Internationale Tentoonstelling van Bijenteelt
te ’s Hertogenbosch
op 9, 10 en 11 September 1902.
(Vervolg van Bladz. 154, okt.).
Afdeeling C van het programma: Uit honing bereide dranken en andere zaken, waarin vier wedstrijden geopend waren.
No. 14. Het beste honingbier.
No. 15. De beste honingwijn.
No. 16. De beste honingazijn.
No. 17. De schoonste uitstalling gebak, koek en bonbons.
Moest men voor 't geen besproken werd in alle richtingen de manege afstappen, nu kon men in een bepaalde ruimte blijven, want ‘t zijn vooral België aan de achterzijde van 't gebouw en daar aansluitend Frankrijk, die hier exposeerden, maar een paar inzendingen vond ik in Nederland, de een zocht 't in den zuren azijn, de ander in den zoeten koek.
Wel niemand zal beweeren, dat honingdranken in ons land een gezocht artikel zijn, mogelijk vestigt er deze tentoonstelling weer meer de aandacht op, ofschoon die flesschen en fleschjes er nu eigenlijk wel wat beduimeld en stoffig uitzagen om tot kennismaking met den inhoud uit te lokken. Ik neem er gaarne genoegen mede, als een ander meent, dat mijn opvatting bevooroordeeld is, en als de jury dat anders heeft ingezien; deze heeft in ieder geval geproefd, geoordeeld en bekroond. Vergis ik me niet dan vielen de bekroningen allen in België, dat met een vijf-en-twintig inzendingen aan dezen wedstrijd deelnam.
Men zou daaruit af kunnen leiden, dat daar, waar men die honingwijnen meer kent, ze wel in den smaak vallen en er daarom naar gestreefd moet worden om dat fabrikaat hier te lande meer populair te maken — zoodat bijv. bij nadere tentoonstellingen en plechtigheden de eere mee in den beker moge parelen. Wel een bezwaar kan 't zijn, dat (een deskundige heeft het mij dezer dagen ingefluisterd) wil men dat goedje smakelijk brouwen, het veel duurder komt dan de beste bieren en wijnen, die ons nu verkwikken.
Een inzending van den heer TH. LIÉNARD, Luik, van bonbons en dergelijken met honing bereid, werd met een eersten prijs bekroond, zeker omdat ‘t de schoonste inzending was. Zoo achter 't glas zag 't er lekkere snoep uit, maar ik heb 't niet geproefd. De firma KLUYTMANS uit Oisterwijk, die voor haar gebak een 2den prijs kreeg, had een aanschouwelijk tafereel van haar fabrikaat aangebracht, tot mijn spijt waren de trommeltjes met 't gebak ter keuring al door andere belangstellenden geledigd.
Ik had gedacht, dat hier veel meer ingezonden zou zijn. Al onze plaatselijke koeken, o. a. de zoo gerenommeerde echte Bossche koek, de meest ordinaire peperkoek worden toch met honing bereid, Verkade's honingkoek in ieder geval — maar van al die zoetigheid, welke van 't meeste belang is voor de ijmkerij, was hier niets te vinden. Ik dacht, dat nog altijd de koekebakkerij de groote spil is, waarom in ons land de bijenteelt draait, en had van die zijde veel deelneming verwacht.
Zoo komen we nu tot het was, in den 18den wedstrijd werd gevraagd: Het schoonste en zwaarste blok was. Daarbij hebben onze landgenooten met grootere en kleinere blokken was druk mede gedaan — welk daarvan het schoonste was, is zeker moeielijker uit te maken geweest — het grootste zond KELTING's eerste Nederlandsche Handels-Bijenstand te Santpoort in, het werd met een 1sten prijs bekroond, den 2den kreeg de heer AUG. MEES, Herenthals (België).
De heer E. MORET, Tonnerre (Frankrijk) behaalde den 1sten prijs voor de eenige inzending in den 19den wedstrijd: Was in de meest natuurlijke kleuren, verkregen door den zon-wassmelter — gevraagd werd een zonnewassmelter?
In No. 20, 22 en 23 van het programma ging het om de kunstraat, een der belangrijkste attributen van de moderne bijenteelt.
Eerst de raat, die in de vormen gegoten wordt, dikwijls door den ijmker zelve. Ik vind in den catalogus genoteerd een zending uit Frankrijk van den Eerw. Abt COLLARD, Villers-le-Bouillet, met den 1sten prijs bekroond, een uit Nederland van KELTING's eerste Nederlandsche Handels-Bijenstand te Santpoort, die een 2den prijs kreeg, en dan nog een derde uit België, die ik niet zag. Daar heeft de jury wel voor een moeielijk geval gestaan, ‘t verschil, dat den voorrang gaf, is wel weinig geweest — trouwens als het zuivere bijenwas de grondstof is, dan moeten vaardige handen wel altijd zoo'n zelfde fabrikaat voortbrengen.
