Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Records 1 - 20 / 134

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: q=Derkx
Check title to add to marked list
External scientific report: Data collection for the estimation of ecological data (specific focal species, time spent in treated areas collecting food, composition of diet), residue level and residue decline on food items to be used in the risk assessment for birds and mammals
Lahr, J. ; Kramer, Wolfgang ; Mazerolles, Vanessa ; Poulsen, Veronique ; Jölli, Daniela ; Müller, Marc ; McVey, Emily ; Wassenberg, J. ; Derkx, M.P.M. ; Brouwer, J.H.D. ; Deneer, J.W. ; Beltman, W.H.J. ; Lammertsma, D.R. ; Jansman, H.A.H. ; Buij, R. - \ 2018
EFSA (EFSA Supporting Publications 5)
The study described in this report was conducted with the aim of developing an unified database of ecological data and residue data to be used for the risk assessment of plant protection products for birds and mammals. The main sources of data were the information submitted in the context of approval of active substances and authorization of products and and additional information retrieved through a systematic literature review. The data were screened and organised in three Excel databases, one for birds, one for mammals and one for residue studies. The ecological information for birds and mammal risk assessment consisted of data that is used for the determination of focal species, estimation of the proportion of an animal's daily diet obtained in a treated habitat (PT) and assessment of the composition of the diet obtained from a treated area (PD). The information gathered on residues focussed on (initial) residue levels after treatment and on residue decline (the reported half‐life or DT50 and the DT90)
Data collection for the estimation of ecological data and residues on food items to be used in pesticide risk assessment for birds and mammals
Lahr, J. ; Kramer, Wolfgang ; Poulsen, Veronique ; McVey, Emily ; Brouwer, Ans ; Müller, M. ; Jölli, Daniela ; Mazerolles, Vanessa ; Derkx, M.P.M. ; Deneer, J.W. ; Lammertsma, D.R. ; Buij, R. ; Jansman, H.A.H. ; Arena, Maria ; Sharp, R. ; Auteri, Domenica - \ 2017
To enable consistent and harmonised implementation of the requirements of Regulation (EC) No. 1107/2009 and its related regulations concerning the placing of plant protection products (PPPs) on the market, Guidance Documents (GD) are developed by the EU Commission and the European Food Safety Authority (EFSA). The current EFSA Guidance Document (GD) for the risk assessment for birds and mammals (2009) follows a tiered approach. For the first tier assessment a range of scenarios have been developed. The scenarios are combinations of ecological characteristics of ‘generic focal species’ and other factors relevant to exposure, e.g. the type and structure of crop, and the type of formulation of the pesticide product (spray, granular, etc.). In addition, the GD provides a range of options for higher tier risk assessment, in cases where a low risk cannot be identified with the first tier risk assessment. The refinement steps may include: •the identification of specific focal species (FS, Figure 1 & Figure 2), •the use of measured residues and residue decline in FS food items, •field information on the composition of diet obtained from treated area (PD factor), and •field information on the proportion of an animal’s daily diet obtained in a real habitat treated with pesticide (PT factor).
Bibliometric Analysis at Wageningen University & Research – a comparison of 3 systems
Fest, P.M.J. ; Jetten, T.H. ; Derkx, M.P.M. ; Togt, P.L. van der; Post, Marijn ; Veller, M.G.P. van; Besemer, H.A. - \ 2017
Kennis- en innovatiesystemen in de Greenportregio’s: notitie monitor Kennis en Innovatie Impuls Greenport Regio Boskoop 2014
Dolmans, N.G.M. ; Derkx, M.P.M. ; Geerling-Eiff, F.A. - \ 2015
Wageningen : Wageningen UR - 12
boomkwekerijen - kennissystemen - kennisoverdracht - kennisvalorisatie - innovaties - samenwerking - levenslang leren - regionaal landbouwbeleid - ondernemerschap - monitoring - forest nurseries - knowledge systems - knowledge transfer - knowledge exploitation - innovations - cooperation - lifelong learning - regional agricultural policy - entrepreneurship
In de Greenport Regio Boskoop biedt het EFRO-project Kennis en Innovatie Impuls (KII) Greenport Regio Boskoop de basis voor de ontwikkeling van een kennis- en innovatiesystematiek tussen kennispartners (onderzoek, onderwijs en advies), boomkwekers en overheden. Het doel van het project was een extra impuls te geven aan het innovatieve vermogen van het Greenportcluster boomkwekerij, aan het delen en toepassen van (nieuwe) kennis, aan het ontwikkelen van duurzaam ondernemen en het zorgen voor voldoende en gekwalificeerd personeel voor de toekomst. Met het project werd beoogd een ‘lerend ondernemersnetwerk’ tot stand te brengen waarin alle relevante regiopartijen participeren. Het project richtte zich op het slim combineren van bestaande kennis- en ervaringsnetwerken van ondernemers, kennisinstellingen en dienstverleners, uitgaande van de specifieke behoeften van ondernemers in de Greenportregio. Door het project Kennis en Innovatie Impuls Greenport Regio Boskoop is de benodigde cofinanciering geboden aan het EFRO-project om deze brede regiodoelstelling te realiseren zodat (groepen) ondernemers op gedegen wijze gefaciliteerd worden bij innovaties en een leven lang leren (Stichting Greenport Regio Boskoop, 20091).
