Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Records 1 - 20 / 90

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Forensische toepassing van een draagbare NIR-spectrometer
    Weesepoel, Y.J.A. ; Venderink, Tjerk ; Keizers, Peter ; Bakker, Frank ; Boshuis, Margot ; Heerschop, Marcel ; Esch, Annette van; Wallace, Fionn ; Hulsbergen-van den Berg, Annemieke ; Asten, Arian C. van - \ 2020
    De ontwikkeling van kleine IoT-achtige optische sensoren voor forensische toepassing gaan snel de laatste jaren. In dit onderzoek kijken we naar het potentieel van de meest gebruikte nabij-infrarood scanner, welke ook het beste afgestemd is voor inspecteurs en ontwikkelaars en voor de laagste aanschafkosten. In een samenwerking met de Nederlandse Rijkslaboratoria, is er gekeken naar de forensische toepassing van deze scanner op een breed scala aan praktijkmonsters beschikbaar, variërend van harddrugs tot namaakgeneesmiddelen tot vervalste voedingsmiddelen.
    Vooruitziend gemeentelijk waterbeheer : Verklaringen voor de mate van toekomstgerichtheid van gemeentelijke rioleringsplannen
    Pot, W.D. - \ 2019
    Water Governance (2019)3. - ISSN 2211-0224 - p. 39 - 47.
    Klimaatverandering, demografische en economische ontwikkelingen, digitalisering: Gemeenten zien zich in toenemende mate geconfronteerd met een scala aan toekomstige ontwikkelingen waarvan per definitief het verloop zeer onzeker is. Toekomstige ontwikkelingen spelen een grote rol wanneer gemeenten, en overheden in algemene zin, moeten investeren in hun waterinfrastructuur, zoals riolering en bovengrondse waterberging. Vooral riolering kent per slot van rekening een lange levensduur, van 30 tot mogelijk 60 jaar afhankelijk van de ondergrond. Bovendien is de Nederlandse waterinfrastructuur op veel plekken aan vernieuwing toe (Hijdra et al., 2014).
    Studieochtend mosselkwekers: WMR Regiocentrum Yerseke
    Steins, N.A. - \ 2018
    Visserijnieuws 38 (2018)8. - ISSN 1380-5061 - p. 10 - 10.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer de studieochtend voor mosselkwekers rond het project KOMPRO.
    Staand want monitoring IJsselmeer en Markermeer survey- en datarapportage 2017
    Sluis, M.T. van der; Hoppe, M. van - \ 2018
    IJmuiden : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C025/18) - 17
    In oktober 2017 heeft een monitoring met staand want netten plaatsgevonden op het IJsselmeer en Markermeer. De doelstelling van deze monitoring is een beter beeld te krijgen van de populatie-opbouw van de visbestanden. De reguliere monitoring van vis in het open water (met de actieve vistuigen
    verhoogde boomkor en electrokor) lijkt met name selectief voor kleine vissen te zijn. Grotere vissen lijken in deze reguliere monitoring niet goed gevangen te worden. In het staand want monitoringsproject is bemonsterd met staand want netten met een breed scala aan maaswijdtes. Zodoende kan een breed
    scala aan vislengtes bemonsterd worden.
    De opzet van de monitoring was vergelijkbaar met de opzet van de uitvoering van de monitoring in 2016. Wat wel afweek ten opzichte van voorgaande jaren is de monitoringsperiode. Door problemen met de vergunningverlening in het kader van de Wet Natuurbescherming kon de monitoring dit jaar pas op
    10 oktober starten. Om tijd in te halen zijn er meer netten per dag gezet, maximaal vijf. De monitoringsperiode kon daardoor tot 3 weken beperkt blijven. Er is op 42 locaties gevist, met een gemiddelde sta-duur van de netten van 17 uur en 13 minuten. Ieder staand want net bestaat uit 17 panelen met maaswijdtes tussen 10-190 mm hele maas.
    In totaal zijn 7.623 vissen verdeeld over 12 soorten gevangen, verspreidt over het IJssel en Markermeer. De meest voorkomende soorten in de vangsten waren pos (Gymnocephalus cernuus, vangstaandeel in aantal 27%, lengterange 5-19 cm), baars (Perca fluviatilis, 26%, 5-44 cm), snoekbaars (Stizostedion
    lucioperca, 20%, 8-70 cm) en (spiering (Osmerus eperlanus, 15%, 5-21 cm).
