Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Records 1 - 50 / 95

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Nieuwe inzichten in de ziekteverwekkers van bacterievlekken
    Taparia, T. ; Krijger, M.C. ; Hendriks, M.J.A. ; Hendrix, E.A.H.J. ; Wolf, J.M. van der - \ 2020
    Paddestoelen (2020). - p. 18 - 21.
    'Weerstand van de dekaarde tegen bacterievlekkenziekte' is een project bij Wageningen University & Research (WUR), dat wordt uitgevoerd in samenwerking met verschillende leden van de Nederlandse toeleveringsketen voor champignons. Over een periode van vier jaar heeft dit project een breed scala aan vragen over bacterievlekken bij champignons beantwoord. Zo is kennis verzameld over de identificattie van de veroorzakers, detectie van de ziekteverwekkers, infectiedynamiek, bron van introductie, het effect van verschillende soorten dekaarde en de weerstand van dekaarde tegen bacterievlekken. In deze bijdrage vatten we de belangrijkste bevindingen van het project samen.
    Innovatie en rendementsverbetering mosselproductie afgerond
    Capelle, J. - \ 2020
    Visserijnieuws (2020). - ISSN 1380-5061 - p. 5 - 5.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdierenvisserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. Hierover is een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven, en publieke organisaties. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet regelmatig een activiteit in de schijnwerpers. Deze keer het onderzoek naar kweekrendement van mosselen.
    Hoe rijk is de Waddenzee?
    Koning, Susan de - \ 2020
    Visserijnieuws (2020). - ISSN 1380-5061Wageningen Marine Research - p. 6 - 6.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdieren visserijsector actief samen aan kennis en innovatiesvoor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. Hierover is een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale publieke organisaties. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, off-bottomkweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet regelmatig een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer is dat het onderzoek naar hoe verschillende partijen naar de Waddenzee kijken.
    Forensische toepassing van een draagbare NIR-spectrometer
    Weesepoel, Y.J.A. ; Venderink, Tjerk ; Keizers, Peter ; Bakker, Frank ; Boshuis, Margot ; Heerschop, Marcel ; Esch, Annette van; Wallace, Fionn ; Hulsbergen-van den Berg, Annemieke ; Asten, Arian C. van - \ 2020
    De ontwikkeling van kleine IoT-achtige optische sensoren voor forensische toepassing gaan snel de laatste jaren. In dit onderzoek kijken we naar het potentieel van de meest gebruikte nabij-infrarood scanner, welke ook het beste afgestemd is voor inspecteurs en ontwikkelaars en voor de laagste aanschafkosten. In een samenwerking met de Nederlandse Rijkslaboratoria, is er gekeken naar de forensische toepassing van deze scanner op een breed scala aan praktijkmonsters beschikbaar, variërend van harddrugs tot namaakgeneesmiddelen tot vervalste voedingsmiddelen.
    Draagkracht voor schelpdieren : Klantendag bij Wageningen Marine Research Regiocentrum Yerseke
    Steins, N.A. - \ 2019
    Visserijnieuws 39 (2019)44. - ISSN 1380-5061 - p. 6 - 6.
    - In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken on-derzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. Hierover is een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven, regionale publieke organisaties. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, off-bottomkweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op na-tuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet regelmatig een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer is dat de klantendag.
    Vooruitziend gemeentelijk waterbeheer : Verklaringen voor de mate van toekomstgerichtheid van gemeentelijke rioleringsplannen
    Pot, W.D. - \ 2019
    Water Governance (2019)3. - ISSN 2211-0224 - p. 39 - 47.
    Klimaatverandering, demografische en economische ontwikkelingen, digitalisering: Gemeenten zien zich in toenemende mate geconfronteerd met een scala aan toekomstige ontwikkelingen waarvan per definitief het verloop zeer onzeker is. Toekomstige ontwikkelingen spelen een grote rol wanneer gemeenten, en overheden in algemene zin, moeten investeren in hun waterinfrastructuur, zoals riolering en bovengrondse waterberging. Vooral riolering kent per slot van rekening een lange levensduur, van 30 tot mogelijk 60 jaar afhankelijk van de ondergrond. Bovendien is de Nederlandse waterinfrastructuur op veel plekken aan vernieuwing toe (Hijdra et al., 2014).
    Studieochtend mosselkwekers: WMR Regiocentrum Yerseke
    Steins, N.A. - \ 2018
    Visserijnieuws 38 (2018)8. - ISSN 1380-5061 - p. 10 - 10.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer de studieochtend voor mosselkwekers rond het project KOMPRO.
    Staand want monitoring IJsselmeer en Markermeer survey- en datarapportage 2017
    Sluis, M.T. van der; Hoppe, M. van - \ 2018
    IJmuiden : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C025/18) - 17
    In oktober 2017 heeft een monitoring met staand want netten plaatsgevonden op het IJsselmeer en Markermeer. De doelstelling van deze monitoring is een beter beeld te krijgen van de populatie-opbouw van de visbestanden. De reguliere monitoring van vis in het open water (met de actieve vistuigen
    verhoogde boomkor en electrokor) lijkt met name selectief voor kleine vissen te zijn. Grotere vissen lijken in deze reguliere monitoring niet goed gevangen te worden. In het staand want monitoringsproject is bemonsterd met staand want netten met een breed scala aan maaswijdtes. Zodoende kan een breed
    scala aan vislengtes bemonsterd worden.
    De opzet van de monitoring was vergelijkbaar met de opzet van de uitvoering van de monitoring in 2016. Wat wel afweek ten opzichte van voorgaande jaren is de monitoringsperiode. Door problemen met de vergunningverlening in het kader van de Wet Natuurbescherming kon de monitoring dit jaar pas op
    10 oktober starten. Om tijd in te halen zijn er meer netten per dag gezet, maximaal vijf. De monitoringsperiode kon daardoor tot 3 weken beperkt blijven. Er is op 42 locaties gevist, met een gemiddelde sta-duur van de netten van 17 uur en 13 minuten. Ieder staand want net bestaat uit 17 panelen met maaswijdtes tussen 10-190 mm hele maas.
    In totaal zijn 7.623 vissen verdeeld over 12 soorten gevangen, verspreidt over het IJssel en Markermeer. De meest voorkomende soorten in de vangsten waren pos (Gymnocephalus cernuus, vangstaandeel in aantal 27%, lengterange 5-19 cm), baars (Perca fluviatilis, 26%, 5-44 cm), snoekbaars (Stizostedion
    lucioperca, 20%, 8-70 cm) en (spiering (Osmerus eperlanus, 15%, 5-21 cm).