Extensive literature search for preparatory work to support pan European pest risk assessment: Trichilogaster acaciaelongifoliae RC/EFS/ALPHA/2014/07
Derkx, M.P.M. ; Brouwer, J.H.D. ; Breda, P.J.M. van; Helsen, H.H.M. ; Hoffman, M.H.A. ; Hop, M.E.C.M. - \ 2014
Parma, It. : EFSA (EFSA supporting publication 2015- EN-764) - 71
acacia - acacia longifolia - houtachtige planten als sierplanten - distributie - onkruiden - invasieve exoten - geïntroduceerde soorten - biologische bestrijding - organismen ingezet bij biologische bestrijding - hymenoptera - risicoschatting - europa - ornamental woody plants - distribution - weeds - invasive alien species - introduced species - biological control - biological control agents - risk assessment - europe
The European Commission is currently seeking advice from EFSA (Mandate M-2012-0272) to assess for Arabis mosaic virus, Raspberry ringspot virus, Strawberry latent ringspot virus, Tomato black ring virus, Strawberry mild yellow edge virus, Strawberry crinkle virus, Daktulosphaira vitifoliae, Eutetranychus orientalis, Parasaissetia nigra, Clavibacter michiganensis spp. michiganensis, Xanthomonas campestris pv. vesicatoria, Didymella ligulicola and Phytophthora fragariae the risk to plant health for the EU territory and to evaluate the effectiveness of risk reduction options in reducing the level of risk. In addition, the Panel is requested to provide an opinion on the effectiveness of the present EU requirements against these organisms laid down in Council Directive 2000/29/EC. As a consequence EFSA needs insight in the cropping practices of Citrus spp., Fragaria x ananassa, Ribes spp., Rubus spp., Vaccinium spp., Humulus lupulus, Vitis vinifera, Prunus armeniaca, P. avium, P. cerasus, P. domestica and P. persica, which are host plants for these pests. An extensive and systematic literature search was done in which scientific and grey/technical literature was retrieved from the 28 EU Member States, Iceland and Norway. All references were stored in EndNote libraries, separately for scientific literature and grey/technical literature. For each reference information is provided on the source/search strategy, the crop, the country, the topic (cropping practice, propagation, protection or irrigation (only for Citrus)) and protected cultivation vs. field production. Yields of references depended on the crop and on the country. Over 27,000 references were provided to EFSA. This allows EFSA to quickly find information on crop production, both indoors and outdoors, of all crops that were studied in this extensive literature search. The data can be used by EFSA for the present mandate, but are also an excellent basis for other current and future mandates.
Hoofdstuk 7. Biomassa
Derkx, M.P.M. ; Baltissen, A.H.M.C. - \ 2014
In: Module Biobased Economy - Toepassing van Biobased principes in de Tuinbouw- en Uitgangsmaterialensector Vlaardingen : CIV T&U (CIV T&U onderwijsmodules ) - p. 78 - 99.
Hoofdstuk 3. Reststromen
Derkx, M.P.M. ; Baltissen, A.H.M.C. - \ 2014
In: Module Biobased Economy - Toepassing van Biobased principes in de Tuinbouw- en Uitgangsmaterialensector Vlaardingen : CIV T&U (CIV T&U onderwijsmodules ) - p. 40 - 56.
