Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Records 1 - 11 / 11

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    • alert
      We will mail you new results for this query: q=Butot
    Check title to add to marked list
    Morphological and Molecular Characterization of Orchid Fruit Development
    Dirks-Mulder, Anita ; Ahmed, I. ; Broek, Mark uit het; Krol, Louie ; Menger, Nino ; Snier, Jasmijn ; Winzum, Anne van; Wolf, Anneke de; Wout, Martijn van 't; Zeegers, Jamie J. ; Butôt, R. ; Heijungs, Reinout ; Heuven, B.J. Van; Kruizinga, Jaco ; Langelaan, Rob ; Smets, E.F. ; Star, W. ; Bemer, M. ; Gravendeel, B. - \ 2019
    Frontiers in Plant Science 10 (2019). - ISSN 1664-462X - 18 p.
    Efficient seed dispersal in flowering plants is enabled by the development of fruits, which can be either dehiscent or indehiscent. Dehiscent fruits open at maturity to shatter the seeds, while indehiscent fruits do not open and the seeds are dispersed in various ways. The diversity in fruit morphology and seed shattering mechanisms is enormous within the flowering plants. How these different fruit types develop and which molecular networks are driving fruit diversification is still largely unknown, despite progress in eudicot model species. The orchid family, known for its astonishing floral diversity, displays a huge variation in fruit dehiscence types, which have been poorly investigated. We undertook a combined approach to understand fruit morphology and dehiscence in different orchid species to get more insight into the molecular network that underlies orchid fruit development. We describe fruit development in detail for the epiphytic orchid species Erycina pusilla and compare it to two terrestrial orchid species: Cynorkis fastigiata and Epipactis helleborine. Our anatomical analysis provides further evidence for the split carpel model, which explains the presence of three fertile and three sterile valves in most orchid species. Interesting differences were observed in the lignification patterns of the dehiscence zones. While C. fastigiata and E. helleborine develop a lignified layer at the valve boundaries, E. pusilla fruits did not lignify at these boundaries, but formed a cuticle-like layer instead. We characterized orthologs of fruit-associated MADS-domain transcription factors and of the Arabidopsis dehiscence-related genes INDEHISCENT (IND)/HECATE 3 (HEC3), REPLUMLESS (RPL) and SPATULA (SPT)/ALCATRAZ (ALC) in E. pusilla, and found that the key players of the eudicot fruit regulatory network appear well-conserved in monocots. Protein-protein interaction studies revealed that MADS-domain complexes comprised of FRUITFULL (FUL), SEPALLATA (SEP) and AGAMOUS (AG) /SHATTERPROOF (SHP) orthologs can also be formed in E. pusilla, and that the expression of HEC3, RPL, and SPT can be associated with dehiscence zone development similar to Arabidopsis. Our expression analysis also indicates differences, however, which may underlie fruit divergence.
    De ontwikkeling van een detectiemethode en een inoculatiemethode voor de veroorzaker van een freesiablasnecrose en de toepassingen ervan in de praktijk
    Verbeek, M. ; Lindner, J.L. ; Vlugt, R.A.A. van der; Meekes, E.T.M. ; Kerkvliet, J.J.P. ; Butôt, R. - \ 2006
    PRI Wageningen UR - 36
    snijbloemen - bloembollen - freesia - moleculaire detectie - plantenvirussen - gewasbescherming - ophiovirus - olpidium brassicae - zintuiglijke waarneming - cut flowers - ornamental bulbs - freesia - molecular detection - plant viruses - plant protection - ophiovirus - olpidium brassicae - organolepsis
    In dit project is een nieuwe immunologische detectietechniek voor het virus ontwikkeld. Tot op heden was slechts een visuele beoordeling van ziek materiaal mogelijk en konden latente infecties niet worden aangetoond. Er is samengewerkt met de afdeling virologie van Plant Research International, onderdeel van Wageningen UR. Dit project heeft duidelijkheid gebracht in het freesiabladnecrosecomplex. Hoewel de freesia-ophiovirus toets de symptomen van freesiabladnecrose niet geheel dekt, biedt de detectiemethode een handvat voor het aanpakken van problemen in de praktijk. Zelfs áls er nog een onbekend virus naast freesia ophiovirus een rol speelt in de symptoomontwikkeling van freesiabladnecrose, zal toetsing op freesia ophiovirus aangeven dat de partij recent of in het verleden geïnfecteerde is geweest met Olpidium brassicae, de overbrenger van freesia ophiovirus en een aantal andere virussen. Vanaf 1 januari 2007 is de toetsing op freesia-ophiovirus opgenomen in het Select Plant® freesiatoetsingsschema. Door de combinatie van visuele waarnemingen en toetsresultaten zal meer kennis en ervaring worden opgebouwd over de ontwikkeling van freesiabladnecrose
    Landslakken op de eilanden in de Grevelingen
    Butot, L.J.M. ; Slim, P.A. - \ 1981
    Correspondentieblad van de Nederlandse Malacologische Vereniging (1981)200. - ISSN 0923-5701 - p. 1149 - 1151.
    Vliegende landslakken : de eerste landslakken op een nieuw eiland
    Butot, L.J.M. - \ 1977
    Correspondentieblad van de Nederlandse Malacologische Vereniging (1977)177. - ISSN 0923-5701 - p. 678 - 685.
    Het Kaaskenswater en het natuurwetenschappelijk belang van typelocaliteiten
    Butot, L.J.M. - \ 1977
    Leersum : Rijksinstituut voor Natuurbeheer - 11
    gastropoda - laboratoriumdieren - laboratoriummethoden - nederland - naaktslakken - huisjesslakken - technieken - laboratory animals - laboratory methods - netherlands - slugs - snails - techniques
    Het Kaaskenswater is van grote wetenschappelijke betekenis daar het de typelocalitéit is van de slakkesoort Hydrobia stagnorum. Daar slechts weinigen bekend zijn met de betekenis die aan typelocaliteiten moet worden toegekend was het noodzakelijk daaraan in het rapport een vrij uitvoerige beschouwing te wijden. Tevens zijn de andere thans in Nederland bekende typelocaliteiten van slakkesoorten beschreven.
    De eerste landslakken op de Hompelvoet
    Butot, L.J.M. ; Slim, P.A. - \ 1977
    Natura 74 (1977)9. - ISSN 0028-0631 - p. 239 - 241.
    De wijngaardslak in Limburg
    Butot, L.J.M. - \ 1975
    Publicaties van het Natuurhistorisch Genootschap in Limburg 25 (1975)2-3. - ISSN 0374-955X - p. 5 - 23.
    De geschiedenis en de verspreiding van de wijngaardslak langs de duinzoom
    Butot, L.J.M. - \ 1972
    De Levende Natuur 75 (1972). - ISSN 0024-1520 - p. 29 - 40.
    De wijngaardslakken, Sorghvliet en Jacob Cats
    Butot, L.J.M. - \ 1970
    Correspondentieblad van de Nederlandse Malacologische Vereniging (1970)139. - ISSN 0923-5701 - p. 1567 - 1570.
    De geschiedenis en de verspreiding van de wijngaardslak in 's-Gravenhage
    Butot, L.J.M. - \ 1970
    De Levende Natuur 73 (1970). - ISSN 0024-1520 - p. 275 - 282.
    Malacologisch onderzoek op Goeree
    Butot, L.J.M. - \ 1961
    In: Jaarboek Wetenschappelijk Genootschap voor Goeree en Overflakkee Rivon (Jaarboek Wetenschappelijk Genootschap voor Goeree en Overflakkee ) - p. 142 - 171.
    Check title to add to marked list

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.