Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 20 / 112

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Improvement of concepts for pesticide volatilisation from bare soil in PEARL, PELMO, and MACRO models
    Berg, F. van den; Wolters, A. ; Jarvis, N. ; Klein, M. ; Boesten, J.J.T.I. ; Leistra, M. ; Linnemann, V. ; Smelt, J.H. ; Vereecken, H. - \ 2003
    In: Pesticide in air, plant, soil & water system. - - p. 973 - 983.
    bestrijdingsmiddelen - bodemvocht - emissie - luchtverontreiniging - milieu - pesticiden - simulatiemodel - vervluchtiging
    Incorporating macropore flow into FOCUS PEC models
    Jarvis, N. ; Boesten, J.J.T.I. ; Hendriks, R.F.A. ; Klein, M. ; Larsbo, M. ; Roulier, S. ; Stenemo, F. ; Tiktak, A. - \ 2003
    In: Pesticide in air, plant, soil & water system; proceedings of the XII symposium pesticide chemistry, June 4-6, 2003, Piacenza - Italia. S.l., Goliardica Pavese, 2003 / Del Re, A.A.M., Capri, E., Padovani, L., Trevisan, M., - p. 963 - 972.
    bestrijdingsmiddelen - bodemfysica - bodemvocht - milieu - pesticiden - simulatiemodel
    Validation status of the present PEC groundwater models
    Trevisan, M. ; Padovani, L. ; Jarvis, N. ; Roulier, S. ; Bouraoui, F. ; Klein, M. ; Boesten, J.J.T.I. - \ 2003
    In: Pesticide in air, plant, soil & water system; proceedings of the XII symposium pesticide chemistry, June 4-6, 2003, Piacenza - Italia. S.l., Goliardica Pavese, 2003 / Del Re, A.A.M., Capri, E., Padovani, L., Trevisan, M., - p. 933 - 940.
    bestrijdingsmiddelen - grondwater - milieu - pesticiden - simulatiemodel
    FOCUS-AIR: remits and first results
    Kubiak, R. ; Bürkle, W.L. ; Cousins, I. ; Hourdakis, A. ; Jarvis, T. ; Jene, B. ; Koch, W. ; Kreuger, J. ; Maier, W.M. ; Millet, M. ; Reinert, W. ; Sweeney, P. ; Tournayre, J.C. ; Berg, F. van den - \ 2003
    In: Pesticide in air, plant, soil & water system; proceedings of the XII symposium pesticide chemistry, June 4-6, 2003, Piacenza - Italia. S.l., Goliardica Pavese, 2003 / Del Re, A.A.M., Capri, E., Padovani, L., Trevisan, M., - p. 473 - 485.
    atmosfeer - bestrijdingsmiddelen - emissie - luchtverontreiniging - milieu - pesticiden - simulatiemodel
    Effects of EC and fertigation strategy on water and nutrient uptake of tomato plants
    Heinen, M. ; Marcelis, L.F.M. ; Elings, A. ; Figueroa, R. ; Amor, F.M. del - \ 2002
    Acta Horticulturae 593 (2002). - ISSN 0567-7572 - p. 101 - 107.
