwelen vormen een karakteristiek onderdeel van de heide- en stuifzandlandschappen van onze pleistocene zandgronden. Zij hebben een grote cultuurhistorische waarde en herbergen tevens een hoge diversiteit aan soorten, met name aan paddenstoelen en levermossen. De afgelopen zestig jaar zijn in Nederland vrijwel geen zaailingen van Jeneverbes meer aangetroffen. Dit betekent dat de bestaande struwelen verouderen en op termijn zullen verdwijnen. Daarmee is niet alleen de toekomst van de soort in ons land onzeker geworden, maar treedt ook een groot verlies aan biodiversiteit op.
    Natuurlijke bosverjonging op moeilijke plekken; een kwestie van lange adem?
    Oosterbaan, A. ; Berg, C.A. van den; Waal, R.W. de - \ 2007
    Vakblad Natuur Bos Landschap 4 (2007)2. - ISSN 1572-7610 - p. 26 - 27.
    bossen - bodem - ecologie - natuurlijke verjonging - forests - soil - ecology - natural regeneration
    Bossen worden tegenwoordig hoofdzakelijk verjongd door gebruik te maken van natuurlijke bezaaiing. Bosbeheerders krijgen langzamerhand steeds meer ervaring met deze manier van werken. In het algemeen is redelijk bekend welke factoren van belang zijn voor het slagen of ontbreken van verjonging: licht (gatgrootte), bodem (type en opbouw), vegetatie (samenstelling en bedekking) en wilddruk. Maatregelen als lichting, grondbewerking en bescherming tegen wild kunnen in de regel dan ook voor voldoende verjonging zorgen. Toch komt het voor dat natuurlijke verjonging ontbreekt, zonder dat er een directe oorzaak is aan te wijzen. In een verkennend onderzoek keek Alterra wat hier aan de hand kan zijn.
    Onderzoek naar oorzaken voor het ontbreken van natuurlijke verjonging
    Berg, C.A. van den; Oosterbaan, A. ; Waal, R.W. de - \ 2006
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 1420) - 34
    bossen - bodem - zaden - natuurlijke verjonging - bosschade - wild - forests - soil - seeds - natural regeneration - forest damage - wildlife
    Natuurlijke verjonging wil op sommige plaatsen moeilijk van de grond komen. Een oriënterend veldonderzoek heeft opgeleverd dat licht, zaadbronnen en kieming wel voldoende lijken, maar dat de oorzaken meer in de richting van hoge wilddruk, dichte grasvegetaties en dikke, compacte, zure, onverteerde humuslagen in de bovengrond gezocht moeten worden
    Natuurlijke verjonging van grove den; handvatten voor bosbeheerders
    Oosterbaan, A. ; Wolf, R.J.A.M. - \ 2006
    Vakblad Natuur Bos Landschap 3 (2006)3. - ISSN 1572-7610 - p. 11 - 13.
    bosbouw - natuurlijke verjonging - zaadverspreiding - groei van zaailingen - forestry - natural regeneration - seed dispersal - seedling growth
    Grove den is de meest voorkomende boomsoort in Nederland. Bij het huidige beheer van bossen wordt veel gebruik gemaakt van natuurlijke verjonging. De grove den speelt daarin een sleutelrol. Dit artikel geeft uitleg over kieming, vestiging en groei, concurrentie en komt met aanbevelingen voor beheer
    Essays on the economics of forestry-based carbon mitigation
    Benítez-Ponce, P.C. - \ 2005
    Wageningen University. Promotor(en): Henk Folmer, co-promotor(en): R. Olschewski. - s.l. : S.n. - ISBN 9789085041375 - 187
    milieu - economie - klimaatverandering - kosten - koolstof - bebossing - risico - secundaire bossen - conservering - ecosystemen - natuurlijke verjonging - opwarming van de aarde - milieubeleid - ecuador - latijns-amerika - ecosysteemdiensten - environment - economics - climatic change - costs - carbon - afforestation - risk - secondary forests - conservation - ecosystems - natural regeneration - global warming - environmental policy - ecuador - latin america - ecosystem services
    Keywords:climate change, carbon costs, afforestation, risk, secondary forests, conservation payments, ecosystem services

    This thesis is a collection of articles that deal with the economics of carbon sequestration in forests. It pays special attention to the comparison of forestry alternatives for carbon sequestration, carbon supply curves at regional and global levels and the impact of risk on payments for ecosystem services. Case-studies inEcuadorandLatin Americacontribute to a better understanding of these issues. Policy implications of this research are: (1) Natural regeneration of secondary forests is a cost-efficient activity for carbon sequestration in the humid tropics and should be included as part of the Clean Development Mechanism of the Kyoto Protocol. (2) Country-risk is a relevant factor to be considered in climate change mitigation assessments. When accounting for country riskassociated with political, economic and financial risks ― the potential carbon sequestration at a global level is reduced by more than half. (3)Potential carbon sequestration through afforestation ranges from 5% to 25% of the emission reduction targets of different policy scenariosfor stabilization of atmospheric greenhouse gas concentrations, andtherefore is relevant in a global context. (4) Farm-level decisions are influenced by risks associated to price and yield volatility of land-use alternatives. Efficient conservation policies that aim at enhancing carbon sequestration, biodiversity and other environmental services should look at both net revenues and risks. Combining payments for conservation with risk-hedging strategies is a policy option to be considered by conservation agencies worldwide.

