Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 20 / 38

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Transport and storage of cut roses: endless possibilities? : guide of practice for sea freight of cut roses developed within GreenCHAINge project
    Harkema, Harmannus ; Paillart, Maxence ; Lukasse, Leo ; Westra, Eelke ; Hogeveen, Esther - \ 2017
    Wageningen : Wageningen Food & Biobased Research (Wageningen Food & Biobased Research rapport 1699) - ISBN 9789463430609 - 48
    roses - refrigerated transport - air transport - sea transport - transporting quality - postharvest losses - vase life - rozen - koeltransport - luchttransport - zeetransport - vervoerskwaliteit - verliezen na de oogst - vaasleven
    Snijbloemen telen bij hoge RV met behoud van kwaliteit : Literatuuronderzoek in opdracht van Kas als Energiebron
    Garcia Victoria, Nieves ; Slootweg, Casper ; Marissen, Nollie - \ 2016
    Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapport GTB 1410) - 58
    snijbloemen - glastuinbouw - kasgewassen - kassen - relatieve vochtigheid - evaporatie - vaasleven - huidmondjes - literatuuroverzichten - cut flowers - greenhouse horticulture - greenhouse crops - greenhouses - relative humidity - evaporation - vase life - stomata - literature reviews
    Om CO2 voor de fotosynthese naar het blad te leiden, hebben planten huidmondjes. Via de open huidmondjes verdampt water. De plant reguleert de opening en sluiting van huidmondjes, en dus haar waterhuishouding, aan de hand van prikkels uit de omgeving (water, CO2, licht). Snijbloemen verliezen na de oogst water door verdamping wat weer aangevuld moet worden via de steel met het vaaswater. Bij goed functionerende huidmondjes is die verdamping beperkt, maar de huidmondjes van snijbloemen die geteeld zijn bij aanhoudend hoge RV zijn anatomisch en fysiologisch anders: ze zijn ongevoelig voor sluitingsprikkels, waardoor ze in de vaas sterk door blijven verdampen. Dit leidt tot een korter vaasleven omdat de wateropname door de afgesneden steel beperkend wordt. Het ontbreken van een donkerperiode tijdens de teelt leidt ook tot niet-functionele huidmondjes. Als er gedurende de ontwikkeling regelmatig een sluitings-prikkel wordt gegeven, blijven huidmondjes functioneel. Dit zou gerealiseerd kunnen worden door het hanteren van een donker-periode in combinatie met een voldoende lage RV, periodieke verlagingen van de RV tijdens de teelt, de teelttemperatuur ’s nachts verhogen (waarmee de RV daalt), of een sterke luchtbeweging (kortstondig ingezet). Groen (LED) licht aan het begin van de nachtperiode en het gebruik van schermen tegen uitstraling kunnen wellicht ook de huidmondjes functionaliteit positief beïnvloeden, maar daar is nog onvoldoende over bekend. Het Nieuwe Telen is er sterk op gericht om de huidmondjes open te houden voor maximale fotosynthese en productie door, onder andere, het handhaven van een hoge RV. Bij producten die geen last hebben van waterverlies na de oogst, zoals vruchtgroenten leidt het tot zeer goede productie en kwaliteit met weinig inzet van energie. Het Nieuwe Telen is sterk in ontwikkeling. Bij het vertalen van Het Nieuwe Telen naar bladhoudende snijbloemen dient er ruimte te worden gemaakt voor een regelmatig terugkomende trigger om de huidmondjes te laten sluiten wil het succesvol toegepast kunnen worden.