    glastuinbouw - nutriënten - simulatiemodel - substraatteelt - plantenteelt
    Haalbaarheid van natuurdoeltypen in arme bossen en droge heide op de hogere zandgronden: een modelstudie
    Wamelink, G.W.W. ; Dobben, H.F. van; Schouwenberg, E.P.A.G. ; Mol-Dijkstra, J.P. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 562) - 59
    bossen - biodiversiteit - stikstof - depositie - milieueffect - modellen - vegetatie - bedrijfsvoering - natuurbescherming - nederland - bos - ecologie - heide - natuurbeheer - simulatiemodel - zandgronden - forests - biodiversity - nitrogen - deposition - environmental impact - models - vegetation - management - nature conservation - netherlands
    In een modelstudie is nagegaan in hoeverre doelstellingen voor biodiversiteit op arme zandgrond haalbaar zijn bij de huidige, en bij afnemende atmosferische depositie. Ook is gekeken of het effect van een afnemende depositie versneld kan worden door herbivorie. De modelketen SMART-SUMO-NTM is gedraaid voor drie concrete situaties: een dennenbos, een eikenbos en een heide. Simulaties zijn gedaan voor een periode van 100 jaar, waarin de depositie ofwel gelijk blijft, ofwel geleidelijk afneemt. In de bossen blijkt de daling van de depositie slechts een beperkt effect te hebben omdat de aanwezige stikstof nog lang in het systeem blijft. Zo heeft het geen enkele invloed op de potentiele natuurwaarde. Het plaggen van bossen om stikstof af te voeren zou een positief effect kunnen hebben, nader onderzoek is noodzakelijk. In de heide heeft daling van de depositie een sterker effect, omdat het overschot aan stikstof wordt afgevoerd met plaggen en door herbivoren. Het effect van een dalende depositie wordt in heidevelden versterkt door herbivorie. Hier zorgt de combinatie van dalende depositie, herbivorie en plaggen op den duur tot vorming van stuifzand. In de bossen bestaat de kans dat zonder beheer zich op de langere termijn een eenvormig beukenbos met slechts weinig ondergroei zal ontwikkelen. De natuurdoelen zullen in bossen waarschijnlijk zonder extra maatregelen niet worden gehaald, ook niet bij een dalende depositie. Voor de heide zullen de natuurdoelen wel haalbaar zijn mits de depositie daalt, waarbij begrazing een waardevolle bijdrage kan leveren.
    International carbon accounting of harvested wood products: evaluation of two models for the quantification of wood product related emissions and removals
    Sikkema, R. ; Schelhaas, M.J. ; Nabuurs, G.J. - \ 2002
    Bilthoven : RIVM (Second phase. Theme II, Vulnerability of natural and societal systems to climate change 410 200 111) - ISBN 9789058510891
    houtproducten - koolstofcyclus - emissie - kooldioxide - oogsten - atmosfeer - bosbouw - broeikaseffect - houtproductie - koolstofhuishouding - simulatiemodel - Europa - Nederland - Zweden - Noord-Amerika - Canada - Oceanië - Nieuw-Zeeland - wood products - carbon cycle - emission - carbon dioxide - harvesting
    At the moment three alternative approaches for estimating emissions and removals of CO2 from forest harvesting and wood products are under discussion. These are atmospheric flow approach, stock change approach, and the production approach. Several methodologies are being developed to deal with these approaches. In the present report we test two of those The 'Forest Research Institute from New Zealand has developed an Excel based model' (FR), and the FA model (Alterra supported by FORM Ecology Consultants). The IPCC approaches themselves are not under study here, only the models representing them. Above that, a sensitivity analysis of the data input has been done, with a special focus on life spans. The models are qualitatively and quantitatively compared , and a sensitivity analysis on life spans was carried out. In principle both models (FR & FA) are very comparable, and can in principle be used as a basis for improved IPCC guidelines in this area. However, the current FR model focuses on the carbon dynamics in the long life span products only (on purpose), and thus lacks the following sources of CO2: actual burning of fuelwood (in atmospheric flow and production approach), immediate decomposition of wood residues (in atmospheric flow and production), and harvest figures (in stock change approach), which are relevant for determining the overall wood products carbon balance of a country. Thus the results of a full quantitative comparison of the FR and FA model were not so relevant. Finally, it is noted that the production approach can be interpreted in different ways. A wide variety of life span estimates was found in literature. Different shapes of decay functions are used. Also, confusion can occur because the half lives, total lives, as well as in- or excluding the disposed off phase, are used in literature. This contributes a lot to the uncertainty regarding life spans. The carbon balance of wood products showed the strongest sensitivity to life spans for New Zealand and The Netherlands. Especially the production approach is sensitive for changes in life spans. The overall effect of a decrease in life span is an increase of the sources, or in the case of The Netherlands under the stock change approach, a change from sink to source.
