Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 20 / 46

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    The UroLife study: protocol for a Dutch prospective cohort on lifestyle habits in relation to non-muscle-invasive bladder cancer prognosis and health-related quality of life
    Goeij, Liesbeth de; Westhoff, Ellen ; Witjes, J.A. ; Aben, Katja K. ; Kampman, Ellen ; Kiemeney, Lambertus Alm ; Vrieling, Alina - \ 2019
    BMJ Open 9 (2019)10. - ISSN 2044-6055 - p. e030396 - e030396.
    biomarkers - bladder cancer - cohort - diet - lifestyle - prognosis - quality of life - recurrence - study protocol

    INTRODUCTION: Patients with non-muscle-invasive bladder cancer (NMIBC) have a good survival but are at high risk for tumour recurrence and disease progression. It is important to identify lifestyle habits that may reduce the risk of recurrence and progression and improve health-related quality of life (HRQOL). This paper describes the rationale and design of the UroLife study. The main aim of this study is to evaluate whether lifestyle habits are related to prognosis and HRQOL in patients with NMIBC. METHODS AND ANALYSIS: The UroLife study is a multicentre prospective cohort study among more than 1100 newly diagnosed patients with NMIBC recruited from 22 hospitals in the Netherlands. At 6 weeks and 3, 15 and 51 months after diagnosis, participants fill out a general questionnaire, and questionnaires about their lifestyle habits and HRQOL. At 3, 15 and 51 months after diagnosis, information about fluid intake and micturition is collected with a 4-day diary. At 3 and 15 months after diagnosis, patients donate blood samples for DNA extraction and (dietary) biomarker analysis. Tumour samples are collected from all patients with T1 disease to assess molecular subtypes. Information about disease characteristics and therapy for the primary tumour and subsequent recurrences is collected from the medical records by the Netherlands Cancer Registry. Statistical analyses will be adjusted for age, gender, tumour characteristics and other known confounders. ETHICS AND DISSEMINATION: The study protocol has been approved by the Committee for Human Research region Arnhem-Nijmegen (CMO 2013-494). Patients who agree to participate in the study provide written informed consent. The findings from our study will be disseminated through peer-reviewed scientific journals and presentations at (inter)national scientific meetings. Patients will be informed about the progress and results of this study through biannual newsletters and through the website of the study and of the bladder cancer patient association.

    Effect van klimaatverandering en vergrijzing op waterkwaliteit en drinkwaterfunctie van Maas en Rijn
    Sjerps, Rosa M.A. ; Laak, T.L. ter; Zwolsman, G.J. - \ 2016
    H2O online (2016)augustus.
    climatic change - drinking water - water quality - surface water - pesticides - radiography - drug residues - water pollution - river meuse - river rhine - prognosis - klimaatverandering - drinkwater - waterkwaliteit - oppervlaktewater - pesticiden - radiografie - geneesmiddelenresiduen - waterverontreiniging - maas - rijn - prognose
    Door de vergrijzing zal de emissie van geneesmiddelen en röntgencontrastmiddelen naar het oppervlaktewater toenemen. De effecten van toenemende emissies op de waterkwaliteit worden versterkt bij lage rivierafvoeren, die naar verwachting steeds vaker en langduriger zullen optreden in een veranderend klimaat. In deze studie zijn prognoses gemaakt van de toekomstige concentraties van een aantal relevante organische microverontreinigingen in de Rijn en Maas in het jaar 2050. De voorspelde concentraties van diverse geneesmiddelen en röntgencontrastmiddelen in de Rijn en de Maas overschrijden de ERM-streefwaarden voor oppervlaktewater als bron van drinkwater. Sporen van enkele organische microverontreinigingen kunnen doordringen in het drinkwater.