    Elk paneel van het staand want net heeft een eigen selectiviteitscurve, ofwel maar een beperkt deel van de vislengtes van een soort kan gevangen worden. De curves van de verschillende panelen overlappen, waardoor bepaalde lengtes meer kans hebben gevangen te worden dan andere lengtes. Hiervoor moet in
    verdere analyses gecorrigeerd worden. De analyse voor deze overlap in selectiecurves, met een correctiefactor als resultaat, worden gepresenteerd voor de vier commerciële soorten baars, snoekbaars, blankvoorn (Rutilus rutilus) en brasem (Abramis brama). De correctiefactor is vervolgens gebruikt om de
    gegevens om te zetten naar lengte-frequenties. Op basis van de resultaten van de eerste 4 monitoringsjaren is de toegepaste analysemethodiek
    geëvalueerd. In voorgaande jaren is voor het berekenen van de correctiefactor en bij berekening van de vangstinspanning per maaswijdte altijd gecorrigeerd voor de netlengte. Alhoewel de eerder toegepaste correctie voor netlengte in principe juist is, lijkt het bij nader inzien beter om voor netoppervlakte te corrigeren. Daarnaast was bij het schatten van de lengte frequentie (LF) verdeling ten onrechte alleen rekening gehouden met de vangstselectiviteit en niet met het netoppervlak van de verschillende netten. Vooral deze tweede wijziging in de analysemethodiek heeft veel effect op LF-verdelingen met een substantieel aandeel grote vis. Aangezien bovenstaande wijzigingen een realistischer beeld van de werkelijke LF-verdeling lijken te geven is bij dit rapport overgestapt op deze aangepaste analysemethodiek. In 2018 zal ook de surveymethodiek worden geëvalueerd. De LF schattingen voor de vier commerciële soorten, op basis van deze aangepaste analysemethodiek, worden in dit rapport getoond. De LF schattingen voor de voorgaande jaren (2014-2016) zijn ook met de aangepaste methodiek opnieuw berekend. Tussen de verschillende jaren zijn er enige jaar-op-jaar variaties in de LF verdelingen te zien.
    Voor brasem en blankvoorn bestaat onzekerheid over de representativiteit van de monitoringsresultaten voor wat betreft de populatie-opbouw van het brasembestand. Vanuit de gecorrigeerde lengte-frequentieverdeling is het percentage snoekbaarsbiomassa groter dan 40 cm (KRW-maatlat) in IJsselmeer en Markermeer geschat op 3.6 % van de totale biomassa aan snoekbaars in beide meren. Dit is substantieel lager dan de berekening op basis van de LF schatting met de oude methodiek.
    Effect klimaatverandering op visserij en aquacultuur: WMR Regiocentrum Yerseke
    Kamermans, P. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserij-sector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet periodiek een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer het project CERES.
    Mosselbanken vanuit de lucht: onderzoek met drones: WMR Regiocentrum Yerseke
    Troost, K. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061 - p. 4 - 4.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet iedere maand een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer onderzoek met drones en satellietbeelden om schelpdierbanken in kaart te brengen.
    Klantendag: Vragen rond draagkracht Oosterschelde: WMR Regiocentrum Yerseke
    Steins, N.A. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingson-derzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet iedere maand een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer de klantendag.
    Off-bottom kweek als middel tegen oesterboorders: WMR Regiocentrum Yerseke
    Kamermans, P. - \ 2017
    Visserijnieuws (2017). - ISSN 1380-5061 - p. 10 - 10.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdierenvisserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee:kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet iedere maand een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer het project BOKX.
    Driejarig onderzoek Ralstonia gestart
    Bonants, P.J.M. - \ 2017

    Onlangs is het startsein gegeven voor een driejarig onderzoek gericht op Ralstonia solanacearum (Rsol). Rsol is een quarantaine bacterie die verwelkingsziekte kan veroorzaken in een breed scala aan economisch belangrijke gewassen, waaronder aardappel, tomaat en anthurium.

    Slibdynamiek in relatie tot mosselkweek: WMR Regiocentrum Yerseke
    Jansen, H.M. - \ 2017
    Visserijnieuws 37 (2017)43. - ISSN 1380-5061 - p. 6 - 6.
    In het Regiocentrum Yerseke van Wageningen Marine Research werken onderzoekers en de schelpdier- en visserijsector actief samen aan kennis en innovaties voor duurzaam gebruik van de Delta, kustwateren en de zee: kennis van en voor de regio Zeeland. In het voorjaar van 2016 werd daarover een convenant gesloten tussen wetenschap, bedrijfsleven en regionale overheden. Het werk beslaat een scala aan onderwerpen, zoals het verbeteren van het kweekrendement van mosselen, overlevingsonderzoek van platvis, off-bottom kweek van oesters, schelpdiersurveys, onderzoek naar biotoxines, en effecten van zandsuppleties op natuurwaarden en (schelpdier)visserij. Deze column zet periodiek een activiteit van het Regiocentrum in de schijnwerpers. Deze keer onderzoek naar slibdynamiek tijdens de mosselzaadvisserij en de oogst van de percelen.
    Conflicts, security and marginalisation: Institutional change of the pastoral commons in a 'glocal' world
    Haller, T. ; Dijk, H. Van; Bollig, M. ; Greiner, C. ; Schareika, N. ; Gabbert, C. - \ 2016
    Revue scientifique et technique / Office International des Epizooties 35 (2016)2. - ISSN 0253-1933 - p. 405 - 416.
    Contraband - Harmful policy - Land grabbing - Land reform - Myth - Pastoralism

    This paper argues that pastoral commons are under increasing pressure not just from overuse by pastoralists themselves, but from land management policies. Since colonial times, these have been based on a persistent misconception of the nature of pastoral economies and combined with increasing land alienation and fragmentation through government policies and covert privatisation of pastures. The paper focuses especially on pastoral populations in African drylands and is based on long-term research by independent researchers summarising some of their experiences in western, eastern and southern Africa. Most of them are organised in the African Drylands Dialogue, trying to shed some light on the developments in these areas. Before discussing the actual situation of African pastoralists, the authors focus on basic institutional features of the political and economic management of common grazing lands. This is followed by an overview of land alienation processes in colonial times, which serves as a basis for understanding the current land alienation constellations. The paper then moves on to explain how and why pastoralists are framed by the national discourses as the 'other' and the 'troublemaker', even being labelled as terrorists in nation state contexts. This goes hand in hand with a new wave of land alienation in the form of large-scala land acquisitions or 'land grabbing' (including water grabbing and 'green grabbing' processes). The paper then outlines different coping and adaptation strategies adopted by pastoral groups in a context in which a range of different global and local political, economic and ecological situations interrelate ('glocar). Finally, the paper discusses the way in which pastoralism could be refra med in a participatory way in the future.

    De argusvlinder: hoe keren we de afname van een 'gewone vlindersoort'?
    Stip, A. ; Wallis de Vries, M.F. - \ 2016
    De Levende Natuur 117 (2016)2. - ISSN 0024-1520 - p. 46 - 51.
