Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 20 / 103

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Relaties tussen mineralisatie, denitrificatie en indicatoren voor bodemkwaliteit in landbouwgronden
    Velthof, G.L. - \ 2003
    Wageningen : Alterra (Sturen op Nitraat rapport 6 / Alterra-rapport 769) - 38 p.
    bemesting - bodemchemie - bodemkwaliteit - mestbeleid - nitraat - nutriënten - stikstof
    Mineralisatie en denitrificatie zijn bodemprocessen die een groot effect hebben op de hoeveelheid voor het gewas beschikbare stikstof en de stikstofuitspoeling naar grond- en oppervlaktewater. Inzicht en kwantificering van mineralisatie en denitrificatie is nodig voor een goede onderbouwing van bemestingsadviezen en instrumenten ten behoeve van het mestbeleid, zoals een indicator voor nitraatuitspoeling. In dit rapport wordt een studie beschreven naar de relaties tussen enerzijds de potentiële mineralisatie en denitrificatie en anderzijds verschillende indicatoren voor bodemkwaliteit, zoals het gehalte aan totaal stikstof en koolstof, het gehalte aan oplosbaar stikstof en koolstof, en de C-N-verhouding. De analyses zijn uitgevoerd aan 459 monsters van de bovengrond van zand- en lössgronden uit het project Sturen op nitraat. Uit de resultaten volgt dat gehalten aan oplosbaar stikstof en koolstof veel beter waren gerelateerd aan de potentiële mineralisatie en denitrificatie dan de overige indicatoren. Oplosbaar stikstof en koolstof bieden de meeste perspectieven als indicator voor mineralisatie en denitrificatie in bemestingsadviezen en instrumenten ten behoeve van het mestbeleid.
    Effects of EC and fertigation strategy on water and nutrient uptake of tomato plants
    Heinen, M. ; Marcelis, L.F.M. ; Elings, A. ; Figueroa, R. ; Amor, F.M. del - \ 2002
    Acta Horticulturae 593 (2002). - ISSN 0567-7572 - p. 101 - 107.
    glastuinbouw - nutriënten - simulatiemodel - substraatteelt - plantenteelt
    Toetsing van STONE 2.0; vergelijking van simulatieresultaten van STONE en ANIMO met meetgegevens van veldexperimenten
    Horst, M.M.S. ter; Wolf, J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 723.1) - 177
    stikstof - fosfaten - nitraten - emissie - uitspoelen - landbouw - simulatiemodellen - kringlopen - verontreiniging - landbouwgrond - nederland - bemesting - bodemchemie - fosfaatuitspoeling - mestproblematiek - milieu - nitraatuitspoeling - nutriënten - simulatiemodel - nitrogen - phosphates - nitrates - emission - leaching - agriculture - simulation models - cycling - pollution - agricultural land - netherlands
    Het modellensysteem STONE is ontwikkeld voor de simulatie van stikstof- en fosfaatemissies vanuit landbouwgronden. Om de betrouwbaarheid van STONE te toetsen zijn de resultaten vergeleken met meetgegevens van proefvelden. Het betreft meetgegevens van drie projecten, namelijk Fosfaatverliezen op grasland, Kwantificering van nitraatuitspoeling bij landbouwgronden, en Integrale monitoring van stikstofstromen in bodem en gewas op proefbedrijf De Marke. Deze vergelijking van meet- en simulatieresultaten op veldniveau laat zien in hoeverre STONE in staat is om de stikstof- en fosfaatkringlopen en de onderliggende processen in de bodem, alsmede de uitspoeling van stikstof en fosfaat betrouwbaar te simuleren. Omdat het nutriëntenemissiemodel binnen STONE gebaseerd is op het model ANIMO maar dit model wel op een aantal essentiële punten veranderd is, is deze toets op proefveldgegevens ook uitgevoerd met ANIMO. Dit geeft een indicatie van de consequenties van deze veranderingen.
