Verslag van afdeeling Handel over 1918.
Hierbij hebben wij het genoegen het eerste jaarverslag van AFDEELING HANDEL te geven. Over het eerste halfjaar 1918 werd op de l.l. gehouden Algemeene Vergadering kort verslag gedaan, waaruit bleek, dat AFDEELING HANDEL zeer zeker in een werkelijke behoefte zou voorzien. Het eerste halfjaar was — niettegenstaande wij met groote moeilijkheden te kampen hadden — alleszins bevredigend en dat was dan ook oorzaak, dat nagenoeg met alle stemmen werd besloten AFDEELING HANDEL definitief op te richten.
Wij zullen in dit verslag geen opsomming geven van alle moeilijkheden, waarmede wij hadden te kampen. Een ieder zal het bekend zijn, dat het bekomen van grondstoffen, ja van alle artikelen uiterst moeilijk of wel onmogelijk was. Van af het oogenblik, dat AFDEELING HANDEL is opgericht, werden kosten noch moeite gespaard om voor onze imkers te bekomen wat zij het meest noodig hadden.
De honigverkoop liep aanvankelijk flink van stapel en wij hebben duizenden kilo's omgezet tot tevredenheid van de leveranciers. Echter — toen de wapenstilstand kwam, liep de honigprijs onmiddellijk sterk achteruit en tenslotte was de honig onverkoopbaar. Met het oog op de groote kwantums, welke hier en daar waren opgeslagen, werden door ons pogingen aangewend om uitvoervergunning te bekomen doch op bet verzoek — tweemaal door ons gedaan — werd door de Regeering afwijzend beschikt.
Met den washandel is 't niet zoo schitterend gegaan als in het eerste halfjaar, hoewel wij geen reden tot klagen hebben. In het laatst van 1918 kwam aardig wat was binnen, welke hoeveelheid ruim voldoende was voor onze kunstraat-fabrikatie. De kunstraat gaat nog bij honderden kilo's weg en wij gelooven niet te overdrijven, wanneer wij meenen, dat nagenoeg alle leden der Vereeniging dit artikel betrekken van AFDEELING HANDEL.
Voor den honig — vóór den wapenstilstand geleverd — hebben wij grootendeels den maximumprijs gemaakt min onze 5 pct. provisie; voor de was den maximumprijs van ƒ 5.50 per K.G. Later liepen de prijzen van beide artikelen (van honig zeer sterk) terug, zoodat wij de maximumprijzen niet meer konden maken. Momenteel is, zooals wij reeds zeiden, nog heel wat honig bij de imkers voorhanden, waarvoor tegen tamelijken prijs geen koopers zijn te vinden.
Wat het resultaat betreft, dat AFDEELING HANDEL heeft bereikt, willen wij kort zijn en een uitgebreid overzicht van den omzet besparen. De zuivere winst, welke werd gemaakt, bedraagt ƒ 4603,99½ en voorts verwijzen wij naar het accountantsrapport, dat hieronder volgt.
De onkosten in 1918 waren niet gering. In de eerste plaats de verhuizing van Apeldoorn naar Wageningen. Verschillende zaken moesten worden aangeschaft en het pakhuis moest ingericht worden, waarvan de kosten niet gering waren. Intusschen blijkt het pakhuis nu reeds te klein te zijn. Vergrooting kan niet uitblijven, ook met het oog op de groote uitbreiding van de suikerlevering en verdere toekomstige plannen.
Behalve toch de verschillende artikelen, welke door ons eigen personeel worden vervaardigd (wij noemen: kunstraat, bijensluiers en kappen), zijn wij momenteel bezig in eigen beheer te nemen de vervaardiging van alle soorten bijenkorven, kiepsen, alsook den aanmaak van de zoo zeer gewilde SIMPLEXKASTEN met alle toebehooren. Met een en ander hopen wij dit jaar gereed te komen.
Voorts trachten wij vele imkersbenoodigdheden, die vroeger uit het buitenland moesten worden betrokken, hier te laten aanmaken en het doet ons genoegen te kunnen melden, dat de Nederlandsche Industrie bij het buitenland niet behoeft achter te staan. Het is ons o.a. gelukt een fabrikant te vinden, die zich heeft toegelegd op den aanmaak van een koninginnerooster, volgens het Engelsche model en wij hopen dit rooster binnenkort tegen scherp concurreerenden prijs in den handel te brengen.
Of 1919 een zoo gunstig jaar zal zijn als 1918 betwijfelen wij, aangezien op verschillende goederen, voor hooge prijzen gekocht, wel wat zal verloren worden, alhoewel wij tegen mogelijk verlies reeds gereserveerd hebben. Met verderen aankoop zijn wij zeer voorzichtig en wij wachten kalm betere tijden af. Wij twijfelen echter niet, of, zoodra meer normale tijden zullen zijn teruggekeerd, AFDEELING HANDEL zal een groote vlucht nemen. Voor alles is ook noodig, dat AFDEELING HANDEL op kapitaal kan rekenen, wat het werken zeer zal vergemakkelijken.
Intusschen is ons niets te veel om in het belang van de leden werkzaam te zijn. De ingekomen jaarverslagen over 1918 gewagen voor het allergrootste gedeelte van tevredenheid over AFDEELING HANDEL. Indien men ons vertrouwen wil schenken, zullen wij vele moeilijkheden, welke ons nog te wachten staan, gemakkelijker te boven komen en wordt AFDEELING HANDEL zeer belangrijke afd. voor onze VEREENIGING.
BOUWER, w.n. Dir.
Rekening en Verantwoording Suikerlevering Najaar 1918.

Deze rekening en verantwoording is nog niet nagezien door de commissie van toezicht op het beheer van het Suikerfonds over 1918, daar de commissieleden niet in de gelegenheid waren op den gestelden tijd aanwezig te zijn. De heeren zijn nu alsnog opnieuw opgeroepen.
's Gravenhage, 9 April 1919.
Aan het Hoofdbestuur der Vereeniging tot Bevordering der Bijenteelt in Nederland, Wageningen.
Mijne Heeren,
Wij hebben de éér u mede te deelen, dat wij de balans- en winst- en verliesrekening per 31 December 1918 aan de hand der boeken en bescheiden hebben gecontroleerd en na enkele geringe wijzigingen in orde bevonden.
Van de aanwezigheid der op de balans voorkomende waarden hebben wij ons overtuigd, zoover dit binnen onze bevoegdheid viel.
Resumeerende komen wij tot de conclusie, dat de administratie op behoorlijke wijze is bijgehouden en met inachtneming van bovenstaande opmerkingen door ons in goede orde bevonden.
Hoogachtend,
w.g. JOH.J. MORET.