    016-3723 - 016-3923
    Er zijn momenteel in Nederland maar weinig vlindersoorten die zo hard
    achteruitgaan als de Argusvlinder (Lasiommata megera). In goed twintig
    jaar tijd verdween maar liefst 98% van de populatie in ons land. En dat terwijl
    het tot voor kort een heel ‘gewone’ vlindersoort was in een breed scala aan
    biotopen. Om het tij te keren heeft De Vlinderstichting recent een beschermingsplan voor de Argusvlinder opgesteld. Met de daaruit voortkomende
    maatregelen en onderzoek is nieuwe kennis opgedaan over de ecologie van de Argusvlinder en de problemen waar de soort mee kampt. In dit artikel presenteren we deze kennis. Op basis daarvan geven we richtlijnen voor het beheer van het habitat van de Argusvlinder.
    Staand want monitoring IJsselmeer en Markermeer survey- en datarapportage 2016
    Hal, R. van; Sluis, M.T. van der - \ 2016
    IJmuiden : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C131/16) - 36
    vismethoden - vistuig - netten - visbestand - monitoring - nederland - fishing methods - fishing gear - nets - fishery resources - monitoring - netherlands
    In september 2016 heeft een monitoring met staandwantnetten plaatsgevonden op het IJsselmeer en Markermeer. De doelstelling van deze monitoring is een beter beeld te krijgen van de populatie-opbouw van de visbestanden. De reguliere monitoring van vis in het open water (met de actieve vistuigen verhoogde boomkor en electrokor) is met name selectief voor kleine vissen. Grotere vissen worden in deze reguliere monitoring niet goed gevangen. In het staandwantmonitoringsproject is bemonsterd met staandwantnetten met een breed scala aan maaswijdtes. Zodoende kan een breed scala aan vislengtes bemonsterd worden.
    Omgaan met risico’s op het melkveebedrijf
    Haan, M.H.A. de - \ 2016
    Koeien & Kansen
    Melkveehouders krijgen vaker te maken met fluctuaties van prijzen. Dit heeft een behoorlijke impact op het inkomen. De sterk wisselende melkprijzen van de afgelopen jaren hebben tot hoge, maar ook zorgwekkend lage inkomens geleid. Reden te meer voor de Koeien & Kansen veehouders om dieper na te denken over deze risico’s, maar ook over een scala aan andere risico’s. Rick Hoksbergen, relatiemanager van Alfa Accountants, hielp hierbij.
    Dalende bodems, stijgende kosten : mogelijke maatregelen tegen veenbodemdaling in het landelijk en stedelijk gebied: beleidsstudie
    Born, G.J. van den; Kragt, F. ; Henkens, D. ; Rijken, B. ; Bemmel, B. van; Sluis, S. van der; Polman, N. ; Bos, Ernst Jenno ; Kuhlman, Tom ; Kwakernaak, C. ; Akker, J. van den; Diogo, V. ; Koomen, E. ; Lange, G. de; Bakel, J. van; Brinke, W.B.M. ten - \ 2016
    Den Haag : Planbureau voor de Leefomgeving (PBL-publicatie 1064) - 92
    Het doel van deze studie is om bodemdaling, de gevolgen van bodemdaling en het effect van mogelijke maatregelen in de Nederlandse laagveengebieden op een transparante manier in beeld te brengen. Dat doen we voor zowel het landelijk als stedelijk gebied. Deze studie laat de handelingsopties voor bestuurders zien voor afgewogen keuzes in het landelijk en stedelijk gebied ten aanzien van dilemma’s in de laagveengebieden die nu al op hun bord liggen of mogelijk in de toekomst zullen gaan spelen. Daarvoor kijken we naar een breed scala van effecten van bodemdaling, zoals de effecten op de landbouw en voedselproductie, het waterbeheer, het klimaat (CO2-emissie), natuur en landschap, en de bebouwde omgeving inclusief de infrastructuur. We geven een beeld van de orde van grootte van de problemen die door bodemdaling worden veroorzaakt en geven inzicht in de kosten en baten van bodemdaling. We kijken daarbij naar de gevolgen voor natuur, klimaat, landbouw, (water)beheer, wonen en infrastructuur.
    Leve(n) de bodem! : de basis onder ons bestaan
    Brussaard, L. ; Govers, F.P.M. ; Buiter, R.M. - \ 2016
    Den Haag : Stichting Bio-Wetenschappen en Maatschappij (Cahier / Biowetenschappen en Maatschappij 35e jaargang (2016) kwartaal 3) - ISBN 9789073196834 - 88
    bodemkunde - bodembiologie - bodemkwaliteit - landbouwgronden - bodemvruchtbaarheid - bodembeheer - bodemweerbaarheid - bodemmicrobiologie - duurzaam bodemgebruik - lesmaterialen - soil science - soil biology - soil quality - agricultural soils - soil fertility - soil management - soil suppressiveness - soil microbiology - sustainable land use - teaching materials
    De bodem is niet alleen letterlijk de grond onder ons bestaan, ze is dat ook figuurlijk. Vruchtbare bodems leveren ons bijvoorbeeld voedsel, water en grondstoffen, maar ook een heel scala aan andere ecosysteemdiensten. In één theelepel zwarte grond leven meer organismen dan er mensen zijn op de hele aarde. Ze zorgen ervoor dat planten gebruik kunnen maken van de voedingsstoffen in de bodem en in een gezonde bodem krijgen ziekteverwekkers ook minder kans. Nu we steeds beter begrijpen hóe ze dat doen, kunnen wij zelfs nieuwe antibiotica vinden in de bodem! In dit cahier laten wetenschappers van naam op het gebied van het bodemonderzoek niet alleen zien welke diensten een gezonde bodem al vele eeuwen levert. Ze vertellen ook hoe de figuurlijke bodem onder ons bestaan tegelijk grond voor inspiratie is voor voedsel en technologie voor de toekomst.
    Anaerobe Grondontsmetting (AGO) voor open teelten
    Os, G.J. van; Lamers, J.G. - \ 2016
    Wageningen UR - 8
    biologische grondontsmetting - biologische bestrijding - nematoda - bestrijdingsmethoden - bodemschimmels - fusarium - verticillium - biological soil sterilization - biological control - nematoda - control methods - soil fungi - fusarium - verticillium
    Anaerobe grondontsmetting is een biologische manier van grond ontsmetten. Hiermee wordt een breed scala aan schadelijke ziekten en plagen in de bodem beheersbaar. Het is een goed alternatief voor de chemische grondontsmetting (metamnatrium) ter bestrijding van aaltjes en veelal de enige bestrijdingsmaatregel tegen een aantal ziekteverwekkende bodemschimmels, zoals Fusarium en Verticillium.
    Staand want monitoring IJsselmeer en Markermeer : Survey- en datarapportage 2015
    Hal, R. van; Sluis, M.T. van der - \ 2015
    IJmuiden : IMARES (Rapport / IMARES C191/15) - 28
    vismethoden - vistuig - monitoring - netten - ijsselmeer - nederland - fishing methods - fishing gear - monitoring - nets - lake ijssel - netherlands
    In september en begin oktober 2015 heeft een monitoring met staand want netten plaatsgevonden op het IJsselmeer en Markermeer. De doelstelling van deze monitoring was om een beter beeld te krijgen van de populatie-opbouw van de visbestanden. De reguliere monitoring van vis in het open water (met de actieve tuigen verhoogde boomkor en electrokor) is met name selectief voor kleine vissen en grotere vissen worden in deze reguliere survey niet goed gevangen. In het staand want monitoringsproject is bemonsterd met staand want netten met een breed scala aan maaswijdtes. Zodoende kan een breed scala aan vislengtes bemonsterd worden.