Bouwstenen voor verduurzaming van het kennis- en innovatienetwerk in het Greenport Regio Boskoop
Derkx, M.P.M. ; Dijkshoorn, M.W.C. ; Dolmans, N.G.M. - \ 2014
Wageningen UR - 53
boomteelt - kennissystemen - innovaties - kennisoverdracht - ondernemerschap - samenwerking - regio's - agrarisch onderwijs - doelstellingen - arboriculture - knowledge systems - innovations - knowledge transfer - entrepreneurship - cooperation - regions - agricultural education - objectives
In de Greenportregio Boskoop staan kennisvalorisatie en innovatie volop in de belangstelling. Binnen het project Kennis & Innovatie Impuls wordt sinds 2010 nauw samengewerkt tussen partijen in de regio op het gebied van kennis, innovatie en onderwijs. In 2013 heeft in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken een impactmeting plaatsgevonden om de effecten van de diverse kennis- en innovatie-activiteiten in de regio in beeld te kunnen brengen. De impactmeting heeft laten zien dat de Greenportregio Boskoop nadrukkelijk op de kaart staat en dat kennis steeds beter beschikbaar komt en beter benut wordt. De regio kent een intensief netwerk en er wordt steeds meer samengewerkt. Dit begint ook zijn vruchten af te werpen. Ondernemers werken bijvoorbeeld meer samen en kunnen daardoor een bredere markt bewerken en bedienen. Samenwerking in de Greenportregio Boskoop blijkt echter nog veel naar binnen gericht te zijn. Er liggen kansen wanneer er verbindingen gelegd worden met andere regio’s, andere sectoren, andere greenports en internationaal. Het project Kennis & Innovatie Impuls is in de afrondende fase. De provincie Zuid Holland onderkent de noodzaak tot innovatie en het volledig benutten van kennis in haar provinciale Greenportbeleid en geeft daaraan prioriteit. De provincie wil dit bereiken via een netwerk van complementaire Greenport IDC’s, waarbinnen ondernemers in de tuinbouwsector innovatieve methoden, technieken en apparatuur kunnen uittesten en leren implementeren in hun bedrijfsvoering, waardoor kennis kan worden omgezet in nieuwe verdienmodellen op de markt. Daarom heeft de provincie een subsidie verleend voor een verkenning naar de wijze waarop een IDC voor de boom- en heesterteelt, - een IDC Bomen - het best kan worden opgezet: via aansluiting en onderbrengen van functies bij aanpalende IDC’s of via een apart op te zetten IDC Bomen. Parallel hieraan wordt in opdracht van het Ministerie van EZ, - voortbouwend op de impactmeting, - gewerkt aan het leveren van bouwstenen voor een verdienmodel om het opgebouwde kennis- en innovatienetwerk te verduurzamen. In dit onderzoek zijn er gesprekken gevoerd met belanghebbenden in de regio en heeft een aantal brainstormsessies plaatsgevonden. Daarnaast zijn er gesprekken gevoerd met vertegenwoordigers van andere IDC’s in de provincie Zuid Holland en met de Innovatie Motor Greenport Aalsmeer. Naar aanleiding van dit onderzoek kan geconcludeerd worden dat een IDC Bomen een goede formule is om aan vraagstukken op het gebied van kennis en innovatie te werken omdat in andere greenports ook via een dergelijke formule gewerkt wordt aan dergelijke vraagstukken. Dit geeft herkenbaarheid in aanpak en in financiering. Het verdient aanbeveling een apart IDC Bomen op te zetten en van daaruit samen te werken met andere IDC’s. Het alleen aansluiten en onderbrengen van functies bij aanpalende IDC’s brengt te weinig herkenbaarheid en te weinig focus op de boomkwekerijsector. De meeste IDC’s in Zuid Holland zijn immers volledig op de glastuinbouw- en thema gericht.