    Elk paneel van het staand want net heeft een eigen selectiviteitscurve, ofwel maar een beperkt deel van de vislengtes van een soort kan gevangen worden. De curves van de verschillende panelen overlappen, waardoor bepaalde lengtes meer kans hebben gevangen te worden dan andere lengtes. Hiervoor moet in
    verdere analyses gecorrigeerd worden. De analyse voor deze overlap in selectiecurves, met een correctiefactor als resultaat, worden gepresenteerd voor de vier commerciële soorten baars, snoekbaars, blankvoorn (Rutilus rutilus) en brasem (Abramis brama). De correctiefactor is vervolgens gebruikt om de
    gegevens om te zetten naar lengte-frequenties. Op basis van de resultaten van de eerste 4 monitoringsjaren is de toegepaste analysemethodiek
    geëvalueerd. In voorgaande jaren is voor het berekenen van de correctiefactor en bij berekening van de vangstinspanning per maaswijdte altijd gecorrigeerd voor de netlengte. Alhoewel de eerder toegepaste correctie voor netlengte in principe juist is, lijkt het bij nader inzien beter om voor netoppervlakte te corrigeren. Daarnaast was bij het schatten van de lengte frequentie (LF) verdeling ten onrechte alleen rekening gehouden met de vangstselectiviteit en niet met het netoppervlak van de verschillende netten. Vooral deze tweede wijziging in de analysemethodiek heeft veel effect op LF-verdelingen met een substantieel aandeel grote vis. Aangezien bovenstaande wijzigingen een realistischer beeld van de werkelijke LF-verdeling lijken te geven is bij dit rapport overgestapt op deze aangepaste analysemethodiek. In 2018 zal ook de surveymethodiek worden geëvalueerd. De LF schattingen voor de vier commerciële soorten, op basis van deze aangepaste analysemethodiek, worden in dit rapport getoond. De LF schattingen voor de voorgaande jaren (2014-2016) zijn ook met de aangepaste methodiek opnieuw berekend. Tussen de verschillende jaren zijn er enige jaar-op-jaar variaties in de LF verdelingen te zien.
    Voor brasem en blankvoorn bestaat onzekerheid over de representativiteit van de monitoringsresultaten voor wat betreft de populatie-opbouw van het brasembestand. Vanuit de gecorrigeerde lengte-frequentieverdeling is het percentage snoekbaarsbiomassa groter dan 40 cm (KRW-maatlat) in IJsselmeer en Markermeer geschat op 3.6 % van de totale biomassa aan snoekbaars in beide meren. Dit is substantieel lager dan de berekening op basis van de LF schatting met de oude methodiek.
    Effect klimaatverandering op visserij en aquacultuur: WMR Regiocentrum Yerseke
    Kamermans, P. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserij-sector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet periodiek een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer het project CERES.
    Mosselbanken vanuit de lucht: onderzoek met drones: WMR Regiocentrum Yerseke
    Troost, K. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061 - p. 4 - 4.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet iedere maand een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer onderzoek met drones en satellietbeelden om schelpdierbanken in kaart te brengen.
    Klantendag: Vragen rond draagkracht Oosterschelde: WMR Regiocentrum Yerseke
    Steins, N.A. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingson-derzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet iedere maand een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer de klantendag.
    Off-bottom kweek als middel tegen oesterboorders: WMR Regiocentrum Yerseke
    Kamermans, P. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061 - p. 10 - 10.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdierenvisserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee:kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet iedere maand een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer het project BOKX.
    Driejarig onderzoek Ralstonia gestart
    Bonants, P.J.M. - \ 2017

    Onlangs is het startsein gegeven voor een driejarig onderzoek gericht op Ralstonia solanacearum (Rsol). Rsol is een quarantaine bacterie die verwelkingsziekte kan veroorzaken in een breed scala aan economisch belangrijke gewassen, waaronder aardappel, tomaat en anthurium.

    Slibdynamiek in relatie tot mosselkweek: WMR Regiocentrum Yerseke
    Jansen, H.M. - \ 2017
    Visserijnieuws 37 (2017)43. - ISSN 1380-5061 - p. 6 - 6.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet periodiek een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer onderzoek naar slibdynamiek tijdens de mosselzaadvisserij en de oogst van de percelen.
    Conflicts, security and marginalisation: Institutional change of the pastoral commons in a 'glocal' world
    Haller, T. ; Dijk, H. Van; Bollig, M. ; Greiner, C. ; Schareika, N. ; Gabbert, C. - \ 2016
    Revue scientifique et technique / Office International des Epizooties 35 (2016)2. - ISSN 0253-1933 - p. 405 - 416.
