MEDEDEELINGEN.



Op bladz. 12 van het Januari-nummer werd verwezen naar »Mededeelingen«. Het onderstaande moest toen, omdat er ruimte te kort schoot, tot dit nummer ter zijde worden gelegd. Het door den heer H.A. Beil, Dinxperloo in de vergadering ter tafel gebrachte naar aanleiding van het »Verslag over de Internationale Tentoonstelling te 's Bosch« werd door mij niet in het verslag dier vergadering opgenomen. Ik was daarbij persoonlijk geïnteresseerd, 't wordt dan moeielijker om het voldoende juist en onpartijdig weer te geven, bovendien vertrouw ik dat de heer Beil, mogelijk ook andere lezers, in het »Maandschrift« hunne grieven nog mede zullen deelen - het »Maandschrift« is het orgaan van de Vereeniging tot bevordering der Bijenteelt - alles wat daartoe bij kan dragen, moet zijn plaats daarin krijgen.

Een paar opmerkingen wensch ik te maken.
Bij mijn aanstelling tot Redacteur van het »Maandschrift« gaf het Hoofdbestuur mij geen bizondere instructie omtrent den inhoud, alleen werd mij opgedragen verslagen uit te brengen over de Algemeene Vergaderingen en over die Tentoonstellingen, waarbij de Vereeniging geinteresseerd is. Ik beijver me daarbij onbevooroordeeld de indrukken weer te geven van 't geen ik zie, hoor en opmerk, dat zijn natuurlijk mijne persoonlijke opvattingen, er kan geen enkele reden zijn om daaraan eenige andere waarde te hechten.
Verder meen ik wel te mogen zeggen, dat ik sedert vele jaren levendig belang stel in bijenteelt. Ik vind 't dan ook voor mij een voorrecht, dat ik als redacteur van 't »Maandschrift« steeds nauwer voeling daarmede heb gekregen. Tot mijn grooten spijt hebben velerlei omstandigheden mij verhinderd om de bijenteelt practisch uit te gaan oefenen of daarmede verwante zaken te gaan doen. Dat moest al sedert jaren een wensch voor me blijven, de vervulling daarvan zou te groote bezwaren opleveren, voor mij persoonlijk zie ik er geen heil in om bijen te gaan houden. Dit heb ik aan den heer Beil, te 's Bosch zijnde, verteld. Ik meen, toen ik op de tentoonstelling het door hem ingezonden gereedschap bekeek; 't kan ook zijn toen we samen een potje bier dronken.
J. C. BOSCH.

---------


Maaskant, N.B. Gunstig voor de bijen mag de jongste winter niet heeten. De plotseling invallende hevige koude in midden November en evenzoo midden December werkte nadeelig. In sommige, minder goed beschutte stallen bevroor van enkele volken een gedeelte der bijen. Op den 22sten December werd een mooie reinigingsvlucht gehouden. Over het algemeen wordt geklaagd, dat de bijen dezen winter opvallend veel honing verbruikt hebben.

---------


Wat weten we van de natuurlijke levenswijze der bijen? Ze leven in spleten van rotswanden en holle boomen, maar meer dan deze zeer oppervlakkige waarneming is ons wel niet bekend. Nu is een nest van een afgedwaalden zwerm, dat hier of daar gevonden wordt, een onzekere maatstaf. Wel zien we dan in de meeste gevallen hoe ze het een tijdje uit kunnen houden, maar niet hoe ze voort blijven bestaan. Toch kunnen vele voorbeelden ons wel wat leeren, en mededeelingen daaromtrent geven we gaarne een plaatsje in het »Maandschrift«.