    Toetsing van STONE 2.0; vergelijking van simulatieresultaten van STONE en ANIMO met meetgegevens van veldexperimenten
    Horst, M.M.S. ter; Wolf, J. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 723.1) - 177
    stikstof - fosfaten - nitraten - emissie - uitspoelen - landbouw - simulatiemodellen - kringlopen - verontreiniging - landbouwgrond - nederland - bemesting - bodemchemie - fosfaatuitspoeling - mestproblematiek - milieu - nitraatuitspoeling - nutriënten - simulatiemodel - nitrogen - phosphates - nitrates - emission - leaching - agriculture - simulation models - cycling - pollution - agricultural land - netherlands
    Het modellensysteem STONE is ontwikkeld voor de simulatie van stikstof- en fosfaatemissies vanuit landbouwgronden. Om de betrouwbaarheid van STONE te toetsen zijn de resultaten vergeleken met meetgegevens van proefvelden. Het betreft meetgegevens van drie projecten, namelijk Fosfaatverliezen op grasland, Kwantificering van nitraatuitspoeling bij landbouwgronden, en Integrale monitoring van stikstofstromen in bodem en gewas op proefbedrijf De Marke. Deze vergelijking van meet- en simulatieresultaten op veldniveau laat zien in hoeverre STONE in staat is om de stikstof- en fosfaatkringlopen en de onderliggende processen in de bodem, alsmede de uitspoeling van stikstof en fosfaat betrouwbaar te simuleren. Omdat het nutriëntenemissiemodel binnen STONE gebaseerd is op het model ANIMO maar dit model wel op een aantal essentiële punten veranderd is, is deze toets op proefveldgegevens ook uitgevoerd met ANIMO. Dit geeft een indicatie van de consequenties van deze veranderingen.
    Voorstel voor verbetering van de habitatmodellering in het kennissysteem LARCH; van een vaste begroeiingstypenkaart naar een kaartlagensysteem
    Pouwels, R. ; Reijnen, R. ; Sierdsema, H. ; Swaay, C. van; Houweling, H. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 704) - 41
    plantengemeenschappen - vegetatietypen - habitats - modellen - expertsystemen - gegevensanalyse - vogels - lepidoptera - begroeiing - fauna - geo-informatie - kennissysteem - landschapsecologie - simulatiemodel - vlinders - plant communities - vegetation types - habitats - models - expert systems - data analysis - birds - lepidoptera - fauna
    LARCH is een kennissysteem dat de overlevingskans van diersoorten bepaalt op basis van de ruimtelijke configuratie van de leefgebieden en de kwaliteit daarvan. Het wordt vooral toegepast bij het ontwerp en de toetsing van de ruimtelijke inrichting vanbestaande en toekomstige landschappen. De analyse bestaat uit twee stappen: habitatmodellering en ruimtelijke modellering. In dit rapport is een voorstel uitgewerkt voor het verbeteren van de habitatmodellering met behulp van ruimtelijke basisbestanden.
    Modelling recreational visits to forests and nature areas
    Vries, S. de; Goossen, C.M. - \ 2002
    Urban Forestry and Urban Greening 1 (2002)1. - ISSN 1618-8667 - p. 5 - 14.
    recreatie op het platteland - openluchtrecreatie - recreatieonderzoek - consumentenvoorkeuren - modellen - bos - maatschappijwetenschappen - natuurgebied - recreatie - simulatiemodel - sociologie - Brabant - Breda - rural recreation - outdoor recreation - leisure research - consumer preferences - models
    Besides their ecological and production function, the social function of forests and nature areas is becoming more and more important However, data, norms, and planning tools for this social function are limited. This makes it difficult for policy makers to do justice to this function, especially in the Netherlands, where spatial claims for different functions often exceed the available amount of land. In this paper we describe the development of a GIS-based planning tool for the recreational function of forests and nature areas. The tool focuses on the number of visits that may be expected. Besides the size of destination areas also the quality of the areas is taken into account. This quality is assessed using GIS-data on e.g. land-use, relief, noise, and the density of walking and cycling opportunities. Airline distances, as well as road distances (for cars) between residential areas and destination areas are calculated using GIS-analysis. The number of trips generated by a local population is then divided over the available areas within a pre-set range, taking each destination's quality and distance into account. The tool is suited not only for predicting present numbers of visits, but also for simulating the effect of new areas being developed, residential as well as natural. Also it can indicate residential areas where the local supply of forests and nature areas is wanting. Preliminary results for the city of Breda are presented.
