Staff Publications

Staff Publications

  • external user (warningwarning)
  • Log in as
  • language uk
  • About

    'Staff publications' is the digital repository of Wageningen University & Research

    'Staff publications' contains references to publications authored by Wageningen University staff from 1976 onward.

    Publications authored by the staff of the Research Institutes are available from 1995 onwards.

    Full text documents are added when available. The database is updated daily and currently holds about 240,000 items, of which 72,000 in open access.

    We have a manual that explains all the features 

    Records 1 - 20 / 102

    • help
    • print

      Print search results

    • export

      Export search results

    Check title to add to marked list
    Recreatieve staandwantsurvey 2018 -2019
    Hammen, T. van der; Bruijn, P. de - \ 2020
    IJmuiden : Stichting Wageningen Research, Centrum voor Visserijonderzoek (CVO) (CVO rapport 20.007) - 13
    De Europese Data Collectie Verordening (Data Collection Framework, DCF) verplicht lidstaten tot het verzamelen van data met betrekking tot de omvang van de recreatieve visserij op aal, kabeljauw, zeebaars, zalm, pollak, haaien en roggen in het zoute water en op aal en zalm in de binnenwateren. Nederland is daardoor verplicht te rapporteren over (gevangen en vrijgelaten) vangsten van voornoemde soorten. In opdracht van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit(LNV)is in 2009 het project recreatieve visserij gestart in het kader van de wettelijke onderzoekstaken (WOT). Dit programma wordt beheerd en uitgevoerd door Wageningen Marine Research (WMR) en bestaat uit 4 surveys:(1) screening survey, (2) logboek survey, (3) onsite survey en (4) staandwantsurvey. Dit rapport betreft de uitkomsten van de staandwant survey. De overige surveys worden in een andererapportage gepubliceerd. Van maart2018 tot en met februari2019is voor de derde maaleen recreatieve staandwantsurvey uitgevoerd met als doel inzicht te krijgen in de vangstsamenstelling en omvang van de recreatieve staandwantvisserij in het zoute water.Dit rapport beschrijft de resultaten uit de laatste survey.Aan de survey deden 69 staand want vissers mee. Uiteindelijk hebben 39 vissers minimaal één keer de gegevens van hun logboek doorgegeven, waarvan 21 vissers ook hebben aangegeven daadwerkelijk te hebben gevist met het staandwant. Als maat voor hettotaal aantal recreatieve staandwantvissers is de hoeveelheid uitgegeven nummers door de gemeente in 2018 genomen (412). Op basis van aantal werden, zeebaars (44%), bot (11%) en schol-schar (samen 10%) het meest gevangen.Het aandeel kabeljauw bedroeg 5% van de vangst.De soorten die onder de EU rapportageverplichting (Council Regulation EU 1004/2017 en deCommission Decision EU 1251/2016) voor recreatieve visserij vallenworden apart geanalyseerd: zeebaars, kabeljauw en zalm.Dit is niet het geval voor aal, pollak, haaien en roggen; van deze soorten zijn geen vangsten gemeld.
    Verbeteropties om de keten van gerookte zalm te verduurzamen
    Vos, B.I. de - \ 2020
    Wageningen Economic Research - 4 p.
    Surveillance van Listeria monocytogenes in Nederland, 2018
    Friesema, I.H.M. ; Kuiling, Sjoerd ; Heck, M. ; Wullings, Bart ; Voort, Menno van der; Freudenburg-de Graaf, W. ; Ende, A. van den; Franz, E. - \ 2019
    Infectieziekten bulletin 30 (2019)6. - ISSN 0925-711X
    Sinds 2008 is listeriose meldingsplichtig. In 2018 zijn 78 patiënten met listeriose geregistreerd, waaronder 7 zwangere vrouwen (9%). Vier volwassenen zijn ten gevolge van de infectie overleden (6%). De meeste listeriosepatiënten hadden ernstig onderliggende aandoeningen en/of gebruikten immunosuppressiva en/of maagzuurremmers. Een aantal risicoproducten werden in 2018 vaker door patiënten geconsumeerd dan in voorgaande jaren. De meest opvallende stijgers zijn corned beef, gerookte zalm, garnalen en kibbeling/lekkerbek. Whole-genome-sequencing (WGS)-gegevens lieten een aantal clusteringen van patiëntisolaten zien en ook waren een aantal patiëntisolaten geclusterd met voedselisolaten. De meeste clusters bestaan uit patiënten uit verschillende jaren bij wie (vrijwel) identieke stammen zijn aangetoond. Er lijkt dus sprake te zijn van stammen die vanuit persisterende bronnen levensmiddelen besmetten. WGS maakt deze nieuwe inzichten mogelijk en biedt ook nieuwe mogelijkheden om de ziektelast van listeriose verder te verminderen vanwege het grotere vermogen om verbanden te leggen tussen de levensmiddelen en patiënten.