    De rol van de ‘gentry’ in de economische ontwikkeling van Gelderland in de negentiende eeuw
    Cruijningen, P.J. van - \ 2015
    Bijdragen en mededelingen : Historisch jaarboek voor Gelderland 105 (2015). - ISSN 0923-2834 - p. 167 - 178.
    In december 2014 is deel 105 van Bijdragen en Mededelingen ‘Gelre’ verschenen, een goed gevuld jaarboek, met bijdragen die bijna alle tijdvakken van de Gelderse geschiedenis bestrijken – van prehistorie tot twintigste eeuw. Om met de voorbije eeuw te beginnen: de tentoonstelling ‘Mijlpaal 1950’, gehouden in het Arnhemse Sonsbeekpark, was bedoeld als een icoon van de wederopbouw van naoorlogs Nederland, maar liep uit op een geweldige flop. In een originele bijdrage wordt dit drama in vele bedrijven uit de doeken gedaan, waarbij (het gebrek aan) samenwerking tussen bemoeizuchtige Haagse ambtenaren en goedbedoelende Arnhemse bestuurders centraal staat. Andere bestuurlijke perikelen, maar dan uit een verder verleden, krijgen de aandacht in een analyse van de turbulente wordingsjaren van de Gelderse Provinciale Staten tijdens de Nederlandse Opstand aan het eind van de zestiende eeuw. Dit was niet alleen een tijd van politieke beroering, maar ook op religieus gebied moesten er keuzes worden gemaakt: katholiek of protestant? De geschiedenis van de vestiging van de gereformeerde kerk in het Kwartier van Zutphen laat zien hoe complex dit proces kon zijn, terwijl de geschiedenis van de katholieke Walraven van Stepraedt het geheel een persoonlijk gezicht geeft. Niet minder complex blijkt de schuldenproblematiek waarin hertog Arnold zich ruim een eeuw eerder bevond. Uitgebreid bronnenonderzoek leidde hier tot interessante bevindingen. De economische geschiedenis komt ook aan de orde in een opstel over de rol die de Gelderse landadel speelde in de ontwikkeling van land- en bosbouw in de negentiende eeuw. Voorts staat ‘Gelderse identiteit’ volop in de aandacht, onder meer in een bijdrage over het Gelderland-beeld in de negentiende-eeuwse literatuur. Zoals gebruikelijk biedt Bijdragen en Mededelingen ook een rondgang langs recent verschenen publicaties, die in verschillende boekbesprekingen aan een kritische blik worden onderworpen. Tot slot ontmoeten we een oude bekende: de Archeologische Kroniek, waarin Gelderse gemeente- en regioarcheologen verslag doen van hun bevindingen, is na bijna twintig jaar afwezigheid nieuw leven ingeblazen. Met een scala aan prachtige illustraties maakt zij een flitsende comeback. Kortom, het jaar 2014 leverde weer een ongemeen rijke oogst aan publicaties op het terrein van de Gelderse geschiedenis.
    Smaakpanel test ook gevoelswaarde bloemen en planten : liefdesverdrietboeket trekt Wageningse studenten
    Arkesteijn, M. ; Verkerke, W. - \ 2015
    Onder Glas 12 (2015)9. - p. 29 - 29.
    tuinbouw - snijbloemen - glastuinbouw - consumentenpanels - smaakpanels - ornamentele waarde - veredelingsprogramma's - potplanten - tomaten - horticulture - cut flowers - greenhouse horticulture - consumer panels - taste panels - ornamental value - breeding programmes - pot plants - tomatoes
    Wie beoordeelt beter wat mensen mooi of lekker vinden: specialisten of een panel van ‘gewone’ mensen, die de producten moeten kopen? In 25 jaar groeide een onderzoekspanel dat bijdroeg aan de verbetering van de smaak van tomaten uit tot het Bleiswijkse smaakpanel van Wageningen UR. Een dienstverlenend panel van zo’n 300 mensen, die inzetbaar zijn voor een scala aan smaaktesten. Kan dat smaakpanel ook worden ingezet voor de beoordeling van bloemen en planten?
    Lang leve het virus!
    Vlugt, R.A.A. van der; Goud, J.C. - \ 2015
    Gewasbescherming 46 (2015)1. - ISSN 0166-6495 - p. 4 - 5.
    gewasbescherming - plantenvirussen - interviews - hittetolerantie - koudetolerantie - droogteresistentie - virologie - plantenziektebestrijding - plant protection - plant viruses - interviews - heat tolerance - cold tolerance - drought resistance - virology - plant disease control
    “Dat virussen ziekten kunnen veroorzaken, in allerlei organismen, weet iedereen. Maar dat virussen ook gunstige effecten kunnen hebben is veel minder bekend.” Dit artikel geeft een gesprek weer met Marilyn Roossinck van Pennsylvania State University, die in Wageningen was voor het geven van de tweede Rob Goldbach Virology Lecture. “Naast pathogene virussen is er een enorm scala aan virussen met juist een gunstig effect op de plant. Voorbeelden daarvan zijn een verbeterde droogtetolerantie, hitte- of koudetolerantie of zouttolerantie. Ook bepaalde stammen van pathogene soorten kunnen deze effecten veroorzaken. Van verreweg de meeste soorten weten we simpelweg niet wat ze doen.”
    From potential to implementation: An innovation framework to realize the benefits of soil carbon
    Funk, R. ; Pascual, U. ; Joosten, H. ; Duffy, C. ; Genxing Pan, ; Scala, N. la; Gottschalk, P. ; Banwart, S.A. ; Batjes, N.H. ; Zucong Cai, ; Six, J. ; Noellemeyer, E. - \ 2015
    In: Soil Carbon: Science, Management and Policy for Multiple Benefits / Banwart, S.A., Noellemeyer, E., Milne, E., CAB International - ISBN 9781780645322 - p. 47 - 59.
    Staand Want monitoring IJsselmeer en Markermeer in 2014: survey- en datarapport
    Sluis, M.T. van der; Keeken, O.A. van; Tien, N.S.H. ; Hal, R. van - \ 2014
    IJmuiden : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C179/14) - 15
    visbestand - monitoring - populatiedichtheid - ijsselmeer - fishery resources - monitoring - population density - lake ijssel
    In oktober/november 2014 heeft een monitoring met staand wantnetten plaatsgevonden op het IJsselmeer en Markermeer. De doelstelling van deze monitoring was om een beter beeld te krijgen van de populatie-opbouw van de visbestanden. In het staand wantmonitoringsproject is bemonsterd met staand wantnetten met een breed scala aan maaswijdtes. Zodoende kan een breed scala aan vislengtes bemonsterd worden. In dit rapport staat de uitvoering van de monitoring centraal en wordt een overzicht gegeven van de visinspanning en de vangsten.