    Peri-urban areas act as source for nature quality in cities: using a spatial simulation model to explore ecological urban-rural relations
    Snep, R.P.H. ; Opdam, P.F.M. ; Baveco, J.M. ; Wallis de Vries, M. ; Timmermans, W. - \ 2002
    In: Collaborative planning for the metropolitan landscape; regional strategies for smart growth: when city and country collide. S.l., ISOMUL / Western Washington University, 2002, p. 120 + cd-rom / Haaland, K., Smith, B.,
    landschapsecologie - natuurontwikkeling - simulatiemodel - stedelijke ecologie - verstedelijking
    VIDENTE 1.1: a graphical user interface and decision support system for stochastic modelling of water table fluctuations at a single location; includes documentation of the programs KALMAX, KALTFN, SSD and EMERALD and introductions to stochastic modelling; 2nd rev. ed
    Bierkens, M.F.P. ; Bron, W.A. ; Knotters, M. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 613) - 184
    grondwaterspiegel - bodemwater - tijdreeksen - stochastische modellen - modellen - beslissingsondersteunende systemen - automatisering - grondwaterstand - simulatiemodel - software - statistiek - water table - soil water - time series - stochastic models - models - decision support systems - software
    A description is given of the program VIDENTE. VIDENTE contains a decision support system to choose between different models for stochastic modelling of water-table depths and a graphical user interface to facilitate operating and running four implemented models: KALMAX, KALTFN, SSD and EMERALD. In self-contained parts each of these models is described. These descriptions also include an introduction to the practice of stochastic modelling. As each of the models can also be used in a standalone fashion, i.e. outside VIDENTE, input formats for each model are also given.
    Waterberging en verdrogingsbestrijding; een nadere analyse van de mogelijkheden en beperkingen aan de hand van modelberekeningen in 2 stroomgebieden
    Bakel, P.J.T. van; Walsum, P.E.V. van; Groenendijk, M. ; Querner, E.P. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 640) - 103
    grondwaterstroming - waterbeheer - hydrologie - opslag - verdroging - grondwaterstand - stroomgebieden - modellen - waterlopen - rivieren - wateropslag - noord-brabant - drenthe - afwatering - beken - simulatiemodel - stroomgebied - verdrogingsbestrijding - vernatiing - waterberging - waterhuishouding - Drentse Aa - Brabant - Beerze - Reusel - groundwater flow - water management - hydrology - storage - desiccation - groundwater level - watersheds - models - streams - rivers - water storage - noord-brabant - drenthe
    Hydrologische maatregelen voor verdrogingsbestrijding kunnen leiden tot hogere piekafvoeren, terwijl maatregelen voor reductie van piekafvoeren verdroging tot gevolg kunnen hebben. Aan de hand van modelberekeningen in de stroomgebieden van de Drentse Aa en van de Beerze en Reusel is geconcludeerd dat vernatting kan leiden tot hogere piekafvoeren maar dat door stremming van de afvoer deze toename meer dan teniet kan worden gedaan. Berging van water in de uiterwaarden langs de benedenloop is effectiever voor piekreductie dan de aanleg van een extreem accoladeprofiel. Een accoladeprofiel heeft wel perspectieven als verdrogingsbestrijdingsmaatregel. Deze conclusies gelden voor de weerreeks van de afgelopen vijftig jaar.
    Spatial modeling of nutrient reduction in the natural wetlands of the Liaohe delta, China
    Xiuzhen, L. ; Jongman, R.H.G. ; Harms, W.B. ; Bregt, A.K. - \ 2002
    In: Ü. Mander & P.D. Jenssen (eds.), Natural wetlands for wastewater treatment in cold climates. Southampton (UK), WIT, 2002 - p. 47 - 74.