    Listeria monocytogenes is een bacterie die overal in het milieu voorkomt. De bacterie kan zelfs onder ongunstige omstandigheden zoals droogte en lage temperaturen, overleven en groeien. Infectie bij de mens gebeurt voornamelijk via voedsel dat besmet wordt vanuit de productieomgeving. Het aantal mensen dat listeriose oploopt is niet heel groot, maar de ziektelast is door de ernst van de ziekte hoog. (1, 2) In Nederland bestaat er sinds 2005 een laboratoriumsurveillance voor L. monocytogenes en een aangifteplicht sinds december 2008. Sinds 2017 wordt WGS toegepast als standaard typeringsmethode. Daarnaast worden door de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) jaarlijks diverse risicovolle voedingsmiddelen op L. monocytogenes onderzocht. In deze rapportage presenteren we de gezamenlijke resultaten van 2018 en vergelijken die met elkaar en ten opzichte van voorgaande jaren.
    Migratie van zoetwaterstandvis tussen Noordzeekanaal en omliggende boezems en polders
    Griffioen, A.B. ; Kroes, R. - \ 2019
    IJmuiden : Wageningen Marine Research (Wageningen Marine Research rapport C126/19) - 111
    Er wordt in Nederland relatief veel aandacht besteed aan de migratie van trekvissen als aal, zalm, zeeforel en andere soorten. Belangrijke voorbeelden voor Nederland zijn bijvoorbeeld: ‘de Kier’ bij het Haringvliet, de realisatie van de Vismigratierivier bij Kornwerderzand, de Swimway Vecht en de vele andere (lokale) initiatieven om de keten van migratie voor vis mogelijk te maken tussen wateren. Ook liggen inmiddels vele migratievoorzieningen in en rond het Noordzeekanaal. Dit is hard nodig omdat veel watersystemen sterk zijn gecompartimenteerd. Aan de ene kant om het land te beschermen tegen overstroming door de zee, de grote rivieren en de grote meren zijn dijken aangelegd. Aan de andere kant om het gebied leefbaar te maken en de landbouw te optimaliseren zijn de watersystemen met behulp van gemalen, dijken, dammen, stuwen en andere kunstwerken in kleine beheersbare eenheden verdeeld en daarmee afgesloten geraakt voor migrerende vissen. Niet alleen ‘de bekende’ trekvissen zoals de paling of de zalm hebben een migratiedrang om (grote) afstanden te zwemmen, ook zoetwatervissen trekken van het ene water naar het andere. Dit gebeurt om verschillende redenen, zoals bijvoorbeeld voor de paai, migratie naar opgroeigebied, of naar ander water voor de winterrust. Deze rapportage betreft een datarapportage voor het eerste migratieseizoen in 2019 t/m 19 augustus waar met PIT telemetrie techniek onderzoek gedaan is bij vijf locaties: Gemaal Halfweg, Gemaal Nauerna, Gemaal Kadoelen, Willem I-sluis en Oranjesluizen. In het voorjaar van 2019 zijn 1844 vissen van 15 verschillende soorten gemerkt met PIT tags. Het merendeel daarvan betrof brasem en blankvoorn, maar er is bijvoorbeeld ook snoekbaars en baars gemerkt. Grote snoekbaars en baars zijn ook uitgerust met een van buitenaf zichtbare Floytag voor terugmelding door sport of beroepsvisssers. Om de zwembewegingen in de buurt van de onderzoekslocaties te volgen zijn PIT tag antennes geïnstalleerd bij de vispassages (Halfweg, Nauerna, Kadoelen en Oranjesluizen) of de vismigratievoorziening via rinketten (Willem I). Daarnaast zijn ook de uitstroomzijdes van gemalen afgedekt met antennes (Halfweg, Nauerna en Kadoelen). Het doel van het onderzoek is om het gebruik van vismigratievoorzieningen door vissen te evalueren en daarnaast zwembewegingen tussen het Noordzeekanaal en boezem/polder te volgen. In totaal zijn tot 19 augustus 2019 717 individuele vissen gedetecteerd op een van de antennes met in totaal ruim 1.300.000 detecties. De resultaten laten zien dat de gemerkte brasems op grote schaal (tientallen km) migreren in relatief korte tijd. Individuele brasems worden op meerdere locaties gezien door de telemetrie. Ook wordt waargenomen dat gemerkte vissen langdurig in de buurt van een gemaaluitstroom blijven rondzwemmen. In totaal zijn er twee terugmeldingen geweest van sportvisserij die snoekbaars hadden gevangen: een snoekbaars die gemerkt was bij Nauerna (en ook daar gevangen) en een die gemerkt was bij de Oranjesluizen en teruggevangen bij de Entrepothaven (Amsterdam-Rijnkanaal). In de volgende maanden gaan we door met het verzamelen van de detecties en blijven we de techniek controleren. Aanbevolen wordt om in het voorjaar van 2020 extra vissen van een merk te voorzien op de locaties waar in 2019 de passages laat zijn opgeleverd of waar er relatief weinig vissen zijn gevangen. Daarnaast wordt aanbevolen om een extra voorjaar te monitoren (2021) om patronen in het migratiegedrag beter inzichtelijk te krijgen en te beoordelen of er sprake is van willekeurige of gerichte migratie, bijvoorbeeld ten behoeve van paai of overwintering.
    Gezocht: duurzame zalm
    Verreth, J.A.J. - \ 2017
    Zalm gevangen bij Halfweg
    Winter, Hendrik V. - \ 2017
    Zalm nam verkeerde afslag
    Winter, Hendrik V. - \ 2017
    The fish egg microbiome : diversity and activity against the oomycete pathogen Saprolegnia
    Liu, Y. - \ 2016
    Wageningen University. Promotor(en): Francine Govers; Jos Raaijmakers, co-promotor(en): Irene de Bruijn. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462577671 - 169
    salmon - fish eggs - marine microorganisms - microbial diversity - bioinformatics - genomics - saprolegnia - oomycota - fish diseases - suppression - fungal antagonists - zalm - visseneieren - mariene micro-organismen - microbiële diversiteit - bio-informatica - genomica - saprolegnia - oömycota - visziekten - onderdrukking - schimmelantagonisten

