Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

Records 1 - 20 / 91

  • help
  • print

    Print search results

  • export

    Export search results

  • alert
    We will mail you new results for this query: q=Stralen
Check title to add to marked list
Bestandsopname van mosselen op mosselkweekpercelen in de Waddenzee in juni-juli 2019
Capelle, Jakob ; Stralen, Marnix van - \ 2019
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C079/19) - 22
Een van de uitgangspunten bij de mosselzaadvisserij is dat de omvang van het mosselbestand in de Waddenzee en daarmee het voedselaanbod voor vogels niet minder is dan in een situatie dat er niet wordt gekweekt en gevist. Dat betekent dat in het najaar een zekere hoeveelheid mosselen op de kweekpercelen in de Waddenzee aanwezig dient te zijn. Na de voorjaarsvisserij wordt met een bestandsopname een schatting gemaakt van het bestand op de kweekpercelen (de zogenaamde ‘starthoeveelheid’) en wordt vervolgens bijgehouden hoeveel mosselen afgevoerd worden en hoeveel mosselen erbij komen. Een tweede bestandsopname is bedoeld om te kunnen valideren of de eerder genoemde hoeveelheid mosselen aan het begin van de winter inderdaad op de percelen aanwezig is. In voorliggende rapportage wordt de bestandsopname op de percelen na de voorjaarszaadvisserij van 2019 gerapporteerd. Hiertoe zijn alle kweekpercelen in de Waddenzee waar mosselen verwacht worden in juni-juli 2019 bemonsterd. Het totale bestand op de percelen na de voorjaarsvisserij 2019 is geschat op 94,1 miljoen kg netto en 144,8 miljoen kg bruto. Het totale bestand is hiermee hoger dan gemiddeld in het voorjaar (sinds het begin van de metingen in 2013).
Invang van mosselzaad in MZI’s : Resultaten 2018
Capelle, Jacob ; Stralen, Marnix van - \ 2019
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C057/19) - 27
Voorliggend technisch rapport behandelt de resultaten van de oogst van mosselzaad van de zogenaamde Mosselzaadinvangsinstalaties (MZI’s) in de Oosterschelde, Voordelta en Waddenzee in 2018 met als doel: Inzicht te geven in de oogstresultaten in relatie tot de afspraken in het mosselconvenant. Inzicht te geven in de geschiktheid van locaties voor MZI’s en de daarbij gebruikte invangsystemen. Dit rapport is opgesteld in opdracht van de PO Mosselcultuur. In 2018 is in de Nederlandse wateren totaal 20,7 miljoen kg (207 duizend mosselton) mosselzaad geoogst van de MZI’s. Het merendeel hiervan, 18,5 miljoen kg (waarvan 17,5 Mkg door transitiebedrijven en 1,0 Mkg door experimenteerbedrijven) is ingevangen in de Waddenzee. In de Oosterschelde is 1,8 miljoen kg en in de Voordelta 0,4 miljoen kg mosselzaad geoogst. Binnen het mosselconvenant is afgesproken de bodemzaadvisserij stapsgewijs af te bouwen in een tempo waarin alternatieve bronnen van mosselzaad productie/vangst kunnen worden ontwikkeld waarmee een rendabele kweek mogelijk blijft. Inmiddels zijn twee stappen gezet en de derde stap is gepland voor 2019. Voor de eerste twee stappen dient respectievelijk 11 Mkg en 14 Mkg mosselzaad beschikbaar te zijn uit MZI’s Met de productie van 18 Mkg mosselzaad in alleen al de Waddenzee kan hierin ruimschoots worden voorzien. Er is totaal 29% meer mosselzaad ingevangen dan in 2017 en 5% meer dan in 2015 (het jaar met de hoogste productie voorafgaand aan 2018). Er is zowel in de Zeeuwse Delta als in de Waddenzee meer substraat in het water gehangen dan in voorgaande jaren. In combinatie met over het algemeen goede oogstresultaten heeft dit geleidt tot een goede oogst in 2018. Uitzonderingen zijn (relatief aan voorgaande jaren) het Malzwin, de Zuidwal, Neeltje Jans en de Voordelta. De oorzaak hiervoor is te vinden in de tegenvallende oogst aan de nettensystemen op deze locaties. Daar staat tegenover dat de oogst per meter touw hoger was dan in voorgaande jaren.