    Een perfecte roos energiezuinig geteelt
    Gelder, A. de; Warmenhoven, M.G. ; Knaap, E. van der; Baar, P.H. van; Grootscholten, M. ; Aelst, N. - \ 2015
    Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapport GTB 1369) - 96
    rozen - teelt onder bescherming - glastuinbouw - gewaskwaliteit - energiebesparing - kooldioxide - verwarming - diffuus glas - koelen - led lampen - ventilatie - meeldauw - botrytis - vaasleven - economische analyse - bloementeelt - roses - protected cultivation - greenhouse horticulture - crop quality - energy saving - carbon dioxide - heating - diffused glass - cooling - led lamps - ventilation - mildews - botrytis - vase life - economic analysis - floriculture
    Within a greenhouse equipped with diffuse glass, cooling from above the crop, LED interlighting, active ventilation with tubes below the gutters and three screens an experiment was conducted to produce good quality roses in an energy effi cient way. After two years research the roses cv Red Naomi! fulfi lled the desired quality marks. This was achieved with less energy for heating compared to a defi ned virtual reference compartment. Combined with heat harvested during cooling there was no need for additional heating energy. The crop management was a key factor in the way to quality. For control of mildew and Botrytis it was necessary to keep the air humidity below 85 %. This is hard to achieve in an energy saving cropping system.
    Hoog isolerend schermen in amaryllis (Hippeastrum) : onderzoek naar energiebesparing met behulp van een tweede schermdoek en energiezuinige klimaatregeling in het kader van Kas als Energiebron
    Kromwijk, J.A.M. ; Zwart, H.F. de; Eveleens-Clark, B.A. ; Baar, P.H. van; Grootscholten, M. ; Overkleeft, J. - \ 2015
    Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapport GTB 1358) - 44
    glastuinbouw - hippeastrum - snijbloemen - schermen - thermische schermen - energiebesparing - klimaatregeling - kwaliteit na de oogst - vaasleven - greenhouse horticulture - hippeastrum - cut flowers - blinds - thermal screens - energy saving - air conditioning - postharvest quality - vase life
    In the cultivation of amaryllis cut flowers the current energy consumption is around 25 to 30 m³/m² per year. Research into reducing energy consumption using a second energy screen and an energy-efficient climate control strategy was carried out in Bleiswijk, The Netherlands. When the air in the greenhouse became too humid, the vents above the closed screens were opened. If this did not have the required effect the upper energy screen was slightly opened and if this was not enough both energy screens were opened. The normally applied minimum pipe temperature setting was eliminated. Together with growers and a crop advisor the climate and energy consumption were monitored and adjusted if necessary. After correction for differences in weather conditions and heating setpoint 2,6 m³ of natural gas per m2 (13 was saved compared to the energy consumption in the same greenhouse with only one energy screen and standard climate control in the preceding year. No adverse effects on the crop and the shelf life of cut flowers has been noticed.
    Kwaliteit roos: relaties vaasleven en kasklimaat
    Benninga, J. ; Barendse, J. ; Vermeulen, C. ; Garcia Victoria, N. ; Raaphorst, M.G.M. ; Hofland-Zijlstra, J.D. - \ 2015
    snijbloemen - rozen - rassen (planten) - vaasleven - duurzaamheid (durability) - proeven - cultivars - relatieve vochtigheid - cut flowers - roses - varieties - vase life - durability - trials - cultivars - relative humidity
    Kwaliteit is het sterke punt van Nederlandse ten opzichte van buitenlandse rozen. Vanuit de markt bestaat een toenemende vraag naar kwaliteit garanties. Gebleken is dat, vooral in de periode vanaf half december tot half februari, veel partijen Nederlandse rozen niet kunnen voldoen aan de verwachting van zeven dagen vaasleven, zo blijkt uit het project “vaasleven getest” van FloraHolland, waar 60% van de Nederlandse aanvoerders om de week aan deelnemen. Om het vaasleven in de kritische periode (winter) te verbeteren is in de winters 2012/2013 en 2013/2014 een onderzoek uitgevoerd bij acht rozenteeltbedrijven: 4 teelden het ras Red Naomi! en 4 het ras Avalanche+.