    Y. Liu

    Prof. dr. F. Govers (promotor); Prof. dr. J.M. Raaijmakers (promotor); Dr. I. de Bruijn (co-promotor); Wageningen University, 13 June 2016, 170 pp.

    The fish egg microbiome: diversity and activity against the oomycete pathogen Saprolegnia

    Emerging oomycete pathogens increasingly threaten biodiversity and food security. This thesis describes the study of the microbiome of Atlantic salmon (Salmo salar L.) eggs and analyses of the effects of infections by the oomycete pathogen Saprolegnia on the microbial architecture. A low incidence of Saprolegniosis was correlated with a relatively high abundance and richness of specific commensal Actinobacteria. Among the bacterial community, the isolates Frondihabitans sp. 762G35 (Microbacteriaceae) and Pseudomonas sp. H6 significantly inhibited hyphal attachment of Saprolegnia diclina to live salmon eggs. Chemical profiling showed that these two isolates produce furancarboxylic acid-derived metabolites and a lipopeptide viscosin-like biosurfactant, respectively, which inhibited hyphal growth of S. diclina in vitro. Among the fungal community, the fungal isolates obtained from salmon eggs were closely related to Microdochium lycopodinum/Microdochium phragmitis and Trichoderma viride. Both a quantitative and qualitative difference in the Trichoderma population between Saprolegnia-infected and healthy salmon eggs was observed, which suggested that mycoparasitic Trichoderma species could play a role in Saprolegnia suppression in aquaculture. This research provides a scientific framework for studying the diversity and dynamics of microbial communities to mitigate emerging diseases. The Frondihabitans, Pseudomonas and Trichoderma isolates, and/or their bioactive metabolites, are proposed as effective candidates to control Saprolegniosis.