    Contraband - Harmful policy - Land grabbing - Land reform - Myth - Pastoralism

    This paper argues that pastoral commons are under increasing pressure not just from overuse by pastoralists themselves, but from land management policies. Since colonial times, these have been based on a persistent misconception of the nature of pastoral economies and combined with increasing land alienation and fragmentation through government policies and covert privatisation of pastures. The paper focuses especially on pastoral populations in African drylands and is based on long-term research by independent researchers summarising some of their experiences in western, eastern and southern Africa. Most of them are organised in the African Drylands Dialogue, trying to shed some light on the developments in these areas. Before discussing the actual situation of African pastoralists, the authors focus on basic institutional features of the political and economic management of common grazing lands. This is followed by an overview of land alienation processes in colonial times, which serves as a basis for understanding the current land alienation constellations. The paper then moves on to explain how and why pastoralists are framed by the national discourses as the 'other' and the 'troublemaker', even being labelled as terrorists in nation state contexts. This goes hand in hand with a new wave of land alienation in the form of large-scala land acquisitions or 'land grabbing' (including water grabbing and 'green grabbing' processes). The paper then outlines different coping and adaptation strategies adopted by pastoral groups in a context in which a range of different global and local political, economic and ecological situations interrelate ('glocar). Finally, the paper discusses the way in which pastoralism could be refra med in a participatory way in the future.

    De argusvlinder: hoe keren we de afname van een 'gewone vlindersoort'?
    Stip, A. ; Wallis de Vries, M.F. - \ 2016
    De Levende Natuur 117 (2016)2. - ISSN 0024-1520 - p. 46 - 51.
    016-3723 - 016-3923
    Er zijn momenteel in Nederland maar weinig vlindersoorten die zo hard
    achteruitgaan als de Argusvlinder (Lasiommata megera). In goed twintig
    jaar tijd verdween maar liefst 98% van de populatie in ons land. En dat terwijl
    het tot voor kort een heel ‘gewone’ vlindersoort was in een breed scala aan
    biotopen. Om het tij te keren heeft De Vlinderstichting recent een beschermingsplan voor de Argusvlinder opgesteld. Met de daaruit voortkomende
    maatregelen en onderzoek is nieuwe kennis opgedaan over de ecologie van de Argusvlinder en de problemen waar de soort mee kampt. In dit artikel presenteren we deze kennis. Op basis daarvan geven we richtlijnen voor het beheer van het habitat van de Argusvlinder.
    Staand want monitoring IJsselmeer en Markermeer survey- en datarapportage 2016
    Hal, R. van; Sluis, M.T. van der - \ 2016
    IJmuiden : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C131/16) - 36
    vismethoden - vistuig - netten - visbestand - monitoring - nederland - fishing methods - fishing gear - nets - fishery resources - monitoring - netherlands
    In september 2016 heeft een monitoring met staandwantnetten plaatsgevonden op het IJsselmeer en Markermeer. De doelstelling van deze monitoring is een beter beeld te krijgen van de populatie-opbouw van de visbestanden. De reguliere monitoring van vis in het open water (met de actieve vistuigen verhoogde boomkor en electrokor) is met name selectief voor kleine vissen. Grotere vissen worden in deze reguliere monitoring niet goed gevangen. In het staandwantmonitoringsproject is bemonsterd met staandwantnetten met een breed scala aan maaswijdtes. Zodoende kan een breed scala aan vislengtes bemonsterd worden.
    Omgaan met risico’s op het melkveebedrijf
    Haan, M.H.A. de - \ 2016
    Koeien & Kansen
    Melkveehouders krijgen vaker te maken met fluctuaties van prijzen. Dit heeft een behoorlijke impact op het inkomen. De sterk wisselende melkprijzen van de afgelopen jaren hebben tot hoge, maar ook zorgwekkend lage inkomens geleid. Reden te meer voor de Koeien & Kansen veehouders om dieper na te denken over deze risico’s, maar ook over een scala aan andere risico’s. Rick Hoksbergen, relatiemanager van Alfa Accountants, hielp hierbij.