Bestandsopname van mosselen op mosselkweekpercelen in de Waddenzee in december 2018
Capelle, Jacob J. ; Stralen, Marnix R. van - \ 2019
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C041/19) - 26
Een van de uitgangspunten bij de mosselzaadvisserij is dat de omvang van het mosselbestand in de Waddenzee en daarmee het voedselaanbod voor vogels niet minder is dan in een situatie waar niet wordt gekweekt en gevist. Dat betekent dat in het najaar een zekere hoeveelheid mosselen op de kweekpercelen in de Waddenzee aanwezig dient te zijn. Voor 2018 (peildatum 1 december) is deze hoeveelheid vastgesteld op 13,8 Miljoen kg netto versgewicht. Na de voorjaarsvisserij wordt met een bestandsopname een schatting gemaakt van het bestand op de kweekpercelen (de zogenaamde ‘starthoeveelheid’) en wordt vervolgens bijgehouden hoeveel mosselen afgevoerd worden en hoeveel mosselen erbij komen. Een tweede bestandsopname is bedoeld om te kunnen valideren of de eerder genoemde hoeveelheid mosselen aan het begin van de winter inderdaad op de percelen aanwezig is. Voorliggende rapportage betreft de bestandsopname van mosselen op percelen in de Waddenzee in december 2018, ter validatie van de voornoemde starthoeveelheid. Hiertoe zijn in de Waddenzee alle kweekpercelen of delen van kweekpercelen waar mosselen verwacht worden in december 2018 bemonsterd. Het totale bestand op de percelen in december 2018 is hiermee geschat op 91,5 miljoen kg versgewicht. Op basis van deze schatting kan geconcludeerd worden dat de benodigde minimale hoeveelheid mosselen op 1 december 2018 ruimschoots op de percelen aanwezig was.
The Birth, Growth and Death of Intertidal Soft-Sediment Bivalve Beds: No Need for Large-Scale Restoration Programs in the Dutch Wadden Sea
Meer, Jaap van der; Dankers, Norbert ; Ens, Bruno J. ; Stralen, Marnix van; Troost, Karin ; Waser, Andreas M. - \ 2019
Ecosystems 22 (2019)5. - ISSN 1432-9840 - p. 1024 - 1034.
Crassostrea gigas - demography - Mytilus edulis - overfishing - proportional hazard - recovery - restoration - survival analysis

Recruitment and fate of all 1436 mussel and oyster beds of the Dutch Wadden Sea were studied for the period 1999–2013. Cox’s proportional hazard rate model with covariates such as orbital speed, exposure time and bed size and type showed that large, low-lying beds that experience a low orbital speed live longer. Yet the most striking result was that oyster and mixed beds have a much lower hazard rate than pure mussel beds. Simulation studies, using the observed recruitment series, which was very variable, and the estimated survival curves, showed large variability in total bed area, implying that the present area, though lower than before, does not point to a systematic deviation from the pre-1990 situation, that is, the situation before intensive fisheries on these intertidal beds and the disappearance of them around 1990. Claims that bivalve bed recovery is impossible without restoration efforts are premature and not supported by our analysis. On the contrary, the observed high survival rate of mixed and oyster beds and the expectation that such beds will predominate in the near future can easily result in larger future bed coverage than what has been measured before.

Bestandsopname van mosselen op mosselkweekpercelen in de Waddenzee in juni 2018
Capelle, Jacob J. ; Stralen, R. van - \ 2018
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C063/18) - 20
Een van de uitgangspunten bij de mosselzaadvisserij is dat de omvang van het mosselbestand in de Waddenzee en daarmee het voedselaanbod voor vogels niet minder is dan in een situatie dat niet wordt gekweekt en gevist. Dat betekent dat in het najaar een zekere hoeveelheid mosselen op de kweekpercelen in de Waddenzee aanwezig dient te zijn. Na de voorjaarsvisserij wordt met een bestandsopname een schatting gemaakt van het bestand op de kweekpercelen (de zogenaamde ‘starthoeveelheid’) en wordt vervolgens bijgehouden hoeveel mosselen afgevoerd worden en hoeveel mosselen erbij komen. Een tweede bestandsopname is bedoeld om te kunnen valideren of de eerder genoemde hoeveelheid mosselen aan het begin van de winter inderdaad op de percelen aanwezig is. In voorliggende rapportage wordt de bestandsopname op de percelen na de voorjaarszaadvisserij van 2018 gerapporteerd. Hiertoe zijn alle kweekpercelen in de Waddenzee waar mosselen verwacht worden in juni 2018 bemonsterd. Het totale bestand op de percelen eind juni is geschat op 71,0 miljoen kg, netto en 103,0 miljoen kg bruto. Het totale bestand is vooral door het uitblijven van een visbaar zaadbestand in 2017 minder groot dan in de laatste twee jaren (2016-2017) maar wel hoger dan in de periode daarvoor (2013-2015). Er zijn in juni 2018 relatief weinig zeesterren en krabben aangetroffen op de percelen.
