HET ZWERMEN.

(Vervolg en slot van bladz. 140, sept.).
Kunstzwermen.

Ten slotte nog iets over kunstzwermen. De ruimte laat niet toe, uitvoerig te zijn. We zullen daarom slechts een paar manieren beschrijven.
Kunstzwermen neemt men slechts van die volken, welke zwermrijp zijn. Bij strookorven is het aftrommelen in zwang. Men doet het bij goed weer tusschen 10 en 3 uur. De korf, waarvan men een zwerm wil nemen, plaatst men op een stroorand, de opening naar boven, het vlieggat gesloten, liefst omstreeks den middag. Men laat de bijen zich eerst vol honig zuigen, plaatst een ledigen korf boven op, waarvan ook het vlieggat gesloten is, hecht door krammen de korven aaneen en omwikkelt den overgang in korf tot korf met een doek, zoodat er geen openingen meer zijn.

Nu slaat men aanhoudend, doch niet te hard, met beide handen beneden rechts en links tegen den ondersten korfwand, in de richting van den smallen kant der raten, anders gaan deze stuk. Dit kloppen of trommelen houdt men 3 à 4 minuten vol. Nu rust men even, opdat de achtergebleven bijen zich nog zullen, volzuigen. Men begint thans weer te kloppen, terwijl men al kloppende naar omhoog gaat en meestal zal na een kwartier het volk zich in zijn geheel van den ondersten naar den bovensten ledigen korf hebben verplaatst. Nu keert men de korven om, stoot tegen den moederkorf, die thans boven is, doet de drie krammen los, zet den moeder-korf op haar oorspronkelijke plaats, waar zoolang een ledige korf stond en den kunstzwerm elders.

Op deze wijze krijgt men van één volk twee. Wil men minder zwermen, dan maakt men van twee volken drie. Belet men dan verder zwermen, wat mogelijk is, als men maar trouw alle zwermteekens verwijdert en zoo noodig het volk afkoelt, dan kan men bij goede dracht zware volken krijgen. Er is veel werk aan verbonden, maar geeft, als gezegd, uitstekende resultaten.
Men zet den kunstzwerm op de plaats van het afgetrommelde volk. Het afgetrommelde volk plaatst men, waar het tweede volk stond en dit laatste krijgt een nieuwe plaats.

Nu nog een paar manieren, waarop men kunstzwermen van mobielvolken maakt.
Van één volk er twee te maken.
Aan het zwermrijpe volk A ontneemt men twee raampjes met bijen, broed en eitjes, en zorgt er voor dat de koningin er niet op voorkomt. Deze raampjes zet men in de nieuwe kast B. Verder plaatst men hierin pl.m. zes raampjes met ledige raat of kunstraat, drie links en drie rechts. B plaatst men waar A stond en ontvangt daarvan de vliegbijen. A zet men elders.

In B bouwen de aanwezige bijen koninginnecellen, waarvan men er twee laat. Eén is maar noodig, maar voor de zekerheid laat men er twee. De eerst uitgeloopene koningin doodt wel de andere. Het best is twee moerdoppen van verschillenden ouderdom te laten. Zoodra de eerste is uitgeloopen, kan men de andere verwijderen. Indien op de raampjes, die men overplaatst, moerdoppen voorkomen, zal men die benutten en het volk spoediger in 't bezit eener koningin zijn.

Van twee volken er drie te maken.
Men neemt twee sterke volken A en B en een ledige kast C. Van B worden alle bijen van de raampjes afgeveegd in B en men plaatst de raampjes zonder bijen in C. In B plaatst men raampjes met ledige raat of kunstraat, goed is het ook één raampje er in te laten met broed en honig.
C plaatst men nu waar A stond en ontvangt de vliegbijen van A. A zet men elders. B komt op de oude plaats terug. B is feitelijk de zwerm. C het afgezwermde volk met vliegbijen van A. A is zoodanig verzwakt, dat het niet, of althans minder spoedig zwermt. Het is goed A de eerste dagen water te geven.

H. Stienstra.