Innovatie- en Demonstratiecentrum Bomen in de Greenport Regio Boskoop : een verkenning naar de wijze van opzet en invulling
Derkx, M.P.M. - \ 2014
Wageningen : Wageningen UR - 51
boomkwekerijen - regio's - kennisoverdracht - ondernemerschap - duurzaamheid (sustainability) - agrarisch onderwijs - opleiding - participatie - instellingen - doelgroepen - organisaties - innovaties - forest nurseries - regions - knowledge transfer - entrepreneurship - sustainability - agricultural education - training - participation - institutions - target groups - organizations - innovations
Het doel van het project Kennis & Innovatie Impuls Greenportregio Boskoop is een extra impuls te geven aan het innovatieve vermogen van het greenportcluster boomkwekerij, aan het delen en toepassen van (nieuwe) kennis, aan duurzaam ondernemerschap en het zorgen voor voldoende en gekwalificeerd groen personeel voor de toekomst. Met het project wordt een ‘lerend ondernemersnetwerk’ tot stand gebracht waarin alle relevante regiopartijen participeren. Doelgroepen van het EFRO-project zijn ondernemers, kennisinstellingen (onderzoeks-, onderwijs- en adviespartijen) en overheden actief in de regio Boskoop. Een verkenning naar de wijze van opzet en invulling.
De innovatieve kracht van de Greenport Duin- en Bollenstreek : Achtergrondinformatie
Weijnen-Derkx, M.P.M. - \ 2014
Inventarisatie van reguliere teelthandelingen in de landbouw in Nederland, de invloed ervan op de bodem in verband met de consequenties voor de archeologische resten
Reuler, H. van; Vermeulen, G.D. ; Spruijt, J. ; Balen, D.J.M. van; Weijnen-Derkx, M.P.M. ; Heijerman-Peppelman, G. ; Baltissen, A.H.M.C. ; Haan, J.J. de - \ 2014
Randwijk : Praktijkonderzoek Plant en Omgeving, Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit - 94 p.
Meer saamhorigheid in regio Boskoop dankzij Kennis en Innovatie Impuls
Weijnen-Derkx, M.P.M. ; Jong, W. de - \ 2014
De Boomkwekerij 27 (2014)11. - ISSN 0923-2443 - p. 14 - 15.
boomkwekerijen - kennisoverdracht - samenwerking - agrarisch onderwijs - innovaties - ondernemerschap - overheid - bedrijfsmanagement - regionaal beleid - duurzaamheid (sustainability) - projecten - forest nurseries - knowledge transfer - cooperation - agricultural education - innovations - entrepreneurship - public authorities - business management - regional policy - sustainability - projects
De saamhorigheid onder ondernemers, kennisinstellingen, onderwijs en overheden in de regio Boskoop is gegroeid dankzij het project Kennis & Innovatie Impuls. In opdracht van het ministerie van Economische Zaken hebben PPO en LEI op een rij gezet wat er sinds de start van het project in 2009 is bereikt.
Extensive literature search on cropping practices of host plants of some harmful organisms listed in Annex II A II of Directive 2000/29/EC
Derkx, M.P.M. ; Brouwer, J.H.D. ; Breda, P.J.M. van; Heijerman-Peppelman, G. ; Heijne, B. ; Hop, M.E.C.M. ; Wubben, C.F.M. - \ 2014
Parma, It. : EFSA (EFSA supporting publication 2014:EN-600) - 118
fruitgewassen - vruchtbomen - hopbellen - teeltsystemen - teelt - gewasbescherming - plantenvermeerdering - landen van de europese unie - literatuuroverzichten - fruit crops - fruit trees - hops - cropping systems - cultivation - plant protection - propagation - european union countries - literature reviews
The European Commission is currently seeking advice from EFSA (Mandate M-2012-0272) to assess for Arabis mosaic virus, Raspberry ringspot virus, Strawberry latent ringspot virus, Tomato black ring virus, Strawberry mild yellow edge virus, Strawberry crinkle virus, Daktulosphaira vitifoliae, Eutetranychus orientalis, Parasaissetia nigra, Clavibacter michiganensis spp. michiganensis, Xanthomonas campestris pv. vesicatoria, Didymella ligulicola and Phytophthora fragariae the risk to plant health for the EU territory and to evaluate the effectiveness of risk reduction options in reducing the level of risk. In addition, the Panel is requested to provide an opinion on the effectiveness of the present EU requirements against these organisms laid down in Council Directive 2000/29/EC. As a consequence EFSA needs insight in the cropping practices of Citrus spp., Fragaria x ananassa, Ribes spp., Rubus spp., Vaccinium spp., Humulus lupulus, Vitis vinifera, Prunus armeniaca, P. avium, P. cerasus, P. domestica and P. persica, which are host plants for these pests. An extensive and systematic literature search was done in which scientific and grey/technical literature was retrieved from the 28 EU Member States, Iceland and Norway. All references were stored in EndNote libraries, separately for scientific literature and grey/technical literature. For each reference information is provided on the source/search strategy, the crop, the country, the topic (cropping practice, propagation, protection or irrigation (only for Citrus)) and protected cultivation vs. field production. Yields of references depended on the crop and on the country. Over 27,000 references were provided to EFSA. This allows EFSA to quickly find information on crop production, both indoors and outdoors, of all crops that were studied in this extensive literature search. The data can be used by EFSA for the present mandate, but are also an excellent basis for other current and future mandates.