    Kwaliteitsplan roos : onderdeel klimaatregistratie en statistiek
    Benninga, J. ; Barendse, H. ; Vermeulen, C. ; Garcia Victoria, N. ; Raaphorst, M.G.M. ; Hofland-Zijlstra, J.D. - \ 2015
    Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapport GTB 1336) - 41
    snijbloemen - rozen - vaasleven - gewaskwaliteit - houdbaarheid (kwaliteit) - kwaliteit na de oogst - temperatuur - winter - landbouwkundig onderzoek - cut flowers - roses - vase life - crop quality - keeping quality - postharvest quality - temperature - winter - agricultural research
    Dutch roses can’n always guarantee a vase life of seven days. A study was conducted in the winters 2012/2013 and 2013/2014 in eight roos nurseries in order to find ways to improve the vase life in the critical period (winter). Four nurseries cultivated the variety Red Naomi! and four Avalanche+. For the study collaborated growers, FloraHolland, Wageningen UR Greenhouse Horticulture and Wageningen UR LEI. Financial support was granted by the Topsector T & U (Ministry of EL & I). The vase life of the roses varied between 3.5 and 17.7 days. Differences were found among the growers in vase life, bud opening, the occurrence of leaf and Botrytis problems, and the Botrytis spore pressure in the greenhouse. An explanation for these differences is found in greenhouse climate parameters: For Red Naomi! a decrease in vase life is explained mainly by high average humidity and little temperature fluctuations > 1°C . For Avalanche+ the differences in vase life are explained by the length of the dark period and the RV: the longer the dark period, and the lower the RH, the better the vase life. Bud opening is in both varieties explained and negatively impacted by RV’s higher than 93%. The vase life results are representative of the average quality of Dutch roses, as they correlate well with those of the FloraHolland project “vase life tested”. This correlation will be useful for the proposed implementation in practice.
    Helleborus orientalis Queens als houdbare snijbloem II : invloed voorbehandelingsmiddelen en -methodes op de houdbaarheid
    Garcia Victoria, N. ; Slootweg, G. - \ 2014
    Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapport / Wageningen UR Glastuinbouw 1324) - 40
    helleborus orientalis - cultivars - snijbloemen - houdbaarheid (kwaliteit) - vaasleven - behandeling na de oogst - tests - optimalisatiemethoden - landbouwkundig onderzoek - helleborus orientalis - cultivars - cut flowers - keeping quality - vase life - postharvest treatment - tests - optimization methods - agricultural research
    De Kritische Succes Factor voor een succesvolle marktintroductie van de nieuwe Helleborus orientalis Queens rassen van GreenWorks is een goede houdbaarheid na de oogst. Hiertoe is onder andere een goede, eenduidige strategie nodig voor het voorbehandelen van de bloemen na de oogst, voordat ze het afzetkanaal in gaan. Met dit doel zijn door Wageningen UR Glastuinbouw, GreenWorks, Chrysal en telers verdampingremmers, voorbehandelingsmiddelen, snijbloemenvoedsels, telers methoden en rijpheidstadia met meerdere cultivars en herkomsten getest. Door het gebruik van snijbloemenvoedsel tijdens het vaasleven (consumentenfase) kon de houdbaarheid over alle cultivars, herkomsten en voorbehandelingen, 19 tot 68% worden verlengd ten opzichte van water in de vaas. Het gebruik van coatings, het doorsnijden van de steel, voorbehandelen met azijn en het rijper oogsten hebben geen positief effect op de houdbaarheid. Bescheiden houdbaarheidsverbeteringen zijn behaald met een experimentele verdampingsremmer en enkele voorbehandelingsmiddelen, met Grow 20 in de adviesdosering als beste in de toets. Het vallen van de groene bloemblaadjes en meeldraden kan enigszins worden afgeremd door voorbehandeling met een ethyleen remmend middel. Voor de telers is een voorbehandelingsadvies opgesteld voor implementatie tijdens het volgend seizoen.