    Dalende bodems, stijgende kosten : mogelijke maatregelen tegen veenbodemdaling in het landelijk en stedelijk gebied: beleidsstudie
    Born, G.J. van den; Kragt, F. ; Henkens, D. ; Rijken, B. ; Bemmel, B. van; Sluis, S. van der; Polman, N. ; Bos, Ernst Jenno ; Kuhlman, Tom ; Kwakernaak, C. ; Akker, J. van den; Diogo, V. ; Koomen, E. ; Lange, G. de; Bakel, J. van; Brinke, W.B.M. ten - \ 2016
    Den Haag : Planbureau voor de Leefomgeving (PBL-publicatie 1064) - 92
    Het doel van deze studie is om bodemdaling, de gevolgen van bodemdaling en het effect van mogelijke maatregelen in de Nederlandse laagveengebieden op een transparante manier in beeld te brengen. Dat doen we voor zowel het landelijk als stedelijk gebied. Deze studie laat de handelingsopties voor bestuurders zien voor afgewogen keuzes in het landelijk en stedelijk gebied ten aanzien van dilemma’s in de laagveengebieden die nu al op hun bord liggen of mogelijk in de toekomst zullen gaan spelen. Daarvoor kijken we naar een breed scala van effecten van bodemdaling, zoals de effecten op de landbouw en voedselproductie, het waterbeheer, het klimaat (CO2-emissie), natuur en landschap, en de bebouwde omgeving inclusief de infrastructuur. We geven een beeld van de orde van grootte van de problemen die door bodemdaling worden veroorzaakt en geven inzicht in de kosten en baten van bodemdaling. We kijken daarbij naar de gevolgen voor natuur, klimaat, landbouw, (water)beheer, wonen en infrastructuur.
    Leve(n) de bodem! : de basis onder ons bestaan
    Brussaard, L. ; Govers, F.P.M. ; Buiter, R.M. - \ 2016
    Den Haag : Stichting Bio-Wetenschappen en Maatschappij (Cahier / Biowetenschappen en Maatschappij 35e jaargang (2016) kwartaal 3) - ISBN 9789073196834 - 88
    bodemkunde - bodembiologie - bodemkwaliteit - landbouwgronden - bodemvruchtbaarheid - bodembeheer - bodemweerbaarheid - bodemmicrobiologie - duurzaam bodemgebruik - lesmaterialen - soil science - soil biology - soil quality - agricultural soils - soil fertility - soil management - soil suppressiveness - soil microbiology - sustainable land use - teaching materials
    De bodem is niet alleen letterlijk de grond onder ons bestaan, ze is dat ook figuurlijk. Vruchtbare bodems leveren ons bijvoorbeeld voedsel, water en grondstoffen, maar ook een heel scala aan andere ecosysteemdiensten. In één theelepel zwarte grond leven meer organismen dan er mensen zijn op de hele aarde. Ze zorgen ervoor dat planten gebruik kunnen maken van de voedingsstoffen in de bodem en in een gezonde bodem krijgen ziekteverwekkers ook minder kans. Nu we steeds beter begrijpen hóe ze dat doen, kunnen wij zelfs nieuwe antibiotica vinden in de bodem! In dit cahier laten wetenschappers van naam op het gebied van het bodemonderzoek niet alleen zien welke diensten een gezonde bodem al vele eeuwen levert. Ze vertellen ook hoe de figuurlijke bodem onder ons bestaan tegelijk grond voor inspiratie is voor voedsel en technologie voor de toekomst.
    Anaerobe Grondontsmetting (AGO) voor open teelten
    Os, G.J. van; Lamers, J.G. - \ 2016
    Wageningen UR - 8
    biologische grondontsmetting - biologische bestrijding - nematoda - bestrijdingsmethoden - bodemschimmels - fusarium - verticillium - biological soil sterilization - biological control - nematoda - control methods - soil fungi - fusarium - verticillium
    Anaerobe grondontsmetting is een biologische manier van grond ontsmetten. Hiermee wordt een breed scala aan schadelijke ziekten en plagen in de bodem beheersbaar. Het is een goed alternatief voor de chemische grondontsmetting (metamnatrium) ter bestrijding van aaltjes en veelal de enige bestrijdingsmaatregel tegen een aantal ziekteverwekkende bodemschimmels, zoals Fusarium en Verticillium.
    Staand want monitoring IJsselmeer en Markermeer : Survey- en datarapportage 2015
    Hal, R. van; Sluis, M.T. van der - \ 2015
    IJmuiden : IMARES (Rapport / IMARES C191/15) - 28
    vismethoden - vistuig - monitoring - netten - ijsselmeer - nederland - fishing methods - fishing gear - monitoring - nets - lake ijssel - netherlands
    In september en begin oktober 2015 heeft een monitoring met staand want netten plaatsgevonden op het IJsselmeer en Markermeer. De doelstelling van deze monitoring was om een beter beeld te krijgen van de populatie-opbouw van de visbestanden. De reguliere monitoring van vis in het open water (met de actieve tuigen verhoogde boomkor en electrokor) is met name selectief voor kleine vissen en grotere vissen worden in deze reguliere survey niet goed gevangen. In het staand want monitoringsproject is bemonsterd met staand want netten met een breed scala aan maaswijdtes. Zodoende kan een breed scala aan vislengtes bemonsterd worden.