    Nadere analyse vrijkomende agrarische bebouwing Gelderland
    Gies, T.J.A. ; Smidt, R.A. ; Och, R.A.F. van; Vleemingh, M.P.I. - \ 2015
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2632) - 21
    plattelandsontwikkeling - landbouwbedrijfsgebouwen - boerderijen - regionale planning - prognose - asbest - sloop (afbraak) - bedrijfsbeëindiging in de landbouw - inventarisaties - gelderland - rural development - farm buildings - farm dwellings - regional planning - prognosis - asbestos - demolish - farm closures - inventories - gelderland
    Nadere uitwerking van aard en omvang vrijkomende agrarische bebouwing 2012-2030 in de provincie Gelderland. De onderzoeksresultaten zijn op verschillende manier ruimtelijk gedifferentieerd en is de aard (bouwjaar en bedrijfstype) nader geanalyseerd. Tevens is een inschatting van de te verwachten leegstand, de te verwachten oppervlakte schuren met asbest en de te verwachten sloopopgave in beeld gebracht.
    Ex ante evaluatie mestbeleid 2013 : gevolgen van de invoering van verplichte mestverwerking en het afschaffen van productierechten in de veehouderij
    Schroder, J.J. ; Baltussen, W.H.M. ; Koeijer, T.J. de; Leenstra, F.R. ; Velthof, G.L. ; Verdoes, N. ; Willems, J. ; Grinsven, H. van - \ 2013
    Den Haag : Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) (PBL-publicatie 1176) - ISBN 9789491506543 - 43
    mestverwerking - dierlijke meststoffen - melkvee - melkveehouderij - intensieve veehouderij - fosfaat - stikstof - prognose - milieubeheer - wetgeving - dierenwelzijn - Nederland - manure treatment - animal manures - dairy cattle - dairy farming - intensive livestock farming - phosphate - nitrogen - prognosis - environmental management - legislation - animal welfare - Netherlands
    Er is een risico dat de uitbreiding van de mestverwerking onvoldoende is voor de vanaf 2015 verwachte hoeveelheid jaarlijks te verwerken mest. Dit wordt vooral veroorzaakt door onzekerheid over de vergunningverlening en de financiering van nieuwe mestverwerkingsplannen. De toename van de hoeveelheid te verwerken mest vanaf 2015 is vooral een gevolg van de aanscherping van fosfaatgebruiksnormen en waarschijnlijk niet van een toename van de veestapel of de mestproductie. Weliswaar groeit de melkveestapel sinds 2011, maar de fosfaatuitscheiding van de veestapel als geheel daalt door voermaatregelen. Het tekort aan mestverwerkingscapaciteit in 2015 wordt geschat op maximaal 9 miljoen kilogram fosfaat (circa een derde van de totaal benodigde capaciteit) als de productiebegrenzing van de veestapel wordt losgelaten. Het tekort in 2015 zal maximaal 3 miljoen kilogram fosfaat zijn, mits de veestapel niet groeit. De benodigde capaciteit voor mestverwerking is het grootst in het concentratiegebied Zuid (Midden- en Oost- Noord Brabant en Noord- en Midden-Limburg). In het scenario zonder productierechten groeit de varkenshouderij hier met 10 procent. Hierdoor is de benodigde mestverwerkingscapaciteit 2 miljoen kilogram fosfaat hoger dan de benodigde 24 tot 26 miljoen kilogram fosfaat in een situatie met productierechten.
    The Emerging Role of Circulating Tumor Cell Detection in Genitourinary Cancer
    Small, A.C. ; Gong, Y.X. ; Oh, W.K. ; Hall, S.J. ; Rijn, C.J.M. van; Galsky, M.D. - \ 2012
    The Journal of Urology 188 (2012)1. - ISSN 0022-5347 - p. 21 - 26.