    Helleborus orientalis als houdbare snijbloem : marktperspectief en invloed teeltklimaat op de houdbaarheid
    Garcia Victoria, N. ; Slootweg, G. - \ 2014
    Wageningen : Wageningen UR Glastuinbouw/PPO Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit (Rapporten ) - 45
    helleborus orientalis - cultivars - snijbloemen - houdbaarheid (kwaliteit) - vaasleven - gewaskwaliteit - marktonderzoek - marketing - cultuurmethoden - waterbalans - landbouwkundig onderzoek - helleborus orientalis - cultivars - cut flowers - keeping quality - vase life - crop quality - market research - marketing - cultural methods - water balance - agricultural research
    Studenten InHolland hebben marktonderzoek gedaan naar de kansen voor de nieuwe Helleborus orientalis rassen als snijbloem. Dit exclusief seizoensproduct kan meer en directer worden gepromoot met het hogere marktsegment als doelgroep. Voorwaarde voor succes is wel dat de houdbaarheid ervan verbetert. Wageningen UR Glastuinbouw heeft onderzoek hiernaar gedaan en oplossingen gezocht in het aanpassen van de teeltstrategie. Door middel van het toedienen van een kortstondige warmtestoot in de ochtend, daalde het percentage takken dat na 4 dagen slap was van 75% in de reguliere teelt naar 38,5%. Ook waren de takken gemiddeld langer. Het aantal huidmondjes veranderde niet met deze maatregel. Verder onderzoek moet plaatsvinden naar aanvullende houdbaarheid verbeterende teeltmaatregelen en er dient een eenduidige een effectieve voorbehandelingsstrategie te worden vastgesteld. Students of InHolland Applied University conducted a market survey to identify the opportunities for the new Helleborus orientalis varieties as cut flowers. This seasonal product should be promoted more directly to the higher market segment targeted. A condition for success is that the vase life improves. Wageningen UR Greenhouse Horticulture conducted research to the vase life improvement by a different cultivation strategy. A brief heat pulse in the morning reduced the percentage of wilted flower stems after 4 days from 75% in regular cultivation to 38.5%.The flower stems were also longer in the briefly heated greenhouse. The number of stomata was not affected by this measure. Further research should be conducted to complementary vase life improving measures. Also, a uniform and effective post-harvest treatment strategy is needed.
    Q-cotrans : startkwaliteit
    Westra, Eelke - \ 2013
    cut flowers - varieties - cultivars - crop quality - vase life - keeping quality - supply chain management - transport
    Relatie tussen microklimaat en vaasleven bij roos
    Weel, P.A. van; Eveleens, B.A. ; Keim, E. ; Jacobs, G. - \ 2013
    Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapporten WUR GTB 1253) - 40
    rozen - rosaceae - microklimaat - vaasleven - meting - bloementeelt - teelt onder bescherming - nederland - roses - rosaceae - microclimate - vase life - measurement - floriculture - protected cultivation - netherlands
    Bij snijrozen is getracht een beeld te krijgen van het microklimaat in het gewas met sensoren die de temperatuur van knop en blad meten, aangevuld met metingen van RV en temperatuur van de omringende lucht. Gelijktijdig is bij 2 cultivars, ‘Passion’ en ‘Avalanche Peach’, en op twee plekken in de kas het vaasleven bepaald. Op die manier werd gehoopt een indicatie te vinden voor de invloed van het microklimaat op het optreden van met name botrytis. De meting bleek niet in staat om een direct verband aan te tonen tussen microklimaat en botrytis. Wel werd duidelijk dat de meest waarschijnlijke oorzaak gezocht moet worden in perioden dat niet belicht wordt in koude luchtstromen in de kas als gevolg van kieren in het scherm en van uitstraling van de knoppen naar een koude hemel. Meten van de temperaturen van knop en blad bleek door de kwetsbaarheid van het thermokoppel moeilijk uitvoerbaar, maar kan eenvoudig vervangen worden door een thermische camera. Aanvullend zal er echter een meetmethode ontwikkeld moeten worden om de RV in de grenslaag rondom knop of blad betrouwbaar te kunnen meten voordat een meting van het microklimaat praktische waarde kan hebben bij het voorspellen van de kans op natslag.
