Het examen voor Bijenteelt.


Elke keer wordt er op de algemeene vergadering over gesproken dat er iets gedaan moet worden voor het onderwijs in bijenteelt. Dit stuit dan gewoonlijk af op gebrek aan leerkrachten. Voor de vorming van leerkrachten is tot op dit oogenblik echter nog niets officieels gedaan. Indertijd heeft de heer Beil te Dinxperlo een cursus gegeven in bijenteelt, die ondergeteekende ook medemaakte, en waaraan hij nog steeds met dankbaarheid en genoegen terugdenkt, ook zijn er nog wel meerdere cursussen gehouden, maar niet, zooals ik ten minste meen, voor de vorming van leerkrachten. Wie dus examen wil doen voor bijenteelt, is op zichzelf aangewezen. Dit is verkeerd. Ieder, die wel aan examens gedaan heeft, weet dat een richting moet worden gegeven; anders streeft men zijn doel allicht voorbij.

Er zijn onder de leden genoeg jonge menschen die bij eenige gezette studie aan de eischen van het examen bijenteelt kunnen voldoen; maar men gaat er niet toe over, omdat er geen leiding is. Ieder, die eenige jaren op niet te kleine schaal practisch geimkerd heeft, en deel genomen heeft aan het vereenigingsleven en dan bovendien in staat is zijn gedachten behoorlijk op papier te stellen, kan na een jaar theoretische studie en practische voorbereiding door het bezoeken van goed ingerichte standen, gemakkelijk aan de eischen van het examen voldoen.

In het kort luiden de eischen aldus:
Hulpwetenschappen. Bouw en verrichtingen der insecten in 't algemeen en der bijen in 't bijzonder. Beteekenis der voeding. Honig- en wasproductie. Kennis der voornaamste honig- en stuifmeelgevende gewassen.
Bijenvolken, hunne levensverschijnselen en behandeling. Kennis dus van rassen, kruisingsprodukten. Zwermen. Koninginneteelt. Voederen. Inwinteren. Boekhouding.
Bijenwoningen en de gereedschappen ter behandeling der volken. Het reizen. Kennis der systemen van stabiel- en mobielbouw. Grondige kennis van minstens één woning. Gereedschappen. Geschiedenis der bijenteelt.
De producten. Het winnen der producten. Honig en honigdranken. Vervalschingen. Honigsoorten. Kunstraatbereiding. Verpakken en verzending enz.

Men ziet wel, dat voor een practisch imker, die behoorlijk onderwijs genoten heeft, het zeer goed mogelijk moet zijn zich voor dit examen in één jaar tijd gereed te maken.
Wanneer men nu direct begint, zal men aan het examen, dat in 1912 zal worden gehouden, gerust kunnen deelnemen.

Men zal mij echter antwoorden dat het zonder leiding niet gaat. Welnu, indien er voldoende lust mocht blijken te bestaan om zich voor dit examen voor te bereiden, is ondergeteekende bereid moeite te doen om een goede en ernstige leiding te organiseeren.
Daarvoor is het noodig, dat degenen die lust gevoelen om aan het bedoelde examen deel te nemen, en meenen te kunnen voldoen aan de hier gestelde eischen van practische kennis en het vermogen om zich in behoorlijken vorm te kunnen uitdrukken, een schrijven aan ondergeteekende richten. Indien er zich een voldoend aantal personen opgeven, zal ondergeteekende zich daarna wenden tot hen, van wie geacht mag worden dat ze in staat zijn te leiden, om zoo te komen tot een schriftelijken cursus, ter opleiding voor bedoeld examen.

Natuurlijk zullen aan dien cursus dan ook wel practische lessen verbonden worden en het is te begrijpen, dat men voor het volgen van zoo'n cursus zich behalve moeite, eenige geldelijke opofferingen te getroosten zal hebben, die echter later met goede rente zullen betaald kunnen worden.

Ondergeteekende wacht nu de adressen van belangstellenden af.

H. STIENSTRA, Frederiksoord.