    resistant prostate-cancer - peripheral-blood - bladder-cancer - enrichment method - predict survival - epithelial-cells - breast-cancer - carcinoma - prognosis - progression
    Purpose: Circulating tumor cells are malignant cells in peripheral blood that originate from primary tumors or metastatic sites. The heterogeneous natural history and propensity for recurrence in prostate, bladder and kidney cancers are well suited for improved individualization of care using circulating tumor cells. The potential clinical applications of circulating tumor cells include early diagnosis, disease prediction and prognosis, and selection of appropriate therapies. Materials and Methods: The PubMed (R) and Web of Science (R) databases were searched using the key words circulating tumor cells, CTC, prostate, kidney, bladder, renal cell carcinoma and transitional cell carcinoma. Relevant articles and references from 1994 to 2011 were reviewed for data on the detection and significance of circulating tumor cells in genitourinary cancer. Results: Technical challenges have previously limited the widespread introduction of circulating tumor cell detection in routine clinical care. Recently novel platforms were introduced to detect these cells that offer the promise of overcoming these limitations. We reviewed the current state of circulating tumor cell capture technologies and their clinical applications for genitourinary cancers. Conclusions: In genitourinary cancer circulating tumor cell enumeration has been useful for prognosis in patients with castration resistant prostate cancer. Soon characterizing individual circulating tumor cells in blood will serve as a noninvasive real-time liquid biopsy to monitor molecular changes in cancer, allowing clinicians to custom tailor treatment strategies. Circulating tumor cells will serve as a treatment response biomarker. Finally, circulating tumor cell detection promises to assist in the early detection of clinically localized cancers, facilitating curative therapy.
    Integrated assessment of adaptation to Climate change in Flevoland at the farm and regional level
    Wolf, J. ; Mandryk, M. ; Kanellopoulos, A. ; Oort, P.A.J. van; Schaap, B.F. ; Reidsma, P. ; Ittersum, M.K. van - \ 2011
    Wageningen University (AgriAdapt project reports no. 4; 5) - 137
    klimaatverandering - agrarische bedrijfsvoering - akkerbouw - gewasproductie - prognose - methodologie - flevoland - climatic change - farm management - arable farming - crop production - prognosis - methodology - flevoland
    A key objective of the AgriAdapt project is to assess climate change impacts on agriculture including adaptation at regional and farm type level in combination with market and technological changes. More specifically, the developed methodologies enable (a) the assessment of impacts, risks and resiliencies for agriculture under changes in climatic conditions including increasing climate variability but also under changes of other drivers (market, technology, policy, etc.) and (b) the evaluation of adaptation strategies at farm type and regional scale. The methodologies are applied to arable farming in Flevoland, the Netherlands as the key case.
    Landbouwverkenning provincie Utrecht tot 2025 : huidige situatie en ontwikkeling
    Bont, C.J.A.M. de; Leeuwen, M.G.A. van; Linderhof, V.G.M. ; Venema, G.S. ; Vogelzang, T.A. - \ 2011
    Den Haag : LEI, onderdeel van Wageningen UR (Rapport / LEI : Onderzoeksveld Sector en ondernemerschap ) - ISBN 9789086155279 - 107
    landbouw als bedrijfstak - landbouwontwikkeling - landbouwstatistieken - prognose - melkveehouderij - fruitteelt - glastuinbouw - utrecht - agriculture as branch of economy - agricultural development - agricultural statistics - prognosis - dairy farming - fruit growing - greenhouse horticulture - utrecht
    Het aantal land- en tuinbouwbedrijven in de provincie Utrecht zal tot 2025 met ruim een derde teruglopen tot minder dan 2.000. De agrarische productie blijft op peil. Veel bedrijven zullen verder in omvang groeien, maar blijven overwegend gezinsbedrijven. De landbouw in Utrecht bestaat voor een groot deel uit grondgebonden veehouderijbedrijven. De grootste groep zijn melkveebedrijven. Er zijn bijna evenveel 'overige graasdierbedrijven' (bedrijven met jongvee, vleesvee, schapen of paarden) maar deze zijn gemiddeld veel kleiner en economisch minder van belang. De intensieve veehouderij, waaronder de pluimvee-, varkens- en vleeskalverenhouderij, is vooral te vinden in het oosten van de provincie. De fruitteelt komt vooral in het Kromme Rijngebied voor, glastuinbouw vooral in Harmelen en Mijdrecht. Er is weinig akkerbouw, het betreft vooral snijmais als voedergewas. Circa 95% van de agrarische grond wordt gebruikt als grasland en voor snijmais, bijna 70% van de landbouwgrond is in gebruik van melkveebedrijven. Ongeveer 59% van de grond is in eigendom. De verkavelingssituatie op grotere melkveebedrijven is ongunstiger geworden. De provincie Utrecht wil voor haar Structuurvisie inzicht in het toekomstperspectief van de land- en tuinbouw. Het LEI heeft daartoe een landbouwverkenning tot 2025 opgesteld, die ingaat op de ontwikkeling van de belangrijkste sectoren en op thema's zoals waterbeheer, stadslandbouw en duurzame energie. De verkenning bevat een specificatie naar Agenda Vitaal Platteland (AVP)-gebied en is getoetst in twee workshops met agrarische ondernemers, adviseurs en beleidsmedewerkers van lokale overheden.
