Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Records 1 - 13 / 13

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Verduurzaming biologische plaagbestrijding in komkommer
    Messelink, G.J. ; Steenpaal, S.E.F. van; Ramakers, P.M.J. - \ 2008
    plagenbestrijding - komkommers - biologische bestrijding - natuurlijke vijanden - gewasbescherming - roofmijten - glastuinbouw - glasgroenten - pest control - cucumbers - biological control - natural enemies - plant protection - predatory mites - greenhouse horticulture - greenhouse vegetables
    Onderzoek naar de selectie en toetsing van effectievere roofmijtsoorten voor de bestrijding van trips en witte vlieg en naar methodes voor duurzaam gebruik van natuurlijke vijanden
    Biological control of thrips and whiteflies by a shared predator: Two pests are better than one
    Messelink, G.J. ; Maanen, B. ; Steenpaal, S.E.F. van; Janssen, A. - \ 2008
    Biological Control 44 (2008)3. - ISSN 1049-9644 - p. 372 - 379.
    mediated apparent competition - phytoseiid predators - population-dynamics - alternative food - bemisia-tabaci - control agents - prey - plants - consequences - communities
    We studied the capacity of one species of predator to control two major pests of greenhouse crops, Western flower thrips (Frankliniella occidentalis (Pergande)) and the greenhouse whitefly (Trialeurodes vaporariorum (Westwood)). In such a one-predator¿two-prey system, indirect interactions can occur between the two pest species, such as apparent competition and apparent mutualism. Whereas apparent competition is desired because it brings pest levels down, apparent mutualism is not, because it does the opposite. Because apparent competition and apparent mutualism occurs at different time scales, it is important to investigate the effects of a shared natural enemy on biological control on a time scale relevant for crop growth. We evaluated the control efficacy of the predatory mites Amblyseius swirskii (Athias-Henriot) and Euseius ovalis (Evans) in cucumber crops in greenhouse compartments with only thrips, only whiteflies or both herbivorous insects together. Each of the two predators controlled thrips, but A. swirskii reduced thrips densities the most. There was no effect of the presence of whiteflies on thrips densities. Whitefly control by each of the two predators in absence of thrips was not sufficient, yet better with E. ovalis. However, whitefly densities in presence of thrips were reduced dramatically, especially by A. swirskii. The densities of predators were up to 15 times higher in presence of both pests than in the single-pest treatments. Laboratory experiments with A. swirskii suggest that this is due to a higher juvenile survival and developmental rate on a mixed diet. Hence, better control may be achieved not only because of apparent competition, but also through a positive effect of mixed diets on predator population growth. This latter phenomenon deserves more attention in experimental and theoretical work on biological control and apparent competition.
    Telen met toekomst roos: Secundaire plagen in de rozenteelt (information sheet)
    Pijnakker, J. ; Steenpaal, S.E.F. van; Boertjes, B.C. ; Haaring, M.A. - \ 2007
    plantenplagen - rozen - coccus hesperidum - panonychus ulmi - insecten - insectenplagen - bloementeelt - gewasbescherming - plagenbestrijding - plant pests - roses - coccus hesperidum - panonychus ulmi - insects - insect pests - floriculture - plant protection - pest control
    Beschrijving van 3 plantenplagen bij rozen: Brandnetelwants, (Liocoris tripustulatus), Platte dopluis, (Coccus hesperidum), Fruitspintmijt, (Panonychus ulmi)
    Signalering en geïntegreerde bestrijding van schadelijke wantsen in de glastuinbouw
    Steenpaal, S.E.F. van; Slooten, M.A. van; Messelink, G.J. - \ 2006
    Naaldwijk : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Sector Glastuinbouw - 38
    hemiptera - plantenplagen - glastuinbouw - plagenbestrijding - geïntegreerde bestrijding - hemiptera - plant pests - greenhouse horticulture - pest control - integrated control
    In zowel de sierteelt als de groenteteelt onder glas komt een aantal soorten schadelijke en nuttige wantsen voor. De drie meest voorkomende schadelijke wantsen zijn de brandnetelwants, Liocoris tripustulatus, behaarde wants Lygus rugulipennis en de groene appelwants Lygocoris pabulinus . Door het gebruik van minder breedwerkende gewasbeschermingsmiddelen kan de schade door wantsen toenemen. Maatregelen om deze wantsen te bestrijden of beheersbaar te houden zijn weinig bekend. In dit onderzoek zijn methoden voor biologische en chemische bestrijding onderzocht en is gekeken naar mogelijkheden van signalering.
