Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 10 / 10

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 : Datarapport benthos bemonstering vooroever en strand najaar 2015
    Wijsman, J.W.M. - \ 2016
    IMARES (Rapport / IMARES C006/16) - 71
    sediment - benthos - bemonsteren - kustgebieden - terrestrische ecologie - nederland - sediment - benthos - sampling - coastal areas - terrestrial ecology - netherlands
    Van 24 augustus tot en met 16 oktober 2015 is er een bemonstering uitgevoerd van het benthos en de sedimentkarakteristieken bij de Zandmotor. De vooroever is bemonsterd met de Van Veen happer (120 stations) en de bodemschaaf (109 stations). Het strand is bemonsterd tijdens de ebfase met een meetframe (70 stations). In deze rapportage worden de resultaten van het sediment en de schaafbemonstering gepresenteerd en vergeleken met voorgaande jaren.
    Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 - Datarapport benthos bemonstering vooroever en natte strand najaar 2013
    Wijsman, J.W.M. - \ 2014
    Yerseke [etc.] : IMARES en Deltares (Rapport / IMARES C150/14 - 1205045-000-ZKS-0101) - 57
    sediment - benthos - bemonsteren - kustgebieden - terrestrische ecologie - nederland - sediment - benthos - sampling - coastal areas - terrestrial ecology - netherlands
    Om de effecten van de Zandmotor op de bodemdiergemeenschap te onderzoeken worden er in het najaar bemonsteringen uitgevoerd van sediment en bodemdieren op het strand met een steekframe in de ondiepe kustzone met een Van Veen happer en een bodemschaaf. De Van Veen happer is vooral geschikt voor het bemonsteren de relatief kleinere (maaswijdte zeef is 1 mm), minder zeldzame, in de bodem levende dieren. Het doel van dit datarapport is een overzicht te geven van de resultaten van de bemonstering van het sediment en benthos op het strand en de ondiepe kustzone van de Zandmotor in het najaar van 2013.
    Key elements towards a Joint Invasive Alien Species Strategy for the Dutch Caribbean
    Smith, S.R. ; Burg, W.J. van der; Debrot, A.O. ; Buurt, G. van; Freitas, J.A. de - \ 2014
    Den Helder, Wageningen : IMARES / PRI (Report / IMARES Wageningen UR C020/14) - 102
    invasieve exoten - zoetwaterecologie - terrestrische ecologie - parasitaire onkruiden - inventarisaties - bonaire - caribisch gebied - invasive alien species - freshwater ecology - terrestrial ecology - parasitic weeds - inventories - bonaire - caribbean
    Recent inventories have documented no less than 211 exotic alien species in the wild for the Dutch Caribbean. These amount to no less than 27 introduced marine species, 65 introduced terrestrial plants, 72 introduced terrestrial and freshwater animals and 47 introduced agricultural pests and diseases. A list of these species, pests and diseases are found in resp. Debrot et al. (2011), Van der Burg et al. 2012, and Van Buurt and Debrot (2012, 2011). The rate of introductions and establishment of invasive alien species (IAS) worldwide has grown rapidly as a result of increasing globalisation. Invasive species cause major ecological effects (decimating native flora or fauna populations) as well as economic losses to these islands, across sectors such as agriculture (diseases, weeds and vectors), fisheries (fish diseases and the lionfish), industry (rodents and termites), tourism (roadside weedy species) and public health (mosquitos). Recently in Curaçao the kissing bug Triatoma infestans was found; this is a vector for Chagas disease. It almost certainly came in with palm leaves imported from South America to be used as roof covering for recreational beach “palapa’s”.
    Hoe stikstof de vlinders laat stikken
    Wallis de Vries, M.F. - \ 2013
    Entomologische Berichten 73 (2013)4. - ISSN 0013-8827 - p. 158 - 163.
    lepidoptera - habitats - depositie - stikstof - natuurgebieden - terrestrische ecologie - milieufactoren - deposition - nitrogen - natural areas - terrestrial ecology - environmental factors
    De verstoring van de stikstofkringloop door de mens, via de productie van kunstmest en via industrie en verkeer, wordt als één van de grootste bedreigingen beschouwd voor de ecologische stabiliteit van de aarde. De atmosferische depositie van stikstof dringt tot ver in de natuurgebieden door. De effecten op de biodiversiteit zijn voor planten al goed onderzocht, maar de doorwerking op de dierenwereld is nog goeddeels onbekend. Dit artikel belicht de invloed op dagvlinders. De meeste soorten daarvan komen in stikstofarme milieus voor. Bij deze groep overheerst de neerwaartse trend, in tegenstelling tot soorten van stikstofrijkere milieus. Ook de afname in aantallen vlinders blijkt sterker te zijn met toenemende stikstofdepositie. Drie mechanismen lijken daarbij een rol te spelen: afname van voedselplanten, afname van voedselkwaliteit en afkoeling van het microklimaat in het voorjaar.
    Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 - Meetplan benthos vooroever en natte strand najaar 2012
    Wijsman, J.W.M. - \ 2012
    Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES C118/12) - 18
    sediment - benthos - bemonsteren - kustgebieden - terrestrische ecologie - nederland - sediment - benthos - sampling - coastal areas - terrestrial ecology - netherlands
    Met het concept van de Zandmotor, een megasuppletie voor de kust waarmee de kustveiligheid voor de lange termijn wordt gecombineerd met de realisatie van ruimte voor natuur en recreatie, is nog geen ervaring opgedaan. In 2011 is gestart met de aanleg van de Zandmotor om kennis en ervaring op te doen met dit concept. Vanuit de vergunningverlening zijn monitoringsverplichtingen gesteld om te volgen wat het effect van een dergelijke megasuppletie is op de natuurwaarden in het gebied. Het doel van de voorgestelde monitoring is een beeld te krijgen van de sedimentsamenstelling en de bodemdiersamenstelling op en rond de Zandmotor in het vroege najaar van 2012, circa 1 jaar na de afronding van de suppletieactiviteit.
    Gewapende vrede : beschouwingen over plant-dierrelaties
    Schaminée, J.H.J. ; Janssen, J.A.M. ; Weeda, E.J. - \ 2011
    Zeist : KNNV uitgeverij (Vegetatiekundige Monografieën 3) - ISBN 9789050113526 - 191
    plant-dier interacties - dieren - planten - ecologie - vogels - lepidoptera - biocenose - aquatisch milieu - terrestrische ecologie - plant-animal interactions - animals - plants - ecology - birds - lepidoptera - biocoenosis - aquatic environment - terrestrial ecology
    Planten en dieren hebben elkaar nodig, maar staan ook op gespannen voet met elkaar. Dieren worden door planten aangetrokken voor bestuiving en het verspreiden van zaden, maar tegelijkertijd moeten deze laatste zich beschermen tegen overmatige vraat en fysiek geweld. Daarover gaat dit boek, een reeks beschouwingen over het fascinerende samenspel van plant en dier in de natuur. Aan bod komen onderwerpen als de relaties tussen een enkele plantensoort en zijn dierlijke partners, het functioneren van levensgemeenschappen in water of op land en de co-evolutie van grassen en grazers. Is er nog toekomst voor weidevogels in ons land en wat zal het effect zijn van klimaatverandering op onze dagvlinders? Welke methoden staan de bioloog ter beschikking om meer inzicht te verkrijgen in de samenhang tussen vegetatie en de daarvan afhankelijke fauna?
    De landschapsleutel : een leidraad voor een landschapsanalyse
    Kemmers, R.H. ; Delft, S.P.J. van; Riel, M.C. van; Hommel, P.W.F.M. ; Jansen, A.J.M. ; Klaver, B. ; Loeb, R. ; Runhaar, J. ; Smeenge, H. - \ 2011
    Wageningen : Alterra (Alterra-rapport 2140)
    landschap - landschapsecologie - landgebruik - natuur - transformatie - standplaatsfactoren - vegetatie - bodemgeschiktheid - natuurontwikkeling - aquatische ecologie - terrestrische ecologie - landtypen - landscape - landscape ecology - land use - nature - transformation - site factors - vegetation - soil suitability - nature development - aquatic ecology - terrestrial ecology - land types
    De Landschapsleutel beoogt een praktisch instrument te zijn om te beoordelen welke aquatische of terrestrische natuur-ontwikkelingpotenties waar aanwezig zijn bij de omvorming van voormalige landbouwgrond naar nieuwe natuur. De landschapsleutel maakt deel uit van een Landschapsecologische Systeemanalyse (LESA), ontsluit ruimtelijke patrooninformatie, is vormgegeven in een digitale omgeving en opgebouwd uit een aantal onderdelen: 1) Een kennissysteem waarbij op basis van vragenlijsten primaire standplaatsen of aquatische systeemtypen worden geïdentificeerd en aangegeven wordt welke vegetatietypen of aquatische gemeenschappen daar in potentie tot ontwikkeling kunnen worden gebracht; 2) Referentie databases met vereiste rand¬voorwaarden voor de ontwikkeling van de potentiële vegetatie- en watertypen; 3) Protocollen voor het vaststellen van de actuele toestand van de betreffende randvoorwaarden; 4) Een evaluatiemethode om de actuele toestand te vergelijken met de vereiste toestand; 5) Richtlijnen voor inrichtingsmaatregelen om de actuele toestand in overeenstemming te brengen met de vereiste toestand. De Landschapsleutel veronderstelt een bepaalde ordening in het landschap volgens zgn. primaire (of onveranderlijke) ecosysteemfactoren. In de onveranderlijke eigenschappen ligt de sleutel tot inschatting van de natuurontwikkelingsmogelijkheden bij omvorming van landbouw naar natuur.