    De darmmicrobiota in gezondheid en ziekte
    Lankelma, J.M. ; Nieuwdorp, M. ; Vos, W.M. de; Wiersinga, W.J. - \ 2014
    Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde 157 (2014). - ISSN 0028-2162 - 8 p.
    De darmmicrobiota, voorheen ‘darmflora’ genoemd, kunnen worden beschouwd als een extern orgaan dat vele fysiologische functies vervult in het metabolisme, de ontwikkeling van het immuunsysteem en de afweer tegen pathogenen. De volwassen darmmicrobiota bestaan uit 1013-1014 micro-organismen. Het gezamenlijke genoom daarvan, ook wel het microbioom genoemd, is 100 keer groter dan het menselijke genoom. De darmmicrobiota spelen mogelijk een rol bij de pathogenese van een scala aan ziektebeelden, zoals inflammatoire darmziekten, obesitas, diabetes mellitus en atopische aandoeningen. Een kanttekening hierbij is dat tot dusver voornamelijk associatiestudies uitgevoerd zijn, zonder bewijs van causaliteit. Dit toenemende inzicht heeft geleid tot de identificatie van nieuwe therapeutische strategieën, die op dit moment in klinische studies getest worden. Hoewel nog moet blijken wat deze kennis voor de individuele patiënt betekent, zijn verschillende interventies denkbaar, zoals suppletie van voedingsbestanddelen, prebiotica, probiotica en fecestransplantatie.
    Koolhydraten bieden scala aan mogelijkheden voor gezonde levensmiddelen
    Schols, H.A. - \ 2014
    Wageningen : Wageningen UR
    voedingsvezels - koolhydraten - voeding en gezondheid - voedingsstoffen - analytische methoden - voedselonderzoek - dietary fibres - carbohydrates - nutrition and health - nutrients - analytical methods - food research
    Koolhydraten in onze voeding leveren energie en zorgen voor een gemakkelijke stoelgang. Van de vele verschillende koolhydraatmoleculen, waaronder tal van soorten kleine suikers, zetmeel en voedingsvezels, weten we echter betrekkelijk weinig. Dat geldt ook voor hun rol tijdens het bewaren en verwerken van levensmiddelen of voor de invloed van koolhydraten op de gezondheid.
    Il contributo dell'Italia verso una lista rossa degli habitat terrestri d'Europa: criticità e prospettive
    Gigante, D. ; Acosta, A.T.R. ; Agrillo, E. ; Janssen, J.A.M. - \ 2014
    A partire dal 2014 è stato avviato, su incarico della Commissione Europea - DG Environment, un progetto europeo finalizzato alla valutazione dello stato di conservazione degli habitat Europei, naturali e seminaturali, terrestri e marini, avente come obiettivo la realizzazione di una Lista Rossa Europea degli habitat. L'ambito geografico di riferimento è rappresentato dai paesi dell'Unione Europea (EU28) con l'aggiunta di Norvegia, Islanda, Svizzera e paesi Balcanici (EU28+). Il coordinamento del progetto è a cura di Alterra (The Netherlands) e NatureBureau (Gran Bretagna) con la collaborazione della IUCN. I team di esperti nazionali sono stati costituiti nei vari paesi da coloro che hanno aderito al progetto a seguito di una call diffusa da EVS ed EDGG, gruppi di lavoro della IAVS. L'approccio metodologico è stato definito dai coordinatori europei. Per quanto riguarda categorie e criteri, è stata adottata una versione modificata del protocollo IUCN, proposta da Keith et al. (2013). In questo modello di assessment, i criteri si riferiscono sostanzialmente a: A) riduzione quantitativa, B) distribuzione geografica ristretta associata a declino o minacce, C/D) declino qualitativo (biotico/abiotico). Le categorie di rischio corrispondono a quelle utilizzate per le specie: CR (CRitically endangered), EN (ENdangered), VU (VUlnerable), Near Threatened (NT), Least Concern (LC) and Data Deficient (DD). La categoria EX (EXctinct) viene sostituita da CO (COllapsed), inteso come fase terminale del declino. Le tipologie sulle quali verrà condotto l'assessment sono state delineate a partire dalle categorie EUNIS (livello 3), adattate e riformulate nei casi di ovrapposizione, ambiguità o eccessiva ampiezza dei tipi originali, con l'esclusione degli habitat marcatamente antropogenici. Il prodotto finale sarà rappresentato da una scheda per ciascun habitat nella quale verranno riportate informazioni di tipo ecologico e distributivo e la categoria di rischio risultante dall'assessment eseguito. Il protocollo procedurale si articola in una fase di raccolta dati, che saranno forniti dagli esperti territoriali (National Experts), cui seguirà la valutazione dello stato di minaccia, condotta all'interno di 7 gruppi tematici (Working Groups) che opereranno a scala continentale. Con il presente contributo viene illustrato lo stato dell'arte del progetto per quanto concerne gli habitat terrestri presenti in Italia e vengono evidenziati i punti critici dell'intero processo. Questi ultimi, rappresentati soprattutto da una scarsa disponibilità di dati di base attuali e pregressi (se non per un ristretto numero di tipologie e/o per aree parziali del territorio nazionale), pongono un forte limite all'applicazione dei criteri adottati per l'assessment, problematica peraltro condivisa dalla maggioranza dei paesi del Sud Europa quali Spagna, Francia, Portogallo, Bulgaria e Grecia. Nonostante la migliorabilità del metodo e i numerosi punti ancora da perfezionare in un processo che interessa oggetti complessi e multidimensionali quali sono gli habitat, il progetto si delinea come un importante sforzo di coordinamento e armonizzazione delle conoscenze alla scala continentale, ponendo le premesse per ulteriori sviluppi alla scala nazionale ed evidenziando le numerose lacune conoscitive che gli enti preposti alla tutela e alla valorizzazione della biodiversità dovrebbero impegnarsi a colmare nel più breve tempo possibile.
    Suiker als grondstof voor de Nederlandse chemische industrie; Gewassen, processen, beleid
    Harmsen, P.F.H. ; Lips, S.J.J. ; Bos, H.L. ; Smit, B. ; Berkum, S. van; Helming, J. ; Jongeneel, R. - \ 2014
    Wageningen : FBR Wageningen (Rapport / Wageningen UR Food & Biobased Research 1494)
    industriële grondstoffen - chemicaliën uit biologische grondstoffen - chemische industrie - suikergewassen - biobased economy - feedstocks - biobased chemicals - chemical industry - sugar crops - biobased economy
    Suiker speelt een belangrijke rol in de biobased economy. Voor de chemische industrie kan suiker als vervanging dienen van fossiele grondstoffen voor de productie van chemicaliën en materialen zoals bioplastics. Door zeer veel partijen wordt er momenteel gewerkt aan de verdere ontwikkeling van een scala aan chemicaliën en materialen uit suikers. Dit rapport bestaat uit 2 delen: deel 1 beschrijft de potentiele vraag naar suikers voor de chemie, deel 2 beschrijft de bedrijfseconomische aspecten.