Ontwikkeling van bodemdieren in voor mosselzaad- en garnalenvisserij gesloten gebieden in de westelijke Waddenzee : evaluatie na drie jaar monitoring
Troost, Karin ; Stralen, Marnix van; Craeymeersch, Johan ; Ende, Douwe van den; Asch, Margriet van - \ 2018
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C013/18) - 46
Bestandsopname van mosselen op mosselkweekpercelen in de Waddenzee in februari 2018
Capelle, Jakob ; Stralen, Marnix van - \ 2018
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C027/18) - 22
Een van de uitgangspunten bij de mosselzaadvisserij is dat de omvang van het mosselbestand in de Waddenzee en daarmee het voedselaanbod voor vogels niet minder is dan in een situatie dat niet wordt gekweekt en gevist. Dat betekent dat in het najaar een zekere hoeveelheid mosselen op de kweekpercelen in de Waddenzee aanwezig dient te zijn. Voor 2017 is deze hoeveelheid vastgesteld op 48 miljoen (peildatum 1 december). Na de voorjaarsvisserij wordt met een bestandsopname een schatting gemaakt van het bestand op de kweekpercelen (de zogenaamde ‘starthoeveelheid’) en wordt vervolgens bijgehouden hoeveel mosselen afgevoerd worden en hoeveel mosselen erbij komen. Een tweede bestandsopname is bedoeld om te kunnen valideren of de eerder genoemde hoeveelheid mosselen aan het begin van de winter inderdaad op de percelen aanwezig was. In voorliggende rapportage wordt de bestandsopname op de percelen in de winter van 2017/2018 gerapporteerd. Hiertoe zijn alle kweekpercelen in de Waddenzee waar mosselen verwacht worden in de winter van 2017/2018 bemonsterd. Het totale bestand op de percelen in eind januari-begin februari is geschat op 50,4 miljoen kg. Op basis van deze schatting kan geconcludeerd worden dat de benodigde minimale hoeveelheid mosselen op 1 december 2017 op de percelen aanwezig was.
Invang van mosselzaad in MZI’s : resultaten 2017
Capelle, Jacob ; Blanco, Ainhoa ; Stralen, Marnix van - \ 2018
Yerseke : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research report C019/18) - 35
In vivo selection of sfGFP variants with improved and reliable functionality in industrially important thermophilic bacteria
Frenzel, Elrike ; Legebeke, Jelmer ; Stralen, Atze Van; Kranenburg, Richard Van; Kuipers, Oscar P. - \ 2018
Biotechnology for Biofuels 11 (2018)1. - ISSN 1754-6834
Biotechnology - Cyan - FACS - Geobacillus sp. - GFP - In vivo application - Parageobacillus sp. - Protein engineering - sfGFP - Thermophilic bacteria - Thermostability - Yellow
Background: Fluorescent reporter proteins (FP) have become an indispensable tool for the optimization of microbial cell factories and in synthetic biology per se. The applicability of the currently available FPs is, however, constrained by species-dependent performance and misfolding at elevated temperatures. To obtain functional reporters for thermophilic, biotechnologically important bacteria such as Parageobacillus thermoglucosidasius, an in vivo screening approach based on a mutational library of superfolder GFP was applied. Results: Flow cytometry-based benchmarking of a set of GFPs, sfGFPs and species-specific codon-optimized variants revealed that none of the proteins was satisfyingly detectable in P. thermoglucosidasius at its optimal growth temperature of 60 °C. An undirected mutagenesis approach coupled to fluorescence-activated cell sorting allowed the isolation of sfGFP variants that were extremely well expressed in the chassis background at 60 °C. Notably, a few nucleotide substitutions, including silent mutations, significantly improved the functionality and brightness. The best mutant sfGFP(N39D/A179A) showed an 885-fold enhanced mean fluorescence intensity (MFI) at 60 °C and is the most reliable reporter protein with respect to cell-to-cell variation and signal intensity reported so far. The in vitro spectral and thermostability properties were unaltered as compared to the parental sfGFP protein, strongly indicating that the combination of the amino acid exchange and an altered translation or folding speed, or protection from degradation, contribute to the strongly improved in vivo performance. Furthermore, sfGFP(N39D/A179A) and the newly developed cyan and yellow derivatives were successfully used for labeling several industrially relevant thermophilic bacilli, thus proving their broad applicability. Conclusions: This study illustrates the power of in vivo isolation of thermostable proteins to obtain reporters for highly efficient fluorescence labeling. Successful expression in a variety of thermophilic bacteria proved that the novel FPs are highly suitable for imaging and flow cytometry-based studies. This enables a reliable cell tracking and single-cell-based real-time monitoring of biological processes that are of industrial and biotechnological interest.