Kennis- en innovatiesystemen in de Greenportregio’s: tweede tussenrapportage resultaten monitoringstudie
Geerling-Eiff, F.A. ; Dijkshoorn-Dekker, M.W.C. ; Potters, J.I. ; Derkx, M.P.M. - \ 2014
Den Haag : LEI Wageningen UR - 76
tuinbouw - bloembollen - boomkwekerijen - kennissystemen - innovaties - kennisoverdracht - agro-industriële ketens - ondernemerschap - samenwerking - monitoring - regio's - horticulture - ornamental bulbs - forest nurseries - knowledge systems - innovations - knowledge transfer - agro-industrial chains - entrepreneurship - cooperation - regions
In deze tweede tussenrapportage staan de tussentijdse resultaten beschreven van de monitoringstudie naar de totstandkoming van regionale kennis - en innovatiesysteem binnen de zeven Greenportregio’s Noord - Holland Noord, Betuwse Bloem, Westland - Oostland, Dui n - en Bollenstreek, Boskoop, Aalsmeer en Venlo. In de zeven bestudeerde Greenportregio’s wordt gewerkt aan het versterken van de concurrentiekracht van de tuinbouwsector, vanuit een regionale positie. Om concurrentie vanuit omringende landen tegen te gaan is het van belang de positie te kunnen handhaven en te versterken. Meer inzet van kennis, innovatie en ondernemerschap is hiervoor een vereiste. Dit kan door in te zetten op een aantal (baanbrekende) innovaties die aansluiten bij de huidige vraagstukken en die leiden tot nieuwe business. Elke Greenportregio heeft hierin zijn eigen speerpunten en aanpak. Versterking is mogelijk door bedrijven, kennisinstellingen en overheden in de regio te verbinden en samen te laten werken aan nieuwe business
Impactmeting : Greenportregio Boskoop als collectief agrarisch kennis- en innovatienetwerk
Derkx, M.P.M. ; Jong, L.W. de; Geerling-Eiff, F.A. - \ 2013
Lisse : PPO Sector BBF - 25
boomteelt - innovaties - kennis - kennisvalorisatie - tuinbouw - stimulatie - regio's - arboriculture - innovations - knowledge - knowledge exploitation - horticulture - stimulation - regions
In het EFRO-project (Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling) Kennis & Innovatie Impuls Greenportregio Boskoop wordt gewerkt aan het realiseren van een efficiënt, doeltreffend en samenhangend kennis- en innovatiesysteem voor het stimuleren van kennisverbreding en kennisverspreiding en voor het stimuleren van innovatie in de boomteeltsector. Het project draagt bij aan de versterking van de Greenportregio Boskoop als bloeiend centrum voor kennis en innovatie. De stichting Greenport Boskoop is penvoerder van het EFRO-project. Om de effecten van de diverse kennis- en innovatieactiviteiten in de regio in beeld te kunnen brengen is als cofinancierend onderdeel van het EFRO-project binnen het T&U-onderzoeksthema (tuinbouw en uitgangsmaterialen) Methodieken Kennisoverdracht een impactmeting uitgevoerd. Dit thema wordt in opdracht van de topsector T&U uitgevoerd. De impactmeting is gebaseerd op 11 tafelinterviews en 5 telefonische interviews met verschillende groepen belanghebbenden. De impactmeting heeft geresulteerd in een overzicht van bereikte resultaten, verbeterpunten en suggesties voor toekomstige projecten om verdere ontwikkeling te realiseren. Kennis & Innovatie Impuls is een opbrengst van de Greenport Boskoop en is een van de vele activiteiten binnen deze Greenport. Voor de geïnterviewden was het soms lastig om een onderscheid te maken tussen de impact van het project Kennis & Innovatie Impuls en de impact van de Greenport Boskoop in generieke zin. Anderzijds blijkt daaruit ook de interactie tussen beiden. De impactmeting heeft laten zien dat vrijwel alle doelen uit het EFRO-werkplan gerealiseerd zijn, met uitzondering van de doelstelling om een vergrote uitstroom van gekwalificeerde vakkrachten uit het regulier beroepsonderwijs te krijgen voor de boomkwekerij in de regio. Uit de interviews blijkt dat dit vooral te maken had met de economische crisis waardoor er sprake was van een overschot aan arbeidskrachten in plaats van het in 2009 voorziene tekort.
