Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Current refinement(s):

    Records 1 - 20 / 903

    • help
    • print

      Print search results

    • export
      A maximum of 250 titles can be exported. Please, refine your queryYou can also select and export up to 30 titles via your marked list.
    • alert
      We will mail you new results for this query: keywords==zuid-holland
    Check title to add to marked list
    Konijnen in de duinen van Meijendel : vier verschillende telmethoden om de konijnendichtheid te schatten
    Bankert, D. ; Groen, K.C.G. in 't - \ 2020
    Holland's Duinen (2020)42. - ISSN 1389-7373 - p. 5 - 11.
    rabbits - monitoring - zoogeography - duneland - zuid-holland
    De transectmethode is een methode die gebruikt wordt om konijnenpopulaties te monitoren. De methode wordt uitgevoerd door beheerders van alle duingebieden aan de Nederlandse vastelandskust. Onderstaand onderzoek is uitgevoerd om meer duidelijkheid te krijgen over de betekenis van de aantallen konijnen die geteld worden met deze methode. In hoeverre komen de getelde aantallen overeen met de aantallen konijnen aanwezig in delen waar niet geteld wordt?
    Resultaten van 10 jaar daarmoetikzijn voor de provincie Zuid-Holland
    Goossen, C.M. - \ 2017
    Wageningen : Wageningen Environmental Research (Wageningen Environmental Research rapport 2781) - 27
    landschap - perceptie - natuur - omgevingspsychologie - zuid-holland - landscape - perception - nature - environmental psychology - zuid-holland
    Op basis van 8.935 bezoekers van de websites www.daarmoetikzijn.nl en myplacetobe.eu uit de provincie Zuid-Holland is een analyse gemaakt naar de aantrekkelijkheid van het landschap. Het gemiddelde rapportcijfer van het landschap in Zuid-Holland is de afgelopen tien jaar een zes en de laatste jaren dalend. Vooral bebouwing draagt negatief bij aan het rapportcijfer, maar ook bedrijventerreinen, industriegebieden en geluid van auto’s, treinen, vliegverkeer en bossen. Heide-, zand- en duingebieden leveren daarentegen een positieve bijdrage aan het rapportcijfer, evenals hoogteverschillen. Deze zes, van de vijftien, gebruikte indicatoren verklaren voor 8 procent het rapportcijfer. Circa een derde van de bezoekers (32 procent) uit Zuid-Holland geeft een onvoldoende aan het landschap rond de eigen woonplaats. Ruimtelijk gezien krijgt echter het grootste deel van het landschap in Zuid-Holland een voldoende. Bos is het meest gewilde landschapstype. Twee derde van de bezoekers wil bezienswaardigheden hebben in het ideale landschap en geluidbelasting, horizonvervuiling en drukte door recreatieve fietsers worden als storend ervaren.
    Monitoring mosselgroei Flakkeese spuisluis : resultaten T0 bemonstering 2016
    Wijsman, J.W.M. ; Brummelhuis, E. ; Gool, A.C.M. van - \ 2016
    Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C126/16) - 33
    mossels - mosselteelt - groei - monitoring - zuid-holland - mussels - mussel culture - growth - monitoring - zuid-holland
    In de winter van 2016/2017 zal de Flakkeese spuisluis in de Grevelingendam weer in gebruik worden genomen. De spuisluis, bestaande uit een hevel, vormt een verbinding tussen het Grevelingenmeer en de Oosterschelde. Door het openen van de hevel zal als gevolg van het getij op de Oosterschelde water heen en weer worden getransporteerd tussen de Oosterschelde en het Grevelingenmeer. De verwachting is dat door de toename in waterbeweging de waterkwaliteit in het Grevelingenmeer zal verbeteren, met name nabij de bodem waar zuurstofloosheid optreedt. Om deze veranderingen te kunnen monitoren zijn er mosselen uitgezet in speciale mandjes op twee locaties in het Grevelingenmeer en twee locaties in de Oosterschelde. De groei en ontwikkeling van de mosselen kan worden gebruikt als een indicator voor de waterkwaliteit en -productiviteit. Doordat de mosselen gedurende een periode van enkele maanden zijn uitgezet, zijn de groeimetingen de resultante van de waterkwaliteit over die hele periode. Ook zijn in het Grevelingenmeer continue-metingen verricht voor zuurstofconcentratie (alleen bij de bodem) en temperatuur (nabij de bodem en het wateroppervlak). Dit rapport beschrijft de situatie in 2016 vóór de ingebruikname van de hevel.