Positionering zone 2 - VIBEG II akkoord : Ontwikkeling van het voorstel en de ecologische onderbouwing daarbij
Stralen, M.R. van; Craeymeersch, J.A.M. - \ 2018
Scharendijke : Marinx (Rapport / MarinX 2018.179) - 25 p.
In de zomer van 2017 is het nieuwe VIBEG II akkoord ondertekend. Daarin is opgenomen dat de zone-2 gebieden uit het eerste akkoord met een totaal oppervlak 216 km2 weer worden opengesteld voor de garnalenvisserij. Eén van de afspraken daarbij is in het zuidelijk deel van het gebied “Borkummer Stenen”
een beschermingszone wordt ingericht waarin geen enkele vorm van bodemberoerende visserij is toegestaan. Dit onder de voorwaarde dat de natuurwaarden en meer in het bijzonder de biodiversiteit van het bodemleven van het nieuw te sluiten gebied minstens gelijk zijn aan die in zone-2 gebieden in het VIBEG-I akkoord. De opdracht is vormgegeven in nauwe samenspraak met de regiegroep en de werkgroep VIBEG. Daar zijn de uitgangspunten voor het voorstel nader uitgewerkt en zijn mogelijke varianten en de uitkomsten van uitgevoerde analyses besproken. Onderdeel van dit traject is dat middels twee
klankbordgroepbijeenkomsten ook actieve vissers zijn geconsulteerd op hun kennis van het gebied en de opties tot maatwerk. Dit laatste heeft er toe geleid dat een deel van het te sluiten gebied bij Terschelling is gepositioneerd. In een sessie met natuurorganisaties zijn de uitgangspunten voor de
biodiversiteitwaarden die ten grondslag liggen aan het huidige voorstel zijn aangescherpt. In de twee laatste werkgroepvergaderingen op 23 november en 11 december 2017 zijn de ingebrachte suggesties daarop uitgevoerde analyses op hun doorwerking bijeengebracht en in het uiteindelijke kaartbeeld vorm
gegeven (bijlage 1), en is door de Regiegroep VIBEG op 17 december 2017 vastgesteld. De ecologische onderbouwing bij het voorstel is gebaseerd op een uitgebreide analyse van bestaande bodemdiergegevens, waarvan de gerichte studies in de Borkummer Stenen door Bos et al. (2012 en 2014) en de gegevens zoals die sinds 1995 in het kader van de WOT-schelpdieren langs de hele
Nederlandse kust worden verzameld de belangrijkste zijn. Voor de achtergronden daarbij wordt verder verwezen naar de hoofdtekst van dit rapport. Op alle onderzochte parameters scoort het VIBEG II voorstel niet slechter en in een aantal gevallen zelfs substantieel beter dan voor de zone-2 gebieden zoals die het VIBEG-I akkoord zijn vastgelegd. Het voorstel voldoet daarmee aan het uitgangspunt in het VIBEG II akkoord dat de natuur er met de verplaatsing van zone-2 er niet op achteruit mag gaan.