    Een stukje theorie over hoe soorten zich gedragen in menging
    Olsthoorn, A.F.M. - \ 2005
    In: De erfenis van een stimuleringsproject : 10 jaar geïntegreerd bosbeheer Gelderland / Claessens, B., [S.l.] : Projectteam Geïntegreerd Bosbeheer - p. 21 - 23.
    bosbedrijfsvoering - natuurlijke verjonging - bosecologie - forest management - natural regeneration - forest ecology
    Natuurlijke verjonging, welke soorten kun je verwachten en hoe is de kwaliteit?
    Wijdeven, S.M.J. - \ 2005
    In: De erfenis van een stimuleringsproject; 10 jaar geïntegreerd bosbeheer Gelderland / Claessens, B., [S.l.] : Projectteam Geïntegreerd Bosbeheer - p. 15 - 17.
    bosbedrijfsvoering - vegetatiebeheer - soortendiversiteit - natuurlijke verjonging - gelderland - forest management - vegetation management - species diversity - natural regeneration
    Sturen op opkomst en samenstelling van natuurlijke verjonging is goed mogelijk; 10 jaar leerobjecten
    Wijk, M.N. van; Klein, J. de - \ 2005
    In: De erfenis van een stimuleringsproject; 10 jaar geïntegreerd bosbeheer Gelderland / Claessens, B., [S.l.] : Projectteam Geïntegreerd Bosbeheer - p. 7 - 9.
    bosbedrijfsvoering - natuurlijke verjonging - opstandsstructuur - gelderland - forest management - natural regeneration - stand structure - gelderland
    Gaten in het bosbeheer
    Wijdeven, S.M.J. ; Willems, A.J.H. ; Groot Bruinderink, G.W.T.A. - \ 2004
    Vakblad Natuur Bos Landschap 1 (2004)8. - ISSN 1572-7610 - p. 18 - 19.
    bosbouw - bosbeheer - verjonging - natuurlijke verjonging - velling - kaalslag - geïntegreerde systemen - opstandskenmerken - opstandsstructuur - opstandsontwikkeling - bossen - botanische samenstelling - bosecologie - gaten in het kroondak - soortendiversiteit - biodiversiteit - bosopstanden - geïntegreerd bosbeheer - forestry - forest administration - regeneration - natural regeneration - felling - clear felling - integrated systems - stand characteristics - stand structure - stand development - forests - botanical composition - forest ecology - canopy gaps - species diversity - biodiversity - forest stands - integrated forest management
    Pleidooi voor het toepassen van grotere gaten bij de natuurlijke verjonging van bosopstanden. In de huidige praktijk wordt geïntegreerd bosbeheer veelal ingevuld door kleinschalige ingrepen, afgestemd op het opstandsniveau. Weliswaar verhoogt dit op dit schaalniveau (de plek of de opstand) de variatie, maar het leidt tot een meer uniforme situatie op het niveau van terreindelen en de beheerseenheid. Grote verjongingsgaten hebben niet alleen een specifiek effect op de soortensamenstelling en structuur van de verjonging, maar zijn ook van belang voor andere soorten, zoals kruiden, korstmossen, reptielen, insecten, vogels en grote hoefdieren, en leveren daarmee een bijdrage aan vergroting van de biodiversiteit en de belevingswaarde
    Goed beheer kan aanpassingsvermogen van bossen beïnvloeden
    Kramer, K. - \ 2004
    Vakblad Natuur Bos Landschap 1 (2004)10. - ISSN 1572-7610 - p. 2 - 4.