    Evaluation of phytoseiid predators for control of western flower thrips on greenhouse cucumber
    Messelink, G.J. ; Steenpaal, S.E.F. van; Ramakers, P.M.J. - \ 2006
    BioControl 51 (2006)6. - ISSN 1386-6141 - p. 753 - 768.
    vapor-pressure deficit - amblyseius-cucumeris - biological-control - frankliniella-occidentalis - iphiseius-degenerans - neoseiulus-cucumeris - alternative food - life-history - mite - acari
    Ten predatory mite species, all phytoseiids, were evaluated for control of western flower thrips (WFT), Frankliniella occidentalis (Pergande) (Thysanoptera: Thripidae), on greenhouse cucumber. This study was done to further improve biological control of thrips on this crop. Neoseiulus cucumeris (Oudemans) is at present used for biological control of thrips in greenhouses. Compared to this species, Typhlodromalus limonicus (Garman & McGregor), Typhlodromips swirskii (Athias-Henriot) and Euseius ovalis (Evans) reached much higher population levels resulting in a significantly better control of thrips. T. limonicus was clearly the best predator of WFT. Also Euseius scutalis (Athias-Henriot) increased to higher populations levels than N. cucumeris, but without controlling the thrips, probably because of an unequal distribution of this predator on the plant. Iphiseius degenerans (Berlese), Neoseiulus barkeri (Hughes), Euseius finlandicus (Oudemans) and Typhlodromus pyri (Scheuten) did not establish better than N. cucumeris. A non-diapausing exotic strain of N. cucumeris did not differ from the North European strain. The best performers in this study were all of sub-tropical origin. T. limonicus, T. swirskii and E. ovalis have good potentials for controlling not only thrips but also whiteflies. Factors affecting the efficacy of phytoseiids on greenhouse cucumbers are discussed
    Nieuwe predatoren van trips en witte vlieg voor komkommer : opsporen en toetsen van nieuwe roofmijten voor de bestrijding van trips en witte vlieg in komkommer
    Messelink, G.J. ; Steenpaal, S.E.F. van; Holstein, R. van; Wensveen, W. van; Groot, E.B. de; Slooten, M.A. van; Ramakers, P.M.J. - \ 2005
    Naaldwijk : PPO BU Glastuinbouw (Rapporten PPO BU GTB ) - 83
    biologische bestrijding - roofmijten - komkommers - aleyrodidae - trialeurodes vaporariorum - thrips - insectenplagen - glastuinbouw - gewasbescherming - biological control - predatory mites - cucumbers - aleyrodidae - trialeurodes vaporariorum - thrips - insect pests - greenhouse horticulture - plant protection
    In komkommer was de soms matige tripsbestrijding met de standaard roofmijt Neoseiulus (Amblyseius) cucumeris aanleiding om nog eens goed te kijken naar de mogelijkheden voor nieuwe roofmijtsoorten. In 2003 werden negen soorten uit de familie Phytoseiidae (bladbewonende roofmijtsoorten) geselecteerd. Drie soorten scoorden significant beter als bestrijder van trips en bereikten significant hogere roofmijtdichtheden dan de standaard roofmijt N. cucumeris. Dit waren de subtropische soorten Typhlodromalus limonicus, Typhlodromips swirskii en Euseius ovalis. Vooral T. limonicus en T. swirskii bereikten opvallend hoge dichtheden wat resulteerde in een respectievelijk 12 en 9 keer zo grote populatie als bij als N. cucumeris. “Nieuwe” inheemse roofmijtsoorten, afkomstig van Cucurbitaceae, scoorden niet beter dan N. cucumeris. De nieuwe roofmijt T. swirskii was ook op gewasniveau een significant betere bestrijder van trips dan N. cucumeris. Een vergelijkingsproef liet bovendien zien dat T. swirskii in staat is om een populatie N. cucumeris volledig te verdringen.