Invang van mosselzaad in MZI’s : resultaten 2016
Capelle, Jacob J. ; Stralen, Marnix R. van - \ 2017
IJmuiden : IMARES Wageningen UR (IMARES rapport C044/17) - 30
mosselteelt - oosterschelde - mossels - waddenzee - schaal- en schelpdierenvisserij - zaaibedden - mussel culture - eastern scheldt - mussels - wadden sea - shellfish fisheries - seedbeds
Voorliggend rapport behandelt de resultaten van de invang van mosselzaad in zogenaamde Mosselzaadinvangsinstalaties (MZI’s) in de Oosterschelde, Voordelta en Waddenzee in 2016. Het rapport is gebaseerd op gegevens die door de MZI-ondernemers moeten worden aangeleverd bij het Ministerie van Economische Zaken. Het rapport is opgesteld in opdracht van de PO Mosselcultuur. Van het oppervlak dat in 2016 voor de invang van mosselzaad is vergund (390 ha voor transitie- en experimenteerbedrijven samen) is 253 ha (35%) niet voor mosselzaadinvang benut. De niet gebruikte ruimte wordt voor het merendeel gevormd door kavels of delen daarvan die wel geschikt zijn voor MZI’s, maar niet zijn gebruikt en uit restruimte die vanwege de vorm of afmetingen ongeschikt is voor het neerleggen van MZI’s. In 2016 is met de MZI’s totaal 18.06 miljoen kg (= 181 duizend mosselton) mosselzaad ingewonnen. De oogst aan MZI-zaad is daarmee 8% lager dan in 2015. De lagere productie in 2016 ten opzichte van 2015 komt geheel op het conto van de Deltawateren. De voornaamste oorzaak hiervoor is dat in de Oosterschelde en in de Voordelta in 2016 respectievelijk 57% en 32% minder substraat is uitgehangen dan in 2015, terwijl in de Waddenzee dit vrijwel gelijk gebleven is (stijging van 1% t.o.v. 2015). Het overgrote deel van het ingewonnen zaad in de Waddenzee (16.60 Mkg) is na het oogsten uitgezaaid op percelen in de Waddenzee, 2% is overgebracht naar de Oosterschelde. Het mosselzaad dat in de Oosterschelde en Voordelta is ingewonnen (resp. 1.03 Mkg en 0.42 Mkg) is uitgezaaid op percelen in de Oosterschelde; 0.06 Mkg is overgebracht naar mosselhangcultures. Door de bedrijven die onderdeel uitmaken van de transitie is in 2016 totaal 16.67 Mkg mosselzaad geproduceerd, waarvan 15.20 Mkg in de Waddenzee, 1.03 Mkg in de Oosterschelde en 0.42 Mkg in de Voordelta. Ten opzichte van 2015 is dit een verschil van respectievelijk 12%, -50% en -67%. Het vangstverlies van de eerste en de tweede transitiestap (11 Mkg) is met deze opbrengst gecompenseerd. Het streven is in 2018 een derde stap te zetten met een omvang van 10% van de totale mosselzaadvisserij, die daarmee dan voor 38% is afgebouwd. Verwacht wordt dat ook in volgende jaren het vangstverlies dat met deze derde stap gepaard gaat (ca. 4 Mkg tot totaal 15 Mkg) met MZI’s in de Waddenzee kan worden gecompenseerd. De uitdaging voor het kunnen zetten van de derde stap is of het extra ingewonnen zaad ook rendabel kan worden opgekweekt, waarvoor een verbetering van de kwaliteit van het percelenareaal wordt beoogd met 270 ha goede percelen (A-B grond). Het seizoen 2016 kenmerkt zich door tegenvallende oogsten in de Oosterschelde, zowel op de bodempercelen als op enkele MZI locaties. Ondanks dat in juni de broedval op de MZI systemen in de Oosterschelde er prima uit zag, is gedurende de zomer op de locaties Schaar van Colijn, Vuilbaard en Vondelinge van het MZI zaad een groter deel van in voorgaande jaren niet tot wasdom gekomen. Een sluitende verklaring hiervoor is nog niet gevonden. Technische problemen, waaronder met de verankering en beschadiging van de systemen door aanvaringen, zijn net als in voorgaande jaren beperkt gebleven tot een enkel incident. De massale vestiging van zeesterren in de MZI’s, zoals die in 2011 plaatsvond, is in 2016 opnieuw uitgebleven.
Population dynamics of subtidal blue mussels Mytilus edulis and the impact of cultivation
Capelle, J. ; Stralen, Marnix Van; Wijsman, J.W.M. ; Herman, Peter M.J. ; Smaal, A.C. - \ 2017
Aquaculture Environment Interactions 9 (2017). - ISSN 1869-215X - p. 155 - 168.