    Inventarisatie van de uitbreiding van de bloedingsziekte in paardenkastanjebomen in Den Haag
    Kuik, A.J. van - \ 2016
    Wageningen Plant Research, Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit (Rapport Wageningen Plant Research 2017-02) - 17
    aesculus hippocastanum - plantenziekten - pseudomonas syringae - steden - zuid-holland - aesculus hippocastanum - plant diseases - pseudomonas syringae - towns - zuid-holland
    Sinds 2004 wordt door Wageningen Plant Research in opdracht van de gemeente Den Haag het paardenkastanje bestand beoordeeld op het voorkomen van de bloedingsziekte. Bomen die zijn aangetast door de bloedingsziekte, veroorzaakt door de bacterie Pseudomonas syringae pv aesculi blijken in de praktijk snel te kunnen aftakelen. Door de kastanjebomen regelmatig te beoordelen op de mate van aantasting en toezicht op het verloop van de aftakeling kunnen voor de omgeving gevaarlijke bomen tijdig worden gesignaleerd zodat actie kan worden ondernomen. Hiermee worden ongelukken door uitvallende takken zoveel mogelijk voorkomen. Naast de schadelijke aantasting door de bacterie zelf vormen de scheuren die zijn ontstaan door de bloedingsziekte een geschikte invalspoort voor boomverzwakkende schimmels, zoals de bundelzwam, paarse korstzwam, honingzwam en de oesterzwam. Bijna alle bomen die tot dusverre een kapadvies hebben gekregen waren ook aangetast door genoemde parasitaire boomschimmels.
    Monitoring en evaluatie Pilot Zandmotor fase 2 : data rapport Visbemonstering najaar 2015
    Hal, R. van; Pennock, I. ; Hoek, R. - \ 2016
    IJmuiden : IMARES Wageningen UR (IMARES rapport C059/16) - 27
    vissen - benthos - bemonsteren - zee-organismen - zandsuppletie - kustbeheer - natuurontwikkeling - zuid-holland - fishes - benthos - sampling - marine organisms - sand suppletion - coastal management - nature development - zuid-holland
    Dit rapport beschrijft de vis en epibenthos bemonstering op en rond de Zandmotor in het najaar van 2015. De bemonstering is uitgevoerd van 7 t/m 9 oktober en 19 oktober 2015 vanaf het schip de YE42, gebruikmakend van een 3-meter boomkor voorzien van wekkerkettingen en een net met een maaswijdte van 20mm. Met dit tuig zijn in totaal 68 vistrekken uitgevoerd, met een beviste afstand tussende 491 en540 m, verdeeld over een 9-tal raaien, loodrecht op de voormalige kustlijn. De bemonsteringslocaties zijn op waterdieptes tussen 1,7 en 11,6 m op de raaien geplaatst. Van iedere geslaagde trek zijn de vangsten uitgezocht, en de soorten gedetermineerd en gemeten (lengte en gewicht). De gegevens hiervan zijn opgeslagen in de IMARES database en een overzicht hiervan is weergegeven in dit rapport. De beschrijving van de data is aangevuld met een vergelijking met eerdere jaren ter aanvulling op het tussentijdse evaluatierapport geschreven begin 2015.
    Project Duurzaam bodembeheer in de Hoekse Waard
    Brussaard, L. - \ 2016
    Wageningen University & Research
    soil management - organic farming - sustainable agriculture - zuid-holland - arable farming - bodembeheer - biologische landbouw - duurzame landbouw - zuid-holland - akkerbouw
    Bezoek aan 3 akkerbouwers die vertellen wat voor hen duurzaam bodembeheer betekent.
    Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 - Ecotopenkaarten vooroever en getijdenstrand 2010 - 2015
    Wijsman, J.W.M. ; Tangelder, M. ; Visser, Pieter ; Hoekstra, R. - \ 2016
    IMARES (Rapport / IMARES C034/16) - 35
    getijden - stranden - zandsuppletie - natuurontwikkeling - ecologie - zuid-holland - tides - beaches - sand suppletion - nature development - ecology - zuid-holland
    Dit rapport presenteert een eerste aanzet voor de ontwikkeling van ecotopenkaarten voor de vooroever en het intergetijdenstrand van de Zandmotor over de jaren 2010 tot en met 2015. In de ecotopenclassificatie worden de abiotische parameters droogvalduur, bodemschuifspanning en getijdenstroming gecombineerd tot 11 ecotopen, waarvan 4 in de vooroever, 6 op het natte strand en 1 op het droge strand.
    Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2 - Datarapport vogels en zeezoogdieren - 2015/2016
    Lagerveld, S. - \ 2016
    IMARES (Rapport / IMARES C074/16) - 8
    vogels - zeezoogdieren - zeevogels - monitoring - tellingen - recreatie - zandsuppletie - natuurontwikkeling - zuid-holland - birds - marine mammals - sea birds - monitoring - censuses - recreation - sand suppletion - nature development - zuid-holland
    In dit rapport wordt een overzicht gegeven van de telresultaten van vogels en zeezoogdieren op en nabij de Zandmotor in de periode van december 2015 tot en met april 2016. Ook is het aantal recreanten in deze periode geteld. In deze periode zijn drie tellingen uitgevoerd vanaf het strand op 29 december 2015, 11 februari 2016 en 28 april 2016 in drie telgebieden; ten zuiden, ter plaatse en ten noorden van de Zandmotor. Daarnaast zijn de aanwezige vogels geteld in/nabij de lagune en het meer op de Zandmotor.
    Economische betekenis van de grondgebonden landbouw in Zuid-Holland in 2016
    Vogelzang, T.A. ; Smit, A.B. ; Smit, J. ; Verhoog, A.D. ; Vader, J. ; Schans, J.W. van der - \ 2016
    Wageningen : LEI Wageningen UR (Rapport / LEI Wageningen UR 2016-066) - ISBN 9789462578449 - 27
    landbouw - landgebruik - tuinbouw - landbouw bedrijven - landbouwontwikkeling - landbouwregio's - nederland - zuid-holland - agriculture - land use - horticulture - farming - agricultural development - agricultural regions - netherlands - zuid-holland
    The socio-economic future of agriculture in the Dutch province of Zuid-Holland is partly linked to the perspectives of the agrocluster, the combination of agricultural and horticultural firms, fishery, food and luxury industry and the firms that supply these sectors. The importance of this cluster for Zuid- Holland is described, with a focus on the primary sectors, and especially on the agricultural firms. The current situation of these firms is presented, including the developments in the recent decade and the perspectives for the next decade. Attention is also paid to the (economic) perspectives of short supply chains and innovation for agriculture in Zuid-Holland.
    Een bij-zonder kleurrijk landschap in Land van Wijk en Wouden : handreiking 2.0 voor inrichting en beheer voor bestuivende insecten
    Rooij, S.A.M. van; Cormont, A. ; Geertsema, W. ; Haag, Martijn ; Opdam, P.F.M. ; Reemer, M. ; Spijker, J.H. ; Snep, R.P.H. ; Steingröver, E.G. ; Stip, Anthonie - \ 2016
    Wageningen : Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2720) - 41
    biodiversiteit - insect-plant relaties - regionale planning - ecologische hoofdstructuur - landschap - zuid-holland - bestuivers (dieren) - apidae - lepidoptera - biodiversity - insect plant relations - regional planning - ecological network - landscape - zuid-holland - pollinators - apidae - lepidoptera
    Het programma Groene Cirkels (van Heineken) heeft het initiatief genomen tot het realiseren van een duurzaam bijenlandschap in het land van Wijk en Wouden. Deze handreiking wil een impuls geven aan het realiseren daarvan. In Nederland hebben we zo’n 350 verschillende wilde bestuivende insectensoorten. Door variatie in onder andere bloemvormen en kelkdiepte en bloeiseizoen zijn er gespecialiseerde insecten nodig, aangepast op bloeivorm en het bloeiseizoen. Ook moet bestuiving plaats kunnen vinden onder verschillende omstandigheden: bij goed en slecht weer, in vroege en late voorjaren. Nu eens doet de ene soort het goed, dan is er weer een andere die het meeste werk verzet. Diversiteit aan bijen, hommels en zweefvliegen geeft zekerheid voor bestuiving door de jaren heen.