Details van virusoverdracht door bladluizen in lelie : een zoektocht naar optimale gewasbescherming met oog voor milieubelasting en kosten
Kock, M.J.D. de; Lemmers, M.E.C. ; Aanholt, J.T.M. van; Weijnen-Derkx, M.P.M. - \ 2013
Lisse : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit Bloembollen, Boomkwekerij & Fruit - 60
lelies - virusziekten - aphididae - gewasbescherming - overdracht - symptoomloos lelievirus - milieubeheersing - landbouwkundig onderzoek - effecten - geïntegreerde bestrijding - kostenbeheersing - lilies - viral diseases - plant protection - transfer - lily symptomless virus - environmental control - agricultural research - effects - integrated control - cost control
Het in dit rapport beschreven onderzoek richt zich op de optimalisatie van bescherming van lelie tegen de overdracht van Lelie mozaïekvirus (LMoV) en Symptoomloos lelievirus (LSV) door bladluizen. Het onderzoek is in de periode 2009-2012 uitgevoerd. Elk onderzoeksjaar had eigen specifieke vraagstellingen met de daarbij behorende proefopzet. In de eerste twee onderzoeksjaren is de bladluizenpopulatie wekelijks in detail via vangbakken en vangplaten bestudeerd. Gedurende het teeltseizoen zijn er in beide jaren 40-50 soorten bladluizen aangetroffen, waaronder ook veel bladluissoorten waarvan bekend is dat deze LMoV en/of LSV kunnen verspreiden. Qua populatiesamenstelling is er tussen de twee jaar vrij veel overlap, maar er zijn ook verschillen tussen de twee jaar zichtbaar. Zelfs wanneer er geen gewasbescherming werd uitgevoerd, werd vier jaar lang geen kolonisatie van bladluizen op de lelies waargenomen. Deze leliebollen waren ook niet behandeld met Admire. Blijkbaar is lelie geen geschikte waardplant voor bladluis of zijn er voldoende natuurlijke vijanden aanwezig. Verspreiding van LMoV en LSV vond gedurende het hele teeltseizoen van lelie plaats. Verspreiding van LMoV vond iets meer in de eerste helft van het seizoen plaats en werd in meerdere herhalingen van proefveldjes waargenomen. Daarentegen vond de verspreiding van LSV iets meer in de tweede helft plaats en was meer lokaal van aard in één of twee van de vier herhalingen. In periodes met ‘normale’ weersomstandigheden zonder extremen kan met een wekelijkse dosis minerale olie en pyrethroïden de virusverspreiding goed beheerst worden, ondanks dat er tijdelijk grotere aantallen bladluizen aanwezig zijn geweest. Het bleek dat in een relatief warme periode met hogere zonkracht/straling en in een periode met veel neerslag de toegepaste gewasbescherming minder effectief is geweest waardoor in deze periode extra virusverspreiding heeft kunnen plaatsvinden. De resultaten uit de eerste twee jaar van dit project (fase 1) hebben geleid tot een beter begrip voor het moment waarop virusverspreiding plaats kan vinden en op welke momenten gewasbescherming effectief moet zijn. Tevens heeft de monitoring van bladluizen meer inzicht gegeven in de bladluizen populatiedynamiek en de relatie met de virusverspreiding die tegelijkertijd kan optreden. In de tweede fase van dit onderzoeksproject is onderzocht wat het beste recept is voor optimale gewasbescherming tegen virusoverdracht door bladluizen waarbij tevens aandacht werd gegeven voor milieubelasting en de kosten van gewasbescherming. In twee opvolgende jaren is aangetoond dat wekelijkse toepassing van minerale olie een duidelijk positief effect had op de beheersing van virusoverdracht door bladluizen. Toevoeging van een pyrethroïde versterkte deze beheersing. De extra toevoeging van een insecticide resulteerde bij de lelies in de proefopzet niet in een extra reductie van virusoverdracht. Een insecticide heeft daarom op basis van deze resultaten geen toegevoegde waarde voor de beheersing van virusoverdracht door bladluizen. Negatieve effecten van een insecticide zijn ook niet waargenomen. Er wordt wel eens gesuggereerd dat toevoeging van een pyrethroïde of een insecticide het vluchtgedrag van bladluizen onrustiger zou maken wat een negatief