    Demografie in de Natuurverkenning 2011 : achtergronddocument bij Natuurverkenning 2011
    Veeneklaas, F.R. ; Vader, J. - \ 2010
    Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-werkdocument 194) - 58
    landschap - recreatie - landgebruik - openluchtrecreatie - demografie - vestigingspatronen - prognose - natuur - landscape - recreation - land use - outdoor recreation - demography - settlement patterns - prognosis - nature
    Dit document dient als input voor de omgevingsscenario's van de Natuurverkenning 2011. Het behandelt de gevolgen voor natuur en landschap van demografische ontwikkelingen tot 2040. Die effecten verlopen via het ruimtebeslag door bebouwing, openluchtrecreatie en vestigingspatronen & woonvoorkeuren. Er is gebruik gemaakt van de regionale bevolkingsprognose van het CBS/PBL van 2009, met daaraan toegevoegd twee varianten voor migratie, Er is verder een vergelijking gemaakt met de CPB/RPB/MNP-studie Welvaart en Leefomgeving uit 2006.
    Bevolkingsontwikkeling op het platteland, 1980-2025; Voorstudie
    Terluin, I.J. ; Godeschalk, F.E. ; Jansson, K.M. ; Verhoog, A.D. - \ 2010
    Den Haag : LEI Wageningen UR (Rapport / LEI : Onderzoeksveld internationaal beleid ) - ISBN 9789086154173 - 79
    demografie - veranderingen in de bevolking - prognose - platteland - nederland - statistiek - plattelandsontwikkeling - demography - population change - prognosis - rural areas - netherlands - statistics - rural development
    In deze studie wordt een verkenning gemaakt van de bevolkingsontwikkeling 2008-2025 in plattelandsgemeenten in Nederland. Daarbij wordt gebruik gemaakt van cijfers van de EU 27-lidstaten, over de jaren 1980-2025. Het blijkt dat de meeste plattelandsgemeenten te maken krijgen met een situatie van bevolkingskrimp. Om de verwachte bevolkingsgroei in Nederland in een breder perspectief te zetten, besteedt deze studie ook aandacht aan prognoses voor de wereldbevolking en de bevolkingsontwikkeling in lidstaten en regio's van de EU. Bevolkingskrimp kan kansen bieden als bestuurders de demografische omslag erkennen en erop inspelen.
    Intake of very long chain n-3 fatty acids from fish and the incidence of heart failure: the Rotterdam Study
    Dijkstra, S. ; Brouwer, I.A. ; Rooij, F.J.A. van; Hofman, A. ; Witteman, J.C.M. ; Geleijnse, J.M. - \ 2009
    European Journal of Heart Failure 11 (2009)10. - ISSN 1388-9842 - p. 922 - 928.