    Next-generation salmonid alphavirus vaccine development
    Hikke, M.C. - \ 2016
    Wageningen University. Promotor(en): Just Vlak, co-promotor(en): Gorben Pijlman. - Wageningen : Wageningen University - ISBN 9789462577404 - 159
    alphavirus - atlantic salmon - rainbow trout - vaccine development - immunity - virology - fish culture - aquaculture - biotechnology - alfavirus - europese zalm - regenboogforel - vaccinontwikkeling - immuniteit - virologie - visteelt - aquacultuur - biotechnologie

    ABSTRACT

    Aquaculture is essential to meet the current and future demands for seafood to feed the world population. Atlantic salmon and rainbow trout are two of the most cultured aquaculture species. A pathogen that threatens these species is salmonid alphavirus (SAV). A current inactivated virus vaccine against SAV provides cross-protection against all SAV subtypes in salmonids and reduces mortality amongst infected fish. However, protection is not 100% and due to virus growth at low temperature, the vaccine production process is time consuming. In addition, the vaccine needs to be injected into the fish, which is a cumbersome process. The work described in this thesis aimed to increase the general knowledge of SAV and to assess current vaccine technologies, and to use this knowledge in designing next-generation vaccines for salmonid aquaculture.

    An alternative cell line to support SAV proliferation was identified, however, the virus production time could not yet outcompete the current SAV production system. Making use of the baculovirus insect cell expression system, multiple enveloped virus-like particle (eVLP), and core-like particle (CLP) prototype vaccines were produced in insect cells at high temperature. An in vivo vaccination study showed, however, that these vaccines could not readily protect Atlantic salmon against SAV. The low temperature-dependent replication of SAV was attributed to the glycoprotein E2, and it was found that E2 only correctly travelled to the cell surface at low temperature, and in the presence of glycoprotein E1. The biological impact of this finding was confirmed in the development and in vivo testing of a DNA-launched replicon vaccine. The effective DNA-launched replicon vaccine was extended by delivery of the capsid protein in trans. It was hypothesized that viral replicon particles (VRP) were formed in vivo, which would cause an additional single round of infection and might further elevate the immune response in comparison to the replicon vaccine. A second animal trial indicated that the inclusion of capsid did not yet improve vaccine efficacy. This trial however did show that a DNA vaccine transiently expressing the SAV structural proteins provided superior protection over both replicon vaccines (with and without capsid).

    In this thesis, some virus characteristics, such as the cause of temperature-dependency of SAV replication, of an unique aquatic virus were further explored. The production and in vivo testing of multiple next-generation vaccines defined the prerequisites for induction of a potent immune response in Atlantic salmon. A prototype DNA-launched replicon vaccine has shown potential for further development. The research described in this thesis contributes to the development of next-generation vaccines in the challenging area of fish vaccinology.