Ecosystem goods and services - Salinity - Asterias rubens - Sea star - Aquaculture impact - Sampling Bottom culture - Wadden Sea
Fishery on subtidal mussel beds and subsequent relying on culture plots in the same system is a common practice in bottom mussel culture. We address factors that determine the population dynamics of subtidal blue mussels Mytilus edulis L. and to what extent total (natural plus cultured) subtidal mussel biomass in the system is affected by fishery practices. Mussel size and density of spatially segregated natural and cultured subtidal mussel populations in the western
Wadden Sea were measured over time in 2 field studies. Spatial patterns in survival rates showed better spat survival in areas with lower salinity and lower density of sea stars Asterias rubens. This suggests that mussel survival is negatively related to sea star distribution which is to a large extent
controlled by salinity. The Asterias−Mytilus relation in the Wadden Sea is an example of the concept that environmental stress determines the successes of the prey by affecting the prey− predator relationship. Natural beds that escape predation are found at lower salinities, and mussels on these beds showed low growth rates, also because of lower food quality in these areas. Mussel culture is strongly affecting the population dynamics of the subtidal mussel population,
through relay of mussels from natural mussel beds to culture plots. This activity increases mussel growth and survival, because food quality on culture plots is high and predation is controlled. Despite harvesting, mussel biomass production on culture plots was higher than on natural mussel beds, enhancing total subtidal mussel stock.
Toward the optimal strategy for sustained weight loss in overweight cancer survivors : a systematic review of the literature
Hoedjes, Meeke ; Stralen, Maartje M. van; Joe, Sheena Tjon A. ; Rookus, Matti ; Leeuwen, Flora van; Michie, Susan ; Seidell, Jacob C. ; Kampman, Ellen - \ 2017
Journal of Cancer Survivorship 11 (2017)3. - ISSN 1932-2259 - p. 360 - 385.
Behaviour change techniques - Cancer survivors - Lifestyle intervention components - Weight loss maintenance
Purpose: To gain more insight into the optimal strategy to achieve weight loss and weight loss maintenance in overweight and obese cancer survivors after completion of initial treatment, this systematic review aimed to provide an overview of the literature on intervention effects on weight, to describe intervention components used in effective interventions, to identify and synthesize behaviour change techniques (BCTs) and to assess the frequency with which these BCTs were used in effective interventions. Methods: Six databases were searched for original research articles describing weight changes in adult overweight cancer survivors after participation in a lifestyle intervention initiated after completion of initial treatment. Two researchers independently screened the retrieved papers and extracted BCTs using the BCT Taxonomy version 1. Results: Thirty-two papers describing 27 interventions were included. Interventions that were evaluated with a robust study design (n = 8) generally showed
Effect of seeding density on biomass production in mussel bottom culture
Capelle, Jacob J. ; Wijsman, Jeroen W.M. ; Stralen, Marnix R. Van; Herman, Peter M.J. ; Smaal, Aad C. - \ 2016
Journal of Sea Research 110 (2016). - ISSN 1385-1101 - p. 8 - 15.
Growth - Mortality - Mussel seed - Mytilus edulis - Population dynamics - Wadden Sea

Effects of seeding density on biomass production in mussel bottom culture are investigated by detailed monitoring of culture practice in the western Wadden Sea, The Netherlands. The seeds originate from different sources. The seeds differ in size and farmers apply seeding techniques dependent on the seed size resulting in different seed densities on the culture plots. We hypothesise growth to be density dependent and that biomass production is primarily determined by survival and is therefore a function of seed density which is related to the activities of the farmers. Data was collected from 42 different culture plots over a three year period (June 2009-June 2012). During this period, 66 sub-populations were followed from seeding until harvest. Seeding at the start of the culture resulted in an instantaneous drop in biomass production, caused by large losses in mussel number. These losses were on average 42% of the mussels seeded. This seeding loss decreased with mussel size and increased with seeding density. A subsequent density dependent loss of 1.8 mussels per day was found for smaller mussels (<30 mm), and a non-density dependent loss of 0.8 mussels per day for larger mussels (> 30 mm) during grow out. Overall loss from seeding to harvest was high, from 92% for the smallest seeds collected from spat collectors, to 54% for half-grown mussels fished from natural beds in the spring. No indication was found that growth or mussel condition was affected by culture plot scale density. Growth was dependent on mussel size and age, and this largely determined the differences in biomass production between seed sources. The density dependent seeding loss associated with seeding activities largely determined survival, and hence overall biomass production.