    Business Case Fishmasters
    Ham, E. van der; Ras, P. ; Splinter, G.M. - \ 2013
    Stichting versterking Afzetpositie Producenten van glasgroenten (STAP) - 10
    visverwerkende industrie - visproducten - marktinformatie - ketenmanagement - samenwerking - fish industry - fish products - market intelligence - supply chain management - cooperation
    Case waar de strategie vanFishmasters, onderdeel van de Kennemervis Groep en leverancier van een breed scala aan verse, diepgevroren en voorbewerkte vis en visproducten wordt beschreven aan de hand van de zeven bouwstenen van STAP. STAP staat voor “STichting versterking Afzetpositie Producenten van glasgroenten in Nederland.
    Leren van het energieke platteland. Lokale en regionale coalities voor duurzame plattelandsontwikkeling: Achtergrond rapport
    Arnouts, R. ; Born, G.J. van den; Daalhuizen, F. ; Farjon, H. ; Pols, L. ; Tekelenburg, T. ; Tisma, S. ; Veen, Mark van; Gerritsen, A.L. ; Verburg, R.W. ; Wiering, M. ; Roovers, G. - \ 2013
    Den Haag : PBL (PBL-publicatie 1129) - ISBN 9789491506383 - 125
    regionale ontwikkeling - platteland - landgebruik - landbouw - natuurbeheer - burgers - participatie - waterbeheer - voedselvoorziening - zorgboerderijen - regional development - rural areas - land use - agriculture - nature management - citizens - participation - water management - food supply - social care farms
    Dit achtergrondrapport bij de studie Leren van het energieke platteland analyseert een breed scala aan succesvolle en minder succesvolle coalities die zijn gestart om de leefomgeving op het platteland te verbeteren, van zorgboerderijen tot lokale energiecoöperaties en landschapsfondsen. Van negen groepen coalities is aan de hand van enkele praktijkvoorbeelden beschreven hoe ze werken, welke duurzaamheidsprestaties ze leveren, tegen welke hindernissen ze aanlopen en welke verbeterpunten er liggen.
    Leren van het energieke platteland : lokale en regionale coalities voor duurzame plattelandsontwikkeling
    Farjon, J.M.J. ; Arnouts, R. ; Born, G.J. van den; Daalhuizen, F. ; Pols, L. ; Tekelenburg, T. ; Tisma, S. ; Veen, M. van; Verkade, N. ; Brink, Thelma van den; Gerritsen, A.L. ; Verburg, R.W. ; Vader, J. ; Groot, A.M.E. ; Agricola, H.J. ; Nieuwenhuizen, W. ; Gies, E. ; Wiering, M. ; Elsinga, P. ; Roovers, G. - \ 2013
    Den Haag : PBL (Rapport / PBL 769) - 86
    regionale ontwikkeling - platteland - samenwerking - landbouw - natuur - burgers - participatie - regional development - rural areas - cooperation - agriculture - nature - citizens - participation
    In deze studie onderzoeken we de kracht van de samenwerking tussen de verschillende gebruikers van het platteland. Burgers, boeren, natuurbeheerders en bedrijven die samen initiatieven ontplooien om hun leefomgeving te verbeteren. De studie laat aan de hand van een breed scala aan praktijkvoorbeelden zien hoe ze dat doen, wat ze proberen te bereiken en waar ze tegenaan lopen. Zo zijn er moderne boeren die samen met andere ketenpartijen hun bedrijfsvoering nog verder willen verduurzamen dan de wet al voorschrijft, en burgers die met boeren lokale coöperaties opzetten voor de opwekking van hernieuwbare energie.
    Rasverschillen spelen rol bij reactie op klimaatomstandigheden (interview met Arie de Gelder en Leo Marcelis)
    Arkesteijn, M. ; Gelder, A. de; Marcelis, L.F.M. - \ 2013
    Onder Glas 10 (2013)9. - p. 23 - 25.
    overblijvende planten - rassen (planten) - plantenveredeling - soortendiversiteit - cultuurmethoden - kassen - klimaatregeling - plantenontwikkeling - glastuinbouw - perennials - varieties - plant breeding - species diversity - cultural methods - greenhouses - air conditioning - plant development - greenhouse horticulture
    Een van de redenen om voor een ras te kiezen is de productie. Maar het productieniveau hangt ook samen met de klimaatomstandigheden in de kas, zoals direct of diffuus licht, een temperatuurverlaging of meer CO2. Daar blijken rassen verschillend op te kunnen reageren. Aan de hand van vier cases laten onderzoekers Leo Marcelis en Arie de Gelder van Wageningen UR Glastuinbouw zien, wat er regelmatig aan extra informatie komt uit teeltonderzoeken. Het blijkt een scala aan puzzelstukken te zijn, die veredelaars en telers kunnen meenemen.
    Progetti integrati: Paesaggi energetici sostenibili
    Stremke, S. - \ 2013
    Architettura del Paesaggio 27 (2013). - ISSN 1125-0259 - p. 34 - 37.
    27 - Energia dalla natura e nuovi paesaggi: La maggiore richiesta di energia preme sul territorio, ma senza chiarire quali strategie, quali metodi e quali modelli di lavoro siano stati adottati o programmati sui paesaggi a rischio che consentono un migliore sfruttamento delle energie della natura: paesaggi naturali, rurali e costieri. Il paesaggista si pone come figura cardine di questo processo mettendo in le buone idee e le buone pratiche quotidiane, nella piccola e grande scala che coinvolgono direttamente la vita e il benessere di tutti.
    L’importanza dei corridoi ecologici a scala Europea
    Sluis, Theo van der - \ 2012
    Waardplantvoorkeur van hommels: terugkijken in de tijd
    Kleijn, D. ; Raemakers, I.P. - \ 2012
    Entomologische Berichten 72 (2012)1/2. - ISSN 0013-8827 - p. 21 - 35.
    bombus - insect-plant relaties - waardplanten - stuifmeel - populatie-ecologie - fauna - geschiedenis - inventarisaties - nederland - verenigd koninkrijk - belgië - insect plant relations - host plants - pollen - population ecology - history - inventories - netherlands - uk - belgium
    Het verklaren van populatietrends is een belangrijk doel geweest van een breed scala aan ecologische studies. Dergelijke studies worden bemoeilijkt doordat bij zeldzame soorten een bepaalde eigenschap of gedrag zowel oorzaak als gevolg kan zijn van de achteruitgang van een soort. Wij omzeilden dit probleem door eigenschappen van soorten te vergelijken aan de hand van exemplaren in natuurhistorische musea die waren verzameld toen de soorten nog algemeen voorkwamen. Over de rol van voedselvoorkeur en -specialisatie als veroorzaker van de achteruitgang van hommelsoorten wordt al lange tijd gediscussieerd. Wij vergeleken de samenstelling van stuifmeelladingen van vijf hommelsoorten met stabiele populaties en vijf soorten met afnemende populaties met behulp van exemplaren in musea die voor 1950 waren verzameld in België, Engeland en Nederland.
