Werkzaamheden in October-November.


De winter staat weer spoedig voor de deur. De verstandige imker heeft daar reeds op tijd rekenschap mee gehouden en gezorgd dat zijn bijen van 't noodige voorzien waren. Nalatigen zijn er altijd. Mogelijk kan October soms nog mooie dagen geven, zoodat de bijen het toegereikte voedsel nog ophalen. Beter is het echter, dat de voedering begin October afgeloopen is. Door het voeren willen de bijen vaak nog wel weer broed inslaan. Hoe voordeelig overigens, dient men wel in 't oog te houden, dat dit ten koste van den voorraad gaat. Goed is het dus daarop nog eens te letten, en, zo noodig, nog wat aanvullingsvoeder toe te dienen.

Nu de suiker zoo goedkoop verkrijgbaar is, mag 't niet meer dan een hooge uitzondering zijn, dat een bijenvolk van honger sterft. Er kunnen natuurlijk oorzaken in 't spel zijn die den besten imker parten spelen. Nadat wij de laatste hand aan de inwintering gelegd hebben, geven we den bijen altijd nog een voederflesch vol suikerstroop tot afscheid.
Mocht er onverhoopt een volk moerloos geworden zijn, dan bestaat de gelegenheid nog dit met een ander te vereenigen, daar moerlooze volken toch, voor de winter geëindigd is, reeds afgestorven zijn.
Overigens zorge men van nu af aan, de bijen zoo rustig mogelijk te houden.
Vooral bij vriezend weder kan elke stoornis noodlottig worden. Daarom ook wake men voor alles, wat tot rustverstoring aanleiding kan geven. Muizen en vogels worden zooveel mogelijk geweerd.
Gereedschap, wat niet meer gebruikt wordt, maakt men schoon en bergt het op voor 't volgend jaar.

Vaste bouw. Bij dunwandige strookorven is een doelmatige verpakking met mos, houtwol, of iets dergelijks, of dekking met een groote heideplag, omgekeerd op den kop van den korf, voor den winter, aan te bevelen. In deze streek, waar nog veel dunwandige korven gebruikt worden, doet men weinig aan inpakken en bedekken. Misschien is dit ook oorzaak dat men er nogal menigvuldig de roer aantreft, hoewel 't niet te ontkennen valt, dat hongersnood vaak in 't spel is. Bij dikwandige (5 c.M.) korven is een bedekking feitelijk onnoodig.
Door dekmateriaal lokt men ook vaak muizen. Korven, waarin z.g. "vellen" op den voorraad aan voerhonig inzit, worden voor den winter een paar keeren gezwaveld, om te voorkomen dat de wasmot de raten vernielt.
Hebben het de bijen zelf niet gedaan, dan is 't goed dat men ze in 't verkleinen van 't vlieggat helpt. Met stukjes hout of klei kan men 't zoover dicht stoppen, dat een opening van een paar c.M. overblijft. Eén vlieggat in den korf is voldoende; waar er twee zijn, sluit men het bovenste.
Voor het vlieggat bevestigt men een kapje, of plaatst men een dakpan voor elken korf, zoodat geen zonnestralen in den winter door 't vlieggat schijnen en meezen, enz, dit niet kunnen naderen. Onder elken korf legt men een stuk asphaltpapier, als contrôlemiddel.

Losse bouw. Als dekmateriaal voor de bijenkasten is altijd de stroomat op de broedkamer zeer doelmatig en gemakkelijk. Ze verdient altijd verre de voorkeur boven allerlei kleedjes en vellen papier. Een goed passende stroomat, met spongat, geeft steeds gelegenheid het bijenvolk zonder eenige stoornis, te inspecteeren en is een probate kop en zoo noodig, wandbedekking.
Men zorgt dat de mat goed op de broedkamer sluit. Door 't spongat kan men ook altijd tamelijk goed vaststellen hoe de bijen met haar voorraad er aan toe zijn.
De stroomat wordt tijdig opgelegd en bij kasten, van achteren behandelbaar, ook tusschen deur en raampjes als opvulling geplaatst, om de bijen gelegenheid te geven alles goed vast te kitten. Waar 't mogelijk is, legt men onder op den bodem der kasten, evenals bij de korven,
een passend stuk asphaltpapier, om daarop al den afval te vergaren. Bij boogkorven schuift men tegen het laatste raam de afsluitplank, en vult de ledige ruimte met houtwol of iets dergelijks.
Bij 't verkleinen der vlieggaten houdt men eenigszins rekenschap met de sterkte der volken. Maakt de vlieggaten echter niet te nauw, maar zorgt, dat er voldoende gelegenheid voor luchtverversching blijft. Met een opening van 4 à 5 c.M. kan men in den regel wel volstaan. Plaats zinken kapjes voor de vlieggaten, om 't indringen van muizen en ook de meezen te weren. Oude vischnetten zijn ook een goed middel om de vogels van de bijenwoningen te houden.
De ratenvoorraad wordt nog eens eenige malen voor den winter gezwaveld.

J.R. te Veldhuis.