Herstelling van moerloosheid in het voorjaar.


Mijnheer de Redacteur !
Volkomen ben ik het met U eens dat men aan jonge koninginnen, die in Maart gekweekt worden, niet veel heeft omdat er dan nog geen darren zijn. Maar er zijn toch uitzonderingen.
Ik had eens in Maart ook een jonge moer in een moerloos volk gekweekt, die den 25 Maart uitliep. Ik was verbaasd toen zij na vijf dagen een heele raat met werkbijcellen belegd had. Ik dacht natuurlijk dat het darren waren, maar het was toch goed, want er kwamen echte werkbijen uit. Ik maakte toen een groote ontdekking, want toevallig vond ik bij een kennis die mij gevraagd had naar zijne bijen te zien, dat hij een darrenbroedig volk had, waarvan de darren bij het mooie weer reeds druk vlogen, en mijne moer bevrucht hadden.

Daarmede kon ik ook het praatje van Dickel te niet doen, die vertelt, dat darren van onbevruchte koninginnen en van werkbijen voor de voortteling ongeschikt zijn. Zou het nu niet mogelijk zijn, tenminste op groote standen, een volk darrenbroedig te maken om in het voorjaar reeds vroeg darren te hebben. Het zal wel niet zoo heel gemakkelijk gaan, want al hebben wij tot ons verdriet wel eens darrenbroedige volken, is het misschien niet zoo gemakkelijk om ze te maken.

Neemt men in den herfst reeds de moer weg, is er wel kans dat in het voorjaar de werkbijen eieren gaan leggen, maar zeker is het niet altijd. In den zomer heb ik wel eens met opzet darrenbroedige volken gemaakt, om proeven te nemen en dan vond ik dat de werkbijen de eieren ook in werkbijcellen leggen. De darren die daaruit ontstonden waren nog kleiner dan werkbijen, maar aan de dikke koppen kon men ze herkennen. Ik heb indertijd nog zulk een paar dwergdarren aan onzen wandelleeraar gegeven, omdat het niet zoo veel voorkomt.
Misschien is er iemand onder de collega's imkers, die er een middel op weet om vroeg darren te kweeken.
Als er in iedere plaats maar één darrenbroedig volk is, is het genoeg voor alle bijen die daar zijn. Zoo zouden wij van de darrenbroedigheid, waaraan wij allen een hekel hebben, nog voordeel kunnen trekken.

Ik verblijf met vriendelijken imkergroet,
Hoogachtend,
G.J. RIESENER.