    Benchmarking Entrepreneurship Education Programs a comparison of green higher Education Institutes in the Netherlands and Belgium (forthcoming)
    Lubberink, R. ; Simons, F. ; Blok, V. ; Omta, S.W.F. - \ 2012
    Wageningen : Wageningen University - 159
    agrarisch onderwijs - ondernemerschap - leerplan - onderwijsprogramma's - kennisoverdracht - internationale vergelijkingen - agricultural education - entrepreneurship - curriculum - education programmes - knowledge transfer - international comparisons
    Tegenwoordig wordt ondernemerschap gezien als een van de belangrijke factoren van economische groei. De Europese Unie en de Nederlandse overheid willen daarom ondernemerschap ook stimuleren. Studies tonen aan dat ondernemerschapsonderwijs één van de middelen is om uiteindelijk ondernemerschap te stimuleren. Dit heeft ertoe geleid dat er een breed scala aan ondernemerschapsprogramma’s is ontstaan. In Nederland zijn in navolging daarvan verschillende Centres of Entrepreneurship opgericht. Eén van deze centra is Dutch Agro-food Network of Entrepreneurship (DAFNE). Dit centrum voor ondernemerschap is opgericht in samenwerking met verschillende instellingen in het groene onderwijs die ondernemerschap wilden opnemen in het curriculum: Wageningen Universiteit, Van Hall Larenstein Wageningen, Van Hall Larenstein Leeuwarden, Christelijk Agrarisch Hogeschool Dronten en de HAS Den Bosch. In opdracht van DAFNE is onderzocht hoe het ondernemerschapsonderwijs van de deelnemende instellingen is opgezet en hoe het onderwijs wordt uitgevoerd. Op basis hiervan kunnen aanbevelingen worden gedaan voor de verdere verbetering van de onderwijsprogramma’s van de individuele onderwijsinstellingen.
    Plagen en hun biologische bestrijders - kader: Feiten: Nog veel te ontdekken
    Neefjes, H. ; Linden, A. van der - \ 2012
    Vakblad voor de Bloemisterij 67 (2012)8. - ISSN 0042-2223 - p. 29 - 29.
    sierteelt - gewasbescherming - organismen ingezet bij biologische bestrijding - plantenplagen - plaagbestrijding met natuurlijke vijanden - biologische bestrijding - ornamental horticulture - plant protection - biological control agents - plant pests - augmentation - biological control
    Er is een breed scala bestrijders beschikbaar voor siertelers in Nederland. Steeds meer telers zetten ze in tegen plagen of gaan ermee experimenteren. Ondertussen komen via onderzoekers en fabrikanten nog steeds nieuwe beestjes of toepassingen in beeld. Naar verwachting zetten deze ontwikkelingen door.
    Onderzoeksresultaten Klimaat voor Ruimte
    Pater, F. de; Pijnappels, M.H.J. ; Steenis, O.M.B. van - \ 2011
    Klimaat voor Ruimte - 90
    klimaatverandering - voorspellingen - scenario planning - klimaatadaptatie - climatic change - forecasts - scenario planning - climate adaptation
    Niemand kan in de toekomst kijken. Toch willen we Nederland nu aanpassen aan toekomstige veranderingen in het klimaat. Klimaatscenario’s verbeelden een mogelijk, toekomstig klimaat en helpen zo om verstandige besluiten te nemen over de inrichting van Nederland. Klimaatscenario’s helpen de overheid, het bedrijfsleven en burgers om zich aan te passen aan klimaatverandering. Ze worden ontwikkeld met hulp van een breed scala aan klimaatmodellen. Binnen het thema Klimaatscenario’s hebben onderzoekers gewerkt aan een centrale kennisbasis van gebruikersvriendelijke en vooral regionale klimaatgegevens, -modellen en -scenario’s
    Klimaat voor Ruimte (Website)
    Jong, F. de - \ 2011
    Amsterdam : VU Amsterdam, Wageningen UR : Klimaat voor Ruimte (BSIK)
    ruimtelijke ordening - landgebruiksplanning - klimaatverandering - waterbeheer - physical planning - land use planning - climatic change - water management
    Het onderzoekprogramma Klimaat voor Ruimte bestudeert de gevolgen van klimaatverandering en manieren om daarmee om te gaan, toegesneden op het ruimtegebruik, ter ondersteuning van de besluitvorming over de toekomstige inrichting van ons land. De onderzoeksresultaten worden aangeboden aan overheden, maatschappelijke instellingen en kennisinstellingen.Binnen het programma wordt onderzoek uitgevoerd naar de kansen van klimaatverandering voor de Nederlandse samenleving door aanpassingen in het ruimtegebruik. Hiertoe worden onder andere nieuwe regionale klimaatscenario's ontwikkeld, vindt onderzoek plaats naar landgebonden emissies en de monitoring hiervan (mitigatie), wordt een breed scala adaptatieprojecten naar aanpassing aan klimaatverandering in verschillende sectoren uitgevoerd, wordt de kennis geïntegreerd over het gehele programma, worden lesprogramma's ontwikkeld en vindt brede communicatie naar en met alle doelgroepen plaats.
    Ziek en zeer : een nieuwe en curieuze ziekte in lelies
    Vink, P. - \ 2011
    BloembollenVisie 2011 (2011)234. - ISSN 1571-5558 - p. 23 - 23.
    lilium - lelies - schimmelziekten - fungiciden - gewasbescherming - landbouwkundig onderzoek - plantenziektebestrijding - lilium - lilies - fungal diseases - fungicides - plant protection - agricultural research - plant disease control
    Sinds een aantal jaren is bekend dat lelieplanten tijdens de bloementeelt in de herfst en winter kunnen worden aangetast door de schimmel Zygophiala. Deze schimmel tast de waslaag aan en vormt microsclerotiën die lijken op vliegenpoepjes. Daarom wordt de ziekte aangeduidt als "flyspeck" of "vliegenpoepjesziekte". Onderzoek heeft aangetoond dat een scala aan fungicide in staat is om de schimmel te onderdrukken. Ook is een PCR-toets ontwikkeld om de schimmel in een vroeg stadium op lelieplanten aan te kunnen tonen.
    Verder onderzoek naar nieuwe natuurlijke vijanden is nodig: Lastige varenrouwmug bestrijden met aaltjes en roofmijten
    Arkesteijn, M. ; Pijnakker, J. - \ 2011
    Onder Glas 8 (2011)5. - p. 44 - 45.
    glastuinbouw - plantenplagen - insecten - sciara - organismen ingezet bij biologische bestrijding - nematoda - roofmijten - gewasbescherming - potplanten - greenhouse horticulture - plant pests - insects - sciara - biological control agents - nematoda - predatory mites - plant protection - pot plants
    Larven van de varenrouwmug kunnen grote schade aanrichten in zaailingen, stekken en jonge planten van een breed scala aan potplanten. De problemen treden op bij opkweekbedrijven en productiebedrijven, die zelf stekken. De uitval kan plaatselijk oplopen tot 50%. Wageningen UR Glastuinbouw doet onderzoek naar de mogelijkheden van de geïntegreerde bestrijding. Mogelijk bieden aaltjes en een open kweeksysteem voor roofmijten een oplossing.