    atrial-fibrillation - general-population - disease mortality - risk - consumption - prognosis - humans - update - supplementation - prevalence
    Aims: Evidence is accumulating for a cardioprotective effect of fish or its n-3 fatty acids, eicosapentaenoic acid (EPA) plus docosahexaenoic acid (DHA). We examined EPA plus DHA and fish intake in relation to incident heart failure in the population-based Rotterdam Study. Methods and results: The analysis comprised 5299 subjects (41% men, age 68 years) free from heart failure for whom dietary data were available. During 11.4 years of follow-up, 669 subjects developed heart failure. The relative risk (RR) of heart failure in the top vs. bottom quintile of EPA plus DHA intake was 0.89 (95% CI 0.69–1.14), after adjustment for lifestyle and dietary factors. For fish intakes 20 g/day, the RR was 0.96 (0.78–1.18) compared with no fish intake. In sex-specific analysis, a high EPA plus DHA intake tended to be protective in women (RR = 0.75, 0.54–1.04) but not in men (RR = 1.00, 0.73–1.36). An inverse association for EPA plus DHA was also observed in diabetics (RR = 0.58, 0.32–1.06), which was borderline statistically significant. Conclusion: Our findings do not support a major role for fish intake in the prevention of heart failure. The potentially protective effect of EPA plus DHA in diabetic patients, however, warrants further investigation
    De agrarische sector in Nederland naar 2020 : perspectieven en onzekerheden
    Silvis, H.J. ; Bont, C.J.A.M. de; Helming, J.F.M. ; Leeuwen, M.G.A. van; Bunte, F.H.J. ; Meijl, H. van - \ 2009
    Den Haag : LEI Wageningen UR (Rapport / LEI : Werkveld 1, Internationaal beleid ) - ISBN 9789086153053 - 112
    landbouwsituatie - prognose - agrarische economie - landbouwproductie - landbouwsector - toekomst - agricultural situation - prognosis - agricultural economics - agricultural production - agricultural sector - future
    Dit rapport beantwoordt vooral de vraag: wat zijn de perspectieven van de agrarische sector in Nederland op middellange termijn, tot 2020? Met welke ontwikkelingen en onzekerheden moet rekening worden gehouden en welke aandachtspunten voor het beleid vloeien daar uitvoort? Het rapport is gebaseerd op een combinatie van expertkennis en modelberekeningen. De vraagontwikkeling wordt mede bepaald door de tot 2020 met 1% per jaar doorgaande groei van de wereldbevolking. Deze groei, die lager is dan in het vorige decennium, manifesteert zich vooral buiten de EU, met name in Azië. Voor het aanbod van producten is, naast de beschikbare arbeid, kapitaal en grond, de technologische vernieuwing een belangrijke factor. Het aantal in de agrosector werkzame mensen zal vooral blijven afnemen door de technologische vernieuwing, die een verhoging van de productiviteit mogelijk maakt. Dit kan knelpunten opleveren in arbeidsintensieve deelsectoren, zoals in de tuinbouw. Nieuwe technologische doorbraken, zoals robotisering, kunnen hier een oplossing bieden
    Can Biofuels be Sustainable in 2020? An Assessment of the Obligatory Target of 10% in the Netherlands
    Bindraban, P.S. ; Bulte, E.H. ; Conijn, S. ; Eickhout, B. ; Hoogwijk, M. ; Londo, M. - \ 2009
    Den Haag : WAB: Wetenschappelijk Assessment en Beleidsanalyse, Klimaatverandering (Report / WAB 500102 024)
    brandstofgewassen - landbouwproductie - prognose - nederland - biobrandstoffen - biobased economy - fuel crops - agricultural production - prognosis - netherlands - biofuels - biobased economy
    Biobrandstoffen worden door de Europese Commissie en de Nederlandse overheid voorgesteld als onderdeel van een integrale benadering om de emissie van broeikasgassen te reduceren en om de energiezekerheid te vergroten, waarbij tevens rurale ontwikkeling gestimuleerd wordt. Om de beschikbaarheid van duurzame biobrandstoffen voor Nederland in 2020 te schatten, is er in deze studie gekeken naar de mogelijke ontwikkelingen die te verwachten zijn op het gebied van de productie van biobrandstoffen in de nabije toekomst.
    Eururalis, a discussion support tool for rural Europe
    Rienks, W.A. ; Hoek, S.B. ; Verweij, P.J.F.M. ; Lokers, R.M. ; Vanmeulebrouk, B. - \ 2008
    In: International Congress on Environmental Modelling and Software (iEMSs 2008), Barcelona, Spain, 7 - 10 July, 2008. - Barcelona, Spain : International Environmental Modelling and Software Society - ISBN 9788476530740 - p. 988 - 998.