    Genetisch gemodificeerde zalm mag in de VS op de markt worden gebracht
    Heijden, P.G.M. van der - \ 2015
    Aquacultuur 2015 (2015)4. - ISSN 1382-2764
    Op 19 november heeft de Food and Drug Administration (FDA, de Amerikaanse versie van de Voedsel- en Waren Autoriteit) bekend gemaakt dat de genetisch gemanipuleerde zalm van de firma AquaBounty in de VS op de markt gebracht mag worden. Hiermee is de zalm van AquaBounty het eerste genetisch gemodificeerde dier waarvan de producten voor menselijke voeding worden toegestaan. Het bericht leidde tot vele en gemengde reacties.
    Een analyse van de effecten van getijturbines op habitat, vis, vogels en zeezoogdieren bij Kornwerderzand
    Griffioen, A.B. ; Geelhoed, S.C.V. ; Keeken, O.A. van; Winter, H.V. - \ 2015
    IJmuiden : IMARES Wageningen UR (Rapport / IMARES Wageningen UR C031/15) - 59
    waterkracht - getijden - turbines - sluizen - nadelige gevolgen - aquatische ecologie - vissen - afsluitdijk - ijsselmeer - water power - tides - turbines - sluices - adverse effects - aquatic ecology - fishes - afsluitdijk - lake ijssel
    Er zijn plannen om in zes van de tien spuikokers van het spuisluiscomplex van Kornwerderzand in totaal 18 Tocardo getijturbines turbines te installeren. Deze turbines zullen energie winnen uit de sterke stroming die bij het spuien van overtollig water vanuit het IJsselmeer naar de Waddenzee in de spuikokers ontstaat. Deze turbines vormen door potentieel botsingsgevaar en verstoring mogelijk een risico voor vissen, vogels en zeezoogdieren en zouden wellicht een verandering in het habitat teweeg kunnen brengen. De risico’s en belemmeringen voor vissen worden groter ingeschat dan die voor vogels en zeezoogdieren. Sterfte (direct) door de turbines kan zowel stroomopwaarts als stroomafwaarts optreden door fenomenen als: botsing met de bladen en structuren, drukverschillen, cavitatie, turbulentie en ‘shear stress’. In stroomopwaartse richting vormen de turbines voor de sterkere zwemmers, zalm, zeeforel, zeeprik, rivierprik, fint en houting een risico of belemmering.
    Inschatting van het aanbod diadrome vis bij Kornwerderzand
    Griffioen, A.B. ; Winter, H.V. ; Hop, J. ; Vriese, F.T. - \ 2014
    IJmuiden : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C069/14) - 52
    visbestand - diadrome vissen - vismigratie - aquatische ecologie - sluizen - inventarisaties - waddenzee - fishery resources - diadromous fishes - fish migration - aquatic ecology - sluices - inventories - wadden sea
    Het onderzoek van voorliggende rapportage is bedoeld als aanvulling op de reguliere Wettelijke Onderzoeks Taken (WOT) monitoring diadrome vis bij Kornwerderzand. Dit aanvullende onderzoek is een onderdeel van meerdere onderzoeken voorafgaand aan de besluitvorming van de ‘VismigratieRivier’ te Kornwerderzand. Er is een inschatting gemaakt van het jaarlijkse aanbod voor de soorten: zalm, bot(larve), spiering, driedoornige stekelbaars, glasaal, fint, houting, rivierprik, zeeforel en zeeprik.
    Data rapportage najaar 2013 fuik monitoring Kornwerderzand t.b.v. de VismigratieRivier
    Griffioen, A.B. - \ 2014
    IJmuiden : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C034/14) - 37
    dijken - vissen - vismigratie - habitatverbindingszones - afsluitdijk - monitoring - dykes - fishes - fish migration - habitat corridors - afsluitdijk - monitoring
    De “Vismigratierivier Afsluitdijk” is een uniek project om het Nederlandse icoon de Afsluitdijk te vernieuwen. Het project heeft als doel om de ecologische barrière, die de Afsluitdijk voor trekvissen is, te verzachten. De Vismigratierivier (VMR) zorgt er voor dat een brede groep trekvissen, zoals de spiering, houting, aal (paling) en zalm, weer de ruimte krijgt om hun paai-, leef- en opgroeigebieden in het IJsselmeer, de Friese Meren, de Overijsselse Vecht, de IJssel en verder te bereiken. Voordat er een gedetailleerd werkplan voor de uitvoering van de Vismigratierivier bij Kornwerderzand kan worden uitgevoerd, moeten er een aantal cruciale vismigratieprocessen onderzocht worden. Voor dit programma worden zeven fuiken in het voor- en najaar twee keer per week gelicht. Deze monitoring heeft als doel jaarlijkse trends waar te nemen van diadrome vissen.
    Salmon tracing: Genotyping to trace back escapees from salmon aquaculture
    Blonk, R.J.W. - \ 2014
    Yerseke : IMARES (Report / IMARES Wageningen UR C029/14) - 15
    zalm - zalmteelt - aquacultuur - genetische merkers - genotyping - salmon - salmon culture - aquaculture - genetic markers - genotyping
    The overall objective of the project is to assign an escaped salmon back to the farm responsible for the escape with near 100% accuracy. In this report, the potential of a set of genetic markers to assign an escaped salmon was determined for a set of 12 polymorphic microsatellite markers, provided by Nofima, and by using stochastic simulation. Also, the effect of different numbers of sires, and the effect of pooling of multiple sires in crosses was determined.
    Nieuws Gelderland
    Beumer, Rijkelt - \ 2013