    Communicatie, Thema: Functionele biodiversiteit BO-12.03-004-007
    Vosman, B. ; Faber, J.H. - \ 2011
    S.n.
    communicatie - kennisoverdracht - landbouwvoorlichting - functionele biodiversiteit - agrobiodiversiteit - communication - knowledge transfer - agricultural extension - functional biodiversity - agro-biodiversity
    Poster met informatie over communicatie over functionele agrobiodiversiteit FAB). Kennis die in het onderzoeksprogramma is ontwikkeld wordt uitgedragen naar de verschillende doelgroepen. Hiervoor wordt een scala aan communicatiemiddelen ingezet, specifiek gericht op de verschillende gebruikersgroepen.
    Wegberm biedt hulp tegen bestuivingscrisis
    Noordijk, J. ; Delille, K. ; Schaffers, A.P. ; Sykora, K.V. - \ 2010
    Vakblad Natuur Bos Landschap 7 (2010)5. - ISSN 1572-7610 - p. 12 - 15.
    wegbeplantingen - wegbermplanten - biodiversiteit - maaien - insect-plant relaties - akkerranden - roadside plantations - roadside plants - biodiversity - mowing - insect plant relations - field margins
    De achteruitgang van bloemzoekende insecten is een bedrieging voor een scala aan ecologische processen en diensten die deze dieren verzorgen. Wegbermen zijn vaak rijk aan bloeiende kruiden en kunnen daardoor van groot belang zijn voor deze dieren. Maar hoe kunnen deze bermen het beste beheerd worden? Wageningen Universiteit deed een experiment in een grazige berm, waarbij bloembezoek bekeken werd in relatie to vijf maairegimes
    Botrytis richt veel schade aan in tal van gewassen (Aantasting is sterk cultivar afhankelijk)
    Arkesteijn, M. ; Paternotte, S.J. - \ 2010
    Onder Glas 7 (2010)6/7. - p. 34 - 35.
    tuinbouwgewassen - botrytis - schimmelziekten - rassen (planten) - gevoeligheid van variëteiten - vatbaarheid - teelt onder bescherming - groenteteelt - fruitteelt - groenten - horticultural crops - botrytis - fungal diseases - varieties - varietal susceptibility - susceptibility - protected cultivation - vegetable growing - fruit growing - vegetables
    Botryotinia fuckeliana of grauwe schimmel (Botrytis) is een algemeen voorkomende schimmelziekte, die schade kan aanrichten in een breed scala aan tuinbouwgewassen. Botrytis is een zwakteparasiet. Daarom zijn verzwakt, afstervend weefsel en wonden gemakkelijke invalspoorten. De aanpak bestaat uit een combinatie van maatregelen om de sporendruk laag te houden, (klimaat)maatregelen om infectie te voorkomen en overige maatregelen, zoals de keuze voor minder gevoelige rassen, meer belichting in de ochtend en avond en weerstandsverhogende micro-nutriënten.
    Nieuw adviesmodel WUR maakt bestrijding Phytophthora goedkoper (interview met Geert Kessel)
    Engwerda, J. ; Kessel, G.J.T. - \ 2009
    Agrarisch dagblad 23 (2009)191. - ISSN 1380-6335 - p. 9 - 9.
    De helft van de phytophthora-populatie bestaat inmiddels uit het agressieve genotype Blue 13. Dit maakt het tijdstip van de phytophthora-bespuiting steeds belangrijker. Het onderzoeksinstituut Plant Research International (PRI-WUR) houdt bij hoe phytophthora zich ontwikkelt, zegt onderzoeker Geert Kessel. ”We kijken of de ziekteverwekker nieuwe eigenschappen krijgt en of die van invloed zijn op de aardappelteelt.” Uit onderzoek blijkt dat de populatie nu wordt gedomineerd door het genotype Blue 13. Kessel: ”Dit genotype is agressiever dan de andere. Zodra een phytophthora-spoor met dit agressieve genotype op een aardappelblad landt, ontstaat onder vochtige omstandigheden binnen een paar uur een infectie. De voortplantingscyclus van phytophthora is korter geworden. Voor de telers betekent dit dat het tijdstip van de preventieve bespuiting tegen phytophthora steeds nauwer luistert. Er zijn beslissingsondersteunende systemen die de telers helpen het beste spuitmoment te bepalen” Ondanks dat PRI constateert dat phytophthora steeds agressiever wordt, heeft dat geen effect op de werking van de gewasbeschermingsmiddelen. Kessel: ”De akkerbouwers gebruiken een breed scala aan middelen. Dat voorkomt dat phytophthora resistent wordt tegen de middelen”
    Coeliakie, gluten en de ontwikkeling van granen met verlaagde toxiciteit
    Gilissen, L.J.W.J. ; Meer, I.M. van der; Smulders, M.J.M. - \ 2009
    Patient Care 12 (2009). - ISSN 0770-4224 - p. 19 - 23.
    coeliakie - gluten - tarwegluten - graansoorten - toxiciteit - overgevoeligheid - eiwitten - voeding en gezondheid - voedselintolerantie - coeliac syndrome - gluten - wheat gluten - cereals - toxicity - hypersensitivity - proteins - nutrition and health - food intolerance
    Coeliakie is een voedingsgerelateerd probleem, veroorzaakt door een overgevoeligheidsreactie op gluten. De diagnose is moeilijk te stellen wegens de grote verscheidenheid aan symptomen. Een levenslang glutenvrij dieet is tot op heden de enige remedie. Gluten is echter een product dat in toenemende mate in een breed scala aan voedingsmiddelen gebruikt wordt, waardoor het steeds moeilijker wordt om gluten te vermijden. Granen met een verlaagde coeliakietoxiciteit kunnen uitkomst bieden.
    Het meten van lichaamssamenstelling in de eerstelijnszorg : bio-impedantie steeds populairder, maar op individueel niveau niet betrouwbaar
    Hulshof, P.J.M. - \ 2009
    Nederlands Tijdschrift voor Voeding en Dietetiek 64 (2009)5. - ISSN 1875-9955 - p. 7 - 10.
    voedingstoestand - lichaamssamenstelling - lichaamsgewicht - diëtisten - lichaamsvet - impedantie - nutritional state - body composition - body weight - dietitians - body fat - impedance
    Lichaamssamenstelling is een maat voor de voedingstoestand. Een groot scala aan methoden staat ter beschikking om lichaamssamenstelling te meten. Sommige van deze methoden zijn geschikt voor toepassing in de eerste lijn, zoals antropometrie en bio-impedantie. Andere, meer kostbare en geavanceerde technieken - zoals MRI, CT, DEXA en isotopen-verdunningsmethoden - zijn geschikter voor toepassing in een onderzoeksomgeving. Met name bio-impedantie wordt steeds populairder
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.