    Reduction of Botrytis cinerea incidence in cut roses (Rosa hybrida L.) during long term transport in dry conditions
    Harkema, H. ; Mensink, M.G.J. ; Berg-Somhorst, B.P.M. van de; Pedreschi Plasencia, R.P. ; Westra, E.H. - \ 2013
    Postharvest Biology and Technology 76 (2013). - ISSN 0925-5214 - p. 135 - 138.
    vase life - flowers - storage
    Long distance transport of flowers to markets at low temperature is still hampered by Botrytis damage. This study is focused on quality effects of long dry and wet transport at low temperatures and high relative humidity of three rose varieties with a special focus on Botrytis development. Results showed that the type of transport (dry or wet), transport time and cultivar influence the Botrytis damage level, thus affecting the number of flowers in poor condition at the start of vase life. Clear differences in Botrytis damage level were observed between wet and dry transport at low temperatures, long term transport and high relative humidity. Botrytis developed with time during dry or wet transport but was significantly less severe in dry transport conditions. The ‘Red Naomi!’ variety was the most sensitive cultivar to Botrytis development. These findings show that dry transport of roses has a significant positive effect on product quality with special focus on Botrytis development. Thus, handling plus transport costs can be substantially reduced.
    Postharvest water relations in cut rose cultivars with contrasting sensivity to high relative air humidity during growth
    Fanourakis, D. ; Carvalho, S.M.P. ; Almeida, D.P.F. ; Kooten, O. van; Doorn, T. van der; Heuvelink, E. - \ 2012
    Postharvest Biology and Technology 64 (2012)1. - ISSN 0925-5214 - p. 64 - 73.
    xylem hydraulic conductivity - stomatal response - lighting period - vase life - stems - cavitation - flowers - trees - transpiration - dimensions
    A constant high relative air humidity (RH) during cultivation can strongly reduce the vase life in some cut rose cultivars. We studied three contrasting cultivars in their tolerance to high RH in order to analyse in detail the water relations during postharvest and better understand this genotypic variation. Plants were grown at moderate (60%) and high (95%) RH, and cut flowers were placed in water immediately after cutting. Flowers of cv. Pink Prophyta grown at high RH did not open throughout vase life, while flower opening of cvs. Frisco and Dream was not affected by preharvest RH. Cultivation at high RH resulted in about 80% shorter vase life in Pink Prophyta, whereas in Dream and Frisco the negative effect was considerably smaller (15 and 9% shorter vase life, respectively). The shorter vase life and reduced flower opening of cut roses grown at high RH was due to a higher rate of transpiration both in the light and dark periods. It was found that the leaves of Pink Prophyta grown at high RH could partly close their stomata upon lowering of the water potential or when flower stalks were fed with abscisic acid, but stomata remained far more open than in leaves grown at moderate RH. The RH during cultivation did not affect stem hydraulic conductivity and its recovery after air emboli induction. Preventing vascular occlusion largely alleviated the high-cultivation-RH effect on vase life and flower opening, showing that the effect of high-cultivation-RH becomes only important if water uptake is limited.