    Mogelijkheden voor herstelbeheer in hellingbossen op kalkrijke bodem in Zuid-Limburg : resultaten eerste onderzoekfase
    Hommel, P.W.F.M. ; Bijlsma, R.J. ; Eichhorn, K.A.O. ; Kemmers, R.H. ; Ouden, J. den; Schaminee, J.H.J. ; Waal, R.W. de; Wallis de Vries, M.F. ; Willers, B.J.C. - \ 2010
    Wageningen : Alterra - 118
    bossen - ecologisch herstel - hellingen - bodemchemie - kalkrijke gronden - terrestrische ecologie - zuid-limburg - natura 2000 - forests - ecological restoration - slopes - soil chemistry - calcareous soils - terrestrial ecology - zuid-limburg - natura 2000
    Het doel van het OBN-onderzoek naar de Zuid-Limburgse hellingbossen is het aangeven van concrete opties voor de beheerder waarmee de oorspronkelijke diversiteit aan planten- en diersoorten van deze bossen behouden dan wel hersteld kan worden. Uitgangspunt hierbij is dat er sprake moet zijn van een gedifferentieerd beheer, waarbij rekening wordt gehouden met de – grotendeels geologisch bepaalde – landschappelijke context, waarbij niet alleen verschillende regio’s (löss-, mergel en vuursteengebied) maar binnen elke regio ook verschillende hellingzones met hun specifieke waarden worden onderscheiden
    Kosteneffectiviteit van de terrestrische ecologische hoofdstructuur : een eerste verkenning van mogelijke toepassingen
    Koeijer, T.J. de; Bommel, K.H.M. van; Clement, J. ; Groeneveld, R.A. ; Jong, J.J. de; Oltmer, K. ; Reijnen, M.J.S.M. ; Wijk, M.N. van - \ 2008
    Wageningen : Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu (WOt-rapport 73) - 86
    cost effective analysis - natuurbescherming - nederland - kosten - ecologische hoofdstructuur - terrestrische ecologie - cost effectiveness analysis - nature conservation - netherlands - costs - ecological network - terrestrial ecology
    Een methode is uitgewerkt om de kosteneffectiviteit van het natuurbeleid te bepalen voor de terrestrische Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Bij de ontwikkeling van de methode zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: in de natuurgebieden worden alle condities die nodig zijn voor duurzame instandhouding van het natuurdoel op peil gebracht. Met behulp van GIS zijn per gridcel van 25x25m de milieucondities (verdroging en vermesting) in beeld gebracht, evenals het huidige grondgebruik. Op basis daarvan is vastgesteld welke maatregelen noodzakelijk zijn om de benodigde condities te realiseren en zijn hier kosten aangeplakt. De kosteneffectiviteit op basis van de benodigde kosten dan wel uitgaven per ha zijn weergegeven per gebied. De ontwikkelde methode kan voor verschillende typen van onderzoeksvragen worden ingezet. Zo kan de methode inzicht geven in de relatieve kosten van verschillende natuurgebieden maar ook in het relatieve belang van verschillende kostenposten. Daarnaast kan bijvoorbeeld gekeken worden naar de relatieve kosteneffectiviteit per provincie en naar de optimale ligging van de natuur gegeven een bepaald kostenplafond, of een gewenste geografische spreiding over Nederland. Trefwoorden: kosteneffectiviteit, terrestrische Ecologische Hoofdstructuur, Instandhoudingscondities, kosten natuurbeleid.
    Adaptation of the landscape for biodiversity to climate change : terrestrial case studies Limburg (NL), Kent and Hampshire (UK)
    Rooij, S.A.M. van; Baveco, J.M. ; Bugter, R.J.F. ; Eupen, M. van; Opdam, P.F.M. ; Steingröver, E.G. ; Taylor, S. ; Steenwijk, H. van - \ 2007
    Wageningen : Alterra [etc.] (Alterra-report 1543) - 82
    regionale planning - habitats - klimaatverandering - modellen - engeland - ecologische hoofdstructuur - terrestrische ecologie - limburg - regional planning - habitats - climatic change - models - england - ecological network - terrestrial ecology - limburg
    This study is part of the BRANCH project, aimed at assessing the impact of climate change on species and habitats and formulating strategies for adaptation. It focuses on the local scale in three terrestrial case studies, Limburg (NL) and in Kent and Hampshire (UK). We developed and tested: (a) a method to assess the effect of climate change on species and habitats, (b) a methodology to assess the effectiveness of a proposed climate change adaptation measure (Robust Corridor) and (c) an interactive planning method to enable stakeholders to design climate proof ecosystem networks
    Check title to add to marked list

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.