    Bestrijding van turkse mot met een nieuw baculovirus
    Messelink, G.J. ; Slooten, M.A. van; Steenpaal, S.E.F. van; Oers, M.M. van; Vlak, J.M. - \ 2005
    Naaldwijk : PPO BU GTB (Rapporten PPO BU GTB ) - 63
    lepidoptera - insectenplagen - baculovirus - biologische bestrijding - lepidoptera - insect pests - baculovirus - biological control
    De werkzaamheid van het baculovirus varieert nogal binnen de getoetste gewassen. Om hiervan een beter beeld te krijgen vindt een bredere screening plaats in samenwerking met een tweetal toeleverende producenten van baculovirussen.
    Continuering geïntegreerde bestrijding insectenplagen over teeltwisselingen heen
    Messelink, G.J. ; Steenpaal, S.E.F. van; Wensveen, W. van; Ramakers, P.M.J. - \ 2005
    Naaldwijk : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Businessunit Glastuinbouw - 15
    komkommers - cucumis sativus - typhlodromalus limonicus - roofmijten - trialeurodes vaporariorum - geïntegreerde plagenbestrijding - cucumbers - cucumis sativus - typhlodromalus limonicus - predatory mites - trialeurodes vaporariorum - integrated pest management
    Het instandhouden en beter benutten van een aanwezige populatie roofmijten van de soort T. limonicus kan goed door het selecteren en overleggen van komkommerbladeren van de ene teelt naar de andere. Deze methode zou nog beter benut kunnen worden door bladeren over te leggen op het moment dat de roofmijtenpopulatie een hoog niveau heeft bereikt. In deze experimenten werden de bladeren altijd pas aan het einde van de teelt overgelegd. In de meeste gevallen was de populatie dan alweer teruggezakt naar een laag niveau, nadat trips of kaswittevlieg onderdrukt waren. Het eerder uitleggen van bladeren kan alleen op bedrijven die meerdere teelten van komkommer hebben staan met verschillende teeltperiodes.
    Typhlodromips swirskii (Athias-Henriot) (Acari: Phytoseiidae): a new predator for thrips control in greenhouse cucumber
    Messelink, G.J. ; Steenpaal, S.E.F. van; Wensveen, W. van - \ 2005
    IOBC/WPRS Bulletin 28 (2005)1. - p. 183 - 186.
    Productie van aubergine onder kunstlicht : optimaliseren van de klimaatinstelling onder een lichtniveau 185 mu-mol/m2.s (15.000 lux) SON-T belichting
    Kaarsemaker, R.C. ; Steenpaal, S.E.F. van; Pijnakker, J. ; Rijssel, E. van - \ 2004
    Naaldwijk : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Business Unit Glastuinbouw - 43
    solanum melongena - aubergines - kunstlicht - gewasproductie - nederland - solanum melongena - aubergines - artificial light - crop production - netherlands
    Om de productiemogelijkheden van aubergine in de winter te bepalen is een belichtingsonderzoek uitgevoerd. Er is gekozen voor een belichtingsniveau van 185 μmol/m².s (15.000 lux) SON-T belichting. De aubergines van het ras Combo zijn geplant op 15 oktober 2002. De proef is in overleg met de Landelijke Auberginecommissie in april 2003 beëindigd. Voorafgaand aan het onderzoek is een productieverwachting gemaakt. Op basis van de productieverwachting is een teeltplan gemaakt en de gewenste zetting en vruchtgrootte vastgesteld. De aubergine was bij afnemende lichthoeveelheid en toenemende plantbelasting in deze proef niet in balans te krijgen. Bij de zware gewasgroei in het najaar is gekozen voor een hoge etmaaltemperatuur. Achteraf gezien heeft de hoge temperatuur geleid tot slechte bloemkwaliteit en onvoldoende zetting in december. Daarnaast groeiden de vruchten te langzaam uit. De totale gerealiseerde hoeveelheid drogestof bleef achter bij de verwachting. Voordat de proef begon werd uitgegaan van een drogestofproductie van 1.3 g/mol fotonen. In werkelijkheid lijkt een drogestofproductie van 1.11 g/mol fotonen mogelijk. De gerealiseerde gewasgroei kwam overeen met de verwachte gewasgroei, maar de vruchtgroei was minder dan verwacht. Omdat de aubergine eerst gewas nodig heeft voordat er vruchten kunnen groeien, gaat het verschil in drogestofproductie van 0.19 g/mol fotonen volledig ten koste van de vruchtgroei.