    klimaatverandering - bosecologie - adaptatie - bosbedrijfsvoering - verjonging - natuurlijke verjonging - fagus - climatic change - forest ecology - adaptation - fagus - forest management - regeneration - natural regeneration
    Dat het klimaat zal veranderen, staat zo goed als vast. Wat daar de gevolgen voor de natuur van zijn, is veel minder duidelijk. Sommige soorten zullen misschien verdwijnen, andere kunnen misschien beter in Nederland gedijen. Maar uit Alterra onderzoek blijkt, dat er ook maatregelen te nemen zijn, waardoor soorten zich sneller kunnen aanpassen aan het nieuwe klimaat
    Landgoed de Koop, voorbeeldbedrijf voor geïntegreerd bosbeheer
    Jong, J.J. de; Berg, C.A. van den; Wijk, M.N. van - \ 2004
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 935) - 31
    demonstratiebossen - bosbedrijfsvoering - bosbouweconomie - natuurlijke verjonging - economische analyse - opbrengsten - dunnen - nederland - proefprojecten - geïntegreerd bosbeheer - demonstration forests - forest management - forest economics - natural regeneration - economic analysis - yields - thinning - netherlands - pilot projects - integrated forest management
    Met het landelijke netwerk voorbeeldbedrijven voor geïntegreerd bosbeheer stimuleert de overheid particulieren en gemeentelijke boseigenaren om over te schakelen op de beheersvorm geïntegreerd bosbeheer. Landgoed de Koop is een van die voorbeeldbedrijven. Op de voorbeeldbedrijven binnen het landelijke netwerk worden voorbeeldobjecten aangelegd waarop wordt geëxperimenteerd met de beheersvorm geïntegreerd bosbeheer. Het beheer op het landgoed is enkele jaren gemonitord. Daarnaast is aan de hand van een aantal voorbeeldobjecten gedemonstreerd hoe met specifieke beheersvragen om kan worden gegaan en wat de effecten verschillende beheersingrepen is.
    Natuurlijke bosverjonging komt niet zomaar van de grond
    Grimberg, G.T.M. ; Oosterbaan, A. - \ 2003
    Vakblad Natuurbeheer 42 (2003)1. - ISSN 1388-4875 - p. 6 - 9.
    verjonging - natuurlijke verjonging - bossen - bosbeheer - bosbedrijfsvoering - bosbouw - houtteeltkundige systemen - lichten van opstanden - pleksgewijze kap - grondvoorbereiding - grondbewerking - verzorgen van jonge opstanden - bosschade - beweidingsschade - schadepreventie - botanische samenstelling - natuurlijke opstanden - regeneration - natural regeneration - forests - forest administration - forest management - forestry - silvicultural systems - improvement fellings - patch cutting - site preparation - tillage - tending - forest damage - browsing damage - loss prevention - botanical composition - natural stands
    Aan de hand van resultaten van onderzoek en ervaringen van beheerders heeft de contactgroep 'Natuurlijke bosverjonging' maatregelen voor het sturen van de natuurlijke bosverjonging tegen het licht gehouden. Om de verjonging een kans te geven en een goede soortensamenstelling te krijgen kan gedacht worden aan lichting (grootte van het verjongingsgat), bodemvoorbereiding door oppervlakkige grondbewerking (schijveneg), bescherming tegen wildschade (door afrasteringen of het maken van grote verjongingsvlakten), en niet te vroeg ingrijpen in een jong stadium
    Natuurlijke verjonging: van kleine naar grote gaten
    Wijdeven, S.M.J. ; Berg, C.A. van den; Oosterbaan, A. - \ 2003
    Vakblad Natuurbeheer 42 (2003)6. - ISSN 1388-4875 - p. 111 - 115.
    bossen - bosbeheer - bosbedrijfsvoering - natuurlijke verjonging - verjongingsinventarisaties - bosinventarisaties - opstandsstructuur - opstandsontwikkeling - plantensuccessie - botanische samenstelling - bosecologie - gaten in het kroondak - soortendiversiteit - bosopstanden - forests - forest administration - forest management - natural regeneration - regeneration surveys - forest inventories - stand structure - stand development - plant succession - botanical composition - forest ecology - canopy gaps - species diversity - forest stands
    Resultaten van een analyse van de natuurlijke verjonging in relatie tot de gatgrootte op 240 geïnventariseerde verjongingsplekken in naaldbossen op de hoge zandgronden. De grootte van de gaten varieerde van kleine gaten (1 maal de boomhoogte) tot vlakten van 0,5-6 ha (ontstaan na de stormen van de jaren zeventig). Onderzocht werden het stamtal van de verjonging, de aandelen van schaduwtolerante en lichteisende soorten, en de aantallen individuen per soort. Op de grote vlakten is gekeken naar de dichtheid en soortensamenstelling van de verjonging en de aanwezigheid van ruimtelijke patronen. Binnen grote gaten blijkt een grote variatie te zijn in dichtheid en in individuele en groepsgewijze mengingen van verschillende soorten
    Scatterhoarding and tree regeneration : ecology of nut dispersal in a Neotropical rainforest
    Jansen, P.A. - \ 2003
    Wageningen University. Promotor(en): Frans Bongers; Herbert Prins, co-promotor(en): Sip van Wieren. - [S.I.] : s.n. - ISBN 9789058087775
    zaadverspreiding - noten - carapa procera - knaagdieren - natuurlijke verjonging - zaadpredatie - zaadgrootte - natuurlijke selectie - tropische regenbossen - seed dispersal - nuts - carapa procera - rodents - natural regeneration - seed predation - seed size - natural selection - tropical rain forests - cum laude
    cum laude graduation (with distinction)
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.