    Flower Life: ontwikkeling duurzame bloembehandelingstechnologieën
    Woltering, E.J. ; Harkema, H. - \ 2012
    Wageningen UR Food & Biobased Research : Wageningen UR - Food & Biobased Research (Rapport / Wageningen UR Food & Biobased Research nr. 1340) - ISBN 9789461733382 - 57
    sierplanten - snijbloemen - snijbloemconserveringsmiddelen - vaasleven - ethyleen - landbouwkundig onderzoek - ornamental plants - cut flowers - cut flower preservatives - vase life - ethylene - agricultural research
    Adequate behandeling van snijbloemen ter voorkoming van ethyleeneffecten, vatverstopping en blad(vergelings)problemen is een noodzaak bij langdurige bewaring en transport. De middelen die hiervoor beschikbaar zijn worden toegepast als voorbehandeling, transportbehandeling of nabehandeling. Een aantal van deze middelen bevat stoffen die vanuit duurzaamheidsoogpunt minder wenselijk zijn, zoals (zware) metalen. Binnen dit project is gezocht naar natuurlijke of natuuridentieke verbindingen met geen of minder milieubezwaren om een aantal van de bovengenoemde fysisch/fysiologische defecten te behandelen. Hierbij zijn we uitgegaan van bestaande verbindingen met al een gedocumenteerd effect op bv. bacteriegroei of ethyleensynthese, dit effect hoeft niet niet per se in snijbloemen te zijn aangetoond. Hiernaast is als belangrijk duurzaamheidscriterium vooral gekeken of de betreffende stof vermeld wordt op lijsten van bv. “toegestane middelen in biologische productie methode”, “verbindingen met GRAS status” of “toegestane additieven in voedingsmiddelen (E-nummers)”. Er zijn na literatuuronderzoek zo’n 150 verbindingen geselecteerd waarvan er na overleg met o.a. de onderzoeksbegeleidingscommissie (OBC) zo’n 60 op de shortlist zijn gekomen. Hiervan zijn er ongeveer 40 getest op snijbloemen (anjer, roos, lelie). Naast laboratorium experimenten zijn er met een beperkt aantal middelen en/of combinaties testen onder praktijkomstandigheden gedaan. De anti ethyleen verbindingen die zowel wat betreft werkzaamheid als vanuit milieuoogpunt goed scoorden zijn amino ethoxy vinylglycine (AVG, Retain) en, in mindere mate 1-MCP. Een aantal andere middelen met positief effect op bloemkwaliteit (boorzuur, 2,4 pyridine dicarboxylaat [PDCA]) vertoonden onacceptabele bladschade. De anti bacteriële middelen die goed scoorden zijn EDTA en, in mindere mate poly aspartic acid (PAA) en lysozyme. Het onderzoek biedt diverse aanknopingspunten voor verdere ontwikkeling en formulering van deze middelen.
    Naoogstkwaliteit blijft punt van aandacht: Oorzaken kwaliteitsverlies snijbloem steeds beter te achterhalen (interview met Casper Slootweg, Patricia de Boer en Nieves Garcia)
    Rodenburg, J. ; Slootweg, G. ; Boer-Tersteeg, P.M. de; Garcia Victoria, N. - \ 2012
    Onder Glas 9 (2012)8. - p. 24 - 25.
    snijbloemen - vaasleven - gewaskwaliteit - cultuurmethoden - kwaliteit na de oogst - landbouwkundig onderzoek - glastuinbouw - cut flowers - vase life - crop quality - cultural methods - postharvest quality - agricultural research - greenhouse horticulture
    Een prachtige snijbloem die thuis na drie dagen slap op de vaas staat. Dat kan niet de bedoeling zijn. Al meer dan twintig jaar doet Wageningen UR Glastuinbouw daarom onderzoek naar de naoogstkwaliteit van sierteeltproducten. En vaak blijkt er een verband te bestaan tussen teeltomstandigheden bij de teler en de inwendige kwaliteit van het eindproduct.