    Ruimtelijke verdiencapaciteiten Greenport Westland-Oostland
    Schans, J.W. van der; Vader, J. ; Ruijs, M.N.A. ; Bergen, Jago van; Kolpa, Evert ; Aaftink, Rutger ; Janssen, Bernadette ; Boddeke, Jorick - \ 2016
    Van Bergen Kolpa Architecten - 59
    Greenport Westland Oostland, tuinbouw, handelingsperspectief - zuid-holland - westland - beleidsondersteuning - tuinbouw - glastuinbouw - gebiedsontwikkeling - marketingbeleid - zuid-holland - westland - policy support - horticulture - greenhouse horticulture - area development - marketing policy
    Dit ruimtelijk perspectief voor nieuwe verdiencapaciteiten geeft aan welke ontwikkelingen in de Greenport Westland-Oostland als structurerend kunnen worden gezien en leidend zijn voor het handelen van de overheden in de Greenport Westland-Oostland. Dit perspectief geeft input aan het strategisch handelingsperspectief Greenport Westland-Oostland, zoals dit door Provincie en betrokken andere overheden ontwikkeld wordt.
    Laat het ons nou doen! : Voorlopige ervaringen met nieuwe vormen van beheer in de Pilot Natuurbeheer Krimpenerwaard : onderzoek ten bate van de tussenevaluatie
    Westerink, J. ; Smit, A. ; Ottburg, F.G.W.A. - \ 2016
    Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2694) - 35
    natuurbescherming - boeren - bewoning - krimpenerwaard - zuid-holland - nature conservation - farmers - tenancy - krimpenerwaard - zuid-holland
    De pilot Natuurbeheer Krimpenerwaard is nu halverwege de looptijd van zes jaar. In deze pilot wordt geëxperimenteerd met beheer van natuur in het NNN (Nationaal Natuur Netwerk, voorheen EHS) door een collectief van boeren: de Natuurcoöperatie Krimpenerwaard (NCK). NCK pacht grond van de provincie Zuid-Holland en verpacht dit aan leden via een proces van selectie en toedeling. De pachters worden intensief begeleid door een lokale deskundige van bureau Bui-tegewoon. In de pilot wordt de aanpak van NCK vergeleken met die van Zuid-Hollands Landschap (ZHL), de grootste terreinbeherende organisatie in de Krimpenerwaard. De meeste grond van ZHL wordt normaal ook al verpacht aan boeren. In het kader van de pilot pacht ZHL echter ook grond van de provincie en verpacht dit aan boeren in de Krimpenerwaard (zie Figuur 1). De pachters worden bij beide organisaties begeleid door dezelfde deskundige. Door middel van het bestuderen van beschikbare documenten (zoals de pachtcontracten) en interviews met diverse betrokkenen, hebben wij geprobeerd inzicht te krijgen in de tussenresultaten van de pilot, om aanbevelingen te kunnen doen voor de tweede helft en vooruit te kijken naar de periode na de pilot.
    Nieuwe verdienmodellen voor de Innovatie en Demonstratie Centra
    Ruijs, M.N.A. - \ 2016
    Bleiswijk : WageningenUR Glastuinbouw (Rapport GTB 1386) - 36
    glastuinbouw - demonstratiebedrijven, landbouw - zuid-holland - innovaties - bedrijfsvoering - financiële ondersteuning - toegepast onderzoek - greenhouse horticulture - demonstration farms - zuid-holland - innovations - management - financial support - applied research
    Within the project ‘Knowledge and Innovation IDC Westland- Oostland’ Wageningen UR Greenhouse Horticulture examines which alternative earning models are suitable for the Innovation and Demonstration Centre (IDC) in order to be less dependent on government contribution. There are various earning models, additional activities and governance issues identified, which could increase the continuity perspective of IDC. Nevertheless, representatives of the IDC and Greenport Westland-Oostland believe anyhow that public financing is desirable for knowledge exchange and dissemination. The IDCs are recommended to examine the value of the models further for their situation. The extent to which earning models can be successful for IDC may vary depending on design (thematic / sectoral), ranking in core activities and affiliation with the agenda of the private sector.