    Beperking van lachgasemissie na scheuren en bij vernieuwing van grasland; eindrapport reductieplan overige broeikasgassen landbouw cluster 1
    Kasper, G.J. ; Pol-van Dasselaar, A. van den; Kuikman, P.J. ; Dolfing, J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 560.5) - 37
    distikstofmonoxide - gassen - broeikaseffect - emissie - reductie - graslandbeheer - stikstof - milieubeleid - nederland - broeikasgassen - emissiereductie - grasland - lachgas - landbouw - nutriënten - weidebouw - nitrous oxide - gases - greenhouse effect - emission - reduction - grassland management - nitrogen - environmental policy - netherlands
    In het kader van het reductieplan overige broeikasgassen (ROB Landbouw) zijn de mogelijkheden voor het verminderen van de emissie van lachgas (N2O) uit gescheurd en opnieuw ingezaaid grasland bestudeerd. In de periode tussen augustus 2000 en juli 2002zijn door middel van incubatie- en veldproeven de effecten van het tijdstip van scheuren van grasland op klei- en zandgrond op de lachgasemissie onderzocht. In dit rapport worden de belangrijkste resultaten van het onderzoek gepresenteerd; de gedetailleerde resultaten worden in aparte rapporten en publicaties beschreven. Perspectiefvolle maatregelen om de lachgasemissie te verminderen zijn afzien van scheuren door verbetering van het graslandbeheer; doorzaaien van grasland; grasland na 1 augustus niet scheuren; en overschakeling naar tijdelijk grasland met korte rotatieduur. De geschatte effectiviteit van de afzonderlijke maatregelen varieert van minder dan 0,1 tot 0,8 Mt CO2-equivalenten per jaar op nationaal niveau. Het merendeel van de maatregelen is kostenneutraal of levert een kleine winst. Voorlichting is van belang om tot effectieve implementatie van maatregelen te komen. Een integrale analyse van de effectiviteit van de maatregelen samen met die van maatregelen uit andere ROB-projecten is nodig om interacties tussen maatregelen en risico's van afwenteling naar andere emissies (zoals methaan, ammoniak en nitraat) te kwantificeren. De effectiviteit van een deel van de maatregelen kan niet worden gekwantificeerd met de rekenmethodieken die voor de huidige rapportage in het kader van het klimaatverdrag en het Kyoto-protocol worden gebruikt.
    Beperking van lachgasemissie door gebruik van klaver in grasland; eindrapport reductieplan overige broeikasgassen landbouw cluster 1
    Corré, W.J. ; Kasper, G.J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 560.4) - 29
    distikstofmonoxide - gassen - broeikaseffect - emissie - reductie - graslandbeheer - stikstof - trifolium repens - nederland - bemesting - broeikasgassen - emissiereductie - grasland - lachgas - landbouw - nutriënten - nitrous oxide - gases - greenhouse effect - emission - reduction - grassland management - nitrogen - trifolium repens - netherlands
    In het kader van het reductieplan overige broeikasgassen (ROB Landbouw) zijn de mogelijkheden voor het verminderen van de emissie van lachgas (N2O) door gebruik van klaver in grasland bestudeerd. In de periode tussen september 2000 en juli 2002 is in veldproeven de emissie van lachgas uit grasland met klaver gemeten en vergeleken met de emissie uit grasland bemest met kunstmeststikstof. Doel van deze vergelijking was het kwantificeren van de verandering in emissie bij het vervangen van kunstmeststikstof door klaver bij een gelijkblijvende grasopbrengst. In dit rapport worden de belangrijkste resultaten van het onderzoek gepresenteerd; de gedetailleerde resultaten worden in aparte rapporten beschreven. Door de specifieke proefomstandigheden was het niet mogelijk een directe vergelijking te maken tussen de emissie uit grasland met klaver en grasland met kunstmeststikstof bij eenzelfde opbrengstniveau. De resultaten geven de aanwijzing dat de emissie uit grasland met klaver kleiner is, maar verdere kwantificering van dit verschil is op basis van de meetgegevens niet mogelijk. Wel leidt het vervangen van kunstmeststikstof door klaver tot een aanzienlijke verlaging van de emissie van lachgas en kooldioxide bij de productie en het transport van stikstofmeststoffen. Bij gebruik van klaver in alle daarvoor geschikt grasland in Nederland kan een emissievermindering plaatsvinden in de orde van 1 Mt CO2-equivalenten per jaar.