Ruimtelijke verspreiding van mosselen en Japanse oesters in de Waddenzee in de periode 1992 - 2013
Troost, K. ; Stralen, M.R. van; Zweeden, C. van; Brinkman, A.G. - \ 2015
Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C062/15) - 35
mossels - oesters - schaal- en schelpdierenteelt - waddenzee - habitats - visserijbeleid - kaarten - ecosystemen - monitoring - mussels - oysters - shellfish culture - wadden sea - fishery policy - maps - ecosystems
Het doel van dit rapport is om de tot op heden verzamelde gegevens met betrekking tot het voorkomen van mosselbanken en oesterbanken in de Nederlandse Waddenzee samen te voegen en toegankelijk te maken voor een breed publiek. In dit rapport wordt ruimtelijke informatie gepresenteerd, zonder in te gaan op achterliggende factoren en oorzaken. Voor dat laatste wordt verwezen naar de literatuurverwijzingen zoals opgenomen. De verzamelde gegevens zijn geaggregeerd tot kaarten waarin inzichtelijk wordt gemaakt waar en in welke frequentie mosselbanken aanwezig zijn geweest. Het is daarbij goed mogelijk dat er nu ter plaatste geen mosselen liggen. De kaarten laten evenwel zien waar ze hebben gelegen en de omstandigheden klaarblijkelijk dus geschikt zijn om ze te laten ontstaan. De gebieden waar frequent mosselbanken hebben gelegen worden daarom aangeduid als ‘mosselgebieden’.
Large-Scale Spatial Dynamics of Intertidal Mussel (Mytilus edulis L.) Bed Coverage in the German and Dutch Wadden Sea
Folmer, Eelke O. ; Drent, Jan ; Troost, Karin ; Büttger, Heike ; Dankers, Norbert ; Jansen, Jeroen ; Stralen, Marnix van; Millat, Gerald ; Herlyn, Marc ; Philippart, Catharina J.M. - \ 2014
Ecosystems 17 (2014)3. - ISSN 1432-9840 - p. 550 - 566.
Intertidal blue mussel beds are important for the functioning and community composition of coastal ecosystems. Modeling spatial dynamics of intertidal mussel beds is complicated because suitable habitat is spatially heterogeneously distributed and recruitment and loss are hard to predict. To get insight into the main determinants of dispersion, growth and loss of intertidal mussel beds, we analyzed spatial distributions and growth patterns in the German and Dutch Wadden Sea. We considered yearly distributions of adult intertidal mussel beds from 36 connected tidal basins between 1999 and 2010 and for the period 1968-1976. We found that in both periods the highest coverage of tidal flats by mussel beds occurs in the sheltered basins in the southern Wadden Sea. We used a stochastic growth model to investigate the effects of density dependence, winter temperature and storminess on changes in mussel bed coverage between 1999 and 2010. In contrast to expectation, we found no evidence that cold winters consistently induced events of synchronous population growth, nor did we find strong evidence for increased removal of adult mussel beds after stormy winter seasons. However, we did find synchronic growth within groups of proximate tidal basins and that synchrony between distant groups is mainly low or negative. Because the boundaries between synchronic groups are located near river mouths and in areas lacking suitable mussel bed habitat, we suggest that the metapopulation is under the control of larval dispersal conditions. Our study demonstrates the importance of moving from simple habitat suitability models to models that incorporate metapopulation processes to understand spatial dynamics of mussel beds. The spatio-dynamic structure revealed in this paper will be instrumental for that purpose.
Analyse van schelpdierbestanden 1992 - 2009 Oosterschelde en Westelijke Waddenzee met een aanvulling voor 2010 - 2012
Schellekens, T. ; Stralen, M.R. van; Asch, M. van; Smaal, A.C. - \ 2014
Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C189/13) - 62
schaal- en schelpdierenvisserij - mossels - schaaldieren - aquatische ecologie - nadelige gevolgen - natura 2000 - monitoring - waddenzee - oosterschelde - shellfish fisheries - mussels - shellfish - aquatic ecology - adverse effects - wadden sea - eastern scheldt
Dit rapport betreft een analyse van bestaande data van schelpdierbiomassa, groei van mosselen en kokkels, en algenproductie, in de Oosterschelde en de westelijke Waddenzee in de periode 1992-2009. De analyse is gericht op de vraag in hoeverre schelpdiergroei is gerelateerd aan de omvang van de schelpdiervoorraad en aan de voedselproductie.