    Monitoring van ecologische risico’s bij actief bodembeheer van slootdempingen in de Krimpenerwaard : afrondende rapportage T1-monitoring Ecologie
    Lange, H.J. de; Hout, A. van der; Faber, J.H. - \ 2016
    Alterra, Wageningen-UR (Alterra-rapport 2703) - 61
    bodemverontreiniging - zware metalen - polychloorbifenylen - bodemsanering - ecologische risicoschatting - risico - aardwormen - talpidae - krimpenerwaard - zuid-holland - soil pollution - heavy metals - polychlorinated biphenyls - soil remediation - ecological risk assessment - risk - earthworms - talpidae - krimpenerwaard - zuid-holland
    In de Krimpenerwaard liggen circa 6500 slootdempingen en vuilstorten. Het dempingsmateriaal bevat
    regelmatig verontreinigingen, zodat voor de hele regio sprake is van een geval van ernstige
    bodemverontreiniging. Het gebiedsgericht bodembeheerplan voorziet in het afdekken van de
    verontreinigde slootdempingen met gebiedseigen schone grond. De effectiviteit van de sanering wordt
    geëvalueerd op basis van monitoring van ecologische risico’s. Dit rapport beschrijft de resultaten van
    de T1-monitoring, waarin in een relatief korte tijd na afdekken (twee tot vier jaar) de effectiviteit van
    de maatregel wordt beoordeeld. De saneringsmaatregel blijkt de meeste nadelige effecten van de
    slootdemping op soortensamenstelling en aantallen regenwormen te hebben weggenomen. De
    gehalten zware metalen in twee onderzochte regenwormsoorten zijn na sanering over het algemeen
    lager dan de gebiedseigen referentie in de T0-monitoring. De saneringsmaatregel is dus op de korte
    termijn effectief om de risico’s voor doorvergiftiging van zware metalen terug te brengen tot
    gebiedseigen niveau. De PCB-gehalten in de twee soorten regenwormen vertonen veel variatie tussen
    de jaren. De tendens is dat de gehalten in dempingmonsters lager zijn dan in referentiemonsters.
    Vanwege de grote variatie en het beperkt aantal onderzochte locaties zijn deze conclusies alleen met
    voorzichtigheid te trekken. Het PCB-gehalte in mollen bleek ook sterk variabel, in ruimte en in tijd.
    Mollen die in de T1-monitoring gevangen zijn op afgedekte Shredder en Huishoudelijk afval
    dempingen hebben significant hogere PCB-gehalten dan de dieren op de referentiepercelen. Het
    afdekken van de demping heeft voor deze dempingcategorieën de ecologische risico’s onvoldoende
    weggenomen. De effectiviteit op langere termijn met betrekking tot het al dan niet optreden van
    herverontreiniging als gevolg van bioturbatie en capillaire opstijging werd niet onderzocht
    Monitoring en Evaluatie Pilot Zandmotor Fase 2: evaluatie benthos, vis, vogels en zeezoogdieren 2010 - 2014
    Wijsman, J.W.M. ; Hal, R. van; Jongbloed, R.H. - \ 2015
    IMARES (Rapport / IMARES C125/15) - 109
    zandsuppletie - kustbeheer - natuurontwikkeling - natuurbeheer - monitoring - benthos - vissen - vogels - zeezoogdieren - zuid-holland - sand suppletion - coastal management - nature development - nature management - monitoring - benthos - fishes - birds - marine mammals - zuid-holland
    Dit document beschrijft de resultaten van de tussentijdse evaluatie voor het onderdeel ecologie van monitoring en evaluatieproject Zandmotor. In deze evaluatie zijn de hypothesen getoetst aan de hand van de veldgegevens die zijn verzameld in de periode 2010 tot en met 2014. Deze evaluatie is een opmaat voor de evaluatie die in 2016 zal worden uitgevoerd aan het eind van Fase II van dit project.
    Tuinbouwkennis en -innovatie in Greenportregio Westland-Oostland en de rol van de Innovatie en Demonstratie Centra: Analyseverslag interviews
    Geerling-Eiff, F.A. - \ 2015
    LEI Wageningen UR - 14
    glastuinbouw - kennisvalorisatie - westland - zuid-holland - agro-industriële ketens - greenhouse horticulture - knowledge exploitation - westland - zuid-holland - agro-industrial chains
    Het thema levert bouwstenen voor het verbeteren van kennisvalorisatie, het tot waarde brengen van kennis, middels integrale kennisketens en een effectieve en efficiënte inzet van kennismiddelen door en voor kennispartners en ondernemers in Greenportregio. Dit met als doel dat de keten van kennis naar kunde, naar kassa structureel wordt.