    Beperking van lachgasemissie als gevolg van toepassing van gewasresten; eindrapportage reductieplan overige broeikasgassen
    Dolfing, J. ; Velthof, G.L. ; Kuikman, P.J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 560.3) - 43
    distikstofmonoxide - gassen - broeikaseffect - reductie - emissie - stikstof - bedrijfsvoering - oogstresten - milieubeleid - nederland - landbouw - bemesting - broeikasgassen - emissiereductie - lachgas - nutriënten - nitrous oxide - gases - greenhouse effect - reduction - emission - nitrogen - management - crop residues - environmental policy - netherlands - agriculture
    In het kader van het reductieplan overige broeikasgassen (ROB Landbouw) zijn de mogelijkheden voor het verminderen van de emissie van lachgas (N2O) als gevolg van het toepassen van gewasresten bestudeerd. In de periode tussen augustus 2000 en juli 2002 zijn door middel van incubatie- en veldproeven de effecten van een aantal maatregelen op de lachgasemissie onderzocht. In dit rapport worden de belangrijkste resultaten van het onderzoek gepresenteerd; de gedetailleerde resultaten worden in aparte rapporten en publicaties beschreven. Perspectiefvolle maatregelen om de lachgasemissie te verminderen zijn het verwijderen van stikstofrijke gewasresten, met name op zand, en het verlagen van stikstofbemesting in de vorm van precisiebemesting, een no-regretmaatregel die momenteel onder andere als gevolg van MINAS sowieso snel aan populariteit wint. De geschatte effectiviteit van het verwijderen van de gewasresten van suikerbieten op zand is op nationaal niveau een reductie van 0,05 Mt CO2-equivalenten per jaar. De kosten van deze maatregel zijn relatief gering ( ~ 30 euro per ton CO2-equivalenten per jaar). Voorlichting is van belang om tot effectieve implementatie van maatregelen te komen. Een integrale analyse van de effectiviteit van de maatregelen samen met die van maatregelen uit andere ROB-projecten is nodig om interacties tussen maatregelen en risico's van afwenteling naar andere emissies (zoals methaan, ammoniak en nitraat) te kwantificeren. De effectiviteit van een deel van de maatregelen kan niet worden gekwantificeerd met de rekenmethodieken die voor de huidige rapportage in het kader van het klimaatverdrag en het Kyoto-protocol worden gebruikt.
    Beperking van lachgasemissie uit bemeste landbouwgronden; eindrapport reductieplan overige broeikasgassen landbouw cluster 1
    Velthof, G.L. ; Dolfing, J. ; Kasper, G.J. ; Groenigen, J.W. van; Groot, W.J.M. de; Pol-van Dasselaar, A. van den; Kuikman, P.J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 560.2) - 57
    distikstofmonoxide - broeikaseffect - gassen - emissie - reductie - landbouwgrond - kunstmeststoffen - graslanden - milieubeleid - nederland - bemesting - broeikasgassen - emissiereductie - lachgas - landbouw - nutriënten - stikstof - nitrous oxide - greenhouse effect - gases - emission - reduction - agricultural land - fertilizers - grasslands - environmental policy - netherlands
    In het kader van het reductieplan overige broeikasgassen (ROB Landbouw) zijn de mogelijkheden voor het verminderen van de emissie van lachgas (N2O) uit bemeste landbouwgronden bestudeerd. In de periode tussen augustus 2000 en juli 2002 zijn door middel van incubatie- en veldproeven de effecten van een groot aantal bemestingsmaatregelen op de lachgasemissie onderzocht. In dit rapport worden de belangrijkste resultaten van het onderzoek gepresenteerd; de gedetailleerde resultaten worden in aparte rapporten en publicaties beschreven. Perspectiefvolle maatregelen om de lachgasemissie te verminderen zijn het verminderen van de stikstofbemesting via kunstmest en dierlijke mest; het verlagen van het gehalte aan afbreekbare organische stof van mest, door aanpassingen in rantsoen en mestbehandeling; het toedienen van een ammoniummeststof in plaats van een nitraatmeststof; het splitsen van stikstofgiften op grasland; minder gebruik van dierlijke mest op maosland en bouwland; en het toedienen van mest via slangen en sleepvoet in het voorjaar aan zware kleigrond in plaats van mestinjectie. De geschatte effectiviteit van de afzonderlijke maatregelen op nationaal niveau varieert van minder dan 0,1 tot 1 Mt CO2-equivalenten per jaar. Het merendeel van de maatregelen is kostenneutraal of levert een kleine winst. Voorlichting is van belang om tot effectieve implementatie van maatregelen te komen. Een integrale analyse van de effectiviteit van de maatregelen samen met die van maatregelen uit andere ROB-projecten is nodig om interacties tussen maatregelen en risico's van afwenteling naar andere emissies (zoals methaan, ammoniak en nitraat) te kwantificeren. De effectiviteit van een deel van de maatregelen kan niet worden gekwantificeerd met de rekenmethodieken dievoor de huidige rapportage in het kader van het klimaatverdrag en het Kyoto-protocol worden gebruikt.