    Meerjarige gezonde teelt van snijhortensia (Literatuurverslag; PT 14263.40)
    Noort, F.R. van; Dijkstra, T. ; Marwijk, D. van; Berg, A. van der - \ 2012
    [S.l.] : Productschap Tuinbouw
    hydrangea - cultuurmethoden - snijbloemen - potplanten - teelt - literatuuroverzichten - landbouwkundig onderzoek - houdbaarheid (kwaliteit) - vaasleven - hydrangea - cultural methods - cut flowers - pot plants - cultivation - literature reviews - agricultural research - keeping quality - vase life
    Literatuurstudie uitgevoerd door LTO Groeiservice, Wageningen UR en DLV Plant Doel is meer inzicht te krijgen in de problemen met de kwaliteit van snijhortensia. De studie is gefinancierd door het Productschap Tuinbouw. De centrale vraag was wat er bekend is in de literatuur over de relatie teelt en plantkwaliteit. Met een aantal snijhortensiakwekers uit de landelijke commissie van LTO Groeiservice en de FloraHolland Productcommissie is nagedacht over de mogelijke oorzaken van de problemen met de productkwaliteit
    Stomatal response characteristics as affected by long-term elevated humidity levels
    Fanourakis, D. - \ 2011
    Wageningen University. Promotor(en): Olaf van Kooten, co-promotor(en): Ep Heuvelink; Susana Pinto de Carvalho. - [S.l.] : S.n. - ISBN 9789461730015 - 169
    huidmondjes - vochtigheid - tuinbouw - vaasleven - plantenfysiologie - abscisinezuur - cuticula bij planten - plantenanatomie - rosa - stomata - humidity - horticulture - vase life - plant physiology - abscisic acid - plant cuticle - plant anatomy - rosa

    Restriction of leaf water loss, by stomatal closure, is decisive for plant survival, especially under conditions of water deficit. This sensitivity of stomata to low water potential is attenuated by high relative air humidity (RH ≥ 85%) during growth, which impedes the plant’s ability to survive when subsequently exposed to lower humidities due to a negative water balance. This thesis focuses on the extent of the existing variation and the reasons underlying cultivar differences in their tolerance to high RH, as well as the rate and reversibility of stomatal adaptation to elevated RH in the course of leaf ontogeny.

    Cut rose was used as a model plant. An experiment on the postharvest water relations of three contrasting cultivars in their sensitivity to high RH showed that the sensitive cultivar (i.e. steepest decrease in the cut flower longevity) underwent a higher increase in the water loss compared to the tolerant cultivars. Preventing vascular occlusion considerably extended the time to wilting in the sensitive cultivar grown at high RH, showing that the high rate of water loss, as a result of plant growth at high RH, can only be detrimental for keeping quality under limiting water uptake conditions. Further investigation showed a large genotypic variation in the regulation of water loss, as a result of leaf development at high RH, and stomatal closing capacity was the key element in this process. The degree to which the stomatal anatomical features were affected and the extent that their functionality was impaired were not correlated. However, higher stomatal density, longer pore length and depth contributed to the higher water loss of high RH-grown leaves (16–30% of the effect depending on the cultivar). Reciprocal change in RH showed that stomatal functioning was no longer affected by the RH level after full leaf expansion. However, expanding leaves were always able to partly adapt to the new RH level. For leaves that started expanding at high RH but completed their expansion after transfer to moderate RH, the earlier this switch took place the better the regulation of leaf water loss. This behaviour of expanding leaves experiencing a shift from high to moderate RH was related with the increasing population of stomata exceeding a critical stomatal length. Contrary to this, leaves initially expanding at moderate RH and transferred to high RH exhibited poor stomatal functioning, even when this transfer occurred very late during leaf expansion. This suggests that stomata at various developmental stages were similarly prone to loss of closing ability, when these had been exposed to high RH prior to full leaf expansion.

    Key words: abscisic acid, cuticular permeability, heterogeneity, hydraulic conductivity, pore aperture, relative air humidity, Rosa hybrida, stomatal anatomy, stomatal conductance, stomatal growth, stomatal initiation, stomatal malfunctioning, stomatal population, stomatal proximity, vase life.

    Pretreatment of organic flowers
    Slootweg, G. ; Labrie, C.W. ; Saarloos, R. - \ 2010
    biologische landbouw - snijbloemen - voorbehandeling - kwaliteit na de oogst - vaasleven - bactericiden - organic farming - cut flowers - pretreatment - postharvest quality - vase life - bactericides
    Poster met onderzoeksinformatie over het testen van voorbehandelingsmiddelen voor biologische snijbloemen. Twee middelen (Dipper en Cropclean) zijn uitgebreider getest.