    Wantsen en cicaden
    Steenpaal, S.E.F. van - \ 2004
    lygus rugulipennis - lygocoris pabulinus - pest control - insect pests - plant protection - protected cultivation - greenhouse horticulture
    Wantsen in komkommer, paprika en aubergine : een inventarisatie van nuttige en schadelijke soorten, verspreiding in Nederland en schadesymptomen
    Messelink, G. ; Steenpaal, S. van - \ 2002
    Naaldwijk : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Sector Glastuinbouw (PPO 563) - 31
    heteroptera - distributie - nederland - komkommers - aubergines - oogstschade - paprika - heteroptera - distribution - netherlands - cucumbers - aubergines - crop damage - sweet peppers
    Kasteelten van komkommer, paprika en aubergine hebben jaarlijks te maken met invlieg van schadelijke wantsen. Daarnaast worden nuttige wantsen als Orius spp. of Macrolophus caliginosus uitgezet en kunnen nuttige roofwantsen een kas binnenvliegen en zich daar vestigen. In dit onderzoek is geïnventariseerd welke schadelijke en nuttige wantsen kunnen optreden. Dit is gedaan met behulp van een enquête onder voorlichters en met lichtvallen in eco-teelten en bezoeken aan bedrijven. Vervolgens zijn van de drie belangrijkste schadelijke wantsen de schade geprovoceerd op jonge planten van komkommer, paprika en aubergine om een goede omschrijving van de symptomen te kunnen maken. De drie besproken wantsen zijn de "behaarde wants" Lygus rugulipennis, "groene appelwants" Lygocoris pabulinus en de "brandnetelwants" Liocoris tripustulatus. Tevens is in literatuur gekeken naar mogelijkheden voor biologische bestrijding en signalering van wantsen. Deze publicatie is voorzien van vele afbeeldingen en kleurenfoto’s die het herkennen van wantsen en aantastingen kunnen vereenvoudigen
    Invloed van assimilatiebelichting op de groei en ontwikkeling van paprika
    Maaswinkel, R.H.M. ; Raaphorst, M.G.M. ; Scheffers, C.P. ; Steenpaal, S.E.F. van; Slooten, M.A. van - \ 2002
    Naalwijk : Praktijkonderzoek Plant & Omgeving, Sector Glastuinbouw (Rapport GT13064)
    capsicum annuum - paprika's - jaarrondproductie - belichting - glastuinbouw - cultuurmethoden - vruchtgroenten - capsicum annuum - sweet peppers - all-year-round production - illumination - greenhouse horticulture - cultural methods - fruit vegetables
    de consument is gewend aan een jaarrondleverantie van groenten. Met de traditionele teeltwijze is het niet mogelijk om onder Nederlandse omstandigheden jaarrond vruchtgroenten van uitstekende kwaliteit aan te bieden. Gedurende de wintermaanden worden onder andere aubergines, komkommers, paprika's en tomaten uit Zuid-europese landen aan de (super)markten geleverd. Er zijn enkele Nederlandse telers die vruchtgroenten in Zuid-Europese landen telen en daardoor in staat zijn om via hun afzetorganisaties jaarrond te leveren. Bij de teelt van tomaten zijn er enkele bedrijven dien in Nederland telen onder zeer hoge belichtingsniveaus en daardoor jaarrond tomaten leveren. In het seizoen 2001-2002 is op verzoek van de landelijke commissie Paprika van LTO Groeiservice bij PPO te Naaldwijk onderzoek gedaan naar het effect van assimilatiebelichting op productie en productiekwaliteit bij paparika. Er is begin oktober geplant en vlak na het planten gestart met assimilatiebelichting. In het onderzoek zijn verschillen in geïnstalleerd vermogen (10.000 en 15.000 lux) en in belichtingsduur (13 en 17 uur) opgenomen. Naast het onderzoeken van het effect van belichting op gewasontwikkeling, productie, productkwaliteit en rentabiliteit is in dit onderzoek het effect bestudeerd van de belichting op de ontwikkeling van schimmels (meeldauw) en plagen (insecten).
    Check title to add to marked list

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.