    Fosfaatbehoefte van vollegrondsgroentegewassen; 3 precisiebemesting
    Ehlert, P.A.I. ; Wijk, C.A.P. van; Willigen, P. de - \ 2002
    Unknown Publisher - 27 p.
    bemesting - bodemvruchtbaarheid - fosfaat - gewasproductie - groenteteelt - nutriënten - precisielandbouw
    Fosfaatbehoefte van vollegrondsgroentegewassen; 2 plaatsing in gewasgroepen
    Ehlert, P.A.I. ; Wijk, C.A.P. van - \ 2002
    Unknown Publisher - 46 p.
    bemesting - bodemvruchtbaarheid - fosfaat - gewasproductie - groenteteelt - landbouw - nutriënten
    Atlas kwetsbare gebieden en beinvloedingszones rond natuurkernen
    Bosch, G.F. van den; Gies, T.J.A. ; Kros, J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 642) - 32 p.
    landbouw - melkveehouderij - mestproblematiek - milieubeleid - milieubescherming - natuurgebied - nutriënten
    Spatial modeling of nutrient reduction in the natural wetlands of the Liaohe delta, China
    Xiuzhen, L. ; Jongman, R.H.G. ; Harms, W.B. ; Bregt, A.K. - \ 2002
    In: Ü. Mander & P.D. Jenssen (eds.), Natural wetlands for wastewater treatment in cold climates. Southampton (UK), WIT, 2002 - p. 47 - 74.
    China - geo-informatie - natuurgebied - nutriënten - simulatiemodel - waterhuishouding - Azië
    Fosfaattoestanden op de praktijkbedrijven van Telen met toekomst; een analyse van de situatie bij de start van het project
    Ehlert, P.A.I. ; Koopmans, G.W. - \ 2002
    Wageningen : Plant Research International - 37 p.
    akkerbouw - bodemvruchtbaarheid - boomteelt - fosfaat - landbouw - milieu - nutriënten - tuinbouw
    Stikstof- en fosfaatverliezen in akkerbouw en vollegrondsgroenteteelt; projectplan voor het bodemonderzoek op de kernbedrijven Vredepeel en Meterik van het project "Telen met toekomst"
    Zwart, K. ; Smit, A. - \ 2002
    Unknown Publisher - 58 p.
    akkerbouw - bodemvruchtbaarheid - fosfaat - landbouw - milieu - nutriënten - stikstof - tuinbouw - Limburg
    Grassland renovation in the Netherlands; agronomic, environmental and economic issues
    Schils, R.L.M. ; Aarts, H.F.M. ; Bussink, D.W. ; Conijn, J.G. ; Corré, W.J. ; Dam, A.M. van; Honing, I.E. ; Meer, H.G. van der; Velthof, G.L. - \ 2002
    In: Grassland resowing and grass-arable crop rotations; international workshop on agricultural and environmental issues, Wageningen, the Netherlands, 18 & 19 April 2002 / Conijn, J.G., Velthof, G.L., Taube, F., - p. 9 - 24.