effect zou hebben op virusverspreiding in een partij. Onderzoek heeft hiervoor geen aanwijzingen gevonden. Sinds enkele jaren is er een Luis/virus weerfax beschikbaar die op basis van weersverwachtingen advies geeft over het moment van gewasbescherming op de dag en de frequentie per week. Het tijdelijk verhogen van de frequentie van gewasbescherming in periodes met hogere temperaturen en veel zonkracht had geen effect op het viruspercentage. Grote meerwaarde van de Luis/virus weerfax zit hem in het inzicht in het optimale moment van gewasbescherming voor de eerstvolgende dagen. Met deze informatie kan een veel betere planning gemaakt worden. De frequentie van gewasbescherming tegen virusoverdracht door bladluizen kan vanaf half augustus gehalveerd worden tot 1x per twee weken. Onderzoek van twee opvolgende jaren toonde aan dat er bij dit recept niet extra virusinfectie optrad. Een belangrijk inzicht uit dit onderzoek is het feit dat gewasbescherming op de virusbron veel effectiever werkt dan gewasbescherming op de ontvangende plant. Van te voren was niet te verwachten dat de waargenomen verschillen zo groot zouden zijn. In de proefopzet moet hiermee dus rekening gehouden worden. In dit project is daarom in de loop van de tijd een steeds betere proefopzet ontwikkeld: - virusbron in de proefveldjes in netten geplant zodat deze bij het rooien apart te verwijderen zijn, - zones met bufferplanten die de proefveldjes met verschillende behandelingen voldoende van elkaar scheiden zodat naast elkaar gelegen behandelingen elkaar niet beïnvloeden. Er wordt geadviseerd deze indeling van een proefveld algemeen toe te gaan passen bij onderzoek naar effectiviteit van middelen. In het laatste deel van dit rapport wordt de achtergrond van functionele agrobiodiversiteit (FAB) beschreven en is er een analyse gemaakt in hoeverre de inzet van barrière planten een bijdrage kan leveren aan een verdere beheersing van virusoverdracht door bladluizen bij lelie. In de wetenschappelijke literatuur zijn diverse voorbeelden beschreven van een bijdrage van FAB bij de beheersing van virusverspreiding door bladluizen. Dit onderzoek is echter niet uitgevoerd onder teeltomstandigheden die in Nederland van toepassing zijn. Onderzoek naar FAB voor de beheersing van virusoverdracht onder Nederlandse teeltomstandigheden is zeker van belang vanwege de lokale populaties bladluizen en natuurlijke vijanden. Dit rapport somt een aantal aanbevelingen op die relevant zijn om te betrekken bij onderzoek naar functionele agrobiodiversiteit tegen virusoverdracht door bladluizen. Op basis van dit onderzoek zijn er diverse conclusies en aanbevelingen geformuleerd: o Voor een duurzame teelt van lelies wordt allereerst geadviseerd om zoveel als mogelijk met virusvrije of virusarme partijen lelie te werken. o Houd bij het maken van het teeltplan vooral ook rekening met de virusstatus van partijen en probeer virusvrije partijen apart te telen van partijen die besmet zijn met LMoV en/of LSV. o Een wekelijkse gewasbescherming met minerale olie en pyrethroïde is van groot belang wanneer men de lelies wil beschermen tegen virusinfecties door bladluizen. o Houdt bij het moment van gewasbescherming dan vooral ook rekening met het optimale moment van gewasbescherming. De Luis/virus weerfax is hierbij een zeer functionele hulpmiddel. o Dit onderzoek heeft geen additionele effecten van een insecticide aangetoond. o Daarentegen zijn er ook geen aanwijzingen gevonden dat pyrethroïden en insecticiden lokale virusverspreiding juist zouden stimuleren vanwege het onrustiger gedrag van bladluizen die worden blootgesteld aan pyrethroïden en insecticiden. o Het halveren van de frequentie van gewasbescherming vanaf half augustus levert geen extra risico op maar resulteert wel in een lagere milieubelasting en reductie in kosten voor gewasbescherming. Aanpassing van de frequentie vanaf half augustus is daarom zeker het overwegen waard wanneer de virusdruk in een partij/perceel laag is.