    Nieuws Gelderland

    In Gelderland
    Beumer, Rijkelt - \ 2013
    Voedselveiligheid - Zwakke, laat die zalm nou staan
    Beumer, Rijkelt - \ 2013
    Genetisch gemanipuleerde zalm stap dichter bij supermarktschap
    Heijden, P.G.M. van der - \ 2013
    Aquacultuur 28 (2013)1. - ISSN 1382-2764 - p. 6 - 7.
    zalm - kweekvis - visteelt - genetische modificatie - genetisch gemanipuleerde organismen - volksgezondheid - salmon - farmed fish - fish culture - genetic engineering - genetically engineered organisms - public health
    In augustus 2010 oordeelde de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) dat zij in de genetisch gemodificeerde (GM) zalm van het berdijf Aquabounty geen gevaren voor de menselijke gezondheid zag. Vlak voor Kerstmis 2012 werd een voorlopig rapport openbaar gemaakt waarin de toets van de zalm van Aquabounty op mogelijke milieueffecten werd beschreven. het rapport omschreef deze effecten als verwaarloosbaar. Nu de GM zalm ook deze toets met succes lijkt te gaan doorstaan, is de afstand tot kweek en verkoop in de winkel weer een stuk kleiner geworden.
    Een eeste monitoring voor een index voor schieraal in Nederland 2012
    Griffioen, A.B. ; Kuijs, E.K.M. - \ 2013
    IJmuiden : IMARES (Rapport / IMARES Wageningen UR C139/13) - 41
    european eels - visstand - visbestand - monitoring - vismigratie - diadrome vissen - european eels - fish stocks - fishery resources - monitoring - fish migration - diadromous fishes
    De Europese aal (Anguilla anguilla) kent een sterke afname gedurende de afgelopen decennia. Zo is de huidige intrek van glasaal slechts 1-5% van de intrek in de 60-70-er jaren. Door de Europese Unie is vastgesteld dat ten minste 40% van de biomassa moet kunnen ontsnappen naar zee. Deze biomassa is gerelateerd aan de beste raming betreffende de ontsnapping die plaats zou hebben gevonden indien de mens geen invloed had uitgeoefend op het bestand. Een ‘schieraalindex’ is een jaarlijks terugkerende monitoring die op dezelfde wijze en op dezelfde manier wordt uitgevoerd om de relatieve toe- of afname van uitrekkende schieraal waar te nemen. De schieraal index is niet direct gerelateerd aan de evaluatie van deze 40% uitrek van schieraal. Wel geeft een schieraal index, middels een jaarlijkse monitoring, een goede reflectie van een toe of afname van de uittrek van schieraal in Nederland. Deze studie betreft een eerste monitoringsjaar van de schieraalindex. Er is op een zevental locaties gemonitord in de maanden september tot en met november. Hierbij zijn twee intrekpunten: Lobith (Rijn) en Belfeld (Maas) en vijf uittrekpunten: Den Oever, Kornwerderzand, Nieuwe Waterweg, Haringvliet en het Noordzeekanaal, geselecteerd. Er zijn grote fuiken, schietfuiken, stokfuiken en een ankerkuil gebruikt om alen wekelijks te monitoren. Hierbij werd per week een deel van de alen opgemeten zonder selectie, minimaal 75 stuks per week, wanneer de vangsten dat toelieten. De rest van de alen werden geteld. Alle alen zijn door de vissers zelf ingedeeld in rode alen, blinkers en schieralen. Naast schieralen worden diadrome vissen (fint, houting, elft, barbeel, zalm, zeeforel, rivierprik en zeeprik) apart opgemeten. Alle overige visvangsten zijn in categorieën ingedeeld (1-10, 10-100 en >100).
    Bodybuilders met schubben (interview met A. Palstra)
    Palstra, A.P. - \ 2013
    Visionair : het vakblad van sportvisserij Nederland (2013)28. - ISSN 1569-7533 - p. 4 - 7.
    vissen - danio rerio - europese zalm - zwemmen - dierfysiologie - weerstand - stress - kweekvis - fishes - danio rerio - atlantic salmon - swimming - animal physiology - resistance - stress - farmed fish
    Een getrainde vis is een fitte vis, kan een adagium worden in het visonderzoek. Want vissen die genoeg zwemmen groeien harder, zijn minder stressgevoelig en beter bestand tegen ziekten. Hoe dat precies werkt wordt langzaam duidelijk.
    Check title to add to marked list
    << previous | next >>

    Show 20 50 100 records per page

     
    Please log in to use this service. Login as Wageningen University & Research user or guest user in upper right hand corner of this page.