    De rol van de ‘gentry’ in de economische ontwikkeling van Gelderland in de negentiende eeuw
    Cruijningen, P.J. van - \ 2015
    Bijdragen en mededelingen : Historisch jaarboek voor Gelderland 105 (2015). - ISSN 0923-2834 - p. 167 - 178.
    In december 2014 is deel 105 van Bijdragen en Mededelingen ‘Gelre’ verschenen, een goed gevuld jaarboek, met bijdragen die bijna alle tijdvakken van de Gelderse geschiedenis bestrijken – van prehistorie tot twintigste eeuw. Om met de voorbije eeuw te beginnen: de tentoonstelling ‘Mijlpaal 1950’, gehouden in het Arnhemse Sonsbeekpark, was bedoeld als een icoon van de wederopbouw van naoorlogs Nederland, maar liep uit op een geweldige flop. In een originele bijdrage wordt dit drama in vele bedrijven uit de doeken gedaan, waarbij (het gebrek aan) samenwerking tussen bemoeizuchtige Haagse ambtenaren en goedbedoelende Arnhemse bestuurders centraal staat. Andere bestuurlijke perikelen, maar dan uit een verder verleden, krijgen de aandacht in een analyse van de turbulente wordingsjaren van de Gelderse Provinciale Staten tijdens de Nederlandse Opstand aan het eind van de zestiende eeuw. Dit was niet alleen een tijd van politieke beroering, maar ook op religieus gebied moesten er keuzes worden gemaakt: katholiek of protestant? De geschiedenis van de vestiging van de gereformeerde kerk in het Kwartier van Zutphen laat zien hoe complex dit proces kon zijn, terwijl de geschiedenis van de katholieke Walraven van Stepraedt het geheel een persoonlijk gezicht geeft. Niet minder complex blijkt de schuldenproblematiek waarin hertog Arnold zich ruim een eeuw eerder bevond. Uitgebreid bronnenonderzoek leidde hier tot interessante bevindingen. De economische geschiedenis komt ook aan de orde in een opstel over de rol die de Gelderse landadel speelde in de ontwikkeling van land- en bosbouw in de negentiende eeuw. Voorts staat ‘Gelderse identiteit’ volop in de aandacht, onder meer in een bijdrage over het Gelderland-beeld in de negentiende-eeuwse literatuur. Zoals gebruikelijk biedt Bijdragen en Mededelingen ook een rondgang langs recent verschenen publicaties, die in verschillende boekbesprekingen aan een kritische blik worden onderworpen. Tot slot ontmoeten we een oude bekende: de Archeologische Kroniek, waarin Gelderse gemeente- en regioarcheologen verslag doen van hun bevindingen, is na bijna twintig jaar afwezigheid nieuw leven ingeblazen. Met een scala aan prachtige illustraties maakt zij een flitsende comeback. Kortom, het jaar 2014 leverde weer een ongemeen rijke oogst aan publicaties op het terrein van de Gelderse geschiedenis.
    Smaakpanel test ook gevoelswaarde bloemen en planten : liefdesverdrietboeket trekt Wageningse studenten
    Arkesteijn, M. ; Verkerke, W. - \ 2015
    Onder Glas 12 (2015)9. - p. 29 - 29.
    tuinbouw - snijbloemen - glastuinbouw - consumentenpanels - smaakpanels - ornamentele waarde - veredelingsprogramma's - potplanten - tomaten - horticulture - cut flowers - greenhouse horticulture - consumer panels - taste panels - ornamental value - breeding programmes - pot plants - tomatoes
    Wie beoordeelt beter wat mensen mooi of lekker vinden: specialisten of een panel van ‘gewone’ mensen, die de producten moeten kopen? In 25 jaar groeide een onderzoekspanel dat bijdroeg aan de verbetering van de smaak van tomaten uit tot het Bleiswijkse smaakpanel van Wageningen UR. Een dienstverlenend panel van zo’n 300 mensen, die inzetbaar zijn voor een scala aan smaaktesten. Kan dat smaakpanel ook worden ingezet voor de beoordeling van bloemen en planten?
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.