Ontwikkeling en stabiliteit van sublitorale mosselbanken, samenvattend eindrapport
Smaal, A.C. ; Brinkman, A.G. ; Schellekens, T. ; Jansen, J.M. ; Agüera García, A. ; Stralen, M.R. van - \ 2014
Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C066/14) - 32
mosselteelt - habitats - waddenzee - modellen - vis vangen - netten - mussel culture - wadden sea - models - fishing - nets
Dit rapport is een verslag over onderzoek naar factoren die van belang zijn voor de stabiliteit van wilde sublitorale mosselbanken. Stabiliteit is gedefinieerd als de kans die eenmaal gevestigde wilde mosselbanken hebben om meerdere winters te overleven. In 2005 is op basis van ervaring een stabiliteitskaart opgesteld voor mosselbanken in de westelijke Waddenzee. Het habitatmodel is gericht op het verband tussen het voorkomen van (wilde) mosselen en de abiotische omstandigheden zoals zoutgehalte, diepte, stroming en slibgehalte van de bodem op de locaties waar mosselen werden aangetroffen. Een factor die moeilijk voorspelbaar is, maar die in de praktijk van groot belang kan zijn, is het wegspoelen van mosselen tijdens stormen.
Rendement van mosselkweek in de westelijke Waddenzee
Wijsman, J.W.M. ; Schellekens, T. ; Stralen, M. van; Capelle, J. ; Smaal, A.C. - \ 2014
Yerseke : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C047/14) - 79
schaal- en schelpdierenteelt - mosselteelt - bodemcultuur - rendement - visserijbeheer - waddenzee - shellfish culture - mussel culture - bottom culture - returns - fishery management - wadden sea
Het verbeteren van het kweekrendement van mosselpercelen is in het belang van de sector en de natuur. Immers de opbrengst van de percelen verbetert voor de kweker omdat efficiënter met de beschikbare grondstof, het mosselzaad, kan worden omgesprongen. Daarom is er binnen PRODUS onderzoek gedaan naar factoren die het kweekrendement beïnvloeden. Naas de invloed van natuurlijke factoren zoals het voedselaanbod en predatie zijn de wijze waarop de kwekers percelen beheren en onderhouden onderwerp van deze studie.
Spatial organisation and biomass development after relaying of mussel seed
Capelle, J.J. ; Wijsman, J.W.M. ; Schellekens, T. ; Stralen, M.R. van; Herman, P.M.J. ; Smaal, A.C. - \ 2014
Journal of Sea Research 85 (2014). - ISSN 1385-1101 - p. 395 - 403.
mytilus-edulis l. - oystercatchers haematopus ostralegus - carcinus-maenas - fractal geometry - seasonal-changes - wadden sea - beds - size - predation - dynamics
It is not known whether and by what factors spatial heterogeneity in mussels (Mytilus edulis L.) affects mussel production in human-created mussel beds. In a field experiment, the same number of mussels was relayed on four different areas within plots of the same size, resulting in four treatments with different mussel densities. Density, individual weight and spatial structure of mussels were followed per treatment. The uniformly placed mussels on different areas redistributed into new patches, but mussels did not spread out over a larger area. Initial mussel density affected redistribution and mussel survival. At high densities mussels redistributed into a uniform matrix or in a few larger patches, that showed larger losses than at low densities, where mussels redistributed into a high number of patches. Growth rate and condition index of the mussels did not differ between treatments and no relation was found between treatment and number of foraging shore crabs, which was the major predator of mussels in this experiment. We hypothesise that the relation between initial mussel density and mussel loss after relaying is associated with redistribution, with less competition for space when mussels are positioned at the edge of a mussel patch. The very high mussel losses that we observed in the experiment within four weeks after relaying were the major factor in biomass development. Mussel bed formation concerns mussel growers and managers involved in natural mussel bed restoration. Initial mussel survival determines the success of these activities. The present study shows the effects of mussel relaying on spatial redistribution for the first time under field conditions, and underlines the importance of edge effects in understanding mussel loss in redistribution. Mussel survival after relaying will be higher when the mussels are distributed homogeneously and in relatively low density.
Check title to add to marked list
<< previous | next >>

Show 20 50 100 records per page

 
Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.