    agronomie - bodemkwaliteit - economie - grasland - landbouw - landgebruik - milieu - nutriënten - weidebouw - Nederland
    Grassland resowing and grass-arable crop rotations; international workshop on agricultural and environmental issues, Wageningen, the Netherlands, 18 & 19 April 2002
    Conijn, J.G. ; Velthof, G.L. ; Taube, F. - \ 2002
    Wageningen : Plant Research International - 128
    graslanden - graslandbeheer - rotaties - teeltsystemen - europa - bodemkwaliteit - grasland - landbouw - landgebruik - milieu - nutriënten - weidebouw - Nederland - België - Denemarken - Frankrijk - Duitsland - Ierland - Verenigd Koninkrijk - grasslands - grassland management - rotations - cropping systems - europe
    Consequenties van milieu- en natuurdoelstellingen op de bedrijfsvoering en structuur van de landbouw en de inrichting van de groene ruimte
    Kros, H. ; Vries, W. de - \ 2002
    In: Samenvattingen (voordrachten en posters); 14e nationaal symposium BodemBreed. Gouda, SKB, 2002, blz. 115 / van Mullekom, P., Zijderlaan, D.,
    landbouw - landinrichting - mestbeleid - milieu - natuurontwikkeling - nutriënten
    Milieutechnische en landbouwkundige effecten van graslandvernieuwing (een verkenning aan de hand van praktijksituaties)
    Aarts, H.F.M. ; Bussink, D.W. ; Hoving, I.E. ; Meer, H.G. van der; Schils, R.L.M. ; Velthof, G.L. - \ 2002
    Wageningen : Plant Research International - 32
    graslanden - graslandverbetering - voedingsstoffen - boekhouding - stikstofbalans - kosten-batenanalyse - milieueffect - grasmatverbetering - agronomie - bodemkwaliteit - economie - grasland - landbouw - landgebruik - milieu - nutriënten - weidebouw - Nederland - grasslands - grassland improvement - nutrients - accounting - nitrogen balance - cost benefit analysis - environmental impact - sward renovation
    Consequenties van het aanscherpen van N-emissienormen op het gewenste lange-termijn niveau (2030)
    Vries, W. de; Neeteson, J.J. - \ 2002
    In: Quick scan transitie duurzame landbouw / Spiertz, J.H.J., van der Kolk, J.W.H., - p. 33 - 38.
    agrarische bedrijfsvoering - milieubescherming - waterverontreiniging - nitraten - verontreinigingsbeheersing - nederland - landbouw - mestproblematiek - milieu - natuur - nutriënten - stikstof - farm management - environmental protection - pollution control - water pollution - nitrates - netherlands
    Milieurandvoorwaarden aan duurzame landbouw: de samenhang tussen natuur, milieu en landbouw
    Vries, W. de; Neeteson, J.J. - \ 2002
    In: Quick scan transitie duurzame landbouw / Spiertz, J.H.J., van der Kolk, J.W.H., - p. 29 - 32.
    agrarische bedrijfsvoering - milieubescherming - verzuring - eutrofiëring - natuurbescherming - nederland - nitraten - fosfaten - kwaliteitsnormen - landbouw - mestproblematiek - milieu - natuur - nutriënten - farm management - environmental protection - acidification - eutrophication - nitrates - phosphates - nature conservation - quality standards - netherlands
    Quick scan transitie duurzame landbouw
    Spiertz, J.H.J. ; Kolk, J.W.H. van der - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Reeks Milieuplanbureau 19) - 70
    landbouw - duurzaamheid (durability) - overheidsbeleid - doelstellingen - milieubeleid - natuurbescherming - beoordeling - nederland - gewasbescherming - mestproblematiek - milieu - natuur - nutriënten - agriculture - durability - government policy - objectives - environmental policy - nature conservation - assessment - netherlands
    Ter voorbereiding van de uitvoeringsagenda 'Transitie Duurzame Landbouw' is een quick-scan uitgevoerd naar de samenhang en consistentie van doelstellingen voor Duurzame Landbouw in diverse beleidsnota's. In dit rapport wordt een referentiekader geschetst voor duurzaamheid. Hiervoor worden zes landbouwdoeltypen gedefinieerd. Het rapport geeft verder een overzicht van de milieurandvoorwaarden voor een duurzame landbouw in 2030. Hieruit blijkt dat met name de doelstellingen ten aanzien van de ammoniak- en fosforemissies zeer bepalend zullen zijn voor de toekomstige ontwikkeling van de landbouw. Meer samenhang in doelen en normen tussen de verschillende milieuthema's zal nodig zijn om een duurzame landbouw te realiseren. Het beleid zal de transitie naar duurzame landbouw moeten faciliteren door het stimuleren van innovatie en het geven van gerichte economische prikkels.
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.