    Fisheries displacement effects of managed areas: a case study of De Voordelta
    Vries, P. de; Hintzen, N.T. ; Slijkerman, D.M.E. - \ 2015
    Den Helder : IMARES (Report / IMARES C136/15) - 27
    fisheries - displacement - north sea - zuid-holland - zeeland - visserij - verplaatsing - noordzee - zuid-holland - zeeland
    In the process of implementing Marine Strategy Framework Directive measures, such as area closure, questions arise on the aspect of displacement of fisheries. Displacement is a relatively new topic to fisheries science, and no studies in the Dutch North sea are available. Because the MSFD measures are not yet implemented, actual displacement in the assigned areas cannot be studied yet. Therefore, displacement in historically closed/managed areas was studied. The Voordelta – specifically the Bottom protection area- was taken as the study area. The aim was to study if displacement could be analysed, and if so, to what extent displacement depends on the type of fisheries.
    Veel innovatiekracht in onze regio
    Tramper, M. - \ 2015
    Akker magazine 11 (2015)8. - ISSN 1875-9688 - p. 36 - 39.
    toegepast onderzoek - proefbedrijven - proefboerderijen - rassenproeven - akkerbouw - zuid-holland - zware kleigronden - bedrijfsvoering - groenteteelt - innovaties - applied research - pilot farms - experimental farms - variety trials - arable farming - zuid-holland - clay soils - management - vegetable growing - innovations
    Praktijkonderzoekbedrijven zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse akkerbouw. Maar wat betekenen deze bedrijven voor de sector? Akker neemt een kijkje in de keuken van de proefboerderijen in Nederland. In dit nummer proefbedrijf Westmaas: een agrarisch onderzoekscentrum in een innovatieve regio. PPO Westmaas is onderdeel van Wageningen UR
    PMR Monitoring natuurcompensatie Voordelta - bodemdieren 2004 - 2013
    Craeymeersch, J.A.M. ; Escaravage, V. ; Adema, J. ; Asch, M. van; Tulp, I.Y.M. ; Prins, T. - \ 2015
    Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES C091/15) - 171
    bodemfauna - monitoring - natuurcompensatie - zuid-holland - soil fauna - monitoring - nature compensation - zuid-holland
    Met de aanleg van Maasvlakte 2 is de haven van Rotterdam uitgebreid. Maasvlakte 2 ligt in de Voordelta, een Natura 2000-gebied. In de Passende Beoordeling die in 2007 is uitgevoerd, is een aantal effecten van de aanwezigheid van Maasvlakte als significant negatief beoordeeld. Ter compensatie van deze effecten is binnen de Voordelta een aantal maatregelen getroffen, onder meer een bodembeschermingsgebied. In het bodembeschermingsgebied worden beperkingen opgelegd aan vormen van visserij die de zeebodem beroeren. De boomkorvisserij met wekkerkettingen door schepen met een motorvermogen groter dan 260 pk (191 kW) (Eurokotters) is niet toegestaan. Om het effect van de instelling van het bodembeschermingsgebied te kunnen evalueren, zijn in de periode 2004-2007 metingen verricht om de nulsituatie vast te leggen, en is vanaf 2009 het monitoringsprogramma voor de natuurcompensatie gestart.
    Greening flood protection in the Netherlands : a knowledge arrangement approach
    Janssen, S.K.H. - \ 2015
    Wageningen University. Promotor(en): Arthur Mol; Jan van Tatenhove, co-promotor(en): H.S. Otter. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462573345 - 200
    hoogwaterbeheersing - dijken - natuurtechniek - zandsuppletie - innovaties - governance - zuid-holland - afsluitdijk - ijsselmeer - nederland - flood control - dykes - ecological engineering - sand suppletion - innovations - governance - zuid-holland - afsluitdijk - lake ijssel - netherlands
    Vergroening van kustverdediging (VGK) is een nieuwe trend in waterveiligheidsbeleid. In plaats van harde constructies voor de bescherming tegen overstromingen, worden zachte en meer natuurvriendelijke oplossingen ontwikkeld om golven te dempen, erosie tegen te gaan en sedimentatie processen te ondersteunen. Toch is het realiseren van vergroening in nationale en internationale waterveiligheidsprojecten allesbehalve vanzelfsprekend. Kennis is een essentieel onderdeel van VGK besluitvorming, maar daar is tot nu toe weinig aandacht aan besteed. Het doel van deze studie is daarom zowel het vergroten van inzicht in kennis in VGK besluitvorming als het verbeteren van kennis om VGK in waterveiligheidsprojecten mogelijk te maken. Aan de hand van bestaande projecten is deze studie beschreven. Zijnde zandmotor, Afsluitdijk en Markermeerdijken.
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.