    landgebruik - platteland - prognose - land use - rural areas - prognosis
    European rural areas have changed considerably in the past decades. Agriculture intensified whilst in other areas it marginalized. The rural landscape changed and it will continue to change in future. The forces driving that change are increasingly global by nature: demography, economic growth, climate change and international trade policies. The Eururalis 2.0 project assesses the combined impact of these driving forces. The results are published on a computer based tool to support discussions and to raise awareness of future changes in rural areas. The tool was made suitable for a wide audience, with policy makers as the main target group
    Landbouwgronden in Europa : analyse van en visie op gewasopbrengsten, bevolking en milieu
    Rijk, P.J. - \ 2008
    Den Haag : LEI (Rapport / LEI : Werkveld 1, Internationaal beleid ) - ISBN 9789086152186
    oppervlakte (areaal) - landbouwbeleid - landbouwgrond - landbouwproductie - gewasopbrengst - gewasbescherming - landgebruik - tarwe - aardappelen - productiviteit - input van landbouwbedrijf - kunstmeststoffen - europese unie - prognose - nederland - acreage - agricultural policy - agricultural land - agricultural production - crop yield - plant protection - land use - wheat - potatoes - productivity - farm inputs - fertilizers - european union - prognosis - netherlands
    De Europese Commissie heeft in september 2006 een voorstel gedaan voor een richtlijn tot vaststelling van een kader voor de bescherming van de bodem. Door dit voornemen van de Europese Commissie is bij het Nederlandse ministerie van LNV behoefte aan een nader inzicht in de noodzaak om de productiefunctie van de bodem in relatie met voedselzekerheid meer te gaan beschermen. Meer concreet is aan het LEI gevraagd nader inzicht te geven in de opbrengsten en ontwikkeling daarvan van enkele gewassen (tarwe en aardappelen) en gebruikte inputs (kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen) voor alle Europese regio's. Verder is gevraagd inzicht te geven in de ontwikkeling van de bevolking, ruimtelijke claims, klimaat en energieveranderingen. Dit rapport doet daar verslag van. Hierbij wordt gebruik gemaakt van statistieken van de FAO, Eurostat en het CBS. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van de Eururalis-studie (toekomstig ruimtegebruik in Europa), en prognoses van het CBS, Ruimtelijk Planbureau, RIVM, FAO en de OECD. Zicht op de toekomst zal gegeven worden tot 2030-2050.
    Biomassa in de Nederlandse energiehuishouding in 2030
    Rabou, L.P.L.M. ; Deurwaarder, E.P. ; Elbersen, H.W. ; Scott, E.L. - \ 2006
    [s.l.] : Platform Groene Grondstoffen - 54
    biomassa - energiegebruik - energiebalans - energie - energiebehoud - biomassa productie - prognose - nederland - biobased economy - biomass - energy consumption - energy balance - energy - energy conservation - biomass production - prognosis - netherlands - biobased economy
    Om beter zicht te krijgen op wat er nodig is om bovenstaande ambitieuze visie te realiseren, heeft het Platform Groene Grondstoffen aan het Energoeonderzoek Centrum Nederland (ECN) en Wageningen University and Research Centre (WUR) de opdracht verstrekt om een analyse te maken van het huidige grondstoffengebruik voor onze energievoorziening en de verwachte energievoorziening in 2030, de inpasbaarheid van groene grondstoffen in die energievoorziening en inzicht in de beschikbaarheid van biomassa voor het realiseren van die visie.
