BIJENSTALLEN IN DE NABIJHEID VAN TRAMWEGEN


(Antwoord op vraag 7 mrt 1901)
Naar aanleiding der vraag: "of het hinderlijk is voor de bijen, wanneer zij in de nabijheid van stoomtramwegen staan"? zou het wel zijn nut kunnen hebben op dit punt eenigzins breedvoerig te antwoorden, en mijn bevinding hieromtrent in het "Maandschrift" een plaatsje te geven.

Tot voor een paar jaar had ik mijn bijenstand in de onmiddellijke nabijheid van mijn woonhuis, hij was in een driehoek gebouwd. Het langste deel vormde de afscheiding van mijn buurmans tuin. Het dwars gedeelte stond met den achterkant anderhalven meter van den publieken weg. Gedurende de zeven winters, dat daarop 18 à 20 boogkorven met bijen stonden, heb ik niet den minsten schadelijken invloed kunnen bemerken. Nu kan ik zeggen, dat er soms 2 à 3 weken achtereen mest werd gereden met de gewone mestwagens zonder veeren, waarmede, als ze vol waren, wel niet hard gereden werd, maar waarmede men, als ze ledig terug kwamen, in flinken draf langs mijn bijenstal reed, zoodat ik, bij of tegen den bijenstal staande, een sterke dreuning kon voelen. Het had nooit een schadelijke uitwerking op de bijen en ik geloof ook zeker, dat de diertjes aan dat dreunen gewoon raken.

Het dreunen van den grond door het rijden van den stoomtram heeft evennin een nadeeligen invloed op de bijen gedurende de winterrust. Toen schrijver dezes eenige jaren geleden door Gelderland reisde, ontmoette hij een stationchef, die er verscheidene korven met bijen op nahield en verklaarde, dat de trilling van den grond veroorzaakt door het passeeren van treinen, zelfs van sneltreinen. aan zijn bijen niet het minst hinderde. Op meer plaatsen langs de spoorlijnen heb ik korven met bijen opgemerkt. Dan dacht ik daarbij, dat zoovele aan de lijn wonende baan- of hekwachters zulk een schoone gelegenheid hebben om eenige korven met bijen te houden zooals b.v. tusschen Oosterbeek en Elst.

Daar zag ik uitgestrekte velden mosterdzaad bloeien, het was op rijen gezaaid en daar tusschen groeiden paardeboonen, dat was dus een dubbele honigoogst voor de bijen, dan nog boschjes en hagen van acacia's, en bovendien hier en daar appel- en pruimeboomen langs den spoorweg. Te vergeefs keek ik overal rond of er bijenkorven te zien waren. Ik bemerkte niets, zulk een eldorado voor onze nijvere diertjes ligt braak. Wat zou daar ter plaatse een schat van overheerlijken honig vergaderd kunnen worden, eenige honderden guldens gaan ook daar verloren. Komt laat ons zoo hier en daar in ons bloemrijk Nederland de spoorwegbeambten eens opmerkzaam maken hoe gemakkelijk zij hunne inkomsten kunnen vermeerderen door daar, waar de plaats er geschikt voor is, eenige korven met bijen te houden en te verzorgen. Hoe menig arbeider of beambte houdt een geit of varken, die beiden meer onkosten en tijd vorderen dan 10 korven met bijen, en niet half zooveel voordeel opleveren..... en ....... Maar ik zou wel zoo kunnen doorgaan en wil nu liever afbreken om mogelijk later hierop terug te komen. Alleen nog dit:

Houd bijen! die er lust in heeft en er zich door voelt aangetrokken. Tram of spoor in uw nabijheid hinderen volstrekt niet. Het wordt voor u een genot en na eenige oefening in het behandelen en den omgang met de lieve, vlijtige diertjes zal het u ongetwijfeld veel voordeel opleveren. Het zal voor u een genoegen worden, om in uw vrije oogenblikken bij uw bijenstal te vertoeven.

F.AUG. KELTING, ijmker, Santpoort.