Morality and Genomics: which comes first? Towards Cooperative Inquiry
Weele, C. van der - \ 2013
In: Genomics and Democracy / Derkx, P., Kunneman, H., Amsterdam/New York : Rodopi (Life Sciences, Ethics and Democracy 1) - ISBN 9789042037199 - p. 179 - 182.
Vertaling resultaten gebruikswaarde-onderzoek laanbomen naar onderwijsmodule t.b.v. groene onderwijs
Derkx, M.P.M. - \ 2013
Lisse : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving BBF - 20
agrarisch onderwijs - straatbomen - boomteelt - rassen (planten) - boomverzorging - gebruikswaarde - onderwijsmaterialen - kennisoverdracht - agricultural education - street trees - arboriculture - varieties - tree care - use value - resource materials - knowledge transfer
De Nederlandse boomkwekerijsector biedt een breed sortiment aan laanbomen. Ook komen er steeds nieuwe soorten en cultivars bij. Elke soort en cultivar heeft zijn eigen gebruikswaarde en stelt eigen eisen aan zijn standplaats. Om de eindgebruiker, vaak een gemeente, te helpen met het kiezen van passende bomen, is ruim 15 jaar geleden gestart met het gebruikswaardeonderzoek laanbomen. In dit onderzoek zijn in 17 gemeenten en 3 proeftuinen testbeplantingen aangelegd met 75 - vooral nieuwe - soorten en cultivars. De ontwikkeling van de bomen is gedurende 7-10 jaar gedetailleerd gevolgd en ervaringen met onderhoud en beheer zijn in beeld gebracht. Daarnaast is gewerkt aan een aantal algemene thema’s, zoals snoei, wortelopdruk, substraat en groeiplaats. Het project heeft geresulteerd in tal van artikelen, een website en enkele brochures, zoals de brochure ‘De juiste boom op de juiste plaats’. In 2011 werd geconstateerd dat afnemers de onderzoeksgegevens maar weinig raadplegen en werd ervoor gepleit de resultaten van het gebruikswaardeonderzoek laanbomen als lesstof op scholen te gaan gebruiken om de bomen/sortimentskennis van afgestudeerde studenten van groene MBO en HBO opleidingen te verbeteren en om kennis van het gebruikswaardeonderzoek laanbomen beter te laten doorstromen naar de praktijk
Fundamental Uncertainty as an Issue for Deliberative Democracy
Korthals, M. - \ 2013
In: Genomics and Democracy : Towards a "Lingua Democratica" for the Public Debate on Genomics / Derkx, P., Kunneman, H., Amsterdam/New York : Rodopi - ISBN 9789042037199 - p. 275 - 296.
From precription to reconstruction: opportunities for subpolitical choices in biotechnological and genomics research
Ruivenkamp, G.T.P. ; Jongerden, J.P. - \ 2013
In: Genomics and Democracy: Towards a 'lingua democratica' for the public debate on genomics / Derkx, P., Kunneman, H., Amsterdam : Rodopi - ISBN 9789042037199 - p. 297 - 324.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.