    Rainfall Generator for the Meuse Basin
    Aalders, P. ; Warmerdam, P.M.M. ; Torfs, P.J.J.F. - \ 2004
    onbekend : Wageningen University (Report / Wageningen University, Sub-department Water Resources 124) - 74
    afvoer - oppervlakkige afvoer - regen - hydrologie van stroomgebieden - prognose - maas - discharge - runoff - rain - catchment hydrology - prognosis - river meuse
    A new methodology has been proposed to provide a better physical basis for the estimation of design discharges of the Dutch rivers. This new methodology is known as "rainfall generator". The hydrological part of the rainfall generator, a rainfall-runoff simulation in the Meuse basin, is described in this report. Therefore, ten generated records containing 3,000 year of precipitation and temperature data have been used as input for the HBV Meuse model. The main part of the actual work consists of the construction of a program which automatically executes the calculation sequence
    Ontwikkelingen in de vleesindustrie tot 2007
    Bondt, N. ; Bont, C.J.A.M. de; Cotteleer, G. ; Haan, M.H.A. de; Sengers, H.H.W.J.M. ; Vlieger, J.J. de - \ 2003
    Den Haag : LEI (Rapport LEI 5.03.07) - ISBN 9789052428765 - 84
    agrarische economie - vleeskeuring - vleesproductie - markten - overheidsbeleid - prognose - nederland - agricultural economics - meat inspection - meat production - markets - government policy - prognosis - netherlands
    Deze studie wil ten behoeve van de bepaling van de toekomstige inzet van de Keurings- en toezichtsinstanties in de vleesverwerkende sector inzicht geven in de ontwikkeling van het aantal slachtingen, de in- en uitvoer en van het aantal daarbij betrokken bedrijven. De ontwik-kelingen tot 2007 zijn kwantitatief beschreven; die tussen 2007 en 2010 kwalitatief. De studie concentreert zich op de volgende sectoren: rundvlees, kalfsvlees, varkensvlees en pluimvee-vlees. Voor elke vleessoort is ingegaan is op de ontwikkelingen in Europa en in Nederland in de periode 1990 tot 2002 en de drijvende krachten voor die ontwikkelingen. Daarna zijn de te verwachten markt- en beleidsontwikkelingen beschreven en ten slotte de prognose tot 2007 en de vooruitblik tot 2010.
    Methode voor het volgen van veranderingen in het ruimtegebruik in het Meetnet Landschap
    Roos - Klein Lankhorst, J. ; Dijkstra, H. ; Goossen, C.M. ; Kleef, H.A. van - \ 1997
    Wageningen : DLO-Staring Centrum (Rapport / DLO-Staring Centrum 510) - 65
    landbouwgrond - landschap - landschapsecologie - ruimtelijke ordening - landgebruik - zonering - openluchtrecreatie - milieu - verontreiniging - monitoring - nederland - prognose - kwaliteit - prestatieniveau - agricultural land - landscape - landscape ecology - physical planning - land use - zoning - outdoor recreation - environment - pollution - monitoring - netherlands - prognosis - quality - performance
    Het Meetnet Landschap heeft negen meetdoelen, waarmee op nationaal niveau veranderingen in het landschap en de landschapskwaliteit systematisch worden gevolgd. Om overlap te voorkomen is het meetdoel ruimtegebruik beperkt tot landbouw, recreatie, delfstofwinning, en afval- en slibberging. De voorgestelde monitoringmethode bestaat onder andere uit periodiek registreren van veranderingen in het ruimtegebruik op basis van digitale kaartbestanden, en beoordelen van de duurzaamheid van het ruimtegebruik. Voor dit laatste wordt gekeken of het veranderde ruimtegebruik in overeenstemming is met de bruikbaarheid en draagkracht van het landschap. Hierbij worden eenmalig opgestelde vertaalsleutels en kwalitatieve landschapsbestanden gebruikt.
    Regionale grondbalansen tot 2015; Een verkenning van de agrarische grondmarkt op basis van drie langetermijnscenario's van het CPB
    Luijt, J. - \ 1997
    Den Haag : LEI-DLO - ISBN 9789052424026 - 121
    landgebruik - landbouwgrond - planning - ruimtelijke ordening - zonering - grondprijzen - bezit - prijzen - prognose - nederland - land use - agricultural land - planning - physical planning - zoning - land prices - property - prices - prognosis - netherlands
    Programmeringsstudie onderzoek grondgebruik
    Douw, L. ; Post, J.H. - \ 1996
    Den Haag : LEI-DLO (Mededeling / Landbouw-Economisch Instituut (LEI-DLO) 566) - ISBN 9789052423562 - 46
    ruimtelijke ordening - landgebruik - zonering - plattelandsplanning - plattelandsontwikkeling - bedrijfsvoering - capaciteit - toepassingen - prognose - nederland - physical planning - land use - zoning - rural planning - rural development - management - capacity - applications - prognosis - netherlands
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.