Ik heb er niet achter kunnen komen, of voor de wedstrijden 22 en 23 (Kunstraat vervaardigd met de wals) nog afzonderlijk prijzen werden uitgereikt. Een 2den prijs verkreeg ERNEST MORET, Tonnerre, die in een circulaire ook een nadere beschrijving van zijn bewerking geeft.
't Eigenaardige daarvan zou zijn, dat het gesmolten was in minder dan een seconde wordt afgekoeld en dan tusschen de metalen cylinders wordt geplet — wat er een grooter weerstandsvermogen aan zou geven, ze zakken niet in, zooals dat bij raten, al zijn ze van het zuiverste was, kan voorkomen. Ze kunnen minder dik zijn, wat een voordeel is, omdat kunstraat per gewicht verkocht wordt.
Bij de inzending van den heer AUG. MEES, Herenthals, kwam ook kunstraat voor, die in den catalogus niet vermeld is, mogelijk ook in dat nummer niet meedong.
Waren de ingezonden, met de wals vervaardigde kunstraten, het fabrikaat van de inzenders? Ik meen dit in de meeste gevallen te mogen betwijfelen, het aantal fabrikanten van dit artikel is niet zoo groot, zij leveren aan de handelaren en er waren inzendingen, die met hetzelfde fabrikaat in het strijdperk kwamen. Maar toch heeft men nog allerlei kunstraat — met grof werk, met fijn werk, met meer of minder hooge celwanden, met gekartelde celwanden — wat op 't oogenblik geleverd wordt, kreeg men wel op deze tentoonstelling te zien.
De IVde Afdeeling: Bijenwoningen, waren op verschillende punten geplaatst, maar wat de heer AUG. MEES, Herenthals, daarvan ingezonden had, trok dadelijk de aandacht en verdiende dit ten volle. Deze stelde een verzameling ten toon van de in België 't meest gebruikte bijenkasten, de nette afwerking deed 't oog aangenaam aan en bij nadere kennismaking zal aan ieder gebleken zijn, dat men met een degelijk fabrikaat te doen had. Er is hier geen ruimte om over al die systemen van kasten uit te wijden, als men eens weten wil, hoe ver we nog af zijn van de Model-bijenwoning, dan moet men een tentoonstelling bezoeken en hooren wat elk zoo al te vertellen heeft van de kast, die hij verkoopt, of die hij gebruikt! Ik heb daar hooren beweren, dat met die groote kasten — er was sprake van 't geen de heer AUG. MEES ingezonden had — toch bij slot van rekening niet zoo'n goed gewin verkregen wordt, als met kleinere kasten — maar ik heb vroeger ook hooren zeggen, en daar werd ik akelig van, dat de Belgen met die groote kasten over de grenzen trekken en zoo onze honing komen stelen!
Wat de jury bekroonde, behoort zeker tot 't betere, maar er moet door ons rekening mede gehouden worden, dat de tentoonstelling internationaal was en dat hetgeen van dat standpunt bekeken, zeer stellig voor een bekroning in aanmerking kwam, daarom nog niet voor ons land of voor bizondere streken van ons land die voordeelen op zou leveren. En dan is een bijenkast voor alles gereedschap. Een ervaren werkman kan met een eenvoudig werktuig al veel doen, maar een meer volkomen zal een sukkel bederven en hij richt er niets mede uit, terwijl daarentegen de eerste ons in verbazing brengt door hetgeen hij daarmede kan verrichten.
Van vasten bouw was er niet veel te zien en daar valt nog minder van te vertellen.
Voor lossen bouw werd
1e. gevraagd naar de meest practische bijenwoning en
2e. naar zoo'n zelfde woning, maar dan de goedkoopste.
In den eersten wedstrijd, no. 15, was 't dus om eene mooie bijenkast te doen, maar overigens niet meer of minder practisch dan in den tweeden, no. 26. De heer ERNEST MORRET, Tonnerre, kreeg een 1sten prijs en stelde inderdaad een flink afgewerkte kast ten toon. De inzender noemt deze kast „la Ruche de l'Union", omdat hare inrichting het mogelijk maakt om zonder er verder iets aan toe te voegen ze te gebruiken als een Layenskast, als een dubbele Dadantkast of als een Wellskast. Ze heeft 25 ramen van 30 x 42 c.M., een verhoogsel met ramen. Het bovengedeelte der kast is aan de voorzijde met scharnieren bevestigd en kan zoo naar voren opengeslagen worden. De heer AUG. MEES, Herenthals, kreeg een 2den prijs voor een Layenskast, KELTING‘s Eerste Nederlandsche Handelsbijenstand een 3den voor een verbeterde W.C. kast. Deze vennootschap had ook de eenvoudige Amerikaansche kast ingezonden, hier veelal de Root-kast wordt genoemd, maar die de A.J. ROOT Co. zelve als Danzenbaker-kast in den handel brengt. De heer H.A. BEIL, Dinxperlo, stelde de reeds van vroeger bekende Hollandsche magazijn-kast en de kanaal-kast ten toon.
(Wordt vervolgd.)
J.C. Bosch