Op bezoek bij ijmkers.

In aansluiting bij het onderwerp onder hetzelfde hoofd van het voorgaande Maandschrift, geef ik hier allereerst een afbeelding van den ronden magazijnkorf of Kanitzkorf, zooals die door den heer Beil in den handel wordt gebracht. Deze korven hebben bij D een spongat, waardoor gemakkelijk met den Thüringer Lufthallon kan worden gevoerd.



De korf beslaat uit strooringen A en B, die 21 cm. hoog zijn. Het deksel C is ook geheel van stroo en heeft in 't midden een vilten spon. De honigkamer wordt gevormd door een strooring ter hoogte van 15 cm. Inwendig zijn 8 latjes aangebracht, voorzien van groef en voorbouw, en wel in elken strooring. Het gebruik van den strooring, om daarin honig in de raat te verzamelen op de wijze, zooals dit in 't vorige Maandschrift werd medegedeeld is nieuw. Bij de Kanitzkorf moest dit vroeger in een opzetkastje geschieden, maar veel succes had men daarmede zelden, omdat het moeilijk is de bijen in het kastje aan het werk te krijgen.
De voornaamste factoren om de bijen in de honigruimte aan het werk te krijgen zijn wel de aanwezigheid van een zeer sterk volk, en warmte. In dit laatste wordt nu beter voorzien dan vroeger, doordat de honigkamer nu van stroo is, mits alles goed sluitende is. Bovendien komt mij de maatregel van den heer Boxma zeer gewenscht voor, n.l. om de bijen den weg naar beneden door middel van karton af te sluiten.


b. Magazijnkorf met strookop.


De warmte zal daardoor ook nog beter worden bewaard. We willen hier terloops nog melding maken van het meer dan eens waargenomen feit, dat het werken van bijen in de honigkamer ook afhangt van individueele eigenschappen, zoodat het eene volk onder dezelfde voorwaarden veel eerder daarmede begint, dan het andere volk. Het is daarom zaak hierop acht te geven en koninginnen te winnen van zulke volken, die spoedig in de honigkamer gaan werken.

In zulk een ronden korf wint men natuurlijk geen honig in de raat van gelijke afmeting, zooals bij lossen bouw, daar staat echter tegenover, dat dit nu met veel goedkooper materiaal kan geschieden.
De korfijmkers moeten dit jaar deze methode nu eens in toepassing brengen. Bij eenig nadenken kan ieder zelf-vlechter zich zoodanigen korf maken. Het komt er echter op aan nauwkeurig te werken, opdat geen openingen achter blijven, waardoor warmte kan ontwijken. Deze openingen kunnen met leem worden dichtgesmeerd. Om de korven alle gelijk te maken, zoodat alles dooreen kan worden gebruikt, is het aan te raden ze rondom een ijzeren vlechtvorm te vervaardigen, die in den handel verkrijgbaar is. Om nog beter de warmte voor den korf te behouden kan gebruik worden gemaakt van een strookap, zooals dit is aangegeven in de hierbij gaande afbeelding.

(Wordt vervolgd)

H. Stienstra.