    China - geo-informatie - natuurgebied - nutriënten - simulatiemodel - waterhuishouding - Azië
    Hoeveel bezoekers is té veel? Een modelmatige benadering van de ecologische draagkracht van natuurgebieden voor recreatie en toerisme
    Henkens, R.J.H.G. ; Jochem, R. - \ 2002
    Ecologie en ontwikkeling 10 (2002)6. - ISSN 0928-6470 - p. 33 - 34.
    openluchtrecreatie - natuurreservaten - milieueffect - groei - modellen - ecologie - natuurgebied - recreatie - simulatiemodel - toerisme - outdoor recreation - growth - environmental impact - nature reserves - models
    Alterra onderzoekt de recreatiedruk van ecotoerisme op natuurgebieden, om tot een aanbeveling te komen voor beleidsmakers en terreinbeheerders
    Explanation of the observed structure of functional feeding groups of aquatic macro-invertebrates by an ecological model and the maximum exergy principle
    Jorgensen, S.E. ; Verdonschot, P.F.M. ; Lek, S. - \ 2002
    Ecological Modelling 158 (2002)3. - ISSN 0304-3800 - p. 223 - 231.
    aquatische ecologie - biologie - neurale netwerken - simulatiemodel - thermodynamica - waterkwaliteit
    The maximum exergy principle presumes that an ecosystem with its species composition tends to move as far away from thermodynamic equilibrium as possible under the prevailing conditions. If this principle is valid, the species composition (or rather their properties) found in any ecosystem represent the best "solution" among the possible ones for the ecosystem to move away from thermodynamic equilibrium. The application of structurally biogeochemical models with exergy as goal function could be used to explain the biological structure observed, because it would be the structure giving the highest exergy of the system under the prevailing conditions. Five cases have been examined by this method combining modeling and the maximum exergy principle. In all five cases, the observed biological structure (sizes and biomass concentrations) gave the highest exergy. In principle, this method with a high causality could replace the application of artificial neural network (ANN) or any other predictive approach to find a relationship between dominant species and water quality in an aquatic ecosystem; but the method is unfortunately too time consuming to be applicable on a medium to large data-set covering many sites. Therefore, it is recommended to develop a method to incorporate the maximum exergy principle in the ANN procedure.
    Spontane ontwikkeling van bossen na omvorming: projecties over langere termijn
    Kint, V. ; Geudens, G. ; Jorritsma, I.T.M. - \ 2002
    In: Bosomvorming; noodzaak en praktijk van een effectgerichte maatregel tegen verzuring en vermesting; proceedings van de studiedag te Gent, 29 november 2001. Gent, Academia Press, 2002, blz. 59-68 / de Schrijver, A., Kint, V., Geudens, G., Lust, N.,
    bosecologie - bosontwikkeling - simulatiemodel - België - Kempen
    The assessment of regional groundwater modelling
    Slesicka, A. ; Querner, E.P. ; Mioduszewski, W. - \ 2002
    In: Hydrological system analysis in the valley of Biebrza River / Mioduszewski, W., Querner, E.P., Raszyn (Poland) : IMUZ - p. 81 - 109.
    grondwater - hydrologie - simulatiemodel - watersysteem - Polen - Biebrza
    Analysis of the study results
    Mioduszewski, W. ; Querner, E.P. ; Okruszko, T. ; Wassen, M. - \ 2002
    In: Hydrological system analysis in the valley of Biebrza River / Mioduszewski, W., Querner, E.P., Raszyn (Poland) : IMUZ - p. 121 - 127.
    grondwater - hydrologie - oppervlaktewater - scenariostudie - simulatiemodel - waterbeheer - watersysteem - Polen - Biebrza
    User's guide of SWAP Version 2.0; simulation of water flow, solute transport and plant growth in the soil-water-atmosphere-plant environment
    Kroes, J.G. ; Dam, J.C. van; Huygen, J. ; Vervoort, R.W. - \ 2002
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 610) - 137
    waterstroming - opgeloste stof - transportprocessen - planten - groei - simulatiemodellen - numerieke methoden - agrohydrologie - bodemfysica - drainage - irrigatie - plantengroei - simulatiemodel - stoftransport - verzilting - waterbeheer - watertransport - water flow - solutes - transport processes - plants - growth - simulation models - numerical methods - drainage
    This manual describes how the numerical model SWAP version 2.0.9d can be used to simulate vertical transport of water, solutes and heat in variably saturated, cultivated soils. A brief theoretical description is followed by a technical description of model structure and general data flow. An extensive explanation is given of program inputs and outputs based on ASCII text files. The manual ends with examples using important features of the model.
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.