    Test van 2 middelen voor voorbehandeling van biologische zomerbloemen
    Slootweg, G. ; Saarloos, R. - \ 2010
    Bleiswijk : Wageningen UR Glastuinbouw (Rapport / Wageningen UR Glastuinbouw 318) - 22
    bloementeelt - snijbloemen - vaasleven - houdbaarheid (kwaliteit) - zomerbloemen - floriculture - cut flowers - vase life - keeping quality - summer flowers
    Bij 10 soorten zomerbloemen is het effect van voorbehandeling met middelen, die bruikbaar zouden kunnen zijn voor telers van biologische bloemen onderzocht. De bloemen kregen een transportsimulatie van 5 dagen.
    Slijmstelen bij Zantedeschia
    Leeuwen, P.J. van; Pham, K.T.K. ; Dees, R.H.L. ; Doorn, J. van - \ 2009
    Lisse : PPO Bloembollen en Bomen (PPO Rapport 32 340357 00) - 49
    erwinia - pseudomonas - afwijkingen, planten - zantedeschia - vaasleven - houdbaarheid (kwaliteit) - landbouwkundig onderzoek - nederland - erwinia - pseudomonas - plant disorders - zantedeschia - vase life - keeping quality - agricultural research - netherlands
    Slijmstelen zijn bloemstengels van Zantedeschia die op de vaas vooral aan de onderkant verslijmen als gevolg van bacterieaantasting. Deze afwijking vormt een van de grootste problemen in de afzet van de bloemen. Hoewel vermoed werd dat Erwinia (carotovora subsp. carotovora) de veroorzaker is, blijken ook Pseudomonas-soorten die pectinasen (celwandafbrekende enzymen) produceren, slijmstelen te kunnen veroorzaken. Op grond van de DNA-sequentie van deze pectinase (pel-) genen zijn in PCR deze bacteriën te identificeren; het pel-gen blijkt noodzakelijk om slijmstelen te kunnen veroorzaken. Bij lokalisatie-experimenten bleek soms bij de oogst ook hoog in de steel veel bacteriën aanwezig te zijn; het trekken van de stelen lijkt geen knikstelen te kunnen veroorzaken. Injectie van stelen met Erwinia of Pseudomonas veroorzaakte slijmstelen. Ook kunnen bacteriën overleven op (veiling-) fust, rekjes en in water. Het is aannemelijk, dat er gezonde en zieke partijen stelen zijn; in sommige partijen zit al een percentage pseudomonaden, mogelijk latent. Als beheersingsmaatregelen kan dienen het afsnijden van de onderste 2-5 cm van de steel; dit levert significant minder slijmstelen op. Middelen zoals de chloorpil en Florissant werken goed mits er niet te hoge aantallen bacteriën in het vaaswater zitten; deze middelen kunnen echter niet via passieve diffusie hoog in de stelen komen. Er bleek geen goede correlatie tussen aantallen bacteriën in de bloemstelen enerzijds en het ontstaan van slijmstelen; niet alle bacteriën die hierin groeien geven namelijk slijmstelen. © Praktijkonderzoek
    Screening van enkele houdbaarheidsmiddelen voor biologische tulpen
    Dam, M.F.N. van - \ 2009
    Lisse : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Sector Bloembollen, Boomkwekerij en Fruit - 18
    biologische landbouw - tulpen - vaasleven - houdbaarheid (kwaliteit) - snijbloemen - organic farming - tulips - vase life - keeping quality - cut flowers
    De afzet van tulpenbloemen is een belangrijk handelskanaal voor de kwekers van biologische tulpenbollen. De tulpenbloemen maken deel uit van gemengde boeketten. Houdbaarheid en het voorkómen van het doorgroeien van de tulpen op de vaas zijn belangrijke kwaliteitsaspecten hierbij. RVB en SVB hadden in 2008 nog een tijdelijke ontheffing voor gebruik in biologische teelt, maar in november 2008 is deze status komen te vervallen. Het doel van het onderzoek is het vinden van een houdbaarheidsmiddel voor het verbeteren van de kwaliteit en houdbaarheid van biologische tulpenbloemen
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.